Categorie archief: 20e eeuw

Spengler’s onheilsprofetie

gisteren gekocht: De ondergang van het avondland (1918-1922)

Samen met Johan Huizinga en Jose Ortega y Gasset wordt Oswald Spengler gezien als een van de grondleggers van het cultuurpessimisme. Hun namen zijn vastgeklonken aan het interbellum (1919-1939). Deze interval tussen de twee wereldoorlogen was een periode van gespannen vrede tijdens de Urkatastrophe des 20. Jahrhunderts (1914-1945). Der Untergang des Abendlandes is ongetwijfeld het eerste boek waar we aan denken wanneer we over cultuurpessimisme komen te spreken. Oswald Spengler schreef het eerste deel vlak voor de Eerste Wereldoorlog, maar kon het pas in december 1918 laten verschijnen. Het tweede deel verscheen vier jaar later, toen Duitsland volledig onderuit lag. Uitgeverij Boom gaf vorig jaar een fraai uitgevoerde jubileumeditie uit in twee banden. Deze uitgave wordt begeleid door een website.

De ondergang van het avondland
De Nederlandse vertaling in een jubileumuitgave in een fraaie art deco vormgeving.

oikofobieDe zelfhaat van het avondland
Soms lijkt het dat rechts een monopolie op cultuurpessimisme heeft. Hedendaagse cultuurpessimisten als Theodore Dalrymple en Roger Scruton schrijven vanuit een conservatief en rechts georiënteerd standpunt vanwaaruit ze het al te rooskleurige maakbaarheidsideaal van de links-progressieve politiek bekritiseren. Zo wordt het begrip oikofobie (gemunt door Roger Scruton) uitgewerkt door Thierry Baudet in zijn boek Oikofobie. De angst voor het eigene. De huidige polarisatie wordt gemarkeerd door sleutelwoorden. Progressief-links verwijt zijn tegenstanders xenofobie terwijl vanuit de conservatieve hoek progressief-links oikofobie verweten wordt. Joseph Ratzinger (later paus Benedictus XVI) is er nog explicieter in en sprak over de zelfhaat van het avondland.

De meest gehoorde kritiek op cultuurpessimisten is dat het zwartkijkers zouden zijn die te weinig oog hebben voor positieve ontwikkelingen en vooral voor het positieve in de mens. Zo reageerde Beatrice de Graaf onlangs op het boek De meeste mensen deugen van Rutger Bregmans: ‘Cynici en zwartkijkers kunnen inpakken. Een heerlijk boek voor iedereen die echt realistisch wil zijn.’ Realistisch willen zijn, daar gaat het dus om. Is het glas half vol of half leeg? De realist probeert een middenpositie in te nemen, maar zal steeds weer tot de ontdekking komen dat aan zorgvuldige beschouwingen en afwegingen een optimistische of pessimistische levenshouding ten grondslag ligt.

Overigens is cultuurpessimisme van alle tijden. Dat beschavingen opkomen, blinken en verzinken was al lang voor Spengler bekend. In het laatste kwart van de achttiende eeuw publiceerde Edward Gibbons zijn monumentale The History of the Decline and Fall of the Roman Empire over het verval en de ondergang van het Romeinse Rijk. Door hun hegemonie in de wereld begonnen de Victorianen in de negentiende eeuw zich te identificeren met de romeinen. Daarnaast leefde ook sterk het besef van vergankelijkheid. Een schilder als John Martin (1789-1854) oogstte veel succes met zijn apocalyptische landschappen, een soort vanitas landschapsschilderkunst.

The course of the empire
Thomas Cole The Course of the Empire, 1833-1836

Ook de Amerikaanse schilder Thomas Cole (1801-1848) wilde zijn tijdgenoten herinneren aan de vergankelijkheid en schilderde tussen 1833-1836 een serie van vijf schilderijen die hij The Course of the Empire noemde. Hij schilderde de opkomst, bloei en ondergang van een beschaving in vijf stadia om zijn Amerikaanse tijdgenoten te waarschuwen dat een trotse beschaving, net als het Romeinse Rijk, ooit ten onder zal gaan.

Wie was Oswald Spengler? [ leesspengler.nl ]

Boek & film [ 4 ]

Graham Greene en de film noir

a gun for saleGraham Greene hoefde tijdens zijn lange leven (1904-1991) niet te klagen over gebrek aan verfilmingen van zijn thrillers en filosofisch getinte romans. Dat begon al in 1934 met Orient Express, gebaseerd op zijn roman Stamboul Train (1932). Daarna volgden nog tientallen andere verfilmingen.

Zijn thrillers waren geknipt voor de film noir en dat genre beleefde in de jaren veertig haar gouden tijd. Een greep uit de verfilmingen: Ministry of Fear (1944) naar de gelijknamige roman uit 1943, Confidential Agent (1945) naar de gelijknamige roman uit 1939, The Man within (1947) naar Greene‘s debuutroman uit 1929, The Fugitive (1947) naar The Power and the Glory (1940) en The Fallen Idol (1948) naar het korte verhaal The Basement Room en Brighton Rock (1948). De beroemdste film noir naar een thriller van Graham Greene is ongetwijfeld The Third Man uit 1949.

This gun for hire
Filmposter van This gun for hire uit 1942 en een pocket uit 1975

Greene’s eerste thriller die in een film noir gegoten werd, was A gun for sale (1936). Onder de titel This gun for hire verscheen deze in 1942 met Alan Ladd en Veroncia Lake in de hoofdrollen.

Boek & film 1: Der nasse Fisch van Volker Kutscher (2008 en 2017)
Boek & film 2: Double Indemnity van James M.Cain (1936 en 1944)
Boek & film 3: The Age of Innoncence van Edith Wharton (1920 en 1993)
Boek & film 4: A gun for sale door Graham Greene (1936 en 1942)

De moordenaar en het meisje [ W&V ]

Berlin 1926

zondagavond gezien op ZDF: Terra-X Ein Tag in Berlin 1926

De tv-serie Babylon Berlin maakt in Duitsland veel los. Verwonderlijk is dat niet want deze Weimar Krimi bundelt twee Duitse obsessies: de misdaadfilm en de opkomst van het nationaalsocialisme. De serie die in 2018 door de betaalzender Sky 1 werd uitgezonden en in januari op de ARD werd herhaald, trekt in zijn kielzog verschillende documentaires met zich mee. Duitsers hebben nu eenmaal veel interesse voor hun nationale identiteit en het brandpunt ligt vaak op de Eerste Republiek (1919-1933) beter bekend als de Weimar Republiek. Hoe heeft het allemaal zo ver kunnen komen?

In Duitse documentaires zijn de jaren twintig al bijna net zo uitgemolken als de periode 1933-1945. Toch belicht Babylon Berlin (gebaseerd op de romancyclus van Volker Kutscher over inspecteur Gereon Rath) een nieuw aspect van de jaren twintig: de ontwikkeling van de organisatie van de recherche en sporenonderzoek. Een belangrijke vernieuwer was de legendarische hoofdinspecteur Ernst Gennat (1880-1839). In het boek Der Nasse Fisch (Schaduw over Berlijn) is hij de hoogste baas van hoofdpersoon Gereon Rath.

Alexanderplatz 1908
De Alexanderplatz in 1908 met in het midden het Polizeipräsidium (der Roten Burg). In 1929 ligt de ‘Alex’ op de schop en zal aan het begin van de jaren dertig een hypermodern aanzien krijgen.

Zondag was bij ZDF in Terra-X de documentaire Ein Tag Im Leben des Kriminalkommissars Fritz Kiehl te zien. Anders dan in de ARD documentaire 1929 – Das Jahr Babylon werd de koppeling met de serie Babylon Berlin niet gemaakt. Waarschijnlijk heeft dat te maken met het feit dat de ARD een van de coproducenten van Babylon Berlin is en de ZDF zich niet met de serie verbonden heeft. De vele overeenkomsten tussen documentaire en tv-serie berusten beslist niet op toeval. Het jaar 1929 werd “een dag in 1926″ en de jonge inspecteur Gereon Rath werd Kriminalkommissar Fritz Kiehl. Het decor blijft ongewijzigd: Spree Chicago, der Roten Burg (Polizeipräsidium am Alexanderplatz), en Ernst Gennat. Ook wordt de titel van Kutscher’s bestseller Der Nasse Fisch verklaard. Dat was een uitdrukking van Gennat waarmee hij een onopgeloste zaak bedoelde. Overigens stond Gennat bekend om zijn ongekend hoge percentage van zaken die wel opgelost werden.

Der Spiegel | Tatort Berlin [ tagesspiegel.de ]

Boek & Film [ 1 ]

eindelijk uit: Schaduw over Berlijn (2008) van Volker Kutscher
in januari gezien: Babylon Berlin (2017)

Schaduw over BerlijnIn de eerste twee weken van januari herhaalde de ARD op de late avond de zestien episodes uit de eerste serie van Babylon Berlin (2017), een Krimi die zich afspeelt in Berlijn in mei 1929. Wanneer je een verfilmd boek leest nadat je de film al gezien hebt, worden de personages in het boek onvermijdelijk ingevuld door de acteurs uit de film. Bij Gereon Rath, Bruno Wolter en Charlotte Ritter zag ik tijdens het lezen dus de gezichten van Volker Bruch, Peter Kurth en Liv Lisa Fries. Ook herinnerde ik mij tal van scenes uit de film. Maar vooral de verschillen tussen het boek en het scenario kwamen aan het licht.

Regisseur Tom Tykwer bewerkte samen met Henk Handloegten en Achim von Borries de thriller van Volker Kutscher. Voor deze duurste Duitstalige tv-serie uit de geschiedenis moest het boek stevig omgewerkt worden. Er zijn teveel verschillen tussen boek en scenario om op te noemen. Het belangrijkste verschil is dat Charlotte Ritter samen met Gereon Rath in de film de hoofdrol speelt. In het boek is Gereon Rath op afstand de hoofdpersonage en speelt Charlotte Ritter een veel kleinere rol.

Babylon BerlinDe personage van gravin Svetlana Sorokina duikt pas op de laatste bladzijden van het boek op, terwijl ze in de tv-serie in elke episode te zien is. Dat Charlotte Ritter en Svetlana Sorokina in het verhaal zo naar voren geplaatst zijn, was ongetwijfeld een van de eisen van de filmproducent. Als je een tv-serie van veertig miljoen produceert, wil je uiteraard ook de vrouwelijke kijker kunnen bereiken. Een derde vrouw die tenslotte in de tv-serie een grote rol krijgt dan in het boek, is Elisabeth Behnke, de hospita van Gereon Rath.

Wat de plot betreft, wil ik hier niet in details treden, maar de ontknoping in het boek is totaal anders dan die in de film. Hoewel de ondergang van de slechterik in het boek al behoorlijk Wagneriaans is, heeft men er in de film toch nog een schepje bovenop gedaan met een actiescene a la James Bond. De drie scenaristen hebben nog een aantal verhaallijnen door de tv-serie geweven die niet in het boek zitten. En de achtergrond van Gereon in zijn geboortestad Keulen, die in het boek soms aangestipt wordt, is verder uitgesponnen. De film opent perspectieven op zijn katholieke geloof en zijn loopgraafervaringen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ook maken we kennis met zijn schoonzuster en zijn neefje en op het laatst ook met zijn dood gewaande broer Anno.

Alexanderplatz 1929
‘Der Alex’ (Alexanderplatz) in 1929
Warenhuis Tietz wordt in het boek een paar keer genoemd. De finale van het boek speelt zich af op het legendarische dakterras van de gloednieuwe Karstadt aan de Hermannplatz.

Boek en film moeten op eigen kwaliteiten beoordeeld worden. Ik begrijp de teleurstelling van sommigen die eerst de thriller gelezen hebben en daarna pas de tv-serie zagen. De scenaristen hebben voor de productie veel concessies moeten doen waardoor de film een zeer vrije bewerking van het boek is geworden. Omdat er voor iedere aflevering een cliffhanger moest komen, heeft de plot een heel ander ritme gekregen. Veel is toegevoegd en vaak is dat gedaan vanuit commercieel oogpunt. Het oorspronkelijke verhaal is echt iets anders dan de film. Volker Kutscher schrijft in de stijl van de hard boiled en Gereon Rath is soms een Duitse Sam Spade of Philip Marlowe. Preciezer gezegd: een Keulenaar in Berlijn met de hoed van Philip Marlowe op. Het film noir aspect uit het boek heeft Tom Tykwer uiteraard dankbaar uitgebuit.

Duitsers zijn gek op Krimi’s. Elke avond worden er op de verschillende Duitse zenders meerdere uitgezonden en het totaal aantal Duitstalige Krimi’s is meer dan vijftig series. Er zijn komische Krimi’s, regionale Krimi’s, vakantie Krimi’s en er is zelfs een Amsterdam Krimi (met Fedja van Huet). Babylon Berlin voegt aan al deze series weer een nieuw element toe: de brisante politieke situatie in Berlijn vlak voor de Beurskrach van 1929 en de nationaalsocialistische dreiging. Twee Duitse obsessies worden zo gebundeld.

Der nasse Fisch. Gereon Raths erster Fall [de.wikipedia.org]

Siciliaanse dromer

De Italiaanse schilder, beeldhouwer, architect, schrijver en decorontwerper
Salvatore Fiume (1915-1997)

In het Stedelijk Museum Schiedam loopt op dit moment de tentoonstelling Manzoni in Holland. Fijn dat er belangstelling is voor een Italiaanse kunstenaar uit de twintigste eeuw, maar jammer dat er voor Manzoni gekozen is. Vanuit het museum gezien is het begrijpelijk. Met Piero -Merda d’Artista -Manzoni krijg je de media gemakkelijk achter je aan. Bovendien wil je op zondagmiddag graag gezinnen naar het museum trekken. En een blikje poep is leuk en spannend (dat wist Ome Willem al) voor de kinderen. Net als pindakaasvloeren.

Salvatore Fiume
Salvatore Fiume
Isola di statue, 1950
[credits: fiume.org]

Van mij hadden ze in Schiedam beter een retrospectief kunnen organiseren van de Italiaanse schilder, beeldhouwer, architect, schrijver en decorontwerper Salvatore Fiume (1915-1997). Maar Fiume is in Nederland weinig bekend. Toch is hij een belangrijke Italiaanse kunstenaar van de twintigste eeuw en liet hij een veelzijdig oeuvre na. Hij werd duidelijk beïnvloed door de pittura metafisica van zijn landgenoten Carlo Carrà (1881-1966) en Giorgio de Chirico (1888-1978). Deze richting in de moderne kunst die maar van korte duur was (1917-1918), vormde een soort prelude op het surrealisme.

Salvatore Fiume
Isola di statue detail van linker luik
[credits: fiume.org]

Pittura metafisica was een reactie op het Italiaanse futurisme (1909-1914). De futuristen hadden het verleden definitief de rug toegekeerd en verkozen een Bugatti boven de Mona Lisa. De van oorsprong Griekse Giorgio de Chirico wilde het verleden niet loslaten maar ook niet eindeloos blijven herhalen zoals in het classicisme. Hij zocht naar een heel persoonlijke relatie met het verleden en combineerde beelden uit zijn jeugd met beelden uit het collectieve geheugen zoals klassieke beelden en architectuur. Zijn broer Alberto Savinio (geboren als Andrea de Chirico) was ook kunstenaar maar schreef ook cultuur-filosofische beschouwingen, o.a. primi saggi di filosofia delle arti (1921). Hierin verbindt hij cultuur met herinnering.

Salvatore Fiume
Isola di statue detail van rechter luik
[credits: fiume.org]

Alberto Savinio trad in 1950 op als promotor van Salvatore Fiume tijdens de Biënnale van Venetië. Fiume exposeerde hier zijn drieluik Isola di statue. Het was een variatie op Città di statue dat in 1949 door het Museum of Modern Art in New York was aangekocht. Hiermee had de 34-jarige kunstenaar internationaal zijn naam gevestigd. Sinds 1977 maakt het drieluik Isola di statue samen met dertig andere werken van Fiume deel uit van de collecties van de Musei Vaticano.

Niet alleen beelden, maar ook gebouwen kijken ons aan. We wonen in onze beelden op een eiland. Een krachtige metafoor van de menselijke conditie.

Als geboren Siciliaan was Salvatore Fiume (1915-1997) vertrouwd met de restanten van uiteenlopende culturen die zich over een periode van ruim 2500 jaar op Sicilië hadden gevestigd. Door het verleden kreeg zijn identiteit de geheimzinnige diepte van een droom. De reeks schilderijen met de naam Isola di statue zijn een soort zelfportretten. Niet alleen beelden, maar ook gebouwen kijken ons aan. We wonen in onze beelden op een eiland. Een krachtige metafoor van de menselijke conditie.

Salvatore Fiume
L’isola volante 1950′s
[credits: fiume.org]

…When Fiume talks to you of an island of statues, gigantic inhabitable statues, which he would want someone to let him build, you shouldn’t be amazed or smile as if you thought this was only fantasy. In fact, if no one will not build it for him, he will build it for himself. He is his own patron and he bleeds himself for Fiume and his ideas. What matters to him is that things be done, and quickly. In a sense his painting is an abstraction, more filtered and precious, but the dimensions of his imagination are in the scale of construction. Fiume paints what he would build. You can even walk within his world; islands, heads, domes are all alike. And the analogy originates from the fantastic stories, regal and comic, of his hometown. He is a Sicilian Gaudì…
(Bron: Lisa Ponti in Domus Magazine, oktober 1954)

Salvatore Fiume
Salvatore Fiume maakte de omslag van het gerenommeerde architectuurmagazine Domus #247 (juni 1950)

schilderijen van Salvatore Fiume [ fiume.org ]

Spree-Chicago

begonnen in Schaduw over Berlijn van Volker Kutscher

Schaduw over BerlijnGisteren kocht ik de Nederlandse vertaling van Der nasse Fisch van de Duitse auteur Volker Kutscher. Vorige week zag ik de eerste en tweede serie van Babylon Berlin en was zo onder de indruk dat ik besloot om het boek te gaan lezen waar deze serie op gebaseerd is.

Spree-Athen ist tot, Spree-Chicago wächst heran

Walter Rathenau in Die schönste Stadt der Welt (1899)

Hoofdpersoon is de Keulse inspecteur Gereon Rath, die zich in 1929 als Mordermittler am Alexanderplatz vestigt. Berlijn is op dat moment de op twee na grootste metropool ter wereld. In 1899 had de Duitse industrieel (en later politicus in de Weimar Republiek) Walther Rathenau in zijn essay Die schönste Stadt der Welt geschreven: “Spree-Athen ist tot, Spree-Chicago wächst heran”. Hij bedoelde dat positief. Berlijn was als hoofdstad van het Keizerrijk booming en zou net als een Amerikaanse stad voor de moderniteit kiezen.

Maar zijn uitspraak kun je ook anders interpreteren. In de roaring twenties zouden Chicago en Berlijn wedijveren om de twijfelachtige eer wie zich de meest criminele stad ter wereld mocht noemen. De vraag is of Rathenau dat in 1899 al voorzien had. Op 24 juni 1922 zou hij op de Königsallee in Berlin-Grunewald vermoord worden.

Berlijn, 1929. Als het lichaam van een bruut gemartelde Rus uit de rivier de Spree wordt getrokken, ziet rechercheur van de zedenpolitie Gereon Rath zijn kans schoon om terug te keren bij de afdeling moordzaken. Hij duikt op eigen houtje de Berlijnse onderwereld in op zoek naar de moordenaar en legt een samenzwering bloot die van de Russische bendes voert naar de allerhoogste politieke kringen, waar achter de schermen een staatsgreep wordt beraamd. Waar hij echter niet op had gerekend is dat hij zelf als verdachte gezien zou gaan worden. (Bron: thehouseofbooks.com)

1929 – Das Jahr Babylon

woensdag gezien op ARD: 1929 – Das Jahr Babylon

Waar denk je het eerst aan bij het jaar 1929? Bijna iedereen zal de beurskrach van 1929 te binnen schieten. Deze gebeurtenis was immers een kantelmoment in de geschiedenis. Zonder de plotselinge ineenstorting van de aandelenkoersen op de beurs van Wall Street, zou er geen Great Depression zijn geweest en dus ook minder voedingsbodem voor het nationaalsocialisme in Duitsland. Vanuit dit ene kantelmoment kunnen we enig inzicht krijgen in de geschiedenis van de jaren dertig en de Tweede Wereldoorlog die daarop volgde. Maar 1929 is natuurlijk veel meer en er waren ook veel meer factoren die de loop van de geschiedenis na 1929 bepaalden dan alleen de beurskrach op Wall Street.

Das Jahr Babylon
Das Jahr Babylon

De documentaire 1929 – Das Jahr Babylon van Volker Heise is een originele geschiedenisles. We gaan 90 jaar terug in de tijd en stappen van maand tot maand door de straten van Berlijn, destijds het hippe middelpunt van de wereld, de wereld van Alfred Döblin. Verschillende inwoners van Berlijn, in 1929 na New York en Londen de grootste stad ter wereld, doen hun verhaal. Ze worden gespeeld door vier acteurs uit de serie Babylon Berlin: Fritzi Haberlandt, Leonie Benesch, Anton von Lucke en Peter Kurth. De laatste speelt in de serie de rol van Bruno Wolter, de corrupte hoofdcommissaris van de zedenpolitie. Grotesker had George Grosz deze Duitse speknek niet kunnen maken.

Peter Kurth en George Grosz
Peter Kurth speelt in Babylon Berlin de rol van Bruno Wolter, de corrupte hoofdcommissaris van de zedenpolitie. Daarnaast een groteske figuur van George Grosz.

Der Film basiert auf Tagebüchern und Erinnerungen, auf Augenzeugenberichten und Polizeiakten, auf Zeitungsausschnitten und Mitschriften von Diplomaten und Handwerkern, von Tänzerinnen und Journalistinnen, von Proleten, Hausfrauen, Politikerinnen und Kokainhändlern. Über 30 reale Menschen aus der Vergangenheit, deren Zitate verknüpft sind mit Archivmaterial zum Porträt einer Gesellschaft im Taumel.

In 1929 – Das Jahr Babylon trekt het jaar 1929 in de hoofdstad van de Weimar Republiek aan ons voorbij. Wat opvalt, is de polarisering van de samenleving. Omdat Duitsland sinds 1919 een democratie geworden is, is er persvrijheid. Het nieuwe jaar begint in de miljoenenstad met veertig kranten, die de meest uiteenlopende politieke geluiden laten horen en ideologieën verkondigen. Helemaal aan de linkerkant van het politieke spectrum staat Die rote Fahne, de communistische krant die in november 1918 direct na de val van het Duitse Keizerrijk werd opgericht door Karl Liebknecht en Rosa Luxemburg. Uiterst rechts staat de Völkischer Beobachter, het partijorgaan van de NSDAP. Op 1 januari 1929 verschijnt voor het eerst een Berlijnse editie van deze nationaalsocialistische krant.

Kort na de verkiezingen van 1928 had zich in de zomer van 1928 een brede coalitie gevormd, een GroKo zouden de Duitsers tegenwoordig zeggen. Deze moest de Duitse samenleving, die in ideologisch opzicht middelpuntvliedend was geworden, bij elkaar houden. Berlijn was het centrum van het gepolariseerde Duitsland, maar tegelijkertijd een arbeidersstad waar de KPD een enorme aanhang had. De vonk zou vanuit de Sovjet Unie zomaar over kunnen vliegen! Vanuit de angst dat in Duitsland de revolutie zou uitbreken en net als Rusland zou veranderen in een communistische dictatuur, kwam de situatie op scherp te staan. Op 1 mei 1929 escaleerde het.

In de vierde aflevering van Babylon Berlin zien we heel concreet waar Blutmai voor staat. Tijdens de demonstraties op de Dag van de Arbeid, kwamen de communisten en de politie tegenover elkaar te staan. Er werd met scherp geschoten. Op 1 mei 1929 werden in Wedding en Neuköln negen demonstranten doodgeschoten en op de twee dagen die volgenden werden nog eens 24 demonstranten gedood, waaronder een vrouw op een balkon. Dit laatste gegeven speelt in het scenario van Babylon Berlin een grote rol. In de weken die volgen verdedigt de Berlijns politie zichzelf. Daarmee is de polarisatie voltooid. Ernst Thälmann de leider van de Kommunistische Partei Deutschlands zegt nu: ‘SPD und NSDAP sind Zwillingen’. Socialisten en fascisten worden vanaf dit moment door de communisten op één hoop gegooid.

Door de Blutmai wordt de polarisatie voltooid. Ernst Thälmann de leider van de KPD zegt nu: ‘SPD und NSDAP sind Zwillingen’. Socialisten en fascisten worden vanaf dit moment door de communisten op één hoop gegooid.
Das Jahr Babylon op Youtube
1929 – Das Jahr Babylon erzählt die zwölf Monate als ein Jahr der Entscheidungen. Land und Stadt stehen auf der Kippe, die Zukunft ist offen, niemand weiß, wohin die Reise geht. Der Erste Weltkrieg ist seit gut zehn Jahren vorbei, die Niederlage unverstanden, die Republik ein permanenter Ausnahmezustand. Nur vier goldene Jahre hat die Geschichte ihr zugestanden. Der Glanz beruht auf Pump und droht bereits zu verblassen. Im Reichstag sitzen 15 Parteien, von ganz links bis extrem rechts, jede Regierung ist eine unmögliche Koalition.
 
Babylon Berlin spielt 1929. Berlin ist eine Metropole in Aufruhr, eine zerrissene Stadt im radikalen Wandel. Die Dokumentation zur Serie wirft ein Blick hinter die Kulissen der Fiktion. Erzählt wird das Jahr anhand von Tagebüchern, Protokollen und Briefen: das Kaleidoskop einer taumelnden Großstadt aus der Sicht ihrer Bewohner. Noch kommen die Menschen aus ganz Europa, um sich in der Stadt der Sünde, in der die alten Regeln nichts mehr gelten, neue aber noch nicht gefunden sind, zu vergnügen. Sie gehen in die Bars und Cabarets, sie verschwinden in dunklen Spelunken, in denen Verbrecherbanden regieren und Sex billig ist. Im Theater wird die Sprache der Moderne gesprochen, auf den Bildern explodieren die Farben. Doch die Arbeitslosigkeit ist hoch und die alten Mächte wollen zurück an die Macht.
 
Bron: daserste.de

babylon-berlin.com