Categorie archief: schilderkunst

de nieuwe mensch

tentoonstelling over Willem van Konijnenburg (1868-1943)
in Haags Gemeentemuseum, 1 september t/m 16 december 2007

Willem van KonijnenburgHet werk van Willem van Konijnenburg is een bijzondere mix van laat-negentiende eeuws symbolisme en vroeg-twintigste eeuws modernisme. Hij leefde in het tijdsgewricht waarin de wereld definitief van aangezicht veranderde. Met het geweld van de Eerste Wereldoorlog knalde de negentiende eeuw voorgoed weg en kwam er een nieuwe wereld voor in de plaats. Voor modernisten was deze sereen en bevrijd van alle bombast, voor romantici was de nieuwe wereld zakelijk en kil. Maar de laat-negentiende eeuwse exaltatie was na 1918 niet verstomd, integendeel. In het interbellum schetterden kreten als de Nieuwe Mensch en het Hoogere luider als ooit tevoren. Een geluid dat je gemakkelijk met fascisme kunt associeren. Van Konijnenburg was een van de velen die zich zowel door het symbolisme als modernisme heeft laten beinvloeden, maar is minder bekend dan Jan Toorop. Ze delen samen veel sfinxachtige portretten en van mysterie zwangere voorstellingen.

Na 1900 is er (… ) sprake van een koerswijziging in Van Konijnenburgs artistieke ontwikkeling. Hij begon zich uitvoerig te verdiepen in een breed scala van onderwerpen als filosofie, ethiek, logica en esthetica Waartoe dit zoeken had geleid, liet Van Konijnenburg zien in De apotheose van het landschap , een geheel van zeventien geschilderde taferelen die hij in 1905/1906 maakte voor de vakken tussen de ramen in de eerste-klasse salon van raderstoomboot ‘W.F. Leemans’ van Fop Smit & Co. Elk van deze schilderingen verbeeldt in delen van het landschap een denkbeeld – een herder met schapen op de heide drukt bijvoorbeeld ‘rust’ uit -, terwijl het werk als geheel de stelling wil illustreren dat de natuur er mag zijn, maar dat zij onder de kunst staat. Eerst in de kunst vindt de natuur haar apotheose. Het naturalisme van Van Konijnenburgs impressionistische landschappen is hier ver te zoeken. Het sterk doorgevoerde lineair perspectief, de houding en de anatomie van de figuren getuigen van een stilistische oriëntatie op de kunst van de Italiaanse renaissance, met name op die van Michelangelo.

Bron: kunstbus.nl

Willem van Konijnenburg [ gemeentemuseum.nl ]

Mrs. Feelgood

De frisse illustraties van Jon Whitcomb (1906-1988)
en Coby Whitmore (1913-1988) uit de jaren veertig en vijftig

In 1934 voegde Jon Whitcomb uit Cleveland zich bij de Charles E. Cooper Studio in New York. Dit zou de geschiedenis van de Amerikaanse illustratie gaan veranderen. Whitcomb brak met de stijl van de Saturdag Evening Post, waarvan Norman Rockwell een van de bekendste vertegenwoordigers was. Deze stijl werd in grote mate bepaald door olieverf die sterk realistische voorstellingen mogelijk maakte. Maar Whitcomb schakelde over naar gouache omdat dit veel sneller werkte. De illustraties werden platter, maar kregen wel een veel grotere directheid en aantrekkingskracht. In 1943 sloot een andere mid-westener, Coby Whitmore zich bij de studio aan en vanaf dat moment zou de Cooper Studio tot ver in de jaren vijftig bepalend worden voor de Amerikaanse illustratie.

Illustratie van Jon Whitcomb
meer illustraties van Jon Whitcomb

In het werk van Whitcomb , Whitmore en de zgn. Cool School wemelt het van frisse en energieke schoonheden, het type vrouw dat de lezer van Amerikaanse tijdschriften graag voor zich zag. Dat is vandaag niet veel veranderd. Maar wel heeft in de tijdschriften de fotografie de realistische illustratie geheel verdrongen. Om dezelfde reden waarom Cooper Studio in de jaren dertig overschakelde naar gouache: het werkt sneller en is dus goedkoper.

Jon WhitcombJon Whitcomb
has made his name synonymous with pictures of young love and glamorous, beautiful young women. During World War II, a series of illustrations for advertisements he created on the theme, Back Home for Keeps, became a pin-up fad for women deprived of their husbands or sweethearts. ( … ) In 1934, he moved to New York to combine studio work with free-lance illustration. His first illustrations were for Collier’s, followed by Good Housekeeping, and then the others in succession as Whitcomb’s pretty girls began to attract enthusiastic readership.

His career was interrupted by World War II when he was commissioned a Lieutenant, j.g. in the Navy. His assignments varied from mine-sweeping duty to off the East coast, to the Public Relations Department in Washington, to the Pacific as a combat artist with the invasions of Tinian, Saipan, and Peleliu. After hospitalization for tropical infections, he was discharged in 1945 and resumed his art career. Whitcomb’s writing ability became useful when he began to do a monthly series of sketches and articles about motion picture stars for Cosmopolitan, called On Location with Jon Whitcomb. He has also written several short stories, two children’s books about poodles, Coco, and Pom Pom’s Christmas, and a book about feminine glamour, All About Girls.

Bron: illustration-house.com

Whitmore
Illustratie van Coby Whitmore
meer illustraties van Coby Whitmore

Coby WhitmoreM. Coburn Whitmore, known as “Coby”, described his three primary interests as “racing cars”, “illustrating” and “smart clothes on good-looking women”. The racing cars were a hobby, but he was thoroughly professional in his illustrations of beautiful women. Probably no other illustrator has been so inventive over so long a time in doing variations on the theme of “boy meets girl”. Coby was born in Dayton, Ohio and attended the Dayton Art Institute there. Next, he went to Chicago as an apprentice in the studio of Haddon Sundblom and Edwin Henry, and took night classes at the Chicago Art Institute.

Following his apprenticeship, he worked for the Chicago Herald Examiner and the Charles Jensen studio in Cincinnati, Then he moved to New York for a long association with the Charles E. Cooper Studio, and also began to get illustration assignments from the major magazines, including McCalls, The Ladies Home Journal, Redbook, Good Housekeeping, Cosmopolitan“and Womans Day. May foreign publications purchased the second rights to publish his pictures abroad. Whitmore exhibited at Art Directors shows in New York, Philadelphia, Chicago, and Westchester, winning many awards and citations. He was a member of the Society of Illustrators and was elected to the Hall of Fame in 1978. He was an artist and resident of Hilton Head Island for several years.
 
Bron: askart.com

Freeman Elliott
Een ander talent uit de Cooper Studio
was Freeman Elliott

De illustrators van de Charles E. Cooper Studio
Norman Adams – Larry Baranoic – James Bama – Teasdale Barney – Albert Baxter – Bob Baxter – Sheliah Becket – Wayne Blickenstaff – Joe Bowler – Robert Chambers – John Cornick – Bernard D’Andrea – John Del Gatto – Joe DeMers – James Dwyer – Lorraince Fox – Ruth Gill – Edward Gough – Robert Handville – Nick Hufford – Robert Jones – William Kautz – Anton Kurka – Dick Lee – Robert Levering – Fred Mason – Frank Mullins – Spencer Perlstein – Daniel Price – John Shailer – Don W. Sheffler – Robert Swanson – Herbert Tauss – Murray Tinkelman – Tibor Tors – Marianne Walther – Jon Whitcomb – Coby Whitmore – Bill Whittingham – Ben Wohlberg.

Bron: atmanart.org

Walt Reed The Illustrator in America
van Walt Reed is een standaardwerk dat ik helaas nog niet in mijn bezit heb. In 1964 verscheen de eerste editie die de periode 1900-1960 bestreek. Twintig jaar later breidde Walt Reed samen met zijn zoon Roger het boek uit en werd 100 jaar (1880-1980) Amerikaanse illustraties behandeld. De nieuwste editie werd met nog eens veertig jaar opgerekt en beslaat nu de periode 1860-2000. Het boek bevat werk van 450 illustratoren.

Jon Whitcomb [ americanartarchives.com ]