woensdag 29 februari 2012
Russisch drama [ 4 ]
zondag gezien op Een : Dr. Zhivago (1965) van David Lean

Dr ZhivagoIn 1965 verfilmde de Engelse filmregisseur David Lean de beroemde roman van Boris Pasternak. Al eerder had hij met The Bridge over the River Kwai (1957) en met Lawrence of Arabia (1962) twee grote epische filmdrama’s op zijn naam gezet. Met Dr. Zhivago zou hij zijn genie als filmmaker nogmaals bewijzen. Lean’s epische drama’s passen nog helemaal in de traditie van Gone with the wind en de drama’s van Cecil B. DeMille. Dr. Zhivago was een van de laatste films in deze traditie die door de opkomst van het snelle en gewelddadige ‘nieuwe Hollywood’ ouderwets was geworden.

Films van meer dan drie uur zijn voor ons een te lange zit geworden. Bovendien passen kamerbrede muziek en zware symboliek niet meer echt in deze tijd. Toch worden bovengenoemde films van David Lean nog altijd erkend als tijdloze meesterwerken. Vanaf het begin was dat al zo. The Bridge over the River Kwai kreeg in 1957 de oscar voor de beste film, Lawrence of Arabia volgde vijf jaar later en ook Dr. Zhivago had deze oscar in 1965 eigenlijk verdiend, maar The Sound of Music ging er mee vandoor. Bij elkaar wonnen deze drie films van David Lean in 1957, 1962 en 1965 negentien oscars.

Dr. Zhivago Funeral
begrafenisscene uit Dr. Zhivago
Zij liepen en liepen maar door en zongen Vjetsnaja Pamjat en steeds als zij ophielden leek het, alsof hun benen, de paarden, de windvlagen op hun eigen ritme doorgingen met zingen.

beginzin uit de roman

De zware symboliek die David Lean graag gebruikt, leent zich uitstekend voor Russisch drama. In een van de eerste scenes in Dr. Zhivago wordt de moeder van de kleine Joeri Zhivago begraven. Het is een prachtige visualisering van de eerste zin uit Pasternak’s roman: “Zij liepen en liepen maar door en zongen Vjetsnaja Pamjat (Eeuwige Gedachtenis), en steeds als zij ophielden leek het, alsof hun benen, de paarden, de windvlagen op hun eigen ritme doorgingen met zingen.” De scene begint met een lang panoramashot van een verlaten landschap met op de voorgrond een karakteristiek Russisch-orthodox kruis. Vanuit de verte nadert langzaam een begrafenisstoet. Dan zien we de kleine Joeri en volgen detailopnamen van de stoet. Een begrafenis in de ijzige kou met het langzame en gedragen liturgische gezang heeft in zichzelf een diepe symboliek en David Lean neemt echt de tijd om ons daar naar te laten kijken.

Regisseur Michael Cimino filmde overigens met eenzelfde geduldige camera een Russisch-orthodoxe bruiloft in The Deer Hunter. Je hoort vaak dat die scene veel te lang duurt, maar juist deze trage bruiloftsscene is heel betekenisvol in het drieluik (hemel, hel en louteringsberg) dat het verhaal omlijst.

Russische drama [ 1 ] | Russische drama [ 2 ] | Russische drama [ 3 ]

dinsdag 28 februari 2012
gemeenschapszin met katholiek randje
zondag gezien bij VPRO Boeken: Wim Brands in gesprek met
Peter Raedts over De ontdekking van de Middeleeuwen
en Jos Palm over Moederkerk

de ontdekking van de MiddeleeuwenHet VPRO-programma Boeken op zondagmorgen is het beste programma over boeken sinds jaren. Wim Brands is een fijne interviewer die graag met de schrijvers bij hem aan tafel in het diepe duikt. Zondag was er een boeiende aflevering over twee boeken die verwantschap met elkaar tonen: De ontdekking van de Middeleeuwen van Peter Raedts en Moederkerk van Jos Palm. Het was een Boeken met een katholiek randje en het was prettig dat Wim Brands als intellectueel geen allergie toonde voor het onderwerp. Eerst ging hij in gesprek met Peter Raedts, ooit priester. Waarom was hij ooit priester geworden, wilde Brands weten. De liturgie in het Latijn had en heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op Raedts. Hij noemde het een Gesammtkunstwerk dat alle zintuigen beroert. Na het Tweede Vaticaanse Concilie werd de katholieke kerk veranderd in een speelhoek van een kleuterschool, compleet met gitaren, een drumstel en onbenullige teksten. Het gewijde werd ingeruild voor het gewone en gezellige.

Peter Raedts stapte na een persoonlijke crisis op zijn vijftigste uit het priesterambt. Als hoogleraar Middeleeuwse Geschiedenis schreef hij al een lange reeks publicaties in het Engels, Frans en Nederlands voordat hij begon aan De ontdekking van de Middeleeuwen. In dat boek gaat het vooral over onze beeldvorming over de Middeleeuwen:

Waren de Middeleeuwen een tijd van hechte gemeenschap en ridderlijke trouw of een tijd van barbaars geweld en ruwe onderdrukking? Een tijd om te vergeten of een tijd om naar terug te verlangen? Tolkien’s Lord of the Rings of Verhoeven’s Flesh and Blood? Sinds de Renaissance roept het beeld van de Middeleeuwen sterk wisselende emoties op. Afkeer en idealisering wisselen elkaar af tot op de dag van vandaag. Dit boek brengt die wisselende waardering van de Middeleeuwen in kaart en onderzoekt waarom de Middeleeuwen nooit een vaste plaats gevonden hebben in het collectieve geheugen van Europa.
 
Bron: vanstockum.nl
beeld van de Middeleeuwen
ons beeld van de Middeleeuwen beweegt zich tussen het donkere, rauwe, vieze en stinkende beeld uit Flesh and Blood (1985) en het liefelijke, pastorale beeld van de Hobbitstee uit Lord of the Rings. (2001)
Het beeld groeit dat men in de Middeleeuwen meer verstand had van saamhorigheid en gemeenschap dan in de tegenwoordige tijd.
Het negatieve beeld dat we heden ten dage in Nederland van de middeleeuwen hebben is gecreëerd tijdens de verlichting. De humanisten en calvinisten schiepen een duistere tijd vol afgoderij, ziekte, angst en dood. Liever keken we in Nederland terug naar de glorieuze zestiende en zeventiende eeuw, in plaats van naar die tijd van pest en bederf. Raedts benadrukt dat er tijdens de Romantiek een omslag in het denken over de middeleeuwen plaatsvindt. Mede onder invloed van denkers als Rousseau ontstond het beeld van de ‘nobele wilde’, alsmede de angst voor moderniteit en het verlangen naar een ‘simpeler’ leven. Het beeld groeit dan dat men in de middeleeuwen meer verstand had van saamhorigheid en gemeenschap dan in de tegenwoordige tijd. In Nederland vindt dit idee echter weinig weerklank.
 
Bron: boeken.vpro.nl

Rein Swart over Boeken: Moederkerk van Jos Palm [ reinswart.blogspot.com ]

maandag 27 februari 2012
zeemansgraf
vandaag precies 70 jaar geleden: De Slag in de Javazee
de 900 (!) Nederlandse slachtoffers worden vandaag herdacht
In de zeeslag in de Javazee sneuvelden ruim 1000 man aan geallieerde zijde, waarvan een kleine 900 Nederlanders, terwijl de Japanners ongeveer tien man verloren. De hoge verliezen aan Nederlandse zijde waren vooral te wijten aan de ontploffing van de munitie wanneer hun schepen vergingen. Bovendien waren de bemanningen doodop door de voortdurende wekenlange strijd op zee. De slag vond op 27 februari plaats. Rekent men de verliezen op 1 maart ook bij deze slag, dan is het aantal gesneuvelden ruim 2000.
 
Bron: nl.wikipedia.org
HM De Ruyter
De kruiser Hr.Ms.De Ruyter
met voltallige bemanning

HM De RuyterBevrijdingspostzegels 1944-1946
Tijdens de bezetting werd in Londen een serie Nederlandse postzegels ontworpen door Prof. J.B.Romein die vanaf 1 mei op Nederlandse koopvaardijschepen in omloop werd gebracht. Na de bevrijding van de zuidelijke provincies in oktober en november 1944 werden de zegels ook hier gebruikt. In 1946 werd de serie uitgebreid met een aantal waarden met daarop het portret van koningin Wilhelmina. De kruiser Hr. Ms.De Ruyter werd als eerbetoon aan de omgekomen bemanning afgebeeld op de waarde van 5 cent. De kruiser ligt samen met de schout bij nacht Karel Doorman sinds 27 februari 1942 als zeemansgraf op de bodem van de Javazee.

De Slag in de Javazee [ nl.wikipedia.org ]

zondag 26 februari 2012
Hoe zou ik Hem niet zoeken?
vandaag is het in de Orthodoxe Kerk Vergevingszondag,
de Zondag van de verdrijving van Adam en Eva uit het Paradijs

Adam en EvaIn de Orthodoxe Kerk begint morgen de Grote Vasten. Traditiegetrouw gedenkt de Kerk vandaag, op de laatste zondag van de voorvasten, de verdrijving van Adam en Eva uit het Paradijs. Terwijl buiten de Kerk de mens een wezen is met zelfbeschikking, een ‘open ontwerp’, een ‘onvoltooid dier’, is de mens binnen de Kerk een schepsel naar Gods beeld en gelijkenis geschapen, maar door zijn zonde een gevallen wezen.

Door de erfzonde leeft de mens in ballingschap en moet hij lijden en sterven. Maar door het Offer van Christus en Zijn Opstanding is de terugkeer naar het Paradijs weer mogelijk. Net als Christus worden wij uitgenodigd ons kruis te dragen. Door het lijden geduldig en deemoedig te aanvaarden, kunnen we weer bij God komen. De Kerk viert niet alleen elk jaar Pasen, maar gaat ook elk jaar op weg naar Pasen. Tijdens de Grote Vasten krijgen we binnen de Kerk de gelegenheid om de gevallen staat en de ernst van de zonde onder ogen te zien. Wanhopig hoeven we nooit te worden, omdat met de Opstanding van Christus ook onze eigen opstanding in het vooruitzicht wordt gesteld. De Grote Vasten wordt voorafgegaan door de Zondag van de verdrijving uit het Paradijs. De gevallen staat en ons leven in ballingschap is ons vertrekpunt, eeuwig leven met God onze bestemming.

Mijn ziel verlangt naar de Heer en onder tranen zoek ik Hem.
Hoe zou ik Hem niet zoeken? Toen ik met Hem was,
was mijn ziel blij en rustig
en de vijand had geen toegang tot mij;
maar nu heeft een boze geest macht over mij gekregen
en brengt mijn ziel aan het wankelen en kwelt haar
en daarom verlangt mijn ziel tot stervens toe naar de Heer
en mijn geest hunkert naar God
en niets op aarde kan mij blij stemmen
en mijn ziel kan door niets worden getroost
maar zij wil Hem opnieuw zien
en door Hem verzadigd worden.
 
uit: de klaagzang van Adam
zaterdag 25 februari 2012
Hate is like a loaded gun
gezien op DVD : Crossfire (1947) van Edward Dmytryk

CrossfireNa de klassieker Murder my sweet (1944) maakte Edward Dmytryk een heel ander soort film noir. John Paxton baseerde zijn filmscript ditmaal op het detectiveverhaal The Brick Foxhole van Richard Brooks uit 1945. De hoofdpersoon is geen hardboiled privédetective die tegenover een femme fatale komt te staan, maar een filosofische politiecommissaris a la Maigret, die een moord moet oplossen waarbij verschillende Amerikaanse militairen betrokken zijn. Geen detectiveverhaal in de stijl van Raymond Chandler dus, en inhoudelijk wijkt het nogal af van een typische film noir.

Crossfire is de eerste B-film die voor (vijf!) oscars genomineerd werd en dat is mede te danken aan het controversiële onderwerp. Vlak na de oorlog toen de verbijstering over de holocaust nog totaal was, stelde deze film het anti-semitisme in de Verenigde Staten aan de kaak. In Crossfire wordt een joodse man vermoord omdat hij jood is. Oorspronkelijk was het slachtoffer in de novelle van Richard Brooks een homoseksuele man, maar de filmmaatschappij zag dat niet zitten. Een ander maatschappelijk thema dat aan bod kwam en in 1947 bijzonder actueel was, is het post traumatische stress syndroom onder Amerikaanse militairen die in Europa en in de Pacific gevochten hadden.

The murderer’s hate is like a gun.

Police Captain Finlay

cast Crossfire
de drie Roberts uit Crossfire: Robert Young, Robert Mitchum en Robert Ryan

Crossfire breekt met het strakke Hollywoodschema waarin the good en the bad boys altijd duidelijk van elkaar te onderscheiden zijn. Wanneer een Amerikaanse oorlogsveteraan een joodse zakenman doodt vanuit zijn jodenhaat, wordt het schema doorbroken. Op een gegeven moment wordt de film wat prekerig als commissaris Finlay een monoloog houdt over racisme en haat. Crossfire is geen uitgesproken film noir maar wel blijvend actueel, een tijdloos verhaal dat zich afspeelt onder veteranen vlak na de Tweede Wereldoorlog. Maar het zou evengoed kunnen gaan over de Irak- en Afghanistanveteranen van nu.

Crossfire (1947) is a film noir drama film which deals with the theme of anti-Semitism, as did that year’s Academy Award for Best Picture winner, Gentleman’s Agreement. The film was directed by Edward Dmytryk and the screenplay was written by John Paxton, based on the 1945 novel The Brick Foxhole by screenwriter and director Richard Brooks. The film features Robert Mitchum, Robert Young, Robert Ryan and Gloria Grahame. It received five Academy Award nominations, including Ryan for Best Supporting Actor and Gloria Grahame for Best Supporting Actress. It was the first B movie to receive a best picture nomination.
 
Bron: en.wikipedia.org

Crossfire [ movie2movie.nl ] | Crossfire [ imdb.com ]

vrijdag 24 februari 2012
comic noir [ 8 ]
digitale pentekeningen n.a.v. Crossfire (1947)
comic noir
bewerkt met Photoshop
comic noir
bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | [ 2 ] | [ 3 ] | [ 4 ] | [ 5 ] | [ 6 ] | [ 7 ]

donderdag 23 februari 2012
comic noir [ 7 ]
digitale pentekeningen
comic noir
studieblad bewerkt met Photoshop
comic noir
bewerkt met Photoshop
comic noir
bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | [ 2 ] | [ 3 ] | [ 4 ] | [ 5 ] | [ 6 ]

woensdag 22 februari 2012
comic noir [ 6 ]
digitaal ontwerp
comic noir
digitale pentekening bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | [ 2 ] | [ 3 ] | [ 4 ] | [ 5 ]

dinsdag 21 februari 2012
comic noir [ 5 ]
digitale pentekeningen
comic noir
bewerkt met Photoshop
comic noir
bewerkt met Photoshop
comic noir
bewerkt met Photoshop
comic noir
studieblad bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | comic noir [ 2 ] | comic noir [ 3 ] | comic noir [ 4 ]

maandag 20 februari 2012
comic noir [ 4 ]
digitale ontwerp
comic noir
digitale pentekening bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | comic noir [ 2 ] | comic noir [ 3 ]

zondag 19 februari 2012
comic noir [ 3 ]
digitale pentekeningen gemaakt n.a.v. Murder my sweet (1944)
comic noir
digitale pentekening bewerkt met Photoshop
comic noir
digitale pentekening bewerkt met Photoshop
comic noir
digitale pentekening bewerkt met Photoshop

comic noir [ 1 ] | comic noir [ 2 ]

zaterdag 18 februari 2012
Murder my sweet
gezien op DVD : Murder my sweet (1944)
naar de roman Farewell my Love (1940) van Raymond Chandler

Murder my sweetRaymond Chandler (1888-1959) werkte bij een petroleummaatschappij voordat hij full time detectiveverhalen ging schrijven. In 1933 verscheen zijn eerste korte verhaal in het legendarische pulpmagazine The Black Mask. In 1939 voegde Chandler een paar korte verhalen samen voor The Big Sleep, zijn eerste novel met privé detective Philip Marlowe. Het jaar daarop volgde Farewell my Love. Beide boeken zouden verfilmd worden. In 1944 werd Farewell my Love verfilmd met Dick Powell als Philip Marlowe en kort daarop volgde de verfilming van The Big Sleep. De laatste film zou Humphrey Bogart als de ultieme Marlowe introduceren. In The Maltese Falcon had Bogart al de rol van privé detective Sam Spade gespeeld. De verfilmingen maakten Chandler’s romanfiguur Philip Marlowe in één klap wereldberoemd.

The Big Sleep (1946) is nog altijd bekender dan Murder my Sweet (de verfilming van Farewell my Love ). Toch is Murder my Sweet erg belangrijk geweest voor de ontwikkeling van de film noir. The Maltese Falcon (1941) mag dan algemeen als de eerste echte noir beschouwd worden, pas in Murder my Sweet zijn alle elementen van de film noir bij elkaar gekomen. Vooral de dialogen zijn hier vlijmscherp. Chandler was er een meester in.

He died in 1940
in the middle of a glass of beer.
His wife Jessie finished it for him.

Philip Marlowe

Raymond Chandler zou Dashiel Hammett, de schrijver van het zeer succesvolle The Maltese Falcon al snel evenaren. Niet alleen werden tussen 1944 en 1947 vier romans met Philip Marlowe verfilmd. Naast The Big Sleep en Farewell, My Lovely werden ook The Lady in the Lake en The High Window (onder de naam The Brasher Doubloon) verfilmd. Chandler schreef ook nog samen met Billy Wilder het script van Double Indemnity en solo (maar dronken) het script van The Blue Dahlia.

Murder my sweet
Murder my sweet heette eerst Farewell my Love. Het publiek dacht dat het weer een duffe musical was met Dick Powell en bleef weg. Toen er ‘murder’ in de titel stond, kwam het publiek in grote getale opdagen

Hoewel Humphrey Bogart in The Big Sleep de ultieme Marlowe heeft neergezet, had Dick Powell in Murder my sweet al een heerlijke interpretatie gegeven. Powell was een bekende zanger die met Murder my sweet zijn sprong naar de film wilde maken. Zijn imago moest radicaal veranderen van een brave musicalzanger naar een cynische detective. Terwijl Bogart zijn rol als Marlowe strak, scherp en perfectionistisch vertolkt, brengt Powell er humor in. Soms gaat hij zelfs in de richting van het clowneske. Regisseur Edward Dmytryk stuurt vaak aan op over acting wat de film niet realistischer maakt, maar hij blijft daardoor wel in de sfeer van Chandler’s boek.

Robert Montgomery en George Montgomery speelden in 1947 na Bogart ieder ook een keer Marlowe. De vertolking van George Montgomery in The Brasher Doubloon(1947) ken ik niet, maar The Lady in the Lake van Robert Montgomery wel. In deze film is de subjectieve camera op radicale wijze toegepast. We zien alles consequent vanuit het standpunt van Philip Marlowe. De camera zit als het ware in het hoofd van Marlowe en alleen als hij in de spiegel kijkt, zien we regisseur Robert Montgomery als Marlowe. Destijds werd The Lady in the Lake met zijn grensverleggende camera met veel tromgeroffel aangekondigd maar daarna werd er weinig meer van gehoord. Het bleef bij een eenmalig experiment. In de klassieke noirs zijn er dus eigenlijk drie Marlowe’s : Dick Powell, Humphrey Bogart en George Montgomery. Bogart vind ik de beste, Powell de leukste.

Murder my sweet [ movie2movie.nl ] | Murder my sweet [ imdb.com ]

vrijdag 17 februari 2012
Blauwe dahlia
gezien op DVD: The Blue Dahlia (1946)

Het fameuze duo Boogie-Bacall was in de film noir niet de enige succesvolle combinatie. Vorige week zag ik This gun for hire uit 1941 die de grote doorbraak betekende voor Alan Ladd en Veronica Lake. Daarna speelde het duo Ladd-Lake nog in zes andere film noirs uit de jaren veertig, waaronder The Blue Dahlia uit 1946 naar een scenario van Raymond Chandler. In 1944 had hij samen met Billy Wilder al het scenario voor Double Indemnity geschreven.

In 1946 kreeg The Blue Dahlia veel minder aandacht dan The Big Sleep naar het gelijknamige boek uit 1939, eveneens van Raymond Chandler. Het duo Boogie-Bacall plaatste het duo Ladd-Lake daarmee in zijn schaduw. Tegen het koude vuurwerk van Humphrey Bogart en Lauren Bacall valt natuurlijk weinig in te brengen. Toch spelen Alan Ladd en Veronica Lake samen de beste scenes uit The Blue Dahlia.

Aan producer John Houseman vroeg Raymond Chandler een krat Scotch als honorarium. De deal werd gesloten en hij leverde het scenario dronken af.

Het is eigenlijk vreemd dat Chandler’s scenario voor een oscar werd genomineerd, want The Blue Dahlia is bepaald niet Chandler’s sterkste verhaal. Halverwege het schrijven raakte hij in een kramp. Door zijn alcoholisme was hij geheelonthouder geworden. Maar nu zag hij geen andere mogelijkheid dan zijn writer’s block weer op te heffen met een writer’s bottle. Aan producer John Houseman vroeg hij een krat Scotch als honorarium. De deal werd gesloten en hij leverde het scenario dronken af. Dat is te merken. Naast vlijmscherpe dialogen is Chandler erg goed in complexe verhaallijnen en dubbele bodems. Maar de ongeloofwaardige plot van The Blue Dahlia komt duidelijk uit de fles en niet uit een meesterbrein.

trailer van The Blue Dahlia 1946

Lionel Lindon deed de cinematografie en pakte het sober aan. De karakteristieke sfeer van de noir die in This gun for hire zo aanwezig was, ontbreekt in The Blue Dahlia. In stylistisch opzicht valt er toch genoeg om te genieten. De glamourjurken van de dames (Dowling en Lake) zijn bijvoorbeeld ontworpen door couturier Edith Head.

The Blue Dahlia [ movie2movie.nl ] | stills uit The Blue Dahlia

donderdag 16 februari 2012
schetsboek 2012 [ 5 ]
twee modelstudies vandaag
schetsboek
potlood op papier
woensdag 15 februari 2012
comic noir [ 2 ]
digitale bewerking gemaakt van still uit Crossfire (1947)
Cross Fire
Why don’t you go to the police?

comic noir [ 1 ]

dinsdag 14 februari 2012
Weltgeist zu Pferde
gelezen in Duitse Filosofie 1760-1860 van Terry Pinkard
de systeemfilosofie van Georg Friedrich Wilhelm Hegel

In de geschiedenis van de filosofie is het historische feit al ontelbare malen genoemd. Karl Vorländer is er in zijn Geschichte der Philosophie (1908) kort over. Hij besteedt er slechts één bijzin aan: -in Napoleon hatte er den “Weltgeist zu Pferde” bewundert-. En Joachim Störig schrijft in zijn Kleine Weltgeschichte der Philosophie (1959) : “Hij had Napoleon gezien. “Het is inderdaad een wonderlijke ervaring zulk een individu te zien, dat, hier in één punt geconcentreerd, op een paard zittend, in de wereld ingrijpt en haar beheerst.” Het gaat hier natuurlijk over Georg Friedrich Wilhelm Hegel, de onbetwiste krachtpatser van het Duitse idealisme.

Napoleon trekt over de Alpen
David schilderde Napoleon in 1801 als Wereldgeest te paard. Rond 1850 schilderde Paul Delaroche een minder heldhaftig beeld van Napoleon.

Wereldgeest te paard. Sinds we niet meer kunnen geloven dat God op een ezeltje zijn intocht in Jeruzalem maakte, is er een breuk tussen hemel en aarde, en deze is zo dramatisch dat de hemel nu aan scherven op straat ligt. Het is bijna een nostalgisch plaatje, zo’n wereldgeest te paard. Het hoogste woord dat vlees geworden is, zoals het in die goeie ouwe tijd gewoon nog kon. Hegel’s Weltgeist is in deze tijd eigenlijk niet meer zonder ironie te verstaan. Voor Hegel had zijn “ontmoeting” met Napoleon een religieuze dimensie. In de kleine korporaal op zijn witte paard zag hij werkelijk de Absolute Geest die in en door de wereldgeschiedenis werkzaam is. Hij bewonderde Napoleon ook als zodanig, niet als persoon of om zijn strategische talent, maar omdat volgens hem in Napoleon de Weltgeist zijn uitdrukking had gevonden.

Hegel zou in de jaren twintig van de negentiende eeuw school maken in Berlijn zoals nog nooit een filosoof school had gemaakt, zelfs Kant niet. Hegel’s systeemfilosofie werd de officiële staatsfilosofie van Pruisen. Talloze studenten hebben college van hem gehad. Wanneer je zijn systeem niet volgde, kon je een leerstoel in de filosofie wel vergeten. Dat verklaart ook waarom de eerste druk van Die Welt als Wille und Vorstellung van Arthur Schopenhauer in 1819 op de plank bleef liggen. Er was in Pruisen gewoon geen ruimte voor een andere filosofie dan de filosofie van Hegel. Zeker niet voor de pessimistische filosofie van Schopenhauer. Hegel regeerde vanuit Berlijn als alleenheerser over het Duitse denken. Daarbij speelde de politiek van de Restauratie geen onbelangrijke rol.

Terry PinkardEigenlijk nam de systeemfilosofie van Hegel tijdens de Vormärz dezelfde positie in als het systeem Leibniz-Wolff in de eerste helft van de achttiende eeuw: het rechtvaardigde de staat. Zoals de theodicee van Leibniz ("God heeft de beste wereld van alle mogelijke werelden geschapen.") in Duitsland de verlichte despoten in het zadel hield, zo steunde de centrale gedachte van het systeem van Hegel ("het werkelijke is redelijk en het redelijke is werkelijk.") de Restauratie. De staatsfilosoof zag dat het goed was. Pas na de maartrevolutie van 1848 was het met de hegemonie van Hegel aan de Duitse universiteiten gedaan en begon men open te staan voor de pessimistische filosofie van Schopenhauer. Deze was na dertig jaar wachten op erkenning zo verzuurd geraakt, dat hij niet meer van zijn succes heeft kunnen genieten.

Aanvankelijk had de conservatieve Hegel helemaal opengestaan voor de idealen van de Franse Revolutie. Tijdens zijn studietijd in Tübingen deelde hij met zijn vrienden Hölderlin en Schelling de passie voor de oude Grieken en het enthousiasme voor de revolutie. Schelling was een geniale leerling. In 1798 werd hij op 23-jarige leeftijd al hoogleraar in Jena, terwijl de vijf jaar oudere Hegel als privéleraar moest zien rond te komen. Maar de vriendschap bleef bestaan en een paar jaar later kwam ook Hegel naar Jena. Daar werkte hij verder aan een eigen denksysteem. Hegel was een erg diepgravende denker en net als Kant had hij veel tijd nodig om zijn klus te klaren. Maar toen het er eenmaal was, bleek zijn systeem consistenter dan dat van Schelling. Naar eigen zeggen voltooide Hegel zijn magnum opus Phänomenologie des Geistes op 14 oktober 1806, in de nacht vóór de Slag bij Jena. Het leidde tot een breuk met Schelling. Hegel vond dat deze het absolute zag als “die Nacht, worin, wie man zu sagen pflegt, alle Kühe schwarz sind”. In hun studententijd in Tübingen hadden ze nog een vrijheidsboom geplant en hoopten ze op een nieuw tijdperk. In 1806 was voor Hegel niet alleen het einde van de geschiedenis bereikt maar ook het einde van zijn vriendschap met Schelling.

Dichter und Denker
twee eigen interpretaties van de bekende portretten van Hegel en Schelling

Hegel had in de jaren negentig van de achttiende eeuw een aantal theologische verhandelingen geschreven over het Christendom, in het bijzonder over de liefde van Christus. Aanvankelijk zag hij in de liefde van Christus de kracht die alle tegenstellingen verzoent. Maar in Der Geist des Christentums und sein Schiksal (1799/1800) komt hij tot de conclusie dat deze “idee” te eenvoudig en te beperkt is. De liefde heft volgens Hegel de objectiviteit op, omdat er in de liefde geen scheiding meer bestaat. Objectiviteit kan echter alleen bestaan bij gratie van de subjectiviteit. Voor Hegel is objectiviteit noodzakelijk voor zijn systeem. Het lot van het Christendom is om te worden opgeheven. Tot die conclusie komt hij in 1799. Hegel gebruikt hier het Duitse woord ‘aufheben’ in drie betekenissen: beendigung, aufbewahrung, erhöhung. Deze “aufhebung” moet komen van een Aufheber die Hegel zelf meent te zijn. We wisten al dat filosofen die denksystemen bouwen geen bescheiden types zijn.

De Absolute Geest die Hegel in 1806 in Phänomenologie des Geistes presenteert, is niet de Heilige Geest uit het Christendom. Het is een uiterst abstract begrip en het doet op het eerste gezicht vermoeden dat Hegel een monist is, een erfgenaam van Plotinos. Maar Hegel is juist een erfgenaam van Heraklitos. In zijn Logik (1817) schrijft hij dat er geen woord van Heraklitos is dat hij niet in zijn logica heeft opgenomen. In de negentiende eeuw komt er een heuse Heraklitos-revival op gang. Soms spreekt men zelfs van “neoheraklitisme” en je zou zelfs een lijn kunnen trekken van Hegel, via Nietzsche naar Heidegger. Zoals er voor Heraklitos alleen nog “een worden” bestaat, zo is er voor Hegel een dialectische ontwikkeling waarin de tegenstellingen zich uiteindelijk opheffen.

Het grote gebeuren van de werkelijkheid zélf, het wereldgebeuren waaronder Hegel de wereldgeschiedenis verstaat, wordt volgens hem aangedreven door strijd tussen de tegenstellingen. Daarin zijn de twee uitspraken van Heraklitos terug te vinden: “De tegengestelden hebben elkaar nodig zoals de boog en de pees” en “Oorlog is de vader van alle dingen". De tegenstelling tussen de subjectieve geest (het individu) en de objectieve geest (de wet) lost zich volgens Hegel op in de Absolute Geest. Hegel heeft het Christendom opgeheven en schept nu zelf een nieuwe drie-eenheid: subjectieve geest, objectieve geest en Absolute Geest. In de Absolute Geest plaatst hij vervolgens een hiërarchie die uit drie sferen bestaat: de kunst, de religie en de filosofie. De filosofie overtreft bij Hegel de kunst en de religie. En onder de filosofie verstaat hij natuurlijk zijn eigen filosofie. Denken en zelfgenoegzaamheid gaan soms uitstekend samen en als de staat daar nog bij komt, heb je totalitarisme.

Geen Duits idealisme zonder ethiek [ athenaeum.nl ]

maandag 13 februari 2012
nog één keer die hele negentiende eeuw
zondag gezien op NTR Podium: Extase van Carine Bijlsma
over de uitvoering van de Gurrelieder (1903) van Arnold Schönberg

Arnold Schönberg“Dit stuk, dat pakt nog één keer die hele negentiende eeuw samen op een schaal zoals niemand dat ooit gedaan heeft. Een autodidact, die niet eens op het conservatorium gezeten heeft. Hou oud was hij, 26, 27? toen hij dit stuk maakte? Dat is ongeloofelijk geniaal.” aldus dirigent Reinbert de Leeuw over de Gurrelieder (1903) van Arnold Schönberg.

Documentairemaakster Carine Bijlsma volgt in Extase de dirigent tijdens de voorbereiding van zijn droom: de uitvoering van de Gurrelieder met de grootste orkestrale bezetting aller tijden: 356 personen! Alleen het orkest bestaat al uit 84 strijkinstrumenten. Daarbij komen nog een aantal koren van in totaal 200 personen. Een ambitieus project én een mammoetonderneming.

fragment uit Extase

De documentaire is vooral een eerbetoon aan Reinbert de Leeuw en een portret van een man die bezeten is van muziek en reflecteert over zijn werk: “Fantastisch om dat mee te mogen maken… Dat het in jouw handen zit… Zo’n stuk, daarvan ben jij natuurlijk het centrum… Het heeft ook met macht te maken… Het is verslavend natuurlijk… Jij bepaalt wat er gebeurt.”

Van de uiteindelijke uitvoering wordt alleen het slotakkoord getoond met een close up van het gezicht van de dirigent tegen een donkere achtergrond. Ik moest denken aan de woorden van Skrjabin: “Ik wil mijn publiek laten stikken in extase”. Je ziet het gezicht van De Leeuw aanzwellen bij de laatste maten, de ogen beginnen uit te puilen, de adem stokt … en dan is het voorbij. “Als je zo intens met muziek bezig bent… en als het dan afgelopen is. Dat is on-ver-dra-ge-lijk. Vreselijk! Dat is in het zwarte gat vallen. Dat is het echt.”

Extase is niet alleen een prachtig portret van Reinbert de Leeuw maar laat ook iets horen van die opgezwollen late negentiende eeuw. Met de Gurrelieder (1903) was Schönberg nog niet de atonale weg ingeslagen en zat hij net als Mahler en Skrjabin op het staartje van de Romantiek. Een laatste maal nog zwelt de geest van Wagner aan tot een extatische hoogtepunt om daarna uiteen te spatten in de koele klaarheid van de atonaliteit en het modernisme.

ntrpodium.ntr.nl

zondag 12 februari 2012
Rubens & Akkerman
gezien in Avro’s Kunstuur: Philip Akkerman over Rubens
Vlaamse schilders in Hermitage Amsterdam verlengd tot 15 juni 2012

Onder de hedendaagse Nederlandse schilders is Philip Akkerman een van mijn geestverwanten. Net als hij begon ik ongeveer in dezelfde tijd (1981/82) zelfportretten te schilderen in olieverf. Technische ondergrond had ik niet. Ook letterlijk niet, want ik schilderde zonder “grond” op hard board. Toen ik in 1983 naar de kunstacademie ging, hoopte ik daar technische ondergrond te krijgen zodat ik het wiel niet zelf opnieuw hoefde uit te vinden. Olieverf vond men vanwege de lange droogtijd op de academie onpraktisch en werd er voornamelijk met acrylverf geschilderd. En altijd a la prima, hup direct alles in één keer. Net als Philip worstelde ik met het materiaal en had ik een groeiende behoefte aan technische kennis om de weerbarstige olieverf naar mijn hand te kunnen zetten. Behalve een kopie van een hoofdstuk uit het schildershandboek van Max Doerner werd ons op de academie over techniek nauwelijks iets aangereikt. Het bleef bij losse eindjes. Er waren ook geen docenten meer die ambachtelijke kennis in huis hadden. “Concept” en “visie” waren de toverwoorden en woorden als “ambacht” en “techniek” stonden onder verdenking. In het begin van de jaren tachtig werden ze graag in verband gebracht met “inhoudsloos” of “gebrek aan visie". Dat je je niet alleen achter technische vaardigheid kunt verschuilen, maar ook achter diepzinnige concepten, was toen nog niet echt doorgedrongen.

Philip AkklermanPhilip Akkerman besloot in de jaren tachtig en negentig wat aan zijn gebrek aan technische ondergrond te doen en ging zich verdiepen in de techniek van de oude meesters die schilderden volgens plan: eerst de tekening, dan de toonschildering en vervolgens de kleur. Dat is volgens Akkerman winst, want je kunt je drie maal honderd procent geven, terwijl je je in de a la prima altijd maar één maal honderd procent kunt geven. Daar is wat voor te zeggen: de techniek van de oude meesters geeft je meer controle. Het is een beetje te vergelijken met beeldbewerking in Photoshop. Door met lagen te werken, heb je meer overzicht en controle op het totaal. Maar nog belangrijker: door glacerende verflagen wordt de schildering ruimtelijker omdat de lichtbreking niet op maar in de verflaag plaatsvindt.

De zelfportretten van Philip Akkerman vormen een soort logboek van zijn reis door de techniek van de oude meesters.

Anthonie van DyckDe zelfportretten van Philip Akkerman vormen een soort logboek van zijn reis door de techniek van de oude meesters. Begin jaren tachtig is alles nog a la prima. Vergeleken bij zijn latere werk, zien zijn eerste zelfportretten er modderig en dof uit. Wanneer hij eenmaal het wonder van de opbouw in lagen heeft ontdekt, worden zijn portretten doorschijnend en ruimtelijk. Je ziet bij hem duidelijk het plezier en de verwondering over de optische werking van de schildertechniek. Een van zijn grote voorbeelden is Rubens, de Vlaamse meester uit de zeventiende eeuw die onovertroffen is in zijn techniek, vooral als het over vleestinten gaat. Rubens’ techniek is zo los, vrij en open, dat je in het resultaat de verschillende lagen nog kunt herkennen. In de reportage in Kunstuur reisde Philip naar het Rubenshuis in Antwerpen en wees ons op een portret van de jonge Antoon van Dyck, geschilderd door zijn leermeester in 1616.

Van de vele leerlingen en assistenten die bij Rubens werkten, noemde hij Antoon van Dyck (1599-1641) zijn meest getalenteerde. Naar alle waarschijnlijkheid maakte Rubens dit intrigerende portret rond 1616, kort nadat Van Dyck in zijn atelier was komen werken. Het portret vormt het tastbaarste resultaat van Rubens’ bewondering voor zijn jongere collega. Door een aantal subtiele kunstgrepen, zoals de gedraaide houding en het zorgvuldige spel met licht en schaduw, is Rubens erin geslaagd het effect van een snapshot te bereiken. Van Dyck lijkt het penseel even te hebben neergelegd en kijkt over zijn schouder zelfbewust en ietwat arrogant in de ogen van de toeschouwer. Toen dit portret werd geschilderd, stond hij aan het begin van een glanzende internationale carrière. In Antwerpen, Genua en Londen oogstte Van Dyck vooral als portretschilder grote bijval. Uiteindelijk bracht hij het tot hofschilder van de Engelse koning.
 
Bron: rubenshuis.be

Akkerman in Kunstuur [ cultuurgids.avro.nl ] | philipakkerman.com
Vlaamse schilders in Hermitage Amsterdam [ hermitage.nl ]

zaterdag 11 februari 2012
comic noir [ 1 ]
digitale pentekeningen gemaakt n.a.v. This gun for hire (1941)

Twee weken geleden kocht ik een DVD-box met daarin negen films noir uit de jaren veertig. De film noir uit de klassieke periode (1941-1958) heeft een geweldige stijl en sfeer. De mannen dragen meestal een hoed, een trenchcoat en grossieren in cynische one liners. De vrouwen zijn bijna zonder uitzondering seksuele roofdieren. Hun biotoop bestaat uit rokerige kamers waardoor het licht door de jaloezieën in strepen naar binnen valt of donkere, glimmende straten in de regen. Harde licht-donkercontrasten, diagonalen, silhouetten en veel schaduwen bepalen steeds het beeld. Eigenlijk is de film noir een verzameling cliché’s. Maar met een goed scenario gaan deze zelden vervelen.

schetsboek
van film noir naar comic

In de oorlog verschenen de eerste Amerikaanse noirs waarvan The Maltese Falcon en Double Indemnity misschien wel de beroemdste zijn. Toen de oorlog voorbij was, ging het hard met de film noir met als topjaar 1948. In dat jaar werd in de Verenigde Staten iedere week een nieuwe noir afgeleverd. Veel klassieke Hollywoodsterren hebben in die periode hun doorbraak gemaakt in een film noir: Humphrey Bogart, Lauren Bacall, Kirk Douglas, Burt Lancaster, Ava Gardner, Alan Ladd, Veroncia Lake, Robert Mitchum, Jane Greer, Rita Hayworth, Lana Turner en Gene Tierney.

schetsboek
van film noir naar comic

Na 1955 werd het langzaam wat minder. Het publiek raakte verzadigd en bovendien was Technicolor in opmars en deze leende zich veel minder voor het genre dan beelden in zwart-wit. Toch kon je in kleur ook een film noir maken zoals Hitchcock liet zien met Vertigo, al is deze noir eigenlijk een kruising tussen een klassieke tragedie en mysterie.

Film noir en het detectiveverhaal hebben elkaar wederzijds beïnvloed. Het begon in de Verenigde Staten met het detectiveverhaal, waarvan Raymond Chandler (1888-1959) en Dashiel Hammett (1894-1961) de meesters waren. Hun verhalen die in magazines als Black Mask verschenen, werden al sinds de jaren twintig geïllustreerd door tekenaars. De cover was het belangrijkst en moest in de kiosk verleiden.

schetsboek
van film noir naar comic

Maar het detectiveverhaal vond ook zijn weg naar het beeldverhaal. Twee tekenaars die in de jaren veertig de film noir oppakten in het beeldverhaal waren Alex Raymond (1909-1956) en Will Eisner (1917-2005). Raymond stierf al op 46-jarige leeftijd en Eisner overleefde hem bijna een halve eeuw. Hun helden, de privé detectives Rip Kirby (1946-1956) en The Spirit (1940-1952) beleefden hun avonturen in de periode van de klassieke film noir. De beelden waren nog contrastrijker dan in de cinematografische vorm, zwarte inkt op wit papier, soms met een puntraster voor de grijswaarden.

schetsboek
met Photoshop paste ik wat trucs toe om mijn digitale pentekeningen ‘vintage’ te maken, alsof ze uit de krant van 1947 zijn geknipt.

De quotes in de balloons komen uit This gun for hire.

vrijdag 10 februari 2012
wespennest
gezien op DVD: Out of the past (1947) van Don Siegel

Out of the PastKathie Moffat, gespeeld door Jane Greer is zeker een van de aantrekkelijkste femme fatales uit de film noir. In Out of the past staat ze tegenover privé detective Jeff Bailey, gespeeld door de nonchalante Robert Mitchum die met deze rol een superster werd.

Bailey’s opdrachtgever, de gangster Whit Sterling, wordt gespeeld door de nu 95-jarige Kirk Douglas. Na The Strange Love of Martha Ivers was dit zijn tweede grote rol.

De voormalige privédetective Jeff Bailey werkt tegenwoordig als garagehouder in een provinciedorp. Hij denkt dat hij zijn verleden achter zich heeft gelaten, maar zijn voormalige opdrachtgever Whit Sterling vindt hem terug. Sterling wil een beroep doen op Bailey om zijn vriendin Kathie Moffat terug te vinden, die er met 40.000 dollar vandoor is. Jeff gaat uiteindelijk akkoord, maar al snel blijkt dat hij in een wespennest terecht is gekomen.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Jane Greer en Robert Mitchum in Out of the past
Jane Greer en Robert Mitchum
Jeff: I didn’t know you were so small. Kathie: I’m taller than Napoleon Jeff: You’re prettier too.

dialoog tussen Mitchum en Greer

king op movie2movie.nl | Out of the past [ .imdb.com ] | filmsite.org

donderdag 9 februari 2012
schetsboek 2012 [ 4 ]
twee schetsen vandaag
schetsboek
potlood op papier
woensdag 8 februari 2012
open, helder & eenvoudig [ 3 ]
de vectorillustraties van Dyna Moe voor Mad Men Illustrated

Veel illustrators laten zich op dit moment inspireren door de vormgeving uit de jaren vijftig, zestig en zeventig waarbij de nadruk ligt op abstrahering, heldere vlakverdeling en klare lijnvoering. Digitale vectortekenprogramma’s zoals Adobe Illustrator en Corel Draw komen daar uitstekend in tegemoet. Ze staan garant voor genadeloos strakke lijnen en een clean beeld. Dyna Moe tekent alweer een paar jaar als ‘huisillustrator’ de personages uit de serie Mad Men waarin life style een belangrijke plaats inneemt. Haar stijl is geïnspireerd door de geabstraheerde cartoon modern die rond 1960 in de mode was.

Dyna Moe
Mad Men Illustrated op Flickr

Dyna Moe’s Mad Men Illustrated [ facebook.com ]

dinsdag 7 februari 2012
de moordenaar & het meisje
gezien op DVD: This gun for hire (1942)

This gun for hireDe rol van de kille huurmoordenaar Raven in This gun for hire betekende de doorbraak van Alan Ladd. Het was ook zijn eerste film samen met Veronica Lake, destijds twintig jaar oud. Ze vormden een mooi koppel en op het witte doek zag je nauwelijks dat beiden nog geen 1 meter 60 lang waren. Veronica Lake was eigenlijk een fotomodel voor pin ups in de magazines voordat ze met acteren begon.

Persoonlijk vind ik deze film interessanter vanwege twee andere namen: Graham Greene en John Seitz. This gun for hire was het eerste verhaal van Graham Greene dat verfilmd werd. Na deze Greene-verfilming volgden er nog veel meer, waaronder de bekende Engelse noirs Brighton Rock (1947, afgelopen zondag nog te zien op de BBC in de remake uit 2010) en natuurlijk The Third Man (1949). De andere naam die de film draagt, is die van John Seitz.

Alan Ladd als Raven
Alan Ladd op een promofoto als de genadeloze huurmoordenaar Raven
in This gun for hire (1942)

John Seitz werd zesmaal genomineerd voor de oscar voor de beste cinematografie. Billy Wilder zag zijn kwaliteiten en vroeg hem voor Double Indemnity (1944). Daarna maakte hij nog twee klassiekers met John Seitz: The Lost Weekend (1945) en Sunset Boulevard (1950). In This gun for hire zien we de mooie fotografie en subtiele belichtingen met soms scherpe contrasten, die kenmerkend zijn voor de sfeer in de noir.

This gun for hire
mooie sfeeropname van John Seitz van spoorwegemplacement in This gun for hire

filmbespreking op movie2movie.nl

maandag 6 februari 2012
Bette Davis Eyes
gisteren gezien op Een: The Letter (1940) van William Wyler
The Letter 1940
Leslie Crosbie (Bette Davis) leidt een weelderig leven als de echtgenote van een eigenaar van een rubberplantage. Op een avond, als haar man op inspectie is, schiet ze haar minnaar Geoffrey dood. Zij beweert uit zelfverdediging te hebben gehandeld omdat een insluiper haar in de donkerte aanviel, maar haar advocaat Howard Joyce gelooft haar niet. Zijn wantrouwen wordt bevestigd als hem ter ore komt dat de weduwe van Geoffrey een brief bezit, waarin Leslie Geoffrey smeekt die bewuste avond bij haar langs te komen. Hiermee lijkt Leslie’s lot bezegeld, maar dan gooit ze haar charme in de strijd.
 
Bron: moviemeter.nl
The Letter trailer

The Letter [ imdb.com ] | The Letter [ Classic Movie Ramblings ]

zondag 5 februari 2012
open, helder & eenvoudig [ 2 ]
illustrator Dave Perillo uit Philadelphia

De honderdduizenden beelden die dagelijkse ons netvlies bombarderen voeden eerder ons verlangen naar minder dan naar meer. Omdat de beeldcultuur steeds complexer is geworden, is er een hunkering naar rust en eenvoud ontstaan. Grafische ontwerpers en illustratoren laten zich daarom vaak inspireren door de vormgeving uit de jaren vijftig, zestig en zeventig waarbij de nadruk ligt op abstrahering, heldere vlakverdeling en klare lijnvoering. Digitale vectortekenprogramma’s zoals Adobe Illustrator en Corel Draw komen daar uitstekend in tegemoet. Ze staan garant voor genadeloos strakke lijnen en een clean beeld. De look and feel van web 2.0 wordt alweer jaren bepaald door een open en heldere vectorstijl die graag terugkijkt op de periode 1950-1975.

Dave Perillo
Dave Perillo Go Team Venture
te bestellen voor $50 op deviantart.com
Dave draws inspiration for his work from many of the following sources: 1950’s Sci-Fi Movies, Charles Schultz, Jim Flora, Ray Harryhausen, Roy Lichtenstein, Jim Henson, Hanna Barbera, The Twilight Zone, Alfred Hitchcock & Character Advertising Icons. Dave currently resides in the burbs of Philly, works as an illustrator (…)
 
Bron: montygog.blogspot.com

montygog.blogspot.com

zaterdag 4 februari 2012
de terugkeer van het Duitse Rijk
van Kees gekregen: Van Bismarck tot Hitler (1987)
Het Duitse Rijk 1871-1945 door Sebastian Haffner

Von Bismarck zu HitlerDe Duitse journalist en historicus Sebastian Haffner is samen met zijn Berlijnse stadsgenoot Joachim Fest en de Britse historici Alan Bullock en Ian Kershaw een van de gezaghebbende Hitler-biografen. Net als Joachim Fest (1926-2006) was Sebastian Haffner (1907-1999) een ooggetuige van de ondergang van het Derde Rijk. Een van zijn laatste boeken was Von Bismarck zu Hitler: Ein Rückblick dat in 1987 verscheen. Haffner was niet meer in staat het zelf te schrijven en dicteerde het aan zijn vriend Arnulf Baring en assistent Volker Zastrow in elf lange sessies.

Vijfentwintig jaar later is de Duitse geschiedenis ingrijpend veranderd. Haffner sprak in de inleiding bij zijn terugblik in 1987 over de ondergang van het Duitse Rijk en de twee nieuwe Duitse staten die door de Sovjet Unie en westerse geallieerden in 1949 op de kaart waren gezet. Dat deze nauwelijks vier decennia later zouden worden herenigd in het “Bismarckse” Duitsland van na 1990 had Haffner bij het dicteren van zijn terugblik in 1987 niet voorzien.

Een einde van deze twee nu al bijna vier decennia oude Duitse staten (BRD en DDR) is in ieder geval niet te voorzien.
En juist dit stelt ons in staat om, wat vroeger niet mogelijk was,
het tijdperk van het Duitse Rijk
als door een telescoop te bekijken.

Sebastian Haffner in 1987

Want dat is het lugubere van deze geschiedenis: dat het Duitse Rijk bijna vanaf het begin aan zijn eigen vernietiging lijkt te hebben gewerkt. Met zijn steeds grotere en minder voorspelbare machtsontplooiing schiep het zich de wereld van vijanden aan wie het ten onder is gegaan - en tussen wie het tenslotte gedeeld werd. Met de deling echter hielden deze vijanden als bij toverslag op vijanden te zijn. Van de beide Duitse staten, die sinds 1949 de plaats van het Bismarckse Rijke innemen, had van het begin af aan de Bondsrepubliek in het westen, de DDR in het oosten geen vijand meer. En heden ten dage leven wij in een tijdperk, waarin geleidelijk ook het oosten bij het voortbestaan van de Bondsrepubliek, het westen bij dat van de DDR belang lijkt te hebben. Een einde van deze twee nu al bijna vier decennia oude Duitse staten is in ieder geval niet te voorzien. En juist dit stelt ons in staat om, wat vroeger niet mogelijk was, het tijdperk van het Duitse Rijk als door een telescoop te bekijken.
 
Sebastian Haffner in Von Bismarck zu Hitler. Ein Rückblick (1987)

Haffner stierf in 1999 op 91-jarige leeftijd en had het tijdens zijn leven allemaal meegemaakt: het Duitse Keizerrijk, de Weimar Republiek, het Derde Rijk, de BRD/DDR én het herenigde Duitsland na 1990. Wanneer er in 2012 een terugblik op het Duitse Rijk 1871-1945 geschreven zou worden, zou het herenigde Duitsland dat een nieuw perspectief plaatsen. Een vooruitblik op het Euro Reich van Merkel is nu al geen wilde speculatie meer.

EMU Reich
Euro Reich (2011- ?)
Duitsland is sinds vorig jaar weer terug als dé Europese grootmacht sinds de balans in de as Parijs-Berlijn is doorgeslagen
In der vergangenen Woche hat Deutschland den Zweiten Weltkrieg gewonnen. Ups. Habe ich da was ausgeplaudert?

Georg Diez in Der Spiegel,
11 november 2011

Op 11 november 2011 schreef Georg Diez in Der Spiegel: “In der vergangenen Woche hat Deutschland den Zweiten Weltkrieg gewonnen. Ups. Habe ich da was ausgeplaudert?” Duitsland is sinds vorig jaar weer helemaal terug in het centrum van de Europese macht. Toen Frankrijk zich in 1990 economisch bedreigd voelde door zijn herenigde erfvijand, moest de D-Mark verdwijnen en kwam de Euro ervoor in de plaats. Maar de Euro zou tien jaar na zijn invoering juist de kracht van de Duitse economie op het continent bevestigen en dat hadden de Fransen niet voorzien. De as Parijs-Berlijn heeft de erfvijanden vreedzaam samengebracht, maar nu het zwaartepunt in Berlijn is komen te liggen, is Duitsland weer als grootmacht teruggekeerd in de geschiedenis. De “telescoop” van Haffner uit 1987 kan worden ingeruild voor een “vergrootglas".

Der deutsche Nationalismus, der vor und in den Befreiungskriegen gegen Napoleon entstand, krankte schon zu Beginn an einer “ungeheuren Selbstüberhebung und Selbstanbetung” und zugleich an dem furchtbaren Hass gegen die Franzosen, der zum Beispiel in einem Kleist-Zitat zum Ausdruck kommt: “Schlagt sie tot! Das Weltgericht fragt euch nach den Gründen nicht.” Einerseits wollte man die verhasste Franzosenherrschaft abschütteln, andererseits wirkte Napoleons Stärke auch als Vorbild.
 
Bron: dieterwunderlich.de

Von Bismarck zu Hitler. Ein Rückblick [ dieterwunderlich.de ]

vrijdag 3 februari 2012
zonder titel
zonder titel
Allard Budding
zonder titel
donderdag 2 februari 2012
open, helder & eenvoudig [ 1 ]
vector art, web 2.0 en retro

Vanaf het begin van de jaren vijftig tot halverwege de jaren zeventig zag je in veel grafische vormgeving een voorkeur voor abstrahering. Veel grafische ontwerpers kozen graag voor een heldere vlakverdeling, elementaire vormen en een beperkt aantal duidelijke kleuren. In een wereld die door de massamedia steeds complexer werd, was er een hunkering naar eenvoud. Nu laten grafische vormgevers zich vaak weer inspireren door de vormgeving uit die tijd en retro is enorm populair. Iedereen die op internet komt is er inmiddels vertrouwd mee en grafische ontwerpers en webdesigners weten het al jaren: de heldere en open vectorstijl bepaalt het gezicht van web 2.0.

grainedit.com
Het lettertype van Grain Edit is Farao Bold

Sommige vormgevers en illustratoren hebben op het web verzamelingen aangelegd met illustraties en grafische vormgeving uit de jaren vijftig, zestig en zeventig die met hun vakgenoten wereldwijd gedeeld worden. Ook bestaan er ontelbare inspiration blogs en community sites over midcentury modern en cartoon modern, om maar eens twee stijlen uit die tijd te noemen. Een oprechte liefdesverklaring aan die specifieke retro-vormgeving is de site Grain Edit.

woensdag 1 februari 2012
Manhattan Bridge
gezien op televisie : Once upon a time in America (1984)
100 jaar Manhattan Bridge (1912-2012)

Once upon a time in AmericaKort nadat ik naar Double Indemnity (1944) van Billy Wilder gekeken had, zag ik Once upon a time in America (1984) van Sergio Leone. Tussen beide films en ook tussen beide regisseurs ligt een wereld van verschil. In de eerste plaats is er het verschil tussen het oude Hollywood en het nieuwe Hollywood met zijn expliciete geweld na 1968. Billy Wilder en Alfred Hitchcock waren als regisseur geniaal maar de overgang naar het nieuwe Hollywood was voor hen te groot. Na 1968 was hun tijd voorgoed voorbij. In de tweede plaats is Double Indemnity een film met extreem veel dialogen en Once upon a time in America een film met weinig dialogen. En ten derde is er het verschil tussen de traditie van het Duits expressionisme van de film noir en het Italiaanse nieuwe realisme van de spaghettiwestern. Want in Once Upon a Time in America zijn alle elementen uit de Italiaanse spaghettiwestern aanwezig. Sergio Leone is na Once Upon a Time in the West (1968) veertig jaar in de tijd opgeschoven en heeft zijn decor verplaatst van The Wild West naar Brooklyn. De ingrediënten van zijn meesterwerk uit 1968 worden weer gebruikt: rauwe types, extreme close ups, opvallende camerahoeken, crane shots van massascenes en epische muziek voor de sfeer.

Manhattan BridgeHet is bekend dat Sergio Leone achteraf veel spijt had dat hij het aanbod had afgeslagen om The Godfather te verfilmen. Net als zijn landgenoten Francis Ford Coppola (The Godfather) en Martin Scorcese (Goodfellas, Casino) maakte hij een bikkelharde misdaadfilm. Voor Once upon a time in America werd gekozen voor het Brooklyn van de jaren twintig tot 1933. De hoofdfiguur (een rol van Robert de Niro) kijkt in de jaren zestig terug op zijn jeugd als straatboefje en later als gangster in Brooklyn. De film is ook een soort ode aan Manhattan Bridge. Deze brug werd aan het begin van de vorige eeuw gebouwd, niet ver van Brooklyn Bridge. Het is een imposante stalen constructie met masten van meer dan honderd meter hoog. Op oudjaarsdag 1909 werd de brug al geopend maar in 1912 zou hij pas helemaal voltooid zijn. De episode met de straatboefjes aan de voet van de brug speelt zich ongeveer tien jaar later af.

Manhattan Bridge
een van de belangrijkste scenes in Once upon a time in America speelt zich af Down Under the Manhattan Bridge Overpass, ‘in Dumbo’, zoals ze in Brooklyn zeggen.

De iconische Manhattan Bridge is het decor in een van de belangrijkste scenes uit de film. In 1983 was aan de voet van de brug in Washington Street een filmset gebouwd. In 2000 heb heb ik samen met een bevriende fotograaf op een zonnige en rustige zondagmorgen in mei rondgelopen in het gebied onder deze brug dat in Brooklyn DUMBO (Down Under the Manhattan Bridge Overpass) wordt genoemd. Maar twaalf jaar geleden kende ik de film nog niet. Daarom ben ik met Google Streetview nog eens virtueel naar deze locatie teruggekeerd. Het is een prachtige Amerikaanse plek met een hoog Hopper-gehalte. Vanuit Washington Street heb je het mooiste gezicht op de reusachtige brug.

Manhattan Bridge
Adams Street op Google Streetview. Het gebouw links op de voorgrond is na de film gebouwd en ontneemt het zicht op de brug. Maar een van de masten van de Manhattan Bridge is op de achtergrond nog net zichtbaar.

Once upon a time in America [imdb.com ]

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie