Categorie archief: religie

de geile en de heilige berg

Enkele beschouwingen bij het lezen van de Metamorphosen
met betrekking tot de Westerse kunstgeschiedenis

Van de Griekse goden leer je weinig wijsheid. Ze zijn eigenlijk net als wij, verliefd, jaloers, wraakzuchtig. De oppergod is een geile baas die vanaf de Olympus badende meisjes beloert. Die berg is overigens meer een plaats van lichte zeden dan een plek waar hoogstaande personen resideren. Voortdurend worden de Olympiërs verliefd, op elkaar of op stervelingen.

Negen jaar geleden was ik aan de voet van die andere berg in Noord-Griekenland, de Athos (2033 m), na de Olympus (2917 m) en de Moussala (2925 m) in Bulgarije een van de hoogste bergen in Zuid-Oost Europa. Daar ontmoette ik drie Italiaanse mannen uit Rome, drie Romeinen dus, die na de Olympus ook de Athos gingen beklimmen. Anders dan de Moussala die ik twee jaar geleden bij het Rilaklooster in Bularije zag, is de Athos een majestueuze berg die pal uit de zee oprijst tot een hoogte van ruim twee kilometer.

De Athos wordt overigens ook al in het eerste boek van de Metamorphosen genoemd. Maar toen was het nog niet de Heilige Berg die het sinds 963 is. Het schiereiland waar de Athos ligt, wordt de Tuin van de Moeder Gods genoemd en is alleen toegankelijk voor mannen. Er liggen tientallen kloosters en skites die door duizenden monniken bewoond worden. De Athos en de Olympus zijn voor mij symbolen van het orthodox-christelijke Griekenland en het antieke heidense Griekenland. Op de Athos heerst kuisheid, op de Olympus vooral hartstocht en overspel.

Adam als jonge god door Michelangelo

En toen ontdekte men in de Renaissance die antieke godenwereld weer. Het had een magnetische aantrekkingskracht op schrijvers, dichters, beeldhouwers en schilders. Waarom was die aantrekkingskracht eigenlijk zo groot? Ik denk dat de zintuigen en hartstochten een enorme injectie kregen van al die welgevormde nimfen en geile saters. Dus ontstonden er voorstellingen van pastorale landschappen met badende nimfen, mythologische wezens en vrijende paartjes. Die deden het natuurlijk goed in de paleizen die de rijken voor zichzelf hadden laten bouwen.

In de kerk komen deze expliciete voorstellingen aanvankelijk niet voor. Maar al snel treedt er een vermenging op tussen klassieke mythologische en christelijke thema’s. De Moeder Gods wordt dan voorgesteld als herderinnetje in een arcadisch landschap terwijl cherubijntjes met rozige billetjes in de lucht bungelen. Maar het echte bloot komt de kerk nog niet binnen. Dat verandert pas in 1508 wanneer Michelangelo de Sixtijnse kapel onder handen gaat nemen. De paus vindt het allemaal prachtig, maar een kardinaal merkt op dat zulke fresco’s in een taveerne thuishoren en niet in een kerk. Maar het hek is nu van de dam en de vergeestelijkte Middeleeuwse kunst heeft definitief plaats gemaakt voor de zintuigprikkelende kunst van de antieken. De goden met hun fraaie lijven zijn afgedaald van de Olympus om de plaats in te gaan nemen van Bijbelfiguren. Adam en David worden jonge goden en de Moeder Gods wordt een kruising tussen de kuise Diana en de beeldschone Venus.

Hemel van de PausLeestip
Ross King, De Hemel van de Paus
Toen Michelangelo in 1508 van Julius II de opdracht kreeg het gewelf van de Sixtijnse kapel te beschilderen, had hij weinig ervaring met het maken van fresco’s. Toch nam hij de opdracht aan.
 
 

grieks-romeins

DionysosDe Griekse goden in de Metamorphosen hebben Romeinse namen gekregen. De bekendste kennen we wel: De oppergod Zeus werd Jupiter, zijn vrouw Hera werd Juno, Hermes werd Mercurius, Poseidon werd Neptunes, Aphrodite werd Venus, Pallas Athene werd Minerva en Dionysos werd Bacchus. Maar hoe zit het met de andere goden en godinnen? Hoe heette de godin van de jacht bijvoorbeeld in het Grieks en in het Latijn? En hoe heette de oorlogsgod Mars bij de Grieken? Op de encyclopedia mythica, een van de grootste mythologiewebsites die op het internet te vinden zijn, staat een lijst met goden- en godinnennamen bij de grieken en de romeinen. Van Amphitrite tot Zephyrus, compleet met een bio. Er is ook een lijst romeins-grieks en een stamboom ontbreekt ook niet.

het godvormige gat van greene

gisterenavond gezien: The end of the affair (1999)
naar het gelijknamige boek van Graham Greene

Ik had Greeneland, het universum dat Graham Greene geschapen heeft, nog nooit betreden. Julianne MooreDe film noir (in kleur) The End of the affair die gisteren door de Canvas werd uitgezonden, was mijn eerste kennismaking.

Karel van het Reve heeft de gebroeders Karamazov wel eens een detective genoemd, terwijl het voor mij in de eerste plaats een religieus boek is. Zo vond ik de verfilming van Greene’s boek ook niet direct een thriller (één privédetective maakt nog geen detectiveverhaal), maar vooral een religieuze film. God speelt in het verhaal een rol als ‘godvormig gat’ dat uiteindelijk via een belofte een hartstochtelijke liefdesrelatie sublimeert tot geestelijke liefdesrelatie met de ander in God. Dat betekent onverbiddelijk het einde van de affaire. Prachtig gespeeld door Julianne Moore.

Tijdens de tweede wereldoorlog had schrijver Maurice Bendix (Ralph Fiennes) een passionele relatie met Sarah Miles (Julianne Moore), de vrouw van een Britse politicus.Tijdens één van hun vele seksuele ontmoetingen, slaat er plots een V1 bom in op hun liefdesnestje en daarop maakt Sarah een abrupt einde aan hun relatie.
 
Ongeveer 2 jaar later ontmoet Maurice Sarahs man Henry Miles (Stephen Rea) en als hij hem naar huis begeleidt, ontmoet hij Sarah opnieuw. De oude gevoelens laaien opnieuw op. Deze keer heeft Maurice wel vernomen van Henry dat zijn vrouw hem waarschijnlijk bedriegt en vol van jaloezie huurt hij de privé-detective Mr.Parkis (Ian Hart) in om Sarah te schaduwen.
 
In het eerste deel van de film zien we dit verhaal vanuit het standpunt van Maurice die wil weten waarom ze destijds een einde aan hun verhouding heeft gemaakt. In het tweede deel zien we het verhaal aan de hand van het dagboek van Sarah, dat door de detective aan Maurice werd gegeven. Nu zien we een heel ander en onthullend verhaal, dat Maurice doet inzien dat ze nog zeer veel van hem houdt. In het derde deel zien we hoe deze emotionele thriller overgaat in een soort theologische thriller, waarin zelfs een klein menselijk mirakel geschiedt.
 
Bron: kutsite.com/recensie

Graham GreeneHenry Graham Greene was in 1926 roomskatholiek geworden; het geloof, en vooral religieuze twijfel, speelde een overheersende rol in al zijn grote romans. Zo zwerft in The Power and the Glory (1940) een drinkebroer-priester door revolutionair Mexico, voortdurend op het punt zijn God te verraden; terwijl in The Heart of the Matter (1948) een andere sanctified sinner ten onder gaat in een corrupte West-Afrikaanse kolonie. Maar Greene’s katholicisme was allesbehalve dogmatisch. ‘s Heren wegen zijn bij hem ondoorgrondelijk, de genade Gods wordt geheel willekeurig over de mensheid verdeeld, en de bewoners van ‘Greeneland’ (zoals Greene’s universum door zijn fans wordt genoemd) worden eigenlijk vooral door wanhoop naar het geloof getrokken.

the end of the affairKlassieker
 
Graham Greene’s boek The end of the affair werd in 1955 al verfilmd door Edward Dmytryk met in de hoofdrollen Deborah Kerr en Van Johnson.

bespreking door Jan Willem van de Maat
filmrecensies op moviemeter.nl