Stedelijk Museum Zwolle 16 oktober 2011 t/m 11 maart 2012
Het verhaal van de Moderne Devotie brengt het verhaal van deze religieuze beweging aan het eind van de 14de eeuw met Zwolle als een van de bakermatten. Geert Grote, de grondlegger, vond zijn tijdgenoten te individualistisch, materialistisch en teveel gericht op status. Hij wilde dat de mensen zouden leven zoals de eerste christenen en een nieuwe vurige innigheid van het hart zouden voelen. Samen het brood breken en zorgen dat niemand gebrek lijdt, dat was zijn ideaal. Hij gaf ook ongezouten kritiek op de geestelijkheid die samenleefde met vrouwen en kerkelijke baantjes binnensleepten vanwege de goede salarissen. Deze boodschap vond veel weerklank in de Nederlanden en het Rijngebied. Er werden kloosters gesticht in de geest van deze Moderne Devotie. Nieuwe gemeenschappen van broeders en zusters van het gemene (gewone) leven wijdden hun leven aan Christus, terwijl zij samen hun geld verdienden met handwerk, zoals het maken van prachtig verluchte boeken.Bron: stedelijkmuseumzwolle.nl

Bron: stedelijkmuseumzwolle.nl
Op 16 oktober 2011 15.00 uur wordt de tentoonstelling Door Geloof Gedreven geopend door priester en professor Antoine Bodar, waarbij hij tevens de kunstenaars interviewt. Dit interview is na de opening terug te zien op stedelijkmuseumzwolle.nl
De Duitse toneelspeler en regisseur 


De Duitse filmpionier
Na bijna negentig jaar maakt de film nog steeds indruk. Toch kijk ik naar deze film vanuit een andere houding dan ik gewend ben. De cinematografie is beperkt, de traagheid vergt veel van het geduld, het acteerwerk is theatraal. Het is duidelijk een film uit een heel andere tijd. Maar dat maakt het juist zo spannend. De zwijgende film vraagt om een bepaalde manier van acteren en de primitieve cinematografie dwingt tot een bepaalde manier van vertellen. 


Während Fritz Lang sich mit diesem Film endgültig seinen Status als bildgewaltiger Regisseur verschaffte, war er für die Ufa bestens geeignet, mit ihrem hochmodernen Technikpark international zu reüssieren. Die Nibelungen gilt als bis dahin teuerste deutsche Filmproduktion. Die Vorbereitungszeit für Drehbuch, Bauten und Kostüme umfasste ein halbes Jahr, in dem ein künstlicher Wald mit neun Meter hohen Bäumen im Studio erbaut und ein 21 meter langer Drache mit lebensechten Bewegungsabläufen erschaffen wurde. Ein Vierteljahr lang kamen in der Wohnung Langs und von Harbous die Kameraleute Carl Hoffmann und Günther Rittau, der Komponist Gottfried Huppertz, der Maskenbildner Otto Genath, die Architekten Otto Hunte und Erich Kettelhut sowie der Techniker Karl Vollbrecht und der Kostümbildner Paul Gerd Guderian zu ausgedehnten Regiesitzungen zusammen. Dabei wurde jedes Detail, von den aufwendigen Bauten bis hin zum Gang eines Darstellers, diskutiert.












