Cornelis Kruseman (1797-1857)
August Riedel (1799-1883)
Het neoclassicisme was in het eerste kwart van de negentiende eeuw de tegenhanger van de romantiek. Het neoclassicisme is apollinisch, de romantiek dionysisch. Beheersing vs. overgave. Lijn vs. kleur. Verstand vs gevoel. Het is niet verwonderlijk dat het neoclassicisme tijdens de Franse Revolutie en daarna onder Napoleon de officiële staatskunst werd. De staat wilde de burger opvoeden en gebood orde, zelfbeheersing en deugdzaamheid. In 1815 werd de orde van vóór 1789 hersteld en keerde de monarchie overal in Europa terug.
Tijdens de Restauratie kwam een burgerlijk idealisme in de mode onder de naam Biedermeier. Het huiselijke tafereel en het familiegeluk speelden daarin een belangrijke rol. De gladde manier van schilderen van het neoclassicisme vond in de Biedermeier een nieuwe toepassing. In de jaren dertig en veertig werd er glad en gedetailleerd geschilderd. Het brede gebaar in verf deed tijdens de Restauratie teveel denken aan revolutie en rebellie. In de Duitstalige landen was de repressie het grootst. De monarchie bande alles uit dat neigde naar het onstuimige, ook in de kunst. Na 1848 zou dit gaan veranderen.

wol spinnende vrouwen in Fondi (1845)
vond in de Biedermeier
een nieuwe toepassing.
Bron: nl.wikipedia.org

de drie zusters (1848)
Bron: nl.wikipedia.org

Bron: nl.wikipedia.org


Een moeder uit Alvito (1848)


















