vrijdag 31 december 2010
happy new year
nog even tijd voor een terugblik
Happy New Year
Beverly Hills 1928 image credits
Happy New Year
Leningrad 1960

vintage new year greetings

yesterday [ 19 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
David Bowie - Let’s Dance (1983)
Let’s Dance

Let’s Dance stond op nummer 10 in de top 100 van 1983.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1983

donderdag 30 december 2010
yesterday [ 18 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
Dire Straits - Private Investigations (1982)
Private Investigations

Private Investigations stond op nummer 6 in de top 100 van 1982.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1982

woensdag 29 december 2010
yesterday [ 17 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
Phil Collins - In the Air Tonight (1981)
In the Air Tonight

In the Air Tonight stond op nummer 12 in de top 100 van 1981.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1981

dinsdag 28 december 2010
yesterday [ 16 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
Randy Crawford - One Day I’ ll Fly away (1980)
One Day I’ ll Fly away

One Day I’ ll Fly away stond op nummer 20 in de top 100 van 1980.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1980

maandag 27 december 2010
Germania
dé klassieke postzegel uit het Duitse Keizerrijk ( 1900-1922 )

Michaela bracht uit Duitsland een paar oude postzegels mee, o.a. een Germania uit 1916 die onze zuiderburen tijdens de Eerste Wereldoorlog moesten plakken. De postzegel werd ontworpen door Paul Eduard Waldraff en in 1900 verscheen de eerste serie. Om de post van Beieren en Würtemberg te respecteren, koos de Reichspost diplomatiek voor een ‘Duitse Marianne’ en niet voor de beeltenis van keizer Wilhelm II. De Duitse toneelspeelster Anna Führung stond model voor Germania.

Germania
Germania met opdruk ‘Belgien’, 1916
Germania
Germania uit 1900 in een kader met plantaardige lijnen ontleend aan de Jugendstil. Keizer Wilhelm II hield niet zo van die stijl. Waarschijnlijk had hij ook liever zichzelf op de postzegel gezien.

Germania [ de.wikipedia.org ]

yesterday [ 15 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
Chic - Le Freak (1979)
Le Freak

Le Freak stond op nummer 20 in de top 100 van 1979.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1979

zondag 26 december 2010
summer wine
gezien met Michaela: Das wilde Leben (2007)

Uschi ObermaierJe bent een bloedmooie meid van twintig en de wereld ligt aan je voeten. Overal waar je komt, doen mannen de deur voor je open. Als seksueel roofdier zonder concurrentie sta je bovenaan in de pyramide van de vrije liefde en verzamel je alphamannetjes om je heen die ervoor zorgen dat jouw leven nooit saai wordt. Kort samengevat is dit de inhoud van Das Wilde Leben, de biografie van het Duitse ‘68 icoon Uschi Obermaier. Oorspronkelijk een braaf burgermeisje uit een saai voorstadje van München, dat vanwege haar stoere blik en goddelijke lichaam als fotomodel wordt ontdekt en van bed naar bed hogerop klimt. Ze wordt de eerste Duitse groupie en verovert Keith Richards, die eruit ziet als een uitgeleefde zombie. Maar voor een groupie is hij wél een van de hoogst haalbare trofeeën in de wereld en dus goed voor het eigen ego. Door haar seksueel kapitaal kan Uschi de droom van haar generatie (uit)leven. Tegelijkertijd ontmaskert ze onopzettelijk de illusie van vrije liefde. Voor de generatie van ‘68 zijn kapitalisme en macht verwerpelijk, maar er is een grote obsessie voor seksueel kapitaal en seksuele macht.

Uschi ObermaierDas Wilde Leben speelt zich af tussen 1968 en 1983. Herinneringen aan de film Elementarteilchen naar het boek van Michel Houellebecq kwamen bij mij vanzelf omhoog. Hierin speelt Nina Hosch de hippiemoeder van de twee hoofdpersonages die in vrije liefde gelooft, maar daarbij vooral erg aan zichzelf denkt. Ook Uschi Obermaier heeft de vrije liefde omarmt als de weg om haar dromen te volgen. Steeds weet ze mannen aan zich te binden die zelf ook érg voor de vrije liefde zijn. Maar als ze Uschi dreigen te verliezen, dan ineens moet het burgerlijk huisje-boompje-beestje worden.

De muziek maakt Das Wilde Leben compleet. Niet alleen wordt de geest van de seksuele revolutie muzikaal weer opgewekt, maar de teksten vertellen ook het verhaal van de verleiding van ‘het échte leven’, het spannende leven en de lol waar bijna iedere achttienjarige zich in wil storten. De titelsong Summer Wine lijkt voor Das Wilde Leben geschreven. In de melancholische toon van Summer Wine is hoorbaar dat de wijn zoet is, maar de afdronk bitter.

Uschi Obermaier
Das Wilde Leben (2007)
“And I will give to you summer wine”
Strawberries cherries
and an angel’s kiss in spring
My summer wine is really
made from all these things
Take off your silver spurs
and help me pass the time
And I will give to you
summer wine

Lee Hazlewood, Summerwine

Het wilde leven van Uschi Obermaier is een heerlijk spel en de summer wine is zoet. Maar op oudjaarsdag 1983 wordt ze uiteindelijk door de ernst van het gewone leven ingehaald. Uschi Obermaier is inmiddels 64 en woont in het Zuiden van de Verenigde Staten waar ze sieraden ontwerpt.

Uschi ObermaierIn the late sixties, Uschi Obermaier was one of the sexiest women alive. She rarely smiled; instead, she would pose, mouth agape, so we could savor those luscious lips and big, fierce teeth. Uschi Obermaier is probably the prettiest Stones Goddess outside Anita and Marianne (they were the zenith blend of classy, sassy, and gorgeous), and hardly anyone knows about her. Born in Munich, Germany on September 24, 1946, Uschi’s career began when the magazine Twen featured her on the front cover. Her dark, cascading locks, deep tanned skin, and incredible mouth–not to mention bod–led her to many modeling jobs, although she was petite and quite thin. Uschi was the first female model to expose frontal nudity on the cover of a magazine, and she was actually quite revolutionary for so special and lesser-known a celebrity.
 
Uschi ObermaierUschi is credited not only as “the most famous German groupie", but also for advocating the sexual revolution with then-boyfriend Rainer Langhans. (…) The pair moved into the Kommune 1 in Munich and many German commentators have said that Uschi and Rainer directly influenced the likes of John Lennon and Yoko Ono, who advocated liberal views of love and nudity in the early ’70s. There were quite a few photos taken of Uschi topless and smoking marijuana during this time, and they were published in magazines. It makes for quite a striking image actually; this tiny, gorgeous creature with to-die-for lips and a tassle of voluminous hair–possessing an innocence that at times is almost childlike–her hands holding a fat joint.
 
Bron: dietcokeandsympathy.blogspot.com

8 miles high [ wbads-30.vo.llnwd.net ] | Das wilde Leben [ imdb.com ]

yesterday [ 14 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
The Bee Gees - Staying Alive (1978)
Staying Alive

Staying Alive stond op nummer 6 in de top 100 van 1978.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1978

zaterdag 25 december 2010
yesterday [ 13 ]
de top 2000 maakt ons weer nostalgisch
Boney M - Ma Baker (1977)
Ma Baker

Ma Baker stond op nummer 1 in de top 100 van 1977.

Yesterday [ vanaf 1965 ] | top 40 nummer één hits 1977

vrijdag 24 december 2010
Back to Times Square
Vintage Times Square verzameld door Christian Montone

Na het zien van Sweet Smell of Success (1957) ging ik op zoek naar afbeeldingen van Times Square in de jaren vijftig. Op flickr.com vond ik 276 afbeeldingen verzameld door vintage collector Christian Montone.

Vintage Times Square
Times Square 1950’s illustration
image credits

Vintage Times Square | Vintage New York City

donderdag 23 december 2010
gemengde gevoelens
aan de schuifknoppen van je gevoelens met cognitieve gedragstherapie

Het is lang geleden dat ik mijzelf een gedachtenrapport gegeven heb. Gedachtenrapporten maken is een vorm van cognitieve gedragstherapie waarin je je gevoel (weer) de baas kunt worden en je gedrag kunt veranderen. In zo’n rapport worden procentueel vier basisgevoelens (bang, blij, bedroefd en boos) gerapporteerd die je kortgeleden in een bepaalde situatie hebt gehad. Daarna ga je beoordelen of de gevoelens die je in die situatie voelde eigenlijk wel nodig en nuttig waren. In de cognitieve gedragstherapie probeer je jezelf cognitief te verhouden tegenover een bepaalde situatie, zodat je leert niet meer kopje onder te gaan in een allesbeheersende emotie (bijvoorbeeld angst en droefheid).

basisemoties
de vier basisgevoelens volgens de cognitieve gedragstherapie

In het begin lijkt het maken van een gedachtenrapport een idiote bezigheid. Als in een computerprogramma ga je percentages loslaten op je gevoelsleven en vanuit datzelfde gevoelsleven kan dat heftig verzet oproepen. Om te slagen in deze vorm van cognitieve gedragstherapie, kun je het beste braaf zo’n gedachtenrapport maken: Hoeveel procent bang was ik, toen de woorden achter in mijn keel bleven steken? Hoeveel procent boos was ik, toen ik de deur dicht smeet? Hoeveel procent bedroefd was ik … ? Na een aantal gedachtenrapporten ontdek je dat de meeste gevoelens gemengde gevoelens zijn, die zijn opgebouwd uit de vier basisgevoelens, net zoals in de vierkleurendruk elke tint is opgebouwd uit de vier proceskleuren CMYK.

En waar is de liefde eigenlijk in de cognitieve therapie? Is liefde dan geen gevoel? Wat er in de moderne psychologie ook allemaal over beweerd wordt, ik vertrouw toch liever op de kennis van de ziel zoals deze door de woestijnvaders is doorgegeven. Geestelijke liefde (een pleonasme) is volgens hen géén gevoel. Emotionele liefde daarentegen is volgens de woestijnvaders niet helemaal zuiver meer, maar gekleurd door hartstochten als begeerte, ijdelheid en hebzucht. Maar dat is weer een heel ander verhaal…

anxietyanddepressioncenter.com

woensdag 22 december 2010
American Masterpieces
Four Centuries of American Painting

In 1998 verschenen er in de Verenigde Staten een vel met twintig bijzondere postzegels met bekende schilderijen uit vier eeuwen Amerikaanse schilderkunst. Benjamin West, John Singleton Copley, Thomas Sully, Gilbert Stuart, John Trumbull, Willem de Kooning, Jackson Pollock, Barnett Newman, Frank Stella, Roy Liechtenstein en Andy Warhol zijn niet vertegenwoordigd.

American Painting
de twintig postzegels uit 1998

John Foster “Portrait of Richard Mather”
The Freake Limner “Mrs. Elizabeth Freake and Baby Mary”
Ammi Phillips “Girl in Red Dress with Cat and Dog”
Rembrandt Peale “Rubens Peale with a Geranium”
John James Audubon “Long-billed Curlew, Numenius longrostris”
George Caleb Bingham “Boatmen on the Missouri”
Asher B. Durand “Kindred Spirits”
Joshua Johnson “The Westwood Children”
William M. Harnett “Music and Literature”
Winslow Homer “Fog Warning”
George Catlin “The White Cloud, Head Chief of the Iowas”
Thomas Moran “Cliffs of Green River”
Albert Bierstadt “The Last of the Buffalo”
Frederic Edwin Church “Niagara”
Mary Cassatt “Breakfast in Bed”
Edward Hopper “Nighthawks”
Grant Wood “American Gothic”
Charles Sheeler “Two Against the White”
Franz Kline “Mahoning”
Mark Rothko “Number 22, 1949″

dinsdag 21 december 2010
aanwezige afwezigheid
gisterenavond gezien bij wintergasten: Roy Sorensen

SorensenEen van de vele boeiende onderwerpen die in het gesprek tussen Roel Bentz van den Berg en de aanstekelijke recreatieve filosoof Roy Sorensen in de eerste aflevering van VPRO’s Wintergasten ter sprake kwam, ging over On Bullshit van Harry G. Frankfurt. In dat boek beweert Frankfurt dat er steeds meer mensen betaald worden om te doen alsof ze iets weten. Het gaat niet zozeer om het spreken van waarheid maar meer om het spelen van deskundigheid. Dat komt volgens Frankfurt niet omdat we zo graag onwaarheid willen horen, maar omdat we onverschillig(er) zijn gaan staan tegenover waarheid. Frankfurt vindt dat we deze onverschilligheid in zekere zin meer moeten vrezen dan leugens, omdat een leugen tenminste nog naar waarheid (ver)wijst.

Sorenson denkt na over de dingen die er niet zijn, maar ook wel zijn, zoals gaten, stiltes, schaduwen, ideeën en de menselijke ziel
ambivalentie
Roy Sorensen is professor in de filosofie aan de Washington universiteit in St. Louis. Sorensen noemt zichzelf een apostel van ‘de negatieve metafysica’. Hij denkt na over de dingen die er niet zijn, maar ook wel zijn, zoals gaten, stiltes, schaduwen, getallen, ideeën en de menselijke ziel; metafysische amfibieën die met één been op de vaste grond staan van het gezonde verstand en met het andere been in het troebele water van het niet-zijn. In zijn vrije tijd bezoekt hij graag plaatsen waar iets verdwenen is, zoals het Lenápark in Praag, waar ooit het grote Stalinmonument stond. Hij denkt na over raadsels als: Draait de schaduw van een draaiende schijf? Als je in een donkere grot bent, zie je dan niks of zie je het donker? Als je de krant leest, zie je dan de zwarte letters op de pagina of zie je juist het wit om de letters? In deze aflevering van Wintergasten spreekt hij met Roel Bentz van de Berg over zijn favoriete afwezigheden, zoals 4’33’’, de stiltecompositie van John Cage.
 
