zaterdag 31 juli 2010
Kant aan de kant
gelezen in Romantiek. een Duitse affaire
Het romantische transcenderen, van Schlegel tot Nietzsche, gaat niet in de richting van de grote rust, maar is op avontuur uit. Hierbij past eerder het beeld van iemand die zee kiest voor een stormachtige reis. Waar de romantische nieuwsgierigheid toe leidde, laat zich goed illustreren in het contrast met Kant.
 
Kant
had in de Kritik der reinen Vernunft een poëtisch beeld gevonden voor de zelfbeperking van de rede, die door de romantici juist niet wordt geaccepteerd.
 
“Wij hebben thans", schrijft Kant, “het land van het zuivere verstand niet alleen doorkruist (…) maar ook opgemeten en elk ding dat daar voorkomt zijn plaats gewezen. Maar dit land is een eiland (…) omringd door een weidse stormachtige oceaan (…) waar menige mistbank en snel wegsmeltend ijs ons nieuwe landen voorliegt, en doordat dit de zeevarende op zijn ontdekkingsreis onophoudelijk met ijdele hoop misleidt, stort deze zich in het avontuur, wat hij nooit ofte nimmer kan laten en wat hij toch ook nooit ofte nimmer tot een goed einde kan brengen.”
 
Bron: Rüdiger Safranski, Romantiek. een Duitse affaire. Uitgeverij Atlas, Amsterdam, 2007 (blz 290-291) vertaling: Mark Wildschut
Kant en Nietzsche
Immanuel Kant (1724-1804) en
Friedrich Nietzsche (1844-1900)

RomantiekRomantik. Eine Deutsche Affäre
Die Romantik, neben dem Idealismus der Inbegriff des deutschen Geistes, ist in aufgeklärten Zeiten an den Rand gedrängt worden. Rüdiger Safranski holt sie für uns ins Zentrum zurück. Er beschreibt die Romantik als Epoche, ihre Zeitgenossen Tieck, Novalis, Fichte, Schelling, Schleiermacher oder Dorothea Veit, die für die Entfesselung des Genies stehen, für den Aufbruch ins Grenzenlose, für die Lust am Experiment. Und er erzählt die Geschichte des Romantischen, die bis heute fortlebt. Sie handelt von der Karriere des Imaginären und führt über Heine, Richard Wagner, Nietzsche und Thomas Mann bis zu den Erregungen des 20. Jahrhunderts - die Biographie einer Geisteshaltung. ( Bron: powells.com )

vrijdag 30 juli 2010
verpletterend
de plafonds in het dogepaleis van Venetië

DogepaleisOok tijdens ons bezoek aan Venetië wisten we wat we zouden gaan missen. En wilden missen. Bijvoorbeeld een bezoek aan het dogepaleis. In 1977 had ik dat met mijn vader en mijn broer al bezocht en de indruk was zo verpletterend geweest (mijn broer hield er een verpletterende hoofdpijn aan over) dat ik sindsdien geen behoefte meer heb aan een overdosis Venetiaanse krachtpatserij. Verpletterend zijn vooral de plafonds van de grote zalen in het dogepaleis. Hier zijn de tegenvoeters van Tiepolo aan het werk geweest. Je krijgt beslist geen uitzicht op een roze hemel die het dak openbreekt, maar je hebt eerder het gevoel verpletterd te worden onder het monsterlijke profiel van een enorme schoen. Michaela en ik besloten niet naar binnen te gaan en kijken nu virtueel rond. Naast de sala del maggior consiglio staan ook de sala dello scrutinio, de sala del senato en de sala del collegio open voor een virtueel bezoek.

Dogepaleis
virtueel bezoek aan de sala del maggior consiglio met Arounder.com
Dogepaleis
Gabriel Bella (1730-1799)
la sala del senato, vóór 1792. Bella beschikt beslist niet over ’sprezzatura’ maar zijn bijna naïeve voorstellingen bieden een prettig tegenwicht bij alle Venetiaanse krachtpatserij

Palazzo Ducale [ museiciviciveneziani.it ]

donderdag 29 juli 2010
tenebrist & colorist [ 1 ]
Giovanni Battista Piazzetta (1683-1754) en
Giovanni Battista Tiepolo (1696-1770) in de San Stae in Venetië

Na een bezoek aan Venetië ontdek je wat je allemaal gemist hebt. Bijvoorbeeld de San Stae. De gevel van deze achttiende eeuwse kerk hebben we in het voorbijgaan aan het Canal Grande wel gezien, maar het is jammer dat we niet even binnen zijn geweest.

San Stae
San Stae (rechts) aan het Canal Grande
geschilderd door Bernardo Belloto (1721-1780)

In 1721 kregen een aantal Veneziaanse schilders opdracht om voor deze kerk een martelaarschap van een heilige te schilderen. Daaronder waren ervaren meesters als Giovanni Battista Piazzetta en Sebastiano Ricci. Ook de pas 26 jaar oude Giovanni Battista Tiepolo werd gevraagd. Hij stond op dat moment nog sterk onder invloed van de dertien jaar oudere Piazzetta. Maar wanneer je zijn ‘martelaarschap van de hl. Bartholomeus‘ vergelijkt met ‘het martelaarschap van de hl. Jakobus‘ van Piazzetta , dan kun je al zien dat Tiepolo zich in een andere richting zal gaan ontwikkelen.

Piazzetta en Tiepolo
Giovanni Battista Piazzetta
martelaarschap van de hl. Jakobus, 1722
Giovanni Battista Tiepolo
martelaarschap van de hl. Bartholomeus, 1722

Piazzetta was een zgn. tenebrist die in de traditie van Carravaggio werkte. Hij bouwde zijn schilderij op vanuit een donkere achtergrond en maakte gebruik van dramatische lichteffecten. Ook de jonge Tiepolo werkte op deze manier, maar was tegelijkertijd en colorist en bouwde de vorm niet alleen vanuit chiaroscuro op, maar ook vanuit de kleur. Zo gebruikte hij in de schaduwen complementaire kleuren en soms benadrukte hij een lokale kleur, zoals in het rood op het bovenstaande schilderij te zien is.

Piazzetta
detail van het martelaarschap van de hl. Jakobus door Piazzetta

Vier jaar na het martelaarschap van de hl. Bartholomeus komt het tot een volledige breuk met het tenebrisme wanneer Tiepolo de opdracht krijgt om in Udine een aantal fresco’s te schilderen. Hij wordt daarmee een van de eerste schilders van het rococo en nu is alles licht geworden. Er is letterlijk een verschil van dag en nacht tussen de rijpe en vroege Tiepolo en het schilderij in de San Stae laat dat heel goed zien. Maar de ‘bella figura’ en de vormentaal die hij van Piazzetta en Veronese overnam, heeft Tiepolo nooit willen loslaten.

Tiepolo
detail van het martelaarschap van de hl. Bartholomeus door Tiepolo

San Stae, an abbreviation for Saint Eustachius, was founded at the beginning of XI century and reconstructed in XVII century, has a main facade (1709) on the Grand Canal of Venice, constructed by Domenico Rossi, and richly decorated with statuary by Giuseppe Torretto, Antonio Tarsia, Pietro Baratta, and Antonio Corradini. The interior has a tomb for the Mocenigo Family. The right wall contains altars with works by Niccolò Bambini, Giuseppe Camerata, and Antonio Balestra. The three chapels on the left house works by Giuseppe Torretto, Pietro Baratta, Francesco Migliori, and Jacopo Amigoni. The roof of the presbitery has a ceiling decorated with a large canvas by Bartolomeo Letterini, while the walls have canvases by Giuseppe Angeli and small canvases dedicated to the Apostles, including a Martyrdom of St. Bartholemew (1721) by a young Giambattista Tiepolo; a Martyrdom of St. James the Greater by Giambattista Piazzetta; and a Liberation of St. Peter by Sebastiano Ricci. The sacristy contains a Death of Christ by Pietro della Vecchia and a Trajan orders Sant’Eustachio to pray to the idols by Giambattista Pittoni.
Bron: en.wikipedia.org

Piazzetta [ en.wikipedia.org ] | Tiepolo [ en.wikipedia.org ]

woensdag 28 juli 2010
Friedrich & co [ 11 ]
gelezen: Deutsche Malerei des 19. Jahrhunderts van Hans J. Neidhardt
herlezen: Classicisme en Romantiek in Duitsland van Alexander Rauch

Deutsche Malerei des 19. JahrhundertsEen maand geleden kocht ik in Augsburg een boek over de Duitse schilderkunst van de 19e eeuw, bij wijze van wiedergutmachung. Want in de canon van 19e eeuwse Duitse schilderkunst werd 25 jaar geleden tijdens mijn studie aan de kunstacademie alleen Caspar David Friedrich vermeld. Ik had de indruk dat Duitsland in de negentiende eeuw nauwelijks grote schilders heeft voortgebracht, in tegenstelling tot Frankrijk. Maar niets is minder waar. Op dit moment ben ik meer geboeid door de Duitse schilderkunst tussen 1770-1830 dan de Franse schilderkunst uit die periode. Tussen de Duitse en Franse kunst uit de zgn. Goethezeit bestaan fundamentele verschillen. Daarbij speelt de staatkundige situatie een belangrijke rol: Frankrijk was een eenheidsstaat en werd centraal vanuit Parijs geregeerd, terwijl Duitsland een conglomeraat van staatjes vormde waardoor provincialisme heel gewoon was. Maar dat betekende ook een grotere diversiteit. Het katholieke zuiden en het protestantse noorden in Duitsland bedienden zich bijvoorbeeld van heel andere uitdrukkingsvormen, terwijl de Franse kunst veel uniformer was. In Deutsche Malerei des 19. Jahrhunderts wordt de Duitse schilderkunst van de laat 18e en 19e eeuw behandeld. Schilders van Anton Graff (1736-1813) tot Max Lieberman (1847-1935) en stromingen van Classicisme en Romantiek tot Biedermeier en van realisme tot impressionisme. Achterin het boek zijn ruim tachtig korte biografieën van schilders opgenomen.

Romantiek en ClassicismeIn het boek Romantiek en Classicisme dat tien jaar geleden bij Uitgeverij Könemann verscheen, staat een uitgebreid en rijk geïllustreerd essay van Dr. Alexander Rauchschilderkunst van Europa tussen twee revoluties‘. Het gedeelte over de Duitse schilderkunst (blz. 420-480) is een prima aanvulling op het boek van Prof. Hans Joachim Neidhardt. Ik ontdekte een aardig verschil in de selectie van beide kunsthistorici. Beiden selecteren het bekende schilderij De waterval van Schmadribach van Joseph Anton Koch, de vader van het classicistische landschap in Duitsland. Maar Neidhardt kiest voor de versie uit 1811 terwijl Rauch voor een latere versie uit 1821-22 heeft gekozen. Bovendien vergelijkt Rauch deze met een ander bekend werk Der Watzmann uit 1824 van Ludwig Richter, een schilder van de jongere generatie. Terwijl Koch het ‘heroïsche landschap’ voor ogen had met dramatische rotspartijen, watervallen en wolkenpartijen, streefde Richter naar het romantische harmoniemodel dat kenmerkend is voor de Biedermeier.

Koch en Richter
Joseph Anton Koch De waterval van Schmadribach, 1821-22
en Ludwig Richter Der Watzman, 1824

De landschapsschilderijen van Joseph Anton Koch en Ludwig Richter zijn tegengesteld aan die van Casper David Friedrich. Laatstgenoemde had weinig op met Koch’s heroïsche visie op het landschap. Hij vond de schilderijen van Koch veel te druk. “Datgene wat ze in een cirkel van 100 graden in de natuur hebben gezien, persen ze op het doek samen in een gezichtshoek van 45 graden” bekritiseerde hij Koch en zijn volgelingen. Maar van Friedrich kun je eerder het omgekeerde zeggen. Hij hield juist van het kale en lege en der Monch am Meer toont dit in extremo. Dit is beslist geen gemoedelijke Biedermeier maar donkere Romantiek in zijn meest beklemmende vorm.

Caspar David Friedrich
Caspar David Friedrich
Der Mönch am Meer, 1809-10

meer Friedrich & co | Deutsche Malerei des 19. Jahrhunderts

dinsdag 27 juli 2010
La battaglia di Algeri
gezien na Zomergasten op Nederland 2 : La battaglia di Algeri

Jan Marijnissen koos zondagavond na Zomergasten een uitstekende film: La battaglia di Algeri uit 1966. Nauwelijks vier jaar na de onafhankelijkheid van Algerije regisseerde Gillo Pontecorvo deze klassieker in een droge documentairestijl en in de traditie van het Italiaans neorealisme. De film gaat over een gruwelijke episode in de laat koloniale geschiedenis, maar toont tegelijkertijd, net als Ladri di Bicilette, de schoonheid van het zwartwitbeeld. Ik ben nu ook benieuwd geworden naar Kapo uit 1959 van dezelfde regisseur.

stills uit La battaglia di Algeri
stills uit La battaglia di Algeri
Gillo Pontecorvo and his screenwriter, Franco Solinas, wanted to commemorate the popular uprising that had succeeded in ousting the French from Algeria in July 1962. That event triggered a seismic wave of anti-colonial movements across the Third World, serving both as a millennial image of freedom and a more practical lesson in the violent means deemed necessary to win it. Algiers would itself help to galvanize those struggles by uniting the revolutionary prerequisites of a cool head and a blazing heart. No other political movie in the last fifty years bears the same power to lift you from your seat with the incandescent fervor of its commitment. And none before or since has anchored that passion in so lucid a diagnosis of the fault lines separating exploiter and exploited. Pontecorvo’s work can now be recognized as an absolute pinnacle of counter-cinema—a ne plus ultra of a mode that seeks to intervene strategically in the war for social change.
 
Bron: criterion.com

La battaglia di Algeri [ moviemeter.nl ]

maandag 26 juli 2010
sprezzatura
Het roze van Tiepolo van Roberto Calasso en
Giambattista Tiepolo tra scherzo e capriccio in Udine tot 31 oktober

Tiepolo PinkIn het beoordelen van schilderijen wordt mijn blik vaak vertroebeld door mijn mateloze bewondering voor het virtuoze gebaar of voor de noeste arbeid. De blik blijft prettig steken aan de oppervlakte, in het handschrift en vooral ook bij het plezier van de meester die losjes zijn métier beheerst. Tijdens onze reis door Beieren en Italië viel mij dit weer eens op. Eerst in Würzburg waar ik mij vergaapte aan de fresco’s van Tiepolo en later in Venetië waar ik overdonderd werd door de Venetianen in de Gallerie dell’ Accademia: Bellini, Giorgione, Titiaan, Veronese, Tintoretto… Krachtpatsers in olieverf. Handige jongens natuurlijk ook. Hun soepele penseelvoering doet aan acrobatiek denken. Ik kijk er met ademloze bewondering naar.

De kracht van bravoure is tegelijkertijd ook een zwakte: verwacht van een krachtpatser geen poëtische verbeelding. Die tref je eerder aan in een onbeholpen portret van een derderangs schilder. Maar de Italianen verbazen, want bravoure en poëzie gaan bij hen gewoon samen. In het Italiaans is er een term voor het vermogen dat fabelachtige materiaalbeheersing paart aan ongedwongen natuurlijkheid en verbeeldingskracht: sprezzatura. Baldassare Castiglione, de Italiaanse humanist uit de 16e eeuw, introduceerde de term. Hij meende dat degene die de ware kunst beheerst, de indruk wekt dat het geen kunst is. Met sprezzatura wordt de inspanning verborgen achter het moeiteloze gebaar. Vergelijk het met de lachende acrobaat met vier mannen op zijn schouders. Critici willen sprezzatura daarom nog wel eens vergelijken met een circusact, een truc. Maar dat is juist niet wat Castiglione bedoelt. De gekunsteldheid, die hij in het maniërisme zag, beschouwde hij juist als een gevaar voor de kunstenaar en als een bedreiging van het leven in het kunstwerk. Met sprezzatura kan krampachtigheid vermeden worden of getransformeerd tot een soort nonchelante zelfbeheersing.

