Categorie archief: geschiedenis

Victoriaanse koektrommelplaatjes

gezien: Victoria series 2 (2017)

Victoria & AlbertHet succes van de film The young Victoria (2009) over het begin van de lange regeringsperiode (1837-1901) van koningin Victoria van het Verenigd Koninkrijk gaf wellicht het groene licht voor de minstens zo succesvolle BBC-reeks Victoria. In 2016 verscheen de eerste serie (8 episodes) en vorig jaar de tweede serie (8 episodes). Bovendien werd er in december 2017 nog een dubbellange aflevering speciaal voor kerst uitgezonden. In 2018 is alweer een derde serie in de maak die dit najaar wordt uitgezonden bij de BBC. In Nederland en Vlaanderen hoeft men niet lang te wachten op uitzending, meestal volgt deze kort daarop.

De “Young Victoria”, dat wil zeggen de jaren veertig van de negentiende eeuw, is geknipt voor de film. Allereerst omdat er een mooi jong paar in het middelpunt staat. Victoria (1819-1901) en haar drie maanden jongere Albert (1819-1861) waren beiden in de twintig. De film geeft uiteraard een geflatteerd beeld van het jonge stel. De echte Victoria was zeker niet zo mooi als de kokette Jenna Coleman maar met haar kogelronde gezichtje is Coleman een geloofwaardige lookalike. Ook Albert was niet zo’n knappe man als Tom Hughes. In de film is Albert een Byroneske held met wapperend haar. Maar in werkelijkheid was Albert van Coburg-Gotha heel wat stijver. In ieder geval was hij een ernstige man en dat brengt acteur Tom Hughes goed over. We zien hem nooit lachen.

Daarnaast is de begintijd van het Victoriaans Tijdperk (1837-1901) fotogeniek omdat deze nog net valt in de stijlperiode van het Biedermeier (1815-1848). Het huiselijk leven staat in de Biedermeiertijd centraal zodat de production designer en zijn set decorators zich konden uitleven in de interieurs. Deze zijn indrukwekkend. Op architecturaldigest.com zijn een aantal filmsets te zien die production designer Michael Howells ontworpen heeft. Samen met de kostuums en belichting levert dit de mooiste plaatjes op.

Victoria 1843
Franz Xaver Winterhalter schilderde de 24-jarige Victoria met los haar, niet bepaald een kuis Victoriaans plaatje. In 1843 gold losgemaakt haar en een ontblootte schouder als een duidelijk signaal voor de man: pluk me! En waarschijnlijk is dat nog steeds zo, alleen gaan we er nu anders mee om: de vrouw mag nu publiekelijk verleidelijk zijn.
bbc-unveils sexy portrait of queen Victoria

Victoria is puur mooifilmerij en dat bedoel ik niet negatief. Ik ben gek op Victoriaanse koektrommelplaatjes. De makers van Victoria zijn zich er goed van bewust dat schijn bedriegt. De Victoriaanse tijd was zeker niet zo fraai als binnen de muren van Brockett Hall of Buckingham Palace. De zesde aflevering uit de tweede serie Faith, Hope en Charity gaat over de onbeschrijfelijke ellende van de Ierse hongersnood die vijf (!) jaar duurde. En dat in een tijd waarin het Verenigd Koninkrijk, vlak voor de Great Exhibition van 1851 de rijkste en welvarendste natie was die ooit had bestaan.

Natasja’s Dans [ 1 ]

gelezen in Natasja’s Dans (2003) van Orlando Figes
hoofdstuk 2: Kinderen van 1812

Natasja's dansMijn oude schoolvriend André Wierenga raadde mij onlangs dit boek aan van de Engelse historicus Orlando Figes. Ik was zijn boek over de Krimoorlog aan het herlezen, maar nu ben ik toch begonnen aan zijn culturele geschiedenis van Rusland die hij in 2002 publiceerde. Heerlijk! Opnieuw bijna 600 pagina’s Figes in het vooruitzicht, als een maagdelijke besneeuwde Russische steppe voor mij. Ik besloot mijn eerste voetstappen te zetten in het tweede hoofdstuk: Kinderen van 1812. Die keuze was niet zo moeilijk omdat ik van Figes collega Adam Zamoyski al het vuistdikke boek gelezen heb over Napoleon’s veldtocht naar Rusland. Over de decembristenopstand heeft Zamoyski ook al geschreven in De Fantoomterreur. “Kinderen van 1812″ gaat dus over een episode van de Russische geschiedenis waar ik al het een en ander van weet.

De bloei van de Russische cultuur in de negentiende eeuw is ondenkbaar zonder Napoleon’s veldtocht naar Rusland. De “Kinderen van 1812″ legden de basis voor de zogenaamde Russische renaissance. De verschrikkingen van 1812 hadden toch ook een positieve kant. Doordat de geest van de Franse Revolutie definitief ook Rusland bereikt had, begon de Russische samenleving te ontwaken. Figes beschrijft het conservatisme van de Russische aristocratie. Deze was volledig Frans georiënteerd. Men las Franse schrijvers en men sprak Frans aan het hof en in de hogere kringen. Omdat officieren in het leger allemaal van adel waren, werd in het Russische leger ook Frans gesproken. Maar de veldtocht van 1812 zou alles veranderen. Frankrijk was niet langer de hoeder van de Russische aristocratie maar de vijand!

Gewone soldaten waren bijna zonder uitzondering ongeletterde lijfeigenen, die door de officieren niets meer waren dan menselijke beesten. De oorlog van 1812 schakelde het lot van de officieren en soldaten, dus van aristocraten en lijfeigenen, gelijk. Officieren ontdekten dat lijfeigenen mensen bleken te zijn. En lijfeigenen ontdekten dat officieren ook hele gewone mensen waren. In 1812 ontwaakte de Russische ziel zou je bijna kunnen zeggen. De idealen van “vrijheid, gelijkheid en broederschap” zorgden ervoor dat er een Russisch nationalisme ontwaakte. Officieren gingen in het leger Russische woorden gebruiken om hun soldaten dieper aan te kunnen spreken. Sommigen van deze officieren zouden in 1825 verantwoordelijk zijn voor de opstand tegen de omstreden tsaar Nicolaas I.

Maar met “Kinderen van 1812″ bedoelt Figes zeker ook de kunstenaars die de Russische ziel aanschouwelijk en hoorbaar maakten. In de allereerste plaats was dat natuurlijk Aleksandr Poesjkin (1799-1837). Aan hem is het te danken dat het Russisch de gemeenschappelijke taal wordt van alle Russen, van adel én lijfeigenen, ook al waren die laatsten bijna altijd analfabeet. Maar Poesjkin richtte zich ook naar hen. De Russische cultuur veranderde van een soort dépendance van Frankrijk in een eigen cultuur. Voor 1812 was het voor een aristocraat onmogelijk om kunstenaar te zijn. De adel was voorbestemd voor staatsdienst, moest zijn leven geven aan de Russische staat. Door de veldtocht van Napoleon zou dat gaan veranderen. De gewone Rus moest nog altijd kruipen, maar begon zich bewust te worden van zijn lot. In Gribojedovs drama Lijden door verstand uit 1823 zegt Tsjatski: “Ja, dienen graag, maar nooit kruipen leren.”

Ja, dienen graag,
maar nooit kruipen leren.

uit “Lijden door verstand” (1823)

Natasja’s dans is een monumentale cultuurgeschiedenis van Rusland vanaf circa 1770 tot circa 1970, waarbij vooral literatuur en muziek en in iets mindere mate schilderkunst en beeldende kunst aandacht krijgen. De titel, ontleend aan een scène in Tolstojs Oorlog en vrede, is een soort zinnebeeld voor ‘de ziel en identiteit van het Russische volk’; Figes tracht die in het boek te definiëren als een mengeling van de Europese elitecultuur (Sint-Petersburg) en de meer Oosters gewortelde boerencultuur (Moskou), alsook de voortdurende spanning tussen beide. Figes probeert ook te verklaren waarom literatuur en andere kunstvormen altijd zo’n belangrijke rol hebben gespeeld in het leven van de Russen; hij ziet met name oorzaken in het altijd ontbroken hebben van (democratische) vrijheidsbeginselen, waardoor kunst telkens de rol kreeg toebedeeld om uitdrukking te geven aan wat er werkelijk onder het Russische volk leefde.
 
Bron:nl.wikipedia.org

kleine luyden

gezien op ZDF: Tannbach (Folge 4 & 5)
Vanavond het laatste deel: Traum von Frühling

TannbachMaandagavond en woensdagavond zond het Duitse ZDF deel 4 en 5 uit van de miniserie Tannbach – Schicksal eines Dorfes. De eerste drie delen werden begin 2015 uitgezonden en op 5 januari j.l. herhaald. Vanavond zend de ZDF om 20.15 het laatste deel uit. Het Zweites Deutsches Fernsehen doet veel aan het toegankelijk maken van de Duitse geschiedenis en het verzorgen van het (gewonde!) nationale bewustzijn. In het najaar is er meestal een (gedramatiseerde) documentaireserie over Duitse geschiedenis bij de ZDF en in januari zendt ZDF of ARD een Duits drama uit dat zich afspeelt in een naoorlogse episode van Duitsland.

Schrijver en filmmaker Edgar Reitz heeft met zijn levenswerk Heimat de afgelopen decennia veel invloed gehad op de Duitse verwerking van het beladen nationale verleden. Het ontwapenende van Heimat is dat het een verhaal van “kleine luyden” is. Door “kleine geschiedenis” wordt de grote geschiedenis toegankelijk. Geschiedenis is in eerste instantie niet iets voor boeken maar hoort in het volle leven thuis. Daar dringt ze zich aan ons op en nestelt ze zich in ons eigen levensverhaal.

Naar drama hoef je in de Duitse geschiedenis van de twintigste eeuw niet te zoeken. Ook na 1945 gaat het drama door. Zeker bij de Berlijners of de Duitsers die vlak langs het ijzeren gordijn woonden. Over dit drama gaat Tannbach. Net als Schabach in Heimat is Tannbach een fictief dorp. Het ligt op de grens van Thüringen en Beieren . Kort na de oorlog wordt het dorp verdeeld in Tannbach-Ost en Tannbach-West. We zien wat er met een kleine gemeenschap gebeurt als deze in twee stukken verscheurd wordt. Tannbach is zowel een casestudie als het verhaal van het gedeelde Duitsland tussen 1945 en 1990.

Tannbach
Tannbach Folgen 4, 5 & 6
Geschiedenis is in eerste instantie niet iets voor boeken maar hoort in het volle leven thuis. Daar dringt ze zich aan ons op en nestelt ze zich in ons eigen levensverhaal.

Die HimmelsleiterVorig jaar werd bij de ARD de miniserie Die Himmelsleiter – Sehnsucht nach Morgen uitgezonden. Vorige maand werd deze nog eens uitgezonden. Het verhaal speelt zich af in 1947 in de puinhopen van Keulen In een Duits familiedrama gaat het vaak over het wel en wee van twee families en over wie er goed of fout was in de oorlog. In dit geval zijn het de families Roth en Zettler. Hoe bouw je met elkaar een toekomst op als er nog zoveel puin geruimd moet worden, vooral in geestelijke zin, want de wonden zijn diep.
 

Tannbach – Schicksal eines Dorfes [ nl.wikipedia.org ]

Tante Adèle

gisterenavond gezien op NPO2: Woman in gold (2015)
Lady in GoldMaria Altmann is een Joodse vluchteling die in Oostenrijk net voor de Tweede Wereldoorlog het land uit moet vluchten naar de Verenigde Staten voor het Nazi-regime in haar land. Tijdens deze gebeurtenis werden vijf schilderijen uit haar ouderlijk huis gestolen die in bezit waren van haar familie. Later zijn de kunstwerken in handen gekomen van de Oostenrijkse overheid en waren de werken onder andere te zien in de Österreichische Galerie Belvedere in Wenen. Altmann begon een juridische strijd om de kunstwerken weer in familiebezit te krijgen. Hierbij werd ze bijgestaan door de jonge advocaat Randy Schoenberg. Dit slepende proces duurde bijna een decennium. Tussendoor zijn flashbacks te zien die Altmann terug doen denken aan haar tijd in Wenen. Eén van de vijf kunstwerken was het schilderij Portret van Adèle Bloch-Bauer I van de Weense schilder Gustav Klimt.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Klimt
Gustav Klimt 1904-1907
Portret van Adèle Bloch-Bauer I
Klimt
Gustav Klimt 1904-1907
Portret van Adèle Bloch-Bauer I (detail)

Woman in gold [ imdb.com ]

Natuur als heiligdom

gelezen in Alexander von Humboldt
und die Erfindung der Natur
van Andrea Wulf

die Erfindung der naturOm de ondertitel van de biografie over de Duitse ontdekkingsreiziger Alexander von Humboldt te kunnen begrijpen, moeten we terug naar de achttiende eeuw. Hoe kun je de natuur nu uitvinden? Je kunt in de natuur doordringen via allerlei soorten wetenschap en ontdekkingen doen, maar uitvinden? Toch noemt Andrea Wulf haar 400 pagina dikke biografie Alexander Von Humboldt und die Erfindung der Natur. Deze titel blijkt goed gekozen. Ze beweert nergens dat Von Humboldt de natuur heeft uitgevonden, maar ze plaatst hem wel in een tijd waarin er een heel nieuw begrip over de natuur ontstond en in zekere zin werd “uitgevonden”, de jaren rond 1800.

Rond 1800 was er in Europa niet alleen een politieke aardverschuiving gaande. Ook in de wetenschap vond een omwenteling plaats. De Verlichting had definitief een einde gemaakt aan de onwetendheid die het geloof in stand zou hebben gehouden. De mens had de moed gekregen om zelf na te denken en langs empirische weg de natuur te ontsluiten. Natuur was altijd een vijand van de mens geweest. De Bijbel leerde dat sinds de mens verdreven was uit het Paradijs de natuur vijandig was geworden. In het Paradijs bestond de dood niet, maar in de natuur draait alles om eten en gegeten worden. In zijn strijd om het bestaan was de natuur dus een vijand van de mens.

Tijdens de Romantiek die aan het einde van de achttiende eeuw haar intrede deed, draaide dit beeld helemaal om. De natuur werd een heiligdom en de mens die de natuur goed kon “lezen” en aan anderen kon uitleggen, werd een soort priesterfiguur. Alexander von Humboldt die in 1769 geboren werd, een maand na Napoleon, was bijna twintig toen de Franse Revolutie uitbrak. Hij leefde in een stormachtige tijd. Als Duitser groeide hij op in het klimaat van de vroege Romantiek. De Duitse romantici waren volgelingen van Rousseau en zagen de natuur als goed. De cultuur, het “huis” van de mens om zich te beschermen tegen de onberekenbare natuur, zag Rousseau als verdorven.

Alexander von Humboldt
Alexander von Humboldt in 1806 en 1843

Deze veranderde houding ten aanzien van de natuur had ook alles te maken met de Verlichting, die Rousseau eigenlijk verafschuwde. Door de natuurwetenschap kreeg de mens steeds meer grip op de natuur. De natuur werd minder bedreigend en er bestond een groeiend optimisme over een vreedzame onderwerping van de natuur. De industriële revolutie was nog niet op gang gekomen en het fenomeen milieuvervuiling was ondenkbaar.

In dit klimaat discussieerde Von Humboldt met zijn tijdgenoten over de natuur. Zo was er onder geologen was er een levendig debat of alle aardse gesteenten van oorsprong in de oceanen gevormd (neptunisme) of juist ontstaan zijn door vulkanisme aangedreven door warmte uit het binnenste van de aarde.(plutonisme). In dit debat zouden neptunisten en plutonisten veertig jaar lang (van 1790 tot 1830) tegenover elkaar staan. Uiteindelijk zou Von Humboldt met bewijzen komen dat de theorie van het neptunisme onhoudbaar was.

Door hun hoge geboorte en intellect hadden Alexander en zijn broer Wilhelm Von Humboldt in Jena het voorrecht om in het gezelschap van Goethe en Schiller te verkeren. Goethe en Von Humboldt hadden veel interesse voor geologie en waren in die jaren aanhanger van het neptunisme. Maar ze toonden ook veel belangstelling voor botanie. In het tweede hoofdstuk Fantasie und Natur: Johann Wolfgang von Goethe und Humboldt beschrijft Andrea Wulf hun vriendschap. Goethe liep tegen de vijftig en was tweemaal zo oud als Alexander von Humboldt. Hij merkte over de getalenteerde jongeman op:

Was ist das für ein Mann! Ich kenne ihn so lange und bin doch von neuem über ihn in Erstaunen. Man kann sagen, er hat an Kenntnissen und lebendigem Wissen nicht seinesgleichen. Und eine Vielseitigkeit, wie sie mir gleichfalls noch nicht vorgekommen ist! Wohin man rührt, er ist überall zu Hause und überschüttet uns mit geistigen Schätzen. Er gleicht einem Brunnen mit vielen Röhren, wo man überall nur Gefäße unterzuhalten braucht und wo es immer erquicklich und unerschöpflich entgegenströmt.
 
Bron: avhumboldt.de
Alexander von Humboldt
Alexander von Humboldt (37 jaar) door Christan Weitsch in 1806
Er gleicht einem Brunnen mit vielen Röhren, wo man überall nur Gefäße unterzuhalten braucht und wo es immer erquicklich und unerschöpflich entgegenströmt.

Goethe over Alexander von Humboldt

Alexander von Humboldt
Alexander von Humboldt (74 jaar) door Joseph Karl Stieler in 1843

Alexander von Humboldt stierf in 1859 op bijna 90-jarige leeftijd in Berlijn. Hij was een van de beroemdste mensen van zijn tijd. Tijdens zijn leven zou hij de grootste bioloog ter wereld blijven. Kort na zijn dood, in het najaar van 1859 verscheen The Origin of Species. Het boek sloeg in als een bom en maakte Darwin op slag wereldberoemd. Tegenwoordig staat Von Humboldt in zijn schaduw maar Darwin zag Von Humboldt als zijn leermeester op wiens schouders hij stond.

interview met Andrea Wulf over haar Alexander von Humboldt [ nrc.nl ] | avhumboldt.de

Schloss Falkenlust

vandaag geeft de Deutsche Post nieuwe postzegels uit
waaronder in de serie Duitse kastelen Schloss Falkenlust in Brühl
Schloss Falkenlust
Schloss Falkenlust zu Brühl
Nur einen kurzen Spaziergang von Schloss Augustusburg in Brühl entfernt, liegt am Rande eines abgeschiedenen Wäldchens eine reizvolle Sehenswürdigkeit das Jagdschloss Falkenlust, eines der bevorzugten Jagdschlösser des Kölner Kurfürsten und Erzbischofs Clemens August (1700/-61). In nur wenigen Jahren entstand zwischen 1729 und 1737 nach den Plänen des kurbayerischen Hofbaumeisters François de Cuvilliés eine der intimsten und kostbarsten Schöpfungen des deutschen Rokoko.
 
Die Wahl des Bauplatzes für dieses Jagdschloss wurde bestimmt durch die Flugbahn der Reiher, den bevorzugten Beutevögeln der Falkenjagd. Auf dem Flug von ihren Horsten im Brühler Schlosspark zu ihren Fischgründen im Altrheingebiet bei Wesseling wurden sie von dem leidenschaftlichen Falkenjäger Clemens August und seiner Jagdgesellschaft mit abgerichteten Falken »gebeizt«.
 
Nach den Jagdvergnügungen versammelte sich die höfische Gesellschaft zu Souper und Spiel in den kostbar ausgestatteten Innenräumen des Schloss Falkenlust. Unter den vollständig erhaltenen Räumen ragen die aufwändig ausgestatteten Kabinette hervor, die bereits 1763 der junge Mozart bewunderte.
 
Bron: schlossbruehl.de