Bron: vpro.nl

A Brief History of the ParadoxBoeken van Sorensen

A Brief History of the Paradox
Blindspots
Thought Experiments
Pseudo-Problems
Vagueness and Contradiction
Seeing Dark Things
 
 

maandag 20 december 2010
inscapes [ 9 ]
landschappen achter mijn ogen
inscapes
vier inscapes
olieverf op canvasboard

meer inscapes | schilderen als empirisch onderzoek [ PDF ]

zondag 19 december 2010
volg de meester [ 17 ]
Denker und Dichter interpretaties van filosofenportretten rond 1800
Dichter und Denker
Ludwig Tieck, Friedrich Schleiermacher
en Arthur Schopenhauer (olieverf op papier)
Schleiermacher probeerde
onder andere door taalgebruik
dat aansloot bij zijn
romantisch-pantheïstische
tijdgenoten, te bemiddelen
tussen geloof en cultuur
Volgens Schleiermacher bestaat de ware vroomheid niet uit weten, noch uit doen, maar uit intuïtie en gevoel. Dit gevoel is een onmiddellijk bewustzijn dat de mens van zichzelf heeft dat hij geheel afhankelijk is van God. Dit is het meest fundamentele kenmerk van ons bestaan. Hij definieert religie als ‘zin en smaak voor het Oneindige‘. Hij probeert aan te tonen dat dit Oneindige niemand anders kan zijn dan de God van het christelijk geloof. Geloof staat naar zijn wezen geheel los van alle metafysica. Schleiermacher probeerde onder andere door taalgebruik dat aansloot bij zijn romantisch-pantheïstische tijdgenoten, te bemiddelen tussen geloof en cultuur. Deze poging mislukte, maar later vond zijn nieuwe inzet meer waardering in de theologie zelf. Schleiermacher is zeer invloedrijk geworden als de vader van de zogenoemde ervaringstheologie. Hij leerde immers dat we alleen maar God leren kennen door een analyse van onze religieuze ervaring. We kunnen ook alleen maar over God spreken vanuit ons menselijk bewustzijn.
 
Bron: nl.wikipedia.org

volg de meester [ 1-17 ] | van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan

zaterdag 18 december 2010
de macht van het gedrukte woord
gezien: sweet smell of success (1957)

sweet smell of successDe filosoof Wittgenstein stelde dat woorden daden zijn. En rapper Eminem zingt: “Words Are Weapons“. Woorden kunnen bijna even dodelijk zijn als een vuurwapen. Zeker wanneer het over het gedrukte woorden en grote oplagen gaat. Prestigieuze columnisten, zeker in de Verenigde Staten, die door een miljoenenpubliek dagelijks gelezen worden, kennen als geen ander de macht van het woord. In de jaren vijftig waarin sweet smell of success gemaakt werd, waren woorden als ‘communist’ en ‘marihuana’ verbale projectielen waarmee columnisten anderen konden maken of breken. Deze film, een van de beste film noirs die ik ooit gezien heb, gaat over een columnist (Burt Lancaster) en zijn persagent (Toni Curtis). Sweet smell of success toont de totale morele verdorvenheid van deze twee ratten, zonder dat er fysiek geweld gebruikt wordt. Het zijn de woorden die in deze film de ware killers zijn. Het scenario zit vol snedige dialogen, die als heerlijke cynische gevatheden kunnen amuseren en imponeren: “I’d hate to take a bite outta you. You’re a cookie full of arsenic.” Maar soms dringt het gif door en bezorgt de beheerste kilheid je het afgrijzen. Het ijzersterke filmscenario werd overigens geschreven door Clifford Odets en Ernest Lehman.

Tony Curtis
Mr. Falco, let it be said at once, is a man of 40 faces, not one - none too pretty, and all deceptive. You see that grin? That’s the, eh, that’s the Charming Street Urchin face. It’s part of his helpless act: he throws himself upon your mercy.
J.J. Hunsecker: Mr. Falco, let it be said at once, is a man of 40 faces, not one - none too pretty, and all deceptive. You see that grin? That’s the, eh, that’s the Charming Street Urchin face. It’s part of his helpless act: he throws himself upon your mercy. He’s got a half-dozen faces for the ladies. But the one I like, the really cute one, is the quick, dependable chap. Nothing he won’t do for you in a pinch - so he says. Mr. Falco, whom I did not invite to sit at this table tonight, is a hungry press agent, and fully up to all the tricks of his very slimy trade.
[Pulls out an unlit cigarette and faces Falco]
J.J. Hunsecker: Match me, Sidney.
Sidney Falco: Not right this minute, J.J.
 
Bron: imdb.com
sweet smell of success
Het deel van New York City (tussen Columbus Circle en Times Square) waar Sweet Smell of Success zich afspeelt, geeft de film in combinatie met de jazzy score van Elmer Bernstein een geweldige sfeer
The hierarchy and brutality of the animal kingdom is sometimes difficult to fully grasp as we humans are thoughtful creatures with characteristics exclusive to humanity such as empathy and pity. Conversely there is another side to man that may mirror the bestial ruthlessness of the animal kingdom. This side of man transcends beyond the animal’s savagery to a darker dimension of mercilessness. Where the hostile law of the jungle may seem harsh, it is instinctual genetic programming that’s essential for animal survival in such an environment. With humanity, the cruel and inhumane treatment of others are conscious choices made from dark recesses of the mind; often fueled by greed and malice. In Director Alexander Mackendrick’s 1957 film Sweet Smell of Success, New York City is the jungle and success in the entertainment industry is game to be hunted and devoured by the kings of this food chain. Only predators with the sharpest teeth, the biggest roar and the greatest cunning will successfully catch and devour their prey and feed off its warm carcass till the next warm blooded meal comes along. Sweet Smell of Success follows two such carnivores, one of whom is trying to claw his way to the top, the other making sure he remains leader of the pack and nowhere in the landscape which they operate is empathy found or wanted.
 
Bron: noiroftheweek.com
sweet smell of success trailer
These are the sounds of a small section of New York. The section lies between Columbus Circle and Times Square. This is the world of Sardi’s, Toots Sor and the Twenty One, Lindy’s, Reubens and the Stage Delicatessen. This is the world in which adolescent dreams of success in bright lights must be implemented by work, endless interviews in producer offices, and the quick wit of the press agent and columnist. In this tiny empire lives are made and destroyed by the public, critics and columnists. This is a place which breeds terrible competition and in the final analysis it is perhaps the individuals themselves that destroy themselves, clawing and stratching their way to a very clusive and ephimeral thing they call success.
 
Bron: Elmer Berstein op achterzijde van soundtrack album, 1957
Elmer Bernstein
filmscore van Elmer Bernstein
This music was designed to create an over all atmosphere from main title to end title, rather than implement the action or characters in a specific way.

Elmer Bernstein

This then is the world. The music reflects the tempo, anguish and frustration in a contemporary, popular idiom. Therefore we find one of our central charachters, Sidney Falco, characterized by the kind of musical sound which could be coming from any of many night spots such people frequent. This music was designed to create an over all atmosphere from main title to end title, rather than implement the action or characters in a specific way.
 
Bron: Elmer Berstein op achterzijde van soundtrack album, 1957

sweet smell of success [ noiroftheweek.com ]

vrijdag 17 december 2010
Achtung baby!
Heute verheiraten Florian und Matze sich (… und Gomez ist Zeuge)
Florian und Matze
Feierbiest made in Holland
Feierbiest
Feierbiest made in Holland
donderdag 16 december 2010
Metsu
Gabriël Metsu een meester herontdekt
vanaf vandaag in het Rijksmuseum Amsterdam t/m 21 maart 2011
Dit najaar zet het Rijksmuseum Gabriël Metsu (1629 - 1667) opnieuw op de kaart. Metsu is een van de belangrijkste Nederlandse genreschilders uit de 17de eeuw. Zijn schilderijen geven een prachtige indruk van alledaagse momenten in de Gouden Eeuw: een jongeman die een liefdesbrief schrijft, een keukenmeid die een appel schilt, een oude drinker die het glas heft. Ondanks zijn relatief korte leven was Metsu een van de meest geliefde schilders in zijn tijd. Zijn schilderijen werden voor aanzienlijke bedragen verhandeld. In de 18de en 19de eeuw was Metsu bekender dan Vermeer, wiens werken zelfs aan hem werden toegeschreven. Ruim 35 van zijn beste schilderijen uit internationale musea en privé-collecties worden samengebracht, waaronder werken die onlangs zijn herontdekt en voor het eerst in soms meer dan 250 jaar naar Nederland terugkeren. Van 16 december tot en met 21 maart 2011 te zien in het Rijksmuseum.
Gabriel Metsu
Gabriel Metsu Briefschrijvende man, ca. 1665 (origineel en bewerking) Vermeer zou het schilderij met de krullerige lijst waarschijnlijk weggelaten hebben, om meer ruimte te scheppen. Het licht langs de muur zou zo meer speelruimte hebben gekregen.
In de 18de en 19de eeuw was Metsu bekender dan Vermeer, wiens werken zelfs aan hem werden toegeschreven.
Ondanks zijn vroegtijdige dood liet Gabriël Metsu een aantal schilderijen na die tot op de dag van vandaag tot de hoogtepunten uit de schilderkunst van de Gouden Eeuw worden gerekend, zoals Het zieke kind (Rijksmuseum) en Briefschrijvende man en Brieflezende vrouw (National Gallery of Ireland). Al tijdens zijn leven werden Metsu’s schilderijen voor aanzienlijke bedragen verkocht aan verzamelaars in binnen- en buitenland. In de 18de en 19de eeuw groeide zijn roem tot grote hoogte. Schilderijen van Johannes Vermeer, die tegenwoordig wereldberoemd zijn, werden in die dagen als werken van Gabriël Metsu verhandeld. Samen met Vermeer, Jan Steen, Gerard ter Borch en Pieter de Hooch, behoort Metsu dan ook tot de leidende genreschilders van de 17de eeuw. Zijn taferelen uit het dagelijks leven geven een prachtig beeld van Nederlanders, hun kostuums en bezigheden in de Gouden Eeuw. Zij werden door Metsu met bijzonder gevoel voor details en materialen geschilderd.
 
Bron: rijksmuseum.nl
woensdag 15 december 2010
bitterzoete drank
portret van de filosoof als oude man

De Duitse pessimistische filosoof Arthur Schopenhauer werd aan het einde van zijn leven (1788-1860) gefotografeerd en de graveur Moritz Lämmer uit Leipzig maakte naar deze foto een staalgravure. Ik gebruikte Schopenhauer’s portret voor een rauwe interpretatie in acrylverf.

Schopenhauer 3
Arthur Schopenhauer in acrylverf
daarna bewerkt in Adobe Photoshop met
de filters Poster Edges en Film Grain
Mijn leven in de realiteit
is een bitterzoete drank
Mijn leven in de realiteit is een bitterzoete drank. Het is namelijk net als mijn bestaan in het algemeen een doorlopend verwerven van kennis en winnen van inzicht met betrekking tot die realiteit en mijn relatie ertoe. De inhoud van die specifieke kennis is treurig en teneerdrukkend, maar de vorm van kennis in het algemeen, het verwerven van inzicht, het doordringen tot de waarheid, dat is beslist aangenaam en vermengt telkens weer zijn zoetheid met al die bitterheid, vreemd genoeg.
 
Bron: Die Genesis des System, §534 (Deussen-editie XI, 405)
dinsdag 14 december 2010
duurste boek ter wereld
The Birds of America van John James Audubon
in het Teylers Museum Haarlem, tot 2 januari 2011

Vorige week werd The Birds of America bij Sotheby’s Londen voor £7.321.250 (€ 8.715.408 /$11.542.683) geveild. Teylers Museum in Haarlem kocht in 1835 al rechtstreeks een exemplaar van de maker voor 2200 gulden. Deze maand worden een aantal originele platen in het museum tentoongesteld.

Audubon
drie bekende platen uit The Birds of America van elk 96 bij 67 cm.
De plaat in de vitrine van
Teylers Museum toont
de beroemde flamingo
The Birds of America van de Amerikaanse vogelschilder John James Audubon (1785-1851) is het grootste en duurste boek ter wereld. Alle in die tijd bekende vogels van Noord-Amerika zijn hierin op ware grootte en in hun natuurlijke omgeving afgebeeld. Het boek bestaat uit vijf delen en bevat 435 platen die met de hand zijn ingekleurd. Het in Teylers Museum tentoongestelde exemplaar bevindt zich al sinds 1835 in de museumcollectie en is vanwege zijn kwetsbaarheid en kostbaarheid zelden te zien. De plaat in de vitrine van Teylers Museum toont de beroemde flamingo. De vogel was te groot om op het zogenaamde olifant-formaat te worden afgedrukt. Audubon beeldde de vogel daarom heel slim met gebogen nek af, zodat hij toch op het papier van 96 bij 67 centimeter paste.
Audubon
The Birds of America
In zijn tijd was The Birds of America al spraakmakend. De dynamiek die Audubon bij vogels suggereerde was spectaculair. Zijn romantische en uitdagende levensstijl sprak tot de verbeelding. Om alle vogels op papier vast te leggen bleef hij soms maanden van huis. Hoewel Audubon honderden vogels afschoot om ze in detail te kunnen tekenen, ontwikkelde hij zich gaandeweg tot een gepassioneerde natuurbeschermer. De Amerikaanse vogelbescherming draagt zelfs zijn naam: The National Audubon Society.
 
Bron: teylersmuseum.eu

teylersmuseum.eu

maandag 13 december 2010
volg de meester [ 16 ]
Denker und Dichter interpretaties van filosofenportretten rond 1800
Dichter und Denker
Matthias Claudius
en Friedrich Heinrich Jacobi
Friedrich Heinrich Jacobi war ein bedeutender Vertreter der Gefühlsphilosophie und dementsprechend ein herausragender Kritiker jeder Form von Rationalismus. Er zählte zu den frühesten Kritikern der französischen Revolution und hielt sie für das politische Gegenstück zu dem „Nihilismus“ rationalistischer Philosophen. Seine Schriften sind kaum systematisch, sondern Gelegenheitsarbeiten, meist in Brief-, Gesprächs-, auch Romanform verfasst. Für ihn gab es kein ernstzunehmendes Philosophieren, wenn es nicht eine bestimmte Person anspricht. In diesem Sinne war er nicht nur Kritiker, sondern immer ein kämpferischer Diskussionspartner. Seine Streitigkeiten mit Hamann, Goethe, Johann Gottlieb Fichte oder Friedrich Wilhelm Joseph Schelling sind berühmt.
 
Bron: de.wikipedia.org
Dichter und Denker
Georg Wilhelm Friedrich Hegel
en Friedrich Wilhelm Joseph Schelling
Während jedoch Fichte das Ich nur als menschliches sah (was Friedrich Wilhelm Joseph Schelling bestritt), fasste es Schelling vom Anbeginn an als allgemeines oder absolutes auf, dessen bewusstlos (in der Naturform) schöpferische Produktion die reale Natur-, dessen bewusst (in der Geistesform) schöpferische Produktion die ideale Geisteswelt, beide (das Ideale wie das Reale) aber als „Seiten“ desselben (absoluten) Ich in ihrer Wurzel identisch seien. Die Deduktion des gesamten Naturseins (natura naturata) aus dem Absoluten als (unbewusst) schaffendem Realprinzip (natura naturans) ist Gegenstand der Naturphilosophie (1797/99), derjenigen Gestalt seiner Philosophie, durch welche er, wie er noch in seiner Berliner Antrittsrede sich rühmte, „ein neues Blatt in der Geschichte der Philosophie aufgeschlagen haben“ will.
Bron: de.wikipedia.org

Matthias Claudius (1740-1815), Friedrich Heinrich Jacobi (1743-1819), Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831), Friedrich Wilhelm Joseph Schelling (1775-1854) | volg de meester [ 1-16 ] | van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

zondag 12 december 2010
natuurlijke kleuren
gisteren gezien bij Close Up: Een wereld vol kleur

verf werd vroeger met de hand gewrevenKleurstoffen worden traditioneel uit de natuur gewonnen en dragen vaak dichterlijke namen als ultramarijn, purper, karmijn, indigo, vermiljoen. Sinds de tweede helft van de negentiende eeuw hebben synthetische kleurstoffen de wereld veranderd. Niet alleen heeft de wereld door kunstmatige verfstoffen een ander gezicht gekregen, ook namen veranderden. Pruisisch blauw, een van de eerste synthetische kleuren (in 1704 in Berlijn ontdekt) heeft nog een naam die enigszins tot de verbeelding spreekt, maar #6698FF heeft dat niet meer, ook al vertegenwoordigt #6698FF het hemelsblauw. Met kleurcodes kan exact de juiste kleur worden aangeduid wat vooral in het digitale leven belangrijk is. Want alles moet beheersbaar zijn.

Een wereld vol kleur is gebaseerd op drie jaar research en weerspiegelt de expertise van de meest uiteenlopende experts onder wie fysici, neurologen, kunstenaars, antropologen, kleurenadviseurs, historici, ambachtslieden, en marketingdeskundigen. Elk van hen heeft dagelijks te maken met kleur en biedt nieuwe inzichten en ontdekkingen die ons begrip van kleur verdiepen. Aan bod komen onder meer de ongelofelijke capaciteiten van de ogen en het brein en hoe die ons in staat stellen de wereld waar te nemen zoals we doen; prehistorische grotschilderingen in oker; de hypermoderne techniek om de iriserende kleuren op vlindervleugels te reproduceren; het overweldigende holi festival in India (een kleurenfestival); en interviews met vooraanstaande internationale kleurenadviseurs.
 
Bron: cultuurgids.avro.nl
Lapis Lazuli
de beste lapis lazuli komt nog altijd uit Afghanistan. Tegenwoordig wordt de meeste ultramarijn synthetisch vervaardigd

De documentaire gaat op reis door de geschiedenis op zoek naar de halfedelsteen lapis lazuli in Afghanistan, die door de Venetianen ultramarijn werd genoemd omdat het van overzee moest komen. Voor de kust van Libanon wordt al duizenden jaren op puperslakjes gevist die de leveranciers zijn voor de keizer onder de kleuren. In Tyrus wordt het procedé gevolgd om stoffen purper te verven. Indigo (#6F00FF) komt traditioneel uit India en is een plantaardig pigment. Tenslotte gaat de documentaire kijken in de ‘Nieuwe Wereld’ (Peru) waar de cochenilleluis al sinds de zestiende eeuw karmijn levert voor de internationale markt.

wol geverfd meekrapVoor het kleuren van textiel of verf zijn drie hoofdkleuren nodig: rood, blauw en geel. Vóór de komst van de synthetische kleurstoffen werden deze kleuren uit planten bereid. Heel wat planten lenen zich tot het bereiden van kleurstof (zie een overzichtje aan het eind van dit artikel), maar de voornaamste waren wel de Meekrap voor rood, de Wede en de Indigostruik voor blauw en Saffloer en Kurkuma (saffraanwortel) voor geel. Kleurstoffen zijn oplosbare organische stoffen. Daarmee verschillen ze van pigmenten, die onoplosbaar zijn (voorbeelden: oker, mangaanoxide, gips, roet). De meeste kleurstoffen worden tegenwoordig langs chemische wijze vervaardigd. Maar tot voor vrij kort geleden (ca. 1850) werd alle textiel met plantenstoffen geverfd.
Bron: plantaardigheden.nl

colourlovers.com | colorschemer.com | kuler.adobe.com

zaterdag 11 december 2010
vintage advertising album
fijne plaatjes van vroeger verzameld door Christian Montone
ads
vintage advertising album

flickr.com/photos/christianmontone/sets/ | artskooldamage.blogspot.com

vrijdag 10 december 2010
volg de meester [ 15 ]
kopie van Schopenhauerportret van Ludwig Sigismund Ruhl (1815)
Arthur Schopenhauer in 1828
Verschillende voorstadia in acrylverf voor onderschildering op imprematura. De uitwerking in olieverf volgt later…

volg de meester [ 1-15 ]
van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

donderdag 9 december 2010
aan mijn zoon Johannes
An meinen Sohn Johannes (1799) van Matthias Claudius
Matthias en Arthur
Matthias Claudius en Arthur Schopenhauer
Arthur Schopenhauer las in zijn pubertijd na de dood van zijn vader An meinen Sohn Johannes als een vaderlijk testament en bleef deze tekst zijn leven lang koesteren.
Lieber Johannes!
Die Zeit kommt allgemach heran, daß ich den Weg gehen muß, den man nicht wiederkommt. Ich kann Dich nicht mitnehmen und lasse Dich in einer Welt zurück, wo guter Rat nicht überflüssig ist.

An meinen Sohn Johannes, 1799

Allengs breekt de tijd aan dat ik de weg van al het aardse ga. Ik kan je niet meenemen en ik laat je achter in een wereld waar goede raad niet overbodig is… (…) De mens is hier niet thuis. Wanneer men zich een vreemde in de wereld voelt, is dat niet omdat er een innerlijke rijkdom bestaat waarop men zich zou kunnen laten voorstaan. Het innerlijk dat zich tegen het uiterlijk verzet, is arrogant. We zijn allemaal zondaars en een dergelijk dualisme is een zonde van ijdelheid. Vreemd zijn wij in deze wereld en tot iets hogers geroepen. Dat is echter niet onze verdienste maar een genade gave die het gevoel ontvangt.
 
Matthias Claudius in “An meinen Sohn Johannes” (1799)

An meinen Sohn Johannes [ christoph-moder.de ]

woensdag 8 december 2010
restaurateur
Louis Hersent (1777 - 1860) schilder van de Restauratie

Hersent 1821Na 1815 werd tijdens het Congres van Wenen de klok in Europa teruggedraaid en begon de Restauratie. (1815-1848) In Frankrijk kwam als vanouds weer een Lodewijk op de troon te zitten, en in heel Europa werd de monarchie de enige correcte staatsvorm. Nederland kreeg een koning Willem terug in plaats van een stadhouder Willem. De Restauratie betekende ook voor schilders dat hun programma veranderde. In de officiële Franse historieschilderkunst stond de rehabilitatie van het Franse koningsschap nu hoog op de agenda. Alle sporen van de Revolutie moesten worden uitgewist en Napoleon’s ‘hofschilder’ Jean Jacques David verdween in ballingschap naar Brussel. Zijn leerling Louis Hersent mocht blijven en deed mee aan de Restauratie. Zijn werk is braaf en sentimenteel en heeft in tegenstelling tot het werk van zijn leermeester David het modernisme niet overleefd.

Louis XVI en Louis XVII
Wanneer je de portretten van Lodewijk XVI (onthoofd in 1793) en zijn opvolger Lodewijk XVIII naast elkaar ziet, lijkt het alsof er volmaakte continuïteit was en dat er nooit een Franse Revolutie was geweest.
Dat was nu precies de bedoeling van de Restauratie.

Louis HersentLouis Hersent was een van de vele leerlingen van Jacques Louis David en won in 1797 de Prix de Rome voor schilderkunst. Van 1802 tot 1831 was hij bijna jaarlijks met werk vertegenwoordigd in de Parijse Salon, het mekka van de toenmalige hedendaagse schilderkunst. Hersent is vooral bekend geworden met het werk dat hij tijdens de Restauratie (1816-1831) maakte zoals Lodewijk XVI Verlichter van de Bedroefden (1817) en Daphnis en Chloë (1819). Zijn schilderij Ruth (1822) werd aangekocht door de reactionaire koning Lodewijk XVIII en deze maakte hem zelfs tot Officier van het Legioen van Eer. Tijdens de regering van Karel X (1825-1830) bleef hij populair. Met Monniken van Mount St Gotthard (1824), vol dramatische romantiek, had hij weer veel succes. In 1831 nam Hersent, inmiddels was hij 54, voor de laatste keer deel aan de Salon met een aantal portretten van burgerkoning Louis-Philippe (1830-1848).

Louis Hersent 1817
Louis Hersent 1817 (detail)
Louis XVI distribuant ses bienfaits aux pauvres pendant le rigoureux hiver de 1788
Lodewijk XVI was in 1793 tot de guillotine veroordeeld. Hersent herstelde hem in 1817 in ere door hem te presenteren als weldoener. Maar in werkelijkheid had de koning zich niet druk gemaakt om het hongerende volk in de strenge winter van 1788 die aan de Revolutie vooraf ging…
Louis Hersent 1824
Louis Hersent 1824
Les religieus du mont Saint-Gothard

Louis Hersent [ en.wikipedia.org ]

dinsdag 7 december 2010
galerij der onsterfelijken
het betrekkelijke van een canon van westerse schilderkunst

De moderne wereldMichelangelo, Rafael en Titiaan, die al eeuwenlang meedraaien in een universele canon van de schilderkunst, lijken te bevestigen dat er iets bestaat dat boven betrekkelijkheid uitstijgt. Toch laat een canon vooral het betrekkelijke van onze collectieve visie op eeuwigheidswaarde en tijdloosheid zien. De laatste jaren word ik mij er steeds vaker van bewust hoe mijn visie op de westerse schilderkunst (vooral die van de negentiende eeuw) bepaald is door de canon uit de handboeken die ik halverwege de jaren tachtig op de kunstacademie als naslagwerk gebruikte: Wereldgeschiedenis van de kunst van H.W. Janson (1962) en De moderne wereld van Norbert Lynton (1966). In beide boeken wordt door de bril van het modernisme naar de westerse (schilder)kunst gekeken. De schilderkunst van de negentiende eeuw werd door het modernisme vooral als een opmaat gezien van de moderne en abstracte schilderkunst. Van Gogh en Cézanne waren door het modernisme als geestelijke vaders geadopteerd. Vervolgens werd van 1899 tot 1800 een rode loper uitgerold, die alleen betreden mocht worden door schilders die voor Van Gogh en Cézanne de weg hadden voorbereid: de impressionisten natuurlijk, Manet, Corot, Turner en Goya. Allemaal schilders die rebelleerden tegen de gevestigde orde van het academisme.

Namen van salonschilders als William Bouguereau, Sir Lawrence Alma-Tadema, Jean-Léon Gérôme, Lord Frederick Leighton, John William Waterhouse en John William Godward kon je tevergeefs zoeken in de canon die in de loop van de twintigste eeuw gestalte had gekregen. De salonschilders beschikten over een fabelachtige techniek en in de negentiende eeuw behoorden zij tot de best betaalde schilders ter wereld. Maar ze stonden haaks op alles waar de moderne schilderkunst voor stond: het a la prima schilderen, het benadrukken van platheid, het taboe op bruin en natuurlijk de spontaniteit en vrije expressie. Omdat ze in de meeste gevallen afwijzend stonden tegenover de moderne ontwikkelingen in de schilderkunst, werden ze in de twintigste eeuw gestraft en uit de Hall of Fame gelazerd.

Omdat de salonschilders in de meeste gevallen afwijzend stonden tegenover de moderne ontwikkelingen in de schilderkunst, werden ze in de twintigste eeuw gestraft
en uit de Hall of Fame gelazerd.

Onze postmoderne tijd heeft weinig met canons en met lijstjes van ‘grootsten aller tijden’. We zijn geneigd om juist de nadruk op het betrekkelijke en het kleine te leggen. Als ‘eeuwige schoonheid’ al bestaat, dan alleen in het vluchtige moment dat altijd aan een bepaalde plaats gebonden is. Dat de door het modernisme verdrongen academische kant van de negentiende eeuw nu weer in beeld mag komen, heeft volgens mij te maken met de postmoderne houding dat ‘alles’ geoorloofd is, nu we bevrijd zijn van dwangmatige vernieuwingsdrang. Als je weer wilt tekenen en schilderen als Rafael, ga je gang. Maar in de twintigste eeuw werd in het kunstonderwijs de ambachtelijke basis onder de schilderkunst weggeslagen. Op de academies voor hedendaagse kunst waren geen leraren meer die hun studenten de technieken van de oude meesters konden leren. Daarom ontstonden er halverwege de jaren tachtig uit particuliere initiatieven alternatieve kunstacademies die het kunstonderwijs van de negentiende eeuwse academie reanimeerden. En zo kwam er vanzelf weer belangstelling voor de vruchten van het academische kunstonderwijs, de salonschilders.

artrenewal.org
het reactionaire Art Renewal Center
een postmodern fenomeen?

Sinds 1990 is er een kentering gaande en staan negentiende eeuwse salonschilders opnieuw in de belangstelling. Er worden weer tentoonstellingen gemaakt waarin hun werk gepresenteerd wordt (bijvoorbeeld in het Van Gogh Museum) en op veilingen zijn de prijzen voor negentiende eeuwse academische schilderkunst weer gestegen, nadat in de jaren zestig een absoluut dieptepunt was bereikt. Het postmodernisme heeft de canon van het modernisme prettig op losse schroeven gezet.

maandag 6 december 2010
stuurloos?
heeft het postmodernisme nog een richting of draait het om zichzelf?

In het modernisme betekende ‘nieuw’ altijd ‘beter’. De moderne mens was de nieuwe mens die een nieuwe en dus betere wereld nastreefde. Weg van het oude! Maar het postmodernisme gelooft hier niet meer in. De dwingende richting van het modernisme is in het postmodernisme verdwenen. Hoe gaat het postmodernisme met dit vacuüm om? Is er geen richting meer en draait het postmodernisme louter om zichzelf? Of heeft het postmodernisme toch een eigen program, een verborgen agenda misschien?

In het postmodernisme lijkt alles te kunnen. Het oude mag gerust terugkeren, want oud en nieuw zijn relatieve begrippen. Elke richting en elke stijl lijkt binnen het postmodernisme geoorloofd. Let wel, binnen het postmodernisme, want het postmodernisme hecht aan eigen richtinggevende waarden, zoals ‘niet-vastleggen’ en ‘niet-oordelen’. Postmodernisme staat sterk voor relativisme en pluriformiteit. Dat betekent dat er voor het postmodernisme niet één waarheid of één schoonheid bestaat. Iedere tijd, ieder volk, ieder individu heeft zijn eigen waarheid en schoonheid. Maar deze pluriformiteit, brengt tegelijkertijd het postmodernisme met zichzelf in tegenspraak, of brengt op zijn minst zijn blinde vlek in beeld.

De uiterste consequentie van de postmoderne pluriformiteit is dat mooi en lelijk, goed en slecht, waar en onwaar niet alleen relatief maar ook inwisselbaar zijn. Daarmee houden ze feitelijk op te bestaan, zodat er een oordeelloos, oosters “Tat Tvam Asi” overblijft. Letterlijk betekent dit: “Dat zijt Gij", maar hier is een onpersoonlijke en zakelijke vertaling (“het is wat het is”) meer op zijn plaats. Het postmodernisme bereikt deze verheven staat van bewustzijn, waarin ‘alles ok’ is, zelf niet. Postmodernisme verzet zich namelijk tegen alles dat zich vastlegt en oordeelt, behalve tegen zijn eigen oordeel en fixatie.

Wanneer woorden als ‘waarheid’ en ’schoonheid’ vallen, schiet het postmodernisme in een reflex om deze woorden vlug een kopje kleiner maken. Schoonheid en waarheid mogen van het postmodernisme hoogstens bestaan als relatieve begrippen, individuele waarden, eigen opvattingen. Ze blijven intussen wel een achterdeurtje openhouden naar de aanspraak op algemene geldigheid die ze in het verleden hadden. Het zijn de lakeien van het Ancien Régime van de metafysica , van vóór ‘de dood van God’. Na de Revolutie van het modernisme, wil het post-modernisme beslist geen Restauratie. Daarom is het postmodernisme alert als er een Groot Woord valt, want voor je het weet staat er weer een Groot Verhaal!

Desalniettemin is humor de kracht en het wapen van het postmodernisme. Universele, metafysische en absolute waarden worden niet meer erkend. Het enige wat werkelijk telt, is de hoogstpersoonlijke ervaring, die zo klein en zo breekbaar is, dat humor, maar ook ontroering, er wel het hart van moeten vormen. Het graniet van Waarheid en Schoonheid heeft in ‘het heilige hart van de persoonlijke ervaring’ niets te zoeken. Humor geeft de bedenkelijke macht om zélf te ontkrachten en onderuit te halen, om zélf de onmachtige baas te zijn over de onverbiddelijke relativiteit en vergankelijkheid van het bestaan.

zondag 5 december 2010
gribus
gezien: Boeken - Wim Brands in gesprek met Auke van der Woud
Koninkrijk vol sloppen Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw

Koninkrijk vol sloppenOm de achterkant van onze welvaart in zijn negentiende eeuwse gedaante te zien, moet je tegenwoordig het land uit en bijvoorbeeld een bezoek brengen aan de slums van Mumbay en Manilla, de bidonvilles van Rio de Janeiro of de suburbs van Philadelphia. Maar in de negentiende eeuw hoefde je, als je de stank verdragen kon, in Amsterdam maar een steegje in te slaan, of een bezoekje aan de Jordaan te brengen, om met de sociale ellende van het leven in de sloppenwijken geconfronteerd te worden.

Auke van der Woud, hoogleraar architectuur- en stedebouwgeschiedenis, heeft een boek geschreven over de sociale omstandigheden in de achterbuurten in de negentiende eeuw in Nederland. Het is een episode uit onze nationale geschiedenis die we liever wat op de achtergrond houden. Ook in de negentiende eeuw werd de armoede weggedrukt naar de rand en de achterkant van het geruststellende burgerlijke decorum.

Ons beeld van de vaderlandse geschiedenis is te rooskleurig, vindt historicus Auke van der Woud. Met zijn boek Koninkrijk vol sloppen ontkracht hij het historische zelfbeeld van Nederland als een land met een burgerlijke cultuur. Bij de geschiedschrijving van de periode tussen 1800 en 1900 bestaat de neiging om op de gegoede burger te focussen, terwijl miljoenen Nederlanders rond 1900 in zeer gebrekkige omstandigheden leefden. In achterbuurten vergelijkbaar zijn met de sloppenwijken van de grote steden in de huidige Derde Wereld.
 
Bron: boeken.vpro.nl
Iquitos, Peru
impressies van Belén een sloppenwijk van Iquitos, Peru november 1986

Amsterdamse krottenwijken op negentiende eeuwse foto’s ogen als ongeboende straatjes van Vermeer, die door het zachte strijklicht langs de vervallen en scheve gevels iets onmiskenbaar pittoresk hebben gekregen. Maar het leven in de negentiende eeuwse gribus moet waarschijnlijk weinig verschil hebben gemaakt met het leven in de sloppenwijken van de Derde Wereld in de eenentwintigste eeuw. De verweerde betonnen karkassen van mislukte bouwprojecten die met plastic en roestige golfplaten ‘bewoonbaar’ zijn gemaakt, zijn een hedendaagse vertaling van de ’schilderachtige’ maar vooral stinkende achterbuurten uit de negentiende eeuw. De smerigheid, de honger en de sociale ellende zijn gelijk gebleven.

Koninkrijk vol sloppen
Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw
Europa was in de late negentiende eeuw getuige van een volksverhuizing. Miljoenen mensen verruilden toen hun agrarische omgeving voor een woning in de stad. Momenteel zien we die massamigratie op mondiale schaal, vooral in China, Afrika en Latijns-Amerika. Verstedelijking en modern leven horen blijkbaar bij elkaar. Een koninkrijk vol sloppen gaat over het begin van de stedengroei in Nederland. Het stille land met 3 miljoen zielen in 1850 was vijftig jaar later in en rond de grote steden een drukke moderne wereld geworden. Maar rond 1900 wemelde het daar ook van overbevolkte krotten en mensenpakhuizen. Schoon water, deugdelijk voedsel, frisse lucht en modern sanitair waren in de achterbuurten zeer zeldzaam. In alle grote steden hoopte het weeë vuil zich spectaculair op. Meer dan een miljoen Nederlanders leefden in een situatie die overeenkomsten vertoont met de slums van de huidige Aziatische, Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse metropolen. Auke van der Woud beschrijft die halfvergane oude wereld in de duistere delen van de stad.
( Bron: vpro.nl )

Holbewoners van de negentiende eeuw [ trouw.nl ]

volg de meester [ 14 ]
kopie van Goetheportret van Joseph Karl Stieler (1828)
Goethe 1828
olieverf op onderschildering in verdunde witte acrylverf op roodbruine imprematura

volg de meester [ 1-14 ]
van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

zaterdag 4 december 2010
who the * is … ? [ 7 ]
Sir Edwin Henry Landseer (1802-1873)

LandseerIk had nog nooit van hem gehoord maar gisteren kwam hij in mijn leven door een essay over William Turner in The Power of Art van Simon Schama. Sir Edwin Henry Landseer was de lievelingsschilder van koningin Victoria en werd vooral bekend met zijn dierenschilderijen. In 1837 schilderde hij het huwelijk van de jonge koningin en prins Albert . Twee jaar later mocht hij op Windsor Castle de koninklijke huisdieren schilderen. Victoria was dol op honden en Landseer schilderde zulke leuke hondenplaatjes, dat hij tenslotte in 1850 geridderd werd. Sir Edwin Henry is nauwelijks nog bekend en hij leeft vooral voort als de schepper van de vier leeuwen aan de voet van Nelson’s Column op Trafalgar Square.

Landseer
Queen Victoria’s Pets 1839
Landseer
Laying Down The Law 1840
Landseer was something of a child prodigy whose artistic talents were recognised early on; he studied under several artists, including his father John Landseer, an engraver, and Benjamin Robert Haydon, the well-known and controversial history painter who encouraged the young Landseer to perform dissections in order to fully understand animal musculature and skeletal structure. Landseer’s life was entwined with the Royal Academy. At the age of just 13, in 1815, he exhibited works there. He was elected an Associate at the age of 24, and an Academician five years later in 1831. He was knighted in 1850, and although elected President in 1866 he declined the invitation.
 
Bron: en.wikipedia.org
Landseer
Alexander and Diogenes 1848

Sir Edwin Henry Landseer [ museumsyndicate.com ]

vrijdag 3 december 2010
#FF33CC
schreeuwen om aandacht met #FF33CC

FF33CCIn grafische, dus digitale vormgeving, spreken we niet meer over karmijn, vermiljoen of indigo. Kleuren hebben voortaan een nummer gekregen. Een computerscherm maakt gebruik van RGB-kleuren en deze worden vaak genoteerd in een hexadecimale code. Daarmee kunnen 17,6 miljoen verschillende combinaties (lees: additieve kleurmengingen) worden gemaakt. Dat zijn meer nuances dan het menselijk oog kan onderscheiden. Maar in de praktijk wordt hier maar een fractie van gebruikt. In de grafische vormgeving is de signaalkleur #FF33CC een van de meest gangbare kleuren geworden. Zoals de visboer vanaf zijn marktkraam schreeuwt, zo schreeuwt #FF33CC vanaf het drukwerk. Geen subtiele psychologie maar keiharde fysiologie. #FF33CC sells! #FF33CC rules!

donderdag 2 december 2010
koloniale schilderkunst [ 3 ]
zeventiende en achttiende eeuwse schilderkunst uit Amerika
The Freake Limner
The Freake Limner ca. 1670
Justus Engelhardt Kühn a native of Germany, is first documented as having applied for naturalization at Annapolis in 1708. He became the churchwarden at St. Ann’s at Annapolis in 1717; he died six months later. Scholar J.H. Pleasants wrote that a creditor’s inventory of his estate, which was administered by Charles Carroll I, the “Settler", indicates that Kühn was a lover of books, music and clothes, lived beyond his means and augmented his portrait-painting career by painting coats of arms. Pleasants suggests that the elaborate scenic backgrounds in portraits of children painted by Kühn may have been inspired by Italianate engravings or by memories of the formal gardens of German estates.
 
Bron: marylandartsource.org
Justus Engelhardt Kühn
Justus Engelhardt Kühn ca. 1710
Henry Darnall III en Eleanor Darnall
woensdag 1 december 2010
Rex de blije labrador
gelezen: Rothko uit De Kracht van Kunst van Simon Schama

De kracht van KunstSimon Schama schrijft heerlijke boeken over cultuurgeschiedenis. Overvloed en onbehagen (The Embarrassment of Riches, 1987) en Landschap en herinnering (Landscape and Memory, 1995) hebben we al in huis en afgelopen zaterdag voegde Michaela daar De kracht van kunst (The Power of Art, 2006) aan toe. Vier jaar geleden maakte Schama voor de BBC de televisieserie Simon Schama’s Power of Art waaruit dit boek is voortgekomen. Hij behandelt in deze serie acht kunstenaars: Caravaggio, Bernini, Rembrandt, David, Turner, Van Gogh, Picasso en Rothko waarbij hij telkens probeert het moment te vinden waarop het leven van de kunstenaar in zijn werk terecht komt. Volgens Schama openbaart zich dáár de kracht van kunst. Ik ben via de achterdeur in het boek naar binnengestapt, bij Marc Rothko. Hieronder een proeve van Schama’s rake en vaak humoristische beschrijvingen:

De schilders die de criticus Harold Rosenberg action painters had gedoopt, richtten hun pijlen op de laffe fletsheid van het naoorlogse Amerika, waar het leven volgens hen niet langer echt was, maar virtueel. Wat voor wereld zagen ze om zich heen? De Koude Oorlog en de oorlog in Korea, twee supermachten die elkaar in een dodelijke greep hielden; en in het eigen land paranoia en angst, communisten onder het bed, paddenstoelwolken met één druk op de knop. Dat was alleen te verdragen door struisvogelgedrag te verheffen tot een manier: de ideaalwereld van de suburb, geruite spencers en enkelsokjes; een Buick op de oprit en een vrouwen in de keuken die koekjes bakt en pleisters plakt; kleine Billy op de slagplaat en Susie met sproeten die hem op haar gele puntschoenen staat toe te juichen; vader gaat ’s ochtends naar het werk met een messcherp gestreken vouw in zijn broek en schuift ’s avonds zijn pantoffels aan voor een martini; het hele gezin zo monter als Rex de blije labrador, tong uit de bek en overal voor in, en altijd, altijd op de achtergrond het blauwe flikkerlicht en de ingeblikte lach van de tv. Wat moest je anders, als grootmacht? Het was kiezen tussen zelfmedicatie of zelfmoord.
 
uit: The Power of Art (Rothko) van Simon Schama
1950's ads
de geïdealiseerde suburbia uit de Koude Oorlog (image credits: plan59.com )
het hele gezin zo monter als Rex de blije labrador, tong uit de bek en overal voor in (…) Wat moest je anders, als grootmacht? Het was kiezen tussen zelfmedicatie of zelfmoord

Simon Schama in The Power of Art

the golden age of advertising [ weburbanist.com ] | plan59.com

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie