Het dictaat van de zelfverbetering van Frits de Lange
voor zichzelf,
gaat er gemakkelijk
aan onderdoor
Loesje
Vorige week schreef ik hier iets over het verband tussen individualisme en depressie in het kader van het communitarisme van de Canadese filosoof Charles Taylor. Depressie lijkt volksziekte nummer één aan het worden. Frits de Lange schrijft in Het dictaat van de zelfverbetering (afgelopen weekend in Trouw ) dat er in 2006 ruim één miljoen Nederlanders anti-depressiva gebruikten, ruim 6% van de bevolking. Tussen 1993 en 1998 nam het aantal depresssieve stoornissen toe met 63% en het aantal recepten voor antidepressiva met 278%. Tussen 1999 en 2006 is het gebruik van anti-depressiva nog eens verdubbeld. In zijn essay probeert hij een verklaring te vinden voor deze depressiegolf. Daarin verwijst hij enkele malen naar het boek De depressie-epidemie van Trudy Dehue (zie kader onder) en naar Nietzsche :
Bron: trouw.nl
Frits de Lange
het dictaat van de zelfverbetering
Bron: trouw.nl
de categorische imperatief
van het soevereine individu.
Hij moet onophoudelijk
„aan zichzelf werken„.
Frits de Lange
het dictaat van de zelfverbetering
De Lange wijst aan het slot van zijn essay twee wegen aan die uit de depressie kunnen voeren: 1. onszelf verliezen in de ander en 2. zelfacceptatie. Als ethicus verplicht hij zich binnen een humanistisch kader en reikt ook een oplossing aan die binnen onszelf ligt. Dat is mijns inziens een zwak punt. Bij de eerste weg uit de depressie wijst hij naar datgene wat van buiten op ons afkomt, in het bijzonder degene die wijzelf niet zijn, kortom de ander, als mogelijke oplossing. Want “iets of iemand anders moet ons toch uit de baan om die zwarte zon kunnen stoten?” De doorbraak uit het ik naar de ander wordt door hem terecht als een weg uit de depressie aangewezen. Maar wanneer deze ander nooit de Ander wordt, blijven we binnen de horizon van het menselijke . Je breekt misschien wel uit de eigen gevangenis, maar tenslotte kom je bij een andere mens in zijn cel, misschien wel iemand die aan een nog ernstigere depressie lijdt, of gaat lijden. Van de regen in de drup. De ‘dood van God’ stond bij Nietzsche voor ‘de afrekening met de illusie van een morele wereldorde’ schrijft De Lange. Hier ligt een kans om de Ander binnen te laten, niet als ‘de illusie van een morele wereldorde bij Nietzsche‘, maar als de Weg, de Waarheid en het Leven. Maar dat is waarschijnlijk te dwingend geformuleerd voor de heroïsche identiteit.
De depressie-epidemie
Trudy Dehue bespreekt de geschiedenis van neerslachtigheid. Ze bestudeert de claims van de biopsychiatrie, analyseert de commercialisering van het psychiatrisch onderzoek en de inhoud van de anti-depressivareclames. Ze betoogt dat gangbare verklaringen voor de toename van depressie niet houdbaar of niet volledig zijn. De depressie-epidemie belicht het proces waarin het ideaal van de maakbare samenleving werd ingeruild voor dat van het maakbare individu. Benadrukten we voorheen omstandigheden als oorzaak van ellende, tegenwoordig gaat de aandacht naar het individuele brein. Daarbij werden we zelf verantwoordelijk voor wat ons vroeger gewoon overkwam. Want nu succes een keuze is geworden, geldt dat voor mislukking evenzeer. ( Bron: augustus.nl )
download het eerste hoofdstuk [ PDF ]
De depressie-epidemie
Het Calvijnjaar is losgebarsten en dagblad Trouw besteedt daar uitgebreid aandacht aan. Afgelopen weekend verscheen in het katern Letter & Geest een essay van Lodewijk Dros waarin hij de zwalkende betekenis van het begrip ‘calvinistisch’ onderzoekt: 

De persen draaien. Het gaat gebeuren. Op d.v. 12 januari 2009 verschijnt Calvijn! Een eenmalige glossy over de staat van het Nederlands calvinisme heden ten dage. Het is een wonderlijke combinatie gebleken; glossy en calvinisme. Het heeft Calvijn! een geheel eigen inhoud en uiterlijk gegeven. Al een jaar geleden verraste Michaël Zeeman met een opzienbarend artikel in de Volkskrant over de plaats van het calvinisme in Nederland. Hij diept zijn gedachten hierover in deze glossy verder uit in gesprek met James Kennedy. Met zangeres Wende Snijders spraken we over het woord en de kracht van woorden, want woorden staan bij calvinisten hoog in het vaandel. Freek de Jonge schreef speciaal voor deze glossy zijn eigen geloofsbelijdenis. Fred van Lieburg maakte een calvinistische canon. In een straatmodereportage laten we zien wat calvinisten zoal dragen. En wat te denken van de Staphorstdocumentaires, ook hiervan een verslag. We gingen op onderzoek uit bij de „Underground Calvinists„. We zapten door de Institutie (Calvijns standaardwerk). Keken door de blik van een calvinist naar een urbane omgeving. John Exalto legt uit waarom calvinisten Calvijn niet hoeven te lezen. En Herman Pleij waarom Nederland in het geheel niet calvinistisch is. Obama schijnt trouwens geen moslim maar calvinist te zijn. En wat dies meer zij. Zoals bijvoorbeeld Agnes Amelink in gesprek met Antoine Bodar. Een interview met de nieuwe directeur van het Nationaal Historisch Museum, Valentijn Byvanck. Maxima. Calvijn op Zuid, het curriculum van Calvijn, Calvijn op de sofa, een citaat van Calvijn. En ‘Oudvaders revisited’; ‘Calvijn is só 2009′.