Tiepolo in Würzburg
Giambattista Tiepolo 1752
Fresco in de keizerzaal van de Würzburger Residenz

In Il Rosa Tiepolo van Roberto Calasso wordt de sprezzatura als een typisch Italiaanse eigenschap gezien. Bij Giambattista Tiepolo (1696-1770) knalt de sprezzatura van de muren en van de plafonds. Halverwege de achttiende eeuw was hij een halfgod maar na 1789 raakte ‘de laatste grote Venetiaan’ volledig uit de gratie. Zijn theatrale voorstellingen werden in de volgende stijlperioden, het classicisme en de romantiek met weerzin bekeken. “Wel vuurwerk, maar geen vuur", zo oordeelde men. Het negatieve oordeel over de rococo moeten we tegenwoordig vooral begrijpen vanuit de diepe afkeer van het Ancien Régime waarvan Tiepolo een lakei was geweest. De bekoorlijke hemel van Tiepolo was de hemel van het ancien régime. Opstijgen naar de hemel en neerdalen in zintuigelijk genot was voor de schatrijken in de achttiende eeuw blijkbaar één en dezelfde beweging. Niet voor niets lijken de wolken op matrassen waarin de luie lijven een laatste bestemming hebben gevonden. Daar is dus weinig visionairs aan. In de romantiek moest men niets meer hebben van de oppervlakkige schijnwerelden waarmee Tiepolo de plafonds van de paleizen had opengebroken. Zijn sprezzatura en gevoel voor de ‘bella figura’ werd met achterdocht bekeken. Als Tiepolo niet in 1770 was gestorven, dan had hij wellicht hetzelfde lot moeten dragen als Jean-Honoré Fragonard (1732-1806), die andere meester van het rococo. Deze stierf als een fossiel van het gewraakte ancien régime in grote armoede en totaal vergeten.

Tiepolo in Würzburg
detail van een fresco met Apollo op het plafond boven het trappenhuis van de Würzburger Residenz

Toch bestaat er naast de decoratieve en pastelkleurige Tiepolo nog een andere, duistere en visionaire Tiepolo. In Udine is tot 31 oktober de tentoonstelling Giambattista Tiepolo tra scherzo e capriccio te zien met zijn scherzi, een serie van 23 gravures die pas na zijn dood in 1770 in de openbaarheid kwamen. Deze prenten worden wel eens vergeleken met de Los desastres de la guerra van Goya, maar dat is toch niet helemaal terecht. Tiepolo’s gravures zijn lastiger te duiden dan Goya’s donkere symfonie. Bovendien was Tiepolo een lichtvoetige Venetiaan die de ellende van de Franse Revolutie nooit heeft meegemaakt. In Il Rosa Tiepolo doet Roberto Calasso een poging om tot die andere Tiepolo door te dringen. Het is een aardige voorbereiding op een bezoek aan de tentoonstelling in Udine.

Tiepolo Scherzi
een van de Scherzi die de duistere kant van Tiepolo laten zien en die op de tentoonstelling in Udine te zien is
Voor iemand die op zoek is naar een voorbeeld van die luchthartigheid, zal niemand overtuigender zijn dan Tiepolo, die zijn leven lang alles in het werk stelde om de subtiele eigenzinnigheid van wat hij schilderde zó doeltreffend door zijn koortsachtige werktempo te verdoezelen, dat hij kans zag zijn meest gewaagde en raadselachtige werk, de Scherzi, voor eenvoudig tijdverdrijf te laten doorgaan. Je zou bijna zeggen dat Tiepolo ernaar streefde nooit helemaal serieus te worden genomen. Hij legde nooit enige nadruk op zijn symbolen en betekenissen, met als resultaat dat die meestal over het hoofd werden gezien. Ook op zijn Scherzi, al zinderen minstens elf van de drieëntwintig tekeningen van een welhaast ondraaglijke spanning die voortkomt uit de daad van het kijken naar iets onbekends, terwijl over sommige andere een milde loomheid ligt, zoals de twee afbeeldingen van familiegroepjes die rust nemen, nu eens saters, dan weer mensen. Voor de Scherzi geldt geen dwingende volgorde (wat voor Goya’s Desastres de la guerra ooit wel het geval zal zijn), maar wel een fysiologische indeling, een wisseling van psychische gesteldheden waarbij geen enkel element de overhand krijgt. Zelfs als de betekenissen op zijn afbeeldingen zich steeds opdringeriger verdichtten, liet Tiepolo dat air van iemand die ‘moeiteloos en als het ware gedachteloos’ te werk gaat nooit varen. Dat ging hem zo goed af dat hij iedereen in de waan bracht dat hij niet door gedachten werd gekweld. Om die gedachten zelf zodoende tegen indringers te beschermen.
 
Bron: Roberto Calasso, Het roze van Tiepolo
Nederlandse vertaling: Els van der Pluijm en Uitgeverij Wereldbibliotheek bv

Tiepolo PinkTiepolo Pink
“Tiepolo: the last breath of happiness in Europe,” Calasso declares. The 18th century was a ­paradise of frivolity, which ­solemnly recognised the pursuit of happiness as the legitimate aim of human life. ­Tiepolo (1696-1770) illustrated that idyll in paintings that are frothily ­theatrical and warmly carnal. Even his angels have nubile bodies and secondary ­sexual characteristics. On a painted ceiling in Venice that is meant to be “strictly devotional", Calasso notices that one of these seraphic beings raises his arm to disclose a “soft down” of armpit hair, “not customary with angels". The clouds on which Tiepolo’s goddesses float, as Calasso nicely puts it, have the springy consistency of “congealed foam", like vast beds. Heaven is nothing more than a sublimation of earthly pleasures. All are welcome to the revels: in a weird multicultural reverie, Calasso suggests that Tiepolo’s ceilings represent “the sky of Europe – the only sky capable of embracing, with equal benevolence, all images, of gods and men, saints and nymphs, Olympus and Bethlehem". I’m not so sure: you were more likely to be invited to join in this aerial carnival if your skin was pink.
Bron: guardian.co.uk

Het roze van Tiepolo

zondag 25 juli 2010
Mad Men Season Four Premiere
vanavond is in New York de première van Mad Men Season Four

Vanavond komen in New York de fans bijeen voor het AMC’s ‘New York’s Gone Mad’ Event. Tijdens de Mad Men Season Four premiere is er op Time Square een groot televisiescherm opgesteld waarop de eerste aflevering uit het vierde seizoen wordt getoond.


Mad Men Season 4 trailer
So is Don the devil? No. He’s just a very attractive, very well dressed guy you can’t hate too much because no matter what he does, you still want to believe in him. That’s what the ad business is about. People want to believe, that’s why we can sell them just about anything. That’s really what “Mad Men” is all about, and it sure works.
 
Bron: blogs.wsj.com
People want to believe, that’s
why we can sell them just about anything. That’s really what
“Mad Men” is all about,
and it sure works.

Cheryl Berman on Mad Men

overzicht van de uitzendingen op AMC | 405madisonavenue.com

zaterdag 24 juli 2010
Biedermeier-Middeleeuwen [ 1 ]
Moritz von Schwind (1804-1871)

Veel muurschilderingen in Schloss Hohenschwangau zijn ontworpen door Moritz von Schwind en uitgevoerd door frescoschilders. Deze Oostenrijkse schilder is een vertegenwoordiger van de late romantiek en je zou hem nu het beste kunnen typeren als een fantasy artist. De Middeleeuwen, sprookjes en historische romans werden in de eerste helft van de negentiende eeuw enorm populair en dat is daarna eigenlijk zo gebleven. Je hoeft maar een boekwinkel binnen te stappen en je ziet de fantasy pockets hoog opgestapeld, vaak met een geïllustreerde omslag door een van Von Schwinds talloze ‘erfgenamen’.

Moritz von Schwind
Spielmann und Einsiedler
olieverf op papier, 1846

Moritz von SchwindMoritz von Schwind, der unter dem Einfluss von Peter von Cornelius und dessen Monumentalstil zu einem Stil fand, der durch Großzügigkeit und wenige Figuren gekennzeichnet ist, war neben Carl Spitzweg der bedeutendste und populärste Maler der deutschen Spät-Romantik. Seine Bilder zu Themen aus deutschen Sagen und Märchen sind volkstümlich und poetisch gestaltet. Neben der Ölmalerei schuf er auch Bedeutendes in der Freskomalerei und in der Buchillustration. So schuf er auch viele Vorlagen für die Münchener Bilderbogen. ( Bron: de.wikipedia.org )

Moritz von Schwind
Rübezahl
olieverf op doek, 1859

Moritz von Schwind [ de.wikipedia.org ]

vrijdag 23 juli 2010
Bayern - Italien [ 2 ]
drie weken geleden reisden we door de Alpen naar Venetië

Via Claudia AugustaDe Via Claudia Augusta loopt van Augsburg naar Venetië over een lengte van 600 kilometer. De ontelbare kunstenaars die sinds de zestiende eeuw vanuit het Noorden hun Grand Tour naar Italië maakten, moeten deze route gevolgd hebben. Bovendien nog talloze diplomaten en handelsreizigers. De koopman uit Würzburg bijvoorbeeld die voor prins-bisschop Karl Philip von Greiffenklau contact moest leggen met de frescoschilder Giovanni Battista Tiepolo. Omdat we onze reis naar Venetië in Würzburg waren begonnen, reisde ik in gedachten met hem mee, terwijl ik mij probeerde voor te stellen hoe die reis in 1750 moet zijn geweest. Veel kunstenaars en schrijvers hielden een dagboek bij van hun reis naar het Zuiden. Zo heeft Goethe een beroemd verslag geschreven over zijn Grand Tour, die hij begon in september 1786. Wij volgden Goethe’s reis per postiljon naar Venetië in omgekeerde volgorde op de terugweg: Padua, Vicenza, Verona, Rovereto, Trento, de Brenner, Innsbruck, Mittenwald. Deze (gele) route valt ten dele samen met de Via Claudia Augusta. Heen volgden wij de (oranje) route: Augsburg, Füssen, Resschenpas, Merano, Bolzano, Trento, Vicenza, Venetië.

Goethe kwam op 28 september 1786 in Venetië aan. Het duurde nog elf jaar voordat Napoleon een einde maakte aan de onafhankelijkheid van de eens zo machtige republiek. De laatste doge van Venetië Ludovico Manin (1789-1797) kwam aan de macht toen er in Europa een nieuw tijdperk begon. Met het einde van de Republiek Venetië in 1797 ging een oude wereld verloren.

Venezia
met de klok mee: Chiesa San Barnaba, Rialto, Canal Grande en San Polo
Goethe in Venedig
Ich fand leicht den großen Kanal und die Hauptbrücke Rialto; sie besteht aus einem einzigen Bogen von weißem Marmor. Von oben herunter ist es eine große Ansicht, der Kanal gesäet voll Schiffe, die alles Bedürfnis vom festen Lande herbeiführen und hier hauptsächlich anlegen und ausladen, dazwischen wimmelt es von Gondeln. Besonders heute, als am Michaelisfeste, gab es einen Anblick wunderschön lebendig; doch um diesen einigermaßen darzustellen, muß ich etwas weiter ausholen.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
Venezia
het Canal Grande met de Maria della Salute
Goethe in Venedig
Die beiden Hauptteile von Venedig, welche der große Kanal trennt, werden durch die einzige Brücke Rialto miteinander verbunden, doch ist auch für mehrere Kommunikation gesorgt, welche in offenen Barken an bestimmten Überfahrtspunkten geschieht. Nun sah es heute sehr gut aus, als die wohlgekleideten, doch mit einem schwarzen Schleier bedeckten Frauen sich viele zusammen übersetzen ließen, um zu der Kirche des gefeierten Erzengels zu gelangen. Ich verließ die Brücke und begab mich an einen solchen Überfahrtspunkt, die Aussteigenden genau zu betrachten. Ich habe sehr schöne Gesichter und Gestalten darunter gefunden.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
Venezia
impressies, 6-7 juli 2010
Goethe in Venedig
Alles, was mich umgibt, ist würdig, ein großes respektables Werk versammelter Menschenkraft, ein herrliches Monument, nicht eines Gebieters, sondern eines Volks. Und wenn auch ihre Lagunen sich nach und nach ausfüllen, böse Dünste über dem Sumpfe schweben, ihr Handel geschwächt, ihre Macht gesunken ist, so wird die ganze Anlage der Republik und ihr Wesen nicht einen Augenblick dem Beobachter weniger ehrwürdig sein. Sie unterliegt der Zeit, wie alles, was ein erscheinendes Dasein hat.
 
Bron: Goethe, Italienische Reise 1786
donderdag 22 juli 2010
Romantische Strasse [ 3 ]
de sprookjeskoning en de zwanenridder
Ludwig II van Beieren en Lohengrin

LohengrinVandaag drie weken geleden bezochten we Schloss Hohenschwangau gelegen vlakbij misschien wel het beroemdste kasteel ter wereld: Schloss Neuschwanstein. Beide kastelen hebben weinig met de Middeleeuwen te maken, maar wél alles met de revival van de Middeleeuwen in de negentiende eeuw. We maakten de keuze om één kasteel van binnen te bezoeken en dat werd Schloss Hohenschwangau. Het werd tussen 1832 en 1836 in neogotische stijl opgetrokken uit de resten van een burcht uit de twaalfde eeuw in opdracht van Maximilliaan II, de vader van sprookjeskoning Ludwig II van Beieren (1845-1886). Van binnen is het rijk versierd met wandschilderingen en neogotisch meubilair.

Wagner pianoIn dit kasteel groeide Ludwig II op en in 1865 was Richard Wagner hier te gast en de piano in neogotische stijl waar Wagner op gespeeld heeft, staat er nog steeds. Ludwig II leerde de componist in 1861 kennen tijdens een uitvoering van Lohengrin. In de Lohengrinzaal zijn episoden van de Lohengrinsage afgebeeld. Het thema van de zwanenridder Lohengrin keert ook terug in het nabijgelegen Schloss Neuschwanstein dat de sprookjeskoning tussen 1869 en 1886 liet bouwen.

Lohengrinzaal
De Lohengrinzaal in Schloss Hohenschwangau
In 1858, when Ludwig II was thirteen years old, his governess told him of the upcoming production of Richard Wagner’s opera Lohengrin, the story of which centres around the heroic medieval Swan-knight Lohengrin. Since the walls of Hohenschwangau were covered in frescoes featuring Lohengrin, a curious Ludwig acquired a copy of the opera’s libretto and he read it voraciously. It wasn’t too long before the Prince had learnt the entire libretto off by heart, as well as the libretto of another Wagner opera, Tannhäuser. He was soon devouring every book written by Wagner, and on February 2nd, 1861, Ludwig heard a Wagner opera for the first time. Lohengrin, the Knight of the Swan, reveals his identity to the people of Antwerp at the dramatic climax of “Lohengrin“. Appropriately it was Lohengrin and the experience left a profound impression on the Prince.
 
Bron: schwangau.de
Hohenschwangau
met de klok mee: Schloss Hohenschwangau uitzicht uit een van de vensters op de Alpsee, muurschildering naar een ontwerp van Moritz von Schwind en deel van het exterieur. In het midden een portret van Ludwig II rond 1860
Lohengrin postzegel
Lohengrin verscheen in 1933 op een postzegel

Schloss Hohenschwangau [ de.wikipedia.org ] | schloesser.bayern.de

woensdag 21 juli 2010
Bayern - Italien [ 1 ]
de Via Claudia Augusta van Augsburg naar Venetië

catalogus Bayern ItalienDeze zomer is in de Beierse steden Augsburg en Füssen de tentoonstelling Bayern-Italien te zien die gaat over 2000 jaar culturele betrekkingen tussen Beieren en Italië. Augsburg wordt wel eens de noordelijkste Italiaanse stad genoemd en het is waar, het oude stadscentrum ademt onmiskenbaar iets Italiaans. Het ligt ook voor de hand om en reis naar Italië vanuit Augsburg te beginnen. Hier begint namelijk de 2000 jaar oude Via Claudia Augusta en deze loopt via Füssen aan de voet van de Alpen, over de Fernpas, Landeck, de Reschenpas, Merano, Bolzano, Trento en Vicenza naar Venetië.

Via Claudia Augusta
vanuit Füssen hebben we eerst de Via Claudia Augusta (oranje) naar Venetië gevolgd. Terug hebben we deze gecombineerd met het omgekeerde traject (geel) dat Goethe in september 1786 heeft gevolgd via Mittenwald, Innsbruck, de Brenner, Bozen, Trento, Verona, Vicenza en Padua naar Venetië. We eindigden weer in Füssen.

Vrijdag 2 juli bezochten we vlak voor onze tocht over de Via Claudia Augusta naar Venetië de tentoonstelling Bayern-Italien in het Benedictijner klooster Sankt Mang in Füssen.

In Füssen stehen zwei Ebenen im ehemaligen Benediktinerkloster St. Mang für die Landesausstellung zur Verfügung. Der prächtige barocke Kaisersaal wird in den Ausstellungsrundgang einbezogen und mit lichttechnischen Mitteln den Besuchern nähergebracht. In dem beeindruckenden denkmalgeschützten Gebäudekomplex des Klosters St. Mang in der touristisch gut positionierten Stadt Füssen nahe Schloss Neuschwanstein im Allgäu werden die historischen Themenbereiche der bayerisch-italienischen Verbindungen und Beziehungsgeflechte von der Antike bis ins ausgehende 18. Jahrhundert an ausgewählten Personen und Episoden dargestellt. Dieser spannungsreiche lebensgeschichtliche Ansatz erleichtert den Zugang in verschiedene historische Zusammenhänge.
 
Bron: hdbg.de/bayern-italien
dinsdag 20 juli 2010
familiebanden
Michaela en de alpenkauwen van de Allgäuer Alpen

Michaela wordt altijd blij wanneer ze kauwtjes ziet. “Dat is mijn familie", zegt ze dan. Want als je in het Duits met de achternaam Dohle heet, dan ben je meneer of mevrouw Kauw. In Arnhem wonen we tussen de kauwen in en deze zijn altijd twee aan twee ijverig werkzaam in de plantsoenendienst tegenover ons huis. Tijdens onze vakantie kwamen we in de Allgäuer Alpen bij Füssen neven en nichten tegen met gele snavels en rooie poten, de alpenkauwen.

Alpenkauwen
op de Tegelberg boven kasteel Neuschwannstein kom je elk moment paragliders en alpenkauwtjes tegen (op de foto linksonder staan twee vliegers in één klap)

De Allgäu is een van de weinige plaatsen in Duitsland waar alpenkauwen voorkomen. Als je ze wilt zien moet je wel eerst met een kabelbaan omhoog tot boven de boomgrens. Maar dan eten ze ook uit je hand. Wanneer ze hun hapje hebben, maken ze een klein sprongetje en hun behendigheid en de wind doen de rest. De paragliders op de Tegelberg kunnen er nog veel van leren.

tegelbergbahn.de

maandag 19 juli 2010
De Grote Middag
vandaag in de zon gelezen: kleine filosofie van het bruinworden
het laatste essay in Filosofie van het landschap (1970) van Ton Lemaire
Kaunertal 4 juli 2010Zo is onze jaarlijkse tocht naar de zuidelijke zomer een rite in de nieuwe religie van de immanente wereld. Wij zijn inderdaad de aarde trouw, door in onze naaktheid het licht dat haar openbaart te trotseren, en daardoor bruin te worden. Bruin is de kleur van het lichaam dat de wereld vereert op haar grote middag. Het is op deze manier dat wij de worsteling van Nietzsche en Van Gogh om de absoluutheid van het bestaan en de transparantie van de wereld tijdens ons vakanties in praktijk brengen. Wij worden bruin van de wereld op haar hoogtepunt. En het is de kleur, die verraadt dat er - hoe zwak en pover ook - een soort mystieke vereniging heeft plaatsgevonden tussen de mens en zijn wereld.
 
Bron: Filosofie van het landschap, negende druk, blz 247.
En het is de kleur, die verraadt
dat er - hoe zwak en pover ook -
een soort mystieke vereniging heeft plaatsgevonden tussen de mens en zijn wereld

Filosofie van het landschap [ bol.com ]

Pruisische Lady Di
vandaag is het de 200e sterfdag van Luise von Mecklenburg-Strelitz

Luise von Mecklenburg-StrelitzToen ik voor de laatste keer in Potsdam was en we de museumwinkel van Schloss Sanscouci bezochten, zag je op ansichtkaarten, kalenders,mokken, pannelappen, schotels en zelfs stropdassen steeds hetzelfde lieftallige meisje met de krulletjes. In 1802 schilderde Joseph Grassi dit buitengewone kokette portretje van Luise von Mecklenburg-Strelitz. In 1793 was de 17-jarige hertogin van Mecklenburg getrouwd met de kroonprins Wilhelm Friedrich van Pruisen. Toen deze in 1797 koning werd, mocht Luise zich koningin van Pruisen noemen. Niet alleen op Grassi’s portret is zij een uiterst charmante verschijning. De beeldhouwer Johann Gottfried von Schadow had na haar huwelijk met de kroonprins in 1793 de opdracht gekregen om Luise samen met haar zusje Frederike in een beeld te verenigen.

Am 24. Dezember 1793 wurden im Berliner Stadtschloss der preußische Kronprinz Friedrich Wilhelm und Prinzessin Luise von Mecklenburg-Strelitz getraut. Zwei Tage später heirateten an gleicher Stelle Prinz Louis und Prinzessin Friederike, die jüngeren Geschwister des Kronprinzenpaares. Die beiden Paare wohnten in nebeneinander liegenden Gebäuden an der Straße Unter den Linden, im Kronprinzenpalais (Berlin) und dem später so genannten Prinzessinnenpalais. Der preußische Staatsminister Friedrich Anton von Heynitz schlug seinem König Friedrich Wilhelm II. vor, die Schwestern durch den Hofbildhauer Gottfried Schadow abbilden zu lassen, der zuvor die Quadriga auf dem Brandenburger Tor geschaffen hatte und nach Ansicht des Ministers „ jetzt unter allen Bildhauern Europas den ersten Platz“ verdiente. Der König machte sich den Vorschlag zu eigen, er selbst war von der Schönheit und dem jugendlichen Charme der Prinzessinnen höchst beeindruckt, seit er sie im März 1793 erstmals gesehen hatte; danach hatte er diese Heirat seiner Söhne nachdrücklich voran getrieben.
 
Bron: de.wikipedia.org
Prinzessinnengruppe
Johann Gottfried von Schadow
Prinzessinnengruppe, 1795
links de 18-jarige Luise en rechts haar 16-jarige zusje Frederike

Dat beeld werd de Prinzessinnengruppe en is een hoogtepunt van het Duitse classicisme. In de hal van de Alte Nationalgalerie neemt het marmeren beeld van de twee prinsessen nu een prominente plek in.

Königin der HerzenKönigin der Herzen. Eine Biographie
Daniel Schönpflug

August Wilhelm Schlegel nannte sie eine “Königin der Herzen". Während Napoleons Armeen die Throne in Europa zum Wanken brachten, gelang es Luise von Preußen, die Untertanen für die Monarchie zu begeistern. Als Preußens Waffen längst vor dem Kaiser der Franzosen kapituliert hatten, trat Luise ihm persönlich entgegen. Daniel Schönpflug erzählt das Leben der jungen Königin, die schon mit 34 Jahren starb, in einer hinreißend geschriebenen Biographie. Luises Leben verging im Rhythmus jenes großen Theaters der Macht, dessen tieferer Sinn es war, den Status der ersten Familie des Reiches unentwegt sichtbar und erfahrbar zu machen. Das Geheimnis von Luises Erfolg war die Energie, Hingabe und Brillanz, mit der sie ihre Rolle spielte. In einer Ära radikaler Umbrüche durch die Französische Revolution und Napoleon stand sie für eine behutsame Erneuerung der Monarchie. Doch als Napoleon 1806 Preußen vernichtend geschlagen hatte, brach nicht nur das Königreich, sondern auch Luises Leben zusammen. Einfühlsam und historisch genau zeichnet dieses Buch ein neues Bild der Königin, die wie keine andere in der Erinnerung der Deutschen lebendig geblieben ist.
Bron: bol.com

Christian Daniel Rauch Luise Sarkophag
Er ontstond een ware cultus om de koningin die 200 jaar geleden op 34-jarige leeftijd stierf…

Luise von Mecklenburg-Strelitz [ de.wikipedia.org ]

zondag 18 juli 2010
Romantische Strasse [ 2 ]
Schwangau, Füssen en de Allgäuer Alpen

gezicht op Neuschwanstein vanaf de TegelbergEindpunt én climax van de Romantische Strasse is Füssen, gelegen aan de voet van de Alpen. De romeinen hadden dit lustoord al ontdekt lang voordat sprookjeskoning Ludwig II van Beieren in Schloss Hohenschwangau opgroeide en verrukt over de betoverende omgeving, droomde van een sprookjeskasteel. Dat zou Schloss Neuschwanstein worden. Jaarlijks trekt het meer dan een miljoen bezoekers van over de hele wereld. Maar wij bezochten Schloss Hohenschwangau dat door Maximilliaan II, de vader van Ludwig II, werd gebouwd en dat van binnen veel meer de geest van de romantiek ademt dan Schloss Neuschwanstein.

Schwangau
een van de mooiste momenten van de reis was toen wij over de Romantische Strasse het einddoel naderden en de reisfolder gelijk moesten geven: het is écht een sprookjesdecor. Op de camping aan de Forggensee mochten we daar volop van genieten en hadden vanuit onze tent uitzicht op Schloss Neuschwanstein (foto rechtsonder)
Schwangau
het letterlijke hoogtepunt van de Romantische Strasse is de Tegelberg waar Schloss Neuschwanstein naast ligt. We gingen met een kabelbaan omhoog en hadden uren nodig om te voet af te dalen naar de Marienbrücke waar je een mooie blik hebt op het sprookjeskasteel
Romantische Strasse
het tweede deel van de Romantische Strasse: van Augsburg naar Füssen
Brunnen
uitzicht vanaf camping Brunnen op de Allgäuer Alpen bij Füssen

romantischestrasse.de

zaterdag 17 juli 2010
Romantische Strasse [ 1 ]
drie middeleeuwse stadjes in Beieren:
Rothenburg o/d Tauber, Dinkelsbühl en Nördlingen

Dit weekend alweer drie weken geleden, vervolgden we na ons bezoek in Würzburg de Romantische Strasse en bezochten drie schitterende middeleeuwse stadjes: het wereldberoemde Rothenburg ob der Tauber en het minder bekende Dinkelsbühl en Nördlingen. Rothenburg is op afstand het mooiste stadje. Nördlingen is uniek vanwege de stadsmuur met weergang die compleet bewaard gebleven is. En Dinkelsbühl is heel kleurig en vrolijk.

Rothenburg postzegel 1969Rothenburg ob der Tauber
Hoch über dem Taubertal, wo sich Romantische Straße und Burgenstraße kreuzen, erhebt sich die unvergleichliche Silhouette der ehemaligen Freien Reichsstadt. Die wechselvolle Geschichte der Stadt spiegelt sich in den Aufführungen des Historischen Festspiels ‘Der Meistertrunk’ und im ‘Schäfertanz‘ wider. Komplettiert wird der volle Veranstaltungskalender durch die lustigen Schwänke der Hans-Sachs-Gilde, die Reichsstadtfesttage, den berühmten Reiterlesmarkt und natürlich durch das Toppler Theater - die Freilichtbühne im Nordhof des Reichsstadtmuseums.

Rothenburg
enkele highlights in Rothenburg gefotografeerd op zaterdagmiddag toen het stadje bijna uit haar voegen barstte van de toeristen.

Dinkelsbühl
Die deutsche Stiftung Denkmalschutz beschreibt die kleine Stadt an der Romantischen Straße mit ihren stattlichen Kirchenbauten, prächtigen Handelshäusern und der reichen Fachwerkarchitektur als eine der am besten erhaltenen spätmittelalterlichen Stadtgebilde Deutschlands. Zu den wichtigsten Sehenswürdigkeiten zählen das Münster St. Georg, eine der schönsten spätgotischen Hallenkirchen Deutschlands. Das Haus der Geschichte Dinkelsbühl - von Krieg und Frieden veranschaulicht die Vergangenheit der ehemaligen Reichsstadt. Am Abend geht der Nachtwächter durch die beleuchtete Altstadt.

Dinkelsbühl
Ook in Dinkelsbühl is de laat-middeleeuwse stadskern goed geconserveerd gebleven

Nordlingen postzegel 1996Nördlingen
Nördlingen im Herzen des Meteoritenkraters Ries gelegen, besitzt noch ein mittelalterliches Stadtbild mit einer fast völlständig erhaltenen und rundum begehbaren Stadtmauer/Wehrgang – die einzige dieser Art in Deutschland. Das historische Stadtbild wird von seinem Wahrzeichen, der spätgotischen Hallenkirche St. Georg mit ihrem 90 m hohen Glockenturm “Daniel“, der an 365 Tagen im Jahr bestiegen werden kann, geprägt.

Nördlingen
We keken in Nördlingen naar de WK achtste finale Duitsland-Engeland op een groot scherm op het terras van Hotel Sonne (linksboven en linksonder) waar Goethe en de keizer nog hebben gelogeerd. Toen ik bovenop de Daniël stond, de 90 meter hoge kerktoren, hoorde ik een enorm gejuich opstijgen van het terras vlak onder de toren: een doelpunt voor Duitsland!
romantische strasse
De Romantische Strasse begint in Würzburg en loopt naar Füssen over een lengte van ruim 360 km. Hierboven is het noordelijke deel van de route weergegeven.

romantischestrasse.de

vrijdag 16 juli 2010
uit je dak [ 2 ]
Barok en Rococo in Beieren en Tirol

KaltenbrunnOp onze reis door Beieren en Tirol bezochten we een paar paleizen, kerken en kloosters uit de barok en het rococo. Na het bezoek in de residentie in Würzburg zagen we achtereenvolgens de Pfarrkirche St. Nikolaus in Grossaitingen onder de rook van Augsburg en diezelfde middag ook Wieskirche dat evenals de residentie in Würzburg (1981) op de Unesco werelderfgoedlijst staat (sinds 1983). Het wordt beschouwd als het mooiste rococokerkje ter wereld. Daarna bezochten we het klooster Sankt Mang in Füssen. In Tirol woonden we op zondagmorgen een mis bij in de Wallfahrtskirche Kaltenbrunn in het Kaunertal. Tenslotte zagen we tijdens de terugreis nog de kloosterkerk van Ottobeuren die deel uitmaakt van de Oberschwabische Barockstrasse door Baden-Württemberg.

Ottobeuren
fresco in en met Basiliek van Ottobeuren

De geest van de barok en het daaruit voortgekomen rococo is eigenlijk tegengesteld aan die van het funktionalisme. Sinds de Oostenrijkse architect Adolf Loos in 1908 Ornament und Verbrechen publiceerde, zijn we geneigd te denken dat minder áltijd meer is. Krullen, toeters en bellen zijn gepast bij een draaiorgel, maar ongepast in de bouwkunst. Toch heeft de ornamentele kaalslag in de architectuur van de twintigste eeuw, die door De Stijl en Bauhaus zijn ingezet, ook laten zien dat minder niet per se meer hoeft te zijn. In de stedelijke omgeving betekent minder meestal saai. En eentonig, goedkoop en fantasieloos bovendien. In het modernisme zijn de krullen zo strak getrokken dat de hoek van negentig graden is overgebleven. Ook in de designwereld is ’strak en zakelijk’ de mantra geworden. IKEA en HEMA hebben het Bauhaus met zoveel succes naar de gewone man weten toe te brengen, dat de elite zich soms opzettelijk profileert met neo-barok. De tentoonstelling NEO die de late Frans Haks in het Centraal Museum maakte, liet daar iets van zien.

fresco in St. Nikolaus, GrossaitingenZelf merk ik dat ik in de loop der jaren opener ben gaan staan voor de geest van barok en rococo. Als student aan de kunstacademie was ik geneigd om deze stijlperiode te diskwalificeren als kitsch, als armzalige horror vacui of als ziekelijke verkwisting van het absolutisme over de ruggen van het gewone volk. Ik denk er nu niet echt anders over maar wel genuanceerder. Ik herkende Michaela’s verontwaardiging over de pracht en praal in de Beierse kerken. Allemaal over de ruggen van de arme boeren. De nuance die ik nu bijvoorbeeld maak, is dat diezelfde boeren op lange winteravonden zonder televisie blij waren als ze houtsnijwerk voor hun parochiekerkje mochten snijden. En meneer pastoor was natuurlijk ook blij, vooral wanneer de notabelen uit de gemeenschap het bladgoud betaalden voor de vergulding van de boerenkrullen. Barok en rococo in Beieren en Tirol is een traditie die je niet los kan denken van de levensomstandigheden van de boerenbevolking en het aanwezige grote geld dat zich van oudsher rond de portemonnee van Jakob Fugger in Ausburg heeft opgehoopt. Er is geld en er is vakmanschap. Ideeënboer Jeff Koons wist dat laatste ook toen hij door Beierse ambachtslieden houten beelden liet snijden, waaronder Ushering in Banality dat in 1988 door het Stedelijk Museum in Amsterdam werd aangekocht.

Rococo charmeert mij meer dan barok, maar soms is het moeilijk onderscheid te maken. Veel rococo wordt daarom laat-barok genoemd. Rococo is lichter, speelser én erotischer dan barok. Dat laatste komt vooral door het weelderige rocaille, een asymmetrisch schelpmotief met vaak tamelijk suggestieve kwabben. Het stucwerk van Antonio Giuseppe Bossi in de zgn. ‘witte zaal’ van de Würzburger Residenz overtreft voor mij, wat rocaille betreft, alles. Het plafond is met een spons getamponeerd in zeeblauwe tinten terwijl het witte rocaille als schuim tegen de muren en het plafond is opgeklotst. Als je goed kijkt kun je in dit ‘rocailleschuim’ van alles ontdekken: vogels, prieeltjes, spinnewebben… en alles maagdelijk wit. Kenners onderscheiden deze (Würzburger) rococo weer van de (Friderizianische) rococo in Potsdam.

Wieskirche
de volledige plafondschildering in Wieskirche

WieskircheDe kroon op de ruimte in het rococo is de plafondschildering. In Würzburg waar we onze reis begonnen, heb je meteen de grootste ter wereld, die Tiepolo en zijn assistenten binnen een jaar (1751/52) maakten. Het interieur en de fresco’s van de kerken in Grossaitingen, Wieskirche en Ottobeuren werden ook rond 1750 voltooid, behalve die van de Wallfahrtskirche Kaltenbrunn in Tirol zijn iets ouder (1720-1730) en behoren tot de laat-barok. Maar ook hier vormt de plafondschildering die de hemel openbreekt de bekroning van de ruimte. Ook de plafondschildering in de keizerzaal van het klooster Sankt Mang die we bezochten, werd rond 1750 geschilderd, overigens door Franz Georg Hermann die ook de fresco’s in de keizerzaal van het klooster in Ottobeuren schilderde. Een frescoschilder die een plafond onder handen neemt, moet altijd rekening houden met perspectief. We kijken als honden en katten omhoog en zien veel neusgaten voorbijkomen…

Wieskirche
fragment van de plafondschildering in Wieskirche met de hemelpoort

Wieskirche [ de.wikipedia.org ]

donderdag 15 juli 2010
uit je dak [ 1 ]
de grootste aaneengesloten plafondschildering ter wereld
van Giovanni Battista Tiepolo in de Würzburger Residenz

Onze reis naar Italië zou geen klassieke Grand Tour worden (met Rome als einddoel) zoals veel kunstenaars deze in het verleden ondernamen. Met Venetië als finishplaats kozen we eerder voor het eerste traject van Goethes Italiëreis van 1786, al vertrokken we niet uit Karlsbad maar uit Würzburg. Daar hadden we een goede reden voor. In de residentie van Würzburg zijn meesterwerken van Giovanni Battista Tiepolo te zien die algemeen beschouwd wordt als de laatste grote Venetiaanse schilder en een van de grootste frescoschilders die ooit geleefd hebben. Een prima voorproefje van wat ons in Venetië nog te wachten zou staan.

Karl Philipp von Greiffenclau, de prinsbisschop van Würzburg liet Tiepolo in 1750 uit Venetië komen omdat hij per se de beste frescoschilder ter wereld de opdracht wilde geven voor de beschildering het plafond van de Kaisersaal in zijn paleis. Hij betaalde een fortuin voor de Venetiaan die in zijn tijd een superstar was, maar liefst dertien maal het jaarsalaris van zijn bouwmeester Johann Balthasar Neumann. De fraaie plafonds die Neumann had geschapen, mocht Tiepolo met zijn trompe-l’œil fresco’s weer openbreken. Want de hemel die moest gezien worden in de tijd van de late barok en rococo. Geen strak blauwe hemel, want dat is te makkelijk, maar een zwerk vol roze suikerspinnen waaraan trossen putti’s hangen met gepoederde billetjes. Dat was de droom van de achttiende eeuwse jet set: een geïdealiseerde hemel voor hén alleen die hier op aarde was neergedaald. In plaats van de verrezen Christus werd nu de zegevierende zonnegod Apollo in het centrum van de hemel geplaatst. De verwereldlijking begon bij degenen in de hoogste posities en zij spiegelden zich bij voorkeur aan de luierende goden van het heidense pantheon.

Tiepolo
plafondschildering in het trappenhuis van de prinsbisschoppelijke residentie in Würzburg

De romeinse goden en godinnen hebben vanaf hun hangplek op de wolken geen oog voor de wereld beneden hen. En bijna precies zo was het met de aristocratie in het galante tijdperk, ware het niet dat ze het gepeupel hard nodig hadden voor hun paleizen. Bij een rondgang door de imposante en recent gerestaureerde residentie drong het weer eens tot mij door dat aan het einde van de achttiende eeuw de adelijke koppen wel moesten rollen. Ze hadden het nog bonter gemaakt dan Tiepolo’s frescos. residentie WürzburgTot 1789 leek de achttiende eeuw wel een feestje van de happy few waar het gewone volk part nog deel aan had. De tweede verdieping van de westelijke vleugel met de beroemde Kaisersaal in het midden is een lange galerij van pronkkamers. Vorig jaar werd de residentie na een restauratie van tien jaar weer geopend en alles ziet er nu weer puntgaaf uit. Wat vroeger alleen door aristocratische ogen gezien mocht worden, mag tegenwoordig door iedereen voor acht Euro gezien worden. Had ik 250 jaar eerder geleefd, dan had ik nog niet eens toegang gekregen in de lage gang achter de pronkkabinetten die voor het personeel bestemd was. Om telkens op hun lage positie te worden gewezen, waren de toegangsdeuren tot deze ’schaduwgangen’ zo laag gemaakt dat je, zelfs in een tijd waarin mensen korter waren dan tegenwoordig, moest bukken en je dienblad recht moest houden.

Tiepolo's Welt & Reich
Na een langdurige restauratie gaf de Bayerische Schlösserverwaltung in 2006 en 2009 twee boeken uit met daarin veel foto’s van de fresco tijdens en na de restauratie
Neumann postzegel
ter gelegenheid van de 300e geboortedag van Johann Balthasar Neumann gaf de Deutsche Post in 1987 een postzegel uit met het trappenhuis in de Würzburger Reisdenz
Tiepolo postzegel
ter gelegenheid van de 300e geboortedag van Giovanni Battista Tiepolo gaf de Deutsche Post in 1996 een postzegel uit met het plafondfresco in de Kaisersaal van de Würzburger Reisdenz

residenz-wuerzburg.de

woensdag 14 juli 2010
hoe konden we zo stom zijn?
gisteren met Michaela gezien : The Age of Stupid (2009)
The Age of Stupid is a 2008 film by Director Franny Armstrong (McLibel, Drowned Out) and first-time producer Lizzie Gillett. It is a co-production between Franny’s company Spanner Films and Executive Producer John Battsek’s (One Day In September) company Passion Pictures. Oscar-nominated Pete Postlethwaite stars as a man living alone in the devastated future world of 2055, looking at old footage from 2008 and asking: why didn’t we stop climate change when we had the chance? The production was notable for its innovative way crowd-funding financing model, as well as the Indie Screenings distribution system which allows anyone anywhere to screen the film. The full story of the production of the film is told in the 50-minute Making Of documentary which is free to watch online and also available on the double-pack DVD. The film was released in 2009 and became one of the most talked-about films of the year. It also spawned the hugely-successful 10:10 campaign.
 
Bron: ageofstupid.net

trailer

ageofstupid.net

dinsdag 13 juli 2010
Friedrich & co [ 10 ]
schilders uit de Goethezeit: Adrian Ludwig Richter 1803 - 1884
Richter
Adrian Ludwig Richter Der Watzmann, 1824
Nachdem Ludwig Richter seine reguläre Schulzeit 1815 beendet hatte, begann er zunächst als Lehrling bei seinem Vater. Vorbild seiner Stiche war damals vor allem Daniel Chodowiecki. Um seine künstlerische Neigung auszuleben, studierte er zusätzlich noch mit einem Stipendium an der Kunstakademie in Dresden. Von 1820 bis 1821 begleitete er als Zeichner den russischen Fürst Narischkin auf einer Reise nach Südfrankreich und Paris. Er fertigte dort Zeichnungen und Bilder an, die später als Geschenk an die Zarin von Russland Louise von Baden gingen. Von 1821 bis 1823 hielt sich Richter in Dresden auf und ging anschließend von 1823 bis 1826 nach Italien. Dort schloss er Freundschaften mit deutschen Künstlern wie Joseph Anton Koch und Julius Schnorr von Carolsfeld. Hier prägte sich auch seine Auffassung zu der Landschaftsmalerei von idealistischen Ideen zur Mensch-Natur-Harmonie. Es entstanden wichtige Bilder wie „Der Watzmann“ oder „Tal bei Amalfi“.
 
Bron: de.wikipedia.org
maandag 12 juli 2010
Friedrich & co [ 9 ]
schilders uit de Goethezeit: Joseph Anton Koch 1768 - 1839

Met de Goethezeit wordt in Duitsland de periode 1770-1830 aangeduid. In deze tijd die samenvalt met het volwassen leven van Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) komen we verschillende stromingen en stijlen tegen, achtereenvolgens Sturm und Drang, Classicisme, Romantiek en Biedermeier. Niet alleen de filosofie, literatuur, beeldhouwkunst, architectuur en muziek kwamen in het Duitse taalgebied tot grote bloei maar ook de schilderkunst.
FriedrichToch blijven Duitse en Oostenrijkse schilders uit de Goethezeit in de canon die we tegenwoordig hanteren, duidelijk ondervertegenwoordigd vergeleken bij de Franse schilders rond 1800. In History of Art uit 1962 van H.W. Janson, dat voor kunststudenten nog altijd een gezaghebbend werk is, wordt sinds 1962 alleen Caspar David Friedrich nog genoemd. Op de tentoonstelling Caspar David Friedrich en het Duitse romantische landschap die twee jaar geleden in het Hermitage aan de Amstel te zien was, maakte ik kennis met het werk van een aantal van Friedrich’s tijdgenoten, o.a. van de jong gestorven Carl Philipp Fohr. In deze reeks wil ik tien landschapschilders uit de Goethezeit laten zien: Fohr, Schirmer, Richter, Reinhold en Kersting uit Duitsland. En Koch, Toma, Alt, Waldmüller en Ender uit Oostenrijk.

Joseph Anton Koch
Joseph Anton Koch 1821-22
Der Schmadribachfall in Lauterbrunner Tal
Joseph Anton Kochwar ein Tiroler Häuslersohn, der sich seine frühesten künstlerischen Schritte selbst beibrachte. Eine erste Ausbildung erhielt er in Augsburg, wo er der Werkstatt des Bildhauers Ignaz Ingerl angehörte. Anlässlich seiner Firmung 1785 wurde er vom Fürstbischof von Augsburg, Clemens Wenzeslaus von Sachsen, mit einem Stipendium ausgestattet. Damit konnte er als Schüler die Hohe Carlsschule in Stuttgart besuchen, wo er eine umfassende künstlerische Ausbildung erhalten sollte. Jedoch sympathisierte Koch ab 1791 mit den Ideen der Französischen Revolution, so dass er wegen „politischer Verdächtigkeit“ verhaftet und von der Schulleitung mit der Relegation bedroht wurde. Er kam der Sanktion zuvor und verließ die Schule ohne Abschluss. Koch schloss sich einem Kreis von Jakobinern an, erst in Straßburg und 1792 in Biel in der Schweiz. Seine langen Wanderungen durch die Alpentäler fanden in seinen späteren Landschaftsbildern ihren Niederschlag. 1794 war es Koch mit einem Stipendium seines Mäzens George Nott möglich, nach Italien bis nach Neapel zu reisen. Er besuchte 1795 Salerno und Paestum und ließ sich schließlich in Rom nieder, wo er bei dem deutschen Klassizisten Asmus Jakob Carstens studierte, an dessen Figurenkompositionen er sich in seinen eigenen Bildern anlehnte. Im Umkreis von Carstens begegnete Koch u. a. auch dem dänischen Bildhauer Bertel Thorvaldsen, mit dem er sich befreundete.
 
Bron: de.wikipedia.org
zondag 4 juli 2010
op zoek naar Friedrich [ 2 ]
vandaag alweer in het Gletscherpark Kaunertal
Kaunertal
op zoek naar Friedrich in het Kaunertal

kaunertaler-gletscher.at

zaterdag 3 juli 2010
op zoek naar Friedrich [ 1 ]
vandaag in het Gletscherpark Kaunertal
Kaunertal
op zoek naar Friedrich in het Kaunertal

kaunertaler-gletscher.at

vrijdag 2 juli 2010
Friedrich & co [ 8 ]
schilders uit de Goethezeit: Jakob Alt 1789 - 1872
Jakob Alt
Jakob Alt
Der Landschaftsmaler, Zeichner und Lithograf erhielt seinen ersten Kunstunterricht in seiner Geburtsstadt Frankfurt am Main. Seit 1811 studierte Jakob Alt an der Wiener Akademie die Historienmalerei bei Friedrich August Brand und Martin von Molitor und bildete sich auf vielen Reisen in die österreichischen Donau- und Alpengegenden selbst als Landschaftsmaler aus. In den Jahren 1828 und 1833, bereiste er zweimal Oberitalien und hielt sich auch einige Zeit in Rom auf. In späteren Jahren arbeitete Alt hauptsächlich als Aquarellist (Ansichten von Rom für Kaiser Ferdinand I.) und lieferte einen großen Teil der Vorlagen für das von Adolf Friedrich Kunike lithografierte und herausgegebene Sammelwerk „264 Donau-Ansichten nach dem Laufe des Donaustromes …“, das in Wien von 1820 bis 1826 herausgegeben wurde. Er erstellte außerdem eine Reihe weiterer Ansichtenfolgen, unter anderem die „Malerische Donaureise von Engelharts-Zell bis Wien“. Sein umfangreiches Herbarium befindet sich heute im Niederösterreichischen Landesmuseum.
 
Bron: de.wikipedia.org
donderdag 1 juli 2010
Friedrich & co [ 7 ]
schilders uit de Goethezeit: Matthias Rudolf Toma 1792 - 1869

Met de Goethezeit wordt in Duitsland de periode 1770-1830 aangeduid. In deze tijd die samenvalt met het volwassen leven van Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) komen we verschillende stromingen en stijlen tegen, achtereenvolgens Sturm und Drang, Classicisme, Romantiek en Biedermeier. Niet alleen de filosofie, literatuur, beeldhouwkunst, architectuur en muziek kwamen in het Duitse taalgebied tot grote bloei maar ook de schilderkunst.
FriedrichToch blijven Duitse en Oostenrijkse schilders uit de Goethezeit in de canon die we tegenwoordig hanteren, duidelijk ondervertegenwoordigd vergeleken bij de Franse schilders rond 1800. In History of Art uit 1962 van H.W. Janson, dat voor kunststudenten nog altijd een gezaghebbend werk is, wordt sinds 1962 alleen Caspar David Friedrich nog genoemd. Op de tentoonstelling Caspar David Friedrich en het Duitse romantische landschap die twee jaar geleden in het Hermitage aan de Amstel te zien was, maakte ik kennis met het werk van een aantal van Friedrich’s tijdgenoten, o.a. van de jong gestorven Carl Philipp Fohr. In deze reeks wil ik tien landschapschilders uit de Goethezeit laten zien: Fohr, Schirmer, Richter, Reinhold en Kersting uit Duitsland. En Koch, Toma, Alt, Waldmüller en Ender uit Oostenrijk.

Toma
Matthias Rudolf Toma
Matthias Rudolf Toma war Genre-, Porträt-, vor allem aber Landschaftsmaler in der Zeit des Wiener Biedermeier. Besondere Bedeutung gewann er durch seine lithographischen Arbeiten, in denen er die neue Technik für die Landschaftsdarstellung nutzte. In seinen späteren Jahren ist der Einfluss von Ferdinand Georg Waldmüller auf ihn bestimmend, indem er Landschaften schuf, die denen Waldmüllers sehr ähneln. Die Motive für seine Bilder suchte er vornehmlich in der Nähe Wiens und in den Donauauen.
 
Bron: de.wikipedia.org

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie