
olieverf op geprepareerd papier
In november 2014 maakte ik een kopie van keizer Commodus als Hercules.

In november 2014 maakte ik een kopie van keizer Commodus als Hercules.
Mijn schilderkunstige ideaal ligt bij schilders als Diego Velásquez of John Singer Sargent met hun vermogen om door de verf heen te kijken. En Rembrandt natuurlijk. Het brede gebaar is iets dat met de jaren komt. Om iets losjes maar geloofwaardig te schilderen, moet je eerst heel precies gekeken hebben (en met verf precies gevolgd hebben). Pas als je de grenzen kent, kun je er vrijer mee omgaan. Als je over een slap koord wilt lopen, moet je eerst duizenden malen over een strak koord gelopen hebben.
De laatste jaren heb ik mijn ideale meesters als voorbeeld even opzij gezet en ben ik classicistische meesters gaan volgen, schilders die op de millimeter werken. De Franse schilders zetten daarin de toon in het laatste kwart van de achttiende eeuw, met Jacques-Louis David aan kop. De classicistische stijl bleef in Frankrijk de hele negentiende eeuw doorwerken in de officiële stijl van de Académie. De classicistische stijl werd in de jaren twintig bekritiseerd door Delacroix en de romantische schilders, in de jaren vijftig door Courbet en de realistische schilders en tenslotte vanaf de jaren zestig door Manet en de impressionisten.

De Belgische schilder François-Joseph Navez (1787-1869) was een leerling van Jacques-Louis David. Tussen 1817 en 1822 verbleef hij in Italië. Bij zijn terugkomst in België schilderde hij bovenstaande portret van een Italiaanse herdersfamilie. Tussen 1835 en 1862 was hij de directeur van de Académie Royale des Beaux-Arts in Brussels. In Nederland is Cornelis Kruseman, die eveneens in Italië verbleef en ook al graag herderinnetjes schilderde, sterk aan hem verwant.

Ook de Franse classicist Jean-Auguste-Dominique Ingres was een leerling van Jacques-Louis David. Al op 21-jarige leeftijd won hij in 1801 de prestigieuze “Prix de Rome” met het neoclassicistische werk Achilles ontvangt de afgezanten van Agamemnon. Maar wegens geldgebrek kon hij pas in 1806 naar Italië afreizen. Zijn bekendste werken zijn Odalisque (1814) en Het Turkse bad (1862). Dit late meesterwerk schilderde hij toen hij 82 was. Ingres bereikte in de classicistische stijl de hoogst haalbare perfectie.

William-Adolphe Bouguereau ging gewoon door in de traditie van de Franse Académie terwijl al een hele generatie schilders was opgestaan tegen de conventies van de classicistische stijl en thematiek. Net als Ingres kwam hij tot de technische perfectie. Tegelijkertijd kun je bij zijn schilderijen voorstellen waarom deze vanuit de moderne schilderkunst “zielloos” worden genoemd. Maar het portret van Gabrielle Cot uit 1890 blijft intussen wel een schitterende variatie op het meisje met de parel van Vermeer.

volg de meester [ 1-56 ] | van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan
In de voetsporen van Heidegger
Voetnoten bij de 19e eeuw
Amerikaanse Burgeroorlog
Napoleon en zijn schilders
Landschapsschilders uit de Goethezeit
Schilders in Italië
De schilder en zijn broodheer
De waakzaamheid van het hart
Ovidius’ Metamorphosen
Dantes Divina Commedia
Wolkenkrabbers
Op zoek naar de atoomstijl
Een avontuur van luitenant Blueberry
My favourite things