Categorie archief: schilderkunst

Italiëgangers [ 15 ]

Thomas Worthington Whittredge (1820-1910)

Thomas Worthington WhittredgeDe Amerikaanse landschapsschilder Thomas Worthington Whittredge verbleef van zijn negenentwintigste tot aan zijn negenendertigste in Europa (1849-1859) en maakte er vele reizen. Een daarvan bracht hem in Rome waar hij zoals ontelbare kunstenaars vóór hem het Italiaanse landschap en de ruïnes uit de Oudheid schilderde. Een daarvan was Tusculum (nabij het huidige Tuscolo) even ten zuiden van Rome. In 1839 had de architect en archeoloog Luigi Canina in opdracht van het koningshuis van Sardinië het antieke Tusculum opgegraven. Toen Whittredge de plek in de jaren vijftig bezocht, was de ruïne van het amphitheater dus niet zo lang geleden uit zijn duizendjarige slaap ontwaakt en lag weer open en bloot onder de hemel van Latium in een kurkdroog landschap. Dat heeft hij treffend geschilderd nadat hij zich eerst flink had laten bijscholen aan de prestigieuze kunstacademie in Düsseldorf. Het schilderij hangt tegenwoordig in het Smithsonian American Art Museum.

Whittredge
uit de autobiografie van Worthington Whittredge (Ayer Publishing 1969)
Tusculum"
The Amphitheatre of Tusculum and Albano Mountains Rome 1860 ( 24 x 40 inch )
A thatched hut and meager yard appear in the shadow of a cloud, signifying the poverty that struck American travelers as powerfully as the magnificent ruins.
Tusculum"
details
Worthington Whittredge was among many American artists who traveled to Europe in the nineteenth century. The ancient culture of Italy offered a poignant tale of faded glory that contrasted sharply with America’s rise to economic and political power. Whittredge showed the ruins of the amphitheatre at Tusculum in the harsh light of day. Indolent shepherds nod off and goats graze where Rome’s actors and playwrights once took their bows. A thatched hut and meager yard appear in the shadow of a cloud, signifying the poverty that struck American travelers as powerfully as the magnificent ruins. The United States stood on the threshold of the Gilded Age, when public art and architecture would follow the model of ancient Rome and Greece.
 
Bron: americanart.si.edu
Tusculum"
amphitheater van Tusculum

Thomas Worthington Whittredge [ en.wikipedia.org ]

eerlijke aanschouwing

de genreschilderijen van Ferdinand Georg Waldmüller (1793-1865)

Ouder worden is fantastisch. Je krijgt opnieuw de kans de wereld te zien met de ogen en de verwondering van een kind. Neem het portret dat de Oostenrijkse schilder Ferdinand Georg Waldmüller in 1819 maakte van de moeder van de Hauptmann Stierle-Holzmeister. Stijfburgerlijker kan het bijna niet. Toen ik aan de kunstacademie studeerde, keurde ik Biedermeier schilderijen geen blik waardig. Pieterpeuterige truttigheid, zo oordeelde ik.

Waldmüller 1819
die Mutter des Hauptmann Stierle-Holzmeister 1819
Jetzt war auch mit einem Male die Binde vor meinem Auge gefallen. Der einzig rechte Weg, der ewige, unerschöpfliche Born aller Kunst: Anschauung, Auffassung und Verständnis der Natur hatte sich vor mir aufgetan.

Ferdinand Georg Waldmüller

Pas later kon ik gaan zien dat ik mij geconformeerd had aan de heersende visie in de jaren tachtig op de kunstacademie. De échte en interessante kunst begon pas bij Van Gogh en vooral aan het begin van de twintigste eeuw. De canon die we via de History of Art (H.W. Janson, 1963) kregen aangereikt, was samengesteld met de bril van het modernisme op. In de negentiende eeuw werden Turner, Corot en Manet er uitgelicht omdat hun werk als aanloop werd gezien naar het impressionisme, dat als het hoogtepunt van de negentiende eeuwse schilderkunst werd beschouwd. De nadruk werd gelegd op schilders die rebelleerden tegen de schilderkunst die op de kunstacademies gepropageerd werd en die onder invloed stond van de machtige Franse Académie des Beaux Arts. Als je het hoofd boven water wilde houden, dan moest je je aanpassen.

Daarom zag ik schilders die hun eigen weg volgden, zoals de impressionisten en Van Gogh als mijn helden, zelfs een beetje als martelaren. Want ze geloofden in hun afwijkende maar hoogstpersoonlijke visie en waren bereid daarvoor armoede en miskenning te lijden. Zo keek ik rond mijn twintigste naar de schilderkunst van de negentiende eeuw. Pas veel later ging ik nuances zien. Want ook de ontelbare schilders die zich wéll hadden aangepast, kenden het conflict tussen individu en instituut. Bij een enkeling verliep de carrière inderdaad gladjes omdat deze zich had geconformeerd. Voor het geploeter met het ambacht had ik nauwelijks oog. Integendeel, een fabelachtige techniek zag ik meestal als een gebrek aan persoonlijke expressie en verbeeldingskracht.

MetternichDe schilderkunst die we Biedermeier zijn gaan noemen, dateert uit een periode waarin de Franse Revolutie werd teruggedraaid en die als de Restauratie (in Duitsland als ‘Vormärz‘) in de geschiedenis is opgenomen. Het was een tijd van ‘doen alsof er niets gebeurd is’, het vermijden van conflicten en opgelegde burgerlijke tevredenheid. Ondertussen namen de repressie en sociale misstanden toe totdat uiteindelijk het revolutiejaar 1848 aanbrak en de architecten van de Restauratie niet langer kon wegkijken. Tijdens de Restauratie probeerde men de blik vooral te richten op niet-politieke zaken, op kleine dingen zoals het huiselijke. De schilders gingen in de afgewende blik voorop. Ferdinand Georg Waldmüller is een typische Biedermeier schilder die zich had toegelegd op genreschilderijen en schilderde huiselijke en dorpse taferelen.Waldmüller is 22 wanneer in zijn geboortestad het Congres van Wenen begint en Metternich met Engelse toestemming het continent de Restauratie oplegt. Waldmüller leeft in de meest reactionaire stad van Europa. Alles dat naar revolutie riekt, wordt hardhandig de kop ingedrukt. Pas na zijn zestigste durft Waldmüller zich maatschappijkritisch uit te laten, zoals in zijn bekende schilderijen Die Klostersupe (1858) en Nach der Pfändung. Die Delogierten (1859).

Waldmüller
Nach der Pfändung. Die Delogierten 1859
Pas na zijn zestigste durfde Waldmüller in zijn genreschilderijen een maatschappijkritische boodschap te verbergen

Maar nu terug naar het portret van de moeder van de Hauptmann Stierle-Holzmeister dat permanent te zien is in de Nationalgalerie in Berlijn. Daar hangt het naast het portret van haar zoon die de opdracht gaf. Het was een van de eerste portretopdrachten die Waldmüller kreeg en de enige aanwijzing die de opdrachtgever gaf, was dat hij zijn moeder precies zo moest laten zien zoals ze was. Op het eerste gezicht is het oude vrouwtje bijna afstotend door haar burgerlijke stijfheid. Maar wanneer je door de oppervlakte van het beeld heen kijkt en ziet wat Waldmüller zag, opent zich een ruimte. De schilder heeft het in zijn biografie zo opgetekend:

Herr Hauptmann von Stierle-Holzmeister beauftragte mich, das Portait seiner Mutter zu malen. Aber – so sprach er zu mir – malen Sie mir sie genau, so wie sie ist. Diesem Auftrag gemäß versuchte ich es nun, bei diesem Portraite die Natur mit der größten Treue wiederzugeben – und es gelang! Jetzt war auch mit einem Male die Binde vor meinem Auge gefallen. Der einzig rechte Weg, der ewige, unerschöpfliche Born aller Kunst: Anschauung, Auffassung und Verständnis der Natur hatte sich vor mir aufgetan.

Ferdinand Georg Waldmüller [ de.wikipedia.org ]

troost

onverteerbare zwarte romantiek en licht verteerbare burgerlijke romantiek
Caspar David Friedrich en Ludwig Adrian Richter

Om het verschil tussen landschapsschilderkunst van de Romantiek en van de Biedermeier duidelijk te maken, worden door kunsthistorici vaak twee schilders uit Dresden tegenover elkaar gezet: Caspar David Friedrich (1774-1840) en Ludwig Adrian Richter (1803-1884). Of beter gezegd, twee van hun bekendste schilderijen: Mönch am Meer (1808/10) van Friedrich en See im Riesengebirge (1839) van Richter.

Caspar David Friedrich
Caspar David Friedrich
Mönch am Meer, 1808/10

Mönch am Meer illustreert de zware, donkere en diepe variant van de Romantiek en heeft eigenlijk helemaal niets ‘romantisch’. Friedrich schildert hier een grenservaring. De monnik staat met de rug naar ons toe zodat we ons gemakkelijker met hem kunnen identificeren. Hij staat tegenover een immense, onheilspellende en zwijgende ruimte. De oceaan in zijn existentiële naaktheid. Heinrich von Kleist (die in 1811 zelfmoord zou plegen) schreef met Empfindungen zu Friedrichs Seelandschaft misschien wel het beroemdste commentaar bij dit kale landschapsschilderij: „so ist es, wenn man es betrachtet, als ob einem die Augenlider weggeschnitten wären“. Ik moet bij deze beschrijving onmiddellijk denken aan de scene uit a Clockwork Orange waarin Alex met wijd opengespalkte ogen schokkende beelden op zijn netvlies geprojecteerd krijgt. Mönch am Meer is minimalistisch geschilderd, maar toont daardoor juist teveel, meer dan we verdragen kunnen.

Ludwig Adrian Richter
Ludwig Adrian Richter
See im Riesengebirge, 1839

Halverwege de jaren dertig schildert Ludwig Adrian Richter met See im Riesengebirge een light-variant op Friedrichs schilderij. Ook hier zien we een donkere en dreigende lucht en een onherbergzame natuur. We zien een man, een jongen en een hond. Ze zijn hier niet als de monnik voor de contemplatie, maar om er weer zo snel mogelijk weg te zijn. Het onherbergzame landschap is geen eindpunt, maar een tussenstation. De man loopt vastberaden door tegen de wind in terwijl de jongen hoopvol kijkt naar de opklaring in de verte. Een dergelijke nooduitgang is kenmerkend voor de Biedermeier. Het naakte en onzekere bestaan wordt bedekt met een geruststellende gedachte.

Ludwig Adrian Richter
Ludwig Adrian Richter
Genoveva in der Waldeinsamkeit, 1841
Waldeinsamkeit,
Die mich erfreut,
So morgen wie heut
In ewger Zeit,
O wie mich freut
Waldeinsamkeit.

Ook het schilderij Genoveva in der Waldeinsamkeit is een geruststellend Biedermeier tafereeltje. Richter ontleent het woord Waldeinsamkeit aan het kunstsprookje Der blonde Eckbert van Tieck. De betekenis van dit woord is absoluut niet zo idyllisch als Richter het hier voorstelt. In Tiecks sprookje staat Waldeinsamheit niet alleen voor geborgenheid in het bos, maar ook voor ongeborgenheid in een duistere en onvoorspelbare oerruimte. Maar Genoveva in der Waldeinsamkeit is een bekoorlijk plaatje dat de burgerij een vlucht aanbiedt in een geïdealiseerde natuur. Zoiets zou Friedrich, voor wie de natuur ook stond voor ‘das ganz andere’, nooit in zijn hoofd halen.

Ludwig Adrian Richter [ de.wikipedia.org ]