maandag 31 januari 2005
zonder titel

zondag 30 januari 2005
zonder titel

zaterdag 29 januari 2005
Theofanie

Vanmorgen was ik in de Byzantijnse kapel in Nijmegen om daar het Feest van Theofanie te vieren. Dit Feest wordt in de Westerse wereld gevierd op 6 januari, Driekoningen dus. Maar de Russen vieren het volgens de kerkelijke kalender, wanneer het inmiddels 19 januari is. Dat het Feest pas op 29 januari gevierd wordt, is een uitzondering.

De parochianen van de parochie van de heilige Tychon, onder de hoede van vader Sergei Merks, vanmorgen in Nijmegen tijdens de waterwijding.

De parochie van de heilige Tychon is de jongste Orthodoxe parochie in Nederland. Op 8 januari/26 december werd voor de eerste keer samen de Goddelijke Liturgie gevierd. Voorlopig is er onderdak gevonden in de mooie Byzantijnse kapel, maar in de nabije toekomst beschikt deze parochie hopelijk over een eigen ruimte.

Vader Sergei schrijft o.a. in het eerste rondschrijven:

De parochie is opgedragen aan de in 1989 heiligverklaarde Patriarch Tichon van Moskou en heel Rusland, die leefde van 1865 tot 1925. De Hl. Tychon werd geboren nabij Pskov. Na zijn studies voltooid te hebben in Sint Petersburg keerde hij terug naar Pskov en werd hij leraar aan het seminarie aldaar. Aan de vooravond van de 20e eeuw bevond hij zich in Noord-Amerika als bisschop van het Aleoetisch-Alaskaanse diocees, waar hij de Russische Orthodoxie in het Westen leerde kennen en zich toen al beijverde voor de zelfstandigheid van de Orthodoxe Kerk in Amerika. Met zijn zegen werd een groot deel van het officie in het Engels vertaald. Zeven jaar later werd hij teruggeroepen naar Rusland en al aartsbisschop aangesteld in het diocees Jaroslavl. Toen de revolutie uitbrak in 1917 werd hij, inmiddels Metropoliet, tot voorzitter gekozen van het eerste vrije Lokale Concilie sinds Peter de Grote en tijdens ditzelfde Concilie gekozen tot de eerste Patriarch van de Russische Kerk sinds de afschaffing van het Patriarchaat door dezelfde Peter de Grote. Maar amper verkozen tot het hoogste ambt in de Russische Kerk tekende zich zijn ware roeping af: het martelaarschap van een kerkelijk leider tijdens een van de gruwelijkste en omvangrijkste christenvervolgingen sinds de dagen van Nero, die de Russische Kerk binnen twee decennia bijna volledig zou vernietigen. Hoewel de Hl.Tychon niet letterlijk de marteldood is gestorven, is hij als gevolg van diverse zware gevangenschappen en een niet aflatende geestelijke terreur op zijn 60e als een lichamelijk gebroken mens voor de eeuwigheid geboren. Door het behouden van zijn kerkelijke en geestelijke waardigheid temidden van een duivels inferno heeft hij de eenheid binnen de Kerk en haar integriteit weten te bewaren en is hij tot symbool geworden van de miljoenen Russische gelovigen, martelaren en belijders die in de 20e eeuw hun leven om Christus wil hebben gegeven. De Kerk van Christus is gebouwd op het bloed der martelaren en zo is de Heilige Patriarch Tychon een van de lichtende spirituele pijlers waarop de herrijzende Russische Kerk, zowel in het Moederland als in de diaspora, kan steunen. Ook wij hopen op de geestelijke steun en hemelse voorspraak van onze patroonheilige bij het bewaren van onze eenheid en kerkelijke waardigheid.

Stichting stedenband Nijmegen Pskov

zonder titel

vrijdag 28 januari 2005
identiteit

Gisteren was het 230 jaar geleden dat Friedrich Wilhelm Schelling geboren werd (1775) en 191 jaar geleden dat Johann-Gottlieb Fichte stierf (1814). Maar 27 januari is ook de dag dat de bevrijding van Auschwitz herdacht wordt en elke andere herdenking hoort daarbij in de schaduw te staan. Zeker als het gaat om de geboorte- en sterfdag van twee belangrijke vertegenwoordigers van de Duitse identiteitsfilosofie. Meer dan welke ander filosofie heeft het Duitse idealisme, dat tweehonderd jaar geleden aan zijn opmars begon, bijgedragen tot het ontstaan van het nationalisme in Duitsland ( maar ook elders in Europa ).

En toch, juist in deze tijd waarin de multiculturele samenleving opnieuw gestalte moet krijgen en de eigen identiteit (van de autochtoon) niet meer taboe is, zou het goed zijn om te onderzoeken wat de identiteitsfilosofie ons te zeggen heeft.

Friedrich Wilhelm Schelling ( 1775 - 1854 )

Van Schelling heb ik de vertaling Filosofie van de kunst (Boom, 1996) en de grondtekst van Ueber das Wesen der menschlichen Freiheit (Reclam Verlag) in mijn boekenkast staan. De inleiding van Filosofie van de kunst telt ruim 30 pagina’s en is geschreven door Jos de Mul. Gedeeltelijk is deze inleiding terug te vinden in zijn essay Kunst als organon over de romantische esthetica van Schelling, waaruit het onderstaande citaat:

( … ) Op de jonge Schelling maken deze denkbeelden (van Fichte) een verpletterende indruk en in zijn eerste geschriften verkondigt hij onomwonden Fichtes standpunt dat het absolute Ik principe van alle weten is. Toch geeft Schelling van meet af aan een eigen wending aan Fichtes filosofie. Volgens Schelling kan het oneindige Ik zich slechts van zichzelf bewust worden door zich te objectiveren, dat wil zeggen door eindig te worden. In de Abhandlungen van 1796/7 drukt Schelling het als volgt uit:
“De geest is slechts inzoverre geest als hij zichzelf tot object maakt, dat wil zeggen, eindig wordt. Daarom kan hij niet oneindig zijn zonder eindig te worden, noch kan hij (voor zichzelf) eindig worden zonder oneindig te zijn. Hij is daarom geen van beide, noch oneindig noch eindig alleen, maar in hem is de oorspronkelijkste vereniging van oneindigheid en eindigheid".
Schelling gaat hier dus uit van een oorspronkelijke toestand, waarin de oneindige geest en de eindige natuur op een onbepaalde wijze identiek zijn. We zullen zien dat dit idee van een absolute identiteit in Schellings latere filosofie steeds meer op de voorgrond zal treden.
Johann Gotlieb Fichte ( 1762 - 1814 )

schelling.org
Links in het Internet over de klassieke Duitse filosofie
Kant und der Deutsche Idealismus
The Society for German Idealism
German Idealism [The Internet Encyclopedia of Philosophy]

donderdag 27 januari 2005
vlammende liefde
… wat ongetwijfeld een vlammende liefde voor PHP zal worden (want PHP gebruiken is PHP liefhebben.)

Deze regel kwam ik gisteren tegen in PHP4 het complete handboek geschreven door Tim Converse en Joyce Park. Er zijn blijkbaar mensen die een hartstochtelijke liefde opvatten voor een computertaal. Ze spreken dan zelfs in de taal van een verliefde: over de elegantie van het script, de soepelheid van de variabelen, de helderheid van de syntax en ga zo maar door. Op het web verzamelen ze zich in communities en forums om met elkaar hun passie te delen.

Ik ben zelf een newby in PHP maar ik begrijp dat enthousiasme wel. Een helder script kan in één keer de geest verlichten, net zoals een gedicht daartoe in staat is.

ik tracht op poëtische wijze
dat wil zeggen
eenvouds verlichte waters
de ruimte van het volledige leven
tot uitdrukking te brengen
(Lucebert)

Eigenlijk geloof ik niet in de tegenstelling alphatype-betatype. Wel zijn er twee verschillende sferen in ons bewustzijn: zo gloeit het hart doorgaans eerder op van “ik hou van jou” dan van “e=mc2″. Maar het hoofd en het hart maken deel uit van één lichaam en zijn dus nooit van elkaar gescheiden. Nu er in het maatschappelijk debat over de Islam zo vaak het woord Verlichting valt, zou daar wel eens wat meer aandacht aan mogen worden besteed.

Er bestaat geen Verlichting zonder Verwarming.

woensdag 26 januari 2005
zonder titel

dinsdag 25 januari 2005
zonder titel

pixels smeren
De creativiteit kruipt waar ze niet gaan kan…

Painter IX is het mimetische programma bij uitstek. Het simuleert traditionele teken- en schildertechnieken zo natuurgetrouw dat het virtuele materiaal reageert op de virtuele ondergrond en op de druk die er met de digitale tekenpen wordt uitgeoefend. Maar achter het virtuele handwerk schuilen in werkelijkheid kille reeksen enen en nullen. Reden waarom veel analoge kunstenaars het digitale tekenen en schilderen verketteren, omdat deze manier van tekenen en schilderen gevoelloos zou zijn.

Maar voor mij is deze onnatuurlijke manier van tekenen en schilderen een gevolg van het digitale tijdperk waarin we leven en voel ik mij uitgedaagd hier commentaar op te geven en met het medium op het medium te reageren. Ik geloof er geen bal van dat digitale kunst per definitie gevoelloos is. Ooit werd de fotografie ook verketterd maar al snel werd het een gerespecteerde kunstvorm.

Creativiteit kent geen grenzen, dus waarom zou digitaal schilderen eigenlijk niet creatief kunnen zijn? Natuurlijk mis ik als analoge schilder de fysieke kracht en de geur van olieverf. En daar liggen voor mij vooral de beperkingen van het digitale medium. Maar er zijn wel weer heel andere factoren, zoals de reproduceerbaarheid en de controleerbaarheid, die de creativiteit stimuleren.

verpakking Painter IX
Sinds oktober 2004 ben ik in het bezit van bovenstaande digitale schilderkist. Niet zo leuk als de verpakking van het legendarische Painter 3 ( geleverd in een echt verfblik ), maar wel met een veel betere inhoud.

Sinds een paar dagen ben ik aan het werk met Painter IX Natuurlijk in combinatie met een Wacom tekentablet anders werkt het niet. De komende periode zal ik hier dagelijks een digitale tekening of schildering laten zien.

meer over Painter op mijn website www.mimesis.nl

maandag 24 januari 2005
Duik in het diepe
De vraag naar de waarheid veronderstelt scheiding.
“Wie ben ik?” kan ik bijvoorbeeld alleen vragen als ik mijzelf nog niet goed genoeg ken, als er tussen mijn zijn en mijn bewustzijn een kloof gaapt, dus als ik nog van mijzelf ben gescheiden. Nietzsche heeft deze schijnbare tegenstrijdigheid vastgelegd in de uitspraak: “Word die je bent.”
Je moet dus ‘buiten jezelf zijn’ om jezelf de vraag naar je eigen waarheid te kunnen stelen. Je wilt de waarheid over jezelf achterhalen om eindelijk in het volle bezit van jezelf te zijn. Je wilt thuis zijn bij jezelf. De precaire situatie van het zoeken naar waarheid is die van het ‘buiten’. Je bent van jezelf gescheiden, en het is het bewustzijn dat die scheiding aanbrengt. Niet het zijn, alleen het bewustzijn stelt waarheidsvragen. Omdat het bewustzijn scheiding aanbrengt, wordt het ook als pijnlijk ervaren: het berooft ons van de onmiddellijke lichtheid van het bestaan.”

Zo begint Hoeveel waarheid heeft de mens nodig? van Rüdiger Safranski. Zaterdag kreeg ik het boek binnen en nu ligt het op mijn nachtkastje. Het is niet mijn eerste boek van Safranski. Ik heb inmiddels zes boeken van hem die uitstekend in het Nederlands vertaald zijn (o.a. door Mark Wildschut) waaronder drie monografieën over Schopenhauer, Nietzsche en Heidegger.

boeken van Safranski

Hij heeft een heldere stijl en het vermogen om filosofische vraagstukken toegankelijk maken zonder daarbij de complexiteit uit het oog te verliezen. Met zijn enorme parate kennis is hij in staat citaten van verschillende denkers aan elkaar te koppelen om zo een gedachtegang te illustreren. Zijn betoog is meestal goed getimed met hier en daar een vermakelijke annekdote, zonder dat dit ten koste gaat van de diepgang. Integendeel, op filosofisch entertainment kun je Safranski niet betrappen. Meestal neemt hij je op de eerste bladzijde al direct mee naar het diepe.

Sommige alinea’s zijn zo geconcentreerd in betekenis dat je ze meer keren moet lezen. Het is een soort peilen van de diepte, een inspanning die de lezer ( gelukkig ) zelf moet doen. Bijvoorbeeld in de opening van het hoofdstuk over Rousseau:

We zijn altijd al binnen voor we merken dat we binnen zijn. We merken het als zich iets aandient en aan ons opdringt dat we als buiten ervaren. Het buiten is het vreemde. Volwassen worden betekent dat een merkwaardige chemie ons met dit vreemde vermengt en de evidentie van een zuiver innerlijk verloren gaat.
Het genie van Jean-Jacques Rouseau bestaat uit niets anders dan dat hij aan die evidentie van het innerlijk heeft vastgehouden of die heeft herontdekt en met een polemische energie tegenover de buitenwereld heeft ingezet, met onafzienbare gevolgen voor onze cultuur; een buitenwereld die zich door deze tegenstelling onvermijdelijk als universum van de vervreemding moet voordoen.”

Interview met Rüdiger Safranski in De Groene

my favourite things [ 7 ]

Afgelopen zomer bezocht ik in museum Het Valkhof in Nijmegen de schitterende tentoonstelling Spiegel van de Russische Ziel, waarbij de iconen uit Pskov de meeste indruk op mij maakten. Maar ik was ook zeer verrast door een tentoonstelling in een tentoonstelling, ingericht in een intiem kabinet. Een Russisch Sprookje heette dit pareltje en was een initiatief van Albert Lemmens en Serge-Aljosja Stommels, beiden verzamelaars van Russische boekkunst en grafiek uit de 20e eeuw. Een deel van hun verzameling werd getoond en bij deze gelegenheid was ook een klein boekje uitgegeven. Ik heb het onmiddellijk aangeschaft en dankzij de voortreffelijke documentatie op de begeleidende CD Rom is het mijn belangrijkste wegwijzer voor Russische grafiek geworden.

 
Zhar-Ptitsa (de Vuurvogel) Svirel Slavianina, Moskou : Skorpion, 1907. De omslag is getekend door Konstantin Somov de belettering is van Dobujinsky.

De Russische boekkunst uit de 20ste eeuw staat vaak nog onder invloed van de 18e- en 19e-eeuwse Luboks. Dat is een genre uit de Russische volkskunst: prenten voor de gewone man. Acht jaar geleden bezocht ik in het museum Het Catherijneconvent een tentoonstelling Engelen, monniken en demonen over de Russische lubok. Daarvan heb ik ook de catalogus in mijn bezit. Zo heb ik tezamen met het boekje Een Russisch Sprookje een aardige opstapje voor de Russische grafiek. Het Internet brengt mij vervolgens verder.

Russian Lubok

zondag 23 januari 2005
gedoemd om eeuwig te varen
gezien: Russian Ark van Alexander Sokurov

Van Russische regisseurs zijn we wel wat gewend als het de lengte van een take betreft. Zo moest in de slotscene van Tarkovski’s zwanenzang Het Offer het huis van de hoofdpersoon opnieuw opgebouwd en weer in brand worden gestoken omdat de eerste take mislukt was en de regisseur het per se in één take gefilmd wilde zien.

Maar Alexander Sokurov heeft met zijn film Russian Ark volgens mij de langste take uit de filmgeschiedenis op zijn naam staan: de film bestaat namelijk uit één take. Verbluffend, als je bedenkt wat een timing dit van een regisseur en de spelers vereist.

De camera vertegenwoordigt in de film de blik van een regisseur die wordt meegenomen in het Hermitagemuseum van Sint Petersburg in het begin van de 18de eeuw. Daar ontmoet hij een 19de eeuwse Franse diplomaat met wie hij samen een wandeling gaat maken door de zalen van het Hermitage. Deze wandeling wordt tegelijkertijd ook een reis door de Russische geschiedenis, met cynische commentaren over de Russische en Europese identiteit.

Russian Ark
Het Hermitagemuseum wordt niet alleen symbolisch voorgesteld als een ark en drager van de kultuur, maar ook heel letterlijk als een schip met vele passagiers dat deint op de golven van de geschiedenis.
Russian Ark
Een arbeider wordt geconfronteerd met de blinde vlek in zijn (historisch) bewustzijn. Hij weet eigenlijk niet wie de twee mannen op het schilderij van El Greco zijn. En hoe zou hij moeten weten wat er van de mens terecht komt als hij niet eens weet wat er in het Evangelie geschreven staat?
Russian Ark
Tenslotte blijft de 19e eeuwse diplomaat achter in de zaal waar zojuist het laatste bal van de laatste Russische tsaar Nicolaas II gehouden is. Hij weigert met de camera mee naar buiten te gaan en sluit zich daarmee op in de geschiedenis.

Helemaal aan het einde van de film glipt de camera met de gasten mee naar buiten en eindigt met een blik op de dampende oever van de Neva. De regisseur mompelt in zichzelf dat de diplomaat nooit te weten is gekomen wat hij nu weet. Dat de geschiedenis altijd doorgaat en dat we allemaal gedoemd zijn te varen en eeuwig te leven. Een magistrale film.

Hermitage Museum Virtual Tour

my favourite things [ 6 ]

Vorige week donderdag was ik sinds lange tijd weer eens bij De Slegte. Na enig snuffelwerk vond ik een mooi bundeltje grafiek van de Belgische graficus Frans Masereel Het kostte slechts € 3,50. Als je een liefhebber van grafiek bent, mag je zoiets niet laten liggen.

Masereel
omslag van de grafiekbundel Masereel bijeengebracht door Joris van Parys en uitgegeven door Houtekiet, Antwerpen 1996

Masereel’s houtsneden zijn krachtig en direct en zijn een mooie uitdrukking van de tijdgeest van het interbellum. Vooral zijn drie geïllustreerde anti-oorlogbundels uit de twintiger jaren zijn sterk en vormen een visuele aanklacht in schreeuwend zwart-wit. Masereel blijft zijn hele leven trouw aan de houtsnede. Maar zijn latere werk verliest wel aan kracht en is voor mij vaak teveel een herhaling van het voorafgaande.

Ik heb altijd gevonden dat, van de verschillende grafische technieken, de houtsnede de meest eenvoudige, eerlijke en directe techniek is (…). Ze is eenvoudig, omdat er slechts een paar werktuigen aan te pas komen - guts, burijn of mes - en een blok hout, langs- of kopshout. Ze is eerlijk omdat je niets kunt bijwerken, opsieren, wegmoffelen, voorgoochelen. Direct en ten slotte, omdat ze de kijker bij de eerste oogpslag direct boeit met de wisselwerking van zwart en wit.
Frans Masereel

biografie van Frans Masereel

zaterdag 22 januari 2005
binnenkant

Dinsdag keerde Ayaan Hirsi Ali terug in de Tweede Kamer. Dagblad Trouw schreef daar afgelopen woensdag o.a. het volgende over:

Steeds meer VVD’ers vinden dat de toon en strijdwijze van Hirsi Ali niet past bij de liberale traditie ten aanzien van godsdienst. Belangrijkste zegsman van deze groep is oud-partijleider Wiegel die vindt dat Hirsi Ali zich voor een liberaal ‘ongepast’ uitlaat over de islam. Herhaaldelijk stelde zij gisteren dat zij moslims niet hun geloof wil afnemen. ,,Het gaat me om een beperkt aantal beginselen dat in strijd is met de liberale democratie en dat ik aan de kaak wil stellen. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan de onderdrukking van vrouwen, het ontbreken van gewetensvrijheid, geen scheiding tussen kerk en staat en het doden van ongelovigen en afvalligen. Moslims mogen die opvattingen hebben zolang zij daar maar niet naar handelen. Vrouwen mogen kortom niet het slachtoffer worden van eerwraak en mogen niet geslagen worden omdat God dat zo zegt.'’ Hirsi Ali schuift daarmee in de richting van haar fractievoorzitter Van Aartsen. Hij zei maandag in een toespraak in Groningen dat politici niet geïnteresseerd moeten zijn in de ‘binnenkant’ van godsdiensten. ,,We moeten ons beperken tot de buitenkant: alleen het gedrag en de woorden die tot dat gedrag aanzetten.'’

Ik vraag mij af waar de slagvaardigheid van de politiek ligt als deze zich niet met de binnenkant van een maatschappelijk probleem zou mogen bemoeien. Als de huisarts je doorverwijst voor diagnose, dan zeg je toch ook niet dat hij zich maar tot de buitenkant moet beperken. Maatschappelijke problemen vinden hun oorzaak aan de binnenkant en een politica als Hirsi Ali toont de moed en de daadkracht dit te onderzoeken. Voor sommige VVD’ers lijkt daarmee afstand te worden gedaan van “de scheiding tussen Kerk en Staat". Maar uiteindelijk is die scheiding een politieke idee en zeker niet onaantastbaar. Maatschappelijk leven en religie horen bij elkaar zoals de buitenkant van ons lichaam bij de binnenkant hoort. Dat politieke levensovertuigingen als liberalisme en socialisme het daar niet mee eens zijn, verandert daar niets aan.

Hirsi Ali door in liberale traditie [ Trouw.nl ]

vrijdag 21 januari 2005
My favourite things [ 5 ]

Een van de eerste illustratoren die ik ontdekte in het digitale tijdperk, is Michael Bartalos. Toen ik nog met Adobe Illustrator 5.5 werkte, was Bartalos’ werk voor mij al een schoolvoorbeeld van de heldere vectorstijl. Inmiddels is zijn werk wereldberoemd en al vele malen tentoongesteld in Amerika, Europa en Japan. Zijn illustraties beperken zich niet alleen tot kinderboeken. Zo ontwierp hij bijvoorbeeld de ramen voor de winkelketen Barneys in de Verenigde Staten and Japan.

illustratie uit het kinderboek Shadowville uitgegeven door Viking in 1995

Bartalos woont en werkt in San Francisco. Een portfolio is te zien op zijn website bartalos.com.

Michael Bartalos [ gag.org ]

donderdag 20 januari 2005
meta-racisme

Slovoj ŽižekGisteren viel de nieuwe Filosofiemagazine op de deurmat. Met daarin o.a. een kort vraaggesprek met de Sloveense postmoderne marxist Slavoj Žižek. Ivana Ivkovic legt hem de vraag voor wat het einde van het muticulturalisme voor linkse denkers betekent. Zijn boodschap:

“Kabbel niet mee met rechts populisme en durf een tikje militant te zijn. Want er is nog een Groot Verhaal te vertellen.”

Opmerkelijk voor een postmodern denker. En blijkbaar hoeven postmodernisme en relativisme ook niet altijd samen te gaan:

“Ik ben geen waarderelativist. ( … ) Ik vind dat slechts één van ons gelijk kan hebben. Er is slechts één positie die aanspraak kan maken op universele geldigheid.”

In een heldere analyse ontmaskert hij de mythe van de neutrale positie t.o.v. niet-Westerse culturen als meta-racisme.

( … ) Het einde van het multiculturalisme is immers vooral een einde aan de vermeende zelfvernedering, waar westerlingen zo in getraind waren. Vroeger kon je als witte, heteroseksuele man niet eens spreken over je eigen “authentieke” cultuur en identiteit, want dan was je bij voorbaat al verdacht, dan was je al bijna een neofacist. Maar die zelfvernedering bleek ook een dekmantel. Juist doordat wij “identiteitloos” waren, konden wij namelijk spreken over universele waarden. Want omdat wij geen identeit hadden, spraken we vanuit een neutrale positie. En precies dat was zo arrogant tegenover die mensen die we zogenaamd beschermen. “Toe maar, wees vooral jezelf", zeiden we - maar daarmee stellen wij de norm van wat “jezelf” is. Niet omdat we “westers” en dus superieur waren, want dat zou racistisch zijn, maar omdat we “neutraal” waren. Maar superieur bleven we… stiekem. Het is eigenlijk meta-racisme. Fascinerend, hoe deze hypocresie mogelijk was: meta-racisme als kritiek op het racisme! ( … )

Slavoj Žižek: Pleidooi voor intolerantie

woensdag 19 januari 2005
My favourite things [ 4 ]
De nieuwe Blake en Mortimer is uit!

Tussen mijn twaalfde en achttiende was ik gek van strips. Nog steeds koester ik een verzameling van honderden stripalbums en meer dan duizend PEP’s, EPPO’s, Kuifjes en Robbedoezen. Maar verzamelen doe ik al bijna 25 jaar niet meer. Toch koop ik nog altijd de nieuwe Blake en Mortimer, beroemd van de klassieker Het Gele Teken uit 1953. Sinds 1996 verschijnen er namelijk met enige regelmaat weer nieuwe albums.

Lang leek het erop dat de personages Blake en Mortimer net zoals Kuifje nooit meer in een nieuw verhaal zouden verschijnen. Inmiddels is het 34 jaar geleden dat Edgar P. Jacobs, de geestelijk vader van Blake en Mortimer, zijn laatste ( onvoltooide ) verhaal De 3 formules van professor Sato tekende. Na zijn dood in 1987 werd het tekenpotlood overgedragen aan Bob de Moor die dit verhaal voltooide.

Daarna bleef het weer jaren stil. Maar in 1996 verscheen plotseling De Zaak Francis Blake, getekend door Ted Benoit en geschreven door Jean Van Hamme. Benoit’s tekenstijl lijkt als twee druppels water op die van Jacob’s in de periode dat hij aan Het Gele Teken werkte. Vijf jaar later verscheen er van het duo Benoit-Van Hamme Bericht uit het Verleden en op dit moment wordt gewerkt aan een derde titel.

Blake en Mortimer
Het lange verhaal De Sarcofagen van het 6e Continent verscheen in twee delen in 2003 en 2004. Het verhaal speelt zich af tijdens de wereldtentoonstelling in Brussel in 1958.

Naast het duo Benoit-VanHamme hebben zich nog een tekenaar en schrijver verenigd: André Juillard en Yves Sente. Juillard tekent in de vroege Jakobs stijl, minder krachtige lijnvoering maar gedetailleerder. Dit duo heeft inmiddels al drie titels op zijn naam staan: Het Voronov Complot en De Sarcofagen van het 6eContinent (deel 1 en 2). Gisteren stond ik in de rij bij de kassa van de AH toen mijn blik viel op de omslag van deel 2 van De Sarcofagen van het 6e Continent.
En plotseling was ik weer die twaalfjarige jongen en dacht onmiddellijk: kopen!

blakeetmortimer.com

dinsdag 18 januari 2005
my favourite things [ 3 ]
undergroundcomic artist Max Andersson

Toen ik vorig jaar juli weer in de winkel aan de Berlijnse Rosenthalerstrasse was, kocht ik twee deeltjes van container getekend door de Zweedse undergroundtekenaar Max Andersson.

car boy
Eerste plaatje uit Car Boy’s Garten in Container Nummer 3

De tekeningen van Andersson zijn helemaal in zwart-wit en ademen een lugubere sfeer. De vertellingen zijn behoorlijk bizar, maar het gaat mij eigenlijk alleen om de tekeningen. Qua sfeer komt Andersson aardig in de buurt van undergroundkanon Charles Burns

maandag 17 januari 2005
humor?

Dit weekend dook ik weer eens in mijn verstofte verzameling cassettebandjes en viste daar een plaat uit van Kamagurka en de Vlaamse Primitieven: De pijn van het zijn, gemaakt in de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Kamagurkiaanse meligheid op z’n hoogtepunt en indertijd een van mijn lievelingsbandjes. Maar de tijden zijn veranderd en ik ben zelf veranderd. Sommige teksten zijn voor mij na al die jaren gevleugelde oneliners gebleven:. “Wat een combinatie, spinazie met spinazie.", “overbevolking, ik doe er niet aan mee, maar waar je ook bent, je volgt gedwee…” en “neuzen volgen vingers.” Zijn gevoel voor absurde humor is grenzeloos en overschrijdt vaak de grenzen van de goede smaak. Een meezinger als “moord eens een volksken uit” is zo over the top dat je het eigenlijk nooit serieus wilt nemen en al helemaal niet als je met een strak gezicht beweert dat het dodelijke ernst is met deze tekst.

Maar in een tijd waarin spreekkoren op de voetbaltribunes en haatprediking op Internet zijn ingeburgerd, moeten we deze ironie juist wél serieus nemen. Kwaadaardigheid is met het masker van de ironie op voor sommigen misschien charmant en geestig, maar het blijft eigenlijk iets heel vreemds dat er om gelachen kan worden. Is die lach misschien het intieme pact dat het kwaad sluit met degene die de kwaadaardigheid uit onbenul ( of is het toch kwaadaardigheid? ) niet veroordeelt?

Over twee weken zal jong Nederland waarschijnlijk massaal op de nieuwste Nederlandse bioscoopfilm vet hard duiken. De trailer die ik zaterdagavond in de bioscoop zag, bewees weer eens dat je met extreme grofheid extreem gelach en gebulder kunt opwekken.

my favourite things [ 2 ]

Christian Northeast is een andere tekenaar die ik de afgelopen twee jaar tot mijn favourieten ben gaan rekenen. Net zoals bij Henning Wagenbreth zie je bij hem een voorliefde voor een rauwe, primitieve vormentaal, maar ook regelmatig citaten uit de striptaal, in het bijzonder die van de Amerikaanse (underground) comics.

Christian Northeast
Veel illustraties blinken uit door hun materiaalgevoeligheid en bizarre eenvoud. Maar hij gebruikt ook vaak collagetechnieken, die mij dan sterk doen denken aan het werk van Max Ernst.

Het meeste werk van Christiaan Northeast roept een raadselachtige sfeer op en combineert deze vaak met subtiele humor. Op zijn website zijn meer dan honderd illustraties te bekijken.

christiannortheast.com

zondag 16 januari 2005
historisch spektakelstuk [ 1 ]

Gisterenavond naar Alexander geweest. De sandalenfilm leek decennialang een achterhaald genre, maar is sinds Gladiator weer helemaal terug. Vorige week heb ik Troy gezien met Brad Pitt als Achilles. En Gladiator, waar de sandalenrevival dus mee begon, heb ik zelfs op video.

Het verschil tussen de huidige kostuumdrama’s en de films van bijv. Cecil B. DeMille zit hem vooral in de toepassing van digitale animatietechnieken. Zo zagen we in Gladiator al het Forum Romanum uit de puinhopen herrezen, in Troy de stad Troje en in Alexander komt het wereldwonder Babylon weer tot leven. Een ander duidelijk verschil met de historische films uit de jaren ‘50, is de wijze waarop de gevechten in beeld gebracht worden. Niet alleen versterken nieuwe filmische en montagetechnieken de chaos en de hectiek van het slagveld, tegenwoordig zien we overal het bloed stromen en (in korte shots gemonteerd) rondvliegende lichaamsdelen. We winden er geen doekjes meer om. Onze tijd gewelddadig? Moet je maar eens zien hoe het er in de Oudheid aan toe ging!

De meeste filmkritieken ten spijt, vond ik Alexander de moeite van het bekijken waard. Het is een gegeven dat spektakelfilms smalende recensies opleveren, het is niet chic genoeg voor de filmrecensenten. Ik heb in ieder geval nog nooit eerder zo’n overtuigende reconstructie van een veldslag op het witte doek gezien als de veldslag bij Gaugamela in Alexander.

beelden van de veldslag bij Gaugamela
De veldslag bij Gaugamela (in het huidige Iran, maar in Marokko opgenomen) wordt ook gefilmd vanuit adelaarsperspectief. De Macedoniërs hebben lange speren, de Perzen pijl en boog.

Stone had 1361 manschappen, 102 paarden en tien kamelen bij de reconstructie van deze veldslag tot zijn beschikking. In werkelijkheid lagen er bij Gaugamela 250.000 wanordelijke Perzische manschappen en 47.000 georganiseerde Macedonische manschappen tegenover elkaar. Alexander wist in deze legendarische veldslag Darius (en daarmee het Perzische Rijk) te verslaan zodat voor hem de weg naar “het einde van de wereld” vrij was.

alexanderthemovie.nl
reconstructie van de slag bij Gaugamela [ allempires.com ]

zaterdag 15 januari 2005
My favourite things [ 1 ]

Henning Wagenbreth is een underground tekenaar uit de voormalige DDR en is sinds 1994 als professor verbonden aan de Universität der Künste Berlin. Ik ontdekte zijn werk in november 2003 in een undergroundshop aan de Rosenthalerstrasse 40 in Berlijn. Het was liefde op het eerste gezicht. Ik kocht het boekje Kelvins Tod in een kleine oplage (350) gezeefdrukt.

wagenbreth
uit: Kelvin’s Tod

Daarna bezocht ik zijn website die ik vervolgens integraal naar mijn harde schijf verplaatst heb.

wagenbreth.de

vrijdag 14 januari 2005
gnostische evangelisatie bij teleac

Gisterenmiddag werd bij Teleac het tweeluik De Zoon van God Op zoek naar de oorsprong van het christelijk geloof herhaald. Vermoedelijk werd deze documentaire ditmaal ook bekeken door velen die na het lezen van De Da Vinci Code geïnteresseerd zijn geraakt in de geschiedenis van het vroege Christendom. Ik geloof dat het van levensbelang is om serieus te onderzoeken welke betekenis de Persoon van Jezus Christus voor ons leven heeft. In onze post-christelijke tijd is het vanzelfsprekend dat je dan begint bij de historische Jezus van Nazareth. Deze speurtocht zal je onvermijdelijk in contact brengen met het wetenschappelijke onderzoek van historische bronnen. En dat onderzoek loopt al snel vast in de haast onmogelijke opgave om feit en fictie, Wahrheit und Dichtung van elkaar te onderscheiden. Wat zijn na 2000 jaar geschiedschrijving en geschiedvervalsing eigenlijk betrouwbare bronnen? Is het uiteindelijk niet een zaak van het hart ( en niet van het verstand ) om waarheid en verzinsel van elkaar te onderscheiden?

De vondst van de Nag Hammadi-geschriften hebben volgens velen eindelijk een onvertroebeld zicht gegeven op “de ware” Jezus van Nazereth en daarmee zouden deze geschriften de “ware” betekenis van Jezus voor onze tijd (en dus voor ons persoonlijke leven) openbaren.

Deze visie werd ook verkondigd in de documentaire die in opdracht van Teleac/NOT en WDR is gemaakt. Ze is op het moment razend populair geworden omdat ze zo tegemoetkomt aan de geestelijke behoeften van het individu. In onze tijd neemt niet God, maar het individu een centrale plaats in; de autoriteit heeft afgedaan en het “Ik” of geestelijker gezegd het “Zelf” is hot. New Age voorziet in de behoefte van het individu om zich niet alleen maatschappelijk maar ook geestelijk ten volle te ontplooien. Dat is natuurlijk allemaal heel positief. Want uiteindelijk gaat het erom dat we worden wie we zijn.

En daar ligt tegelijkertijd ook het probleem en het al tweeduizend jaar oude verschil tussen de Weg van Christus en de gnosis. Want WIE zijn we in werkelijkheid? Het orthodoxe Christendom en het gnosistisch Christendom lijken heel dichtbij elkaar te liggen. Beide leren dat de ziel onsterfelijk is, dat de mens gemaakt is naar God’s gelijkenis en dat Christus de Zoon van God is. Maar het grote verschil tussen het Christendom en gnosis is dat er in het Christendom altijd afstand blijft tussen de mens en zijn Schepper, dat de mens altijd in relatie staat met God. De gnostici geloven dat de mens in zijn diepste wezen “Zélf God” zou zijn en dat iedere mens in wezen de titel Zoon van God verdient. Opvattingen die gedeeld worden door de vele stromingen binnen New-Age: van paganistisch pantheïsme tot vedanta. De eenheidsmystiek van de gnosis staat haaks op de bruidsmystiek van het orthodox Christendom. In de eenheidsmystiek keert de druppel terug naar de oceaan, in de bruidsmystiek blijft er altijd een relatie, een geestelijk huwelijk tussen de bruid (de menselijke ziel) en de Bruidegom (Christus).

teleac documentaireDe gnostici beweren het wezen van de boodschap van Christus te doorgronden en zeggen dat Jezus van Nazareth ons heeft willen leren dat we allemaal Zonen van God zijn op een zelfde wijze als Hij dat is. Gnosis lijkt zo voor sommigen verenigbaar met het Christendom. Maar de aanhangers van de gnosis gaan nog een stap verder en zeggen dat de boodschap van Christus niets anders is dan de eeuwige gnosis die alle leren overstijgt. Het Christendom is datgene wat de Kerk (vanaf 325 een ‘machtsinstituut’) heeft gemaakt van de boodschap van Jezus. De gnostica Elaine Pagels , auteur van The Gnostic Gospels beweert bijvoorbeeld dat de titel Zoon van God pas in het jongste evangelie (van Johannes, rond 160 na Chr.) op de figuur van Jezus wordt toegepast als strategische zet van een machtsinstituut in wording. Daarna zou de Kerk de ware boodschap van Jezus steeds meer verdraaid hebben om de gnostici te kunnen vervolgen en zelf te kunnen zegevieren. Christendom is volgens de gnostici een gedegenereerde gnosis voor de massa, alleen de geestelijke elite zou dit beseffen. Maar in deze tijd van New Age zou de massa ontwaken, zich afkeren van het geïnstitutionaliseerde Christendom en “het oorspronkelijke Christendom", de Gnosis, weer herkennen als de “Universele Waarheid".

teleac documentaire
zwart-witbeeld: de repressieve Kerk versus het onderdrukte gnosticisme, het machtsinstituut versus de naar waarheid zoekende ziel.

Deze gnostische evangelisatie kon in de Teleac-documentaire van A tot Z worden verkondigd. De Kerk werd afgeschilderd als een agressief, repressief en geestelijk primitief instituut dat de boodschap van Christus aangepast zou hebben om macht uit te kunnen oefenen. De gnosis zou de verdrukte “Waarheid” vertegenwoordigen. Door enkele professoren aan het woord te laten als vertegenwoordigers van het machtsinstituut de Wetenschap, lijken hun beweringen allemaal waar te zijn. De documentairemakers hebben zich laten verblinden door de “wetenschappelijke” visie van een paar invloedrijke hoogleraren in het vroege Christendom. Zo is het resultaat geen diepgravende documentaire geworden, maar platte gnostische propaganda.

De Zoon van God [website van Teleac]

Nederland is in de war

Sussen en bijeenhouden, dat is de opdracht die de meeste gezagsdragers in Nederland zich stellen na de gebeurtenissen van 11 september 2001, 6 mei 2002 en 2 november 2004. Met als doemscenario een etnische burgeroorlog voor ogen, is deze strategie natuurlijk vanzelfsprekend. Maar het kan ook gemakkelijk leiden tot een sullig en welwillend soort naieviteit, die tot uitdrukking komt in opvattingen als “DE islam bestaat niet” of “alle godsdiensten kunnen gevaarlijk zijn” Ik ervaar dat zelf als een hinderlijke vorm van wegkijken. De arabist Hans Jansen besluit zijn essay Dhimmitude ( verschenen in Trouw | Letter en Geest, 27 november 2004 ) met de woorden:

De voorzorgzucht van Balkenende en Donner is het laatste wat we op dit moment als antwoord nodig hebben.

Er is nu een campagne gestart onder de leuze “Nederland niet kapot te krijgen” Dagblad Trouw schreef gisteren het volgende commentaar bij deze campagne:

( … ) Het feit dat het nodig is op te merken dat Nederland niet is kapot te krijgen, is al een veeg teken. Als het echt zo stabiel was, hadden we deze campagne immers niet nodig. De campagne past in het huidige tijdsbeeld, waarin Nederland heen en weer geslingerd wordt tussen de twee uitersten van naïviteit en woede. Na de moord op Fortuyn, en onlangs weer na de moord op Van Gogh, overheerste de woede; steevast komen daarna de tegenkrachten die meestal met goede bedoelingen willen sussen en bijeenhouden. De campagne “Nederland, niet kapot te krijgen” hoort onmiskenbaar tot deze tegenkrachten.( … )

Deze campagne mogen we er wat mij betreft best bijhebben, als tegelijkertijd ook maar de scherpte van het debat gezocht wordt en we de moed tonen om de confrontatie met de Islam (want daar gaat het natuurlijk allemaal over) aan te gaan.

beeldmerk
Het logo doet denken aan dat van een verzetskrant uit de Tweede Wereldoorlog. De stoer boksende Hollandse leeuw zonder de ontwapenende ironie van de blauwe Postbankleeuw. Nederland, ontwaakt!?

nederlandnietkapottekrijgen.nl

donderdag 13 januari 2005
de da vinci hype in rusland

Sinds ik een beetje gevorderd begin te raken met de Russische taal, bezoek ik regelmatig Russische sites. Zo kwam ik gisterenavond terecht bij ozon.ru het Russische amazon.com, zullen we maar zeggen ( of bol.com, zoals je wilt ). En daar kwam ik de onvermijdelijke Dan Brown weer tegen… De hype beperkt zich niet alleen tot Amerika en Nederland.

cover van De Da Vinci Code

De omslag van de Russische uitgave oogt macaber. Het cyrillische schrift, gecombineerd met doodshoofd roept bij mij onherroepelijk associaties op met alchemistische symboliek, hekserij en occultisme. De bezoekers van ozon.ru waarderen De Da Vinci Code met vier sterren.

danbrown.com | interview [ in het Russisch ]

woensdag 12 januari 2005
noodgeld

Gisteren heb ik op het web een schatkamer ontdekt met Duits noodgeld uit de periode 1918-1923. Nog nooit ben ik zo inhalig geweest met virtueel waardepapier en heb al een hele verzameling op de harde schijf van mijn computer staan.

noodgeld

In mijn plaatjesweblog Johannes in retroland kun je vandaag ook de voorkant van dit curieuze bankbiljet bekijken.

Notgeld [ aes.iupui.edu/rwise ]

dinsdag 11 januari 2005
exit nordman

Vandaag is het een maand geleden dat er een kerstboom in huis kwam. Ditmaal was het geen fijnspar maar een Nordman. Als je eens een Nordman in huis gehad hebt, wil je niets anders meer. Goedkoop zijn ze niet, de mijne kostte met € 10 korting nog altijd € 16,95, maar daarvoor heb je wel de koningin onder de kerstbomen in huis, mooie volle takken en niet prikkende naalden die bovendien niet uitvallen.

kerstboom

Maar morgen gaat hij na 4 weken over het balkon en verdwijnt de decemberromantiek weer in een nuchtere kartonnen doos. Het is mooi geweest.

Abies Nordmanniana

maandag 10 januari 2005
de wijze der wijzen
De moed geen enkele vraag voor zich te houden maakt iemand tot een filosoof. Hij moet op Oedipus van Sophocles lijken, die op zoek naar opheldering over zijn eigen ontstellende lot onvermoeibaar verder zoekt, zelfs als hij vermoedt dat uit de antwoorden het allerverschrikkelijkste voor hem zal blijken.
Arthur Schopenhauer in een brief aan Goethe.
uit: Rüdiger Safranski, Het Kwaad, Atlas 1998

schopenhauer-online.de

zondag 9 januari 2005
De Da Vinci Hype

Op 21 januari 2004 werd op crimezone.nl geschreven:

Vijf miljoen exemplaren van The Da Vinci Code zwerven momenteel door Amerika. Nog nooit werden er van één thriller zoveel boeken gedrukt, laat staan verkocht. Sinds de verschijning staat het vierde boek van Dan Brown steevast in de top 3 van alle bestsellerlijsten. The Da Vinci Code is hot! Maar is het ook goed? Deze week verschijnt De Da Vinci Code in Nederland en na de fantastische voorganger, Het Bernini Mysterie, waren mijn verwachtingen tórenhoog gespannen. Is het nu werkelijk zo dat het beste boek van 2004 al in januari is verschenen?

Bijna een jaar later wordt de bestsellerlijst in Nederland aangevoerd door maar liefst 4 titels van Dan brown en bovendien staat er nog een boek van Simon Cox (De geheimen van De Da Vinci Code) op een negende plaats. De helft van de bestseller top 10 is een jaar nadat de hype begon, nog helemaal in de ban van De Da Vinci code.

bestsellerlijst januari 2005
De boeken top 10 van afgelopen week.

Ik ben niet zo’n hypetype. Het enige hypeboek dat ik het afgelopen jaar gelezen heb (een verjaardagscadeau), is de bestseller van Geert Mak. Maar De Da Vinci Code zal ik beslist niet kopen. Het herinnert mij aan de Celestijnse Belofte-hype (James Redfield) van 10 jaar geleden. Ik heb dat boek toen voor de helft gelezen en werd helemaal week van de MacDonald-mystiek. Als ik de recensies een beetje gevolgd heb, is De Da Vinci Code een ingenieuze vervlechting van feiten en fictie. Ik hou daar eigenlijk niet zo van. De Slinger van Foucault kon ik hoofdzakelijk waarderen als een boeiende verzameling voetnoten.

Wat mij aan het boek van Dan Brown tegenstaat als ik de recensies lees, is de ‘historische’ visie op het leven van Jezus Christus. Het vermengen van feiten en fictie kan natuurlijk best tot een geloofwaardig verhaal leiden, maar uiteindelijk blijft het een if-story. De reden waarom deze if-story niet alleen enthousiast ontvangen, maar tegelijkertijd ook zo serieus genomen wordt, zit hem waarschijnlijk in het feit dat het boek, evenals de gnostici al eeuwenlang doen, de visie van de Kerk betwijfelt en weerlegt. Dat doet het in deze tijd erg goed. Er is erg veel afkeer van geïnstitutionaliseerde godsdienst en de eigen(zinnige) visie wordt bijzonder hoog aangeslagen. De paradox is dat De Da Vinci Code al bijna geinstitutionaliseerd is in Nederland.

titels over de Da Vinci Code in de Koninklijke Bibliotheek

zaterdag 8 januari 2005
de warrige witte

Niet de nieuwste Suske en Wiske, maar de nieuwste website van Studio Mimesis die gisteren opgeleverd werd. Helemaal gewijd aan de Nizinny-Tatra. Kenners weten waar dit over gaat…

www.nizinny-tatra.nl

vrijdag 7 januari 2005
meegaan met je tijd
vandaag 2004 jaar geleden:
Geboorte van onze Heer en God en Verlosser Jezus Christus

icoon van de Geboorte van Onze Heer en Verlosser Jezus ChristusDertien dagen geleden stond deze post ook al hier. Vandaag is de Juliaanse kalender zover en zijn we beland op 25 december. De Russisch-Orthodoxe Kerk is nog altijd trouw aan deze kalender. Dus vieren vandaag miljoenen Russen, maar ook Serviërs en oud-kalendaristen het Feest van de Geboorte van onze Heer en God en Verlosser Jezus Christus. Voor de wereld die de Gregoriaanse kalender volgt, lijkt het dat de gelovigen in Rusland achterlopen. Maar zij volgen wél een kalender waarin geen 13 dagen ontbreken. Tussen 4 oktober en 15 oktober 1582 kon er in West-Europa niets meer gebeuren, deze data hebben namelijk nooit bestaan. Het “achterlopen” van oud-kalendaristen bestaat dus alleen vanuit het perspectief van een onmogelijke sprong in de geschiedenis, die opgevat wordt als “meegaan met je tijd “. Maar meegaan met je tijd is iets anders dan (13 dagen) tijd ontkennen.

de Gregoriaanse kalender

donderdag 6 januari 2005
vernieuwing

Er stond een filosofisch stukje in Trouw over Oud en Nieuw. Aan drie wijsgeren uit het filosofisch elftal werden de volgende vragen voorgelegd: Heeft het zin om goede voornemens te maken? Kan een mens een nieuw begin maken? Of zijn we gedoemd tot de eeuwige wederkeer van hetzelfde? Een van de spelers uit het filosofisch elftal is de rechtsfilosoof Andreas Kinneging. Na een onfortuinlijke flirt tussen Geert Wilders en zijn compaan Bart-Jan Spruyt van de conservatieve denktank Edmond Burke Stichting heb ik Andreas nog steeds hoog zitten.

Kinneging haalt Aristoteles erbij. Deze noemt de mens een gewoontedier. Want wanneer we eenmaal goede of slechte gewoonten hebben eigengemaakt, komen we daar niet snel van af, want éthos (gewoonte) wordt èthos (karakter). “Er is niets gemakkelijker dan te stoppen met roken", zei Mark Twain. “Ik heb het al honderd keer gedaan.”

Als conservatief wijst hij op het betrekkelijke van “Nieuw” :

Hoop op een betere toekomst kan bovendien blind maken voor het feit dat vernieuwing meestal verslechtering is. Het probleem van vernieuwing is dat we van de toekomst niets weten. We kunnen alleen het verleden bestuderen. ( … )
Ook geloof ik dat het goed is mensen de kans te geven om terug te keren op hun schreden. Het is een teken van beschaving dat als iemand berouw heeft over zijn gedrag je tegen zo iemand kan zeggen dat hij opnieuw kan beginnen, en dat er vergeving kan volgen.
vernieuwen

Het Christelijk geloof gaat nog verder dan de humanistische levensbeschouwing van Kinneging. Vergeving is niet “een teken van beschaving", maar iets waar ons leven vanafhangt. Nogmaals en nogmaals, zeven maal zeventig… Vergeving ( én gebed, want zonder God’s hulp gaat het niet ) is een postitieve “eeuwige wederkeer van hetzelfde” omdat zij paradoxaal genoeg in de voortdurende herhaling wél tot iets Nieuws in staat is.

woensdag 5 januari 2005
identificatievrijheid

Behalve drie bezoeken aan mijn geliefde en eentje aan mijn ouders ben ik dit jaar nog niet echt de deur uitgeweest. Ik heb mij dus nog steeds niet te hoeven identificeren op straat. Ook niet tegenover mijzelf trouwens. Nog altijd ben ik in het bezit van een redelijk consistent zelfbeeld. Maandagavond laat dreigde dat even te versnipperen, toen ik bij de strot gegrepen werd door de fantasievolle thriller “Donnie Darko".

Donnie, een aan schizofrenie leidende 16-jarige jongen voert in deze bizarre vertelling gesprekken met een reuzenkonijn, dat luistert naar de naam Frank. Het herinnerde mij aan een periode dat ik in een deprimerende flat woonde in Arnhem-Zuid en bang was letterlijk mijzelf tegen te komen in de spiegel op de badkamer. Die ontmoeting is natuurlijk te verwachten bij een spiegel, maar de schrik slaat je om het hart wanneer je in of tegenover de spiegel een geheimzinnige en griezelige “rest” dreigt te ontdekken.

Maar gelukkig zijn “we” alweer jaren prettig congruent en ben ik niet bang voor reuzenkonijnen in de spiegel. Wel ben ik zo vrij geweest om mijn identiteitskaart aan te passen.

reacties van kijkers op Donnie Darko

dinsdag 4 januari 2005
glimvinken

Drie weken geleden neergestreken in de denneboom en nu blijken het hardnekkige wintergasten. Ten aanzien van de kerstvolière stel ik mij ook al behoudend op. Loslaten valt mij zwaar. Maar gelukkig vliegen ze niet weg, hoogstens de doos in straks…

vogeltje
vogeltje
vogeltje
maandag 3 januari 2005
vasthoudend

kranten vanaf 11 spetember 2001Panta rhei, maar niet bij mij. Sinds 11 september 2001 gooi ik de krant niet meer weg en ik weet niet waarom. Een oude krant hoor je weg te gooien en niet te bewaren. Maar ik weiger dat en het verleden stapelt zich op. Krant is een verbastering van het woord “courant” dat evenals het woord koerier is afgeleid van het werkwoord “correr” dat “rennen, stromen” betekent. Maar ik laat de krant niet stromen, maar bouw er juist een dam mee op. Wacht ik soms op een doorbraak?

zondag 2 januari 2005
brak

wodka en spoetnikWodka en discipline gaan niet erg goed samen, behalve als je een gedisciplineerde drinker bent. Maar ik ben een erg ongedisciplineerde oudejaarsavondwodkadrinker die de decemberroes tot in de kleine uurtjes van nieuwsjaarsnacht nog wil rekken. Om vervolgens de nieuwjaarskater in elke vezel te moeten begroeten.

Ik voel me nog steeds een lamme kozak die van zijn paard is gevallen en half verdoofd op de grond naar de hemel ligt te staren en nog geen zin heeft om op te staan.

na zdarovje!

zaterdag 1 januari 2005
het oude gevecht

Vlak voor kerst werd ik besprongen door een goed voornemen. Na een kortstondig verzet kwam er tenslotte een pact tot stand tussen de slechte gewoonte en het goede voornemen. Toegegeven, zo’ n voorschot op de toekomst, geeft even rust. De laatste dagen zijn zelfs kalm voorbijgekabbeld. Maar vandaag wordt het oude gevecht hervat. Een nieuw jaar, een nieuw strijdperk.

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie