maandag 30 april 2007
hun liefde is hun dood
Patricia de Martelaere over de melancholicus
uit: Een verlangen naar ontroostbaarheid
Veruit de meeste ‘normale’ stervelingen zijn vlotte, soepele beleggers: ze investeren verstandig, niet te veel in één keer, ze kunnen op tijd hun fondsen terugtrekken en vinden met gemak nieuwe, betere instanties - ze zijn meer gehecht aan hun eigen middelen dan aan die éne, éne bank. Mensen beminnen doorgaans met mate, en met gezond verstand - zodat de liefde hen niet werkelijk in hun identiteit bedreigt (…)
Mensen beminnen doorgaans met mate,
en met gezond verstand -
zodat de liefde
hen niet werkelijk
in hun identiteit bedreigt
Maar sommigen leren het nooit, of willen het niet leren - ze kunnen zich niet verzoenen met de basisprincipes van de liefdeseconomie, waarin objecten geacht worden verwisselbaar en vervangbaar te zijn - ze willen alleen maar dat ene, zetten roekeloos hun hele vermogen in en worden dan ook bedreigd met een verpletterend, onherstelbaar verlies. Meer zelfs: ze verliezen onvermijdelijk, hun inzet zelf betekent reeds hun verlies, hun liefde is hun dood. (…)
 
uit: Een verlangen naar ontroostbaarheid

MartelaereEen verlangen naar ontroostbaarheid bevat twaalf essays over wezenlijke onderwerpen als leven en dood, kunst, schrijven, spreken en lezen, over ‘de kleur van klanken’, over ‘fictie’ in de literatuur en ‘het dagboek en de dood’. Wittgenstein is een van de telkens terugkerende namen, Freud een andere; Friedrich Nietzsche is de vrijwel onzichtbare toeschouwer. Zoals Herman de Coninck schrijft in het Nieuw Wereldtijdschrift:
‘Patricia de Martelaere is de enige filosofe in dit taalgebied die van filosofie niet alleen iets onacademisch, iets begrijpelijks, maar ook iets aangrijpends kan maken. Denken is een ramp. De essays van De Martelaere zijn rampenplannen.’

“De essays van De Martelaere ontwijken niets en zijn daardoor op een glorieuze manier pijnlijk. Ze zijn briljant omdat ze nergens vaag zijn, terwijl ze toch de meest gevoelige onderwerpen behandelen.”
Carel Peeters in Vrij Nederland

Bron: meulenhoff.nl

zondag 29 april 2007
de open samenleving
gelezen: Guy Verhoffstadt in Letter & Geest over Karl Popper
De essentie van een open samenleving is dus volgens Popper dat ze nooit af is. Ze laat zich steeds opnieuw verbeteren. En daarom laat ze conflicten tussen waarden toe. Dit is ook de essentie van de liberale democratie. De liberale democratie is de beschaafdste vorm van omgaan met conflicten tussen ideeën. Democratie is per definitie de staatsvorm die opteert voor de onperfecte samenleving. Het is de staatsvorm waarin geen grote beslissingen, maar dus evenmin grote foute beslissingen kunnen genomen worden. Ze volgt de methode van de kleine stappen, of wat Popper noemt de piecemeal-engineering. Dit in tegenstelling tot de zogenaamde social engineering van de totalitaire systemen of het historicisme.
 
Bron: trouw.nl

Karl Raimund Popper
Karl Popper(Wenen, 28 juli 1902 – Londen, 17 september 1994) was een Oostenrijks-Britse filosoof die algemeen wordt beschouwd als een van de grootste wetenschapsfilosofen van de 20e eeuw. Daarnaast was hij een belangrijk sociaal en politiek filosoof, een onversaagd verdediger van de liberale democratie en de principes van sociale kritiek waar deze op is gebaseerd, en een onwrikbaar tegenstander van autoritarianisme. Hij is het bekendst geworden door zijn weerlegging van het klassieke model van wetenschap als een proces van observatie en inductie, zijn pleidooi voor falsifieerbaarheid als criterium om wetenschap van non-wetenschap te scheiden en zijn verdediging van de ‘open maatschappij’.

Bron: nl.wikipedia.org

vrijdag 27 april 2007
Nederland ikkje lenger så morsomt
Dit jaar is het honderdste sterfjaar van Edvard Grieg

Noorwegen staat dit jaar uitgebreid stil bij het 100e sterfjaar van zijn belangrijkste componist. Op de website grieg07.no die ter gelegenheid van dit Griegjaar in de lucht is, vond ik een interview met Grieg-vertolker Håkon Austbø. Ik ken geen Noors maar het is leuk om te ontcijferen. Austbø woont al jaren in Nederland en geeft les aan het conservatorium in Amsterdam. Hij is ook verbonden aan het Skriabin Genootschap.

Edvard Grieg
Edvard Grieg in 1907

Nederland ikkje lenger så morsomt

(Nederland is niet langer zo leuk.
met dank aan Bart voor de vertaling.)

Etter å ha studert i Paris, busette du deg etterkvart i Nederland, der du tilbrakte dei neste omlag 20 åra. Så, i 2005 flytta du attende til Noreg. Kva er årsaka til at du no kom hit?

Det er vel flere grunner, noen er personlige, seier Austbø. - Men det er også fordi Nederland ikke er et så morsomt land som det var før.

Det har blitt et hardere og mer polarisert samfunn, enn det åpne, tolerante og frie samfunnet det var. Det har vært politiske mord, for eksempel i 2002-2003 da Pim Fortuyn, som var på vei til å vinne valget ble skutt. Så, to år etterpå var det det Theo van Gogh, en arrogant fyr, som blant annet laget en dokumentar som en kritikk mot islam, sammen med Ayaan Hirsi Ali. Van Gogh ble skutt av en ung fanatisk islamist - selv om det nok var Hirsi Ali de var ute etter.

Bron: grieg07.no

donderdag 26 april 2007
Guernica
vandaag is het 70 jaar geleden dat de nazi’s Guernica bombardeerden

Goya is niet de enige Spaanse schilder geweest die commentaar heeft gegeven op de waanzin van de oorlog. Het beroemdste anti-oorlogschilderij uit de geschiedenis is waarschijnlijk Guernica van Picasso. Jarenlang heeft het schilderij in het MOMA in New York gehangen. Toen dictator Franco eenmaal dood en de democratie hersteld was, mocht het schilderij weer naar Spanje komen. Deze zomer is het vijfentwintig jaar geleden dat ik in Madrid Picasso’s beroemdste schilderij zag. Vlak nadat het voorlopig een plek had gevonden in Casón del Buen Retiro, een dépendance van het Museo del Prado, ging ik het met mijn broer bekijken. Het werd gekoesterd als kroonjuweel. Ik herinner mij vooral nog de twee zwaar gewapende mannen van de guardia civil die het enorme schilderij flankeerden. Tegenwoordig is de Guernica te zien in het Centro de Arte Reina Sofía

Guernica
Guernica werd al snel hét monument tegen opkomend fascisme. Het schilderij reisde door Europa en Noord Amerika om mensen bewust te maken van tirannie en onderdrukking. Vanaf het begin van WO II was Guernica te zien in New York, waar het als brandpunt van politiek activisme fungeerde. Picasso had Guernica bestemd voor het Spaanse volk, maar hij weigerde het schilderij in Spanje tentoon te stellen zolang “publieke vrijheden en democratische instituten” Spanje werden onthouden. Na de dood van Franco, kreeg Guernica zijn plaats in Spanje na veertig jaar ballingschap in New York. Picasso wilde namelijk niet dat het schilderij in Spanje terugkwam zolang daar de democratie niet hersteld was.

Toen Parijs, waar hij in die tijd woonde, in 1940 werd bezet, kreeg Picasso in zijn atelier bezoek van enkele Duitse officieren. Zij wezen op een groot, somber doek in grijstinten: ‘Guernica’. “Haben Sie das gemacht?", vroegen ze de schilder. “Nein, Sie", antwoordde Picasso.

The Bombing of Guernica, 1937

woensdag 25 april 2007
uit de as herrezen
Vandaag is Boris Jeltsin begraven
vanuit de Christus de Verlosser Kathedraal in Moskou

De begrafenis van Boris Jeltsin vandaag was voor veel Russen in een ander opzicht ook een emotionele gebeurtenis: het was de eerste keer sinds de begrafenis van Tsaar Alexander III in 1894 dat er een staatshoofd vanuit de Russisch Orthodoxe Kerk begraven werd. In 113 jaar tijd, de hele 20e eeuw, was dat niet meer voorgekomen.

begrafenis

De begrafenisdienst vond plaats in de Christus de Verlosser Kathedraal in Moskou, hét symbool van de herrijzenis van het geloof in Rusland. Onder Stalin werd deze kathedraal in 1931 afgebroken, omdat hij op die plek een Sovjetpaleis wilde bouwen met een enorm beeld van Lenin erbovenop. Maar door de oorlog is daar nooit wat van gekomen. Uiteindelijk kwam er een zwembad op die plaats. Na de val van het communisme werd de kathedraal sinds 1995 in recordtijd herbouwd.

Christ Savior
een afbeelding van de oorspronkelijke Kerk in de negentiende eeuw
Christ Savior
de ruines in 1931
Christ Savior
de herrezen kathedraal vandaag de dag

Cathedral of Christ the Savior in Moscow

ANZAC day
vandaag is het in Australië en Nieuw-Zeeland ANZAC-day
en worden de slachtoffers van de Slag om Gallipoli in 1915 herdacht
De Britse Oorlogsraad kwam met het idee een derde front te openen in Turkije omdat men dacht dat de loopgravenoorlog in het westen geen snel vooruitzicht op een overwinning bood. Het tweede front, het Russische front bood ook geen vooruitzicht op een snelle overwinning. Rusland was door de slag bij Tannenberg zodanig verzwakt dat zij voorlopig geen vuist meer kon maken. Een derde front bij de Dardanellen moest er voor zorgen dat Duitsland zijn krachten moest verdelen. Hierdoor konden de geallieerden dan aan het Westerse front Duitsland een beslissende slag toebrengen en de oorlog beëindigen. De zeestraat tussen de Egeïsche Zee en de Zee van Marmara noemt men de Dardanellen. Men zou proberen via deze zeestraat Rusland te bereiken. Het Turkse schiereiland Gallipoli begrenst de zeestraat in het noorden.
 
Bron: nl.wikipedia.org

gallipoliGallipoli (1981) van Peter Weir
In 1981 maakte de Australische regisseur Peter Weir, bekend van o.a. Picnic at Hanging Rock (1975), een film over deze veldslag met Mel Gibson en Mark Lee in de hoofdrol. De film gaat over twee jonge Australische mannen die met de ANZAC’s mee naar Europa komen om deel te nemen aan de Eerste Wereldoorlog. Ze worden naar Gallipoli gestuurd waar het onzinnige van de oorlog al snel duidelijk wordt.

Gallipoli, the movie

ANZAC Day - 25 April - is probably Australia’s most important national occasion. It marks the anniversary of the first major military action fought by Australian and New Zealand forces during the First World War. ANZAC stands for Australian and New Zealand Army Corps. The soldiers in those forces quickly became known as ANZACs, and the pride they soon took in that name endures to this day.

anzacday.org.au | anzac.govt.nz

dinsdag 24 april 2007
Darren Booth
Darren Booth is een illustrator uit Montreal
Darren Booth

darrenbooth.com

maandag 23 april 2007
de laatste getuige
gezien: Der Untergang (2004)

Deze dagen is het 62 jaar geleden dat Berlijn in een hel veranderde. Zaterdagdagavond heb ik met Ronald samen gekeken naar der Untergang, gebaseerd op het boek van Joachim Fest. Ooit zag ik die andere film over Hitler’s laatste dagen: The Bunker uit 1981 met Anthony Hopkins als Hitler.
Rochus MischMet die vertolking van Hitler kreeg ik bijna medelijden. Bruno Ganz, die ooit een engel speelde boven Berlijn (Der Himmel über Berlin (1987) van Wim Wenders) speelt nu een duivel in de hel onder Berlijn. Ook hij zet een afgetakelde man neer, maar zijn Hitlervertolking blijft kil en weerzinwekkend. Met de schitterende Duits-Roemeense Alexandra-Maria Lara als Hitler’s laatste secretaresse Traudl Junge. Inmiddels zijn alle getuigen van Hitler’s zelfmoord niet meer in leven, op één na, de telefonist Rochus Misch Hij leeft nog steeds in Berlijn en hoopt in juli 90 jaar te worden.

BunkerDrie jaar geleden was ik met Kees op de plek waar de Neue Reichskanslerei stond aan de Voss-Straße. Daaronder bevond zich de bunker. Nu is het een onbeduidend parkeerplaatsje tussen wat nieuwbouwblokken in. De sporen zijn uitgewist. In de DDR-tijd is het volgestort met beton.

Berlijn, april 1945. Het land staat op het punt van de totale ineenstorting. In de straten van de hoofdstad voltrekken zich hevige gevechten van huis tot huis. Hitler heeft zich, met enige van zijn generalen en vertrouwelingen, verschanst in de Führer’s Bunker onder de Rijkskanselarij. Onder hen is ook Traudl Junge, Hitler’s prive secretaresse, die hem niet in de steek wil laten. Terwijl de situatie buiten escaleert – het Rode Leger rukt immers fors op en in de door bombardementen getekende stad spelen zich wanhopige taferelen af – ondergaat Hitler de ineenstorting van zijn Derde Rijk achter de dikke muren van zijn bunker. En hoewel Berlijn op het punt van vallen staat weigert de Führer de stad te verlaten. Hij wil, zoals zijn architect Speer het wist te vertellen, “op het podium staan als het doek voor de laatste keer valt.” Maar Hitler staat niet op het podium.
Der Untergang
Terwijl de gevolgen van zijn hopeloos verloren oorlog met alle macht over zijn volk heenvallen, werkt de Führer aan zijn eigen aftocht. Slechts enkele uren voor hun gemeenschappelijke zelfmoord trouwt hij met Eva Braun. In plaats van een laatste overwinning komt er een laatste nederlaag, maar ook die moet tot in de puntjes verzorgd worden. Nadat Hitler en Eva Braun de hand aan zichzelf hebben geslagen worden ze verbrand zodat hun lichamen niet in handen van de vijand vallen. Vele van zijn getrouwen kiezen eveneens voor zelfmoord. Goebbels en de overgebleven generalen weigeren zich onvoorwaardelijk over te geven aan de Russen. Als de situatie nog hopelozer wordt besluit Magda Goebbels haar zes kinderen te vergiftigen voordat zij zelf met haar man zelfmoord pleegt. Kort daarna weten Traudl Junge en enige anderen op het laatste moment te ontsnappen uit de bunker…
zondag 22 april 2007
Perzië aan de Amstel
nog te zien: Perzische Pracht , 30 eeuwen kunst en cultuur
in het Hermitage aan de Amstel tot 16 september 2007
Perzische Pracht
Fragment van een reliëf, met een afbeelding van een Perzische krijger. Steen, 5de eeuw v. Ch. (22,3 x 20,2 cm)
De Hermitage in St.-Petersburg herbergt een fraaie verzameling kunstvoorwerpen uit Perzië. In deze collectie bevinden zich vele interessante stukken, die de gehele Perzische geschiedenis bestrijken vanaf de oudheid tot het einde van de Qajar-dynastie (1785-1925). Uit de oudheid zijn er enkele sculpturen waaronder een fragment uit de ruïnestad Persepolis, en goud dat is vervaardigd door de Scythen uit het gebied ten noorden en westen van het Perzische Rijk. Enkele gouden voorwerpen stammen uit het bezit van tsaar Peter de Grote. Uit de islamitische periode komen mooie voorbeelden van Perzisch aardewerk. Ook wapens, van staal en goud en ingelegd met gekleurde stenen, tonen het sublieme Perzische vakmanschap op dit terrein. De Qajar-periode laat meer de westerse invloed op de traditionele Perzische kunst zien: de objecten hieruit zijn vooral diplomatieke geschenken en militaire trofeeën.
 
Bron: hermitage.nl
zaterdag 21 april 2007
fijne plaatjesboeken [ 2 ]
Nieuwe uitgaven bij Uitgever Benedikt Taschen: Window Shopping

Bij dit boek lik ik mijn vingers af. Het is uitgegeven door Taschen’s man in LA Jim Heimann van wie ik inmiddels vier delen heb uit de serie All American Ads.
Etalages horen voor hongerige blikken te zorgen. Dat een boek over etalages dit doel ook bereikt, komt zelden voor. Maar wie geeft er nu zo’n boek uit? Precies …

Window Shopping
Window ShoppingIn postwar America, everything pointed to a bright, shiny future. Sheer optimism and opulence informed everything from automobile design to architecture, infusing design with larger-than-life planes and curves. Storefront design of the era is particularly indicative of this phenomenon, incarnated here in an extensive collection of hand-illustrated shop window designs from 1938 to 1950. These spectacular, often grandiose plans for grocery stores, shoe shops, beauty salons, bakeries, and more are reminders of a time when stores were sacred shrines for the congregation of American shoppers—impressive and even slightly intimidating, just like the future itself. Collected for this unique book, the designs viewed in retrospect reveal the mindset of a unique period in history. In addition to an extensive selection of drawings are historical black and white photographs of actual shops built in a similar style. Shop America offers a rare look at mid-century commercial America as it pictured itself.
 
Bron: taschen.com
vrijdag 20 april 2007
fijne plaatjesboeken [ 1 ]
Nieuwe uitgaven bij Benedikt Taschen: Berlin

Ooit begonnen als punker met een stripboekenwinkeltje in Keulen, is Taschen ruim 25 jaar later een sexy merk geworden met vestigingen over de hele wereld. Publishers of Art, Anthropology and Aphrodesia staat er op de omslag van de nieuwe voorjaarscatalogus. Gisteren viel hij weer op de mat. Sex sells, dus een flink deel van het Taschenfonds bestaat uit erotische, semi-pornografische en soms ranzige boeken (onder de noemer camp, want dan is het intellectueel verantwoord), die wat mij betreft niet zo hoeven. Voor de rest wel veel fijne plaatjesboeken over kunst, architectuur, design en film.

Berlin
Glienicker Brücke bij Potsdam. In de jaren 1961-1989 vaak gebruikt om spionnen uit te wisselen en soms ging dat in een lijkkist. In de zomer van 2004 ben ik er fluitend overheen gefietst.
BerlinBerlin has survived two world wars, was divided by a wall during the Cold War, and after the fall of the Wall was re-united. The city emerged as a center of European power and culture. From 1860 to the present day, this book presents the story of Berlin in photographs, portraits, maps, and aerial views. With nearly 700 pages of emotional, atmospheric images, from giddy pictures of the Roaring Twenties to devastating images of war to heartwarming postwar photos of a city picking up the pieces—the Reichstag in ruins and later wrapped by Christo and Jeanne-Claude—this is the most comprehensive photographic study on Berlin ever made. More than a tribute to the city and its civic, social, and photographic history, this book especially pays homage to Berlin’s inhabitants: full of hope and strength, in their faces is reflected Berlin’s undying soul.
 
Bron: taschen.com

meer van Taschen op deze weblog

donderdag 19 april 2007
twee schilders
gisteren gezien: tentoonstelling Antoon van Welie
en film Goya’s Ghosts van Milos Forman in Nijmegen

Vorige week schreef ik hier dat ik binnenkort de film Goya’s Ghosts en de tentoonstelling De laatste decadente schilder wilde gaan zien. Gisteren kwam het er dan van in Nijmegen.

Antoon van WelieAntoon van Welie
Eerst naar het Valkhof Museum. Samen met Thijn die hier werkt en de foto’s voor deze tentoonstelling (high res te downloaden) gemaakt heeft, een rondgang gemaakt. Als je deze weblog de laatste weken een beetje gevolgd hebt, dan heb je gelezen dat ik me met een paar boeken had ondergedompeld in de periode rond de Eerste Wereldoorlog. Je gaat er voor je gevoel dan zelf een beetje naar ruiken. Ik voelde me dan ook onmiddellijk thuis tussen de schilderijen, pastels en tekeningen van Antoon van Welie die gemaakt zijn in de periode 1895-1915 en die te zien zijn in de eerste zalen van de tentoonstelling. Er is zelfs een interieur uit het begin van de twintigste eeuw nagebouwd met strakke lambrizeringen, om een echo van de Victoriaanse salon op te roepen. Antoon van Welie was beslist salonfähig, een man van de wereld. Rond 1895 was hij al een veelgevraagd portretschilder en hij maakte naam in heel Europa. Hij portreteerde zelfs drie pausen, Mussolini en een hele reeks mannen van aanzien al dan niet met hun vrouw en/of kinderen.

Waar Thijn en ik het beiden wel overeens waren dat hij het vak in zijn vingers had. Op sommige momenten maakt de verf zich echt los en beweegt het zich over het doek met een virtuositeit van een John Singer Sargent of Thérese Schwartze, beiden tijdgenoten die in dezelfde vijver visten: de high society. Maar het werk van Antoon van Welie is zeer wisselend van niveau. Dat zie je in elke zaal steeds duidelijker naar voren komen en tenslotte eindigt deze tentoonstelling in een dieptepunt met onderstaande Allegorie van het Koninklijk Huis die juist als apotheose gepresenteerd is. Je ziet niet alleen een totale aftakeling van de techniek maar ook van de goede smaak. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit zo’n ontluisterend slotaccoord op een oeuvre heb gezien.

Allegorie op het Koninklijk Huis
Allegorie op het Koninklijk Huis, 1948-1949
Van Welie maakte in zijn laatste levensfase ernst met een ’stalinistische’ wansmaak

Wat hij hier presteert, is zo vet over the top en zo erbarmelijk slecht geschilderd, dat het tegenwoordig weer camp zou moeten zijn, maar Van Welie bedoelde dit allemaal zoo ernstig… Na de oorlog was hij een anachronisme geworden, ongeschikt voor de moderne tijd en verguisd door de critici ondanks zijn successen in de hogere kringen. Toch is deze tentoonstelling de moeite waard en ik ben blij dat Antoon van Welie weer uit het stof is gehaald. Er zijn een paar portretten van beeldschone dames die tegelijkertijd technisch van zeer hoge kwaliteit zijn.

Goya’s Ghosts
’s Avonds met René en Thijn naar lux. Niet helemaal onbevooroordeeld, want ergens had ik iets gelezen van ’slecht scenario, wel veel mooie plaatjes’. Een film met een slecht scenario is eigenlijk al niet meer te redden, maar voor mij is er bij een historisch drama altijd een escape. Ik zet dan op een gegeven moment de knop om en bekijk de film daarna niet meer als film, maar als een slideshow van vaak mooie plaatjes en allerlei historische details. Voor een regisseur is dat niet bepaald complimenteus. Die krijgt dan ook een vette onvoldoende, maar voor het werk van de cameraman, rekwisiteurs, stylistes, kostuumspecialisten en historici die aan zo’n film hebben meegewerkt, heb ik dan meestal des te meer lof.

Goya's Ghosts
Goya onthult een ruiterportret van de koningin aan het koninklijk paar

Nu is Milos Forman natuurlijk niet zomaar een regisseur. Wanneer hij een slecht scenario in handen krijgt, weet hij er altijd nog iets van te maken. Ook herken je zijn films altijd aan de typische Forman-signatuur, en kan hij als meester knipogen naar zijn meesterwerken One Flew over the Cukoo’s Nest en Amadeus. Maar daarmee is de film nog niet gered. Voor René wordt deze film dan ook genomineerd voor het Gouden Kruidvat, met andere woorden: zo vlug mogelijk als DVD verramsjen bij het Kruidvat. Thijn vond de film helemaal zo slecht nog niet. Waar we het met elkaar wel overeens zijn, is het slechte scenario van Goya’s Ghosts. Een ongeloofwaardig verhaal dat bovendien nog eens platgewalst wordt onder teveel dynamiek en teveel revoluties (gaap). En er is geen echte centrale hoofdpersoon. Met Antonio Salieri in Amadeus kan iedereen zich wel identificeren, juist omdat het emotional center van Amadeus de jaloezie is. En de jaloezie van de ander is een gemakkelijke bron van vermaak.

Goya's Ghost DVDMaar waar gaat Goya’s Ghosts eigenlijk over? Misschien gaat het over loyaliteit en de bereidheid om te lijden voor je principes. En dus ook over lafheid en opportunisme. Het moment waarop dit het duidelijkst naar bovenkomt, is wanneer Goya en Lorenzo elkaar verwijten ‘de hoer’ te zijn. Uiteindelijk is het Lorenzo , mooi gespeeld door Javier Bardem, die zijn geloof in de idealen van de revolutie niet opgeeft. En Goya blijft wat hij in deze hele film is: een voorbijganger, iemand die toekijkt. Als een fotojournalist avant la lettre blijft hij betrokken bij het oorverdovende tumult van zijn tijd, maar vanwege zijn doofheid is hij veroordeeld tot een terugetrokken bestaan in een doodstille wereld.

De casting is, zoals we van Forman gewend zijn, weer opvallend goed. Een prachtige Carlos IV gespeeld door Randy Quaid, een mooie rol van José Luis Gómez als Tomás Bilbatúa en Michael Lonsdale als vader Gregorius met een overtuigende combinatie van oprechte inleving en lafheid op zijn gezicht.

Goya schilderijen | Goya grafiek

woensdag 18 april 2007
vader van het spotzieke ongeloof
vorige maand verscheen een Nederlandse vertaling van de briefwisseling
tussen Voltaire en Frederik de Grote van Pruisen

De afgelopen jaren lijken we een heuse Verlichtingsrevival te beleven. Als antwoord op religieus fundamentalisme wordt teruggegrepen naar het motto van de Verlichting: “Mens durf te denken!", m.a.w. “Wees eens redelijk!". Na 9/11 horen we regelmatig dat de islam door de (Europese!) Verlichting heengejaagd moet worden. En blijkbaar is voor andere religieuze groeperingen de Verlichting ook nog niet voltooid. Dat blijkt nu de drie kamerleden van de Partij van de Dieren plotseling als een obscuur groepje sectaristen (want: Zevende Dag Adventisten) wordt afgeschilderd en hun partijprogramma vermengd zou zijn met religieuze uitgangspunten. Het lijkt alsof er een soort seculiere inquisitie is ingesteld onder het banier van de Verlichting die elke religieuze overtuiging de ‘privésfeer’ in moet knuppelen. Ook dat is Verlichting.

het schrikbewind
het is naief om nog steeds aan te nemen dat religie altijd tot oorlog leidt en Verlichting “zum ewigen Frieden”
Immanuel Kant heeft de Verlichtingsidealen nog zien ontaarden.

Want als we de geschiedenis er eens bijpakken, dan zien we dat de Verlichtingsidealen tijdens de omwentelingen in Frankrijk al snel leidden tot een schrikbewind, waarbij religie (toen uitsluitend het Christendom) werd afgeschaft. Dat gebeurde in 1793 toen Robbespiere een Eredienst voor het Opperwezen instelde, een nieuwe kalender begon en de Notre Dame in Parijs omdoopte in de Tempel van de Rede. Dat was allemaal al voorbereid door een aantal Verlichtingsfilosofen waaronder Voltaire ongetwijfeld de scherpste was. Wanneer er nu aan het begin van deze nieuwe eeuw beweerd wordt dat de islam een Voltaire nodig heeft, moeten we ons goed realiseren wie Voltaire was. Als vrolijke vernietiger van heilige huisjes doet hij het goed in het tijdperk van individualisme, maar honderd jaar geleden zag men dat heel anders. Gisteren las ik dit over hem in een katholiek leerboek geschiedenis uit 1907:

Voltaire

Hij was opgegroeid in de hoogere kringen der maatschappij en daarin behoorde lichtzinnige nietsontziende spot tot den modetoon. Hij was de vader van het spotzieke ongeloof en met een daemonische haat tegen het christendom bezield. Als mensch en als karakter stond hij zeer laag. Langen tijd was hij bevriend met Frederik de Groote, die hem uitnoodigde zich aan zijn hof te vestigen.
“Hij was de vader van het spotzieke ongeloof en met een daemonische haat tegen het christendom bezield.”

Natuurlijk wordt dit zo gezien vanachter katholieke brillenglazen van honderd jaar oud. Maar het is goed om de huidige visie daarmee te relativeren. Om Voltaire zélf eens goed te leren kennen, kun je bijvoorbeeld zijn brieven lezen die hij schreef naar Frederik van Pruisen. Sinds vorige maand kan dat ook in een Nederlandse vertaling. Het is ook een uitstekende manier om een groot deel van de achttiende eeuw van binnenuit te leren kennen. De correspondentie beslaat namelijk een periode van 42 jaar ! (1736-1778) Egodocumenten bieden vaak een heel natuurlijke ingang tot een historische periode. En dat beide heren een ego hadden, daar hoeven we niet aan te twijfelen.

Voltaire en Frederik de Grote, twee van de allergrootste figuren van de achttiende eeuw, twee bijzonder gecompliceerde figuren ook, die zich onweerstaanbaar tot elkaar aangetrokken voelden, maar elkaar vaak ook niet konden verdragen. Ze voerden een correspondentie van 42 jaar, een correspondentie die een heel leven omvatte en bijna een hele eeuw. Frederik was 24 jaar oud en nog geen koning toen hij zijn eerste brief vol bewondering schreef naar de al internationaal beroemde Voltaire. De laatste brief schreef Voltaire op zijn ziekbed in april 1778. In mei zou hij sterven. Door middel van deze eerste Nederlandse uitgave van alle bewaard gebleven brieven kan de lezer zich rekenschap geven van de grote rijkdom van stijl en onderwerpen. De typische achttiende-eeuwse gewoonte om elkaar te prijzen neemt vaak hyperbolische vormen aan, waardoor de lof, hoewel meestal gemeend, een ironisch tintje krijgt. Ook de gewoonte om een briefte versieren met een gedichtje wordt trouw gevolgd.
 
Correpondentie Voltaire en Frederik de GroteDe onderwerpen raken aan praktisch alles wat de mensen van die tijd bezighield, van filosofie, literatuur, natuurwetenschappen, medicijnen, rijkdom en armoede, economie en politiek en de grote vraagstukken van oorlog en vrede, tot alledaagse zaken zoals de vele ziekten van Voltaire, de jicht van Frederik, zijn wanhoop en verbetenheid tijdens de zevenjarige oorlog, of eenvoudigweg het porseleinen servies dat Voltaire van Frederik krijgt, en in het voorbijgaan maken we kennis met een groot aantal uiteenlopende persoonlijkheden en hun door de schrijvers al dan niet bewonderde theorieën. Kortom, een genot om te lezen en een bron van kennis ontrent de achttiende eeuw en de ideeën van de Verlichting.
 
Bron: nnbh.com

Voltaire [ wikipedia ]

dinsdag 17 april 2007
grote sprong voorwaarts
60 jaar Magnum Photos

Henri Cartier-Bresson, een van de oprichters van Magnum Photos in 1947, maakte op 1 oktober 1958 onderstaande foto. Net als zijn beroemde momentopname Derrière la gare Saint-Lazare uit 1932 (zie detail rechts bij button fotografie), bevrijdt hij hier het moment niet alleen van de tijdelijkheid maar ook van de zwaartekracht. Iedereen hangt hier in de lucht terwijl de Grote Roerganger zélf onzichtbaar aanwezig is. Poëzie en journalistiek met elkaar verenigd. Icoon van een grootse idee, die bijna 50 jaar later weer vragen oproept. Is China inmiddels weer met beide benen op de grond of nu pas echt bezig met zijn grote sprong voorwaarts?

leap forward
Henri Cartier-Bresson
Beijing 1 oktober 1958

henri cartier-bresson

Magnum is a community of thought, a shared human quality, a curiosity about what is going on in the world, a respect for what is going on and a desire to transcribe it visually.

Henri Cartier-Bresson

magnumphotos.com

maandag 16 april 2007
Honderd jaar geleden …
… schilderde Picasso les demoiselles d’Avignon

Het gebeurt wel vaker dat ik na het lezen over een bepaalde periode in de geschiedenis gelijk doortuimel naar de kunst uit die periode. Waar politieke gebeurtenissen de buitenkant van de geschiedenis tonen, laat de kunst de binnenkant zien. De laatste weken heb ik verslag gedaan over de Eerste Wereldoorlog, waarover ik gelezen heb in tenminste drie boeken: voornamelijk in De Eerste Wereldoorlog van John Keegan, daarnaast het tweede hoofdstuk van In Europa van Geert Mak en tenslotte in Eeuw van uitersten, de korte twintigste eeuw 1914-1991 van Eric Hobsbawm.

De Schok van het NieuweDit weekend haalde ik ook mijn scriptie geschiedenis over het ontstaan van de moderne kunst weer eens tevoorschijn, die ik 25 jaar geleden schreef voor mijn VWO-examen. In diezelfde tijd keek ik met rode oortjes naar de serie documentaires De Schok van het Nieuwe van Robert Hughes, die de NOS in het najaar van 1981 uitzond. Het valt me op dat ik als 18-jarige al precies in dezelfde dingen geinteresseerd was als tegenwoordig en dat ik in veel opzichten toen al evenveel wist als nu. In de 25 jaar die achter me liggen, heeft die kennis zich ’slechts’ verdiept. Karl Popper heeft natuurlijk gelijk wanneer hij stelt dat kennis altijd groeit en dat kennis daarom nooit ‘af’ kan zijn. Het interpreteren gaat dus altijd verder en het laatste woord is nooit gezegd. De vraagstelling van mijn onderzoek: “waarom gaat men de zichtbare werkelijkheid in de kunst tot een probleem maken en anders af- en uitbeelden?” blijft in zekere zin nog steeds onbeantwoord. Het blijft geheimzinnig waarom de kunst 100 jaar geleden zo ingrijpend veranderde.

De avant-garde schilderkunst waaierde tussen 1870 en 1920 uit in een delta van ismen voordat het in een zee van modernisme en later post-modernisme zou uitmonden. Want tegenwoordig kan eigenlijk alles weer. Ik kwam bijna onvermijdelijk in de geijkte tunnelvisies en simplificaties terecht: koppelde met het grootste gemak de formulering van de relativiteitstheorie uit 1905 aan de kubistische ruimte, de harde kleuren en scherpe lijnen van fauvisme en expressionisme aan een moedwillige breuk met het verleden, het dadaisme als cynisische reactie op een cultuur die haar vooruitgangsideaal aan stukken had zien vliegen. De Eerste Wereldoorlog zag ik toen ook al als hét kantelmoment uit de twintigste eeuw. Niet alleen verdween in 1919 het oude Europa, ook de oude kunst had plaats gemaakt voor het modernisme. Kenmerkend voor de vroege periode van het modernisme is de verbrokkeling, de deformatie. Het is alsof de zichtbare werkelijkheid op de ontleedtafel is gelegd en aan alle kanten wordt opengesneden.

Picasso
les demoiselles d’Avignon, 1907

Dit jaar is het 100 jaar geleden dat Picasso les demoiselles d’Avignon schilderde: het begin van het kubisme en eigenlijk ook het officiële begin van de moderne schilderkunst. Honderd jaar later worden we elke dag zo overspoeld met beelden dat we bijna nergens meer van opkijken. Maar voor het publiek van toen was dat schilderij een grote schok en Robert Hughes wist die schok prachtig te reconstrueren. Alles raakte in een stroomversnelling en opeens ging het heel hard. Zes jaar later presenteerde Malewich zijn ‘zwarte vierkant’. De kunstcritici verzuchtten: “alles waar we van hielden is verloren. We zitten in de woestijn. Voor ons staat een zwart vierkant tegen een witte achtergrond.” Nog voordat de Eerste Wereldoorlog begon, was de schilderkunst al om zeep geholpen…

zondag 15 april 2007
zomer !
de zonnige zijde van global warming
Het wordt vandaag recordwarm. De maximumtemperatuur varieert van rond 21 graden zeer lokaal op de Wadden, tot 28 graden lokaal landinwaarts. Het is daarbij zonnig, hooguit zijn er een paar vliegtuigstrepen of wat sluierwolken te zien. De wind is zwak tot matig uit oost tot zuidoost.
 
Bron: weer.nl
15 april 2007
Met een temperatuur van meer dan 25 graden is zaterdag 14 april de vroegste zomerse dag geworden die ooit in De Bilt is gemeten. Dit heeft het KNMI laten weten. Rond 18.30 uur was de hoogst gemeten temperatuur in De Bilt zelfs 27,5 graden. De vroegste datum waarop de zomerse grens van 25 graden in De Bilt werd overschreden was op 15 april in 1904. Landelijk is de eerste zomerse dag wel eerder voorgekomen. In de plaatsen Gemert en Venlo werden op 29 maart 1968 temperaturen gemeten van 25,8 graden. De temperatuur komt al sinds donderdag 12 april boven de 20 graden. De eerste temperaturen boven de 25 graden werden vrijdag 13 april waargenomen in het zuiden en zuidwesten. Die dag werd zelfs 25,6 graden gemeten in het Zeeuwse Westdorpe. Het KNMI spreekt over een ’unieke reeks zomerse dagen’. Ook zondag en maandag verwacht het weerinstituut zomerse temperaturen. Na maandag neemt de temperatuur af, maar blijft hoger dan de 12 à 13 graden die normaal zijn voor deze periode van het jaar.
Bron: ANP
look at me !
Noordbrabants Museum koopt portret aan van Thomas Bosschaert

We zien een portret van de kunstenaar als jongeman. Geen gewone jongen uit Bergen op Zoom, maar voor zijn vijfentwintigste al een man van de wereld. Werd in zijn tijd ook in één adem genoemd met Rubens , Van Dyck en Jordaens. Er zijn in de Gouden Eeuw veel meer van dit soort promotiezelfportretten gemaakt. Rembrandt schilderde zichzelf in diezelfde jaren als Italiaanse edelman (nu in de National Gallery in Londen), zelfbewust en in zeer goede doen. Ook zijn vroegere compaan uit Leiden, Jan Lievens, maakte later in Engeland een zelfportret van een gevierd man. Het aardige van dit schilderij is dat je precies kunt zien uit welke pigmenten het palet in de zeventiende eeuw bestond.

Bosschaert
Thomas Willeboirts Bosschaert
zelfportret uit 1637
Het Noordbrabants Museum heeft op de TEFAF in Maastricht het zelfportret gekocht van Thomas Willeboirts Bosschaert. De uit Bergen op Zoom afkomstige kunstenaar werd in de 17e eeuw beschouwd als een van de belangrijkste Zuid-Nederlandse schilders, in één adem genoemd met Peter Paul Rubens, Antoon van Dijck en Jacob Jordaens. Het museum bezit reeds twee schilderijen van zijn hand en ook in de Sint-Jan is een schilderij van hem te zien. Kortom een zeer welkome aanvulling op de collectie van het Noordbrabants Museum.
 
De vaststelling dat het om een zelfportret van Thomas Willeboirts Bosschaert gaat, is gebaseerd op een tekst op de achterkant van het doek en op de vergelijking met de twee kopergravures van zijn portret. Het laat de nog jonge kunstenaar zien met een palet in de hand. Mogelijk heeft Thomas Bosschaert zichzelf hier geportretteerd toen hij in 1637 lid werd van het Lukasgilde. Hij presenteert zich als een jonge schilder aan het begin van zijn carrière, die de toeschouwer zelfbewust aankijkt. Het schilderij is een prachtige aanvulling bij de twee schilderijen van Thomas Bosschaert, die het museum in Den Bosch al bezit, voorstellende De treurende Venus bij het lijk van Adonis en het Visioen van de heilige Antonius van Padua met een verschijning van Maria en Kind.
 
Bron: absofacts2.com/kunst-actueel
zaterdag 14 april 2007
de laatste decadente schilder
binnenkort te gaan zien: tenstoonstelling Antoon van Welie (1866-1956)
Museum Het Valkhof Nijmegen, vanaf vandaag tot 12 augustus 2007

Aan het begin van deze eenentwintigste eeuw lijkt het er steeds meer op dat we ervan geschrokken zijn hoe rigoreus het modernisme in de vorige eeuw de officiële kunst(geschiedenis) heeft bepaald. En dat er misschien toch teveel ’slachtoffers’ zijn gevallen onder diegenen die op de drempel stonden van het modernisme maar toch de traditie trouw bleven. De laatste jaren gebeurt het steeds vaker dat musea een poging wagen om deze kunstenaars te rehabiliteren. In het Museum voor Moderne Kunst in Arnhem was er vorig jaar een grote tentoonstelling gewijd aan het werk van John Raedecker. Het Valkhof Museum in Nijmegen wijdt nu een tentoonstelling aan een tijdgenoot van John Raedecker, de bijna vergeten schilder Antoon van Welie. De tentoonstelling opent vandaag en duurt nog tot 12 augustus.

Ophelia
Ophelia, 1898
‘De laatste decadente schilder’. Die status verdient symbolist, portrettist en religieus kunstenaar Antoon van Welie (1866–1956). Na furore te hebben gemaakt met zijn symbolistische werk, ontwikkelde Antoon van Welie zich tot internationaal vermaard society-portrettist. Diva’s en dandy’s, adel en staatslieden poseerden voor hem. Van paus Benedictus XV en prins Hendrik tot actrice Sarah Bernardt en danseres Isadora Duncan. De flamboyante schilder was de portrettist van de internationale beau monde.
 
Kunstcritici, uit op soberheid en vernieuwing, hadden moeite met Van Welies stijl en flamboyante leven. Zijn grote internationale roem ten spijt heeft hij nooit de aandacht gekregen die hij vanwege zijn artistieke merites verdient. Met de expositie Antoon van Welie (1866-1956) - De laatste decadente schilder in Museum Het Valkhof krijgt Van Welie een plaats in de Nederlandse kunstgeschiedenis. Dit eerste grote monografische retrospectief vertelt met ruim 140 schilderijen, pastels en tekeningen uit meer dan 90 particuliere en museale collecties het intrigerende verhaal van Antoon van Welie, bejubeld en verguisd.
 
Bron: museumhetvalkhof.nl/welie.htm

Antoon van Welie
werd in 1866 geboren te Afferden bij Nijmegen. Hij volgde schilderopleidingen in Vught, Den Bosch en Antwerpen en ontwikkelde zich in de jaren 1890 tot een typische fin de siècle-kunstenaar: zelfbewust en mondain. Zijn eerste expositie, in 1899 in Antwerpen, trok vele bezoekers en werd positief besproken door de Franse schrijvers Anatole France en Jean Lorrain: de eerste aanzet tot furore was gegeven. De symbolistische schilderijen van Antoon van Welie uit deze periode doen denken aan het werk van de Engelse prerafaëlieten. Het zijn sprookjesachtige taferelen in een mysterieuze symbolentaal, gebaseerd op drama’s van Dante, Shakespeare en Maurice Maeterlinck.

Bron: museumhetvalkhof.nl/welie.htm

Antoon van Welie (1866-1956): De laatste decadente schilder

Dood in Venetië
Afgelopen nacht op BBC 2 : Morte a Venezia (1971) van Luchino Visconti
Dirk Bogarde in death in Venice
Dirk Bogarde in Morte a Venezia
Een bejaarde componist ontdekt tijdens zijn vakantie in een jonge Poolse toerist de schoonheid, die hij in kunst en leven vergeefs heeft nagestreefd. De alleen op een afstand gadegeslagen jongen wordt hem tot een obsessie, waardoor hij ondanks de wetenschap van een dreigende pestepidemie in Venetië blijft.

luchinovisconti.net | Internationale Gustav Mahler Gesellschaft

vrijdag 13 april 2007
Letzter Frühling ( ? )
vanmiddag ben ik in een lyrische bui & mijn cynisme voorbij

Ik zit buiten op de camping en geniet van de middag. Het bos is nog helemaal open, maar tussen de kale takken wemelt het teerste groen. De houten huisjes recht voor mij staan in een zee van witte bloesems. Een duif vliegt af en aan met takjes in de snavel. Het is onmiskenbaar voorjaar. Ik laat me gaan in een lyrische bui. Met een zekere schroom, want ik lees de krant en ken de zwarte bladzijden uit de geschiedenis. Ik weet dat in het voorjaar van 1915 de bloesemtakken door mitrailleurvuur uiteengereten werden, en bossen door granaatinslagen veranderen in spookachtige Jeroen Bosch-landschappen. Ik weet van de ellende buiten mij en binnen mij.

MickeyEn toch is deze ervaring te sterk. De dichter wint het van de cynicus die zich altijd verschanst achter bittere commentaren. Misschien omdat hij de pijn niet wil voelen? Ik hoor Letzter Frühling, een van de lyrische stukken van Edvard Grieg. Het toppunt van romantiek, vol heftig verlangen, pijnlijk besef en stille berusting. In gedachten zie ik een foto van Mickey van vroeger met haar onverwoestbare blijheid. Het kind dat we waren, het kind dat we zijn. De buitenkant verandert onherroepelijk, maar van binnen blijft de ziel een knop die steeds weer opengaat. Ieder jaar intenser. De cynicus blijft op een gecalculeerde en calculerende afstand. Maar de dichter komt steeds dichter …

Ambivalenz des Frühlings
Der “Letzte Frühling” bewegt sich zwischen stiller Freude und Melancholie. “Im Gegensatz zu dem warmen Frühling in Italien bei Vivaldi wir hier ein Frühling im kühlen Norden gezeigt", erzählt Alexander Scherf, Dirigent des Jungen Kammerorchesters. Der “Springtanz” ist ein unverzichtbarer Bestandteil norwegischer Volksmusik. Dieses kraftvoll stilisierte Werk stammt aus Griegs “Lyrischen Stücken für Klavier". “Der dritte Satz ‘Herzwunden’ zeigt, dass der Frühling eine Ambivalenz beinhaltet. Frühlingsgefühle können ja auch mal enttäuschen", sagt Scherf.
 
Bron: stuttgart.de
Goya’s ghosts
nog te zien: Goya’s Ghost (2006) van Milos Forman

Deze film moet ik absoluut gaan zien. Milos Forman heeft met Amadeus (1984) en Valmont (1989) allang bewezen dat achttiende eeuws kostuumdrama niet zo muf is als de vele pruiken ons doen vermoeden. En Goya, het halfhallucinerende Spaanse schildersbeest, is ook al helemaal geen saaie schilder. Nu maar hopen dat het allemaal niet te gelikt is geworden en dat de rauwheid van Goya’s werk door deze film recht wordt gedaan.

Goya's Ghosts
Lorenzo voor Goya’s schilderij
La familia de Carlos IV
Spanje, 1792. Het is een turbulente tijd. De katholieke kerk probeert ketters uit te roeien met behulp van de beruchte Inquisitie. Mensen die ook maar een beetje verdacht overkwamen werden dusdanig gemarteld dat ze hun zonden opbiechtten. Het idee was dat échte gelovigen de pijn zouden kunnen verdragen, net als Jezus dat had gedaan aan het kruis. Ook Inés (Natalie Portman), dochter van een gegoede burger uit Madrid, moet zich verantwoorden tegenover de kerk. Wanneer zij onder helse dwang toegeeft niet katholiek maar joods te zijn, wordt zij opgesloten in een duistere, kille kerker. Schilder Francisco Goya (Stellan Skarsgård), kind aan huis bij de Spaanse koning, kent de familie van Inés goed en beschouwt het meisje als zijn muze. Wanneer Goya hoort dat Inés gevangen is genomen, probeert hij haar te helpen. Hij probeert Broeder Lorenzo (Javier Bardem), een machtig man binnen de katholieke kerk, over te halen om Inés vrij te laten, maar het mag niet baten. Pas jaren later, als de Inquisitie voorbij is, komt het meisje vrij. Samen met Goya zoekt ze de confrontatie met Lorenzo op.
 
Bron: movie2movie.nl
donderdag 12 april 2007
Grote Oorlog [ 6 ]
zwaar geschut uit de Eerste Wereldoorlog

De Eerste Wereldoorlog maakte voorgoed een einde aan ‘de romantiek’ van de oorlog. Toen de grote mogendheden zich in juli en augustus 1914 mobiliseerden, leek er aanvankelijk niet zo heel veel verschil met de Napoleontische oorlogen van honderd jaar daarvoor. Vooral de regimenten van Oostenrijk-Hongarije, dat als de meest behoudende natie van Europa gold, waren gekleed in uniformen die nog oude waarden als eer en menselijke waardigheid vertegenwoordigden. De moderne Duitsers waren inmiddels al gekleed in zakelijk veldgrijs. Aan beide zijden werden net als in de tijd van Napoleon nog tienduizenden paarden voor de strijd ingezet.

De Oostenrijkers gaven de oorlog elegante vormen. In het Weense Heeresgeschichtliches Museum staan hun uniformen breed uitgestald. Het tenue van een gardewacht: hoge laarsjes, een glimmende degen, een muts met een pluim, een tijgervel om de hals. Inderdaad geknipt voor de loopgraven. ( … ) Of de helm van een Ulaan uit het zesde Ulanenregiment: een prachtig stuk handwerk met een geel zuiltje en daarop een grote zwarte pluim, een grappige prijs voor een beginnend scherpschutter.
 
Bron: Geert Mak, In Europa (blz. 114)
Dikke Bertha
de legendarische Dicke Bertha van Krupp die de tenslotte door de Duitsers werd ingezet om de forten bij Luik te vernietigen

Niemand had in die eerste dagen van augustus nog in de gaten, hoe verschillend deze oorlog zou worden in vergelijking met alle andere oorlogen in de geschiedenis. Dat kwam hoofdzakelijk door de enorme technische ontwikkelingen van de tweede helft van de Negentiende Eeuw en het begin van de Twintigste Eeuw. De houwitser, waarvan de zwaarste (420 mm!) die Dicke Bertha (genoemd naar Bertha Krupp, de erfgename van het Krupp-concern) in naam de bekendste was, maakte een einde aan driehonderd jaar vertrouwen in het fort als effectief verdedigingsbouwwerk. Ook het spoorwegennet dat zich over Europa had uitgesponnen, zou de oorlogsvoering sinds Napoleon drastisch veranderen. Het automatische geweer en de mitrailleur maakten het ingraven noodzakelijk, zoals de Engelsen tijdens de boerenoorlog al hadden ondervonden. En tijdens de Grote Oorlog werd door de Engelsen de tank geintroduceerd en de onderzeeboot en chemische wapens door de Duitsers. Samenvattend kun je dus constateren dat de enorme verworvenheden van de vooruitgang zich in de Eerste Wereldoorlog zich voor het eerst met verpletterende kracht tegen de mens gingen keren.

granaten
Dicke Bertha en andere houwitsers verslonden gigantische kogels. De zware Duitse 42cm houwitser schoot kogels weg van 930 kilo over een afstand van ruim 14 kilometer. De houwitsers zelf waren vaak een paar honderd keer zo zwaar als de kogels…
houwitser
… zoals deze gigantische houwitser van ruim 200 ton

De Grote Oorlog maakte daarom ook in één klap een einde aan het vooruitgangsoptimisme, dat de Europese cultuur sinds de Achttiende Eeuw had voortgestuwd. Voor het eerst moest de mens vechten tegen de machine en werd hij gedegradeerd tot kanonnenvlees. Zoals in de matrix-trilogie een ’softwarematige’ oorlog wordt uitgewerkt van de kunstmatige intelligentie tegen de mens door zijn bewustzijn te veranderen, zo woedde er tussen 1914 en 1918 voor het eerst een oorlog tegen de ‘hardware’. Beide partijen moesten het opnemen tegen orkanen van ijzer en staal en walsen van vuur.

Dat is geen geschut, geen oorlogstuig, dat is een reus, geweldig en verschrikkelijk die in razende woede over de vlakte jaagt en met zijn ijzeren voetstappen vermorzelt
“De reusachtige afmetingen van deze monsters met hun hefbomen, kranen, kettingen en schroeven doen denken aan de stekelhuid van de prehistorische monsters waarvan wij als jongens de plaatjes bekeken en waarbij ons dan de rillingen over de rug liepen. En dan het schot! Een verschrikkelijke, ongekende wervelstorm raast brullend, sissend en gierend door de lucht; de verschrikkelijke luchtdruk rukt daken van huizen, trekt honderdjarige bomen uit de grond en doet vogels ter aarde storten. De inslaande granaten werpen geweldige bergen aarde, beton en steen huizehoog de lucht in en veranderen de omgeving honderderden meters in de omtrek, als bij een verschrikkelijke aardbeving, in een kale puinhoop. De sterkste wallen, die ieder ruw geweld schijnen te tarten springen als glas terwijl metersdikke betonnen muren in hun val de reddeloos verloren garnizoenssoldaten doden. Dat is geen geschut, geen oorlogstuig, dat is een reus, geweldig en verschrikkelijk die in razende woede over de vlakte jaagt en met zijn ijzeren voetstappen vermorzelt.”
 
( Een Duits soldaat die getuige was van de beschieting van een Belgisch fort )
Bron: members.lycos.nl/verdun2001/dickebertha.html

catalog Der Weltkrieg 1914-1918Een paar jaar geleden zag ik in Berlijn een boeiende tenstoonstelling (zie catalogus hiernaast) over de Grote Oorlog, schuin tegenover de plek waar ooit het stadsslot stond en waarin de Duitse keizer resideerde als hij in Berlijn was. Daar stond ook een proefopstelling uit 1905 uit de testfabrieken van Krupp. Een granaat van 130 mm had zich dwars door 70 mm dik plaatstaal geboord. Een kracht die mijn verstand te boven gaat. Maar inmiddels al weer 60 jaar levend in het atoomtijdperk, is dit soort geschut even achterhaald als de pijl en boog in die tijd waren. Toen men eens aan Albert Einstein vroeg hoe de Derde Wereldoorlog eruit zou zien, antwoordde hij: “dat weet ik niet. Maar de Vierde Wereldoorlog weet ik wel. Met stokken en met stenen.”

Een houwitser (via het Duits Haubitze uit het Tsjechisch houfnice, slinger) is een stuk artillerie, gebruikt vanaf de Eerste Wereldoorlog. Artilleriegeschut wordt ook wel krombaangeschut of worpgeschut genoemd (in tegenstelling tot vlakbaangeschut zoals het kanon, dat projectielen in een rechte lijn afvuurt). Houwitser kunnen projectielen tot 30 kilometer ver afschieten. Een voorbeeld van een grote houwitser is Dikke Bertha.

Bron: forumeerstewereldoorlog.nl

slanke Bertha
Dicke Bertha had ook een slanker zusje, hier in verschillende delen gedemonteerd met Oostenrijkse soldaten
mortier
30.5cm mortier van Oostenrijk in Galicië

Websites over de Eerste Wereldoorlog
Nederlandstalig
De Eerste Wereldoorlog [ door Menno Wielinga ]
Wereldoorlog I in de Westhoek [ website uit West-Vlaanderen ]
Forum Eerste Wereldoorlog
Engelstalig
firstworldwar.com
worldwar1.com
The Great War [ Amerikaanse website bij PBS documentaire uit 1996 ]
Duitstalig
Der Erste Weltkrieg
Erster Weltkrieg Online
Der Weltkrieg, Ereignis und Erinnerung [ tentoonstelling in Berlijn, 2004 ]
Franstalig
Collection de Photographies
Artillerie Française
La Grande Guerre
La ressource collective sur la Grande Guerre
Russischtalig
Первая мировая война [ ru.wikipedia.org ]
Первая мировая война 1914 - 1918 годов
website uit de Oekraine [ en voormalig deel van Oostenrijk-Hongarije ]

woensdag 11 april 2007
Grote Oorlog [ 5 ]
gelezen: Het Einde van de Rijken in De Eerste Wereldoorlog

Het boek van John Keegan over de Eerste Wereldoorlog dat ik nu aan het lezen ben, ontbreekt gelukkig ook niet op de literatuurlijst van Geert Mak’s In Europa. Hij citeert zelfs veel uit dit boek, tijdens zijn tocht langs de loopgraven van het Westelijk front. Gisteren las ik het laatste hoofdstuk met de toepasselijke titel: de ineenstorting der rijken. Nooit heb ik eigenlijk beseft hoe ingrijpend de Eerste Wereldoorlog de staatkundige kaart van Europa heeft veranderd. In één klap kwam een einde aan het oude Europa van de negentiende eeuw, waarvan in 1815 en 1848 de basis was gelegd.

Europa 1914
Europa in 1914
1. Ierland 2. Groot-Brittannië 3. Noorwegen
4. Zweden 5. Nederland 6. België
7. Portugal 8. Spanje 9. Frankrijk
10. Duitsland 11. Zwitserland 12. Italië
13.Oostenrijk-Hongarije 14.Rusland
15. Montenegro 16. Albanië 17. Servië
18. Roemenië 19. Bulgarije 20. Griekenland
21.Spaans Marokko 22. Marokko
23. Algerije 24. Tunesië 25. Libië
26. Egypte 27. Osmaanse Rijk

In het eerste hoofdstuk van In Europa reist Geert Mak naar Londen, Parijs en Berlijn (In 2003 deed ik het hem na) en geeft een prachtige beschrijving van hoe het continent (Engeland dus ook) erbij lag aan het begin van de Twintigste Eeuw. Er bestonden maar twee republieken, Frankrijk en Zwitserland. Dan lagen er in het midden twee keizerrijken: Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. In het oosten lag het rijk van de tsaar en in het Zuid-Oosten lag het rijk van de sultan dat honderd jaar geleden nog Noord-Griekenland omvatte. De overige landen in Europa waren allemaal koninkrijken.

Na 1919 zouden de meesten landen veranderd zijn in republieken en de grote rijken hielden op te bestaan. Dat waren:

  • Keizerrijk Oostenrijk-Hongarije (Donaumonarchie)
  • Duitse Keizerrijk
  • Osmaanse Rijk
  • Russische Rijk
Europa 1919
Europa in 1919
1. Ierland 2. Gr-Britt 3. Noorwegen
4. Zweden 5. Finland 6. Estland 7. Letland
8. Litouwen 9. O-Pruisen 10. Polen
11. Duitsland 12. Nederland 13.België
14. Frankrijk 15. Portugal 16. Spanje
17. Zwitserland 18. Italië 19. Oostenrijk
20. Tsjechoslowakije 21. Hongarije
22. Joegoslavië 23. Albanië 24. Griekenland
25. Bulgarije 26. Roemenië 27. Sovjet-Unie
28. Turkije 29. Syrië 30. Irak 31. Arabië
32. Transjordanië 33. Palestina 34. Egypte
35. Libië 36. Tunesië 37. Algerije
38. Marokko 39. Fr-Marokko
Bron: geschiedenisvoorkinderen.nl

In feite kwam er ook een einde aan de macht van het Brits imperium, dat in 1897 bij het diamanten jubileum van koningin Victoria nog op het toppunt van zijn macht was. Engeland was een grootmacht onder de grootmachten geworden en in 1918 al voorbijgestreefd door de Verenigde Staten. Na de Tweede Wereldoorlog zou er weer een grote verandering komen in Europa door de komst van het IJzeren Gordijn. Maar inmiddels lijkt de staatkundige kaart van Europa anno 2007 weer op die van 1919.

De Eerste Wereldoorlog [ website van Menno Wielinga ]

maandag 9 april 2007
blinde eenoog
Jongste aankoop van Museum Boijmans:
Odysseus en de cycloop door Joannes Stradanus

Vorige week heeft Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam voor 60.000 euro een prent van Joannes Stradanus (zeg maar gewoon Jan van de Straat, maar dat vonden ze in begin 1600 zooo gewoon…) Deze lijkt zo uit een sprookjesboek gekomen. Eigenlijk is het verhaal van Odysseus van Homeros ook gewoon een sprookje, een fantasie met een diepere betekenislaag. Vorig jaar liet ik hier zien hoeveel invloed dat andere klassieke verhalenboek, de Metamorphosen van Ovidius heeft gehad op de Europese teken- en schilderkunst van vooral de zestiende, maar ook zeventiende eeuw.

cycloop
Joannes Stradanus
Odysseus en de cycloop, circa 1600-1605

Mythologische taferelen worden vaak bevolkt door bizarre wezens. Meestal kwamen daar wat naakte nymphen bij kijken, voor het oog van de opdrachtgever. Maar in deze voorstelling is de enorme cycloop Polyphemus de enige bloterik. Erg prikkelend is dat naakt niet. Het moet voor het oog van de arme cycloop wel een prikkeling zijn geweest, al geeft hij daar zo relaxed poserend weinig blijk van. Rembrandt deed het met het Bijbelverhaal van Samson wat realistischer en met veel meer gevoel voor drama (zie afbeelding hieronder)

Rembrandt Samson
Rembrandt Samson, 1636
Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam heeft een tot dusver onbekende tekening van de Vlaamse kunstenaar Joannes Stradanus gekocht bij veilinghuis Sotheby’s in New York. Dat maakte het museum maandag bekend. Het werk is begin zeventiende eeuw gemaakt. Boijmans had er 60.000 euro voor over. Vanaf dinsdag is het werk te bezichtigen.
 
Op de tekening staan de Griekse held Odysseus en de cycloop Polyphemus. Het is onderdeel van een serie tekeningen over de Odyssee van Homerus. Boijmans had al drie werken uit de serie sinds 1849 in bezit. ‘Het werk is een unicum. Een erg mooie aanvulling op de verzameling’, aldus conservator Albert Elen.
 
Bron: volkskrant.nl
zaterdag 7 april 2007
icoon van alledaagsheid
Het zieke kind van Gabriël Metsu

Bladerend door de krant viel mijn blik vanmorgen op dit schilderijtje van Gabriël Metsu en ik werd er door de zoveelste keer door getroffen. Metsu is een van de petit maitres van de zeventiende eeuw en dit is het enige schilderij van hem dat ik bij naam weet te noemen. Toch al een hele vooruitgang want op de lagere school zei de naam mij niet veel meer dan de straat waar een vriendje van mij woonde. Maar naamsbekendheid is tenslotte onbelangrijk, het gaat nu om dit ene schilderijtje.

Het zieke kind
Gabriël Metsu het zieke kind, 1660

Wanneer je het schilderijtje voor het eerst ziet, is de eerste oppervlakkige indruk dat dit een Vermeer moet zijn. Je ziet attributen die je onmiddellijk met het genie uit Delft associeert. De rustige, afgewogen compositie en het kleine formaat van het werk brengen ons nog dichterbij. Maar het ongrijpbare licht van Vermeer is hier totaal afwezig. Het is dus een Metsu. In ieder geval is het typisch Hollands, ook al hanteert Metsu hier duidelijk een Italiaans kleurschema. Het blauw en rood van moeders rokken kennen we van de ontelbare schilderijen waar de maagd Maria opstaat. Karl Marx vond de Moeder God’s bij Rembrandt er uitzien als een Hollandse boerenmeid, van de moeder van het zieke kind had hij het omgekeerde kunnen zeggen.

Simon SchamaWaar de meeste Hollandse schilders van de zeventiende eeuw groot in waren, was de alledaagsheid en hun afkeer van het theatrale. En dat kwam weer omdat het publiek die voorkeur en afkeer deelde. Simon Schama heeft er een prachtig boek over geschreven: Overvloed en Onbehagen. De Hollandse burger schaamde zich bijna voor zijn welvaart, voelde een zeker onbehagen bij de overvloed die hem omringde. “Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.” Daarom zien we in de Hollandse schilderkunst van de zeventiende eeuw relatief weinig theatrale effecten, die elders in Europa in de Barok zo’ n grote rol speelden. Geen katholieke heilige maagd, maar een doodgewone protestantse Hollandse moeder met een ziek kind op de schoot. Een protestantse icoon van alledaagsheid.
En wordt maar weer snel beter!

kluisvlijt [ 3 ]

 

de kluizenaar

 

vrijdag 6 april 2007
op de vlucht voor het geweten
gezien: Crime and Punishment (BBC, 2002)
met John Simm als Raskolnikov

Crime and PunishmentSchuld en Boete blijft voor mij een van de allermooiste boeken die ik ooit gelezen heb. Je kunt het lezen als een misdaadroman, maar het is tenslotte veel meer dan dat. De roman overstijgt het gegeven van de moord en bereikt het tijdloze domein van de menselijke ziel. Eigenlijk is het ook niet één verhaal, maar net zoals bijvoorbeeld dat andere boek van Dostojewsky De Gebroeders Karamazov, een hele cluster van verhalen.

In de eerste plaats is Schuld en Boete het verhaal van de student Raskolnikov die een moord pleegt, omdat hij wil ontsnappen aan de morele wet. Hij wil zichzelf tot wet maken en niet zoals in zijn ogen zijn als de verachtelijke massa die uit lafheid gehoorzaamt aan die wet. Hij pleegt een moord voor een idee, een idee die hij koestert als de grootste vrucht van zijn genie. De trots gebiedt hem vervolgens om flink door te bijten. En dat begint al met de voorbereidingen van die moord, waarin we hem zien ijsberen door de straten van Sint Petersburg, koortsachtig bezig met de vraag: “Zal ik het doen?” Helemaal moeilijk wordt het voor hem als blijkt dat zijn geplande roofmoord uitloopt in een dubbele moord omdat er onvoorziene dingen gebeuren. Die wirwar van straten en bruggen in Sint Petersburg vormen later ook het parcours waardoor hij, eenmaal als dader en slachtoffer van ‘zijn idee’, wordt voortgejaagd door zijn eigen geweten.

John Simm als Raskolonikovde BBC-productie met John Simm in de hoofdrol, werd in 2002 opgenomen op de lokatie waar Dostojewsky zijn verhaal laat afspelen: de Sennaja Plosjad in Sint Petersburg. Twee jaar geleden ben ik er zelf wezen kijken. Samen met een goede vriend voer ik met een boot over de Fontanka, onder de bruggen door van de Sennaja Plosjad. Hier was het, ik herinnerde me de beelden uit de film, en kon in mijn fantasie het leven in de negentiende eeuwse Sint Petersburg weer tot leven brengen. Ook hoorde ik de muziek uit de film weer. Helaas heb ik nog niet kunnen achterhalen wie de componist is. De track van Crime and Punishment valt evenals het hoofd van Raskolnikov uiteen in twee delen: eerst is er de zoete, maar pijnlijke viool die herinnert aan zijn jeugd en aan alles wat goed is. Daarop volgen hectische klanken die de manische achtervolging van zijn geweten hoorbaar maken.

Moordwapen Russisch Kruis
Niet voor niets laat Dostojewsky zijn protagonist de moord plegen met een bijl waarmee hij de schedel van zijn slachtoffer in tweeën splijt. Die gespletenheid kruipt daarna in zijn eigen hoofd.
Het kruis dat Sonja hem in haar geloof aanreikt, heeft weer helende werking op hem.

Dit clair-obscur van goed en kwaad, deze uiteindelijke dimensie waarin het menselijke bestaan zich afspeelt, is de tijdloze lokatie waar Dostojewsky zijn verhaal laat afspelen. Met een chirurgische precisie volgt hij de bewegingen in het hart. Het magistrale van Schuld en Boete is de wijze waarop Dostojewsky met de figuur van Raskolnikov een uitvergroting maakt van het schemergebied tussen goed en kwaad, tussen trots en nederigheid, een gebied waar we ons met een eerste oprechte poging tot zelfonderzoek meteen al middenin bevinden. Raskolnikov komt mij soms zo nabij, dat ik ervan schrik. Hoe kan Dostojewsky zo goed weten wat er zich in de diepte van mijn hart afspeelt?!

De opwekking van LazarosDe Orthodoxie speelt in Schuld en Boete en in de Gebroeders Karamazov een centrale rol. Beide boeken hebben een tekst uit het Evangelie als motto. Bij het laatste boek is dat een tekst uit het Evangelie van Johannes over de noodzaak van het sterven om opnieuw geboren te kunnen worden. Het motto van Schuld en Boete is het Evangelie van de Opwekking van Lazarus. Dostojewsky’s thematiek is universeel, het draait om het worden van een nieuwe mens door een innerlijke revolutie. Het is veelzeggend dat Dostojewsky deze vindt in het berouw. Berouw tegenover God in de eerste plaats, want Hij is de Goede, de Zon der Gerechtigheid die onze harten doorlicht. Zonder God is de mens overgeleverd aan zijn driften. Een typerende uitspraak van Dostojewsky is daarom niet voor niets: “Als God niet bestaat, is alles geoorloofd.”

Voor hem is het berouw dus de enige manier om een nieuw mens te worden. Hij beleefde de opkomst van het socialisme, maar wist dat de Nieuwe Mens en de socialistische heilstaat eigenlijk materialistische utopiën waren. Het is alsof hij de tirannie van het communisme die zijn land de volgende eeuw bijna 75 jaar in zijn greep zou krijgen al voorvoelde, want hij schreef een boek over het opkomende socialisme onder de veelzeggende titel Boze Geesten. Innerlijk had hij begrepen dat de werkelijke revolutie dieper ligt dan een sociale omwenteling, precies zoals Christus het ook zegt: “Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld.” Het gaat om een innerlijke verandering, die begint met het afstand doen van het oude. Dat zoiets niet vanzelf gaat, wordt met de zieleroerselen van Raskolnikov haarfijn beschreven: tot het laatste toe vecht hij voor zijn idee, blijft hij trots en veracht hij degene (in zichzelf!) die tot ‘laf’ berouw wil komen. Hij spuugt erop. Toch is er iets in hem dat tot berouw wil komen. Rechercheur Porfiri toont zich een groot mensenkenner wanneer hij zegt: “de moordenaar komt vanzelf naar mij toe omdat zijn zenuwen het begeven. En omdat hij thuis wil komen.”

Schuld en Boete is daarnaast ook het verhaal van de prostituee Sonja die haar waardigheid heeft verloren maar toch in haar berouw een rein geweten heeft, de trotse maar waardige Dunja, de zuster van Raskolnikov en ook van zijn moeder die ziekelijk aan hem hangt. Het is ook het tragische verhaal van Swidrigailov die zijn lijden uiteindelijk niet aanvaarden wil en daaraan de uiterste consquentie verbindt. En niet te vergeten: speurneus Porfiri, in deze BBC productie verrukkelijk gespeeld door Ian McDiarmid.

De aantrekkingskracht van een intelligente en charmante rebel

Raskolnikov“He is intelligent and sexy, but not in a conventional way. He can combine charm with arrogance and that is essential for Raskolnikov. This has to be the man you want desperately to get away with murder.
 
“Raskolnikov is a timeless, rootless, disillusioned angry young man and his own existential problems are especially relevant today.”
 
acteur John Simm over het karakter Raskolnikov

Raskolonikov's RoomDichtbij Sennaja Plosjad, of Hooiplein, leidt een scheve trap in een gebouw naar een gedeukte metalen deur. Door een spleet is een donkere zolder vol puin en brokstukken te zien. De muren van het trapportaal zijn volgespoten met graffiti over Rodja, de bijnaam van bijlmoordenaar Raskolnikov die een woekeraarster het hoofd spleet.

Rodja, we staan achter je, schreef een persoon. Don’t do it, staat ergens in het Engels. Volgens Dostojevski-fanaten is dit het appartement van Raskolnikov, een van de beroemdste protagonisten uit de Russische literatuur.

Bron: Sint-Petersburg is al eeuwen een bron van inspiratie voor schrijvers

Raskolnikov forever!

At the top of the staircase, you stand next to the graffiti-filled wall that’s painted a dull green on the bottom half, an old white on the top. Raskolnikov’s door is in front of you, a thick, dark, almost purple color and secured with a metal lock. The lock looks newer than the door, though the door is metal and probably not that old. Not knowing what to do with yourself, you turn to read the carved graffiti. Where’s the axe? Don’t kill Radyo. Raskolnikov will fight them all. You lost your soul, Rodya. There is a smiley face carved into the wall, large teardrops of blood falling beneath it. Free your mind from temptation. Shine on you crazy, Napoleon. The man is at the door. . .hide the bloody rags. Raskolnikov wasn’t black so he didn’t graffiti, but I am so I do graffiti. And there’s a little drawing of an axe falling toward the head of a screaming stick figure and a phrase in Russian. You linger over the phrase carved in the paint in Russian. It’s not the only language carved into the white paint that you don’t understand.

graffiti Raskolnikov staircase
Raskolnikov forever!
Dostojewsky’s romanfiguur leeft in de 21e eeuw nog steeds en spreekt jongeren over de hele wereld aan om zijn onconventionele en trotse houding. Ivan Karamazov uit zijn laatste boek is eenzelfde karakter maar heeft bij mijn weten nog geen eigen trap met graffiti.

You recognize French, Spanish, some Italian, German, even Japanese, and you’re sure some words scrawled in irony or tribute are in Finnish or Swedish, but you can’t be sure which. Then, you move to the door, slowly, because your steps seem loud. Lifting the bulky padlock you peer through the crack. Everything is gray. The gray of heavy dust and grime, the gray of age and dirt, layers the floor and clings to the faded, striped wallpaper. Even the light seems dark gray.

Bron: Dostoewsky Walk

crimeandpunishment

donderdag 5 april 2007
kluisvlijt [ 2 ]

 

de kluizenaar

 

woensdag 4 april 2007
kluisvlijt [ 1 ]

 

de kluizenaar

 

dinsdag 3 april 2007
de gelijkenis van de talenten
Vandaag is het Grote Dinsdag in de Goede Week
en wordt in de Orthodoxe Kerk de gelijkenis van de talenten gelezen
Want .het is gelijk een mens, die buiten ’s lands reizende, zijn dienstknechten riep, en gaf hun zijn goederen over. En den een gaf hij vijf talenten, en den ander twee, en den derden een, een iegelijk naar zijn vermogen, en verreisde terstond. Die nu de vijf talenten ontvangen had, ging heen, en handelde daarmede, en won andere vijf talenten. Desgelijks ook die de twee ontvangen had, die won ook andere twee. Maar die het ene ontvangen had, ging heen en groef in de aarde, en verborg het geld zijns heren.
 
En na een langen tijd kwam de heer van dezelve dienstknechten, en hield rekening met hen. En die de vijf talenten ontvangen had, kwam, en bracht tot hem andere vijf talenten, zeggende: Heer, vijf talenten hebt gij mij gegeven; zie, andere vijf talenten heb ik boven dezelve gewonnen. En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heren. En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zeide: Heer, twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen. Zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heren.
“gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in,
in de vreugde uws heren.”
Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heer, ik kende u, dat gij een hard mens zijt, maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, en vergaderende van daar, waar gij niet gestrooid hebt; En bevreesd zijnde, ben ik heengegaan, en heb uw talent verborgen in de aarde; zie, gij hebt het uwe. Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb. Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker. Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft. Want iegelijk die heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van dengene, die niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft. En werpt den onnutten dienstknecht uit in de buitenste duisternis; daar zal wening zijn en knersing der tanden.
Virigins
Naast de gelijkenis van de talenten wordt vandaag ook de gelijkenis van de vijf wijze en vijf dwaze maagden gelezen.

Grote Dinsdag [ oca.org ]

maandag 2 april 2007
de dood op wielen
Lijkwagens online

MarxIngo Marx spaart lijkwagens. Maar ook lijkaanhangers. Je denkt dat dit een buitencategorie is, maar er zijn heus wel meer van die verzamelaars. Wij hadden vroeger Daan Modderman uit Showroom met zijn lijkkoets. Hij had de kleinste collectie die er is, en gelijk had hij: we hebben er voor onszelf tenslotte maar één nodig. Inmiddels is Daan door zijn enige exemplaar naar zijn laatste rustplaats gebracht.

Die A.J. Miller Co. aus Bellefontaine/ Ohio, wurde bereis 1853 gegründet und machte sich als Hersteller hochwertiger Sonderaufbauten einen guten Namen. Der hier gezeigte Oldsmobile von 1941 ist ein sehr typisches Fahrzeug für die Miller-Aufbauten jener Epoche. Zusammen mit der Meteor Motor Car Co. bildete dieses Unternehmen von 1957 an die legendäre Marke “Miller-Meteor".

bestattungswagen-literaturarchiv.de

zondag 1 april 2007
hoog, hoger, hoogst [ 7 ]
Het hoogste gebouw ter wereld is inmiddels over de helft

Burj DubaiBijna een jaar geleden schreef ik hier iets over het aankomende hoogste gebouw ter wereld, een wolkenkrabber in Dubai die 750(!) meter hoog gaat worden. Een even prestigieuze flashsite houdt ons op de hoogte van de vorderingen van dit megaproject.

Twee jaar geleden, op 15 april 2005 begon de bouw. Vorige week is de hoogte van de voormalige Twin Towers overschreden en zijn er al 116 vloeren boven elkaar gelegd. Nu nog bijna 90 vloeren erop, want Burj Dubai moet 200 verdiepingen krijgen…

The Official Site [ burjdubai.com ] | meer wolkenkrabbers op Woest & Vredig

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie