» » fotografie

dinsdag 2 april 2013
Rosebud
maandag gezien op BBC 2: Citizen Kane (1941)

CitizenCitzen Kane (1941) is in 1999 uitgeroepen tot de beste film aller tijden en wordt beschouwd als een van de invloedrijkste films uit de geschiedenis. Om dat oordeel niet na te praten en uit eigen overtuiging te kunnen spreken, moet je de film vaak gezien hebben en heel veel andere films uit de jaren daarna. Alleen het analyseren van Citizen Kane en het onderzoeken van zijn invloed op andere films, maakt het al leuk om filmliefhebber te zijn.

Citizen Kane blinkt uit in het originele script, de vernieuwende fotografie en cinematografie en de levendige, humoristische dialogen. Het is een knappe satire op de American way life, met als hoogtepunt het laatste deel van de film dat zich afspeelt op Xanadu , een oversized kitschpaleis dat gemodelleerd is naar Hearst Castle (1919-1947). Voor de Amerikaanse de krantenmagnaat William Randolph Hearst (1863-1951 was het niet moeilijk om zichzelf te herkennen in de fictieve personage Charles Foster Kane (1856-1941).

De film begint in 1941 kort na het overlijden van Charles Foster Kane. Journalisten worden erop uitgestuurd met de opdracht om de betekenis van het woord Rosebud te achterhalen. Dit was het laatste woord dat men Kane hoorde zeggen vlak voordat hij stierf. Uiteenlopende personen die Kane goed gekend hebben, worden bezocht met de vraag wat hij met Rosebud bedoeld zou kunnen hebben. Zo worden episodes uit zijn leven vanuit verschillende perspectieven bekeken. We komen wat uit zijn kinderjaren te weten dankzij de nagelaten memoires van de bankdirecteur Thatcher . Via gesprekken met zijn compagnon Bernstein, zijn beste vriend Leland, zijn ex-vrouw Susan Alexander en tenslotte met zijn butler Raymond kijken we in flash backs terug op de succesvolle carrière van Charles Foster Kane. Deze manier om een verhaal te vertellen, zien we ook terug in The Killers (1946) al worden in deze film noir de verschillende verhalen niet in chronologische volgorde geplaatst.

Alleen het analyseren van Citizen Kane en het onderzoeken van zijn invloed op andere films, maakt het al leuk om filmliefhebber te zijn.

Ik keek ditmaal met extra aandacht naar de art direction. De set decoration van Xanadu is natuurlijk geweldig, maar nu viel mij op dat ook in andere scenes prachtige sets zijn gebouwd met expressionistische overdrijvingen. In de episode die zich afspeelt aan het einde van de negentiende eeuw, wanneer Kane samen met Bernstein en Leland in New York de krant The Inquirer begint, zitten prachtige decors. Zo is het gebouw waarin de The Inquirer gevestigd is een goed voorbeeld van negentiende eeuws eclecticisme. Het gebouw van maar drie verdiepingen zit op een straathoek tussen hogere gebouwen ingeklemd. Historische stijlen zijn net als in Beverly Hills of Las Vegas op een lachwekkende door elkaar heen gegooid. Het lijkt meer op een draaiorgel dan op een gebouw. Precies zo werd er tot het begin van de jaren twintig in New York gebouwd. Het bekendste voorbeeld is het neo-gotische Woolworth Building dat in 1913 het hoogste gebouw ter wereld werd. Alessandro Baricco heeft in zijn boek Barbaren een woord voor dit typisch Amerikaanse cultuurverschijnsel: spectaculariteit.

Tenslotte heb ik weer genoten van de magistrale fotografie en cinematografie. Citizen Kane gebruikt stijlelementen uit de expressionistische film zoals contrast in licht en donker, contrast in close up en totaal, diagonalen en schaduwen. De gouden tijd van de film noir begon niet voor niets kort na het verschijnen van Citizen Kane en duurde tot de late jaren vijftig. Orson Welles maakte overigens ook een van de allerlaatste meesterwerken in de film noir: Touch of Evil. Deze film uit 1958 begint met een ingenieuze boom shot die mij herinnert aan een beroemd shot dat in Citzen Kane tweemaal voorkomt.

El Rancho
still uit het beroemde crane shot

De camera zoomt in op een billboard aan de muur met een blonde zangeres erop, gaat daarna omhoog totdat we over een dak uitkijken. Op het dak staat een framework met grote neonletters EL RANCHO -Floor Show -SUSAN ALEXANDER KANE - Twice Nightly. De camera beweegt zich tussen de tekst EL RANCHO en Floor Show door, komt bij een glazen dakraam, zoomt in op de beslagen ruiten waaronder we een vrouw aan een tafel zien zitten.

Citizen Kane [ filmsite.org ]

zaterdag 15 december 2012
Aenigma Est
gekeken naar bonus op Mad Men 5 DVD box:
What is There to Love if Not an Enigma?

Tot mijn verrassing staat er tussen de special features op een van de DVD’s in de box van Mad Men 5 een mini-documentaire over de schilder Giorgio de Chirico (1888-1978). Aanleiding is de foto waarin we Don Draper voor een etalage zien staan. In de etalage zijn twee ontkleedde paspoppen in een theatrale scene tegenover elkaar geplaatst. We zien Don’s gezicht in de ruit weerspiegeld. Volgens De Chirico is de reclame de mythe van de moderne tijd.

Mad Men
de poster voor Mad Men 5 is geïnspireerd door de schilderijen met dummies van Giorgio de Chirico
The New York Times asked the show’s creator, Matthew Weiner: “’This is a dreamlike image,’ Mr. Weiner said, likening it to work of the Italian artist Giorgio de Chirico, who specialized in surreal, mannequin-like figures. The image is ‘a nonverbal representation of where my head is at and where the show will be,’ Mr. Weiner said. ‘By the end of the season,’ he said, ‘I guarantee you’ll know what it is about.’” So we still don’t know, we said.
 
Bron: worldofwonder.net

Mad Men Season 5 [ amctv.com ]

zondag 14 oktober 2012
ArtMen
zondag gezien op Nederland 2 om 18.50: ArtMen deel 2: Het portret
vanavond op Nederland 2 om 18.50: deel 3: het lichaam
In ArtMen leggen beeldend kunstenaars David Bade en Jasper Krabbé de link tussen het werk van moderne kunstenaars en beroemde genres uit de beeldende kunst.Worden moderne kunstenaars nog geïnspireerd door klassiekers als het stilleven, het portret en het landschap? En zijn deze voor de kijker als zodanig te herkennen?
 
Om deze vragen te beantwoorden ontmoeten Bade en Krabbé kunstenaars in hun atelier en bespreken zij tentoongestelde kunst in musea, publieke ruimtes en – waarom ook niet – in een verlaten parkeergarage. Daarbij kijken Bade en Krabbé met kunstenaarsogen naar onze alledaagse omgeving en zien bijvoorbeeld in een schroothoop een prachtig stilleven.
Michael Borrmans
werk van Michaël Borremans
met Google Image Search
ArtMen gaat (in deel 2: Het Portret) op bezoek bij de Vlaamse kunstschilder Michaël Borremans die een haat/liefde verhouding heeft met het genre. Daarnaast vindt hij dat je in spijkerbroek onmogelijk goed kan schilderen. Fotograaf Koos Breukel is bekend vanwege zijn indringende portretten. De kunst is af te drukken in die ene tel dat de persoon in kwestie zich ongezien waant.
 
Bron: avro.nl/artmen

ArtMen op Facebook

dinsdag 9 oktober 2012
realisme vanaf 1850
van Michaela gekregen: catalogus van Feest der Herkenning!
Internationaal Realisme Kunsthal Rotterdam 25.09.2010 t/m 16.01.2011
realismeRuim 150 schilderijen, sculpturen, foto’s en videowerken belichten de rijkdom en diversiteit van de realistische kunst van 1850 tot nu. Het indrukwekkende overzicht omvat werk van talrijke internationaal gerenommeerde kunstenaars als Jean-François Millet, Walker Evans, Edward Hopper, Richard Estes, Duane Hanson en Thomas Ruff en is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met de Kunsthalle Emden en de Kunsthalle der Hypo-Kulturstiftung in München. In de tentoonstelling is ook een aantal vooraanstaande Nederlandse kunstenaars vertegenwoordigd waaronder Carel Willink, Rineke Dijkstra, Jan Worst en Aernout Mik.
 
Het veelzijdige overzicht laat zien hoe kunstenaars de afgelopen honderdvijftig jaar de werkelijkheid weergeven: op doek, in foto’s of als videoprojectie. Het werk van belangrijke vertegenwoordigers van internationale realistische kunststromingen als de Nieuwe Zakelijkheid, het magisch realisme en het hyperrealisme zijn samengebracht. Feest der herkenning! toont de vele gezichten van het realisme: van de levensechte figuren van beeldhouwers als John de Andrea tot de gedetailleerde landschappen van fotograaf Michael Reisch. Gegroepeerd naar thema’s als het interieur, het stilleven, het portret, het landschap levert de tentoonstelling verrassende en spannende combinaties op. Zo zijn de krachtige vrouwenportretten van Christian Schad uit het Interbellum naast de technisch perfecte fotoportretten van Thomas Ruff uit de jaren tachtig te zien. En hangt een stilleven van magisch realist Franz Radziwill in nabijheid van een assemblage van Daniël Spoerri.
 
Bron: kunsthal.nl

Realismus - Das Abentuer der Wirklichkeit [ art-magazin.de ]

donderdag 27 september 2012
oog voor architectuur
zaterdagmorgen gezien bij Close Up: fotograaf John Gollings
oog voor architectuur - een documentaire van Sally Ingleton
John GollingsJohn Gollings (1944) is een meester in het maken van opvallende, inventieve foto’s. Om een magische sfeer te creëren, maakt hij zijn foto’s vaak in het uur van de schemering en gebruikt hij graag een groothoeklens voor een dramatisch effect. Zijn foto’s kunnen een gebouw transformeren tot kunst.
 
Gollings woont in het Australische Melbourne, een stad die bekend staat om vernieuwende, contemporaine architectuur. Hij koestert een passie voor het documenteren van steden en stedelijke ruimtes, maar zijn echte inspiratie vindt hij in de eeuwenoude steden van Azië, zoals Angkor Wat in Cambodja. ,,Veel van mijn werk als architectuurfotograaf, is onbekend’’, zegt hij. ,,Het zijn beelden van dode steden in woestijnen en jungles, de plaatsen waar ik jaarlijks naar terugkeer om te peinzen over verloren landschappen en eeuwige gebouwen.’’
John Gollings Eye for Architecture
De documentaire ‘Fotograaf John Gollings - Oog voor architectuur‘ volgt Gollings op een reis door de snel veranderende steden van Australië en China én op zijn tocht langs de archeologische monumenten van India en Cambodja. De film laat zien hoe deze plekken zijn werk hebben beïnvloed. Hier onthult Gollings dat ook hij onzekerheden kent, ook al wordt hij gezien als één van de beste architectuurfotografen ter wereld.
 
cultuurgids.avro.nl
dinsdag 17 juli 2012
Ca’ d’Oro [ 2 ]
op 5 juli in Venetië bezocht: het Ca’ d’Oro

We moesten even zoeken om de toegangsweg tot het Ca’ d’Oro te vinden. Eenmaal in het paleis kwamen we uit de stroom van het massatoerisme in een oase van kunst met een exclusief uitzicht op het Canal Grande. Op de bovenste verdieping troffen we een groot portret aan van Anthonie van Dyck en een landschap van Joachim Patenier met de heilige Hieronymus.

Ca' d'Oro
in het Ca’ d’Oro aan het canal grande
Het Ca’ d’Oro (’gouden huis’), staat in Venetië aan het Canal Grande. Het paleis werd in opdracht van Mario Contarini in 1424-1434 gebouwd in gotische stijl, die in die tijd in Venetië nog zeer populair was. Het heeft een rijkelijk versierd interieur met uitzicht vanuit de loggia’s (balkons) op het Canal Grande. Op de eerste en tweede verdieping bevindt zich het museum Galleria Franchetti, met een imposante verzameling schilderijen zoals de Sint Sebastiaan van Andrea Mantegna. In 1840 schonk de Russische prins Troebetskoi het paleis aan de ballerina Maria Taglioni die allerlei veranderingen aanbracht. Deze vernieuwingen werden door Giorgio Franchetti, de laatste private eigenaar van het paleis, weer grotendeels ongedaan gemaakt. Franchetti liet het paleis na zijn dood in 1922 na aan de Italiaanse staat. Sinds 1927 is het een museum.
 
Bron: nl.wiki.org
Joachim Patinir
Hieronymus in de woestijn van Joachim Patenier in het Ca´d´Oro bleek bij nader inzien een zeer goede kopie van het origineel dat in het Louvre hangt.

cadoro.org | Ca’ d’Oro [ 1 ]

maandag 16 juli 2012
La Città Ideale
op 30 juni bezocht: de tentoonstelling La Città Ideale in Urbino

De heuvels van Montefeltro waarin Urbino ligt, vormden in de Renaissance een scharnier tussen Toscane, Umbrië, Marche en Romagna. Urbino is het geboortestadje van Raffaelo en Bramante. In de tentoonstelling La Citta Ideale die tot vorige week in het Palazzo Ducale te zien was, stond het beroemde schilderij La Città Ideale centraal. Het wordt gedateerd ergens tussen 1480 en 1490 en de schilder is tot op de dag van vandaag anoniem gebleven. Omdat het permanent in de Galleria Nazionale delle Marche in Urbino hangt, is het een van de iconen van het stadje dat zichzelf graag ziet als het centrum van de “Rinascimento Matematico”. Deze term werd door de Franse kunsthistoricus André Chastel geïntroduceerd.

La Citta Ideale
La Citta Ideale en Michaela op de binnenplaats van het Palazzo Ducale

Naast het schilderij waren er op deze tentoonstelling ongeveer 80 schilderijen, beelden, tekeningen, medailles, manuscripten, en houten modellen te zien. Architecten die we nu als de uitvinders beschouwen van de “architectonische taal” van de Renaissance kwamen ook aan bod: Leon Battista Alberti, Luciano Laurana en Francesco di Giorgio Martini. Ook het beroemde schilderijtje De geseling van Christus van Piero della Francesca dat ook permanent in Urbino te zien is, ontbrak niet. Daarnaast hing er werk van Domenico Veneziano, Sassetta, Francesco di Giorgio, Luca Signorelli, Jacopo de Barbari, Mantegna, Perugino en natuurlijk ook van Rafaël en Bramante.

Urbino
impressies van het stadje Urbino

La Città Ideale [ comune.urbino.ps.it ]

dinsdag 1 mei 2012
(echte helden)
zaterdag gezien op SBS 6 Flags of our Fathers (2006)

Flags of our FathersPatriottischer had de titel niet gekund. Flags of our Fathers gaat ook over patriottisme. Maar er zit een wereld van verschil tussen de visie op patriottisme uit deze film uit 2006 en The Sands of Iwo Jima uit 1949. Doordat de afstand in de tijd veel groter is geworden, durft Flags of our Fathers met een veel bredere blik te kijken naar de hel van Iwo Jima in februari en maart 1945. De landing op het piepkleine maar door de Japanners hysterisch verdedigde eilandje was een van de vele landingen in de strijd om de Pacific maar had een symbolische betekenis. Iwo Jima was namelijk het eerste stukje grondgebied van het Japanse Keizerrijk waar de Amerikanen een zeer bloedige overwinning behaalden. De publieke opinie in de Verenigde Staten nam in het vroege voorjaar van 1945 al een voorschot op de eindzege over Japan. Dat bleek te voorbarig. De vernietigende aanvallen van kamikaze piloten tijdens de lange Slag om Okinawa in april, mei en juni maakten het Amerikaanse volk op verpletterende wijze duidelijk dat een overwinning op Japan onmogelijk was, tenzij er honderdduizenden wellicht miljoenen Amerikaanse soldaten zouden worden opgeofferd. De Japanners toonden zich bereid zich dood te vechten en vooral kamikaze piloten bleken een vernietigend wapen waar de Amerikanen (nog) geen antwoord op hadden. Maar eind juli 1945 zou er een Amerikaans antwoord komen, waarmee Japan definitief verslagen zou kunnen worden.

Een gesneuvelde soldaat is natuurlijk niet het plaatje
waarmee de reclamejongens
de oorlog kunnen verkopen.

In de maanden voordat de eerste atoombom er was, had Amerika in de strijd tegen Japan vooral de publieke opinie nodig en het belangrijkste wapen om de oorlog mee te winnen werd ingezet op eigen grondgebied: oorlogspropaganda. Er werd dus reclame gemaakt voor oorlog en dat is het eigenlijke thema van Flags of our Fathers. Op 23 februari had de oorlogsfotograaf Joe Rosenthal bovenop de Suribachi op Iwo Jima een foto gemaakt van zes soldaten die de Amerikaanse vlag planten, gefilmd door Bill Genaust . De foto werd dé icoon van de oorlog in de Pacific. Drie van de soldaten op de foto zouden kort daarop omkomen in de strijd om het eiland die nog tot eind maart zou duren. De drie overgebleven soldaten werden bliksemsnel uit de hel van Iwo Jima naar huis gehaald, want in het propagandacircus aan het thuisfront waren ze goud waard.

1945
Behalve tussen de vlaggen is er tussen kapitalistische en communistische oorlogspropaganda geen wezenlijk verschil. Nadat Joe Rosenthal op 23 februari 1945 zijn beroemde foto op Iwo Jima had geschoten, volgde de Russische fotograaf Yevgeni Khaldei op 2 mei 1945 met een ander iconisch beeld.

Door de flash backs is Flags of our Fathers een wat rommelige film geworden. Toch laat de film goed zien hoe vals het heroïsche beeld kan zijn. The Sands of Iwo Jima uit 1949 is een opgeklopt heldenepos zoals men dat kort na de oorlog graag wilde zien. Maar de jongens die in Flags of our Fathers de oorlog moeten verkopen (lees: het Amerikaanse volk moeten verleiden oorlogsobligaties te kopen) wéten dat er niets van klopt. Ze hebben Iwo Jima overleefd en worden nu door het volk als helden vereerd. Zelf weten ze wel beter. Ze hebben gewoon geluk gehad. De echte helden, dat zijn hun kameraden die op het strand van Iwo Jima aan gort geschoten zijn. Maar een gesneuvelde soldaat is natuurlijk niet het plaatje waarmee de reclamejongens de oorlog kunnen verkopen.

1945
Met de foto van Joe Rosenthal had de oorlogspropaganda een beeld waarmee iedere patriottische Amerikaan kon worden gemotiveerd. Yevgeni Khaldei deed hetzelfde als Joe Rosenthal. Beide iconen uit de oorlogspropaganda kwamen op een postzegel.
Raising the Flag on Iwo Jima is een historische foto genomen op 23 februari 1945 door Joe Rosenthal. Op de foto zijn vijf Amerikaanse Mariniers en een marine-hospik te zien die na de Landing op Iwo Jima tijdens de Tweede Wereldoorlog samen de Amerikaanse vlag op de top van de Suribachi planten, het hoogste punt op het Japanse eiland Iwo Jima. De foto werd ontzettend populair en afgedrukt in duizenden publicaties. De foto werd de enige foto die de Pulitzer Prize for Photography won in hetzelfde jaar als de publicatie van de foto zelf. De afbeelding wordt beschouwd als één van de belangrijkste en herkenbare foto’s uit de oorlog.
USMC War Memorial
Het USMC War Memorial bij Arlington National Cemetery heeft dezelfde reusachtige afmetingen als de overwinningsmonumenten die onder Stalin werden opgericht.
Van de zes mannen op de foto overleefden drie de strijd niet, de drie anderen werden beroemdheden door deze foto. De foto werd later door Felix de Weldon gebruikt bij het maken van de USMC War Memorial naast Arlington National Cemetery net buiten Washington, D.C.. De foto toont overigens niet de eerste Amerikaanse vlag die die dag op de berg werd geplaatst. De eerste vlag werd rond 10:20 geplaatst. Ook hier is een foto van gemaakt. De tweede plaatsing (die van de beroemde foto) is door de fotograaf geregisseerd.
 
Bron: en.wikipedia.org

Flag of our Fathers vormt overigens een tweeluik met Letters from Iwo Jima

maandag 2 april 2012
net een schilderij !
zaterdag gezien bij Boeken: Wim Brands in gesprek met Hans Aarsman
over zijn boek De fotodetective (2012)
De fotodetectiveTot 1994, het jaar waarin hij zijn camera’s demonstratief aan de wilgen hing, was Hans Aarsman een gevierd fotograaf. Tegenwoordig kijkt hij liever naar foto’s van anderen. Net als zijn grote voorbeeld Sherlock Holmes doet hij dat met een scherpe en speurende blik, onder meer in zijn wekelijkse rubriek ‘De Aarsman Collectie’ in de Volkskrant en in zijn maandelijkse optreden in De Wereld Draait Door. In De fotodetective onderzoekt Hans Aarsman aan de hand van foto’s het verschil tussen kijken en zien, met als leidraad zijn eigen ontwikkeling van fotograaf tot beschouwer. Hij werpt prikkelende vragen op: waarom fotograferen we de onderwerpen die we fotograferen? Kunnen foto’s op Flickr.com concurreren met die van beroepsfotografen? Welke foto’s krijgen we niet te zien in de krant? Is de digitale revolutie een zegen of een vloek? Zijn foto’s kunst? Wat zijn de drijfveren van fotografen?
 
Bron: uitgeverijpodium.nl
Van een mooie, gestileerde foto zeggen mensen ‘het is net een schilderij’. Kennelijk betekent die constatering dat wanneer een foto gestileerd is als een schilderij, het een goede foto is. Volgens Aarsman is dat wel knap, maar ziet de wereld er niet zo uit.

boeken.vpro.nl

Van een mooie, gestileerde foto zeggen mensen ‘het is net een schilderij’. Kennelijk betekent die constatering dat wanneer een foto gestileerd is als een schilderij, het een goede foto is. Volgens Aarsman is dat wel knap, maar ziet de wereld er niet zo uit. Hij zegt mensen te leren kijken, vorm los te laten en te bedenken wat een foto met ze doet. Het is volgens hem immers leuker als er losse eindjes aan een foto zitten. Zelf zegt hij meer op zoek te zijn naar cultureel interessante afbeeldingen en verschijnsels. Samen met de redactie van het blad Useful Photography, waar hij zelf ook deel van uitmaakt, speurt hij dan ook naar visueel interessante foto’s in supermarktfolders en bij Ebay-advertenties. Immers: ‘wat moet je nou nog met oude vrouwtjes en hondjes op een bankje?’
 
Bron: boeken.vpro.nl

De fotodetective [ uitgeverijpodium.nl ]

vrijdag 27 januari 2012
my favourite things [ 18 ]
gisteren gekocht: Film Noir DVD Collection

film noirsIn één klap negen films noir uit de jaren veertig rijker geworden: This Gun for Hire (1942), The Glass Key (1942), Double Indemnity (1944), Murder My Sweet (1944), The Blue Dahlia (1946), The Killers (1946), Crossfire (1947), Out of the Past (1947) en The Big Steal (1949).

Het is een fijne aanvulling op de films noir uit de klassieke periode die ik al gezien heb: The Maltese Falcon (1941), Casablanca (1942), Notorious (1944), The Woman in the Window (1944) The Big Sleep (1946), Gilda (1946), Lady in the Lake (1947), The Third Man (1949), In a Lonely Place (1950), Sunset Boulevard (1950), Sweet Smell of Success (1957) en Touch of Evil (1958).

film noirs
This Gun for Hire (1942), The Glass Key (1942), The Blue Dahlia (1946), Double Indemnity (1944), Murder My Sweet (1944) en Crossfire (1947)

Voor de liefhebbers zijn er op internet een paar informatieve blogs met veel lekkere eye candy uit de jaren veertig en vijftig : classicnoirmovies, filmnoirphotos, noiroftheweek en wheredangerlives.

film noirs
The Killers (1946), The Big Steal (1949)
en Out of the Past (1947)

my other favourite things | 217 essential films noir [ filmsnoir.net ]

woensdag 25 januari 2012
donker/licht/donker
gezien op Arte: The Killers (1946) van Robert Siodmak

The Killers 1946Fijne film noir met het debuut van Burt Lancaster (32) en Ava Gardner (23). The Killers is gebaseerd op het gelijknamige korte verhaal van Ernest Hemmingway uit 1927. In een reeks flash backs die door elkaar gehusseld zijn, wordt het verhaal van “Swede” Anderson verteld die in het begin van de film door huurmoordenaars uit de weg wordt geruimd. Het is duidelijk te zien dat de van oorsprong Duitse regisseur Robert Siodmak uit de Duitse expressionistische school komt. De cinematografie van Woody Bredell is oogstrelend, met veel licht-donker contrasten en diagonalen. Overal zijn er schaduwen, ook in de buitenopnamen die in de filmstudio zijn opgenomen. De ene keer zijn de schaduwen messcherp, de andere keer fluweelzacht, zoals de subtiele slagschaduw op het gezicht van Ava Gardner die haar mysterieuze kant versterkt. Als een roofdier lijkt ze zich gedeeltelijk verborgen te houden in het donker om op het juiste moment toe te kunnen slaan.

Ava Gardner 1946
Ava Gardner als de femme fatale
Als een roofdier lijkt ze zich gedeeltelijk verborgen te houden in het donker om op het juiste moment toe te kunnen slaan.
De van origine Duitse regisseur Siodmak (’Nachts, wenn der Teufel kam‘, 1957) kun je om een boodschap sturen; de film zit dan ook uitstekend in elkaar en zakt geen moment in. Cinematograaf Woody Bredell (’Adventures of Don Juan‘1948) en editor Arthur Hilton (’Scarlet Street‘, 1945) dragen bij aan de smetteloze uitstraling van de prent en de legendarische componist Miklós Rósza (onder meer ‘Double Indemnity‘, 1944) voegt met zijn befaamde score de finishing touch toe.
 
Bron: movie2movie.nl
The Killers 1946
typografie uit de trailer waarin een swingend eyecatching script font gebruikt wordt

Op de blog cultandexploitation.blogspot.com is een serie filmstills uit The Killers te zien.

scorethefilm.blogspot.com | lovethoseclassicmovies.blogspot.com
wheredangerlives.blogspot.com

vrijdag 23 december 2011
stijlvol en adembenemend mooi
gisteren gezien op BBC2: The Young Victoria (2009)

The Young VictoriaThe Young Victoria is een historisch kostuumdrama met adembenemend mooie fotografie. Het kostuumontwerp is van Sandy Powell die voor haar kostuums de BAFTA voor het beste kostuumontwerp won. Powell is geen onbekende in de filmwereld. Ze won eerder een oscar voor het beste kostuumontwerp in Shakespeare in Love (1998) en ze werkte al eens samen met Martin Scorcese, een van de producenten van The Young Victoria. De film kostte 35 miljoen dollar, ongeveer evenveel als The Age of Innocence in 1993 kostte. Ook hier werd het enorme budget voor een groot deel besteed aan de kostuums en terecht werd de kostuumontwerper (Gabriella Pescucci) beloond met een oscar voor het beste kostuumontwerp. The Young Victoria werkt als een tijdmachine waarmee je terugreist naar de jaren dertig van de negentiende eeuw. Alles lijkt tot in de details te kloppen: de mode, de attributen, de decors, de etiquette. Toch zijn er door oplettende kijkers een aantal anachronismen gevonden.

Ook de gelauwerde kostuumontwerper heeft een steek laten vallen: In bepaalde close ups kun je aan de achterkant van sommige jurken, ook bij een jurk van Victoria, de naad van een rits zien. Maar de rits werd in 1851 in de Verenigde Staten uitgevonden en bestond dus nog niet in de jaren dertig. Er zijn nog meer historische onjuistheden. Maar soms zijn die fouten bewust gemaakt. Victoria en haar moeder spraken in werkelijkheid bijvoorbeeld Duits onder elkaar en geen Engels. Maar dan waren er telkens ondertitels nodig geweest.

The Young Victoria
Emily Blunt als de jonge koningin Victoria
In 1837, het jaar dat Victoria koning wordt, is de Jane Austen-tijd voorbij. Het classicisme heeft plaats gemaakt voor de Biedermeier.
Victoria (1819-1901) was het enige kind van Eduard August, hertog van Kent (de vierde zoon van koning George III) en prinses Victoria van Saksen-Coburg-Saalfeld (een zuster van de Belgische koning Leopold I). Via haar moeder had ze een halfbroer en een halfzus: Karel (1804-1856) en Feodora (1807-1872). Haar eerste naam Alexandrina kreeg ze van tsaar Alexander I van Rusland. De Russische tsaar was namelijk een peetoom van Victoria. Andere peetooms en -tantes waren: de Prince Regent, prinses Charlotte van het Verenigd Koninkrijk, een zus van haar vader, en haar grootmoeder aan moederskant Augusta van Reuss-Ebersdorf en Lobenstein, de hertogin van Saksen-Coburg-Saalfeld. Haar jeugd was vrij roerig, en de relatie tussen Victoria en haar moeder, de hertogin van Kent, was niet altijd gelukkig.
Queen Victoria
een portret van de jonge koningin Victoria
Willem IV, koning van het Verenigd Koninkrijk en Hannover stierf op 20 juni 1837 op 72-jarige leeftijd. Omdat hij en zijn oudere broers geen wettige mannelijke en vrouwelijke nakomelingen hadden gekregen werd Victoria de nieuwe koningin. In de ochtend van 21 juni, rond 6.00 uur werd zij wakker gemaakt door haar moeder. Zij vertelde Victoria dat William Howley, de aartsbisschop van Canterbury en Lord Conyngham naar haar toe waren gekomen om haar te spreken. Lord Conyngham vertelde Victoria dat haar oom, Willem IV, was overleden rond 2.00 uur in de morgen en dat zij de nieuwe koningin was. Haar kroning vond plaats op 28 juni 1838 in de Westminster Abbey. Koningin Victoria was de eerste monarch die Buckingham Palace te Londen permanent bewoonde.
 
Bron: nl.wikipedia.org
The Young Victoria
Victoria en Albert

The Young Victoria [ imdb.com ] | The Young Victoria [ rottentomatoes.com ]

vrijdag 9 december 2011
Gangsters, Jazz & Hollywood
drie boeken met illustraties van Robert Nippoldt

In de nieuwe catalogus van Taschen kwam ik voor het eerst pentekeningen tegen van de Duitse illustrator Robert Nippoldt. Op internet vond ik daarna drie geïllustreerde boeken waarmee hij in Duitsland naam gemaakt heeft. Zijn laatste boek heet Hollywood in den 30er Jahren en verscheen dit jaar.

Robert Nippoldt
Robert Nippoldt
Gangsters, Jazz & Hollywood

Zijn heldere en grafische stijl doet me enigszins denken aan de ‘grafische vertalingen’ van foto’s in staalgravures die in de tweede helft van de 19e eeuw aan de lopende band gemaakt werden. Vaak is het te machinaal en te weinig bezield. Maar de passie voor glamour fotografie uit de jaren dertig deel ik helemaal. De subtiele zwart-witfotografie met uitgebalanceerde belichting en vele grijstonen zijn vaak om je vingers bij af te likken. Nippoldt kon gebruik maken van de collectie vintage Hollywood glamourfoto’s van verzamelaar Daniel Kothenschulte. De illustraties zijn van foto’s overgetrokken maar overtuigend gestyleerd. In de composities zit veel witruimte en in combinatie met de klare lijnen doen deze soms aan Japanse houtsneden denken.

Clark Gable
Toen ik Nippoldt’s boek “Hollywood in den 30er Jahren” ontdekte, was ik zelf bezig met een paar portretten van Clark Gable in oostindische inkt en acrylverf als basis voor een definitieve schildering in olieverf.
Robert Nippoldt wurde 1977 in Kranenburg am Niederrhein geboren. Nach der Schule verirrte sich der Richtersohn kurz in den Rechtswissenschaften, bevor er im Sommer 1999 nach Münster kam, um dort an der Fachhochschule Grafik und Illustration zu studieren. Sein Diplombuch Gangster. Die Bosse von Chicago fand gleich einen Verleger, und Nippoldt konzentrierte sich fortan auf die Buchkunst. Nach zwei jähriger Arbeit erschien im Herbst 2007 sein zweites Buch Jazz im New York der wilden Zwanziger, das von der Stiftung Buchkunst zum schönsten deutschen Buch 2007 gekürt wurde. Nippoldts Arbeiten wurden in zahlreichen Ausstellungen u.a. in Berlin, Darmstadt, Essen, Frankfurt, Leipzig und München gezeigt. Seine Serigrafien sind käuflich erhältlich. Wenn er nicht gerade schnorchelt oder versucht seine Gitarre zu stimmen, zeichnet er vermutlich im Moment in seinem Atelier am alten Güterbahnhof von Münster.
 
Bron: shop.fr-online.de

nippoldt.de

maandag 31 oktober 2011
hoog hoger hoogst [ 16 ]
de oudste wolkenkrabbers van New York (1889-1894)

Negentiende eeuwse hoogbouw spreekt tot mijn verbeelding. De architecten van de vroege wolkenkrabbers stonden met het ene been al in de twintigste eeuw, maar met het andere nog helemaal in de negentiende eeuw. Dat is goed te zien in Lower Manhattan waar zich nog altijd de grootste concentratie wolkenkrabbers bevindt, die aan het begin van de twintigste eeuw gebouwd zijn in uiteenlopende neostijlen. Tegenwoordig bepalen de zakenpaleizen in Art Deco en de glazen dozen in de internationale stijl de skyline van Lower Manhattan, maar sommige vroege wolkenkrabbers zoals het neo-gotische Woolworth Building, zijn nog altijd duidelijk aanwezig. De Duitse blogger Schaedel maakte een aantal websites over de oudste wolkenkrabbers van New York, die inmiddels allang zijn afgebroken. Meestal zijn deze gebouwd in een pompeuze neo-barok stijl die Beaux-Arts wordt genoemd.

Tower Building
Tower Building (1889-1914) in de negentiende (links) en twintigste (rechts) eeuw

Tower Building (48 m)
Het Tower Building (1889-1914) aan Broadway 50 van Bradford Lee Gilbert was de eerste echte wolkenkrabber van New York met een stalen skelet. Het werd ongeveer tegelijkertijd met de Eiffeltoren gebouwd en was met zijn elf verdiepingen 48 meter hoog. Nadat het 25 jaar dienst had gedaan, werd het in 1914 alweer afgebroken. Bijna aandoenlijk is een foto van honderd jaar geleden waarbij je de eerste wolkenkrabber als een dwerg ziet ingeklemd tussen zijn veel hogere nakomelingen.

World Building
stereofoto uit 1897 van het World Building (1890-1955) dat van 1890 tot 1994 het hoogste kantoorgebouw ter wereld was.

World Building (94 m)
Een jaar later verrees vlakbij, aan de Park Row het World Building van architect George Browne Post. Het was bijna twee keer zo hoog dan het Tower Building en tot 1894 het hoogste kantoorgebouw ter wereld. Maar nog altijd waren kantoorgebouwen lager dan de hoogste kerktorens, al stelde het World Building de nabijgelegen Trinity Church al in zijn schaduw. Het World Building zou in 1955 worden afgebroken. Er kwam geen hogere wolkenkrabber voor in de plaats, maar een brede autosnelweg naar Brooklyn Bridge.

Manhattan Life InsuranceBuilding
Het Manhattan Life Insurance Building (1894-1963) aan Broadway 64-66 was tussen 1894 en 1899 het hoogste kantoorgebouw ter wereld. In 1904 kreeg het een andere koepel (foto rechts)

Manhattan Life Insurance Building (106 m)
De opvolger van het World Building als hoogste gebouw van New York, was het 106 meter hoge Manhattan Life Insurance Building van de architecten Kimball & Thompson. Het was het eerste kantoorgebouw ter wereld dat de honderd meter grens overschreed. Maar nog altijd was de domtoren in Utrecht hoger… Daarin zou snel verandering komen. Vijf jaar was het 119 meter hoge Park Row Building verrezen dat bijna tien jaar lang het hoogste kantoorgebouw ter wereld zou blijven. Het Manhattan Life Insurance Building werd in 1963 afgebroken.

Manhattan 1902
de skyline van Manhattan in 1902
links het World Building (94m) en in het midden Park Row Building (119 m)

meer uit deze reeks | ephemeralnewyork.wordpress.com

vrijdag 28 oktober 2011
hoog hoger hoogst [ 15 ]
nostalgisch New York op skyscrapercity.com

Op skyscrapercity.com vond ik bergen historische foto’s van New York.

Brooklyn Bridge en Woolworth Building
Neo-gotiek in Manhattan: Brooklyn Bridge (1883) en Woolworth Building (1913)
Park Row Building en Gillender Building
twee negentiende eeuwse wolkenkrabbers: de constructie van Park Row Building (1896-1899) en de deconstructie van Gillender Building (1896-1897) in 1910.
Manhattan 1902
de skyline van Manhattan in 1902
met in het midden Park Row Building (119 m) dat van 1899 tot 1908 het hoogste kantoorgebouw ter wereld was.

Old pics New York City [skyscrapercity.com]
neo-gotiek in New York [ nyc-architecture.com ] | meer uit deze reeks

vrijdag 14 oktober 2011
Kwintelooyen
compositiestudies gemaakt in Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug
Nationaal Park de Utrechtse Heuvelrug
Kwintelooyen
Kwintelooyen ligt ingesloten tussen drie particuliere landgoederen: Prattenburg, de Dikkenberg en Remmerstein. Daaraan grenzend liggen de Stadsbossen van Rhenen en de Plantage Willem III, van Stichting Het Utrechts Landschap. Het gehele gebied strekt zich uit van de noordoever van de Rijn tot de Gelderse Vallei. Karakteristiek in het gebied zijn de diepe erosiedalen, de prehistorische grafheuvels, wallen, beukenlanen en de overgangen tussen heuvelrug en valleien. Opvallend is het grote hoogteverschil van vijftig meter op Kwintelooyen; van zeer nat (ven en moeras) naar droog (heidevelden). Via de uitgezette wandelroutes komt u op het hoogste punt van het terrein, waar u een prachtig uitzicht heeft over de Gelderse Vallei.
 
Bron: recreatiemiddennederland.nl


Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug

zondag 7 augustus 2011
globetrotter [ 1 ]
Ida Laura Birch-Pfeiffer (1797-1858)

HanfstaenglFranz Haenfstaengl fotografeerde tussen 1853 en 1863 tal van beroemdheden in zijn studio in München. Tweeënveertig van deze portretten zijn opgenomen in het Album der Zeitgenossen. Wanneer je het boek openslaat, wordt je door een kier in de tijd aangekeken door strenge blikken. Een enkeling heeft ironie om de lippen maar bij de meesten hangen de mondhoeken omlaag. Op de achtergrond hangt vaak een gedrapeerd gordijn, een erfenis uit de portretschilderkunst. De geportretteerde heeft zichzelf in zijn houding bevroren, meestal vergezeld door een attribuut dat verwijst naar zijn identiteit. Hanfstaengl heeft geen geschilderde decors gebruikt, maar de wand van zijn studio kaal gelaten zodat het licht zich mooi verspreiden kan. Meestal fotografeerde hij vooraanstaande mannen, maar een enkele keer maakte hij ook een portretfoto van een vrouw. De piepjonge Beierse prinses Elisabeth (Sissi) bijvoorbeeld. Of Clara Schumann.

Ida Laura Birch-Pfeiffer
portret van Ida Laura Birch-Pfeiffer
De stijve Victoriaanse outfit camoufleert een vrije geest die haar eigen tijd ver vooruit is.

Maar mijn blik wordt het meest aangetrokken door een foto van Ida Laura Birch-Pfeiffer. Ze was de Oostenrijkse Alexandrine Tinne, een globetrotter uit Wenen, die tussen 1842 en 1858 verschillende wereldreizen ondernam. In 1850 schreef ze de bestseller Eine Frau fährt um die Welt. Hierin beschrijft ze haar reis uit 1846 naar Zuid-Amerika, China, Oost-indië, Perzië en Klein-Azië.

Die hier in einer überarbeiteten Fassung vorliegenden Tagebücher der großen Weltreise Ida Pfeiffers erschienen 1850 unter dem Titel Eine Frauenfahrt um die Welt und wurden ein Besteller. Die Reise führt die 44-jährige Österreicherin nach Brasilien, wo sie nur knapp einem Mordanschlag entkam, über China, wo der Anblick einer weißen Frau derart ungewöhnlich war, daß sie ständig in Bedrängnis geriet, nach Ceylon. In Madras betrat sie indisches Festland, erhielt Zutritt zu Häusern reicher, vornehmer Inder, erlebte Tigerjagden und war bei einer Witwenverbrennung anwesend. Persien und Mesopotamien zählten zu den gefährlichsten Routen ihrer Unternehmungen. Nach zweieinhalb Jahren kehrte Ida Pfeiffer über Armenien, Griechenland und Triest nach Wien zurück. Ihre Reisetagebücher begeistern durch Einfachheit der Erzählweise und Wahrheitstreue und stellen darüber hinaus ein besonderes Zeitdokument dar.
 
Bron: weltbild.de

Ida Laura Pfeiffer [ de.wikipedia.org ]

zondag 31 juli 2011
Lichtbilder
gelezen: Fotografie in Augsburg 1839-1900 van Franz Häussler

AugsburgMet toenemende verwondering kan ik met mijn aandacht in een negentiende eeuwse foto verdwijnen. Voor mij is zo’n foto eigenlijk een gat in de tijd. Zoals je met een telescoop naar de sterrenhemel in een onhistorisch verleden kunt turen, zo kun je via een oude foto toegang krijgen tot ons historische verleden. Een foto herbergt ontelbare verhalen. Vorig jaar kocht ik in Augsburg de catalogus van de tentoonstelling Fotografie in Augsburg 1839 – 1900 uit 2004. In het boek staan met name foto’s uit het laatste kwart van de negentiende eeuw en we zien een Augsburg dat niet meer bestaat, maar toch zeer herkenbaar Augsburg is.

Het raadhuis, het standbeeld van Augustus op de markt, de Fugerei en de Maximilliaanstraße, om maar een paar landmarks van de stad te noemen, het was er en het is er nog steeds. Tegenwoordig zijn deze gebouwen bezienswaardigheden, eilandjes in een moderne stad. Maar op een foto uit 1886 zie je het raadhuis van Augsburg ingebed in een veel oorspronkelijker omgeving. Toch zijn er ook al ‘moderne’ constructies van gietijzer en daarnaast veel opgeblazen historisme uit de Gründerzeit. In 1886 is het laat-Middeleeuwse Augsburg bijna verdwenen… Tot in de twintigste eeuw werden foto’s in Duitsland Lichtbilder genoemd, beelden van licht. Het licht is onpartijdig en toont alles wat het licht verdragen kan: alle bomen en gebouwen, maar ook besnorde mannen, bouwvakkers, een treurend vaderloos gezin…

Augsburg 1850
momentopname van 160 jaar geleden
Daguerreotype uit 1850 (9,6 x 7 cm) privécollectie uit Augsburg
In Zusammenarbeit mit dem bekannten Augsburger Autor Franz Häußler wird das Stadtarchiv Augsburg vom 05. Mai bis zum 11. Juni 2004 im Foyer der Stadtsparkasse Augsburg eine Ausstellung über die Anfänge der Fotografie in Augsburg präsentieren. Begleitend und ergänzend zur Ausstellung wird das neue Buch von Franz Häußler “Fotografie in Augsburg 1839 bis 1900″ erscheinen, das als erster Band die neue für kleinere Monographien, Ausstellungs- kataloge u.ä. gedachte Schriftenreihe des Stadtarchivs Beiträge zur Geschichte der Stadt Augsburg eröffnet.
 
Mit Ausstellung und Veröffentlichung will das Stadtarchiv Augsburg versuchen, erstmals einen Überblick über die Geschichte der Fotografie in Augsburg zu geben. Bilder aus den städtischen Fotosammlungen und Objekte aus der Frühzeit der Fotografie (v.a. aus Augsburger Privatbesitz) sollen dabei die maßgeblichen technikgeschichtlichen Aspekte der Entwicklung der Augsburger Fotografie im 19. Jahrhundert vermitteln und die Bedeutung der Fotos neben ihrem künstlerischen und technischen Eigenwert als “kultur- und stadtgeschichtliche Zeitdokumente” verdeutlichen.
 
Bron: augsburg.de

Augsburg [ nl.wikipedia.org ]

vrijdag 29 juli 2011
voor eeuwig plechtig
portretfotografie tussen 1853 en 1863
Franz Hanfstaengl uit München: Album der Zeitgenossen

Franz Hanfstaengl (1804-1877) werd in Beieren geboren vlak nadat Alois Senefelder in München de steendruk had uitgevonden. In 1806 had de Franse schilder en officier Louis-François Lejeune deze vlakdruktechniek in Frankrijk geïntroduceerd waar ze al snel lithografie genoemd werd. Hanfstaengl werd in de jaren dertig de bekendste portretlithograaf van München en kreeg in de Beierse hoofdstad de bijnaam Graf Litho. In 1839 was het Frankrijk waar een nieuwe uitvinding werd gedaan die ditmaal naar München werd gebracht: de fotografie. Hanfstaengl opende in het begin van de jaren vijftig een fotoatelier en veel van de lokale beroemdheden die hij al gelithografeerd had, wilden nu van zichzelf een foto. Niet alleen de high society uit München liet zich bij Hanfstaengl vereeuwigen in het nieuwe wonderbaarlijke medium, maar ook ver daarbuiten wisten beroemdheden de weg naar hem te vinden.

Leo von Klenze
portret van de Beierse architect, schilder en schrijver Leo von Klenze die zijn hart aan de klassieke oudheid had verloren en op de foto een scherf toont van de droom die hij zijn hele leven heeft nagejaagd. Ook de koninklijke onderscheidingen horen erbij.

Dertig jaar geleden ontdekte ik het Album der Zeitgenossen, een verzameling foto’s van Hanfstaengl’s beroemde tijdgenoten die zich tussen 1853 en 1863 door hem lieten portretteren, waaronder Richard Wagner (1813 - 1883), Clara Schumann (1819 - 1896), Leo von Klenze (1784 - 1864), Franz Liszt (1811 - 1886), Justus von Liebig (1803 - 1873), Hans Christian Andersen (1805 - 1875), Elisabeth (Sisi) von Österreich (1837 - 1898), en Carl Spitzweg (1808 - 1885).

Het album geeft een prachtig tijdsbeeld van het midden van de negentiende eeuw waarin fotografie en schilderkunst nog hecht met elkaar verbonden waren. Het was een tijd waarin levendigheid voor plechtigheid moest wijken. Spontaniteit behoorde niet de mogelijkheden omdat de geportretteerde zijn houding voor de camera moest bevriezen vanwege de lange sluitertijd.

donderdag 16 juni 2011
keizerlijke fotoalbums
veertig fotoalbums van Wilhelm II op fotocollectie.huisdoorn.nl

Op 4 juni was het precies 70 jaar geleden dat Wilhelm II overleed. De laatste Duitse keizer was in november 1918 naar Nederland gevlucht en leefde ruim twintig jaar in ballingschap in Doorn. Toen Duitsland in 1940 Nederland was binnengevallen, hoopte de tachtigjarige keizer op een rehabilitatie. Een jaar voor zijn dood was hij nog naar de Grebbeberg gegaan om de gevallen Duitse soldaten te herdenken. Wilhelm II was nu misschien Heim ins Reich, maar de nationaal-socialisten lieten de afgedankte oude man liever in Doorn en nodigden hem niet uit om naar Berlijn te komen.

Wilhelm II
Wilhelm II bij een kranslegging op de Grebbeberg op 17 juni 1940

Op youtube vond ik unieke beelden van de begrafenis van keizer Wilhelm II in Doorn op 9 juni 1941. Even lijkt het Tweede Keizerrijk te herleven door de vele ijzeren kruisen en Pickelhauben. Maar de Stahlhelme van het Derde Rijk tonen een nieuwe orde, die afstand heeft gedaan van het keizerrijk. De laatste keizer wordt bijgezet in het mausoleum in Doorn en daar rust zijn gebalsemde lichaam nog steeds.

Als op 4 juni 1941 Wilhelm II komt te overlijden zal hij, in tegenstelling tot veel van zijn voorouders, niet worden bijgezet in de statige Berliner Dom. Al in 1933 had hij bij testament bepaald in Doorn begraven te willen worden. Teminste als ten tijde van zijn overlijden de monarchie in Duitsland niet zou zijn hersteld. De zoon van Wilhelm II, kroonprins Wilhelm, verzoekt architect Martin KieBling om een ontwerp te maken voor een mausoleum te midden van de door Wilhelm II zo geliefde rododendrons in het park. Hier vindt Wilhelm II zijn laatste rustplaats. Op het dak staat een koperen bol met kruis, deze is clandestien door de Doornse smid vervaardigd met behulp van oude koperen pannen uit de keuken van het huis. Men moest in de loop van de Tweede Wereldoorlog alle koper bij de Duitse bezetter inleveren, die er wapentuig mee fabriceerde.
 
Bron: huisdoorn.nl
Wilhelm II
enkele stills uit onderstaande film van de begrafenis op 9 juni 1941 in aanwezigheid van o.a. Seyss-Inquart
historische opnamen 9 juni 1941
… even lijkt het Tweede Keizerrijk te herleven door de vele ijzeren kruisen en Pickelhauben …

De mooiste ontdekking deed ik op een subdomein van de website huisdoorn.nl Toen Wilhelm II in november 1918 hals over kop naar Nederland gevlucht was, had hij nauwelijks spullen bij zich. Eenmaal geïnstalleerd in Huis Doorn mocht hij een deel van de keizerlijke inboedel uit Berlijnse en andere paleizen naar Doorn laten komen. Wagonladingen vol Wilhelmische meubels, schilderijen, serviesgoed, en snuisterijen werden naar Huis Doorn gebracht. Daaronder bevonden zich ook de keizerlijke fotoalbums. Deze zijn nu gedigitaliseerd en staan integraal online. Fantastisch! Veertig keizerlijke fotoalbums van 1888 tot 1912 zijn nu voor iedereen toegankelijk gemaakt.

fotocollectie.huisdoorn.nl

zondag 12 juni 2011
spiegelwereld
gekeken naar Spiegel van Holland (1950) van Bert Haanstra

Spiegel van HollandVisuele vervorming is in het digitale tijdperk een kwestie van de juiste Photoshopfilters. Maar in 1950 ging alles nog analoog en werden voor trucages glasplaten en spiegels gebruikt. Maar voor Spiegel van Holland gebruikte Bert Haanstra een simpele truc die zo oud is als de wereld. Hij laat ons kijken naar de weerspiegeling in het water. In eerste instantie levert dit een omgekeerd beeld op. Maar dan past Haanstra weer een simpele truc toe. Hij laat een man aan de kant zijn gezicht draaien zodat deze de waterkant op zijn kop ziet en wij nu naar de wereld kijken alsof de reflecties de werkelijke wereld zijn. En dat levert een adembenemend schouwspel op, vooral wanneer je even vergeet dat je naar reflecties kijkt. “Dit is wat we zien", zo leidde Piet Vroon twintig jaar geleden bij Zomergasten een fragment in. En inderdaad, je kunt Spiegel van Holland bekijken als een variatie van Plato’s allegorie van de grot. De modernistische klanken van voornamelijk blaasinstrumenten door componist Max Vredenburg versterken de vloeibare en dansende spiegelwereld.

Spiegel van Holland 1950
(met alternatieve soundtrack van Masp)
Het simpele idee van de film heeft een prachtige uitwerking. Het licht kabbelende water geeft de beelden een droomachtig karakter. Beelden van gevels, kerken, koeien, en treurwilgen, die normaal gesproken niet bijster bijzonder zouden overkomen. Nu lijkt er soms een zilveren gordijn overheen getrokken te zijn, helemaal wanneer er een stel ronde waterplanten schijnbaar “over” een groot zeilschip heentrekt.
 
Bron: movie2movie.nl

berthaanstra.nl

zaterdag 4 juni 2011
beschouwing van een voyeur
kijken en bekeken worden in het zwembad

Ik lig met mijn buik in het gras, voel de zon op mijn rug branden terwijl het zomerse geroezemoes op de zonneweide in mijn oren zoemt. Mijn buitenste oog houd ik gesloten terwijl mijn binnenste oog van onder de brug van mijn neus een paar kinderen in de gaten houdt, een paar meter verderop. Een jongetje van een jaar of elf draait om twee meisjes. Met zijn mobieltje maakt hij foto’s. Het ene meisje is blijkbaar het bevoorrechte slachtoffer terwijl het andere met haar mobieltje het jongetje onder schot houdt. Ik sluit mijn loerend spiedersoog. Even later zie ik het jongetje in het gras zitten terwijl hij op zijn mobieltje de foto’s van de meisjes bekijkt, als een roofdier over zijn prooi gebogen. De twee meisjes kijken nieuwsgierig op hun mobieltje naar de foto van het jongetje.

zwembad

Blijkbaar hebben we stilstaande beelden nodig om in de veranderlijkheid van het leven betekenis te kunnen zien. Een levend gezicht toont vele gezichten terwijl een foto maar één gezicht tegelijk laat zien. Een momentopname laat dus altijd iemand zien die we óók zijn. Maar stel nu eens dat die ene foto het ultieme beeld zou representeren, zouden we die persoon dan ook écht willen zijn? De wil tot macht concentreert zich op het gewenste beeld. Ik moet even denken aan de trampolinescene uit de strandfilm Don’t make waves (1967) met Sharon Tate en Tony Curtis, een voorloper van de tv-serie Baywatch.

Sharon Tate op de trampoline
in Don’t make waves (1967)

De conservering van het perfecte lichaam van Sharon Tate op het witte doek valt hier samen met een onverwoestbaar apollinisch beeld. Dat haar ideale lijf twee jaar later in een bacchantische razernij van een stel gekken verwoest werd, tast het ideaalbeeld niet aan. Het beeld onderhoudt blijkbaar geheimzinnige betrekkingen met het onvergankelijke.

zaterdag 21 mei 2011
Frühling
in Bronkhorst
Bronkhorst
Bronkhorst 21 mei 2011

kleinstestadvannederland

woensdag 6 april 2011
It’s About Time
Searching centuries of Art, Nature, & Everyday Life
for Unique Perspectives, Uncommon Grace, & Unexpected Insights

Vorig jaar ontdekte ik de blog americangardenhistory over 18e eeuws tuinieren in Amerika van blogger Barbara. Ze blijkt nog vier historische weblogs onder haar beheer te hebben, waaronder haar persoonlijke blog It’s About Time.

Bingham en Goodwyn Clonney
James Goodwyn Clonney 1812–1867
Fishing on Long Island Sound off New Rochelle (rechts) associeer ik onmiddellijk met het beroemde schilderij van George Caleb Bingham (links)

Als historica met een indrukwekkend blikveld in de Amerikaanse schilderkunst verbindt ze schilderijen, prenten en foto’s vaak aan een thema uit het alledaagse leven. Op deze blog is een schat aan afbeeldingen van (vooral ook minder bekende) Amerikaanse schilders en fotografen te vinden.

Hicks
Thomas Hicks 1823-1890
Calculating 1844
Great Depression
armoede in de Verenigde Staten tijdens de Great Depression
image credits: Life Magazine

It’s About Time

zondag 3 april 2011
Amerikaanse Burgeroorlog [ 14 ]
de visuele oorlogsverslaggeving van Winslow Homer (1836—1910)
voor Harper’s Weekly

Winslow HomerEerder in deze serie liet ik al iets zien over de productie van visuele oorlogsverslaggeving in Harper’s Weekly tijdens de Civil War. Twee van de belangrijkste kunstenaars die je met de Amerikaanse Burgeroorlog kunt verbinden, zijn de fotograaf Mathew Brady en de illustrator en schilder Winslow Homer. Bij het uitbreken van de oorlog in 1861 was Homer in dienst bij Harper’s Weekly waar hij aan de hand van Brady’s foto’s schetsen maakte en overbracht op houten blokken. Van de graveur werd geen artisticiteit of persoonlijke interpretatie verwacht. Maar voor de jonge Homer bleek dit reproductieve werk later een vruchtbaar begin van zijn carrière. Op de onderstaande voorpagina staat de eerste prent die hij in 1861 voor Harper’s Weekly produceerde.

Harper's Weekly
Harper’s Weekly 5 januari 1861
met de delegatie van de staat Georgia die zich kort daarna zou afscheiden
image credits: sonofthesouth.net
Winslow Homer (1836—1910) was twenty-five when the Civil War began in the spring of 1861. Although his native state of Massachusetts was recruiting thousands of men his age to serve in the Union army, Homer, as a special artist for Harper’s Weekly, was fortunate to have been able to pursue his chosen profession while satisfying his wanderlust for adventure much like a soldier. He was just beginning a lifelong career that would earn him fame and affluence for his paintings of American life and nature, especially of the sea. Already he was winning admirers through the pages of Harper’s with his sensitive wood engravings that portrayed the life of soldiers in camp and conveyed the longing of loved ones left behind.
 
Homer was mostly a self-taught artist whose talent was readily apparent from the start of his career. It was matched by his determination to develop his skills independently and to his own liking. As evidence of this, Homer declined to join the staff of Harper’s, preferring instead to contribute to the paper as a freelance artist. For Homer, the Civil War provided an unusual opportunity to explore and practice the nuances of his profession, while rendering a service to those who valued his art as a documentary of the war.
 
Bron: civilwar.si.edu
Winslow Homer
Door het veelvuldig reproduceren van foto’s had Winslow Homer een objectiverende houding aangenomen. Dat is goed te zien in zijn bekendste schilderij over de Civil War waarin hij tot een soort geschilderde fotojournalistiek komt.
The Smithsonian’s Cooper-Hewitt, National Design Museum, in New York City owns more than three dozen of Homer’s original Civil War sketches. These form part of a larger collection of 287 drawings donated by Homer’s brother, Charles Savage Homer Jr., in 1912, two years after Winslow’s death. The drawings, many of them rough sketches, are indicative of how Homer worked to compile a portfolio of images for future use. While his artistic skill is clearly evident, these drawings reveal the early work of a man with great ambitions who would become one of America’s most acclaimed artists.
 
Bron: civilwar.si.edu

alle posts uit deze reeks | Winslow Homer in HW [ sonofthesouth.net ]

donderdag 31 maart 2011
Mex Max
het tragische lot van marionettenkeizer Maximiliaan I van Mexico

Maximiliaan ISoms grijpt het lot van een historische figuur mij plotseling aan. Afgelopen dagen heb ik dat met groothertog Ferdinand Maximiliaan Jozef (1832-1867) van Oostenrijk, een jongere broer van Franz Jozef I (1830-1816). Hij is de geschiedenis ingegaan als keizer Maximiliaan I van Mexico. Misschien is het wel zijn aandoenlijke portretfoto met zijn heraldieke baard waar twee tandjes doorschemeren. In mijn ogen een goedaardig knaagdier, deze sympathieke jongeman die overigens een toegewijd amateur-botanicus was. Hoe dan ook, in 1864 liet hij zich door Napoleon III verleiden om in Mexico als keizer de troon te bestijgen. De Franse keizer had een politiek succesje nodig en met een Franse interventie in het roerige Mexico wilde hij de Franse invloed in de Nieuwe Wereld herstellen. De Verenigde Staten lagen met elkaar overhoop en hadden even geen tijd om toe te zien op de Europese eerbiediging van de Monroe Doctrine. Op 10 april 1864 werd hij door de Mexicaanse conservatieven met militaire steun van Napoleon III uitgeroepen tot Emperador Maximiliano I de México.

Het leek even goed te gaan, maar al snel kwamen de problemen. Toen in 1865 de Amerikaanse Burgeroorlog was afgelopen, begonnen de Verenigde Staten de Mexicaanse republikeinen wapens te leveren. De Fransen zagen zich in 1866 gedwongen uit Mexico terug te trekken, omdat ze niet betrokken wilde raken in een oorlog met de Verenigde Staten. De arme Maximiliaan stond nu met zijn conservatieve achterban alleen tegenover de republikeinse meerderheid van Benito Juarez die zijn gezag nooit had willen erkennen. Het was duidelijk dat Maximiliaan kansloos was. Napoleon III die zich voor hem verantwoordelijk voelde, bood hem een veilige aftocht aan. Maar Maximiliaan weigerde omdat hij zijn conservatieve achterban niet in de steek wilde laten. Daarmee tekende hij zijn doodvonnis. Ondanks vele verzoekschriften van Europese vorsten en prominenten liet Juarez hem op 19 juni 1867 samen met zijn generaals Miguel Miramón en Tomás Mejía terechtstellen. De Franse schilder Eduard Manet maakte een schilderij van deze tragische gebeurtenis dat duidelijk geïnspireerd is door Goya’s El fusilamiento del 3 de mayo de 1808.

Maximiliaan I
Eduard Manet 1867
executie van keizer Maximiliaan I en zijn generaals Miguel Miramón en Tomás Mejía
Maximiliaan I
foto van het vuurpeleton die Manet gebruikte voor zijn schilderij

Een andere Franse schilder, Jean-Paul Laurens maakte een minder bekend schilderij, waarbij we de laatste keizer van Mexico zien terwijl hij zijn dodencel verlaat op weg naar de executieplaats.

Maximiliaan I
Jean-Paul Laurens 1882
keizer Maximiliaan I vlak voor zijn executie

De Franse interventie in Mexico (1861-1867) was overigens niet de laatste keer dat een Frans staatshoofd met een interventie zijn prestige wilde vergroten! Voor Napoleon III was zijn Mexicaanse avontuur het begin van zijn ondergang. Doordat de Franse krijgsmacht een deel van zijn kruit in Mexico verschoten had, was het nog niet goed gereorganiseerd toen Frankrijk op 14 juli 1870 aan Pruisen de oorlog verklaarde.

slideshow over het leven van keizer Maximiliaan I en keizerin Charlotte van Mexico met het gierend dramatische Serenata Immortale van Immediate Music

Maximiliaan I van Mexico [ nl.wikipedia.org ]

dinsdag 29 maart 2011
I am the walrus [ 1 ]
mustaches of the nineteenth century blogspot.com
en century of the beard blogspot.com

Honderdvijftig jaar geleden was de haardracht voor heren tegengesteld aan de huidige haarmode, vooral als we het over de gezichtsbedekking hebben. Tegenwoordig beperkt deze zich tot minimale en gestyleerde streepjes of het friemeltje aan de onderlip. Maar rond 1860 volgde de haarmode voor heren de Victoriaanse horror vacui. Analoog met de ornamentele opvulling in de private en publieke ruimte bedekten de heren hun gezicht met weelderige baarden, snorren en fantasierijke verbindingsstukken. Op ons komt dat soms belachelijk over, maar onze bet-overgrootvaders namen hun haardracht bijzonder serieus.

twee ‘Nietzsches’
bron: mustachesofthenineteenthcentury

SchnauzerZoekend naar portretfoto’s uit de zestiger jaren van de negentiende eeuw, kwam ik twee aardige blogs tegen: centuryofthebeard.blogspot.com en mustachesofthenineteenthcentury.blogspot.com. Er zijn veel mooie oude foto’s te vinden van trotse snor- en baarddragers, vaak met een leuk verhaal erbij. Onder het label The Nietzsche vond ik foto’s van minder beroemde maar niet minder indrukwekkende hangsnorren. De kracht van een snor is niet zomaar iets. Sinds ik de hangende treursnor heb gekoppeld aan de filosoof met de hamer, lijkt de Schnauzer mij diepzinniger dan andere honden.

Beards 19th Century [ cabinetcardgallery.wordpress.com ]

vrijdag 18 maart 2011
het derde oog in de schilderkunst
Why David Hockney Should Not Be Taken Seriously
Brian K. Yoder gelooft niets van Hockney’s theorie over de camera obscura

David HockeyDe reactionaire website artrenewal.org voor academische schilderkunst heeft weinig waardering voor moderne schilderkunst. Voor artrenewal.org is er maar één maat, namelijk die van de klassieken, de meesters van de Renaissance en de negentiende eeuwse academische schilderkunst met meesters als Gérôme, Bouguereau en Alma Tadema. In 2001 verscheen het boek Secret Knowledge van de hedendaagse Engelse schilder David Hockney. In dit boek geeft Hockney zijn visie op de technieken van de Oude Meesters in relatie met de camera obscura. Volgens Hockney zouden optische hulpmiddelen zoals de camera obscura na 1420 essentieel zijn geweest voor de ontwikkeling van een realistische teken- en schilderkunst.

fragment uit de documentaire Secret Knowledge van en met David Hockney
(Italiaans ondertiteld)

Secret Knowledge werd op artrenewal.org fel bekritiseerd. (bijvoorbeeld Hockney: Knowledge without Substance van Kirk Richards en een boekbespreking van Ann James Massey) Brian K. Yoder reageerde met een onderbouwd artikel, waarin hij de vloer aanveegt met Hockney’s theorie:
Why David Hockney Should Not Be Taken Seriously.

Whatever the reasons for his promotion of the idea that it’s impossible to make excellent realist paintings without optical aids may be, it should be clear that Hockney’s conclusions are completely unjustified. It amounts to little more than a conspiracy theory that attempts to explain away centuries of great art. His denial of the existence of artists, the quality of their work, their teaching, books, and eye witness reports and even the possibility of the existence of people who can draw and paint tells us little about how art is made, but volumes about Mr. Hockney and his hatred of excellence in the arts. Unfortunately for them, all of the rewriting of history, fallacious arguments and sophism they can muster will not change that fact in the least.
 
Bron: artrenewal.org
Ingres
negen portretten van meestertekenaar Jean Auguste Dominique Ingres (1780-1869) Volgens Hockney zijn deze portretten te perfect om met het blote oog getekend te zijn en zou Ingres gebruik hebben gemaakt van een camera lucida.

Een camera lucida was een instrument bestaande uit een verstelbare stang, die met een klem aan de tekentafel werd vastgemaakt. Aan de bovenzijde was een in metaal gevat prisma bevestigd. Door dit prisma juist af te stellen, werd in de gewenste afmetingen het tafereel of het object op tekenpapier geprojecteerd.

camera lucida

Het verkregen beeld was lichtarm en waarschijnlijk vond de camera lucida hierdoor weinig ingang. Het apparaat was vooral in de negentiende eeuw in omloop. (Bron: nl.wikipedia.org)

Why David Hockney Should Not Be Taken Seriously

vrijdag 4 maart 2011
mechanisch wereldbeeld
van l’ homme machine tot DNA-puzzel

Als je Marshall McLuhan’s beroemde uitspraak the medium is the message eens toepast op de geschiedenis van het beeld en dus op onze beeldvorming van de werkelijkheid, dan krijgt het begrip mechanisch wereldbeeld een heel concrete betekenis. Deze term komt uit de filosofie en meestal duiden we hiermee het wereldbeeld aan dat zich in de zeventiende en achttiende eeuw ontwikkelde. Het universum wordt in dit wereldbeeld voorgesteld als een onvoorstelbaar ingewikkelde machine die gehoorzaamt aan de universele wetten van de mechanica. In 1748 stelde de Franse arts en filosoof Julien Offray de la Mettrie in l’ homme machine dat óók de mens een machine is. Omstreeks het midden van de negentiende eeuw zou de mechanische en rationele wereldbeschouwing de wereld vervlakt hebben tot ‘materie’ en ‘nut’.

gravure 1878In de geschiedenis van het beeld wordt de mechanisering van het wereldbeeld duidelijk zichtbaar in de fotografie. Fotografie maakt het mogelijk een beeld te maken, niet door mensenhanden gemaakt. Fotografie betekent letterlijk “schrijven met/door licht". Een foto is een uitwerking van universele optische en chemische wetten. Sinds 1839 is beeldvorming radicaal gemechaniseerd. In de negentiende eeuw konden foto’s nog niet in massaproductie worden genomen. Als substituut voor foto’s zouden tot ver in de negentiende eeuw staalgravures worden gebruikt die wel voor druk in grote oplagen geschikt waren.

Sinds 1839 is onze beeldvorming
radicaal gemechaniseerd
gravure 1878
Negentiende eeuwse staalgravures zijn weliswaar door mensenhanden gemaakt, maar het handschrift is uitgebannen. Staalgravures zien er machinaal uit. Alsof je op de achtergrond de drijfstangen en zuigers van een stoommachine hoort.

Vandaag precies 131 jaar geleden (4 maart 1880) werd in de New York Daily Graphic voor het eerst een foto in half-tone afgedrukt. Het halftoonraster zou het einde betekenen van de staalgravure. Vanaf het begin van de vorige eeuw werden foto’s in massaproductie afgedrukt, aanvankelijk nog in zwart-wit.

gravure 1878
Aan een halftoonraster komt geen mensenhand meer te pas. In vierkleurendruk hebben de rasters voor de vier proceskleuren een verschillende hoek om interferentie (het zgn. moiré patroon) te vermijden.

Alle digitale beelden zijn opgebouwd uit pixels. De pixel is net als het atoom het kleinste bouwsteentje. Digitale beelden vertegenwoordigen volmaakt een materialistisch wereldbeeld. Ze zijn opgebouwd uit dode pixels, zoals alle levende wezens opgebouwd zijn uit ‘levende pixels’, het DNA. Waar het persoonlijke handschrift, en daarmee de menselijke maat, uit de beeldvorming verdwenen is, worden wij tenslotte zélf door digitale beeldvorming tot een DNA-puzzel gereduceerd.

gravure 1878
De bouwstenen van het digitale beeld vergroot tot reuzepixels
zondag 2 januari 2011
the 1965 look
Mad Men Season Four Fashion Gallery
de DVD-box met het vierde seizoen wordt dit voorjaar uitgebracht

Jane Bryant is kostuumontwerper voor Mad Men en gaat voor deze stijlvolle televisieserie bijna een halve eeuw terug in de mode. Het vierde seizoen speelt zich af in 1965 en dat is tot in de details toe te zien. De art director en set decorator vermijden overbekende style icons en doen er alles aan om een geloofwaardig beeld van 1965 neer te zetten. In de interieurs zie je meubels van 1945 tot 1965 dwars door elkaar heen en op straat rijden nog auto’s uit 1950 rond. Maar vrouwen als Betty en Joan dragen uiteraard de 1965 look.

madmen
in de Fashion Gallery op amctv.com motiveert Jane Bryant haar kledingkeuze.

Jane Bryant was ook costume designer voor de HBO-tvserie Deadwood

fashion gallery [ amctv.com ] | Mad Men Season 4

woensdag 17 november 2010
hoog hoger hoogst [ 14 ]
100 jaar oubollige superhoogbouw
van het Manhattan Municipal Building in New York (1909-1915)
tot de Abraj Al-Bait Towers in Mekka (2005-2010)

Honderd jaar geleden was het Manhattan Municipal Building van New York in aanbouw. Het is ontworpen in de neo-barokke stijl van de Beaux Arts (zie kader). Op wirednewyork.com kwam ik een foto tegen die het gebouw vlak voor de voltooiing laat zien. Stalin was erg onder de indruk van het resultaat.

Municipal Building
Manhattan Municipal Building, 1909-1915

Terwijl na 1925 in de VS de klassieke wolkenkrabberstijl in zwang kwam en na de oorlog de internationale stijl bepalend werd, bleef Stalin’s smaak onveranderd. De Staatsuniversiteit van Moskou die kort na de Tweede Wereldoorlog werd gebouwd, had het Manhattan Municipal Building als voorbeeld. Stalin’s hoogste suikertaart was uiteraard een stuk hoger (240m.) dan het Manhatten Municipal Building (177m.) Tot 1988 zou de Staatsuniversiteit van Moskou het hoogste gebouw van Europa blijven.

Staatsuniversiteit van Moskou
Staatsuniversiteit van Moskou, 1949
Het Manhattan Municipal Building aan de Centre Street in New York City is een gebouw met 40 verdiepingen. Het is gebouwd om aan de vraag naar ruimte voor overheidsdiensten te voldoen na de samenvoeging van de vijf New Yorkse boroughs. De bouw begon in 1909 en eindigde in 1915. Het gebouw is 177 meter hoog en het hoogste punt is een kunstwerk dat het op twee na hoogste standbeeld van Manhattan is. Het architectenbureau McKim, Mead and White ontwierp het gebouw waarin voor het eerst een metrostation in de kelder verwerkt was.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Municipal Building
nogmaals een oude foto (1911?) van het Manhattan Municipal Building

Beaux-arts is een ontwerp- en stijlstroming uit de periode tussen 1885 en 1920. De stijl is ontstaan in Frankrijk. In het Frans betekent de naam van oorsprong en letterlijk “schone kunsten". De Beaux-arts stijl is vooral het product van bijna 250 jaar onderwijs en onderzoek, sinds 1671 aan de Académie royale d’architecture, en na een fusie in 1816 met de koninklijke academies voor andere beeldende kunsten en muziek aan de architectuurschool van de Académie des Beaux-Arts. De principes die hier werden onderwezen, hebben tot diep in de 20e eeuw vrijwel ongewijzigd de vormgeving van vele gebouwen bepaald. Na 1885 werd de stijl populair in de Verenigde Staten. Veel wolkenkrabbers in New York werden ermee vormgegeven. In 1926 kreeg het Metropolitan Museum of Art haar monumentale façade, als een Beaux-arts paleis ontworpen door Richard Morris Hunt, de eerste van vele Amerikanen die studeerden aan de École des Beaux Arts in Parijs.

Abraj Al-Bait Towers
Abraj Al-Bait Towers Mekka (601 m.)
honderd jaar na het Manhattan Municipal Building en zestig jaar Stalin’s suikertaart is oubollige superhoogbouw helemaal terug.

New York in Black and White [ wirednewyork.com ]
meer wolkenkrabbers op deze blog

zondag 14 november 2010
Les Archives de la Planète
de fotocollectie van Albert Kahn (1909-1931)

Albert KahnIn 1909 was de Franse bankier Albert Kahn met zijn chauffeur en fotograaf Alfred Dutertre voor zaken in Japan . Toen beiden in Parijs terugkeerden, hadden ze zoveel foto’s gemaakt dat Kahn op het idee om een fotoportret van de hele wereld te maken. Met zijn kapitaal zou hij dit ambitieuze project gaan financieren. Hij benoemde Jean Brunhes tot projectcoördinator en over de hele wereld werden fotografen uitgezonden. Het bijzondere van het project is dat er gebruik gemaakt werd van Autochrome Lumière, een voorloper van de kleurenfotografie. In 1903 was Autochrome door de gebroeders Lumière gepatenteerd en in 1907 werd het voor het eerst op de markt gebracht. Tussen 1909 and 1931 schoten de fotografen bij elkaar 72.000 kleurenfoto’s en 183.000 meter film. De collectie is bekend als Les Archives de la Planète en is voor een deel toegankelijk op albert-kahn.fr. Vanaf 1914 begon men aan de documentatie van Frankrijk, waarbij ook de verwoestingen van de Eerste Wereldoorlog in kleur werden vastgelegd. Door de beurskrach van 1929 raakte Kahn geruïneerd en in 1931 kwam er een einde aan zijn mammoetproject.

1914
tijdens de Eerste Wereldoorlog werd Frankrijk aan Les Archives de la Planète toegevoegd
Albert Kahn (1860-1940) built up an iconographic memory of societies, environments and lifestyles – many of them traditional – around the world. From 1909 to 1931, he commissioned photographers and film cameramen to record life in over 50 countries. ( … ) Autochrome was the first industrial process for true colour photography. When the Lumière brothers launched it commercially in June 1907, it was a photograhic revolution - black and white came to life in colour. Autochromes consist of fine layers of microscopic grains of potato starch – dyed either red-orange, green or violet blue – combined with black carbon particles, spread over a glass plate where it is combined with a black and white photographic emulsion. All colours can be reproduced from three primary colours.
 
Bron: albert-kahn.fr

Early 1900 in color [ citynoise.org ] | Albert Kahn Museum [ albert-kahn.fr ]

zaterdag 13 november 2010
fotograaf van de tsaar
de kleurenfoto’s van Sergey Prokudin-Gorsky 1909-1915

Sergey Prokudin-GorskyOp flickr.com ontdekte ik 71 kleurenfoto’s die de Russische fotograaf Sergey Prokudin-Gorsky tussen 1909-1915 van het Russische rijk had gemaakt om daarmee schoolkinderen te onderwijzen over de geschiedenis, cultuur en modernisatie van hun land. Sergey Prokudin-Gorsky gebruikte een camera die snel achter elkaar drie monochrome opnames maakte met een groen, rood en blauw gekleurd filter. Door deze drie beelden met correct gekleurd licht te projecteren, werd het originele kleurenbeeld weer verkregen. Hij heeft geen systeem kunnen vinden om de beelden in kleur af te drukken, maar later kon men de monochrome opnames toch samenvoegen in één kleurenafdruk. Op de website The Empire that was Russia kun je over dit procedé lezen. Zijn foto’s geven een beeld van een verloren wereld: het Russische rijk aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog en de Russische Revolutie.

kinderen, 1909
kinderen, 1909 image credit
De kinderen hebben stil gezeten voor drie snel achtereenvolgende opnamen, alleen de kleinste helemaal links heeft bewogen en daardoor de drie filters zichtbaar gemaakt.
The photographs of Sergei Mikhailovich Prokudin-Gorskii (1863-1944) offer a vivid portrait of a lost world–the Russian Empire on the eve of World War I and the coming revolution. His subjects ranged from the medieval churches and monasteries of old Russia, to the railroads and factories of an emerging industrial power, to the daily life and work of Russia’s diverse population. In the early 1900s Prokudin-Gorskii formulated an ambitious plan for a photographic survey of the Russian Empire that won the support of Tsar Nicholas II. Between 1909-1912, and again in 1915, he completed surveys of eleven regions, traveling in a specially equipped railroad car provided by the Ministry of Transportation. In 1909 a remarkable project was initiated by Russian photographer Sergey Mikhaylovich Prokudin-Gorsky. His mission was to record – in full and vibrant color – the vast and diverse Russian Empire. Here, with his story, is a selection of his amazing century old full color pictures.
 
Bron: loc.gov

The incredible century old color photography of Prokudin-Gorsky

donderdag 4 november 2010
kunst over de gewone man
Illusie en werkelijkheid Van Gogh Museum t/m 16 januari 2011
naturalisme in de schilderkunst, fotografie en film 1875-1918

Dinsdagmiddag bezocht ik de tentoonstelling Illusie en werkelijkheid in het Van Gogh Museum over naturalistische schilderkunst, fotografie en film . Ik was vooral benieuwd hoe in deze tentoonstelling verbanden worden gelegd tussen fotografie, schilderkunst en film in het laatste kwart van de negentiende eeuw en aan het begin van de twintigste eeuw. Weliswaar is de schilderkunst aan de fotografie voorafgegaan en op zijn beurt weer de fotografie aan de film. Toch raakten deze kunstvormen door wederzijdse beïnvloeding tussen 1875 en 1918 in een innige verstrengeling. Terwijl in de films van D.W.Griffith de echo’s uit de negentiende eeuwse salonschilderkunst nog nagalmen, is in de futuristische schilderkunst weer duidelijk de invloed van nieuwe en snelle mediums als fotografie en film te zien. Tussen de schilderijen, die vaak grote afmetingen hebben, worden hier en daar beelden geprojecteerd uit oude films, zoals La Terre (1921) en Germinal (1913) naar romans van Emile Zola.

La Terre 1921
beeld uit La Terre (1921) van André Antoine,
een naturalistische film waarvan op de tentoonstelling een fragment te zien is

De tentoonstelling Illusie en werkelijkheid beperkt zich tot de naturalistische schilderkunst, een stroming die voortleeft in het sociaal-realisme van de twintigste eeuw. Zowel communisme en fascisme maakten gebruik van de idealisering van het dagelijks leven van arbeiders en boeren. In het naturalisme worden arbeiders en boeren verheven tot working class hero.

Met afbeeldingen van de barre levensomstandigheden van boeren en arbeiders werd het gewone volk voor het eerst tot een belangrijk onderwerp in de kunst verheven.

Op de catalogus en de affiche van Illusie en werkelijkheid staat een bekend schilderij afgebeeld van de Amerikaanse schilder Thomas Anshutz dat ook op deze expositie aanwezig is. In dit schilderij wordt een verband gelegd tussen het klassieke heroïsche naakt en de fabrieksarbeider.

Thomas Anshutz
Thomas Anshutz
middagpauze van de metaalarbeiders, 1880

Illusie en werkelijkheid laat zien dat we ons beeld van de late negentiende eeuw aan het bijstellen zijn. Er wordt al minder met een twintigste eeuwse blik naar deze periode gekeken. In de canon die in de tweede helft van de twintigste eeuw dominant was, kwam het naturalisme eigenlijk niet meer voor. Het laatste kwart van de negentiende eeuw werd vooral geïnterpreteerd als het voorspel op de moderne kunst. Na impressionisme, symbolisme en expressionisme, brak na 1900 een puist van ismen open. De naturalistische schilders en de salonschilders werden door het modernisme afgestraft, omdat ze haaks stonden op de moderne opvatting over kunst. Terwijl we onder het impressionisme en expressionisme namen als Monet en Van Gogh tegenkomen, zijn er onder de naturalistische schilders nauwelijks schilders van naam te vinden. Van alle schilders die op deze tentoonstelling zijn vertegenwoordigd, kende ik alleen werk van Thomas Anshutz en Fritz von Uhde. De schilders Albert Edelfelt en Eugène Buland zijn helemaal nieuw voor mij.

Albert Edelfelt
Albert Edelfelt
overtocht van de kist met het dode kind, 1879
met dit schilderij won Edelfelt de derde prijs op de Salon van 1880

vertegenwoordigde schilders op deze tentoonstelling
Jules-Alexis Muenier, Peter Henry Emerson, Jules Bastien-Lepage, István Csók,Akseli Gallen-Kallela, Raphaël Freida, George Clausen, Emile Claus, Léon Lhermitte, Albert Edelfelt, Eero Järnevelt, Nikolaj, Kasatkin, Félix Thiollier, Sergej Ivanov, Christian Krohg, Károly Ferenczy, Albert Bettanier, Jean Geoffroy, Thomas Anshutz, Eduard Joseph Dantan, Eduard Kaiser, Jules Adler, Hubert von Herkomer, László Pataky, Eugène Buland, Henry Royer, Aimé-Nicolas Morot en Charles Sprague Pearce.

Eugène Buland
Eugène Buland
Bezoek aan de maagd van Bénodet, 1898
Eind negentiende eeuw ontpopte het naturalisme zich tot een razend populaire kunststroming. De zo realistisch mogelijke weergave van het echte leven die naturalistische werken typeert, sprak een breed publiek aan. Met afbeeldingen van de barre levensomstandigheden van boeren en arbeiders werd het gewone volk voor het eerst tot een belangrijk onderwerp in de kunst verheven. Naturalistische kunst hing dan ook op plekken waar iedereen toegang toe had, terwijl daarvoor kunst alleen voor de elite toegankelijk was. Hoewel de stroming van grote invloed is geweest op met name vroege cinema en fotografie is ze onder het hedendaagse kunstpubliek relatief onbekend gebleven. En dat terwijl het naturalisme met haar multidisciplinaire karakter en betoonde engagement onverminderd actueel te noemen valt.
 
Bron: net-echt.info
Eugène Buland
Eugène Buland propagandascene 1889
Eugène Buland
propagandascene 1889 (detail)

Het naturalisme in de schilderkunst had betrekking op onderwerpen uit het dagelijks leven van de gewone mens. Kunstenaars trachtten de werkelijkheid zo dicht mogelijk te benaderen en maakten veelvuldig gebruik van fotografie. De composities, soms in opdracht van de overheid, werden geplaatst in musea en openbare ruimten zoals stadhuizen en scholen. Maar werden ook geëxposeerd op de Salon en meerdere Wereldtentoonstellingen. De centrale thema’s binnen het naturalisme zijn onder meer arbeid (op het land, de stad en in de industrie), religie en jeugd. De schilders namen vaak eenvoudige boeren als onderwerp of het harde leven van de arbeiders in de steden. De stijl van schilderen was bijzonder gedetailleerd en de werken lijken haast momentopnamen uit het echte leven. De onderwerpen op deze schilderijen waren echter zorgvuldig gecomponeerd en bedoeld om een verhaal, al dan niet met een moralistische boodschap, over te brengen. Vaak waren het dezelfde thema’s die de schrijver Emile Zola in zijn naturalistische romans en toneelstukken al had beschreven. (Bron: vangoghmuseum.nl)

Germinal 1913
still uit Germinal (1913) van Albert Capellani, een verfilming van de roman van Emile Zola

Illusie en werkelijkheid [ vangoghmuseum.nl ]

maandag 1 november 2010
wintertijd
sinds gisteren valt de avond een uur vroeger
wintertijd
Arnhem, 31 oktober 2010
woensdag 6 oktober 2010
geestverschijningen [ 3 ]
kijken naar 19e eeuwse portretfoto’s bij kaarslicht
vandaag Alfred Gwynne Vanderbilt (1877-1915)

We zijn zo gewend geraakt aan fotografie, dat we de magie van het medium bijna vergeten zijn. Want eigenlijk is fotografie optische tovenarij. De massacultuur heeft de oorspronkelijke betovering van de fotografie laten verdwijnen. Sommige foto’s kan ik nog steeds ‘betoverend’ vinden, maar meestal betekent dat gewoon ‘heel erg mooi’. Zelden komt het voor dat ik door een foto als door de bliksem getroffen word, zoals 170 jaar geleden, toen de mens met de eerste foto’s werd geconfronteerd. Om weer ontvankelijk te worden voor de oorspronkelijke betovering van de foto, bekijk ik de laatste tijd als dagafsluiting een 19e eeuwse portretfoto bij kaarslicht. Zolang het geen spiritisme wordt, kan de betovering mij eigenlijk niet ver genoeg gaan!

alfred_vanderbilt
Alfred Gwynne Vanderbilt 1907
Hij stierf in 1915 met het torpederen van de Lusitania door de Duitse onderzeeboot U-20
Alfred Gwynne Vanderbilt I was de derde zoon van Cornelius Vanderbilt II (1843–1899) and Alice Claypoole Gwynne (1845–1934) en studeerde aan de Yale-universiteit. Toen zijn oudste broer William Henry Vanderbilt II voortijdig op 22 -jarige leeftijd was overleden en de daarop volgende broer Cornelius Vanderbilt III door zijn vader was onterfd, ontving hij het grootste deel van diens erfenis toen die in 1899 overleed. In de vele geërfde holdings zaten spoorwegbelangen als de New York Central Railroad, Beech Creek Railroad, Lake Shore and Michigan Southern Railway, Michigan Central Railroad en de Pittsburgh and Lake Erie Railroad alsmede de Pullman Company.
 
Hij kwam om bij de Duitse torpedering van het schip de RMS Lusitania, toen hij op reis was om aan het Rode Kruis enige ambulance-auto’s aan te bieden en er ook zelf een te gaan rijden. Volgens een aantal getuigen hielp hij met het in de reddingsboten brengen van de passagiers en stond hij zijn reddingsvest af aan een vrouw met kind. Andere reddingsvesten waren er niet meer en de zwemkunst was hij niet machtig, zodat hij met het schip ten onder ging.
 
Bron: nl.wikipedia.org

old-photos.blogspot.com

dinsdag 28 september 2010
like a virgin [ 2 ]
the silent innocents

Het beeld van devotie en maagdelijkheid kunnen we tegenwoordig moeilijk nog zonder ironie bekijken. Maar bijna honderd jaar geleden werden vrouwelijke filmsterren vaak nog afgebeeld met een zalvende blik alsof ze voor een negentiende eeuws bidprentje model moesten staan. Dergelijke poses komen nu Middeleeuws of vals over. Hier trappen we dus niet meer in. Alleen vanuit een kinderlijke onschuld zouden onderstaande prenten nog zonder spot en ongeloof verteerd kunnen worden.

virgins
boven driemaal Lilian Gish, onder: Marguerite Clark, Mary Miles Minter en Blanche Sweet

silentladies.com

like a virgin [ 1 ]
the silent innocents

Mary PickfordPlaatjes van filmsterren tot 1920 lijken soms op bidprentjes. Mary Pickford, de eerste filmster van Amerika was wereldberoemd door haar imago van het schattige meisje, ofschoon ze een jonge vrouw was. In een van haar ontelbare fotoshoots werd ze geportretteerd met witte leliën der onschuld, met een kuis gesloten mondje en een devote blik omhooggericht. Britney Spears zou lang na de seksuele revolutie nog maagdelijkheid veinzen, als publiciteitsstunt en als anachronisme. Het beeld van de mooie jonge maagd lijkt zijn geloofwaardigheid voorgoed verloren te hebben. Maar in het tijdperk van de stomme film werd er nog in geloofd, of deed men zijn best om er nog in te geloven. Zoals de foto’s van de zogenaamde ‘silent innocents‘ op silentladies.com laten zien.

virgins
twintig ’silent innocents’

silentladies.com

zondag 19 september 2010
my favourite things [ 17 ]
lang leve de zwart-witfilm!
afgelopen week gezien op Arte : Casablanca (1942)

De filmcritici van het American Film Institute kozen Casablanca (1942) na Citizen Kane (1941) in 1998 als de beste Amerikaanse film van de twintigste eeuw. The Godfather (1972) kwam op een derde plaats. In de top 250 van The Internet Movie Database en moviemeter.nl voeren The Shawschank Redemption (1992) en The Godfather (1972) de lijst aan. In Nederland komen Citizen Kane en Casablanca bij het grote publiek niet hoger dan een 181e en 69e plaats. In Amerika is dat resp. een 37e en 16e plaats. Zwart-witfilms scoren nu eenmaal lager dan kleurenfilms en natuurlijk speelt daarbij de gedateerdheid een rol. Meestal is ‘zwart-wit’ synoniem met ‘belegen’. Gelukkig dat filmcritici hier anders over denken en Casablanca en Citizen Kane een ereplaats in de filmgeschiedenis geven.

casablanca
Humphrey Bogart en Ingrid Bergman in Casablanca

Ook als het om niet-Amerikaanse films gaat, scoren zwart-witfilms hoog bij filmcritici. Velen beschouwen zelfs de Russische film The Battleship Potemkin (1925) als de beste film ooit gemaakt. In mijn persoonlijke film top 100 zou ik films van vóór 1960 hoog noteren: The Maltese Falcon (1941), The Big Sleep (1946), Ladri di biciclette (1947), The Third Man (1949), Touch of Evil (1958), Ascenseur pour l’Échafaud (1958) en Some like it hot (1959) om er een paar te noemen. Allemaal zwart-wit en alles behalve saai. En de fotografie en de belichting zijn vaak om je vingers bij af te likken.

my other favourite things

maandag 6 september 2010
de derde man
gisteren gezien op DVD: The Third Man (1949)

Iedere keer als ik deze klassieker van Carol Reed zie, is het een genot om naar de fraaie zwart-witfotografie van Robert Krasker te kijken. Vooral de scenes in de donkere straten van Wenen blijven bij: door de regen glanzende klinkers in het schijnsel van lantaarnpalen, hier en daar doorsneden door een scherpe diagonale schaduw. Terecht won Krasker een oscar voor de cinematografie.

stills uit the third man
stills uit The Third Man 1949
stijlmiddelen als scherpe contrasten, schaduwen en diagonalen maken deze film duidelijk schatplichtig aan de expressionistische film
The atmospheric use of black-and-white expressionist cinematography by Robert Krasker, with harsh lighting and distorted camera angles, is a key feature of The Third Man. Combined with the unique theme music, seedy locations, and acclaimed performances from the cast, the style evokes the atmosphere of an exhausted, cynical post-war Vienna at the start of the Cold War. The film’s unusual camera angles, however, were not appreciated by all critics at the time. C. A. Lejeune in The Observer described Reed’s “habit of printing his scenes askew, with floors sloping at a diagonal and close-ups deliriously tilted” as “most distracting". American director William Wyler, a close friend of Reed’s, sent him a spirit level, with a note saying, “Carol, next time you make a picture, just put it on top of the camera, will you?”
 
Bron: en.wikipedia.org
Alida Valli
Alida Valli speelt naast Joseph Cotton de hoofdrol in The Third Man

The Third Man [ W & V ]

woensdag 25 augustus 2010
geestverschijningen [ 2 ]
kijken naar 19e eeuwse portretfoto’s bij kaarslicht
vandaag is het de 110e sterfdag van Friedrich Nietzsche

We zijn zo gewend geraakt aan fotografie, dat we de magie van het medium bijna vergeten zijn. Want eigenlijk is fotografie optische tovenarij. De massacultuur heeft de oorspronkelijke betovering van de fotografie laten verdwijnen. Sommige foto’s kan ik nog steeds ‘betoverend’ vinden, maar meestal betekent dat gewoon ‘heel erg mooi’. Zelden komt het voor dat ik door een foto als door de bliksem getroffen word, zoals 170 jaar geleden, toen de mens met de eerste foto’s werd geconfronteerd. Om weer ontvankelijk te worden voor de oorspronkelijke betovering van de foto, bekijk ik de laatste tijd als dagafsluiting een 19e eeuwse portretfoto bij kaarslicht. Zolang het geen spiritisme wordt, kan de betovering mij eigenlijk niet ver genoeg gaan!

Nietzsche, Olde
Friedrich Nietzsche Weimar, 1899

Friedrich Nietzsche kreeg op 3 januari 1889 in Turijn een geestelijke inzinking waar hij tot aan zijn dood op 25 augustus 1900 in zou blijven. Zijn zuster Elisabeth haalde haar inmiddels beroemde broer in 1897 naar haar huis in Weimar en etaleerde hem als een “martelaar van de geest". Een jaar voor zijn dood maakte Hans Olde een beroemde fotosessie van de zieltogende filosoof. Voor de liefhebbers: Ga eens googlen op “nietzsche olde” en kies images.
 

Nietzsche, Olde
Friedrich Nietzsche op Google Images

Nietzsche in Weimar [ youtube.com ]

maandag 23 augustus 2010
geestverschijningen [ 1 ]
kijken naar 19e eeuwse portretfoto’s bij kaarslicht

We zijn zo gewend geraakt aan fotografie, dat we de magie van het medium bijna vergeten zijn. Want eigenlijk is fotografie optische tovenarij. De massacultuur heeft de oorspronkelijke betovering van de fotografie laten verdwijnen. Sommige foto’s kan ik nog steeds ‘betoverend’ vinden, maar meestal betekent dat gewoon ‘heel erg mooi’. Zelden komt het voor dat ik door een foto als door de bliksem getroffen word, zoals 170 jaar geleden, toen de mens met de eerste foto’s werd geconfronteerd. Om weer ontvankelijk te worden voor de oorspronkelijke betovering van de foto, bekijk ik de laatste tijd als dagafsluiting een 19e eeuwse portretfoto bij kaarslicht. Zolang het geen spiritisme wordt, kan de betovering mij eigenlijk niet ver genoeg gaan!

Het fenomeen fotografie, die de wereld in een merkwaardige verdubbeling laat verschijnen, kwam met onderstaande foto in 1839 niet zomaar uit de lucht gevallen. Spiegeling was natuurlijk niets nieuws, maar ‘het vangen’ van die spiegeling was altijd een moeizaam karwei geweest. Al een paar honderd jaar experimenteerden schilders met de camera obscura, een kast met een lens aan de ene en een mat doorschijnend oppervlak aan de andere zijde, waarop ondersteboven een verdubbeling van de zichtbare wereld kon verschijnen.

Louis-Jacques-Mandé Daguerre, 1839
Boulevard du Temple Parijs 1839
door Louis-Jacques-Mandé Daguerre

Johannes Vermeer had zonder de hulp van zijn camera obscura nooit zulke betoverende interieurs kunnen schilderen. Zijn schilderijen hebben dezelfde onverdeelde aandacht als een foto. En alles verschijnt in hetzelfde licht, waarin de details hun eenheid vinden. Vermeer was niet de eerste met een dergelijke objectieve registratie. Rond 1440 ’spiegelden’ Jan van Eyck en Rogier van der Weyden al met een onverbiddelijk oog voor detail. Geen enkel detail wordt bij hen boven het andere verheven. Overal vind je dezelfde scherpte. Maar hierdoor wordt de ruimtelijke illusie gedeeltelijk weer opgeheven. Johannes VermeerDoordat Vermeer niet alle details gelijke aandacht geeft en speelt met de scherptediepte, beantwoordt hij meer aan onze zienswijze dan de Vlaamse Primitieven. Onze blik is altijd ergens op gevestigd en in het brandpunt van de aandacht stelt de lens zich op scherp. In de illusionistische schilderkunst wordt veel van dit principe gebruik gemaakt en door het spelen met de focus wordt ook de spiegeling overtuigender. Aan het begin van de 19e eeuw heeft de schilderkunst zich zodanig ontwikkeld dat ze rond 1840 in de fotografie lijkt over te vloeien. In de twintiger jaren van de 19e eeuw heeft Niepcé de projectie van de camera obscura eindelijk op een gevoelige plaat weten vast te leggen en in 1839 heeft Daguerre het chemische procedé zodanig ontwikkeld dat er gedetailleerde afdrukken mogelijk zijn.

The Ladder 1843
een van de 24 platen uit The Pencil of Nature
van William Henry Fox Talbot

De magie van een foto is misschien het sterkste bij de geboorte in de donkere kraamkamer in het rode licht, op het moment dat het lichtgevoelige papier in het ontwikkelbad wordt ondergedompeld. Het verschijnen van het beeld is hét magische moment en in het fixeerbad wordt dit magische moment vastgelegd. In 19e eeuwse foto’s is deze magie voor mij het meest voelbaar en hoe dichter ik bij de oorsprong van de fotografie kom, hoe sterker de magie voor mij gaat werken. Het gaat juist niet om een perfecte afdruk, maar om de verschijning zélf. Misschien werkt deze nog sterker als een rauw beeld vol krassen en vochtvlekken, waarin we een verschijning kunnen zien. Daar ligt de betovering van de fotografie, in het zichtbaar maken van de werkelijkheid die volgens Plato buiten de grot ligt waarin ons bestaan zich afspeelt.

Robert Cornelius 1839
Robert Cornelius 1839
de eerste mens die ooit gefotografeerd is, komt tevoorschijn als prehistorisch beeld in een grot

In de foto wordt het leven stilgezet om het eens goed te kunnen bekijken. Kunnen we het leven zélf, als “Continuüm van Verandering", eigenlijk wel waarnemen? Nemen we eigenlijk niet alleen beelden waar, beelden die voortdurend in elkaar overlopen? En geldt dat in de eerste en de laatste plaats ook niet voor ons zelfbeeld? Waarom zijn we bij groepsfoto’s altijd zo geïnteresseerd in hoe we er zélf op staan? En zijn we vaak nieuwsgierig naar de foto van een bekende op zijn identiteitskaart als we deze persoon live kunnen zien? Blijkbaar hebben we bevroren beelden nodig om ‘een beeld’ te vormen van wie we zijn. En juist dát heeft de foto ons te bieden. De beeldenstroom die ons onophoudelijk overspoelt, wordt in een foto stopgezet en door dat ene beeld, dat ene gezicht van onszelf of van de ander, kunnen we even tot rust komen en misschien wel op het spoor komen van wie we zélf zijn.

oude foto's
portretten uit Rolfe’s Portrait Studio 1860’s
Charles Lucy (1814-1873), historieschilder
George Thomas Doo (1800-1886), graveur
George Henry Vansittart (1823-1885), politicus
De fotograaf Alexander Frederick Rolfe was oorspronkelijk kunstschilder die het nieuwe medium had ontdekt, zoals talloze kunstenaars halverwege de negentiende eeuw

Ook hier vind ik foto’s uit de 19e eeuw interessant. Door de lange sluitertijden waarmee men toen nog moest werken, mocht degene die gefotografeerd wilde worden, zich niet bewegen. Je moest dus een houding aannemen en je daarna niet meer verroeren. Dat was men toen ook gewend. Voor een geschilderd portret waren meestal lange en meerdere sessies nodig. Meestal gaf de schilder advies over de houding die moest worden aangenomen, want uiteindelijk bepaalde hij hoe het portret eruit zou komen te zien. De eerste portretfotografen waren zélf vaak portretschilder geweest en gingen precies zo te werk. Dat kun je nog duidelijk zien aan portretfoto’s uit het midden van de 19e eeuw. Niet alleen werden dezelfde attributen (een pilaar of een gordijn op de achtergrond) gebruikt als in het geschilderde portret, maar ook de compositie, belichting en de pose zijn aan de schilderkunst ontleend. De fotografie bevond zich in de negentiende eeuw nog helemaal in het domein van de schilderkunst. Pas aan het einde van de negentiende eeuw wanneer de belichtingstijden korter zijn geworden, worden ook de houdingen losser en tenslotte gaat de fotografie zélf loskomen van zijn oorsprong, de schilderkunst.

photo-sleuth.blogspot.com

donderdag 19 augustus 2010
the age of optimism
portret van Isambard Kingdom Brunel (1806-1859)
door Robert Howlett (1831-1858)

De fotograaf en pionier van de fotojournalistiek Robert Howlett is vooral bekend geworden door de fotoreportage die hij in opdracht van The Times in 1857 maakte van de bouw van het reusachtige stoomschip The SS Great Eastern. De bekendste foto uit deze reportage is het portret van de Engelse ingenieur Isambard Kingdom Brunel die voor een ankerketting met monsterachtig grote schakels staat.

Isambard Kingdom Brunel door Robert Howlett
het beroemde portret dat Howlett van Brunel maakte in 1857, resp. 1 en 2 jaar voor hun dood

Het is een archetypisch en paradoxaal beeld: we zien het cliché van de directeur met hoge hoed en dikke sigaar. Deze man is hier duidelijk de baas. De moderne techniek vergroot zijn macht tot bovenmenselijke proporties. Toch blijft hij zélf mens en wordt zijn eigen nietigheid benadrukt door de reusachtige ketting. Deze foto uit 1857 wordt wel eens het eerste moderne portret genoemd en de moderne tijd met de paradox van de techniek is hier aangebroken. In de periode 1850-1880 die als The Age of Optimism bekend is, nam het zelfvertrouwen van de mens enorm toe en dacht men de wereld te beheersen.

Tegelijkertijd vond juist in deze periode de pessimistische filosofie van Arthur Schopenhauer weerklank: Schopenhauer stelde in Die Welt als Wille und Vorstellung dat de wereld in wezen beheerst wordt door de duistere kracht van de ‘wereldwil’. In Howlett’s portret van Brunel visualiseert de ketting op de achtergrond deze onontkoombare oerkracht. Je kunt ook de radicaal Darwinistische opvatting van Richard Dawkins in deze foto weerspiegeld zien: Dawkins beweert dat het leven een zinloze reproductie van aminozuurketens is, waar de mens zélf een uitdrukking van is.

Great Eastern
Robert Howlett werf Great Eastern, 1857
The SS Great Eastern (1858-1883) was met een lengte van 211 meter het grootste stoomschip (met zeilen) van de negentiende eeuw

Robert HowlettRobert Howlett’s major work was the commission by The Times (or Illustrated Times) to document the construction of the worlds largest steamship the SS Great Eastern. His images were translated into engravings for The Illustrated Times. They reflected and stimulated the widespread interest in this feat of engineering. This project included the well known portrait of the Great Eastern’s creator and engineer, Isambard Kingdom Brunel, standing in front of the giant launching chains on the ‘checking drum’ braking mechanism at John Scott Russell’s Millwall shipyard. It was taken to celebrate the launch of the world’s largest steamship, in November 1857. This image, which depicts Brunel in an industrial setting instead of a more traditional background for a portrait, has been described as one of the first examples of environmental portraiture.
Bron: en.wikipedia.org

postzegels Isambard Kingdom Brunel
Het caraïbische eiland Nevis gaf in 1985 deze postzegel uit van Brunel met de door hem ontworpen Royal Albert Bridge ter gelegenheid van het 150-jarige bestaan van de Great Western Railway

Seven wonders of the industrial world [ BBC ] | brunel200.com

woensdag 18 augustus 2010
moderne visie anno 1843
portretten van de Deense beeldhouwer Bertel Thorvaldsen
door Friedrich W. von Schadow, Carl J. Begas en Friedrich Amerling

Eenvoudige, intieme en ijverig geschilderde Biedermeier portretten kunnen mij soms erg raken. Het portret van de Deense beeldhouwer Bertel Thorvaldsen door de Oostenrijkse schilder Friedrich Amerling (rechtsonder) is een prachtig voorbeeld van zo’n Biedermeier portret. Amerling schilderde de 73-jarige beeldhouwer in 1843, een jaar voor zijn dood, toen de fotografie nog in de kinderschoenen stond. Het portret ademt iets van een Daguerreotypie waarbij de geportretteerde in een bevroren houding de lange sluitertijd trotseert. Het is een droge, maar zeer nauwkeurige registratie.

Thorvaldsen
Bertel Thorvaldsen door Carl Joseph Begas (1794-1854) en Friedrich Amerling (1803-1887) in resp. 1820 en 1843

Wanneer je Amerlings portret vergelijkt met een ander portret van Thorvaldsen, dat ongeveer 23 jaar eerder geschilderd werd door Carl Joseph Begas (linksboven), zie je een heel andere visie. Begas presenteert zijn model hier in een 16e eeuwse setting die associaties oproept met portretten van oude Duitse meesters. Nog een ander portret van Thorvaldsen is geschilderd door Friedrich Wilhelm von Schadow (onder). In 1816 beeldde hij zichzelf af samen met zijn broer Rudolph en de beroemde beeldhouwer. Ook zijn visie is historisch bepaald. Maar het portret van Amerling is eigentijds en loopt vooruit op de objectiviteit, die door de fotografie gerepresenteerd wordt.

Thorvaldsen
Bertel Thorvaldsen (midden) door Friedrich Wilhelm von Schadow (1789-1862) in 1816

Friedrich von Amerling [ nl.wikipedia.org ]

vrijdag 23 juli 2010
Bayern - Italien [ 2 ]
drie weken geleden reisden we door de Alpen naar Venetië

Via Claudia AugustaDe Via Claudia Augusta loopt van Augsburg naar Venetië over een lengte van 600 kilometer. De ontelbare kunstenaars die sinds de zestiende eeuw vanuit het Noorden hun Grand Tour naar Italië maakten, moeten deze route gevolgd hebben. Bovendien nog talloze diplomaten en handelsreizigers. De koopman uit Würzburg bijvoorbeeld die voor prins-bisschop Karl Philip von Greiffenklau contact moest leggen met de frescoschilder Giovanni Battista Tiepolo. Omdat we onze reis naar Venetië in Würzburg waren begonnen, reisde ik in gedachten met hem mee, terwijl ik mij probeerde voor te stellen hoe die reis in 1750 moet zijn geweest. Veel kunstenaars en schrijvers hielden een dagboek bij van hun reis naar het Zuiden. Zo heeft Goethe een beroemd verslag geschreven over zijn Grand Tour, die hij begon in september 1786. Wij volgden Goethe’s reis per postiljon naar Venetië in omgekeerde volgorde op de terugweg: Padua, Vicenza, Verona, Rovereto, Trento, de Brenner, Innsbruck, Mittenwald. Deze (gele) route valt ten dele samen met de Via Claudia Augusta. Heen volgden wij de (oranje) route: Augsburg, Füssen, Resschenpas, Merano, Bolzano, Trento, Vicenza, Venetië.

Goethe kwam op 28 september 1786 in Venetië aan. Het duurde nog elf jaar voordat Napoleon een einde maakte aan de onafhankelijkheid van de eens zo machtige republiek. De laatste doge van Venetië Ludovico Manin (1789-1797) kwam aan de macht toen er in Europa een nieuw tijdperk begon. Met het einde van de Republiek Venetië in 1797 ging een oude wereld verloren.

Venezia
met de klok mee: Chiesa San Barnaba, Rialto, Canal Grande en San Polo
Goethe in Venedig
Ich fand leicht den großen Kanal und die Hauptbrücke Rialto; sie besteht aus einem einzigen Bogen von weißem Marmor. Von oben herunter ist es eine große Ansicht, der Kanal gesäet voll Schiffe, die alles Bedürfnis vom festen Lande herbeiführen und hier hauptsächlich anlegen und ausladen, dazwischen wimmelt es von Gondeln. Besonders heute, als am Michaelisfeste, gab es einen Anblick wunderschön lebendig; doch um diesen einigermaßen darzustellen, muß ich etwas weiter ausholen.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
Venezia
het Canal Grande met de Maria della Salute
Goethe in Venedig
Die beiden Hauptteile von Venedig, welche der große Kanal trennt, werden durch die einzige Brücke Rialto miteinander verbunden, doch ist auch für mehrere Kommunikation gesorgt, welche in offenen Barken an bestimmten Überfahrtspunkten geschieht. Nun sah es heute sehr gut aus, als die wohlgekleideten, doch mit einem schwarzen Schleier bedeckten Frauen sich viele zusammen übersetzen ließen, um zu der Kirche des gefeierten Erzengels zu gelangen. Ich verließ die Brücke und begab mich an einen solchen Überfahrtspunkt, die Aussteigenden genau zu betrachten. Ich habe sehr schöne Gesichter und Gestalten darunter gefunden.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
Venezia
impressies, 6-7 juli 2010
Goethe in Venedig
Alles, was mich umgibt, ist würdig, ein großes respektables Werk versammelter Menschenkraft, ein herrliches Monument, nicht eines Gebieters, sondern eines Volks. Und wenn auch ihre Lagunen sich nach und nach ausfüllen, böse Dünste über dem Sumpfe schweben, ihr Handel geschwächt, ihre Macht gesunken ist, so wird die ganze Anlage der Republik und ihr Wesen nicht einen Augenblick dem Beobachter weniger ehrwürdig sein. Sie unterliegt der Zeit, wie alles, was ein erscheinendes Dasein hat.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
vrijdag 18 juni 2010
verloren onschuld
vanavond op Nederland 2 om 23.20 in Het uur van de Wolf
De naakte meisjes van fotograaf Jock Sturges

Jock SturgesWat David Hamilton in de jaren zeventig deed, lijkt tegenwoordig taboe. Hamilton smeerde vaseline aan de randen van de lens voor een dromerig effect. Nu moet je de hele lens met vaseline bedekken, achter matglas fotograferen of met Photoshop een flinke blur loslaten om niet achter te tralies te komen. Naakte kinderen en teenagers zijn niet onschuldig meer. De Amerikaanse fotograaf Jock Sturges weet daar alles van.

Sturges ziet met lede ogen aan hoe in de geglobaliseerde kunstwereld ‘veilige’ onderwerpen als oorlog en menselijk lijden voorrang krijgen boven de onschuldige schoonheid van het naakte lichaam.
In 1990 neemt de FBI al zijn werk in beslag en zit hij vast op verdenking van kinderporno. In deze documentaire geeft Sturges zichzelf bloot en ageert hij tegen de Amerikaanse moraal die naakt verwart met seksualiteit en die kwetsbaarheid en schoonheid gevaarlijker acht dan geweld. “We zien op elke straathoek een kindermisbruiker en kunnen de schoonheid niet meer accepteren. Die hebben we naar de modellen geschoven.” Jock Sturges is internationaal gezien een van de meest vooraanstaande portretfotografen, maar zijn werk roept controverse op vanwege het onderwerp. Sturges ziet met lede ogen aan hoe in de geglobaliseerde kunstwereld ‘veilige’ onderwerpen als oorlog en menselijk lijden voorrang krijgen boven de onschuldige schoonheid van het naakte lichaam. Dit in tegenstelling tot de iconografie van de schilderkunst, waar naakt al eeuwen staat voor onschuld. Deze documentaire stelt daarmee vragen over schoonheid, schaamte, seksualiteit en kunst.
 
Bron: nps.nl

Jock Sturges [ en.wikipedia.org ] | Misty Dawn, Sturges muze

woensdag 2 juni 2010
wie es eigentlich (gewesen) ist [ 2 ]
de inhuldiging van Friedrich Wilhelm IV van Pruisen
in Berlijn op 15 oktober 1840

In 1840 was de fotografie een jaar oud. Maar het zou nog decennia duren voordat er mensenmenigten gefotografeerd konden worden. Dus bleef het vastleggen van belangrijke openbare gebeurtenissen traditioneel de taak van de schilder. Bij staatsopdrachten moest de visie van de staat gerepresenteerd worden. Het officiële beeld dat de schilder moest creëren, was daarom bij voorbaat al staatspropaganda. Zeker in Pruisen tijdens de Restauratie toen er strenge censuur was ingesteld. Met de nieuwe koning Friedrich Wilhelm IV zou de censuur wel iets versoepeld worden, maar écht liberaal werd het beleid nog niet. Het beeld dat we hieronder zien, is daarom een staatsvisie.

inhuldiging
inhuldiging van Friedrich Wilhelm IV
schilderij van Paul Krüger

Franz Krüger was een van de officiële staatsschilders van Pruisen en produceerde gepolijste taferelen. Deze waren zeer bevredigend voor de negentiende eeuwse drang naar objectiviteit, maar in artistiek opzicht tonen ze nauwelijks expressie. Ook de Pruisische schilder Anton van Werner was zo’n objectiviteitsrakker. Hij is verantwoordelijk voor het officiële beeld van de proclamatie van het Duitse Keizerrijk in 1871.

inhuldiging
detail van de eretribune rechtsonder
v.l.n.r. Cornelius, Alexander von Humboldt, Tieck, Schelling, Rauch en de gebroeders Grimm

Nederland had een week eerder een nieuw staatshoofd gekregen: op 7 oktober 1840 werd koning Willem II in de Nieuwe Kerk in Amsterdam ingehuldigd. Het inhuldigingsfeest vol pracht en praal moest vooral voor de Russische delegatie verhullen dat Amsterdam in 1840 in werkelijkheid een verpauperde stad was. Het schilderij van de inhuldiging toont daar natuurlijk niets van. In tegenstelling tot de openbare inhuldiging in Berlijn, blijft Willem II veilig binnen, waar de armoede op straat niet zichtbaar is.

inhuldiging
inhuldiging van Willem II op 7 oktober 1840 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam

Friedrich Wilhelm IVIn de jaren veertig begon de fotografie de portretschilderkunst langzaam te verdringen. Van de meeste beroemdheden geboren aan het einde van de achttiende eeuw zijn er op latere leeftijd daguerreotypes gemaakt. Zo ook van Friedrich Wilhelm IV (1795-1861) in 1847. Willem II (1792-1849) heeft blijkbaar nooit voor de camera geposeerd. Hij stierf in 1849 en in Nederland was de fotografie toen nog niet echt doorgedrongen. Zijn weduwe Anna Palowna liet zich na zijn dood wel fotograferen.

Wie es eigentlich (gewesen) ist [ 1 ]

zondag 2 mei 2010
naar het licht & door het licht
In atmosferisch licht Picturalisme in de Nederlandse fotografie 1890-1925
Rembrandthuis Amsterdam, tot 20 juni 2010
Het picturalisme is in de decennia rond 1900 de eerste internationale artistieke beweging die de fotografie beleefde. De term picturalisme komt van pictorial, schilderachtig, wat vooral betrekking had op de foto’s en niet op de fotografen. Pas later werd picturalisme ook toegepast op de makers, de picturalisten. Meer dan een stijl, kan picturalisme worden gedefinieerd als het streven om van fotografie kunst te maken. De picturalisten onderhielden een levendig internationaal netwerk. Dit gebeurde via clubs, verenigingen, tijdschriften en vakliteratuur die werd vertaald en verspreid en daarnaast door tentoonstellingen en ‘salons’. De fotografen ontmoetten elkaar in het buitenland op tentoonstellingen en hielden schriftelijk contact. Niet alleen bereikten de picturalisten dat fotografie voor het eerst op de erkende kunstpodia verscheen, maar zij profileerden tevens de ‘verbeeldende’ fotografie als tegenovergestelde van de meer wetenschappelijke of instrumentele ‘straight’ fotografie. Een tweedeling die tot op de dag van vandaag in de fotografie voelbaar is.
 
Bron: rembrandthuis.nl
Bernard Eilers
Bernard F. Eilers Amsterdam 1901
Zóó moet men Rembrandt zien
“Rembrandt was een fotograaf; hij schilderde met ‘licht’, zelfs de factuur der schildering bewijst mij steeds zijn behoefte om alles met een magisch licht te omweven, maar ook de geheele compositie is als het ware, van uit de duisternis geboord naar het licht; door het licht. Zóó moet men Rembrandt zien.”
Bernard F. Eilers
maandag 26 april 2010
het betoverde oog
tentoonstelling het betoverde oog van Thijn van de Ven
Museum Elisabeth Weeshuis te Culemborg, 27 april t/m 9 mei 2010
U bent van harte uitgenodigd om (…) fotograaf/kunstenaar Thijn van de Ven aan het werk te zien in een tweekamer setting: een Lichte Kamer, het Vermeer-interieur en een Donkere Kamer, de Camera Obscura. Thijn van de Ven is al vele jaren gefascineerd door de schilderijen van Johannes Vermeer en de voor hedendaagse ogen ‘fotografische look’ van Vermeers schilderkunst. Wat Van de Ven drijft is de liefde voor Vermeer en zijn artistieke zoektocht naar het licht; om met oude en moderne media een eigen draai te geven aan de visie van Vermeer. Op een speelse manier werkt Van de Ven met theater, licht, optica, projecties en schilderkunst/fotografie. De ‘Vermeer-weken’ zullen plaatsvinden van 27 april t/m 9 mei 2010. Tevens wordt een korte film opgenomen in de setting van de Muziekles van Vermeer. Op zondag 2 mei verzorgt VJ Martijn Grootendorst een optreden waarin moderne lichtprojecties en muziek een dialoog aangaan met het licht van Vermeer.
 
Bron: museumculemborg.nl
Het betoverde oog
foto van Thijn van de Ven naar de muziekles (ca. 1662-1664) van Johannes Vermeer

museumculemborg.nl

zondag 18 april 2010
Amerikaanse Burgeroorlog [ 8 ]
foto’s van de Amerikaanse Burgeroorlog

Roger Fenton was de eerste oorlogsfotogaaf uit de geschiedenis en zijn naam is voor altijd verbonden met de Krimoorlog (1853-1856). Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865) had de fotografie zich verder ontwikkeld en Matthew Brady kon al een kortere sluitertijd gebruiken dan zijn collega Fenton tien jaar eerder. Toch waren actiefoto’s nog steeds niet mogelijk. Brady’s oorlogsfoto’s zijn dan ook vooral foto’s van slagvelden bezaaid met lijken of van geduldig poserende mannen.

civil war
A regimental fife-and-drum corps 111-B-328
civil war
Amputation being performed in a hospital tent, Gettysburg July 1863. 79-T-2265
civil war
U.S.S. St. Louis first Eads ironclad gunboat, renamed the Baron de Kalb in October 1862. 165-C-630

Overigens was de Amerikaanse Burgeroorlog niet de eerste oorlog op Amerikaanse bodem die gefotografeerd is. Vijftien jaar daarvoor vochten Amerika en Mexico de Mexican-American War (1846-1848) uit en daar zijn nog enkele vroege foto’s, zogeheten daguerreotypes van overgebleven, maar de fotografen zijn anoniem gebleven.

civilwarphotos.net | de Amerikaanse Burgeroorlog in foto’s

vrijdag 2 april 2010
Old Amsterdam
De eerste foto’s van Amsterdam 1845-1875
Stadsarchief Amsterdam 2 april tot 27 juni 2010

Een paar jaar geleden schreef ik hier iets over de Amsterdamse stadsfotografen Jacob Olie en Johannes Leendert Scherpenisse die de stad zo’n honderd jaar geleden op de gevoelige plaat vastlegden. Met de tenstoonstelling De eerste foto’s van Amsterdam 1845-1875, die vandaag opent in het Stadsarchief Amsterdam, keren we nog eens een halve eeuw verder terug in de tijd. De vijftien foto’s die de Engelse landschapsfotograaf Benjamin Brecknell Turner in 1857 van onze hoofdstad maakte, vormen het hart van deze tentoonstelling.

Singel bij Lutherse kerk 1857
Singel bij Lutherse kerk 1857
in 1857 barstte het van de bedrijvigheid in Amsterdam, maar op de foto’s van Benjamin Brecknell Turner is de stad uitgestorven

Anders dan de opnamen van Olie en Scherpenisse tonen zijn beelden een ontvolkte hoofdstad. Dat had te maken met de sluitertijd die in die dagen van enkele minuten soms wel kon oplopen tot een half uur. Weg mensen, een enkele honkvaste bedelaar of schoenpoetser daargelaten. In het kader van deze tentoonstelling zijn in het centrum grote reproducties van zijn foto’s geplaatst waarlangs een wandeling is uitgezet. Deze is ook online te volgen

Het Stadsarchief Amsterdam organiseert van 2 april t/m 27 juni 2010 de tentoonstelling ‘De eerste foto’s van Amsterdam 1845-1875’. Uit eigen bezit en collecties in binnen- en buitenland is het mooiste wat er uit deze periode bewaard is gebleven bij elkaar gebracht. De tentoonstelling geeft een breed overzicht van de erfenis aan foto’s die in het derde kwart van de negentiende eeuw van Amsterdam zijn gemaakt. De tentoonstelling is het resultaat van jarenlang onderzoek en het is voor het eerst dat de opnamen als een ‘ensemble’ worden gepresenteerd. Niet eerder is de relatie tussen het ‘nieuwe medium’ fotografie en de topografische werkelijkheid op deze wijze aan de orde gesteld.
 
Bron: stadsarchief.amsterdam.nl

Uitzicht op Muntsluis. Rechts: ingang Reguliersbreestraat. Rechthebbende: Rijksmuseum AmsterdamEduard Isaac Asser
De eerste foto’s van Amsterdam zijn waarschijnlijk omstreeks 1840 gemaakt, kort na de ‘ontdekking van de fotografie’ in 1839 van de Fransman Louis Daguerre. Helaas zijn deze mysterieuze opnames niet bewaard gebleven. De oudste foto’s van Amsterdam dateren uit 1845: het zijn beelden van de Reguliersbreestraat en het logement Rondeel (waar nu Hotel L’Europe staat), gemaakt door de Amsterdamse advocaat en fotograaf Eduard Isaac Asser.
Bron: amsterdam.nl

stadsarchief.amsterdam.nl

donderdag 4 februari 2010
nét echt !
met Michaela gezien in Cinemec (Ede): Avatar (2009)

De eerste vertoningen in januari 1896 L’Arrivée d’un train en gare de La Ciotat van Auguste and Louis Lumière waren een sensatie. Film was in die dagen een kermisattractie en ook al duurden de levende beelden meestal niet langer dan een minuut, de toeschouwers werden er compleet door overrompeld. Op het moment dat de trein de zaal leek in te rijden, kreeg het publiek zijn adrenalineshot. Wanneer ik het filmpje van de gebroeders Lumière nu bekijk, kan ik mij moeilijk voorstellen wat voor een sensatie dit moet zijn geweest voor het bioscooppubliek 114 jaar geleden.


L’Arrivée d’un train en gare de La Ciotat, 1895

De sensatie die onze voorouders voelden bij de levende beelden kunnen wij ook nu weer beleven. We hebben alleen een nieuw medium nodig om weer te kunnen ervaren hoe nieuw het oude medium film ooit was. Nu is 3D-film ook allang geen nieuw medium meer. De gebroeders Lumière hadden de aankomst van de trein in 1895 al stereoscopisch willen filmen en deden dat in 1935 :

What most film histories leave out is that the Lumière Brothers were trying to achieve a 3D image even prior to this first-ever public exhibition of motion pictures. Louis Lumière eventually re-shot L’Arrivée d’un Train with a stereoscopic film camera and exhibited it (along with a series of other 3D shorts) at a 1935 meeting of the French Academy of Science. Given the contradictory accounts that plague early cinema and pre-cinema accounts, it’s plausible that early cinema historians conflated the audience reactions at these separate screenings of L’Arrivée d’un Train. The intense audience reaction fits better with the latter exhibition, when the train apparently was actually coming out of the screen at the audience. But due to the fact that 3D film never took off commercially as conventional 2D did, including such details would not make for a compelling myth.

3D-cinema is dus helemaal geen nieuw fenomeen. Maar bij Avatar had ik wél het gevoel wat die ene toeschouwer in 1896 kan hebben gehad. Waarom is het eigenlijk zo bijzonder om datgene wat we de hele dag al zien, nog eens in de bioscoop te zien? Het fascinerende van de 3D-film is voor mij de grenservaring, de ervaring waarbij de ‘illusie’ ongevaarlijk dicht bij de ‘werkelijkheid’ komt. Ongevaarlijk, omdat je weet dat het niet echt is (het is maar een film). Dichtbij, omdat de beelden van het doek afkomen en in de zaal hangen boven de hoofden van het publiek vlak voor je. De scheidingswand van het witte doek wordt opgeheven en de filmbeelden bewegen zich vrij in dezelfde ruimte als de ‘werkelijke’ ruimte van de bioscoopzaal. Het is een even ongevaarlijke als adembenemende illusie. Je hoeft niet weg te vluchten, zoals sommigen dat in 1896 deden voor de spooktrein van de gebroeders Lumière. Want daarvoor zijn we nu te vertrouwd geraakt met het bedrog van fotografie en film.

Ooit was ook de fotografie in onze collectieve ervaring grensoverschrijdend. En vóór de fotografie vertegenwoordigde de schilderkunst de magie van de ruimtelijke illusie. We zijn nu geconditioneerd. Voordat we een foto of een film zien, is er in ons brein een knop om en hebben we onbewust tegen onszelf gezegd: ‘dit is niet echt.’ Maar wanneer we vergeten deze knop om te draaien, kijken we alsof het echt is. Dat is de magie van het medium: het is echt en onecht te gelijk, het balanceert op de grens en wij balanceren mee en zijn verzekerd van een veilige landing. Want uiteindelijk is het toch niet echt.

Carravaggio
is het écht?
de ongelovige Thomas van Caravaggio 1601

Als je met een onbevangen blik kijkt, dan kun je ook naar schilderijen kijken zoals er naar schilderijen gekeken werd toen er nog geen fotografie bestond. Een illusionistisch (realistisch) schilderij representeerde vóór 1840, na de spiegel, de hoogste graad van zichtbare werkelijkheid. De schilderkunst heeft van 1400 tot 1900 een ontwikkeling doorgemaakt die je zou kunnen samenvatten in: van plat naar steeds ruimtelijker en tenslotte weer naar plat. Aan het einde van de zestiende eeuw was er een revolutionaire ontwikkeling in de schilderkunst die verbonden is met de naam van één schilder: Caravaggio. Door gebruik te maken van een dramatische belichting komen de figuren uit het donker tevoorschijn in het licht. Het platte vlak wordt door de ruimtewerking opengebroken en verandert in een soort kijkdoos, een ondiepe ruimte met daarin échte mensen van vlees en bloed.

Dat is de magie van het medium: het is echt en onecht te gelijk;
het balanceert op de grens
en wij balanceren mee en zijn verzekerd van een veilige landing. Want uiteindelijk is het
toch niet echt.

Ook hier moet het toenmalige publiek een grenservaring hebben beleefd. Is het nu verf of staat daar nu echt iemand? De trompe l’oeil is niet alleen een kunstje waarmee je je publiek op het verkeerde been kunt zetten en géén 1-aprilgrap. Wanneer het oog misleid wordt, wordt óók de geest misleid. Eerst komt de receptie van de rauwe zintuigprikkels, en vervolgens komt de de perceptie. In het ingewikkelde proces van de verwerking van deze rauwe zintuigprikkels, zijn we geconditioneerd geraakt. Wanneer we iets menen te kennen, dan nemen we niet meer écht waar. Zo gaat het ook met de conditionering in het kijken naar schilderijen, foto’s en film. We hebben onszelf al verteld dat het niet echt is. Pas als we weer de ervaring krijgen van ‘wow! net echt!’, dan komen we weer op het grensvlak waar ‘illusie’ en ‘werkelijkheid’ samenkomen.

Avatar
still uit Avatar (2009)

Voor het verhaal van Avatar (een mix van Apocalypse Now (Vietnam), The New World (Pocahontas), The Emerald Forest en The Celestine Prophecy) hoef je wat mij betreft niet te gaan kijken, wél voor de 3D-ervaring. Het blijft vreemd dat we naar de bioscoop of naar het museum gaan om te zien wat we de hele dag al om ons heen zien. Blijkbaar hebben wij het nodig onze conditionering te doorbreken om onze waarneming te ijken en te vernieuwen.

avatarmovie.com

zaterdag 23 januari 2010
pruikentijd [ 2 ]
gezien met Michaela: Orlando (1992)

Tilda Swinton als OrlandoBen van Os en Jan Roelfs die verantwoordelijk zijn voor de art direction in de film Orlando, werden in 1993 beiden terecht genomineerd voor een oscar. Maar deze werd gewonnen door de art directors van Schlindler’s List. Orlando werd ook voor een oscar genomineerd in de categorie kostuumontwerp. Maar ook deze oscar werd niet verzilverd en de prijs ging tenslotte naar Gabriella Pescucci die de kostuums verzorgde in The Age of Innocence van Martin Scorcese.

Orlando
stills uit Orlando 1992

Orlando is een magnifieke film, vooral wat de kostuums en fotografie betreft. Het verhaal spreidt zich uit over vier eeuwen en dat moet een enorme uitdaging zijn geweest voor de afdeling kostuums en art direction.

Orlando
Qua fotografie vind ik dit een van de mooiste scenes uit Orlando (de art direction is van Ben van Os en Jan Roelfs)

Ik ben geen historicus en zeker geen modehistoricus en kan dus niet oordelen of de voorstellingen die in kostuumfilms gegeven worden historisch verantwoord zijn. Wanneer er oscarnominaties zijn voor de kostuums en de art direction zal het we goed zitten, is mijn simpele redenering. En toch hoeft dat niet per se zo te zijn, tenminste als ik A. Bender mag geloven van marquise.de De film Amadeus die in 1984 een aantal oscars won, waaronder die voor het beste kostuumontwerp ( van Theodor Pistek ) en art direction, is als het om kleding gaat, historisch niet altijd juist. Maar het zou mij niets verbazen als Pistek deze ‘verkeerde’ keuzes bewust heeft gemaakt. In de film Marie Antoinette horen we toch ook Siouxsie and the Banshees ?

Het verleden is dood, leve de interpretatie!

Ironischerweise bekam Amadeus einen Oscar für die Kostüme, obwohl der Kostümbildner wie auch bei “Valmont” übelst gestümpert hat. Dabei sind zwischen vielen besch…eidenen Kostümen nur einige wenige, die halbwegs in Ordnung sind.
 
Constanze trägt beim ersten Auftritt etwas, das wohl eine Française sein soll. Der Kostümbildner hat den gleichen Fehler gemacht wie Sabine Normalverbraucherin und an ein Kleid hinten ein paar “Watteaufalten” geklebt. Das wäre wahrscheinlich nicht weiter aufgefallen, hätte er die Falten nicht ausgerechnet aus einem anderen Stoff als das restliche Kleid gemacht. Beim Bild links allerdings fällt schon anhand der Form auf, daß die Falten nicht, wie es sein sollte, Teil des Kleidrückens sind.
 
ConstanzeDie Perücken sind ein weiterer Schwachpunkt, besonders bei den Statistinnen. Sie sehen aus, als wäre ein toter Pudel aus 2000 Metern Höhe auf ihren Kopf gefallen und dort klebengeblieben. Die Haare sind ganz offensichtlich von Natur aus (oder besser gesagt, von Chemie aus) weiß, anstatt weiß gepudert zu sein, und der Haaransatz ist allzu offensichtlich mit Absicht verdeckt.Dabei waren solche Türme (typisch für die 1770er), wie sie links zu sehen sind, schon aus der Mode, bevor Mozart erwachsen war. Schaflockig-wuschelig waren die Türme nie, sondern im Gegenteil sehr ordentlich gelegt. Wuschelige Frisuren gab es Ende der 80er noch, aber sie waren nicht hochgetürmt.
 
Bron: marquise.de

Orlando [ imdb.com ]

donderdag 21 januari 2010
onthaasting & Vermeer-dering
gezien: Vensters op Vermeer - 10 korte verhalen
documentaire van Koos de Wilt en Hans Pool

VermeerOver de persoon van Johannes Vermeer is bijna niets bekend. De film Girl with a Pearl Earring naar het boek van Tracy Chevalier probeert wél iets van hem te laten zien, maar de Sfinx van Delft blijft een gesloten man. Een maand geleden (20 december j.l.) zond de Avro in Close Up Vensters op Vermeer - 10 korte verhalen uit. Het is een boeiende en met liefde gemaakte documentaire waarin verschillende kunstenaars, met name fotografen, vertellen over de betekenis van Vermeer voor hun werk. Daaruit blijkt dat ‘Vermeer’ voor hen eerder een way of life is dan een persoon. Bij de afwezigheid van het persoonlijke krijgt het onpersoonlijke juist alle aandacht en voor Vermeer is dat natuurlijk het licht. Dat is precies wat heel veel fotografen en natuurlijk ook schilders in zijn schilderijen zo aantrekt. De documentaire is permanent op internet te zien.

Alain de Botton
filosoof Alain de Botton over Vermeer
Wat maakt Vermeer zo actueel? Filmmakers Koos de Wilt en Hans Pool reisden de wereld rond en gingen op bezoek bij wereldberoemde fotografen als Erwin Olaf, Steve McCurry, Joel Meyerowitz, Philip-Lorca diCorcia en Tom Hunter. Hoe eigentijds zijn Vermeers beelden? Bestseller auteur en filosoof Alain de Botton, schilder Chuck Close, filmregisseur Peter Webber, schrijfster Tracy Chevalier en kunsthandelaar Otto Naumann ontrafelen allen op hun eigen manier het geheim van de ‘Sfinx van Delft‘. Ook kunsthistorici en Vermeerkenners als Geoffrey Batchen, Lawrence Weschler, Walter Liedtke en Arthur K. Wheelock verklaren het hedendaagse succes van zijn werk.
 
‘Vensters op Vermeer - 10 korte verhalen’ is een documentaire van regisseur Hans Pool (onder meer ‘Van Dis in Afrika‘ en ‘Van Moskou tot Magadan‘) en kunsthistoricus, journalist en scenarioschrijver schrijver Koos de Wilt (onder meer ‘Rembrandt Inc.’). Het camerawerk en de regie zijn van Hans Pool, de research en de interviews van Koos de Wilt.
 
Bron: cultuurgids.avro.nl

bekijk de documentaire in lokale mediaplayer

maandag 16 november 2009
Motel Room Postcards
vintage postcards van motelkamers op flickr.com
Motels
de verzameling telt 38 postcards
Motel Card
New Town House Motel, 1950’s

flickr.com

dinsdag 13 oktober 2009
maakbare identiteit
Hoe krijg je als bewoner van de IJsselvallei een eigen identiteit?
Kruudmoes is Vet van kunstenaarsduo vGtO geeft een aantal voorzetten
Michaela
Michaela is zojuist klaar met een schilderij van IJsselschilder Jan Voerman doe het haar na!
Kruudmoes is Vet’ is een bijzonder kunstproject waarmee letterlijk en figuurlijk de IJsselvallei op de kaart gezet wordt. En met deze site kan iedereen aan het project meedoen. Met up- en downloads! Begin oktober is bij meer dan 21.000 adressen in de IJsselvallei als cadeau een mapje met ansichtkaarten op de deurmat gevallen. Met de ansichtkaarten en deze interactieve website verbeeldt kunstenaarsduo vGtO (haar zoektocht naar) de identiteit van de IJsselvallei. Op de tien verschillende kaarten staan taferelen uit de streek. Dat wil zeggen dat vGtO deze taferelen heeft geconstrueerd met daarin steeds verwijzingen naar de eigen IJsselvalleicultuur. Motieven uit de cultuurhistorie en alledaagse patronen uit de vallei zijn onderwerp van de afbeeldingen.
 
Bron: kruudmoesisvet.nl
kruudmoesisvet.nl
kruudmoesisvet.nl

kruudmoesisvet.nl | vgto.nl

vrijdag 5 juni 2009
rear window
vier uitzichten van ‘driehoog achter’ van 1794 tot 1844
de ’snapshots’ van David, Blechen, Daguerre en Menzel

Driehoog achter is het uitzicht uit een klein zolderraam soms het weinige contact dat een (arme) schilder met de buitenwereld heeft. Dat is natuurlijk helemaal zo als je gevangen gezet wordt. Dat overkwam Jean Jacques Louis David in 1794. Een jaar daarvoor had hij nog een tekening gemaakt van Marie-Antoinette op weg naar het schavot. En nu was het hem zelf bijna overkomen. Na de val van Robespierre was er een aanklacht tegen David ingediend en ontsnapte hij tenauwerdood aan de dood. Hij werd gevangen gezet en keek vanuit zijn cel op de Jardin du Luxembourg. Daar maakte hij toen een olieverfschilderijtje van het uitzicht dat tegenwoordig in het Louvre hangt .

Jean Jacques Louis David en Adolph Menzel
boven: Jean Jacques Louis David, uitzicht op de Jardin du Luxembourg (1794) en onder: Adolph Menzel, Hinterhaus und Hof (1844)
Ondanks de droge en niet gemanipuleerde compositie oogt het bovenste tafereel duidelijk als een schilderij, terwijl de onderste voorstelling veel meer van een foto heeft. Tussen beide schilderijen zit vijftig jaar, de periode waarin de fotografie ontstond.

De Duitse realist Adolph Menzel waarover ik al eerder schreef, schilderde vijftig jaar later ook een uitzicht. Hij zat niet gevangen en schilderde het tafereel vrijwillig. Uit overtuiging. Omdat hij realist was. Een schijnbaar onbeduidend uitzicht hoorde er voor hem gewoon bij. Dat was toen nog helemaal niet vanzelfsprekend. Geïnspireerd door de Constables die hij in 1839 in Berlijn had gezien, begon hij schetsmatig in olieverf de wereld om hem heen vast te leggen en Hinterhaus und Hof uit 1844 is daar een prachtig voorbeeld van.

Louis-Jacques-Mandé Daguerre, 1839
Boulevard du Temple Parijs 1839
door Louis-Jacques-Mandé Daguerre

Het nieuwe medium van de fotografie opende vanaf 1840 een nieuw venster op de werkelijkheid. In 1839 maakte Louis-Jacques-Mandé Daguerre de bovenstaande opname, een van de eerste ‘foto’s’ (lees: daguerreotypie) uit de geschiedenis. Dat er op straat geen mensen zijn te bekennen, komt omdat er in 1839 nog een lange sluitertijd nodig was. Alleen de schoenpoetser en zijn klant op de straathoek zijn vereeuwigd, de voorbijgangers zijn vervluchtigd. Dergelijke beelden hadden hun uitwerking op de schilderkunst die zich nu samen met het nieuwe medium tegenover een veel ruimere werkelijkheid bevond. Schijnbaar onbeduidende voorstellingen bleken ook tot het domein van de schilderkunst te horen nu er een soort ‘achterraam op de wereld’ was bijgekomen. De realisten en impressionisten begonnen in navolging van de fotografie de alledaagse werkelijkheid te omarmen. De schilderijen van David (1794), Menzel (1844) en Blechen (1833) zijn bijzonder, omdat zij geschilderd zijn voor 1845, toen realisme en impressionisme nog niet waren ‘uitgevonden’ en de fotografie nog niet of nauwelijks een rol speelde. Daarbij onderscheiden deze taferelen zich ook van het Hollandse realisme uit de 17e eeuw omdat iedere vorm van moralisme achterwege blijft. Het gaat om de naakte feiten, niets meer en niets minder.

Carl Blechen, Blick auf Dächer und Gärten (1833)
Dieses Gemälde zeigt den Ausblick aus einem rückwärtigen Fenster in Carl Blechens (1798-1840) Wohnung in der Berliner Kochstraße. Die Szene ist nicht zuletzt deshalb interessant, weil sie die ungleiche Natur der städtischen Entwicklung Berlins dokumentiert. Die Kochstraße lag nur wenige Häuserblöcke südlich von Schinkels berühmtem Schauspielhaus am Gendarmenmarkt. Ihre Nähe zu den Repräsentativbauten Berlins zeigt sich im linken Bildhintergrund, wo die Rückseiten der prachtvollen Bauten zu sehen sind, welche sich entlang der Friedrichstraße zogen. Der Stadtteil, in dem die Kochstraße lag, war jedoch wesentlich bescheidener und hauptsächlich von Handwerkern und anderen Facharbeitern bewohnt. Obwohl Blechen eine Professur für Landschaftsmalerei an der Berliner Akademie innehatte und die Unterstützung kultureller Größen wie Bettina von Arnim genoss, erzielten seine Gemälde keine besonders hohen Preise und verkauften sich schlechter als er es für angemessen hielt. In den 1880er Jahren wurde Blechen durch eine Retrospektive in der Berliner Nationalgalerie aus der Vergessenheit geholt.

Blechen
Carl Blechen
Blick auf Dächer und Gärten, 1833

Wie Adolf von Menzel, wurde auch Blechen später von Kritikern und Künstlern gelobt, deren modernistischer Kunstgeschmack sie nur einen begrenzten Teil des großen Schaffens dieses Malers schätzen ließ. Diese Ansicht von Dächern und Gärten wäre von ihnen beispielsweise für den groben Pinselstrich, das einfache, alltägliche Thema und den willkürlichen Bildausschnitt gelobt worden. Wie auch Menzels Balkonzimmer, das mehr als ein Jahrzehnt später entstand, scheint der Blick auf Dächer und Gärten aus dem reinen Festhalten des Künstlers seiner persönlichen Wahrnehmung der engsten Umgebung hervorgegangen zu sein. Die Vorstellung, dass ein Kunstwerk in erster Linie als Ausdruck der einzigartigen, subjektiven Idee des Künstlers geschätzt werden sollte – nicht als Darstellung einer Geschichte, einer Form des Lobes Gottes oder der Monarchie oder der Darstellung eines schönen Anblicks – ist natürlich auf die Romantik zurückzuführen.

Bron: germanhistorydocs.ghi-dc.org

zondag 17 mei 2009
alles is ijdelheid
Daguerreotypieën uit Nederlands bezit
Nederlands Fotomuseum, nog tot 31 mei 2009
daguerreotypie
Simon Willem Vlamingh Kiebert
daguerreotypie in lijst (1832-1856)
De daguerreotypie is de oudste vorm van fotografie en biedt een loepzuiver en uniek beeld van 150 jaar geleden. In Nederland zijn er nog enkele honderden daguerreotypieën te vinden, meestal in familiecollecties. Het restauratie-atelier van het museum heeft de meeste daarvan in de afgelopen jaren gerestaureerd en geconserveerd. Deze tentoonstelling is een eerste overzicht van daguerreotypieën uit Nederlandse collecties, waarvan een aantal mogelijk tot de allervroegste, gedocumenteerde fotografische uitingen in Nederland behoort. Ze zijn zeer kwetsbaar en worden niet vaak getoond.
 
Bron: nederlandsfotomuseum.nl

In 1839 ontketende de Fransman Louis Daguerre een ware revolutie. Een nieuw medium was geboren: voor het eerst kon iedereen een fotografisch beeld vastleggen. Zijn procédé werd om die reden door de Fransen bestempeld als gift aan de mensheid. De basis van een daguerreotypie is een spiegelend plaatje metaal. Het bestaat om precies te zijn uit een flinterdun laagje zilver op of om een koperen drager. In tegenstelling tot fotopapier met een papieren en kunststof basis, is een daguerreotypie niet buigzaam en enigszins zwaar. Bron: nederlandsfotomuseum.nl

daguerreobase.org

woensdag 6 mei 2009
Richard Avedon
Avedon, Photographs 1946-2004
Foam Fotografiemuseum Amsterdam, nog tot 13 mei 2009
Marilyn Monroe
Marilyn Monroe, New York
precies 52 jaar geleden op 6 mei 1957
Foam_Fotografiemuseum Amsterdam is opgenomen in het toerschema van de grote overzichtstentoonstelling ‘Avedon, Photographs 1946-2004’. Dit retrospectief is samengesteld door het Louisiana Museum in Denemarken in nauwe samenwerking met The Avedon Foundation en zal wereldwijd slechts op zes plekken te zien zijn. De tentoonstelling is in Foam te zien van 13 februari t/m 13 mei 2009 en toont meer dan 200 werken van Richard Avedon in chronologische volgorde, van zijn eerste foto’s gemaakt in Italië in 1946 tot zijn laatste portretten, gemaakt kort voor zijn dood in 2004. Het is de eerste keer dat een dergelijk overzicht van zijn oeuvre in Nederland te zien is.
 
Binnen de geschiedenis van de fotografie is het oeuvre van Richard Avedon (1923 – 2004) een mijlpaal in de ontwikkeling van mode- en portretfotografie. Zijn werk blijft zeer actueel gezien de grote invloed die hij vandaag de dag nog heeft op hedendaagse fotografen. De tentoonstelling is niet alleen de weerslag van het leven van een belangrijke fotograaf, maar geeft tegelijkertijd een beeld van de Amerikaanse geschiedenis in de tweede helft van de 20e eeuw. Naast de belangrijkste kunstenaars, schrijvers en politici komt ook de gewone man aan bod.
 
Bron: foam.nl
zondag 19 april 2009
Man Ray in Den Haag
Man Ray - Zorgeloos, maar niet onverschillig
vandaag laatste dag in Fotomuseum Den Haag
Met zijn camera zorgde Man Ray (1890-1976) ervoor dat fotografie kunst werd. Een ongewone prestatie voor iemand die bijna zijn hele leven heeft geprobeerd om van het predicaat ‘fotograaf’ af te komen. Liever werd hij gewaardeerd om zijn andere kunstwerken: tekeningen, schilderijen en dadaïstische ready-mades. De tentoonstelling Zorgeloos, maar niet onverschillig in het Fotomuseum Den Haag is een groots en veelomvattend overzicht van Man Ray’s kunst en leven. Schilderijen, tekeningen en uiteraard foto’s worden in deze expositie verbonden met persoonlijke objecten, beelden en documenten uit zijn nalatenschap. Op die manier ontstaat het beeld van een gepassioneerd kunstenaar en een groot fotograaf - tegen wil en dank.
 
Bron: fotomuseumdenhaag.nl

Man Ray wordt in 1890 geboren als Emmanuel Radnitzky in de Amerikaanse stad Philadelphia. De familie verhuist al snel naar New York, waar zijn artistieke talent meer en meer boven komt. Fotografie is dan nog niet aan de orde: Man Ray, zoals hij zich gaat noemen, concentreert zich op het schilderen en sluit vriendschap met dadaïstisch kunstenaar Marcel Duchamp, die hem ertoe beweegt naar Parijs te verhuizen. In de Franse hoofdstad begeeft Man Ray zich in artistiek zeer vruchtbare kringen, bevolkt door surrealistische en dadaïstische kunstenaars. Zijn kunstwerken (en die van anderen) documenteert hij met foto’s, waarbij de afbeelding in de loop der tijd voor hem interessanter wordt dan het origineel – dat hij dan ook regelmatig weggooit of kwijtraakt nadat hij het heeft vastgelegd.

Bron: fotomuseumdenhaag.nl

donderdag 26 februari 2009
speurneus
photo-sleuth.blogspot.com van Brett Payne

Brett Payne uit Tauranga (Nieuw-Zeeland) laat op zijn blog niet alleen antieke foto’s zien, maar komt ook met het verhaal bij de foto. Zijn blog heet Photo Sleuth en is dus een speurder die op onderzoek uitgaat. Bijvoorbeeld naar het verhaal bij deze foto van een jongetje met een Eiffeltoren van Meccano. Photo Sleuth telt nu al bijna 200 posts overzichtelijk ingedeeld in categorieën, van de 1840’s tot de 1960’s.

oude foto's
portretten uit Rolfe’s Portrait Studio 1860’s
Charles Lucy (1814-1873), historieschilder
George Thomas Doo (1800-1886), graveur
George Henry Vansittart (1823-1885), politicus
De fotograaf Alexander Frederick Rolfe was oorspronkelijk kunstschilder die het nieuwe medium had ontdekt, zoals talloze kunstenaars halverwege de negentiende eeuw

photo-sleuth.blogspot.com

zondag 15 februari 2009
transfiguratie van de theepot
klein geluk in de achterkamer
stilleven
Het winterlicht valt laag de achterkamer binnen en zet de dingen onverwacht in volle gloed
dinsdag 27 januari 2009
de achterkant van onze welvaart
gezien met Michaela: Manufactured Landscapes (2006)

De documentaire Manufactured Landscapes van fotograaf Edward Burtynsky begint met een minutenlange tracking shot langs een bijna eindeloze productielijn in een Chinese fabriek. Met deze eenvoudige ene shot wordt een krachtig statement geplaatst tegenover het globalisme en het consumentisme in het bijzonder.


Manufactured Landscapes openingsshot

Daarna volgen we de fotograaf in China en Bangladesh langs schroothopen, scheepswerven, mijnen en industriële landschappen. Burtynsky heeft een missie en zijn werk kun je als een aanklacht beschouwen tegen de uitmergeling van onze planeet. Evenals de Nederlandse fotograaf Frits Weeda die in de jaren zestig met zijn foto’s de achterkant van de optimistische wederopbouw liet zien, zo laat Burtynsky de achterkant van onze huidige welvaart zien. Hij reist niet voor niets vaak naar China omdat dit land inmiddels de fabriek van de wereld is geworden. En waar geproduceerd wordt, zijn ook de dramatische gevolgen te zien van industrialisering. Zeker in een land als China waar de milieuwetgeving nog mijlenver achterligt op die in West-Europa. Maar ook al zijn wij milieubewuste Europeanen, als consument dragen we natuurlijk allemaal bij aan de vervuiling van het Chinese landschap.

Manufactured LandscapesBurtynsky’s foto’s zouden van een adembenemende maar verontrustende schoonheid zijn. Ik begrijp wat ermee bedoeld wordt, maar ik ben het daar niet mee eens. Als de relatie tussen schoonheid en goedheid verbroken is, kan er voor mij geen echte schoonheid zijn. Ernst Jünger schrijft in van zijn oorlogsdagboeken hoe hij geniet van de schitterende reflecties van een bombardement in zijn wijnglas. De gruwelijkheid van deze gebeurtenis wordt willens en wetens getransformeerd in een esthetische piekervaring. Zo kun je in de uitgemergelde, kaalgeschoren en vergiftigde landschappen ook prachtige kleuren en vormen zien. Maar in feite kijk je door deze ‘lijkfotografie’ naar het verminkte lichaam van moeder aarde. Om daar echt van te kunnen genieten, moet je pervers willen zijn. Niettemin blijft Burtynsky’s werk een krachtige aanklacht tegen onze consumptiemaatschappij.

Manufactured Landscapes (documentaire) | Edward Burtynsky [ masters-of-fine-art-photography.com ]

zondag 18 januari 2009
Changing New York
vanavond om 18.25 op Nederland 2: De wereld van Abbott en Atget

Alice Austen (1866 -1952) was een van de eerste fotografen die in 1896 het straatbeeld van New York vastlegde. Berenice Abbott (1898 -1991) zou zo’n veertig jaar later hetzelfde doen met het fotoproject Changing New York. Manhattan was sinds 1896 bijna onherkenbaar veranderd. In de serie hoog, hoger hoogst op deze blog heb ik al iets laten zien over de evolutie van de skyline van Manhattan. De hoogste gebouwen ter wereld stonden tachtig jaar lang (van 1894 tot 1974) in The Big Apple en mede door de wedloop om het hoogste gebouw ter wereld was Manhattan tussen 1896 en 1936 de hoogte ingejaagd. Toen Berenice Abbott werkte aan dit omvangrijke fotoproject, was het hoogste gebouw ter wereld de Empire State Building net gereed gekomen en werd in midtown gewerkt aan het grootste bouwproject uit de jaren dertig: het Rockefeller Center. Op de website mcny.org van het Museum of the City of New York is met plattegronden een prachtig overzicht te zien van Changing New York.

Henry Street 1935 en 1998
Henry Street 1935 en 1998
Inmiddels lijkt het straatbeeld weer een beetje op dat van 1935 nu de Twin Towers verdwenen zijn.
[ meer retrografie ]
The paired images produce a remarkable commentary on the evolution of New York City over several decades and encourage the viewer to consider the rate and meaning of progress. This juxtaposition of the past and present comes with obvious changes: the brownstone becomes a housing project, the neighborhood store becomes a skyscraper. Often, however, the encounter results in a more subtle reflection of the changing tides of our culture.
 
Bron: newyorkchanging.com
Columbus Circle 1938
[ ID: 482580 ]
In addition to introducing Abbott to photography and Paris, Man Ray also introduced her to the photography of Eugène Atget. Abbott was so astounded with the photographs Atget had taken of the architecture, streets and gardens of Paris during 1899 that she felt compelled to show his work to the world. Just days before he died, Abbott made the only existing portraits of this now celebrated photographer made famous by the dedication of Abbott to promote his work, largely after his death in 1927. She helped to publish many books commemorating his work including The World of Atget in 1964.
 
Abbott & Atget [ jessica.teicher.googlepages.com ]

avro.nl/tv/programmas_a-z/close_up

dinsdag 6 januari 2009
Lamarr forever
vandaag op BBC 2 om 12.00: Experiment Perilous (1944)
met Hedy Lamarr, George Brent en Paul Lukas
Hedy Lamarr
Hedy Lamarr als ijskoude filmgodin.
Het hoogtepunt van haar filmcarriere ligt tussen 1938 (Algiers) en 1949 (Samson and Delilah).
Als model vind ik haar eigenlijk nog aansprekender: ze is voor mij hét gezicht
van art deco alsof ze voor eeuwig zo gegoten is, overgestyleerd en ongenaakbaar.
Experiment Perilous
In 1903, Doctor Huntington Bailey meets a friendly older lady in train. She tells him that she is going to visit her brother Nick and his lovely young wife Allida. In New York Bailey hears that his train companion suddenly died. Shortly afterward, he meets the strange couple and gets suspicious of Nick’s treatment of his wife. Nick keeps Allida, who he is trying to pass off as crazy, a virtual prisoner in their London town house, cutting off all contact with the outside world. The kindly psychiatrist Baily takes it upon himself to attempt to free his new love Allida from the control of the insanely jealous Nick.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Mirror, Muse, Medusa - Essay by Thomas Elsaesser

zaterdag 20 december 2008
in de geest van Rembrandt
Hoed op voor Rembrandt van fotografe Marije Verhoeven
Amsterdamse schoolkinderen gaan op de foto alsof ze voor Rembrandt poseren

portret van Miryam BalabiRembrandt vergelijken met Vermeer is meestal even onzinnig als Mozart vergelijken met Bach. Rembrandt en Vermeer, beiden meester in het licht maar tegelijkertijd totaal verschillend in hun benadering van dat licht. Er wordt wel eens beweerd dat Rembrandt het metafysische en Vermeer het optische van het fenomeen licht benadrukt. Daar kan ik wel in meegaan al zou ik het iets anders formuleren: Rembrandt toont ons het mysterie van het verschijnen en verdwijnen, Vermeer toont het mysterie van de stilstand, dat de dingen zijn zoals ze zijn. Herakleitos vs. Parmenides in verf vertaald. Rembrandt en Vermeer staan dus niet alleen voor twee schilders uit de 17e eeuw, maar bovenal voor twee zienswijzen die boven het tijdelijke uitstijgen. We spreken niet voor niets van ‘Rembrandtesk’ of ‘als een Vermeer’. Al eerder schreef ik hier iets over de films ‘Rembrandt fecit 1669‘ en ‘Girl with a pearl earring‘ De belichting in deze films is zo goed dat er in de fotografie van de film levende Rembrandts en Vermeers ontstaan.

foto's van Marije Verhoeven
Ayman, Armina en Recip lijken hier wel op Melchior, Caspar en Balthasar
gefotografeerd door Marije van der Hoeven

Je kunt nooit ophouden om naar de oorspronkelijke voorbeelden te kijken. Het oeuvre van Rembrandt bestaat tegenwoordig uit ruim 300 schilderijen tegenover nog geen 40 schilderijen van Vermeer. Je kunt ook niet vroeg genoeg beginnen om naar deze meesters te kijken. Dat vond ook fotografe Marije Verhoeven die op elf basisscholen uit Oost-Watergraafsmeer een project met de kinderen deed. Eerst liet ze hen kijken naar schilderijen van Rembrandt. Daarna mochten de kinderen een hoofddeksel kiezen of zelf maken en gingen vervolgens op de foto met een dramatische belichting. Meestal komt dat erop neer dat het gelaat als een hemellichaam in de duisternis drijft. De mooiste foto’s zijn gebundeld in het boek Hoed op voor Rembrandt dat 15 Euro kost en uitgegeven is door Uitgeverij De Verbeelding.

Juliana en Bernhard tijdens een staatsbezoek in 1957
Hoed op voor Rembrandt
Niet alleen kinderen poseren als Rembrandt. Ook onze voormalige vorstin deed het. Tijdens een staatsbezoek in 1957 liet ze zien dat ze de tronies van de prins der schilders bijzonder goed kende. Al merkte haar echtgenoot dat niet op.

marijevanderhoeven.nl

dinsdag 16 december 2008
Hollands Diep
vorige week weer ontvangen: Hollands Diep

In het december/januarinummer van Hollands Diep weer veel fotografie: de sessie die Annie Leibovitz bij de Obama’s thuis maakte, de portretten van Richard Avedon en de prijswinnaars en eervolle vermeldingen van de Hollands Diep Fotografie Prijs 2008. Deze werd overtuigend gewonnen door Marieke van der Velden

Hollands Diep 2008 / 2009
website en magazine

hollandsdiep.nl

zondag 30 november 2008
landschappelijk naakt
vanavond op televisie: Edward Weston - De schoonheid van het naakt
AVRO Close Up op Nederland 2 van 18.15 to 19.15

Zoals harde contrasten het handelsmerk zijn van Anton Corbijn, zo was het voor Edward Weston precies het omgekeerde. Hij was een meester in het subtiele grijs, zoals onderstaande foto demonstreert. Omdat deze zo sober is, een van de uitgangspunten van straight photography, word je blik vanzelf gericht op de nuances.

Edward Weston
Nude 1925
voor de komst van Charis Wilson hield Weston zich al met naaktfotografie bezig
Edward Weston was al een gevierd fotograaf toen hij in de vroege jaren dertig verliefd werd op de jonge Charis Wilson, een lange slanke schoonheid met sproetjes. Liefde voor het vrouwelijk lichaam vormde een dominant thema in het werk van Weston (1888-1945). Een groot deel van zijn roem had hij te danken aan zijn minimalistische en toch sensuele naaktfoto’s in zwart-wit. Ook privé speelden vrouwen een grote rol in het leven van de fotograaf, minnaressen kwamen en gingen.
 
Maar met de komst van zijn nieuwe geliefde brak voor Weston een nieuwe fase aan. De twee ontmoetten elkaar voor het eerst in het voorjaar van 1934, toen Charis voor de fotograaf poseerde. Diezelfde zomer nog trok ze bij hem in en dat was het begin van een liefdesrelatie die elf jaar zou duren. In deze periode maakte het stel lange reizen door de Verenigde Staten waarbij Weston zijn muze talloze malen fotografeerde. Haar lichaam bleek voor hem een eindeloze bron van inspiratie.
 
De documentaire ‘Fotograaf Edward Weston - de schoonheid van het naakt’ vertelt het verhaal van een artistieke samenwerking én van een bijzondere liefdesrelatie. De inmiddels de negentig gepasseerde Charis Wilson heeft haar volledige medewerking verleend aan de film, en wordt uitgebreid geïnterviewd. Te zien zijn talloze zeldzame en niet eerder vertoonde foto’s uit de privé-collecties van Wilson en van de familie Weston evenals werk van de beroemde f-64 groep, waarin - artistiek aan Weston verwante – fotografen als Ansel Adams en Dorothea Lange zaten.
 
Bron: tv-visie.nl

edward-weston.com |masters-of-fine-art-photography.com | photography-now.net

zondag 26 oktober 2008
lusthof in Roosendael
gefotografeerd bij Park Roosendael
Park Roosendael
herfstimpressie bij Park Roosendael

Vier weken geleden was ik met Michaela in een lusthof in Amerongen

maandag 13 oktober 2008
Amerika in 86 foto’s
Walker Evans/ Henri Cartier-Bresson
Photographier l’Amérique (1929-1947) t/m 21 december 2008
Henri Cartier-Bresson, 1947
Henri Cartier-Bresson
Memphis, Tennessee, 1947
Op 22 augustus 2008 zou Henri Cartier-Bresson 100 geworden zijn. Reden genoeg voor een tentoonstelling dus. (…) De tentoonstelling omvat 86 originele zwart-wit afdrukken van Henri Cartier-Bresson en Walker Evans, twee grote namen uit de geschiedenis van de fotografie. Naar eigen zeggen zou Henri Cartier-Bresson misschien zelfs gestopt zijn met de fotografie, ware het niet dat de uitdaging die hij vond in het werk van Walker Evans hem inspireerde. De beelden zijn gemaakt tijdens de periode van 1929 tot 1947 in steden als New York, Washington, Chicago en Californië, maar ook in het zuiden, in Mississippi, Alabama en Louisiana. Beide bevriende fotografen tonen een eerder somber beeld van de Verenigde Staten. De keuze voor de Verenigde Staten als onderwerp voor de tentoonstelling is ook niet toevallig, aangezien het daar is dat HCB voor het eerst erkenning kreeg. Of zoals hij zelf zei: «C’est l’Amérique qui m’a fait».
 
Bron: vtbfotoclubgent.be

henricartierbresson.org

vrijdag 10 oktober 2008
Heartland
kunst en cultuur uit de centraal en zuidelijk gelegen staten van de V.S.
Van Abbemuseum Eindhoven, 4 oktober t/m 25 januari 2009
Het Van Abbemuseum focust op de kunst en cultuur uit de centraal en zuidelijk gelegen staten van de Verenigde Staten om diverse redenen. Ten eerste vormt het werk dat is geselecteerd een waardevolle aanvulling op de tentoonstellingsgeschiedenis van het Van Abbemuseum. Vanaf de jaren zestig werd overwegend werk getoond van kunstenaars aan de oostkust van de Verenigde Staten, vanaf de jaren negentig werd de aandacht meer gericht op werk van kunstenaars aan de westkust. Dit was aanleiding voor de conservatoren om zich te richten op het gebied tussen de oost- en de westkust.
 
Ten tweede toont de tentoonstelling de directe relatie die er tussen kunst en samenleving kan bestaan en het doorlopende actuele debat dat daaruit voortkomt in de vorm van de cruciale rol die de Heartland-regio speelt bij de komende Amerikaanse presidentsverkiezingen. Bovendien zet de tentoonstelling bezoekers aan het denken over ouderwetse stereotiepen die er zijn over de Heartland regio en zijn bewoners, en bevraagt zij de traditionele definities van culturele centra en de grotere omgeving. De buiten de Randstad gelegen locatie van het Van Abbemuseum in de regio Eindhoven vormt in combinatie met de positie van het Heartland, tussen de dominante oost- en westkust van de Verenigde Staten een derde reden.
 
Bron: vanabbemuseum.nl
Alex Soth
Alex Soth
Charles, Vasa, Minnesota 2002

deelnemende kunstenaars
Juan William Chavez, Cody Critcheloe, Peter Friedl, Scott Hocking, Carol Jackson, Matthew Day Jackson, Seth Johnson, Kerry James Marshall, Greel Myatt, Dan Peterman, Marjetica Potrč, Ernesto Pujol, Michael Rakowitz, Wilhelm Sasnal, Artur Silva, Deb Sokolow, Alec Soth, Aaron Spangler, Design 99, Detroit Tree of Heaven Woodshop, Theaster Gates en de Black Monks of Mississippi, SIMPARCH, The New Kinomatagraphic Union, Jaimie Warren & Whoop Dee Doo Kansas City, ‘artists in residence’ Jeremiah Day en Julika Rudelius.

Heartland [ vanabbemuseum.nl ]

donderdag 9 oktober 2008
vloeibare natuur
vanmiddag gefotografeerd
levend bos

Dit is de 1500e post sinds 28 augustus 2004

dinsdag 7 oktober 2008
Fotoreizen in de 19e eeuw
Fotopioniers op wereldreis
Teylers Museum Haarlem, 3 oktober t/m 4 januari 2009
Deze expositie wordt georganiseerd in samenwerking met het Rijksmuseum, dat een uitzonderlijke collectie foto’s bezit maar deze nooit tentoonstelt. Uit deze collectie is o.a. ‘het panorama op Baalbek‘ van meesterfotograaf Gustave Le Gray te zien. Teylers Museum toont uit zijn collectie het zeldzame en eerste met foto’s geïllustreerde expeditieverslag ‘Voyage au Soudan, met de vroegste foto’s van vrouwen uit Darfur (1854). Het Nationaal Archief leende twee groepsportretten van Alexandrine Tinne’s reisgezelschap in Algiers. Tinne was een Nederlandse ontdekkingsreizigster, die als een van de eerste vrouwen Noord-Afrika verkende.
 
Bron: haarlemcultuur.nl

fotopioniers op wereldreisDirect na de introductie in 1839 werd al beweerd dat de fotografie van bijzonder nut zou zijn voor de illustratie van reisverslagen. Immers, een foto is sneller gemaakt dan een prent naar een tekening. Maar ook het maken van een foto was in het begin een moeizame onderneming en zeker op reis. Er moest een grote hoeveelheid materiaal mee, zoals de glazen platen die als negatief dienden, de lens met het zware onderstel, een tent of kar om in het donker ter plaatse te kunnen ontwikkelen en de flessen met chemicaliën waarmee dat gebeurde. Een verre reis was een kostbare investering: er waren heel wat dragers en transportmiddelen nodig. De meeste vroege fotoreizen vonden plaats in het kader van archeologische expedities. De fotograaf kreeg opdracht illustraties te maken voor wetenschappelijke verslagen. Maar de eerste fotoreizen volgden ook een andere traditie: die van de ‘Grand Tour’, de reis die vermogende westerse jongelingen ondernamen om kennis te maken met de antieke wereld. Zij reisden via Italië en Griekenland naar het Midden Oosten. Met de opening van het Suezkanaal in 1869 werden ook verdere bestemmingen beter bereikbaar: India, Indo-China, China, Japan en, vooral voor Nederlanders, Indonesië.

Al snel kreeg de fotografie een commerciële inslag. Sommige fotografen vestigden zich op populaire reisbestemmingen om de voorbijtrekkende expedities en particulieren van fotosouvenirs te voorzien. Zo waren er al vroeg Engelse fotografen permanent actief in Rome en werkte bijvoorbeeld de Engelsman Francis Frith in Cairo, waar hij zich specialiseerde in de spectaculaire 3D stereofotografie. In de expositie zijn veel foto’s van deze specialisten te bewonderen. In kijkkasten kunnen de bezoekers voor even in 3D naar Amerika of Japan reizen en de opening van het Suezkanaal in 1869 herbeleven.
 
Brownie 1900Na de introductie van de boxcamera van Kodak in 1888 wordt fotograferen een stuk makkelijker. De foto’s werden nu in een handzaam kastje belicht op een rolletje, dat ter ontwikkeling en afdruk naar het laboratorium werd verstuurd. Opeens was fotografie voor menigeen bereikbaar. Vooral na 1900 toen de zgn. Brownie, een simpele boxcamera nog maar 1 dollar kostte! In de tentoonstelling worden albums getoond van enkele amateur-fotografen, die rond 1900 de wereld afreisden. Onder hen zijn de Rotterdamse dominee Louis Heldring en de oprichter van de Koninklijke Shell, G.A. Kessler.
 
Bron: haarlemcultuur.nl

teylersmuseum.nl | Photographers in Egypt [ metmuseum.org ]

donderdag 7 augustus 2008
I’m too sad to tell you
homages aan Bas Jan Ader

De foto die Bas Jan Ader in 1971 van zichzelf de wereld instuurde, is een cult geworden. Op deze website wordt bewezen dat elk mens een kunstenaar is, in staat tot de meest individuele expressie van de meest individuele emotie. Bas Jan Ader was geïnteresseerd in het moment dat we de controle over onze emoties verliezen. Daarin openbaart zich de paradox dat het meest persoonlijke tegelijkertijd het meest algemene is. We vinden onszelf in die ene mens, in de echtheid.

I'm too sad to tell you
I’m too sad to tell you
[ paperheart.org/imtoosad ]

Bas Jan Ader was gefascineerd door momenten, waarop men de fysieke of emotionele controle over zichzelf kwijtraakt. Met zichzelf in de hoofdrol heeft Ader in zijn films en fotowerken situaties geregistreerd, waarin dit verlies aan controle existentiële dimensies krijgt. Van I’m too sad to tell you bestaan meerdere uitvoeringen. Terwijl de gefilmde versie een verloop in de tijd geeft, is de droefenis in het fotowerk gestold tot een hartverscheurende close-up van de kunstenaar. Ondanks de intimiteit van het beeld ontbreekt ieder spoor van persoonlijke anekdote. Ook uit de titel spreekt distantie: de woorden ‘I’m too sad to tell you’ onderstrepen de omvang van het verdriet maar houden de reden ervan zorgvuldig verborgen.

Bron: boijmans.cultuurwijs.nl

basjanader.com | paperheart.org/imtoosad

vrijdag 1 augustus 2008
canon nederlandse landschap
presentatie van de canon in zestig beelden van Nederlandse landschappen
tijdens de Internationale Triënnale Apeldoorn 2008
Nettenfabriek (naast NS station) Apeldoorn tot 28 september 2008
De variatie en rijkdom van ons landschap is overweldigend. ‘Canon van het Nederlandse landschap‘ zet die veelkleurigheid in de schijnwerpers. In een reeks landschapsbeelden spiegelen zich de typerende ontwikkelingen, tendensen en beslissingen in de Nederlandse cultuur. ‘Canon van het Nederlandse landschap‘ is een samenwerkingsproject van de twaalf provincies en de Internationale Triënnale Apeldoorn 2008. Iedere provincie heeft vijf tot tien landschappen genomineerd. De Rijksadviseur voor het landschap, Dirk Sijmons, heeft van de inzendingen een evenwichtig geheel gemaakt. Hij liet zich bijstaan door historisch geograaf Theo Spek en architectuurhistorica Gerrie Andela. Sijmons voegde een belangrijk element aan de nominaties toe: iedere provincie moest landschappen kiezen die in diverse tijdsperioden zijn ontstaan. Zo hebben ook ruilverkavelingslandschappen en hedendaagse verstedelijking een kans gekregen en komen niet alleen de historische landschappen van terpen, esdorpen en slagen aan bod.
Internationale Triënnale Apeldoorn 2008
De beelden van de landschappen in de canon zijn tot stand gekomen door een intensieve creatieve uitwisseling tussen fotograaf Michiel Pothoff en landschapsarchitect Henk van Blerck. Daarmee is deze canon ook een document over de verhouding tussen twee disciplines. De fotograaf wil zijn beleving van het landschap op het ultieme moment bevriezen, terwijl voor de landschapsarchitect juist het voortdurende ontwikkelingsproces van het landschap de basis is. De beelden worden ook opgenomen in een publicatie, die tijdens de Triënnale verschijnt bij uitgeverij Blauwdruk. Tevens is er een doosje verkrijgbaar voorzien van de 60 canon beelden uitgevoerd als ansichtkaart.
 
Bron: browser.studiopothoff.nl

Alle canonbeelden zijn tevens uitgevoerd als ansichtkaart. Deze unieke collectie is verkrijgbaar in de Nettenfabriek. De kosten bedragen €17,50 per doosje met 60 ansichtkaarten

overzicht canon

zondag 13 juli 2008
you can read it on the sign
vernacular signs op flickr.com
signs
polaroids van handgeschilderde borden de afgelopen jaren gemaakt in de Verenigde Staten

vernacular signs

dinsdag 8 juli 2008
fietsendieven
gezien: ladri di biciclette (1948) van Vittorio de Sica

fietsendievenDit is een van de films die mijn vader zestig jaar geleden in de bioscoop zag en waar ik al mijn hele leven van gehoord heb. Gisteren zag ik ‘m voor het eerst. Het verhaal van Fietsendieven is doodsimpel maar wordt filmisch briljant verteld: Een arme werkloze man krijgt een baan als plakker aangeboden maar moet daarbij wel over een fiets beschikken. Die heeft hij niet meer. Zijn vrouw helpt hem door alle lakens in huis te verzamelen en die te verpanden zodat hij de fiets terug kan krijgen die hij eerder al had moeten verpanden. Daarna gaat hij zich bij zijn nieuwe baas melden, trots met zijn fiets in de hand. Het is zijn grootste materiële bezit. De volgende dag brengt hij op de fiets zijn zoontje weg en gaat daarna affiches plakken. Terwijl hij op de ladder staat, ziet hij hoe een jongen zijn fiets grijpt en er snel mee wegrijdt. Hij zet een achtervolging in maar loopt vast in het drukke verkeer. Wanneer hij aangifte doet bij de politie, laat deze hem weten dat hij zelf zijn fiets moet gaan zoeken.

fietsendieven
scene uit ladri di biciclette met Lamberto Maggiorani als de vader die zijn fiets zoekt.

Het mooiste deel van de film begint wanneer hij met zijn zoontje de dagen daarop de stad afloopt, op zoek naar zijn fiets. De beelden van de vader en zijn zoontje die ontredderd door het naoorlogse Rome lopen, zijn onvergetelijk. De vader die stug doorloopt en het jongetje dat achter zijn vader aandartelt, maar overal dapper volgt, leveren ontroerende maar soms ook grappige beelden op; het is bijna een soort dans. Ladri di biciclette is een hartverscheurend drama over een man die door zijn fiets alles kwijtraakt, zijn wanhoop en paniek voor zijn zoontje verborgen probeert te houden. Tenslotte breekt hij toch wanneer hij de schande op zich laadt door uit wanhoop zelf een fiets te stelen.

Ladri di Biciclette is een hartverscheurend drama over
een man die door zijn fiets alles kwijtraakt en zijn wanhoop en paniek voor zijn zoontje
verborgen probeert te houden.

De melancholieke score van Alessandro Cicognini bereikt voor mij in de slotscene het hoogtepunt, waarin we vader en zoontje in de massa zien verdwijnen bij het langzaam wegstervende geluid van een hoorn. Fietsendieven is een klassieker uit het Italiaanse neorealisme en heeft veel invloed gehad. Zo zie ik achteraf in het sombere naturalisme van cineasten als Claude Goretta (La dentellière, 1977) en Eric Zonca (La vie rêvée des anges, 1998) duidelijk de invloed van Vittorio de Sica die de naamloze massa binnendringt en een droge maar betrokken registratie geeft van een uitzichtsloos bestaan. Aan het einde van de film wordt het ene golfje dat we gevolgd hebben weer door de zee verzwolgen. Vrolijk word je hier niet van, maar aangrijpend is het wel.

Eigen aan het neorealisme was de behoefte die de filmmakers voelden om vaarwel te zeggen aan de fantasiewereld die de Italiaanse cinema van voor de oorlog vaak domineerde. Na WO II zat het land in een depressie, er was enorm veel armoede en de kunstenaars van die tijd wilden die toestanden spiegelen in hun werk – zeker mensen als De Sica, die zelf uit een straatarme familie afkomstig was. Die mentaliteit dicteerde dat de plots vaak zeer simpel werden gehouden, gebeurtenissen die letterlijk uit het leven gegrepen waren, zonder grote, dramatische wendingen of geforceerde, louterende climaxen op het einde.
 
Het verhaal van ‘Ladri di Biciclette’ is weinig meer dan een onopmerkelijke anekdote uit een land in crisis, maar dat was dan ook de bedoeling. Om het realisme nog meer voelbaar te maken, gebruikte De Sica ook geen professionele acteurs – Lamberto Maggiorani werd bij wijze van spreken van straat geplukt om Antonio te spelen. Vaak kunnen dat soort van castingtechnieken rampzalig aflopen. Echte mensen, geen acteurs, om échte situaties na te spelen, zoals ze in het échte leven voorvallen – het klinkt logisch, maar zodra je zo iemand voor een camera zet, wordt het toch allemaal anders en vallen die echte mensen vaak pijnlijk door de mand. Hier niet – lag het aan De Sica’s regie op de set zelf, zijn gebruik van de camera of was het simpelweg een kwestie van aangeboren talent van de kant van de acteurs? Hoe het ook zij, je ziét de personages nergens acteren, alles lijkt volstrekt natuurlijk te komen.
 
Bron: ladri di biciclette [digg.be]

bekijk de eerste tien minuten van de film
[ 39 andere fragmenten op youtube ]

andere films van het Italiaanse neorealisme

Ossessione (Luchino Visconti, 1943)
Roma, città aperta (Roberto Rossellini, 1945)
Sciuscià (Vittorio De Sica, 1946)
Paisà (Roberto Rossellini, 1946)
Germania anno zero (Roberto Rossellini, 1948)
Ladri di biciclette (Vittorio De Sica, 1948)
La Terra trema (Luchino Visconti, 1948)
Stromboli (Roberto Rossellini, 1950)
Umberto D. (Vittorio De Sica, 1952)

The Bicycle Thief [ moviediva.com ] | commentaren op de film

vrijdag 4 juli 2008
kunsthistorische ramp
The Basilica of St. Francis of Assisi: Glory and Destruction
door Ghigo Roli (fotografie) en Giorgio Bonsanti (tekst)

heilige Rufinus door GiottoDe Italiaanse fotograaf Ghigo Roli werkte in 1997 aan een complete inventarisering van de wereldberoemde fresco’s van Giotto in de dertiende eeuwse basiliek van de heilige Francisus in Assisi. Maandenlang was hij bezig geweest met detailopnamen die hij o.a. voor een boek zou gaan gebruiken. In de nacht van 26 september 1997 maakte hij de laatste opnamen. Toen hij even naar buiten was gegaan, begon de aarde te plotseling te schudden en kort daarop stortte een deel van het eeuwenoude gewelf met donderend geraas naar beneden. [ zie filmopname ] Na de grote schok rende Roli naar binnen om zijn camera te redden. De schade was enorm. Tweehonderd vierkante meter van het gewelf was beschadigd en na eindeloos gepuzzel zouden resterende fragmenten van de gewelfschilderingen precies vijf jaar later weer op hun oorspronkelijke plaats zijn gebracht. De Italiaanse kunsthistoricus Giorgio Bonsanti schreef de tekst bij de unieke foto’s vlak voor en na deze kunsthistorische ramp.

The Basilica of St. Francis of Assisi: Glory and Destruction

The Basilica of St. Francis of Assisi: Glory and DestructionAfter several seismic tremors in Umbria and the Marche in the preceding days, the strongest earthquake occurred on the morning of September 26, 1997. The earthquake not only tragically killed four people, but also caused severe damage and destruction in the upper church of San Francesco. Serious static damage was found in the walls and the vault. The morning earthquake destroyed around 200 square metres of vault frescoes. In the front bay arch above the entrance, four of the eight pairs of saints by Giotto were affected, and in the adjoining vault of the Doctors of the Church, the field containing St. Hieronymus, also a work by Giotto and his workers, collapsed and left a huge hole in the first bay. In contrast, the vault of the second bay and the vault of the third bay, containing the large deesis portraying Christ as the redeemer together with the advocates Mary and John on either side of St. Francis, remained intact. However, the western part of the fourth bay with a starry sky and the adjoining evangelists’ vault with frescoes by Cimabue above the cross-vault collapsed. The field containing St. Matthew was almost completely destroyed.

Bron: expo.khi.fi.it


virtuele rondleiding door de kapel in Assisi
met de fresco’s van Giotto

interview met Padre Ruf tien jaar na de aardbeving | de basilica van Assisi

vrijdag 30 mei 2008
oorlogsfotograaf
De Krimoorlog (1853-1856) is de eerste oorlog die gefotografeerd is
en Roger Fenton werd de eerste oorlogsfotograaf uit de geschiedenis

Onderstaande foto is niet genomen door de Phoenix bijna 250 miljoen kilometer van hier, maar ruim 150 jaar geleden tijdens de Krimoorlog Het is de eerste oorlogsfoto uit de geschiedenis, genomen door Roger Fenton. Deze Robert Capa van de vorige-vorige eeuw was oorspronkelijk kunstschilder, maar verwisselde zijn beroep voor dat van fotograaf, zoals wel vaker gebeurde in het midden van de negentiende eeuw. Actiefoto’s waren door de lange sluitertijd nog niet mogelijk, dus moest hij de tijd wel stil zetten zoals de kunstschilder zijn model.

Valley of the Shadow of Death
Valley of the Shadow of Death, 1855
Salted paper print from glass negative
[ The J. Paul Getty Museum, Los Angeles ]
Fenton’s most famous photograph is also one of the most well-known images of war. Across a desolate and featureless landscape, not a single figure can be found. The landscape is inhabited only by cannonballs–so plentiful that they first appear to be rocks–that stand in for the human casualties on the battlefield. The sense of emptiness and unease is heightened by the visual uncertainty created by the changing scale of the road and the sloping sides of the ravine.
 
Borrowing from the Twenty-third Psalm of the Bible, the Valley of Death was named by British soldiers who came under constant shelling there. Fenton traveled to the dangerous ravine twice, and on his second visit he made two exposures. Fenton wrote that he had intended to move in closer at the site. But danger forced him to retreat back up the road, where he created this image.
 
Bron: getty.edu
Artist's Van
Roger Fenton the artist’s van
Roger Fenton’s Crimean War photographs represent one of the earliest systematic attempts to document a war through the medium of photography. Fenton, who spent fewer than four months in the Crimea (March 8 to June 26, 1855), produced 360 photographs under extremely trying conditions. While these photographs present a substantial documentary record of the participants and the landscape of the war, there are no actual combat scenes, nor are there any scenes of the devastating effects of war.
 
Bron: Library of Congress

Roger FentonThe photographic career of Roger Fenton (1819-1869) lasted only eleven years, but during that time he became the most famous photographer in Britain. Part of the second generation of photographers who came to maturity in the 1850s—only a decade after the process was invented—Fenton strove to elevate the new medium to the status of a fine art and to establish it as a respected profession. He was the first official photographer to the British Museum and one of the founders of the Photographic Society, later named the Royal Photographic Society, an organization he hoped would help establish the medium’s importance in modern life.

Bron: nga.gov

Crimean War Photos [loc.gov] | The Photographs of Roger Fenton (1852-1860) [National Gallery of Art ] | The Crimean War Research Society
Roger Fenton [ metmuseum.org ]

zaterdag 12 april 2008
secret rooms
STASI - secret rooms van Daniel & Geo Fuchs
fotografiemuseum FOAM Amsterdam, 14 maart t/m 4 juni 2008
In januari 2004 nodigde de Starke Foundation Daniel en Geo Fuchs uit om een artists-in-residence programma te volgen in Berlijn. Na hun succesvolle projecten Conserving en Famous Eyes werden zij zich daar voor het eerst bewust van de structurele, architectonische erfenis van het voormalige DDR-regime in Berlijn. Naast het Palast der Republik (het parlementsgebouw van de DDR) bestaat deze voornamelijk uit kantoorgebouwen van het Ministerie van Staatsveiligheid (STASI). Tot hun verrassing zijn ook nu nog een groot aantal gebouwen, inclusief de interieurs, zo goed als onaangeraakt. Dit bleken voornamelijk plekken die destijds deel uitmaakten van een geheime infrastructuur van de geheime dienst. Deze plekken zijn ook nu nog nauwelijks bekend bij het grote publiek.
 
Bron: foam.nl
Stasi gevangenis
Untersuchungs-Haftanstalt Hohenschönhausen, erste Anhörung
© 2004 Daniel & Geo Fuchs

foam.nl

woensdag 27 februari 2008
Rockefeller Center
187 historische foto’s van het Rockefeller Center
op digitalgallery.nypl.org
Rockefeller Center
In januari 1929 kreeg John D. Rockefeller jr een stuk grond ter grootte van drie stratenblokken, gepacht van Columbia University, in bezit bedoeld voor zowel de bouw van kantoor- en appartementencomplexen als hotels en de Metropolitan Opera. Na de beurscrash van oktober 1929 werden deze plannen enigszins afgezwakt tot het complex in zijn huidige vorm. Onder leiding van architect Raymond Hood werd de stad in de stad in art deco stijl opgetrokken met als hoogste gebouw het GE-Building.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Rockefeller CenterHet Rockefeller Center is een complex van 14 commerciële gebouwen, gebouwd tussen 1929 en 1940, in het hart van Manhattan in New York. Het bestaat onder andere uit de volgende gebouwen:
GE-Building, Radio City Music Hall, Rockefeller Plaza, 50 Rockefeller Plaza, Bank of America Building, 10 Rockefeller Plaza, Nintendo World Store. Op Rockefeller Plaza bij het Rockefeller Center staat een 5,5 meter hoog gouden standbeeld van Prometheus van de hand van de beeldhouwer Paul Menship bij fonteinen. In de winter is hier een ijsbaan, waarop wordt geschaatst, en staat er een enorme kerstboom.
(Bron: nl.wikipedia.org)

Rockefeller Center
het grootste bouwproject van de jaren ‘30

Rockefeller Center [ digitalgallery.nypl.org ] | Rockefeller Center [ en.wikipedia.org ]
top of the rock [ uitzicht vanaf GE Building ]

dinsdag 26 februari 2008
New York 1896
Street views of New York City (1896)
van Alice Austen 1866-1952

Eerder schreef ik iets over de stadsfotografen Jacob Olie (Amsterdam), Johannes Leendert Scherpenisse (Amsterdam), Max Missmann (Berlijn) en Heinrich Zille (Berlijn). Ze fotografeerden het leven op straat eind negentiende-begin twintigste eeuw. Deze week ontdekte ik in de schatkamers van digitalgallery.nypl.org een aantal unieke straatfoto’s van Alice Austen. Terug naar het New York van 1896.

Alice Austen
Street views of New York City (1896)
Alice Austen, one of the first American women to become a photographer, lived the life of an independent, genteel woman during the Victorian age. She also defied conventions and challenged stereotypes in nearly every aspect of her life. She was born Elizabeth Alice Munn on March 17, 1866 to Alice Cornell Austen and Edward Stopford Munn, who married in 1863. The future photographer’s father abandoned her and her mother around 1869. Her mother then reclaimed the surname of her birth and, with Elizabeth Alice, moved into her upper class family’s Staten Island home, called Clear Comfort.
 
Bron: glbtq.com
Alice Austen
Alice Austen captured a visual record of elegant family life during the Gilded Age. While wonderful images of friends and family at home, in private clubs, on picnics, sailing, lounging in gardens, and living the refined life resulted, Austen was not satisfied with documenting her life of privilege. She also captured sweeping views of New York harbor, recorded some of the earliest automobile trips, traveled into Manhattan to take photographs of commuters, immigrants and laborers, and recorded historic events.
 
Bron: glbtq.com
Alice Austen
Street views of New York City (1896)

Streetscape and Townscape of Metropolitan New York City, 1860-1942 [ digitalgallery.nypl.org ]

maandag 18 februari 2008
Ophelia
tentoonstelling John Everett Millais en presentatie Me, Ophelia
in het Van Gogh Museum, 15 februari 2008 tot 18 mei 2008

In de symbolistische schilderkunst was Shakespeare’s personage Ophelia enorm populair. Of beter gezegd, het moment suprême van haar verdrinking in ondiep water was een geliefd onderwerp om uit te beelden. Op de tentoonstelling Schilders van de Ziel over het symbolisme in Frankrijk, die we onlangs bezochten, konden we dus niet om haar heen. Maar we komen haar de laatste tijd vaker tegen. Zo vaak dat het opvallend is geworden.

John Everett Millais, Ophelia
John Everett Millais, Ophelia, 1851

En vanmorgen gebeurde het dus weer: ditmaal was het weer haar allerbekendste afbeelding, die van John Everett Millais. Wat blijkt nu? Ophelia’s ‘icoon’ hangt de komende drie maanden in Amsterdam, om precies te zijn in het Van Gogh Museum. Ik voel me uitgenodigd door haar.

John Everett Millais (1829-1896) was de belangrijkste schilder van het Engelse genootschap der Prerafaëlieten en de meest succesvolle Britse kunstenaar uit de tweede helft van de 19de eeuw. Deze tentoonstelling, georganiseerd in samenwerking met Tate Britain in Londen, omvat ongeveer 100 werken en is het eerste monografische overzicht sinds 1967 en de eerste tentoonstelling sinds 1898 waarin alle aspecten van Millais’ carrière aan bod komen.
 
Bron: vangoghmuseum.nl

Me, Ophelia
Tegelijk met de tentoonstelling wordt er een kleine presentatie ingericht met foto’s van onder anderen Rineke Dijkstra, Hellen van Meene en Inez van Lamsweerde & Vinoodh Matadin. In deze hedendaagse fotografie, die opmerkelijke parallellen vertoont met het oeuvre van Millais, klinkt nog steeds de invloed door van onder meer de fameuze Ophelia.

Hellen van Meene, 1999
Hellen van Meene, untitled, 1999
op de presentatie Me, Ophelia

Ophelia is een personage uit het toneelstuk The Tragedy of Hamlet, Prince of Denmark van Shakepeare. Ze is de dochter van Polonius en dus de zuster van Laërtes. Wanneer Hamlet Polonius doodsteekt, begint haar gekte vorm te krijgen. Ze kan het verdiet niet aan en drijft de bewoners van Elsinore tot wanhoop met onbegrijpelijke liedjes. Later verdrinkt ze onder mysterieuze omstandigheden in een ondiepe beek. Als Laërtes uit Frankrijk terugkeert en de dood van zijn vader en zuster verneemt, kan hij weinig anders doen dan Hamlet uitdagen tot een duel. (Bron: nl.wikipedia.org)

Steven Graber ,Ophelia
Steven Graber, Ophelia
stevengraber.com

meer afbeeldingen van Ophelia

zaterdag 9 februari 2008
tekenaar & fotograaf
150 jaar geleden werd Heinrich Zille (1858 - 1929) geboren

Vorig jaar schreef ik hier iets over de stadsfotografen Johannes Leendert Scherpenisse en Max Missmann. De eerste fotografeerde honderd jaar geleden in Amsterdam, de tweede in Berlijn. Een andere Berlijnse stadsfotograaf is Heinrich Zille, vooral bekend geworden als satirisch tekenaar. Michaela liet mij een fotoboek van hem zien: Berlin um die Jahrhundertwende.

Heinrich Zille
Berlijn aan het begin van de 20e eeuw

Daarin opgenomen niet alleen straatbeelden maar ook interieurfoto’s, zoals onderstaande foto die genomen is in het atelier van de beeldhouwer August Gaul. Deze roept bij mij herinneringen op aan modelfoto’s die in diezelfde jaren verschenen in het legendarische Amerikaanse fototijdschrift Camera Work. Fotografen als Heinrich Kuehn, Gertrude Käsebier en Edward Steichen publiceerden in Camera Work gelijksoortige modelfoto’s die nog sterk verbonden waren met de negentiende eeuwse salonschilderkunst.

Heinrich Zille
modelstudie, omstreeks 1900/03

Heinrich ZilleDe Duitse graficus, tekenaar en fotograaf Heinrich Zille werd in januari 1858 geboren in Radeburg bij Dresden. Heinrich groeide op in een arm arbeidersgezin in Berlijn. Zille volgde een opleiding tot lithograaf en volgde in zijn vrije tijd kunst- en tekenlessen. Tijdens zijn opleiding bestudeerde hij in opdracht van zijn leermeester professor Hosemann het leven van alledag. Hiermee legde Heinrich de basis voor zijn latere werk.

Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog vond Zille, dat Duitsland in haar recht stond en liet hij vooral de vrolijke kant van het soldatenleven zien. Pas na het zien van de gewonde soldaten en nadat hij de verhalen van het front had gehoord, veranderde hij zijn mening. Dit bracht hij tot uiting in zijn werk. Hij tekende moegestreden en verminkte soldaten, die met hun laatste krachtsinspanningen terugkeerden van het front. Ook toonde hij vrouwen, die in eigen land het mannenwerk overnamen, terwijl hun mannen buiten de landsgrenzen aan het vechten waren.

Door de slechte sociale omstandigheden in Berlijn werd de kijk op de maatschappij van Heinrich Zille steeds scherper. Hoe kritischer hij werd, hoe meer populariteit hij verwierf onder de bevolking en andere kunstenaars. Zille werd zo populair, dat de impressionistische schilder Max Liebermannn hem voordroeg als lid van de Pruisische Academie der Kunsten. Bovendien werden er films gemaakt, waarin zogenaamde Zille-figuren de hoofdrol speelden. Op 70-jarige leeftijd kreeg Heinrich Zille een overzichtstentoonstelling in Berlijn. Een jaar later overleed hij. Tweeduizend mensen liepen in augustus 1929 mee in de rouwstoet, waaronder beroemde schrijvers, acteurs, kunstenaars en politici. ( Bron: cultuurarchief.nl )

Heinrich Zille 1858-2008
Vorige maand gaf de Deutsche Post deze postzegel uit ter gelegenheid van
de 150e geboortedag van Heinrich Zille

heinrich-zille-museum.de

vrijdag 8 februari 2008
het archief van de verbeelding
Het onwerkelijke beeld Emblemen, symbolen en metaforen
Paleis voor Schone Kunsten, Brussel tot 30 maart 2008
Het Paleis voor Schone Kunsten opent de vierde tentoonstelling in de reeks Het archief van de verbeelding, een samenwerking met het FotoMuseum Antwerpen. Het onwerkelijke beeld toont een 70-tal foto’s die niet zozeer verslag willen uitbrengen over feiten en toestanden maar wel een ideële, poëtisch-filosofische visie op mens en maatschappij vertolken. Verschillende stromingen komen in de tentoonstelling aan bod, waaronder het surrealisme, het picturalisme, de subjectieve fotografie en de analytische fotografie.
Edward Weston
Edward Weston
Cabbage Leaf, 1931
Een eerste fotograaf die zich intens met een onderzoek naar de beeldende mogelijkheden van het nieuwe medium heeft beziggehouden is de ‘mede-uitvinder’ van de fotografie, William Henry Fox Talbot. Hij werd zich snel bewust van de ambiguïteit van de fotografie: enerzijds zijn foto’s een waarheidsgetrouwe representatie van een anekdotische werkelijkheid, maar anderzijds zijn ze ook ingeschreven in een ruimere beeldcultuur, waarbij ze kunnen uitgroeien tot metaforische, symbolische of zelfs allegorische voorstellingen die hun inhoud slechts prijsgeven bij nadere beschouwing. Zo vertolken zelfs negentiende-eeuwse foto’s, ondanks hun hoofdzakelijk documentaire karakter, vaak ook een mijmering over tijd en vergankelijkheid, over traditie en vernieuwing en over de geldigheid van normen en waarden.
 
Bron: galeries.nl
Alfred Stieglitz, Old and New New York
Alfred Stieglitz
Old and New New York, 1911
Alfred Stieglitz is de voornaamste vertegenwoordiger van het picturalisme in de Verenigde Staten. Hij staat bekend voor zijn foto’s die niet een realiteit willen afbeelden, maar wel sferen en emoties evoceren. Deze ‘Equivalent’-fotografie van Stieglitz kende in de Verenigde Staten een indrukwekkende invloed die ook vandaag nog nawerkt.
 
Bron: galeries.nl

Alfred Stieglitz, zelfportret 1911Alfred Stieglitz was born in Hoboken, New Jersey, in 1864 to German immigrants. He began to photograph while a student in Berlin in the 1880s and studied with the renowned photochemist Hermann Wilhelm Vogel.

On his return to the United States in 1890 he began to advocate that photography should be treated as an art. He wrote many articles arguing his cause, edited the periodicals Camera Notes (1897-1902) and Camera Work (1903-1917), and in 1902 formed the Photo-Secession, an organization of photographers committed to establishing the artistic merit of photography. In 1905 Stieglitz opened the Little Galleries of the Photo-Secession at 291 Fifth Avenue, New York (later called 291). From 1905 until his death in 1946, Stieglitz mounted more than 190 exhibitions in his three New York galleries. ( Bron: nga.gov)

Bron: Paleis voor Schone Kunsten, Brussel [bozar.be]

dinsdag 29 januari 2008
indringend portret
afgelopen weekend las ik een essay van Léon Hanssen
over de ontmoeting tussen Virginia Woolf en Gisele Freund

& daarna zoekend op het web kwam ik een fotopagina tegen over Vita Sackville-West, Virginia Woolf en de Bloomsbury groep met daarin opgenomen een portret van Virginia Woolf uit een historische fotosessie.

Virginia Woolf
Virginia Woolf, gefotografeerd door
Gisele Freund op 23 juni 1939

Gisele FreundAls 1938 der Agfacolor-Diapositivfilm in Frankreich auf den Markt kam, begann Gisele Freund, eine Sammlung von Farbporträts von Schriftstellern anzulegen. Sie fotografierte die Autoren, die sie meist durch Monnier kennengelernt hatte, in regelrechten Porträtsitzungen bei Lampenlicht. Die Bilder bekamen dadurch eine ruhige ästhetische Einheit, die an die Konzeption der Galerie contemporaine von Nadar und anderen Fotografen des Second Empire erinnerte. In etwa eineinhalb Jahren nahm sie in Paris und London über achtzig Schriftsteller auf, von denen später viele zu den wichtigen Autoren des zwanzigsten Jahrhunderts gezählt wurden: Aragon, Breton, Benjamin, Cocteau, Colette, Eliot, Éluard, Gide, Joyce, Koestler, Montherlant, Rolland, Shaw, Valéry, Wilder, Woolf, Zweig u. a.

Dieses einzigartige Farbporträt-Werk wurde erst viele Jahre nach dem zweiten Weltkrieg publiziert und begründet heute Freunds Berühmtheit als Porträtistin des Geistes. In manchen Fällen – Joyce, Malraux und Woolf – ist Freunds Bildnis so stark ins öffentliche Bewusstsein eingegangen, dass es kanonisch für die Figur selbst steht. Als François Mitterrand 1981 französischer Staatspräsident wurde, kannte er diese Ahnengalerie, und er bat Freund, sein offizielles Porträt aufzunehmen. Sie setzte ihn wie die Schriftsteller von einst ins Lampenlicht. Ein Jahr darauf wurde sie mit dem Orden der Légion d‘honneur ausgezeichnet.

Bron: de.wikipedia.org

woensdag 23 januari 2008
Shorpy
fotoblog met historische foto’s van gewone mensen
Shorpy

Shorpy Henry Sharpe Higginbotham – was born Nov. 23, 1896, in Jefferson County, Alabama, to Phelix Milton Higginbotham and the former Mary Jane Graham. He served in the armed forces during World War I. On Nov. 19, 1927, he married Flora Belle Quinton. On Jan. 25 of the following year he died in a mine accident at the age of 31, crushed by a rock, and was buried in Jefferson County. He became a father, posthumously, when his widow bore his child in the summer of 1928.
Bron: shorpy.com

Shorpy en zijn vrienden

shorpy.com

woensdag 16 januari 2008
nogmaals herrijzend Nederland
Ook Maria Austria (1915-1975) fotografeerde de wederopbouwjaren
Maria Austria
meisje met poppenwagen in het Vondelpark, 1956
© Maria Austria Instituut

Maria AustriaMet Henk Jonker, Aart Klein en Wim Zilver Rupe richtte Maria Austria in 1945 het fotobureau Particam Pictures op. Het persbureau richtte zich op onderwerpen uit het gewone leven. Op de documentaire reportages voor kranten en tijdschriften stond de werkende mens centraal. Maria Austria fotografeerde de opbouw van Nederland door de lens te richten op bijvoorbeeld de huishoudbeurs en de bevolking in een typische Amsterdamse buurt als de Jordaan. Ook na de oorlog maakte Maria Austria veel portretten. Zij kreeg acteurs, cabaretiers, dansers, regisseurs en musici voor de camera. Austria en Jonker werden bovendien gevraagd om de eerste voorstellingen in de Amsterdamse Stadsschouwburg vast te leggen. Deze opdracht vormde de kiem voor het specialisme van Austria en Jonker, de theaterfotografie. Zo fotografeerde het paar (in 1950 huwden Maria en Henk) vanaf 1947 ook het Holland Festival. Later kregen ze ook opdrachten van de Nederlandse Opera Stichting, het Concertgebouworkest en tal van andere gezelschappen. Met een rubriek in het Algemeen Handelsblad boden ze elke week een visueel verslag over belangrijke maatschappelijke gebeurtenissen.
Bron: cultuurarchief.nl

Maria Austria
wandelen in het Vondelpark, 1964
© Maria Austria Instituut

maria-austria-instituut.nl | beeldbank.amsterdam.nl

dinsdag 15 januari 2008
wederopbouw in zwart-wit
Aart Klein (1909-2001) portretteerde ons land in de jaren vijftig en zestig

Een paar jaar geleden besteedde ik in deze rubriek aandacht aan de fotograaf Frits Weeda die tussen 1958 en 1965 actief was. Zijn foto’s tonen een somber beeld van de jaren zestig: troosteloze nieuwbouw in druilige polders, bermen vol zwerfafval en naargeestige industriële landschappen. Het optimisme van de wederopbouwjaren zie je in de foto’s van Aart Klein wél terug. De bedrijvigheid van het naoorlogse Nederland legde hij gretig vast. Bekend werd hij o.a. door een lange reeks foto’s over de Deltawerken, waarbij ‘onze strijd tegen het water’ haast mythische proporties kreeg. En tegelijkertijd bleef het ook zo heel gewoon, zo heel Nederlands handen uit de mouwen.

Aart Klein
hoogbouw Rotterdam, 1962
© Nederlands Fotomuseum

Het mooist vind ik zijn foto’s van de naoorlogse nieuwbouw: de eerste galerijflats, genadeloos strakke trottoirs en rijen lantaarnpalen door kale vlakten, lege parkeerterreinen met iele jonge aanplant. Een nieuwe schone wereld vol optimisme zoals de planologen het graag zagen, zonder onbehagen, zonder graffiti.

Aart Klein
Hoogvliet Rotterdam, 1957-1962
© Nederlands Fotomuseum

Aart KleinIn 1945 was Aart Klein een van de medeoprichters van de groep Particam, later op initiatief van Klein omgedoopt tot Particam Pictures. Dit bureau, waar onder anderen ook Maria Austria deel van uitmaakte, verwierf in de eerste jaren na de oorlog een monopolie op het gebied van de theaterfotografie. Daarnaast maakten de leden reportages over de meest uiteenlopende onderwerpen. Het waren de jaren van opbouw en optimisme en deze facetten kwamen in de fotografie van de Particam-fotografen vaak naar voren. In 1956 besloot Aart Klein zich te vestigen als zelfstandig fotograaf en richtte zich op bedrijfsfotografie. Zijn opdrachtfotografie zou steeds meer een ongebonden karakter krijgen; hij vond zijn eigen stijl in een uitgesproken ‘wit-zwart’ fotografie. Aart Klein is actief geweest binnen diverse fotografische organisaties. Zo was hij in 1945 een van de medeoprichters van de Nederlandse Vereniging van Fotojournalisten en maakte gedurende vier jaar, van 1956 tot 1960, deel uit van het bestuur van de GKf. Hij heeft zich altijd ingezet voor de verbetering van de positie van fotografen in Nederland.
Bron: sbk.nl

nederlandsfotomuseum.nl | geheugenvannederland.nl

zaterdag 12 januari 2008
retroverdriet
mooie serie retrofoto’s van Erwin Olaf
Erwin Olaf
Erwin Olaf, Carloline (detail), 2007
uit de serie Grief © Erwin Olaf

erwinolaf.com

donderdag 3 januari 2008
Tatort
Ik keek naar In Europa (het jaar 1922)
en bekeek foto’s van de Keulse fotograaf August Sander (1876-1964)

In de televisieserie In Europa ging het afgelopen zondag over de moord op Walther Rathenau in 1922 en dat leverde de spannendste aflevering op die ik tot nu toe in deze serie gezien heb. Geschiedenis als spannend jongensboek. Of om meer bij het medium televisie te blijven: als een aflevering van Tatort. Soms wordt er wel eens (al te gemakkelijk) van uitgegaan dat Adolf Hitler nooit aan de macht zou zijn gekomen als de moordaanslag op de minister van Buitenlandse Zaken van de Weimar Republik zou zijn mislukt. Rathenau moest gestopt worden. Mak legde wijselijk geen link naar dé politieke moord uit de Nederlandse geschiedenis, maar het is toch veelzeggend dat er een hele aflevering aan dit (in Nederland onderbelichte) incident besteed werd.

De onrust na het verlies van de Eerste Wereldoorlog duurt voort in Duitsland. De nederlaag zet alle tegenstellingen op scherp en slechts één enkele man lijkt de zaak bij elkaar kunnen te houden: Walter Rathenau. Als deze man in 1922 door rechtse extremisten wordt vermoord lijkt er voor Duitsland niemand meer te zijn die het land kan redden.
( Bron: ineuropa.nl/jaar/1922 )

Walther Rathenau
Walther Rathenau op een postzegel van Deutsche Post Berlin

Voor mij was deze documentaire een aanleiding om weer eens te gaan kijken naar de foto’s van August Sander, de fotograaf van het dagelijks leven in de Weimar Republik (1919-1933)

August SanderZu Beginn der 1920er-Jahre kommt August Sander in Berührung mit der „Gruppe Progressiver Künstler“ in Köln und findet in diesem Kreis eine starke Resonanz; hier u. a. in engem Austausch mit den Künstlern Franz Wilhelm Seiwert und Heinrich Hoerle sowie des weiteren mit Gerd Arntz, Gottfried Brockmann, Otto Freundlich, Raoul Hausmann und Stanislaw Kubicki (Berlin), Hans Schmitz, Augustin Tschinkel (Prag/Köln) und Peter Alma (Amsterdam). Zudem ist Sander mit den Malern Jankel Adler, Otto Dix, Heinrich Pilger und Anton Räderscheidt in engerem Kontakt. Viele von ihnen wurden wie auch Künstler anderer Sparten, so der Musik, Literatur, Baukunst und dem Schauspiel von August Sander portraitiert und in sein großes Werk Menschen des 20. Jahrhunderts aufgenommen. Für dieses entwirft er um 1925 ein Konzept, das allerdings über das Sujet des Künstlerportraits hinaus, ein weites Spektrum der damaligen Gesellschafts- und Berufsgruppen umfasst und auf rund 600 Aufnahmen, unterteilt in sieben Gruppen, angelegt ist.

foto van August Sander
notaris, 1924

1927 unternimmt Sander zusammen mit dem Schriftsteller Ludwig Mathar eine rund dreimonatige Reise nach Sardinien, auf der etwa 500 Aufnahmen entstehen. Eine geplante Buchveröffentlichung über die Reise scheitert aber. 1929 veröffentlicht er ein erstes Buch Antlitz der Zeit, eine Auswahl von 60 seiner Portraits Menschen des 20. Jahrhunderts. Die Zeit des Nationalsozialismus bringt für seine Arbeit wie für sein persönliches Leben starke Einschränkungen. Sein Sohn Erich, Mitglied in der linken Sozialistischen Arbeiterpartei Deutschlands (SAP), wird 1934 festgenommen, zu 10 Jahren Zuchthaus verurteilt. Sein Buch Antlitz der Zeit wird 1936 beschlagnahmt, die Druckstöcke werden vernichtet. Während des Krieges verlegt er seinen Lebensmittelpunkt nach Kuchhausen im Westerwald, wohin er u. a. seine wichtigsten Negative und Photographien vor den Bombenangriffen in Sicherheit bringen kann. Sein Atelier wird 1944 bei einem Luftangriff zerstört. 1946 beginnt Sander eine umfangreiche Bilddokumentation über das kriegszerstörte Köln.

Bron: de.wikipedia.org

maandag 26 november 2007
on the road [ 3 ]
schrijver Auke Hulst en tekenaar Raoul Deleo
reisden vijftig jaar later Jack Kerouac achterna ‘ from coast to coast’
de eenzame snelwegDit jaar is het vijftig jaar geleden dat Jack Kerouacs On the Road verscheen, de bijbel van de beatgeneratie. Ter ere van dat jubileum ondernamen schrijver Auke Hulst en tekenaar Raoul Deleo een road trip van New York naar San Francisco – grofweg de route die Kerouac decennia eerder volgde. Zouden ze nog iets terug kunnen vinden van Kerouacs Amerika. Een land van jazz, drugs en gestolen auto’s, bereisd door twintigers bezeten van kicks en literatuur? Met open ogen ondergaan Hulst en Deleo het Amerika dat nú voorbijtrekt. Van het schoongepoetste Manhattan naar het ontvolkte Nebraska, van de loneliest road naar de heuvels van San Francisco, van motel naar motel, van McDonald’s naar McDonald’s. De eenzame snelweg is een fascinerend en persoonlijk verslag in tekst en beeld, een beschouwende en poëtische zoektocht naar Amerika. Een unieke samenwerking tussen twee disciplines en twee talenten.
 
Bron: eenzamesnelweg.com
on the road, Nevada
Nevada

fotolog eenzamesnelweg | meer on the road op W&V

dinsdag 30 oktober 2007
oogsnoep
vorige week ontving ik weer de najaarscatalogus van uitgever Taschen

Weer een catalogus vol met mooie plaatjesboeken van Taschen. Veel boeken zijn sinds september ook online te bestellen via importeur librero.nl

Taschen najaars catalogus 2007 Olaf Hajek
de Taschen najaarscatalogus
daarnaast: illustratie in retrostijl van Olaf Hajek uit Taschen’s Hotel-serie

taschen.com | Taschen boeken bij libero.nl

vrijdag 19 oktober 2007
roestige schoonheid
Foto’s van Edward Burtynsky in het Gemeentemuseum Helmond
Manufactured landscapes in diverse filmhuizen, o.a. in Focus [Arnhem]

“Het is mooi als het goed is, het is goed als het mooi is.” Dit Griekse gezegde is een uitgangspunt voor iedere kunstenaar die zijn hart wil volgen. Het ware, het goede en het schoone hangen wezenlijk met elkaar samen. Maar vaak is dat op een verborgen wijze. Niet iedere mooie buitenkant herbergt altijd goede inhoud en omgekeerd geldt hetzelfde. We moeten het ware, het goede en het schoone telkens weer zelf ontsluiten in de jungle van beelden waarin we leven.

Edward Burtynsky
Edward Burtynsky, Shipbreaking
Chittagong, Bangladesh, 2000

De Canadese fotograaf Edward Burtynsky confronteert ons met industriële landschappen en laat ons de achterkant van onze welvaart zien: uitgemergelde bergen, vervuilde stranden, stervende bossen. Hij toont ons de esthetische kant van onze vervuilde en stervende aarde en brengt mij daarmee in verwarring. Stond ik niet helemaal achter Al Gore en verzette ik mij niet tegen dit ‘grote sterven’? Hoe kan ik deze foto’s dan mooi vinden? Want Burtynsky toont met zijn roestige, monochrome foto’s oppervlakkig gezien heel aantrekkelijke beelden. Ook al is het de ’schoonheid’ van de aftakeling en onttakeling zoals in deze serie scheepsrompen.

Edward Burtynsky
Edward Burtynsky, Shipbreaking
Chittagong, Bangladesh, 2000

Tot 9 januari 2008 is in het Gemeentemuseum Helmond een tentoonstelling van zijn foto’s te zien. Tegelijkertijd draait in verschillende filmhuizen in ons land de documentaire Manufactured Landscapes

Manufactured Landscapes is een documentaire over het werk van de bekende Canadese fotograaf Edward Burtynsky. Burtynsky fotografeert manufactured landscapes over de hele wereld. Hij maakt foto’s van onder andere fabrieken, mijnen, dammen en milieuparken. De esthethiek van deze foto’s roept bij mij de vraag op of bijvoorbeeld foto’s van de meest vervuilde rivieren ter wereld wel mooi kunnen zijn. In deze documentaire wordt Burtynsky gevolgd tijdens zijn reis door China en Bangladesh waarbij hij de gevolgen van de massale industriële revolutie van het land fotografisch vastlegt.
 
Bron: Manufactured Landscapes (documentaire)

Edward Burtynsky [ masters-of-fine-art-photography.com ]

donderdag 13 september 2007
the rules of attraction
Cool School Illustration en glamour fotografie
Elvgren foto Elvgren
“Sweet Dreams”
de favourite pinup van Joe Elvgren
fotoThe design-focused Cooper style had always featured a strong outline or silhouette. Now through the work of Austin Briggs, the ever-inventive Al Parker and the artists associated with the Fredman-Chaite studio in New York City (Bob McGuiness, Bob Peak, Mitch Hooks, Bernie Fuchs, Frank McCarthy and Joe Bowler), mainstream realistic illustration in the 60s devolved to a distillation of line, color, and white space. The rendering was meant to look like a jazzy, improvised sketch or high contrast photograph with broad side pencil slashes, loose, gesture-like contours and flat translucent or granular color. In many ways it was thought to be a repudiation of what the Cooper era had brought to picture making, but it wasn’t entirely new, as many of the conventions remained in place and many longtime illustrators successfully made the transition. Commercial artists still relied heavily on photographs although now they took pains to not look like they did. The scene could have no direct narrative content, making its point by suggestion or association. The women in these images for the most part retained the same All-American features and improvised, candid, ecstatic expressions the Cool School had popularized, but now the reference was abstracted to the essence of volume and the point of view, often from the rear, was pulled back to show the whole figure.
 
Bron: profmendez.tripod.com/html/that60sgirl.htm
donderdag 6 september 2007
on the road [ 2 ]
trip to Reno op flickr.com
Tenopah, Kerouac
Tonopah, Nevada

Trip to Reno [ flickr.com ]

woensdag 5 september 2007
on the road [ 1 ]
road pictures van dumpr.net op flickr.com

Mooie serie foto’s genomen langs de highway in Nevada. Ik moet onmiddellijk denken aan bepaalde schilderijen van Edward Hopper en on the road van Jack Kerouac . Voor mij inmiddels een zoetzure mix van rauw existentialisme en fijne nostalgie.

on the road
Husky Gas Station, Las Vegas

dumpr.net [ flickr.com ]

dinsdag 4 september 2007
roestbakken
rusty old cars van junkyard op flickr.com
car

junkyard [ flickr.com ]

zaterdag 4 augustus 2007
Sven Nykvist
… was de vaste cameraman van Ingmar Bergman
gezien op DVD: Persona (1966)

Door het overlijden van Ingmar Bergman (op dezelfde dag als Michelangelo Antonioni) was ik waarschijnlijk een van de vele liefhebbers die afgelopen week bij Moskwood Media een film uit de Bergman Collectie bestelde. Persona wordt gezien als zijn meesterwerk. Deze keer lette ik vooral ook op de fotografie van Sven Nykvist, de vaste cameraman van Bergman die vorig jaar september overleed. Persona is een indringende film die dicht op de huid zit. Soms heel letterlijk. De intro is een Luis Buñuel-achtig surrealistische compilatie van beelden met een sterke symbolische lading: een schaap dat de keel doorgesneden wordt, een erectie die een fractie van een seconde in beeld blijft, een hand die met een nagel doorboord wordt.

Persona
Liv Ullmann
Bergman’s vrouw en muze
Directed by Ingmar Bergman, Persona (1966) is a sight to behold on a big theater screen. Persona starts with a demonstration of how imagery can have a powerful effect on us. Images of an erect penis, Christ’s hand being nailed to a cross, a lamb having is throat sliced open flash across the screen. As we watch the blood pour from the lamb’s neck, we see its eyes dim in death, and we are horrified. We see a boy in a morgue caressing the viewer’s face through a camera lens. Our perspective is from the outside looking in. Perspective shifts, and we notice that the location where we once stood as viewers, is replaced by interchanging images of Elisabeth and Alma. We are now in the room with the boy, from the inside looking out.
 
Bron: cinephilemagazine.com

Sven Nykvist Sven Nykvist
was born in Moheda, Kronobergs län, Sweden. His parents were Lutheran missionaries who spent most of their lives in the Belgian Congo, so Nykvist was raised by relatives in Sweden and saw his parents rarely. His father was a keen amateur photographer of African wildlife, which may have sparked Nykvist’s interest in the visual arts. A keen sportsman in his youth, his first cinematic effort was to film himself taking a high jump so as to improve his technique. After a year at the Municipal School for Photographers in Stockholm, he entered the Swedish film industry at the age of 19. In 1941, he became an assistant cameraman at Sandrews studio, working on The Poor Millionaire. He moved to Italy in 1943 to work at the Cinecittà, returning to Sweden two years later.

In 1945, aged 23, he became a fully-fledged cinematographer, which his first solo credit on The Children from Frostmo Mountain. He worked on many small Swedish films for the next few years, and spent some time with his parents in Africa filming wildlife, footage which was later released as a documentary entitled In the Footsteps of the Witch Doctor (also known as Under the Southern Cross).Back in Sweden, he began to work with the legendary director Ingmar Bergman in 1953 on Sawdust and Tinsel (released in the US as The Naked Night). He was one of three cinematographers to work on that movie, the others being Gunnar Fischer and Hilding Bladh. Sven Nykvist with director Ingmar Bergman during the production of Through a Glass Darkly, 1960.Nykvist would eventually become Bergman’s full-time cinematographer and push the director’s work in a new direction, away from the theatrical look of his earlier films. He worked as sole cameraman on Bergman’s Oscar-winning films The Virgin Spring in 1959 and Through a Glass Darkly in 1960. He revolutionised the way we see close ups in Bergman’s Persona in 1966.

Bron: en.wikipedia.org

Persona [ cinephilemagazine.com ]

maandag 9 juli 2007
my favourite things [ 15 ]
gezien op video: The Third Man (1949)
en ik werd opnieuw verliefd op de Film Noir

Ik keek naar The Third Man, werd getroffen door de expressieve fotografie en bezocht daarna de weblogs noiroftheweek.blogspot.com en noirblog.com En ik liet me natuurlijk weer verleiden door the Femmes Fatales of Film Noir

stills uit the third man
stills uit The Third Man
stijlmiddelen als scherpe contrasten, schaduwen en diagonalen maken deze film duidelijk schatplichtig aan de Duitse expressionistische film
( … ) wat ook helpt, is natuurlijk de rijke, onheilspellende fotografie: regisseur Carol Reed maakt haast continu gebruik van scheve kadreringen om het idee mee te geven dat er iets niet helemaal klopt, en hij gebruikt zeer geforceerde, bijna theatrale belichting om de mood van de film te versterken. ‘The Third Man’ is opgetrokken uit schaduwen – Welles speelt hier zowat de helft van z’n rol in silhouet. Let op een scène waarin Martins met Lime heeft afgesproken in het Café Mozart. Opnieuw komt Lime tevoorschijn uit de schaduwen. Hij loopt over een in puin gelegde muur heen en stapt in het licht – waar komt dat licht vandaan? Van de spotlights op de filmset, natuurlijk, vanwaar zou het anders komen? Het wordt niet verondersteld om realistisch te zijn, het moet expressief zijn. Die belichting, die scheve shots en natuurlijk de look van het half platgelegde Wenen maken van ‘The Third Man’ een ongezien knap gefotografeerde film.
 
Bron: digg.be

film noir, the master list

Joseph Cotten en Alida Valli
Joseph Cotten en Alida Valli
in The Third Man

Film Noir Top 10 volgens IMDB

01. 8.6 Sunset Blvd. (1950)
02. 8.4 The Third Man (1949)
03. 8.4 Double Indemnity (1944)
04. 8.4 The Maltese Falcon (1941)
05. 8.4 Touch of Evil (1958)
06. 8.3 Strangers on a Train (1951)
07. 8.3 The Big Sleep (1946)
08. 8.3 Notorious (1946)
09. 8.3 The Ox-Bow Incident (1943)
10. 8.2 Ace in the Hole (1951)

Bron: film noir list

still uit The Big Combo
het ultieme Film Noir beeld
still uit The Big Combo (1955)

ingrediënten van de Film Noir
-angst en onzekerheid
-femme fatale
-hard-boiled detective
-mannelijke hoofdfiguur raakt verstikt in een obsessie voor een vrouw.
-ingewikkelde verhaalstructuur
-eigenverslag van de protagonist aan de hand van flashbacks of voice-over.
-maatschappij is keihard. De mensen zijn slecht en de wereld blijft ondanks alles corrupt. Ook de hoofdfiguren in de film blijven zich afvragen wat goed en wat slecht is.
-de lagere sociale klasse, vaak arbeiders, hoeren, nichten, dieven en barkeepers.
-meestal geen happy end

Bron: nl.wikipedia.org

my other favourite things

donderdag 5 juli 2007
twee oostenrijkse schoonheden
Hedy Lamarr en Romy Schneider
Romy Schneider Retrospectief in Filmhuis Den Haag 05.7- 31.08

Omdat het dit jaar 25 jaar geleden is dat Romy Schneider op 43-jarige leeftijd aan een hartstilstand overleed, is er in het Filmhuis Den Haag en in het Filmmuseum Amsterdam een retrospectief aan haar gewijd en dat begint vanavond. Maar voordat ik iets daarover schrijf eerst even wat aandacht aan die andere Oostenrijkse schoonheid, die net als Romy haar vaderland voor de film verliet: Hedwig Eva Maria Kiesler, beter bekend als Hedy Lamarr

Hedy Lamarr (1914 - 2000)
Extase (1933)speelde als jong meisje al in een paar films, totdat ze in de Tsjechische film Extase (1933) door Hollywood werd opgemerkt. Het was overigens niet zo vreemd dat deze film in Amerika was opgevallen, want Hedy Lamarr heeft met Extase de eerste ‘naaktscene’ uit de filmgeschiedenis op haar naam staan. Al is dat misschien een groot woord, je ziet haar gewoon even bloot van voren, dat is alles, maar in die tijd bracht dat op het witte doek een enorme opschudding teweeg.

Extase (Tsjechië, 1933)
regie: Gustav Machaty
Een jonge bruid van wie de echtgenoot impotent is, heeft een relatie met een ingenieur. Ze vraagt echtscheiding aan, maar wanneer haar Extase Poster 1933ex-man zelfmoord pleegt, weigert ze met haar minnaar mee te gaan. Deze film, met in de hoofdrol Hedwig Kiesler, zorgde voor opschudding door de (voor die tijd) gewaagde erotische scènes met beelden van frontaal vrouwelijk naakt. Het puriteinse Amerika censureerde de produktie zoals het bijna overal het geval was. (…) Extase werd gedraaid op locaties met prachtige landschappen en is een film vol lyrische schoonheid en gestileerde erotiek.
Nieuwsgierig geworden? Bekijk een paar fragmenten.

Bekend is het verhaal van de wapenhandelaar Fritz Mandl met wie Lamarr vlak daarna trouwde. De man was zo extreem jaloers dat hij zoveel mogelijk copieën van Extase opkocht en daarna liet verbranden. Bovendien liet hij Hedwig dag en nacht bewaken. Geen fijn huwelijk dus en natuurlijk probeerde Hedwig weg te komen. Haar ontsnappingsverhaal is misschien wel opwindender dan haar meeste films: Ze bedwelmde haar kamermeisje, ontsnapte via de dienstuitgang en vertrok naar Londen waar ze toneel ging spelen. In die periode kocht ze een ticket naar Amerika en onderweg op de boot ontmoette ze filmbons Louis B. Mayer van MGM, die haar uiteraard nog kende van haar pikante zwemscene en hij bood haar onmiddellijk een contract aan. Maar eerst moest ze van Samuel Goldwyn haar naam nog laten veranderen om zo afstand te nemen van haar verleden. Want zo’n naaktscene ging voor het Amerikaanse publiek natuurlijk veel te ver…

Hedy Lamarr
Elke meid kan er betoverend uitzien. Je hoeft alleen maar stil te zitten en stom voor je uit kijken.

Hedy Lamarr (1914-2000)

In Amerika werd Lamarr een ster en speelde met de grote acteurs van haar tijd: Spencer Tracy, Clark Gable en James Stewart. Haar eerste Hollywoodfilm was Algiers (1938) Andere films waren o.a. Tortilla Flat (1942), White Cargo (1942), Samson and Delilah (1949) en The Female Animal (1957). Na haar eerste ongelukkige huwelijk met Fritz Mandl, trouwde Lamarr nog vijfmaal. Ze overleed in 2000 op 85-jarige leeftijd (bijna twee keer zo oud geworden als Romy Schneider) en liet haar as uitstrooien in het Wiener Wald.

A Tribute to Hedy Lamarr op youtube.com

No actress has ever or will be as beautiful as Hedy.
Check her out on Wikipedia and read about one of her inventions that helped the Allies defeat Hitler.

A Goddess! The most beautiful woman who ever lived!
Not to mention a brilliant mind…!

(reacties op youtube)

Hedy Lamarr [ official website ]

Romy Schneider (1938 -1982)
Net als Hedwig debuteerde Romy als 15-jarig meisje in een film. Dat was samen met haar moeder in Wenn der weisse Flieder wieder Blüht uit 1953. Op haar zeventiende brak ze internationaal door als de Oostenrijkse keizerin Elisabeth in de Sissi-trilogie (1955-1957). In 1959 werd ze tot over haar oren verliefd op Alain Delon en vertrok ze naar Frankrijk. Daar werd ze een van de sterren van de Franse én Italiaanse cinema van de jaren zestig.

Romy Schneider
Die Erinnerung ist oft das Schönste im Leben, glaube ich

Romy Schneider (1938 -1982)

Halverwege de jaren zeventig verkeert Romy Schneider op het toppunt van haar roem, terwijl ze in haar privé-leven onder grote druk staat: ze lijdt aan depressies en een alcohol- en drugsverslaving. Haar huwelijk met de Duitse acteur/toneelregisseur Harry Meyen loopt op de klippen en ook een tweede huwelijk houdt geen stand. In 1981 slaat het noodlot toe wanneer haar tienerzoon David bij een tragisch ongeval om het leven komt. Een jaar later overlijdt Romy Schneider op 43-jarige leeftijd, volgens de officiële lezing aan een hartstilstand.
 
Bron: cultuur.residentie.net

Wer war Romy Schneider? | Das Romy Schneider Archiv

la piscineenkele films die tijdens het retrospectief te zien zullen zijn:

Boccaccio 70
Claire de femme
l’ Important c’est d’aimer
La piscine
Les choses de la vie
Ludwig
Sissi
Wenn der weisse Flieder wieder blüht
What’s new Pussycat

het volledige overzicht

Tijdens het Romy Schneider Retrospectief in juli en augustus zal in het Filmhuis Den Haag de tentoonstelling van bakvis tot diva; curiosa & serieuze zaken te zien zijn.

woensdag 4 juli 2007
la lollo 80
vandaag viert deze dame haar tachtigste verjaardag
Gina Lollobridgida
A woman at 20 is like ice
at 30 she is warm
and at 40 she is hot

Gina Lollobrigida (1927 - )

Lollobrigida’s career began when she won a beauty contest in 1947. She was ambitious to become an actress, although she also liked being an art student at the Academy of Fine Arts in Rome where she studied sculpture and painting. She won parts in many Italian movies during the early fifties, including Fan-Fan the Tulip (1951), Beauties of the Night (1952), Infidelity (1952) and was excellent in The Wayward Wife (1952). But it was as the fiery temptress, ‘Frisky’, in the trilogy which began with ‘Bread, Love and Dreams’ (1953) that the young actress leapt to stardom in a widely praised performance. This was the first of the romantic Italian neorealist movies, realistic movies set amongst the working class.
 
Her other famous movies included ‘Trapeze’ (1956), ‘The Law’ (1959) and ‘Come September’. The Americans loved her and featured her on many magazine covers, including Time, Life and Redbook. Rumors of rivalry with another very famous Italian actress, Sophia Loren, only fueled media interest.
 
Bron: lifeinitaly.com

ginalollobrigida.com | Gina Lollobrigida [ nl.wikipedia.org ]

twee fotografen, twee steden
Johannes Leendert Scherpenisse (Amsterdam)
en Max Missmann (Berlijn)

Door de bestseller In Europa hebben waarschijnlijk al een miljoen Nederlanders kennis kunnen maken met het eerste hoofdstuk waarin Geert Mak impressies geeft van Berlijn, Londen, Parijs en Wenen in het eerste decennium van de vorige eeuw. Dat Amsterdam in het rijtje ontbreekt, komt waarschijnlijk omdat Mak in 1992 al de Engel van Amsterdam geschreven heeft, een soort literaire stadskroniek.

Berliner PlätzeHet succes van Geert Mak staat natuurlijk niet op zichzelf. Er is een enorme belangstelling voor geschiedenis, vooral als het gaat om literaire non-fictie vanuit een persoonlijk perspectief. Dat is ook precies de invalshoek van de stadsfotograaf. Eigenlijk is er niet zoveel verschil tussen de ‘methode’ van een schrijver als Geert Mak en die van de stadsfotograaf: ze gaan beiden de straat op, bewegen zich tussen de mensen door en observeren. Ze houden van de mensen, ze houden van de stad. En ze zien door hun houding van ‘afstandelijke betrokkenheid’ het bijzondere van de alledaagsheid. Het is niet toevallig dat bij mij op tafel naast In Europa het fotoboek Berliner Plätze ligt, met foto’s van de Berlijnse stadsfotograaf Max Missmann. Mak keert tijdens zijn reis door Europa én de twintigste eeuw telkens terug naar Berlijn, voor hem de hoofdstad van die eeuw.

Maar voordat ik met Missmann verder ga, blijf ik eerst even in het Amsterdam rond 1910. Op het web staat een mooie fotocollectie van stadsfotograaf Johannes Leendert Scherpenisse die tussen 1905 en 1913 actief was. Een bezoek aan deze online fotocollectie is als een wandeling door een Amsterdam dat er niet meer is, maar toch nog duidelijk herkenbaar is, zoals op onderstaande foto.

Scherpenisse
J. L. Scherpenisse
Damrak vanaf de beurspassage, 1910
© fotocollectie J. L. Scherpenisse

Joahnnes Scherpenisse rond 1913, 1914Johannes Leendert Scherpenisse
was een Amsterdams stadsfotograaf, geboren op 8 april 1888. Zijn werkterreinen waren in de jaren 1905-1913 in de eerste plaats de grote Amsterdamse markten: Amstelveld, Waterlooplein, Nieuwmarkt, Noordermarkt en Westerstraat. Op de Albert Cuyp maakte hij in 1905 de oudste foto’s van deze beroemde markt! Daarnaast fotografeerde hij het leven op straat in de typische volksbuurten: de Jordaan, de Pijp en delen van de Jodenbuurt. Ook zocht hij drukke plekken in de stad, zoals de Dam, het Damrak en Rokin, een feest op het IJsclubterrein achter het Rijksmuseum, de steigers achter het Centraal Station of juist een groep schaatsers op een ijzig bevroren Boerenwetering. Hij fotografeerde ook de landelijke omgeving van Amsterdam zoals Nieuwendam, Sloterdijk, de Omval en de Schinkel. Door zijn rustige, registrerende werkwijze documenteerde Scherpenisse het leven op straat zoals dat zich voordeed aan een onbevangen voorbijganger.

(op de foto: Johannes Leendert Scherpenisse omstreeks 1913-1914)

Max Missmann fotografeerde vooral tussen 1903 en 1913 in het Wilhelminische Berlijn, maar was tot in de dagen van de Weimarrepubliek actief. Drie jaar geleden kocht ik in Berlijn het fotoboek Berliner Plätze. Ik ken geen stad die zo verminkt is en waar het verleden zo voelbaar aanwezig is. Na de Wende is er weer veel belangstelling voor het historische Berlijn en lijkt er een collectieve spijt te bestaan over de naoorlogse afkeer van het nationale verleden, die na de oorlog nog eens een spoor van verwoestingen heeft achtergelaten.

Max Missmann
Max Missmann
Kruising Unter den Linden en
Friedrichstraße met Café Bauer, 1909

Berucht is inmiddels de vernietiging van het imposante Stadtschloss: eerst door een Amerikaans bombardement in februari 1945 en daarna door het DDR-regime die de ruïnes in de jaren vijftig met de grond gelijk liet maken. Het symbool van de Hohenzollern in Berlijn paste niet in de klassenloze heilstaat, zo oordeelde men toen. In 1976 verrees op deze plek het monstrueuze Palast der Republik, dat op dit moment weer gesloopt wordt. Net als een groep rondom Wim T.Schippers in Amsterdam het initiatief heeft genomen om het Paleis van Volksvlijt opnieuw op te richten (op de plek van de Nederlandsche Bank) , is er in Berlijn een initiatief om het Stadtschloss te herbouwen.

Alexanderplatz
De Alexander Platz (hier in 1906) is evenals de Potsdammer Platz tegenwoordig onherkenbaar veranderd

Max Missmann in 1914Max Missmann
werd in 1874 in Berlin-Kreuzberg geboren. Nadat hij eerst als decorateur gewerkt had, begon hij in 1898 met een opleiding tot fotograaf en in 1903 vestigde hij zich als zelfstandig fotograaf in Berlijn. Tot aan de verwoesting van zijn atelier in 1944 publiceerde hij 20.000 foto’s. Het Märkisches Museum in Berlijn bewaart nog altijd duizend afdrukken. Missmann had een voorkeur voor het fotograferen van pleinen en gedurende zijn hele loopbaan bleef hij foto’s nemen van de Potsdammer Platz. Hij stierf in 1945 en heeft de vernietiging van zijn stad als oude man nog moeten meemaken.

(op de foto: Max Missmann in 1914)

fotocollectie J.L. Scherpenisse | stadsarchief Amsterdam

donderdag 24 mei 2007
Paradijs
fotos’ van Walter Blum uit de jaren ‘50 op Fotofestival Naarden

Na mijn posts over de hel van Passendale, Verdun en Somme even een flinke ruk de andere kant op. Op het Fotofestival Naarden zijn foto’s te zien die Walter Blum in de jaren vijftig maakte. In de jaren na de Tweede Wereldoorlog probeerde men collectief de herinneringen aan de verschrikkingen in roze wolken op te lossen: een babyboom die de blik op de toekomst deed richten en veel mierenzoete plaatjes in tere pasteltinten. Heerlijk om naar te kijken, maar het blijft natuurlijk een bedriegelijke droomwereld. De werkelijkheid had zijn grimmigste gezicht getoond en kon even niet meer verdragen worden.

Walter Blum gasmaskers
Walter Blum maakte bewust twee wereldoorlogen mee en koos in de jaren vijftig bewust voor mierenzoete plaatjes. Zijn foto (links) bij het thema Paradijs, staat in maximaal contrast met de foto (rechts) die ik gisteren liet zien: het verschil tussen hemel en hel.
Walter Blum is in 1890 geboren in Berlijn, en overleed in 1964 in Amsterdam. Van oorsprong operazanger in Berlijn. Hij verloor zijn stem en begon met fotograferen. Blum fotografeerde voor een groot aantal mode- en damesbladen in Nederland ondermeer voor Libelle en Eva. Daarnaast fotografeerde hij baby’s, bloemen, honden, katten en paarden. In Naarden bij het thema Paradijs.
 
Bron: fotofestivalnaarden.nl
woensdag 16 mei 2007
westelijk front [ 1 ]
vandaag bezoeken we het slagveld van Verdun

Gepland staan o.a. een bezoek aan het Mémorial de Verdun en het Ossuaire de Douaumont

westelijk front 1914 - 1918
vandaag, morgen en overmorgen
bezoeken we de drie grootste slagvelden
uit de geschiedenis
De Slag bij Verdun wordt de grootste uit de wereldgeschiedenis genoemd.
Nooit is er zo langdurig, met inzet van zoveel mensen, strijd geleverd op zo’n beperkt grondgebied. Deze veldslag, die woedde van 21 februari 1916 tot 19 december 1916, eiste naar schatting meer dan 700.000 doden, gewonden en vermisten op een slagveld nauwelijks groter dan tien bij tien kilometer. Uit strategisch oogpunt gezien is er geen enkele rechtvaardiging te vinden voor deze monsterlijke verliezen. De Slag bij Verdun ontaardde in een prestigeslag tussen twee volkeren…….
 
Bron: de slag bij Verdun
Verdun in kleur
Le plus belle ouvrage sur la guerre…
Al tijdens de Grote Oorlog ging de belangstelling voor de oorlog al gepaard met een gevoel van sensatie.
Daar is blijkbaar weinig aan te doen.
Verdun in kleur
zeldzame kleurenfoto’s uit 1916 brengen
de Slag bij Verdun heel dichtbij.

WO I algemeen
Slag bij Verdun
verdun-douaumont.com
The Great War [Amerikaans]
Kaarten [westernfrontassociation.com]

donderdag 3 mei 2007
heerlijkheid [ 1 ]
Hemmen is een heerlijkheid in de Betuwe

Gisteren een nieuwe digitale camera gekocht. Mijn vorige Olympus was in september bijna door de Rijn meegesleurd. Ik had het nog uit het water kunnen redden, maar het digitale hart van de camera heeft de ‘de kus van de rivier’ toch niet overleefd. Nu ik weer heel veel plein air ben, in de mooiste tijd van het jaar, is het dus de hoogste tijd voor vervanging geworden. Het is dus weer een Olympus en ik ben daar erg blij mee. Bovendien kan ik de oude geheugenkaartjes nu nog gebruiken.

Hemmen
Monet had het hier vast mooi gevonden

Op de terugweg van de dozenschuiver in Bemmel, kwam ik langs een heerlijkheid in de Betuwe. Dertig jaar geleden was ik daar voor het eerst met de klas en onze lerares Engels. Wat een ontdekking was dat die plek, we waren net 14 en het leek wel eeuwig zomer. De meisjes plukten bloemen en de jongens plukten meisjes. Herinneringen aan die dag in 1977 en vooral aan een ongeneeslijke kalverliefde kwamen vanzelf terug op deze plek. In 1988 zijn er veel oude bomen gekapt en is er een weids gazon gekomen. Maar de vijver van het voormalige kasteel Hemmen (waar nu alleen nog wat fundamenten van zijn overgebleven) ligt nog altijd in het groen verzonken.

Hemmen

Prachtig dat zachte voorjaarslicht in het begin van de avond. Claude Monet had het hier misschien wel net zo mooi gevonden als in Giverny. Toen ik met 70 foto’s op zak weer wegreed, was alles zoals 30 jaar geleden: alle wegen omzoomd door bomenrijen en wuivend fluitekruid, zoals het begin mei hoort in de Betuwe.

kasteeltuinhemmen

vrijdag 20 april 2007
fijne plaatjesboeken [ 1 ]
Nieuwe uitgaven bij Benedikt Taschen: Berlin

Ooit begonnen als punker met een stripboekenwinkeltje in Keulen, is Taschen ruim 25 jaar later een sexy merk geworden met vestigingen over de hele wereld. Publishers of Art, Anthropology and Aphrodesia staat er op de omslag van de nieuwe voorjaarscatalogus. Gisteren viel hij weer op de mat. Sex sells, dus een flink deel van het Taschenfonds bestaat uit erotische, semi-pornografische en soms ranzige boeken (onder de noemer camp, want dan is het intellectueel verantwoord), die wat mij betreft niet zo hoeven. Voor de rest wel veel fijne plaatjesboeken over kunst, architectuur, design en film.

Berlin
Glienicker Brücke bij Potsdam. In de jaren 1961-1989 vaak gebruikt om spionnen uit te wisselen en soms ging dat in een lijkkist. In de zomer van 2004 ben ik er fluitend overheen gefietst.
BerlinBerlin has survived two world wars, was divided by a wall during the Cold War, and after the fall of the Wall was re-united. The city emerged as a center of European power and culture. From 1860 to the present day, this book presents the story of Berlin in photographs, portraits, maps, and aerial views. With nearly 700 pages of emotional, atmospheric images, from giddy pictures of the Roaring Twenties to devastating images of war to heartwarming postwar photos of a city picking up the pieces—the Reichstag in ruins and later wrapped by Christo and Jeanne-Claude—this is the most comprehensive photographic study on Berlin ever made. More than a tribute to the city and its civic, social, and photographic history, this book especially pays homage to Berlin’s inhabitants: full of hope and strength, in their faces is reflected Berlin’s undying soul.
 
Bron: taschen.com

meer van Taschen op deze weblog

dinsdag 17 april 2007
grote sprong voorwaarts
60 jaar Magnum Photos

Henri Cartier-Bresson, een van de oprichters van Magnum Photos in 1947, maakte op 1 oktober 1958 onderstaande foto. Net als zijn beroemde momentopname Derrière la gare Saint-Lazare uit 1932 (zie detail rechts bij button fotografie), bevrijdt hij hier het moment niet alleen van de tijdelijkheid maar ook van de zwaartekracht. Iedereen hangt hier in de lucht terwijl de Grote Roerganger zélf onzichtbaar aanwezig is. Poëzie en journalistiek met elkaar verenigd. Icoon van een grootse idee, die bijna 50 jaar later weer vragen oproept. Is China inmiddels weer met beide benen op de grond of nu pas echt bezig met zijn grote sprong voorwaarts?

leap forward
Henri Cartier-Bresson
Beijing 1 oktober 1958

henri cartier-bresson

Magnum is a community of thought, a shared human quality, a curiosity about what is going on in the world, a respect for what is going on and a desire to transcribe it visually.

Henri Cartier-Bresson

magnumphotos.com

maandag 19 maart 2007
intens en indringend
gisteren gezien: De eindeloze oorlog, veteranenportretten van Martin Roemers, Kunsthal Rotterdam, 24 februari t/m 3 juni 2007

Martin Roemers Het gebeurt zelden dat ik in een museum tranen in mijn ogen krijg. Gisteren overkwam het mij in de Kunsthal. Nadat ik genoten had van de Adem der natuur in de benedenzaal, bezocht ik op de bovenverdieping twee andere tentoonstellingen: Land in Zicht, een serie aquarellen en topografische kaarten uit de zeventiende eeuw en De Eindeloze Oorlog, een serie indringende veteranenportretten van Martin Roemers. Vorig jaar werd hij in één klap over de hele wereld bekend door een prijs in de wacht te slepen in de categorie Portretten bij World Press Photo 2005. De winnende foto (zie boven) maakt deel uit van een reeks portretten die Roemers maakte van Nederlandse, Duitse, Engelse, Amerikaanse, Russische en Poolse veteranen uit de Tweede Wereldoorlog. Deze worden nu op groot formaat in de Kunsthal gepresenteerd.

Toen jongens en meiden van amper twintig jaar, nu stuk voor stuk tachtigplussers. De portretten zijn journalistiek en artistiek van hoog niveau. Door de afmetingen en een kleine scherptediepte, waarbij puntje van de neus en oren vaak al onscherp zijn en de wenkbrauwen letterlijk haarscherp, zijn deze foto’s een bijna grafische weergave van het visitekaartje van de ziel. Doordat de focus bij de ogen ligt, worden deze extra indringend. Onder de grote portretten hangt een bordje met daarop een oorlogsherinnering van de veteraan. Om die te kunnen lezen, moeten we ons hoofd buigen. Zo worden deze portretten een passend eerbetoon aan mensen die een bizar gemeenschappelijk lot delen: tijdens de verschrikkingen van de oorlog zagen ze bij elkaar de dood in de ogen. Tegenwoordig zien ze elkaar vaak jaarlijks tijdens veteranenbijeenkomsten, met een kopje koffie en een koekje erbij, als oude mensen die vaak allang niet meer alleen praten over de oorlog, maar bijvoorbeeld ook over het getob met dezelfde ouderdomskwalen.

De Eindeloze Oorlog | Boek |  Euro 29.50De tentoonstelling ‘De eindeloze oorlog’ van fotograaf Martin Roemers laat een bijzonder indringend portret van veteranen uit de Tweede Wereldoorlog zien. Voor Roemers (1962), in 2006 een van de winnaars van World Press Photo in de serie Portretten, is oorlog geen onbekend thema. Eerder al verbeeldde hij de militaire dienstplicht in Nederland en de Nederlandse militairen op vredesmissie in het voormalige Joegoslavië en Afghanistan. In deze tentoonstelling geeft Roemers de Tweede Wereldoorlog daadwerkelijk een gezicht door veteranen uit verschillende landen met hun persoonlijke verhalen te portretteren. Hij weet het moment waarop het geheugen zich meester maakt van het gezicht en de herinneringen bovenkomen op intense wijze in zwart-wit fotografie vast te leggen.
 
Bron: kunsthal.nl

Word Press Photo

donderdag 15 maart 2007
meisjesachtig en melancholiek
vandaag begint een Isabelle Huppert retrospectief in de filmhuizen

Ergens eind jaren zeventig heb ik bij de VARA voor het eerst l’Invitation en la Dentellière van Claude Goretta gezien. Later werden deze tijdens een Goretta-cyclus in de jaren tachtig nog eens herhaald. Daarna kan ik me niet herinneren dat er nog films van de Zwitserse regisseur op de Nederlandse televisie zijn geweest. De VARA ging steeds meer cabaret programmeren wat ten koste ging van het sociaal realisme. Met l’Invitation uit 1973 die in Cannes bekroond werd met de juryprijs, toonde hij zich een grootmeester op het gebied van de karakterstudie.

La DentelliereMet La Dentellière uit 1977 was zijn naam voorgoed gevestigd. Maar ook die van de toen 23-jarige Isabelle Huppert die het arbeidersmeisje Pomme speelde. Geen vrolijke film, maar dat is sociaal realisme zelden (uitgezonderd in propaganda, maar dat moet eigenlijk sociaal idealisme genoemd worden). Ook la vie rêvée des anges van Eric Zonca uit 1998 schildert het leven van een fabrieksmeisje in datzelfde deprimerende Noord-Frankrijk en is evenmin het zonnetje in huis. Wat het genre voor mij aantrekkelijk maakt, is de ongeflateerde, droge registratie van het leven van de ander. En dat gaat meestal samen met een mengeling van empathie en opluchting.

La Dentellière vertelt het verhaal van Pomme, een zwijgzaam meisje dat opgegroeid is in een armoedig arbeidersdorp in Noord-Frankrijk. Pomme werkt in een kapperszaak. Met haar collega en vriendin Marylène, die altijd achter de mannen aanzit, gaat ze op vakantie aan zee. Daar ontmoet ze een jonge student met wie ze de tijd van haar leven heeft. Hij probeert het arbeidersmeisje een culturele opvoeding te geven en haar te kneden naar zijn wensen, maar zonder veel succes. Met het verstrijken van de tijd komt hij erachter dat Pomme niet kan voldoen aan het beeld waarop hij verliefd is geworden. Hij vindt dat ze elkaar niets meer te zeggen hebben. Hij gaat zich steeds meer ergeren aan haar bedrijvigheid, haar goed bedoelde zorgen en haar neiging zich voor hem weg te cijferen. Uiteindelijk beëindigt hij hun relatie.
 
Bron: moviemeter.nl
Huppert1 Huppert2
De Franse actrice is ook bij fotografen geliefd vanwege haar unieke uitstraling: een mengeling van mondaniteit, meisjesachtigheid en melancholie. Tweemaal Isabelle Huppert door Bernard Plossu en Jürgen Teller

Ook het filmmuseum in Amsterdam doet mee aan het retrosprectief en op zondag 8 april zal Isabelle Huppert daar de eregast zijn. De zaterdag daarvoor zal ze in den Haag de tentoonstelling de vele gezichten van Isabelle Huppert openen, waarbij ook een foto te zien is die Rineke Dijkstra van haar maakte.

Isabelle Huppert, la vie pour jouer

donderdag 8 maart 2007
bepalen wij zelf wat mooi is?
vanavond om 22.50 op Ned. 2: Beperkt Houdbaar van Sunny Bergman documentaire over hoe ons zelfbeeld door de beeldcultuur beinvloed wordt

Ik ben benieuwd naar de documentaire van Sunny Bergman die de VPRO vanavond laat uitzendt. De dubbelheid die wij allemaal hebben ten aanzien van het uiterlijk, belooft pijnlijk in beeld te worden gebracht. Ik verzet mij wanneer de ander mij op mijn uiterlijk beoordeelt en het irriteert mij wanneer ik merk dat gedicteerde voorbeelden mijn zelfbeeld beinvloeden. Maar wanneer ik eerlijk ben, vorm ik zelf ook oordelen op grond van het uiterlijk en moet ik tot mijn schaamte toegeven dat ik ook naar het uiterlijk kijk met een blik die door onze beeldcultuur bepaald is. Juist ook omdat ik mij tegen dat opgedrongen beeld verzet.

Cosmeticafabrikant Dove dat zijn imago van blanke onschuld extra profiel wil geven, is nu een campagne begonnen tegen de dictatuur van het heersende schoonheidsideaal. Zolang we aantrekkelijk willen worden gevonden door de ander, die net als wijzelf door het schoonheidsideaal van onze beeldcultuur gemanipuleerd wordt, is het vechten tegen de bierkaai. Net als tegen de rimpels. Met het verschil dat een negatief zelfbeeld tussen de oren zit en lastiger recht te trekken is dan een rimpel. Al waagt Dove een dappere poging.

Documentaire waarin een krachtige analyse wordt gegeven van de huidige tijdsgeest waarbij de economie steeds verder ons lichaam binnendringt. Sunny Bergman laat zich, net als in haar vorige films, inspireren door haar persoonlijke leven.
 
Op 34-jarige leeftijd is Sunny bang om binnenkort niet meer aantrekkelijk te zijn, terwijl ze tegelijkertijd boos is dat vrouwen voortdurend op hun uiterlijk beoordeeld worden. Deze innerlijke tegenstrijdigheid is de drijfveer voor een filmische zoektocht door een wereld waar vrouwen na hun 35ste niet langer houdbaar zijn.
 
De cosmetische industrie vaart er wel bij en laat niet na Bergman en andere vrouwen te wijzen op hun tekortkomingen. Van kraaienpootjes tot schaamlippen, van hangborsten tot zadeltassen. Overal laat Bergman zich aan een kritische blik onderwerpen door plastische chirurgen, die graag het mes in haar zouden willen zetten.
 
Ook gaat ze verhaal halen bij glossy’s als de Cosmopolitan. Waarom schenken ze zoveel aandacht aan het uiterlijk, terwijl ze ook prediken dat vrouwen zelfstandig en vrijgevochten moeten zijn? Of is dat geen tegenstelling?
plastische chirurgie
Barbiepop of Photoshop?
Iedere dag worden we gebombardeerd met honderden - zo niet duizenden - geretoucheerde foto’s en afbeeldingen van ’schoonheden’… Afbeeldingen die van invloed kunnen zijn op hoe wij ons lichaam en onszelf zien. Maar wie bepaalt wat mooi is? Hoe kunnen we deze enorme druk verlichten? En meisjes en vrouwen helpen om op een positieve manier naar hun lichaam te kijken? Wij vinden dat het tijd is om samen met jou actie te ondernemen.
 
Bron: tijdvoorechteschoonheid.nl

beperkt houdbaar [ website n.a.v. de documentaire ]

maandag 20 november 2006
Bungelen boven Parijs
met Google Maps per satelliet de wereld screenen
centrum met Seinne en boulevards
Grand et Petit Palais, Place de la Concorde, Jardin des Tuilleries en Louvre
Eiffeltoren
Place de l’ Etoile met Arc de Triomphe
Notre Dame

Google Maps | Bungelen boven Rome

zondag 10 september 2006
Bungelen boven Rome
met Google Maps per satelliet de wereld screenen
Rome en de haven van Ostia
Het centrum van Rome (De pijl wijst naar het monument voor Vittorio Emmanuel )
bocht van de Tiber (rechtsonder) met Engelenburcht en Sint Pietersplein
Sint Pietersplein
Forum Romanum en Coloseum
Tibereiland

Google Maps

zondag 3 september 2006
Latijnsamerikaanse dromen
A Map of Latin American Dreams
“Dreams are real. They exist,” states Martin Weber. In the series A Map of Latin American Dreams, Weber aspires to record the hopes and dreams of his subjects, and to assemble an archive of portraits created throughout Latin America. Born and raised in Argentina, Weber feels that “Latin America is a land of contradictions and broken dreams. A place where countries are being rebuilt again and again almost every ten years.” As the title of the series implies, Weber’s goal is to draft his own map of Latin America, one that does not show geographic boundaries or variations of terrain, but instead portrays its people through their innermost desires.
 
Bron: lightwork.org/exhibitions/past/weber.html
Martin Weber
‘Mi hermano sueña con estudiar musica’
Mijn broer droomt ervan om muziek
te studeren
woensdag 30 augustus 2006
Grote Oorlog [2]
unieke kleurenfoto’s uit de Eerste Wereldoorlog
great War

stern.de

dinsdag 29 augustus 2006
Grote Oorlog [1]
The World War I Document Archive
Great War

gwpda.org

vrijdag 25 augustus 2006
Rembrandt bij de Arapaho’s
indianenportretten van Edward Curtis bij picture-history.com
old man

picture-history.com | edwardscurtis.com

dinsdag 22 augustus 2006
Tommy van Leeuwen
Urban Exploration, Infrared en andere fotoseries
infra
Tommy van Leeuwen: Gaasperplas, infrarood

p.chiparus.net

vrijdag 11 augustus 2006
bergen fijne plaatjes
Bezembinder’s Geillustreerde Links en de kleine uurtjes

De weblog van Eduard Bezembinder heeft op mij hetzelfde effect als de boekencatalogus van uitgever Benedict Taschen: mijn plaatjeshonger wordt er door gestild, gevoed én opgewekt.

Bezembinder

weblog.bezembinder.nl | www.bezembinder.nl

donderdag 20 juli 2006
airworld
Airworld, Design en Architectuur voor de Luchtvaart
Stedelijk Museum Amsterdam , 21 juli -tot 5 november

Vanmorgen bleef mijn oog dankbaar haken aan onderstaande foto in de krant. Voor dit soort tijdsbeelden bezwijk ik telkens weer. Het is die onbeheerste baldadigheid van de sixties die omstreeks 1970 smakeloze vormen had aangenomen. De opblaasbanken (waarom is in dit interieurontwerp hier eigenlijk niet voor gekozen, zo ligt als een veertje), het meubilair overtrokken met opart-motieven waarin je halucinerend met je Martini in kunt wegdrijven. De opstand van hoge laarzen-blootbeen-minirokje bekroond met kashmir-blouse en startrek-kapsel. In het midden een onbegrijpelijke borreltafel met lederen stootrand en een draaitrap met bordeeltreden. [C] Het feest is compleet.

1970
interieurontwerp uit 1970 voor de lounge van een Boeing 747

Dan die levende paspoppen. Meneer links op de voorgrond [A] lijkt op een laptopje te werken, maar dit is 1970. Hij neemt slechts analoog wat rapporten door in zijn zakenkoffertje. Dan achter hem de onvermijdelijke Aziaat [C], die elke multinational moet koesteren. De dames op de voorgrond rechts [B], hebben sinds 1968 [D] nog niets aan hun garderobe gedaan, maar ik vind het prima zo. En dan het motief [E] van die bank, gelukkig zijn er behulpzame en begrijpende stewardessen, die weten dat op 10 kilometer hoogte alles design is, ook de kotszakjes.

1970
De gestroomlijnde dames van Lufthansa die in de seventies het luchtruim doorkruisten
Saarinen
TWA-Terminal op Kennedy Airport, New York (1956-62)
Al bijna een eeuw is de luchtvaartindustrie een belangrijke speler op het gebied van architectuur en vormgeving. Voor veel architecten en ontwerpers is het een eer om iets te ontwerpen voor deze bedrijfstak, van steward(essen)kleding tot bewegwijzering, van terminal tot servies of bestek. ‘Airworld’ geeft een goed beeld van de historie van de luchtvaart, met de nadruk op de ontwikkelingen die design en architectuur hebben doorgemaakt. Het is voor het eerst dat dit thema zo breed vanuit een design- en architectuurperspectief wordt belicht. De tentoonstelling ‘Airworld. Design en Architectuur voor de Luchtvaart’ is samengesteld door het Vitra Design Museum (Weil am Rhein). Het Stedelijk voegde affiches uit de eigen collectie toe en objecten die typerend zijn voor de Nederlandse situatie.
 
Bron: stedelijk.nl
donderdag 1 juni 2006
camera work
Camera Work is een legendarisch fototijdschrift uit 1903-1917

camera workWeer eens wat gebladerd door de prachtige bundel met alle jaargangen van Camera Work dat tussen 1903 en 1917 werd uitgegeven door de fotografen Edward Steichen (1879-1973) en Alfred Stieglitz (1864-1946) in New York. Camera Work heeft er in belangrijke mate toe bijgedragen dat de fotografie zich in de twintigste eeuw tot een kunstvorm kon ontwikkelen. Duidelijk is te zien hoe de fotografie zich losmaakt van de schilderkunst en de fotografie gaat kiezen voor ongewone uitsneden, composities en momentopnamen.

De mooiste foto’s vind ik persoonlijk de stadsbeelden uit New York van Alfred Stieglitz, de poetische (portret)foto’s van Clarence H. White, de stillevens van Baron A. de Meyer en de portretten van Frank Eugene. Bij de laatste is de fotografie vrij letterlijk verbonden met de schilderkunst. In de laatste nummers van Camera Works die verschenen tijdens de Eerste Wereldoorlog is het modernisme van de twintigste eeuw definitief aangebroken. Dat is vooral heel duidelijk te zien in de straight photography van Paul Strand

De Amerikaanse fotograaf Alfred Stieglitz werd op 1 januari 1864 te Hoboken (New Jersey) geboren als eerste kind in een welvarend Duits immigrante gezin. Het gezin met uiteindelijk zes kinderen verhuisde in 1871 naar New York. Zijn vader was een amateurschilder en kwam in 1850 naar de V.S., zijn moeder in 1852. In 1881 kon zijn vader stoppen met werken en ging het gezin naar Duitsland om de kinderen een Europese opleiding te geven. Hij ging na een jaar op de Karlsruhe Realgymnasium in 1882 in Berlijn voor ingenieur studeren aan de Technische Hochschule. Tijdens zijn studie ontdekte hij het fotograferen en stapte hij over naar de universiteit van Berlijn, waar hij zich ook met fotochemie bezig hield. In 1887 won hij met fotograferen een prijs. Op aandringen van zijn vader keerde Alfred in 1890 naar New York terug. In 1893 trouwde Stieglitz met Emmeline Obermeijer en in 1898 werd zijn enig kind Katherine geboren. Van 1893 tot 1896 was hij redacteur bij het tijdschrift American Amateur Photographer.
 
Op 25 november 1905 vestigde hij met zijn vriend, de schilder en fotograaf Edward Steichen (1879-1973), de foto-galerie Little Galleries of the Photo-Secession op de zolder van het huis op de Fifth Avenue 291. Begin 1908 begon Stieglitz naast foto’s ook met andere kunstexposities. De eerste keer, januari 1908, liet hij tekeningen van Auguste Rodin zien. Deze waren door Steichen, die in 1906 naar Parijs was vertrokken, opgestuurd. In april 1908 hield Stieglitz de eerste tentoonstelling van Henri Matisse in de V.S. Beide tentoonstellingen zorgden voor veel commotie en een aantal fotografen haalden hun werk weg.
 
Nadat het driejarig contract in 1908 was afgelopen en de huisbaas een nieuw vierjarig contract voor het dubbele huurbedrag aanbod, verhuisde de galerie in december 1908 naar een ruimte op nummer 293 en gaf Steglitz zijn galerie de naam 291. Deze verhuizing werd mogelijk gemaakt door de advocaat en amateurfotograaf Paul Haviland, de oudere broer van Frank Burty, die de financiën voor de huur verzorgde.
 
Bron: home.hccnet.nl/att.leurs/kbd104.html
camera work
A. Stieglitz: Two Towers, New York, 1913
De Met Life Tower (achterste toren) uit 1909 was met 213 meter tot 1913 (Woolworth Building) de hoogste wolkenkrabber ter wereld

Camera Work 1903 - 1917

zondag 5 februari 2006
nostalgie

De foto’s van de Amsterdamse fotograaf Jacob Olie zijn goed vertegenwoordigd in het Gemeentearchief van Amsterdam. In de webwinkel van het Gemeentearchief kun je behalve reproducties van zijn foto’s ook het boek Jacob Olie Jbz bestellen.

Jacob Olie geniet bekendheid als gedreven fotopionier en portretfotograaf maar vooral is hij beroemd geworden als de man die het beeld van 19de eeuws Amsterdam heeft vastgelegd op de gevoelige plaat. En dat terwijl de fotografie niet meer dan een liefhebberij was. Zijn dagelijks brood verdiende deze amateurfotograaf met andere werkzaamheden, eerst als timmerman en bouwkundige, later als tekenleraar en directeur van de eerste ambachtsschool van Nederland.
 
Olie maakte zijn eerste opnamen waarschijnlijk in de zomer van 1861. Hij bouwde eigenhandig een camera. Ook sneed hij zelf uit vensterglas de glasplaatnegatieven. Fotografen gebruikten indertijd het zogenaamde natte collodium procédé. Daarbij werd een natte glasplaat in de camera geplaatst. Het was zaak om de nog steeds natte plaat direct na de opname in de donkere kamer te ontwikkelen. Door deze technische beperkingen kon Olie alleen in zijn eigen omgeving fotograferen.
Jacob Olie
Het Paleis voor Volksvlijt gezien vanaf de Weteringschans, 1892

Het Paleis voor Volksvlijt werd in 1864 op initiatief van Samuel Sarphati gebouwd maar brandde in 1929 af. Nu staat het gebouw van de Nederlandsche Bank er. De Stichting Paleis voor Volksvlijt die o.a. door Wim T. Schippers in juni 2002 werd opgericht, wil het gebouw herbouwen. Hoe deze plek in Amsterdam er in 1900 uitzag, is te zien in een animatie. Op de website amsterdam.nl is meer te lezen over het Paleis voor Volksvlijt.

woensdag 16 november 2005
in de schaduw van de welvaart
Het Uur van de Wolf: Frits Weeda
Vanavond op NPS Nederland 3 om 20.55

Vanavond komt op het Uur van de Wolf een documentaire over de Amsterdamse fotograaf Frits Weeda. Het gemeentearchief in Amsterdam bewaart foto’s van hem uit de epriode 1958-1965. Afgelopen voorjaar was daar een expositie over zijn werk te zien en verscheen het boek In de schaduw van de welvaart.

Zelden is het gevoel van weemoed in de Nederlandse fotografie zo sterk tot uitdrukking gebracht als door Frits Weeda in zijn documentatie van Amsterdam uit de jaren 1958 tot 1965. Met het Waterlooplein en omgeving als uitvalsbasis richtte hij zijn camera op de vervuilde grachten, het groeiende parkeerprobleem, kinderen spelend tussen de autowrakken en de oprukkende infrastructuur van ringwegen. Aan de rand van Amsterdam documenteerde hij de bedreigde landelijkheid van dorpjes als Buiksloot en Sloterdijk.
In de schaduw van de welvaart
In de schaduw van de welvaart
Amsterdam 1958 – 1965
Fotograaf Frits Weeda (geboren in 1937) is nog relatief onbekend bij een groter publiek. Het Gemeentearchief onderhoudt al jaren een nauwe band met hem. Vanaf de vroege jaren zestig werd zijn werk aangekocht en in 1987 organiseerde het archief als eerste een tentoonstelling van Weeda’s foto’s. Onlangs is zijn complete fotoarchief van ruim zesduizend negatieven in beheer genomen. Dat is de directe aanleiding om zijn werk in een tentoonstelling en op de website van het archief aan het publiek te laten zien.
 
Op de beeldbank van het Amsterdamse gemeentearchief zal een ruime selectie te zien zijn van enkele honderden foto´s. Op de tentoonstelling worden ruim 150 foto´s gepresenteerd, waaronder niet eerder gepubliceerd vroeg werk en een serie panorama´s van de stad.
 
Bij uitgeverij De Verbeelding verschijnt de publicatie Frits Weeda: ‘In de schaduw van de welvaart, Amsterdam 1958 – 1965’, met meer dan 130 foto’s en een inleidende tekst van Rik Suermondt.
Bron: galeries.nl

Het Uur van de Wolf: Frits Weeda

zondag 31 oktober 2004
mieterse foto’s
Parijs was mieters! Nederlandse fotografen in Parijs · 1945-1965
Stedelijk Museum Schiedam, 4 september – 12 december 2004
(…) De tentoonstelling laat zien hoe de Nederlandse fotografen in Parijs naar hun collega-kunstenaars keken, die mede dankzij die foto’s roem vergaarden, zoals de jonge schilders Karel Appel en Corneille, de bejaarde Kees van Dongen en de gevierde Ossip Zadkine.
mieters
Maar de tentoonstelling geeft vooral een uniek beeld van de Nederlandse blik op Parijs in de jaren vijftig: een adembenemende wereldstad van on-Nederlandse allure, schijnbaar onaangeraakt door de Tweede Wereldoorlog, waar de morsige clochards en piekfijne mannequins, de grandeur van de Eiffeltoren en het pittoreske Montmartre het meest fotogenieke straatbeeld ter wereld opleverden.
 
Met hun camera verzoenden ze elke tegenstelling, van toeristenfuik tot zelfkant, in een wereldstad zonder weerga. ‘Alles van Parijs was mooi,’ vond Charley Toorop al voor de oorlog. Voor de jeugd van de jaren vijftig was Parijs in één woord: ‘mieters!’(…)
 
Bron: stedelijkmuseumschiedam.nl

31/10 toen | heiligen van de dag

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie