Categorie archief: Duitsland

Berlin Alexanderplatz 1930

aan het lezen in De stille dood (2009) van Volker Kutscher

De stille doodHet succes van de krimi’s van Volker Kutscher is waarschijnlijk voor een groot deel te danken aan de nauwkeurige reconstructie van het Berlijn rond 1930. Dat Kutscher ook historicus is, is duidelijk te merken want de fictie is naadloos verweven met de historische werkelijkheid. Uiteraard schemert de politieke realiteit, in dit geval de opkomst van het nationaal socialisme, door alles heen. De Gereon Rath-cyclus telt tot nu toe negen delen, begint in het voorjaar van 1929 en eindigt voorlopig in 1936 met de Olympische spelen in Berlijn. Natuurlijk valt de geschiedenis van het Derde Rijk ook als afzonderlijke Krimi lezen, maar de verhalen concentreren zich steeds rond de zaken van zijn hoofdpersonage Gereon Rath en “die Burg”, het hoofdbureau van de Pruisische politie aan de Alexanderplatz, keert als brandpunt telkens weer terug.

Berlijn gold in 1930 als de modernste metropool van Europa en was ook een van de grootste steden ter wereld. In het rijtje van drie grootste steden van Europa stond Berlijn met 4,3 miljoen inwoners tussen Londen en Parijs in. Er woonden in 1930 dus meer mensen in de Duitse hoofdstad dan tegenwoordig (3,8 miljoen). Kutscher kent het Berlijn van 1930 zo goed, dat het lijkt alsof hij er zelf net nog rondgelopen heeft. Toch kan hij Gereon Rath niet helemaal in de voetsporen van Franz Biberkopf laten lopen…

In 1927 presenteerde het Berlijnse raadslid Martin Wagner een plan voor de herinrichting van de Alexanderplatz. Het plein moest omgebouwd worden naar een kosmopolitisch stadsplein. Omdat “der Alex” toen ook al het belangrijkste verkeersknooppunt van de stad was, waar oost en west bij elkaar komen, moesten spoor-, metro-, en buslijnen tijdelijk omgeleid worden en ook door de enorme drukte werden de bouwwerkzaamheden bemoeilijkt. Grondwater moest voortdurend weggepompt worden en voetgangers kregen via loopplanken alternatieve routes aangeboden. In september ging het plein op de schop. Begin dertiger jaren zou “der Alex” één grote bouwput zijn, zoals de Potsdammerplatz 60 jaar later.

Berlin Alexanderplatz 1930
De oude Alexanderplatz met links warenhuis Tietz en rechts het Königstädtisches Theater

Der stumme Tod is de tweede zaak van inspecteur Gereon Rath en speelt zich af tussen vrijdag 28 februari 1930 en donderdag 13 maart 1930. We zien Rath dus inderdaad steeds over planken door de modder lopen om bij “die Burg” te komen. We vinden hem ook regelmatig bij Aschinger op de Alexanderplatz, waar veel van zijn collega’s lunchen. Maar soms gaat hij liever naar Aschinger in de Leipzigerstrasse 60 als hij zijn collega’s wil ontlopen. Behalve deze twee lokaties waren er nog 32 andere vestigingen van Aschinger in Berlijn. Tijdens de bombardementen en de Slag om Berlijn werd 80% van het Aschingerimperium verwoest. Na de oorlog zou het nooit meer de omvang krijgen die het had in de twintiger en dertiger jaren toen Aschinger in Berlijn machtiger was als McDonalds nu.

Een ander ijkpunt op de Alexanderplatz is warenhuis Tietz. Het reusachtige Kaufhaus werd in 1905 in Wilhelminische stijl opgericht. Daarna volgden nog twee uitbreidingen waardoor het in 1911 het grootste warenhuis ter wereld werd. Tietz was overigens niet het enige warenhuis aan de Alexanderplatz. In 1911 openden ook Wertheim en Hahn hun deuren. Zo werd “der Alex” in de laatste jaren van het Keizerrijk hét winkelcentrum van Berlijn.

TietzIn oktober 1905 werd het nieuwe warenhuis officieel geopend. Maar de bouwwerkzaamheden begonnen opnieuw in 1907/08 en opnieuw later in 1910/11 – het warenhuis kreeg twee uitbreidingen. Als het klaar is, wordt het het grootste warenhuis ter wereld! Langs de Alexanderstraße beslaat het nu een front van 250 meter – nog een wereldrecord, omdat het het langste warenhuis ter wereld heeft. Boven de gevel aan de voorzijde draagt het gebouw een wereldbol met de naam Tietz – de beroemde Tietz- wereldbol.” Bron: anderes-berlin.de

Op dat moment stonden de twee hypermoderne gebouwen van Peter Behrens er nog niet. Het Berolinahaus en het Alexanderhaus. Daarvoor moesten Aschinger, Zum Hirschen, het Königstädtisches Theater en de huizen langs de Dircksenstrasse worden afgebroken. Dit geeft aan hoe het stadsbestuur stond tegenover het Wilhelminische verleden. Maar ook hoe de architecten van de Neue Sachlichheit stonden tegenover het eclecticisme van de late negentiende eeuw dat tot in de Eerste Wereldoorlog zou voortduren. De navolgers van Adolf Loos lijken de titel van zijn beroemde essay Ornament und Verbrechen serieus te hebben genomen.

Berlin Alexanderplatz 1930
De nieuwe Alexanderplatz in 1931 met links het Berolinahaus en rechts op de voorgrond warenhuis Tietz

De sloopwerkzaamheden aan de Alexanderplatz begonnen in september 1929, een maand voor de beurskrach op Wallstreet. Een stukje keizerlijk Berlijn werd in naam van de vooruitgang met de grond gelijk gemaakt. De jaren daarna verrees het spiksplinter nieuwe Berolinahaus. Dat moet destijds een opfrissing zijn geweest. Maar wanneer je niet weet dat het een van de klassieke voorbeelden van de Nieuwe Zakelijkheid is, dan hou je het nu voor een van de ontelbare betonnen dozen die er sindsdien gebouwd zijn. Overigens kon niet het hele plan worden uitgevoerd omdat door de economische crisis investeerders zich hadden teruggetrokken. Dat het Berolinahaus en Alexanderhaus 89 jaar geleden toch hun deuren konden openen is te danken aan Amerikaanse investeerders. Berlijn had zich weer eens op de kaart gezet als de modernste stad van Europa.

Geschiedenis op de cm² [ 3 ]

De geschiedenisles op Duitse postzegels

De Duitsers hebben een sterk historisch bewustzijn. Ook Duitse postzegels getuigen daarvan. Sinds 1949 heeft de Deutsche Bundespost (na 1992 de Deutsche Post) bijna tweehonderd herdenkingspostzegels uitgegeven met historische plaatsen en gebeurtenissen en nog veel meer met historische figuren. Wie Duitse postzegels verzamelt, krijgt zo ook een geschiedenisles.
Deze keer: Bisdommen, abdijen en nederzettingen in de negende eeuw.

Briefmarke
(met de klok mee:) In 2000 verscheen een postzegel ter gelegenheid van het twaalfde eeuwfeest van de kroning van Karel de Grote en de hofkapel in Aken. In 2006 bestond Ingolstadt 1200 jaar. Sleeswijk vierde in 2004 zijn twaalfde eeuwfeest en in 2005 bestond Forchheim 1200 jaar.

Briefmarke(hiernaast boven) In het jaar 898 werd Nördlingen voor het eerst vermeld als een een Karolingisch koninklijk hof onder de naam “Nordilinga”. In 1215 kreeg het stadsrechten van keizer Friedrich II en werd het een keizerlijke stad.

(hiernaast midden) Het bisdom Hildesheim werd in 815 gesticht door Ludwig de Vrome in het gebied van het huidige Hildesheim. Gunthar en Rembert worden beschouwd als de eerste bisschoppen van het bisdom Hildesheim. In het jaar 845 werd Ebo, de voormalige aartsbisschop van Reims, de bisschop van Hildesheim.

(hiernaast onder) De eerste vermelding van Weimar is in het jaar 899. De naam gaat terug naar de Oudhoogduitse of Oudsaksisch woorden “wih’ voor “heiligdom, tempel” en “mer” voor “meer, zee” en betekende oorspronkelijk dus “heiligdom aan het meer”. Weimar werd vermeld onder de namen actum Wimares ([9e eeuw] 1150/65), in Wimeri ([984] 1012/18), de Wimari (1123-1137), Wymar (1506) en tenslotte Weimar (1556).

Briefmarke
(met de klok mee:) In 2006 bestond Halle 1200 jaar. Magdeburg vierde een jaar eerder haar twaalfde eeuwfeest. De benedictijner abdij Munsterschwarzach werd in 816 gesticht en bestond 1200 jaar in 2016. In 1997 vierde Straubing haar elfde eeuwfeest.

Geschiedenis op de cm² [ 2 ]

De geschiedenisles op Duitse postzegels

De Duitsers hebben een sterk historisch bewustzijn. Ook Duitse postzegels getuigen daarvan. Sinds 1949 heeft de Deutsche Bundespost (na 1992 de Deutsche Post) bijna tweehonderd herdenkingspostzegels uitgegeven met historische plaatsen en gebeurtenissen en nog veel meer met historische figuren. Wie Duitse postzegels verzamelt, krijgt zo ook een geschiedenisles.
Deze keer: Bisdommen, abdijen en nederzettingen uit de Karolingische tijd.

Briefmarken
(met de klok mee:) In 1994 bestond Frankfurt am Mainz 1200 jaar. In datzelfde jaar bestond Fulda 1250 jaar. Schwetzingen bestond 1250 jaar in 2016.

(Linksboven) Het bisdom Paderborn vierde in 1999 het twaalfde eeuwfeest van de ontmoeting tussen Karel de Grote en paus Leo III in de keizerpalts. De Frankische keizer stichtte toen het bisdom Paderborn, de voorloper van het huidige aartsbisdom (sinds 1930) en ook van het Prinsbisdom Paderborn (tot 1802).

Briefmarken(Hiernaast boven) Osnabrück heeft sinds 780 een rooms-katholieke bisschopszetel. Het bisdom Osnabrück werd als eerste Saksische bisdom gesticht door Karel de Grote. Rond de bisschopskerk ontwikkelde zich de nederzetting, die pas in 1147 voor het eerst als stad werd aangeduid.

(Hiernaast midden) De geschiedenis van Bad Hersfeld begon in 736, toen Sturmius, een leerling van Bonifatius een paar hutten bouwde om als kluizenaar in de wildernis te gaan leven. Dertig dertig later begon Lullus, de opvolger van Bonifatius als bisschop van Mainz, met de bouw van het klooster van Hersfeld. Hij legde daarmee het fundament voor de ontwikkeling van de stad en een kerkelijk imperium die gesteund werd door Karel de Grote.

(Hierboven) Het bisdom Bremen bestond op 13 juli 1989 precies 1200 jaar. Op die dag werd in Worms in het jaar 787 Willehad als eerste bisschop van Bremen gewijd. Het bisdom Bremen viel destijds onder de kerkprovincie Keulen. In 805 volgde de definitieve inrichting van het bisdom.

Briefmarken.jpg
(met de klok mee:) In 1993 bestond de stad Münster 1200 jaar. De benedictijner abdij van Ottobeuren vierde in 1964 haar twaalfde eeuwfeest. in 2004 bestond Arnstadt in Thüringen 1300 jaar en is een van de oudste Duitse steden na de Romeinse nederzettingen aan de Rijn. En in 1992 bestond Erfurt, eveneens in Thüringen, 1250 jaar.

Geschiedenis op de cm² [ 1 ]

De geschiedenisles op Duitse postzegels

De Duitsers hebben een sterk historisch bewustzijn. Ook Duitse postzegels getuigen daarvan. Sinds 1949 heeft de Deutsche Bundespost (na 1992 de Deutsche Post) bijna tweehonderd herdenkingspostzegels uitgegeven met historische plaatsen en gebeurtenissen en nog veel meer met historische figuren. Wie Duitse postzegels verzamelt, krijgt zo ook een geschiedenisles.
Deze keer: Romeinse nederzettingen in Duitsland vlak voor het begin van onze jaartelling.

Mainz 2000
In 1962 bestond Mainz 2000 jaar
Trier 2000
In 1984 bestond Trier 2000 jaar
Neuss 2000
In 1984 bestond Neuss 2000 jaar
Augsburg 2000
In 1985 bestond Augsburg 2000 jaar
Bonn 2000
In 1989 bestond Bonn 2000 jaar
Speyer 2000
In 1990 bestond Speyer 2000 jaar
Koblenz 2000
In 1992 bestond Koblenz 2000 jaar

Boek & film [ 5 ]

aan het lezen in De stille dood (2009) van Volker Kutscher

de stille doodTwee jaar geleden las ik schaduw over Berlijn, de Nederlandse vertaling van Der nasse Fisch, de eerste thriller van Volker Kutscher met inspecteur Gereon Rath. Vorige week begon ik aan De stille dood, het tweede deel uit de Gereon Rath-cyclus dat nu ook in het Nederlands vertaald is. Kutscher verkocht de filmrechten en het resultaat van deze deal is de duurste niet-Engelstalige tv-serie ooit gemaakt: Babylon Berlin. Het eerste seizoen verscheen in 2017 het tweede in 2019 en werd in oktober door de ARD uitgezonden.

Het tweede seizoen van Babylon Berlin baseert zich op de tweede thriller uit de cyclus en is net als het eerste seizoen weer zwaar onder handen genomen door de scenaristen Tom Twyker, Achim von Borries en Henk Handloegte. Babylon Berlin II is geen verfilming van Der Stumme Tot, evenmin als Babylon Berlin I een verfilming van Der nasse Fisch was. Het is een herschepping, waar veel aan is toegevoegd. Maar er is ook veel overgenomen. Zoals de zaak en het plaats delict, een filmstudio in Neu Babelsberg waar de gevierde actrice Betty Winter verpletterd wordt onder een gloeiendhete nitraatlamp die uit de hoogte van de filmstudio naar beneden stort. Dat gegeven en de hoofdrolspelers Gereon Rath en Charlotte Ritter worden in Babylon Berlin overgenomen.

Maar veel is door Twyker, Von Borries en Handloegte veranderd. Zo begint het verhaal niet op vrijdag 28 februari 1930, als het carnaval van 1930 begint, maar in het najaar van 1929. De scenaristen hebben namelijk per se de beurskrach van 1929 in het tweede seizoen van Babylon Berlin willen opnemen. Zo is er eigenlijk nóg een verhaal met personages aan toegevoegd. En daar blijft het niet bij. Omdat Babylon Berlin gemaakt is als serie, zijn er verhaallijnen in verweven uit effectbejag. Zo is het tweede seizoen van Babylon Berlin, vergeleken met Der stumme, een explosief brouwsel geworden met net iets teveel ingrediënten, waaronder occultisme, obligate homo- en lesboscenes, seks, drugs en een snufje David Lynch.

Ik verheug me al op de vertaling van Goldstein, de derde thriller met Gereon Rath en daarna liggen er nog vijf thrillers te wachten op vertaling. Maar wie niet wachten kan, kan deze al in het Duits lezen:
 
Der nasse Fisch Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2008
Der stumme Tod Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2009
Goldstein Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2010
Die Akte Vaterland Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2012
Märzgefallene Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2014
Lunapark Kiepenheuer & Witsch, Cologne 2016
Marlow Piper, Munich 2018
Olympia Piper, Munich 2020

Het bijzondere van de thrillers van Volker Kutscher is dat ze zich afspelen in de overgangsjaren van de Weimarrepubliek naar de nazidictatuur en ons deze periode laat herbeleven. Want de vraag hoe het allemaal heeft kunnen gebeuren, blijft fascineren. De Weimarrepubliek was de eerste democratie in Duitsland maar zou slechts 14 jaar bestaan. Het antwoord dat Kutscher geeft is niet expliciet of eenduidig, maar hij slaagt er zo goed in om de laatste jaren van de Weimarrepubliek te laten herleven, dat we ons kunnen gaan voorstellen dat de zedenloosheid en criminaliteit zoals die in Berlijn ruimschoots aanwezig waren, heel Duitsland in de afgrond hebben gestort. Daarom heet de tv-serie ook Babylon Berlin.

In Der Stille Tot lopen we zelf rond in Berlijn van 1930. De eerste zaak van Gereon Rath (der nasse Fisch) ging over het rode gevaar en de connecties met Moskou. Zijn tweede zaak (der stumme Tot) gaat over de connecties tussen de filmproducenten en de onderwereld van Berlijn. Deze onderwereld, die Fritz Lang in zijn legendarische film noir M – Eine Stadt sucht einen Mörder uit 1931 koppelde aan de opkomst van het nationaal socialisme, speelt in de thrillers van Kutscher een soortgelijke rol. Eigenlijk neemt de machtige onderwereld de stad over en in 1933 het hele land.

Boek & Film [ 1 ]

Mainz, Speyer, Worms

Tweede Kerstdag gezien op Arte: Wettstreit der Kathedrale (2020)

WormsOp Tweede Kerstdag zond Arte drie documentaires uit over Middeleeuwse kathedralen. Eerst deel 1 van Wettstreit der Kathedrale over de gotiek, daarna deel 2 over het romaans. Mogelijk heeft Arte de chronologische volgorde omgedraaid, omdat voor de gotiek een breder publiek te vinden is. Degenen die de smaak te pakken hebben, blijven daarna ook wel “hangen” voor deel twee over de romaanse bouwkunst. Als kers op taart werd daarna de schitterende documentaire Die Kathedrale over de bouw van de kathedraal van Straatsburg uitgezonden. Tenslotte volgde als toetje nog Kathedralen der Macht over de dom van Aken en van Capella Platina (Sicilië).

Bij elkaar ruim vier uur televisie over kathedralen. Echt iets voor de liefhebber dus. Prijzenswaardig dat Arte zich regelmatig richt op een selecte groep kijkers. Ruim vier uur film Middeleeuwse kathedralen achter elkaar is een lange zit. Ik haakte na drie uur af, maar dat kwam omdat het al laat op de avond was. Veel was mij al bekend, maar de schitterende computeranimaties over de constructie van een kathedraal voegden veel toe. In Wettstreit der Kathedrale ging het niet alleen over architectuur, maar ook over de culturele factoren achter de bouw van kathedralen, zoals de machtsstrijd tussen de verschillende bisdommen.

MainzDeel twee over de romaanse bouwkunst beperkte zich tot de drie Rijnlandse Kaiserdome, die van Mainz, Speyer en Worms. Dat was een prima keuze. Zo kon er ingezoomd worden op de overgang tussen ottoonse, salische en staufische bouwkunst in het Rijnland. Het werd ingeleid met een geschiedenis van het christendom in vogelvlucht tot het jaar 1000. In vrijwel alle verhandelingen over het romaans wordt het magische jaar 1000 aangewezen als het geboorteuur van de romaanse bouwexplosie van de elfde eeuw. Tot het jaar 1000 was er een collectieve vrees voor de Apocalyps die zich baseerde op een fragment uit de Openbaringen van Johannes. Toen het jaar 1000 eenmaal was aangebroken en de catastrofe uitbleef, sloeg het pessimisme van de weeromstuit om in optimisme. Overal in Europa begon men kerken te bouwen.

Het leek of de wereld haar ouderdom afschudde en zich hulde in een witte mantel van kerken.

Radulfus Glaber

“Het leek of de wereld haar ouderdom afschudde en zich hulde in een witte mantel van kerken”, schreef de Franse geschiedschrijver Radulfus Glaber (985-1047) aan het begin van de 11e eeuw. Kort na het jaar 1000 begon de bouw van grote romaanse kerken in Bamberg (1002-1012), Hildesheim (1010-1033), Merseburg (1015-1021), Echternach (1016-1031) en Paderborn (1016-1036). Maar de aandacht in de documentaire ging uit naar de kathedraal van Mainz, Speyer en Worms omdat deze verbonden waren met de drie dynastieën in het Heilige Roomse Rijk en drie typen romaans die naar deze dynastieën genoemd zijn: ottoons (960 tot 1025), salisch (1025-1125) en staufisch (1125-1250).

De oudste bisdommen in Duitsland waren die van Trier en Keulen (derde eeuw) en Mainz (vierde eeuw). Karel de Grote maakte deze bisdommen tot het kerngebied van zijn christelijke rijk. Rond deze drie bisdommen ontstonden invloedssferen. De invloed van Mainz was het grootste en reikte helemaal van Noord-Duitsland (Verden) tot aan Italië (Chur) en in het Oosten tot aan het huidige Tsjechië (Olomuc). De eerste kerken in Mainz waren van hout, maar onder bisschop Willigis (940-1011) werd in 975 begonnen aan een grote kerk in steen. Helaas brandde deze op de dag van de inwijding in 1009 al af. De kerk werd herbouwd en in 1036 voltooid. Maar een brand maakte in 1081 opnieuw een einde aan deze kerk. Onder keizer Hendrik IV begon toen de bouw van de huidige dom van Mainz.

Mainz
1000 jaar Dom van Mainz 975-1975
Dom van Mainz
 
De financiering van keizer Heinrich IV is van groot belang voor de bouwgeschiedenis van de kathedraal van Mainz. Heinrich IV had eerder al de kathedraal van Speyer laten herbouwen en begon rond 1100 in Mainz met de bouw van de door brand verwoeste kathedraal. Hij liet het oude uiteinde van het oostelijke gebouw vervangen door een apsis met grote blinde arcades en een zogenaamde dwerggalerij. Zo’n element is voor het eerst te vinden in de Dom van Speyer. De oostelijke apsis van de Dom van Mainz is het tweede voorbeeld. Daarboven is een gevel met vijf nissen die van rechts en links oprijzen. Dit motief is waarschijnlijk ook overgenomen uit de dom van Speyer.
 
Bron: nl.wikipedia.org

In 1027 werd Koenraad II de keizer van het Heilige Roomse Rijk en voerde daarmee de Salische dynastie aan die tot 1125 vier keizers zou voortbrengen. Koenraad II had de ambitie opgevat om in Speyer aan de Rijn de grootste kerk ten Noorden van de Alpen te laten bouwen. De bouw van de dom in Speyer begon in 1030. Koenraad II maakte de voltooiing niet meer mee, want hij stierf in het jaar 1039 in Utrecht. Onder zijn opvolger Hendrik IV zou de dom in Speyer eindelijk voltooid worden.

Speyer
2000 jaar Speyer 10 v. Chr-1990
Dom van Speyer
 
De bouw begon rond 1030 onder de Salische keizer Koenraad II. In 1061 werd de dom ingewijd door zijn kleinzoon Hendrik IV. Deze breidde de dom tussen 1082 en 1106 aanzienlijk uit: ook het middenschip werd voorzien van een stenen kruisribgewelf, dat een spanwijdte van 14 meter had, en ook het koor werd geheel vernieuwd. Het wordt sindsdien afgesloten door een apsis met een dwerggalerij en twee torens, een type dat sindsdien in het Rijnland veelvuldig is nagevolgd. De torens hebben een achtkantige spits tussen vier topgevels. Bijzonderheid aan de dom is dat de dwerggalerij rond om het gehele bouwwerk loopt. De crypte, die geldt als de grootste bewaard gebleven zuilenhal van Europa, behoort tot de oudste bouwfase en herbergt onder meer de graven van de vier Salische keizers. Hij beslaat de ruimte onder het transept en het koor.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Worms
1000 jaar Dom van Worms 1018-2018
Dom van Worms
 
Deze romaanse pijlerbasiliek werd grotendeels tussen 1130 en 1181 werd opgetrokken. Het is de voornaamste kerk van Worms en de kleinste van de drie Rijnlandse Kaiserdome. De dom van Worms is steiler en slanker van opzet dan de beide andere, die van Spiers en die van Mainz. De zandstenen kerk heeft zowel een oostelijk als een westelijk koor, die elk door twee ronde traptorens geflankeerd worden, een achtkante vieringtoren en een eveneens achtkante toren boven het westkoor. De dom kent verschillende voorgangers. De Wormser bisschop Burchard begon na het jaar 1000 met de bouw van een geheel nieuwe kerk, die in 1018 werd ingewijd in aanwezigheid van de keizer, maar al spoedig grotendeels instortte. De herbouw vond vanaf 1130 plaats onder bisschop Burchard II en diens opvolger Konrad II, waarbij de oostkant het eerst gereed kwam. In 1181 werd de kerk opnieuw ingewijd, nog voor de voltooiing van het 13de-eeuwse westelijke koor. In de achthoekige apsis bevinden zich verschillende roosvensters.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Wettstreit der Kathedralen [ arte.tv ]

Beethoven in Bonn

op Eerste Kerstdag gezien op ARD: Louis von Beethoven (2020)

Op 17 december was het precies 250 jaar geleden dat Ludwig von Beethoven in Bonn geboren werd. Het Beethovenjaar begon al in januari met een herdenkingspostzegel en werd vrijdagavond voor mij min of meer afgesloten op de ARD met de uitzending van Louis van Beethoven.

Opvallend bij deze titel is de Franse voornaam. Geen Ludwig, maar Louis. Deze biopic concentreert zich namelijk vooral op Beethovens jeugd in Bonn tot 1792. De eerste 21 jaar van zijn leven speelden zich voornamelijk af aan het hof van de keurvorst van Keulen op de linker Rijnoever. Dat stond sterk onder Franse invloed en het was heel gewoon dat er aan het hof in Bonn Frans gesproken werd. Kort nadat Beethoven in december 1792 zijn vaderstad voorgoed verlaat om in Wenen te gaan studeren bij Haydn, wordt Bonn door de revolutionaire Franse troepen bezet.

Regisseur Niki Stein noemt zijn film een Coming of Genius story. Hij laat Beethovens jeugd zien in het perspectief van een terugblik door Beethoven aan het einde van zijn leven in 1827. Er zijn drie acteurs die Beethoven spelen: Colin Pütz als jongetje, Anselm Bressgott als jongeling en Tobias Moretti als de stokdove Beethoven aan het einde van zijn leven op 57-jarige leeftijd.

louis_DVD2Louis von Beethoven is een dure productie geweest. De tijd waarin Beethoven opgroeide, met name de jaren tussen 1778 en 1793 komen weer helemaal tot leven. We volgen hem aan het hof in Bonn van de keurvorst van Keulen, Maximiliaan Frederik (1708-1784) en zijn liberalere opvolger Maximiliaan Franz (1756-1801), de jongere broer van Marie Antoinette, de koningin van Frankrijk. Zijn grootvader Lodewijck naar wie Louis/Ludwig genoemd is, was vanuit Vlaanderen als kapelmeester bij de aartsbisschop in dienst gekomen. Ook vader Johann von Beethoven komt in dienst van het hof. Maar door zijn drankprobleem verliest hij zijn aanstelling en het gezin glijdt af in armoede. De jonge Louis wordt door zijn vader gedrild om een wonderkind te worden, net als de toen al zo beroemde Mozart. Daarna krijgt hij muziekonderwijs van Tobias Pfeiffer en Christian Gottlob Neefe.

Tobias Friedrich Pfeiffer (1751-1805) Beethovens eerste leraar in Bonn
 
Tobias Pfeiffer is acteur, zanger, hoboïst en lid van de “Großmannschen Theaterkompanie”, een soort rondreizend theater ook voorstellingen geeft aan het hof. Hij werd korte tijd de leraar van de kleine Beethoven. Pfeiffer maakte de jonge Beethoven enthousiast voor de ideeën van de revolutie en activeerde daarmee zijn opstandige geest. Zijn lot is vrij representatief voor de kunstenaars van deze tijd want hij werd herhaaldelijk vervolgd en gevangengezet. De Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring van 1776, die Pfeiffer voorleest, was rond 1780 wijdverbreid en werd in het Duits als pamflet in een oplage van meer dan 300.000 exemplaren verspreid.

Beethoven zou zijn hele leven ongetrouwd blijven. Toen hij huisleraar was bij de familie Breuning, werd de 1 jaar jongere Eleonore Breuning op hem verliefd. Maar haar moeder laat de jonge Beethoven weten dat een huwelijk tussen hem en haar dochter onmogelijk is vanwege het standsverschil. Het zou Beethoven verbitterd hebben en zijn enthousiasme voor de idealen van de Verlichting en de geest van de Revolutie werden in de jaren daarna alleen maar sterker. In 1794 kon hij niet meer naar zijn vaderstad terugkeren omdat de Fransen de keurvorst van Keulen gevangen hadden genomen. Hij zou de rest van zijn leven in Wenen blijven.

Christian Gottlob NeefeChristian Gottlob Neefe (1748-1798) Beethovens tweede leraar in Bonn
 
Christian Neefe is, na Tobias Pfeiffer en Beethovens vader, de eerste serieuze leraar van de componist. De relatie tussen de leraar en leerling is meestal gespannen en tenslotte moet Neefe toegeven dat zijn talent niet meer voldoende is om de jonge Beethoven vooruit te kunnen helpen. De 15-jarige Beethoven gaat naar Wenen om Mozart te kunnen ontmoeten maar dat loopt uit in een teleurstelling.

Terwijl de storm van de Revolutie over Frankrijk en het Rijnland raast, woont Beethoven in Wenen. In 1805 zal de progressieve geest van de revolutie in de persoon van Napoleon ook aan de poorten van Wenen staan. Beethoven is zijn bewondering voor Napoleon dan al verloren. Zijn Derde Symfonie, de Eroïca, had hij aanvankelijk aan Napoleon opgedragen. Maar toen deze zichzelf op 2 december 1804 tot keizer van Frankrijk kroonde, was Beethoven diep teleurgesteld en verscheurde hij het titelblad waarop de naam van Napoleon stond.

Eleonore BreuningEleonore Breuning (1771-1841) misschien wel Beethovens eerste grote liefde
 
Eleonore Breuning is een jaar jonger dan Ludwig en groeit op in het adellijke paleis van haar familie op de Münsterplatz in Bonn. De jonge componist wordt de pianoleraar van Eleonore en haar jongere broer Lorenz. Ze hadden ongetwijfeld gevoelens voor elkaar opgevat want het volgende citaat uit een brief van Beethoven die hij in 1793 vanuit Wenen naar haar stuurde, liegt er niet om: “Verehrungswürdige Eleonore, meine theuerste Freundin! Erst nach dem ich nun hier in der Hauptstadt bald ein ganzes Jahr verlebt habe, erhalten sie von mir einen Brief … oh, wie viel gäbe ich dafür, wäre ich im Stande meine damalige mich so sehr entehrende, sonst meinem Charakter zuwider laufende Art zu handeln ganz aus meinem Leben tilgen zu können … .” Eleonore wordt door velen beschouwd als de eerste liefde van Beethoven.