Categorie archief: Frankrijk

soap uit 1842

Dramatis Personae van Les Mystères de Paris van Eugène Sue

Breedvoerigheid is vaak een kenmerk van de roman uit de negentiende eeuw. De lezer van vroeger had geen televisie of internet maar wel lange avonden tot zijn beschikking. Een roman van meer dan duizend bladzijden was vanwege zijn omvang nog niet afschrikkend. Hetzelfde gold voor het aantal personages. De romanschrijver verwerkte graag verhalen in verhalen en voerde daarbij telkens nieuwe personages op. In de roman-feuilleton speelden meestal tientallen personages mee. Het was de voorloper van de soap, waarbij de lezer dagelijks het wel en wee kon volgen van de hoofdpersonen. Voor het zeer succesvolle vervolgverhaal Les Mystères de Paris van Eugène Sue dat in 1842-1843 in een Franse krant werd gepubliceerd, maakte ik een Dramatis Personae. Dat deed ik niet in de gebruikelijke vorm, met een lijst in de volgorde van opkomst, maar met een visueel overzicht waarin de relaties van de verschillende personages naar voren komen.

Les Mysteres de Paris
Dramatis Personae van Les Mystères de Paris
[ klik op afbeelding voor een PDF ]

In het bovenstaande overzicht zijn bijna 60 personages uit Les Mystères de Paris opgenomen. De hoofdpersonages staan in grotere letters. De kleuren wijzen op de karakters, die bij Eugène Sue vaak eendimensionaal (goed of slecht) zijn. De groene staan voor de nobele karakters, de rode voor de corrupte personen, degenen die tot inkeer komen in oranje. De min of meer neutrale karakters en figuranten staan in geel. De hoofdpersoon Rodolphe staat in paars.

De neven

gisteren gezien op TV5: Les cousins (1959) van Claude Chabrol

les cousins 1959Les cousins (1959) was de tweede film van Claude Chabrol. Ook hier speelt het thema van twee jongemannen die elkaar weer tegenkomen en een tijdje met elkaar optrekken. Ditmaal zijn het geen oude vrienden, zoals in Le beau Serge, maar twee neven, zoals de filmtitel aangeeft. De hoofdrollen in Les cousins worden, net als in Le beau Serge, gespeeld door Gérard Blain en Jean-Claude Brialy.

Het verhaal is even eenvoudig als de filmtitel. Wat de sociale interactie boeiend maakt, zijn de tegenstrijdige karakters van de twee neven Paul en Charles. Paul is een doorgewinterde bohemien die leeft in een appartement in Parijs en meer geniet van de meisjes dan van zijn studie. Zijn neef Charles is vanuit de provincie naar Parijs gekomen voor zijn rechtenstudie en mag bij Paul zijn intrek nemen. Paul’s vriend Clovis, een dertiger met een drankprobleem, komt vaak over de vloer. Net als Paul leidt deze een dandy-achtig bestaan. Als Charles verliefd wordt op Florence, verwijderen de neven zich steeds verder van elkaar en worden de verschillen nog groter.

les cousins 1959
Waar ik erg van genoten heb, is de scene waarin Paul en Charles in een open sportwagen over de Champs-Élysées rijden. Prachtig om het Parijs van 1959 in zwart-wit te zien. Je mag mij daarvoor wakker maken.

Het verhaal van deze nouvelle vague film kon mij niet echt boeien. Ik kijk liever naar de beelden en in het bijzonder naar het tijdsbeeld. Dat is iets dat er automatisch insluipt en dus geen verdienste van Chabrol. Het existentialistische sfeertje van de nouvelle vague voelt na zestig jaar nogal gedateerd aan. De lichtheid en de levendigheid van Les cousins, die mij herinnert aan de films van Jean Renoir, wordt afgewisseld met existentiële zwaarte, maar de verbinding tussen beide polen voel ik niet, waardoor het eerder ingrediënten van de film worden, dan dat ze de film dragen.

Les cousins [ imdb.com ]

De mooie Serge

gezien op TV5: Le beau Serge (1958) van Claude Chabrol

le beau Serge 1958Samen met de vorig jaar overleden Frans filmregisseuse Agnes Varda (1928-2019) en Jean-Luc Godard (1930) stond Claude Chabrol (1930-2010) aan de wieg van de nouvelle vague in Frankrijk. Chabrol wordt vaak als de theoretische grondlegger van deze beweging gezien. Hij was oorspronkelijk filmcriticus en voordat hij op zijn 27e zelf begon te filmen, schreef hij samen met Eric Rohmer (1920-2010) in 1957 een studie over de films van Hitchcock. Chabrol onderging zo sterk de invloed van deze grote filmregisseur dat hij vaak “de Franse Hitchcock” genoemd wordt.

le beau Serge
stills uit Le beau Serge 1958

De Franse zender zendt deze maand zijn eerste films uit. Vrijdag keek ik naar zijn debuutfilm Le beau Serge (1958) en vanavond is Les cousins (1959) aan de beurt, opnieuw met Gérard Blain en Jean-Claude Brialy in de hoofdrollen. In Le beau Serge viel mij de fraaie zwart-wit cinematografie op, met veel oog voor licht-donkerverhoudingen en close ups. Net als Hitchcock was Chabrol duidelijk beïnvloed door de Duitse film uit de jaren twintig met zijn sterke visuele expressies.

Le beau Serge [ imdb.com ]

Urban gothic [ 3 ]

verfilmingen van Les mystères de Paris

les mysteres de Paris 1962De beroemde roman-feuilleton Les mystères de Paris van Eugene Sue werd in de pionierstijd van de film in Frankrijk maar liefst driemaal verfilmd. Een korte verfilming in 1909, een langere in 1912 en in 1922 volgde een derde verfilming in 12 episoden. De roman paste goed in het melodrama dat in die jaren zo populair was. In 1935 verscheen de eerste verfilming met geluid en in 1957 een Italiaanse verfilming. Daarna volgden nog twee bewerkingen: een Franse film in 1962 en tenslotte in 1980 nog een miniserie op de Franse televisie.

Les mystères de Paris verscheen oorspronkelijk als een vervolgverhaal in le journal des débats. Tussen 19 juni 1842 en 15 oktober 1843 hield het de lezers van deze krant zestien maanden lang bezig. Het was de voorloper van de televisieserie waar “iedereen” naar kijkt, een verschijnsel dat inmiddels tot het verleden behoort. Het publiek in de jaren veertig van de negentiende eeuw was gek op misdaadverhalen en het genre van de urban gothic was daardoor erg populair.

les mysteres de Paris 1922
Les mystères de Paris 1922

Ik lees Les mystères de Paris als een Krimi uit de negentiende eeuw. De Parijse onderwereld en de wereld van de aristocratie worden door Eugene Sue spannend met elkaar vermengd. De geheimen van de aristocratie blijken verstrengeld met die van criminelen. De hoofdpersoon (Rodolphe) is een aristocraat die incognito durft af te dalen in de onderwereld van Parijs. Daarbij vertrouwt hij op zijn fysieke kracht. De Nederlandse titel van de verfilming uit 1962 heette dan ook De markies met de ijzeren vuist.

Urban gothic [ 2 ]

aan het lezen in: Les Mystères de Paris (1842) van Eugene Sue

Les Mystères de ParisTelevisieseries uit de vorige eeuw zoals Peyton Place (1964-1969), Dallas (1978-1991) en Dynasty (1981-1989) hadden hun voorloper in het vervolgverhaal van de 19e eeuw. In het Frans wordt dat een feuilleton genoemd omdat het vervolgverhaal oorspronkelijk verscheen in dag- en weekbladen (feuilles).

Doordat een vervolgverhaal periodiek verschijnt in massamedia kan de massa van dag tot dag of van week tot week de belevenissen van de fictieve personages volgen. De bekendste Nederlandse feuilleton uit de 19e eeuw is Eline Vere van Louis Couperus die in 1888 in het dagblad Het Vaderland verscheen. Op straat of in de tram spraken mensen met elkaar over Eline Vere alsof het een werkelijke bekende van hen was. Dit bijzondere verschijnsel, het volk dat wekelijks meeleeft met de belevenissen van fictieve personages, begon in Frankrijk met de feuilletons vanaf 1836. Een van de meest succesvolle was Les Mystères de Paris van Eugene Sue dat tussen 19 juni 1842 en 15 oktober 1843 verscheen in le journal des débats. Het was zo’n groot publiekssucces, dat de oplage van deze krant omhoog schoot. Daarna volgden vrijwel alle kranten deze succesformule en kwamen ze met hun eigen feuilleton.

journal des débats 1842
de banner van le journal des débats (1842)

Les Mystères de Paris initieerde een nieuw (sub)genre, de zogenaamde stadsmysteries, een subgenre van de urban gothic. Er volgden na Les Mystères de Paris nu feuilletons die de geheimen van een grote stad onthulden zoals The Mysteries of London (1844) van George WM Reynolds. En het genre stak zelfs de oceaan over want in 1849 verscheen City Crimes or Life in New York & Boston van George Thompson. Een jaar geleden schreef ik iets over Os Misterios de Lisboa (1854) van Camilo Castilo Branco, een roman-feuilleton die in 2010 meesterlijk verfilmd werd door Raul Ruiz.

mysteriesofparis
Engelse uitgave van les Mystères de Paris

Maar nu naar de moeder van alle stadsmysteries, les Mystères de Paris van Eugène Sue. Ik lees het in de Nederlandse vertaling van Richard ten Berge die sterk ingekort is en 53 episodes telt. Zoals in elk feuilleton (of soapserie) is de lijst met personages lang en wordt er steeds geschakeld tussen de verschillende personages. In de eerste episodes wordt er daarom een groot beroep op het geheugen van de lezer gedaan die al deze personages uit elkaar moet houden. Dat zijn er in de eerste vijftig bladzijden al minstens twintig. Ook wordt, zoals in de roman van de negentiende eeuw gebruikelijk is, vaak een en ander verteld over het verleden van de personages, soms in een flashback van de verteller, soms in de vorm van een bekentenis, en soms aan de hand van een verslag of een brief van een ander personage.

les mysteres 1842De geheimen in Les Mystères de Paris worden beetje bij beetje onthuld. De hoofdpersoon heet Rodolphe. In werkelijkheid is hij de groothertog van Gerolstein (een fictief groothertogdom) die incognito in Parijs is neergestreken en op zoek is naar de werkelijke ouders van het meisje Fleur-de-Marie bijgenaamd la Goualeuse. Rodolphe doet zich voor als als handarbeider. Hij is fysiek ontzettend sterk en komt op voor de zwakkeren in de samenleving. Zijn secretaris ontvangt in de elfde episode een zekere Baron Von Graun, die van zijn informant Monsieur Badinot veel over de geschiedenis van verschillende personages te weten is gekomen. Zo wordt de lezer steeds meer onthuld.

Les Mystères de Paris daalt onmiddellijk aan het begin van de eerste episode al af in de krochten van de Parijse onderwereld anno 1842 waar figuren als de Schoolmeester, het Skelet en Bras-Rouge de dienst uitmaken. Bij Eugène Sue liggen de karakters vaak vast. Rodolphe en la Goualeuse vertegenwoordigen het goede terwijl De Schoolmeester, La Chouette, Polidori en gravin Sarah MacGregor het kwade vertegenwoordigen. Maar iemand als Le Chourineur valt er tussenin en doet veel denken aan Jean Valjean uit Les Misérables. Hij is een ontslagen galeiboef uit de bagno van Rochefort die door de onschuld van la Goualeuse tot inkeer komt. Victor Hugo heeft er dan ook nooit een geheim van gemaakt dat hij zich voor Les Misérables (1862) heeft laten inspireren door Les Mystères de Paris (1842) van Eugène Sue. Maar ook le Comte de Monte Cristo (1844) lijkt geïnspireerd door Les Mystères de Paris. Een graaf die incognito in Parijs verblijft, doet mij toch wel denken aan de groothertog van Gerolstein (Rodolphe) uit Les Mystères de Paris.

Urban gothic [ 1 ]

Pruikentijd op Prime Time

gezien op ZDF: Terra X – Ein Tag in Paris 1775 Ein Tag im Leben
des Perückenmachers Léonard Minet van Jochen Ruderer en Sigrun Laste

MinetHoewel Robespierre na 1789 een pruik bleef dragen, maakte de Franse Revolutie abrupt een einde aan de pruikentijd. De pruik gold voor het revolutionaire Frankrijk als hét symbool van het decadente ancien régime. Een florerende bedrijfstak, met name in Parijs (rond 1775 waren er meer dan 800 ateliers waar pruiken gefabriceerd werden), ging na 1789 vrijwel geheel verloren. Het docudrama Ein Tag in Paris 1775 – Ein Tag im Leben des Perückenmachers Léonard Minet dat het Duitse ZDF in februari van dit jaar uitzond, draait de klok terug naar 1775. We volgen een dag lang de fictieve pruikenmaker Léonard Minet.

Paris in 1775
still uit Ein Tag in Paris 1775 – Ein Tag im Leben des Perückenmachers Léonard Minet in februari 2019 uitgezonden op het ZDF

Historici, antropologen én pruikenmakers geven daarbij commentaar zodat we een prima indruk krijgen van de pruikenmakersbranche aan de vooravond van de Franse Revolutie. De makers hebben waarschijnlijk bewust voor het jaar 1775 gekozen. Lodewijk XVI was het jaar daarvoor zijn grootvader Lodewijk XV opgevolgd als koning van Frankrijk. Hij resideerde net als zijn voorgangers in het Château de Versailles. De hofcultuur had daar een graad van decadentie bereikt, die zich rond 1775 vooral zou uiten in de extravagante dameskapsels.

Ein Tag in Paris 1775

Der Terra X-Film Ein Tag in Paris 1775 schildert den Alltag des jungen Perückenmachers Léonard Minet, der gegen das starre Klassendenken rebelliert und heimlich Damenfrisuren kreiert. Zur Zeit des Ancien Régime gilt es selbst in der Modestadt Paris für einen Friseur als unschicklich, einer Frau die Haare zu machen. Den talentierten Léonard Minet (Max Hegewald) kümmert das nicht. Der Film erzählt, wie es ihm gelingt, Hoffriseur von Versailles zu werden. (Bron: crush.de)

Ein Tag in Paris 1775 [zdf.de/dokumentation/terra-x]

de Krimoorlog [ 14 ]

gelezen: der ewige Zankapfel van Stefan Korinth
aan het herlezen: De Krimoorlog van Orlando Figes

De KrimoorlogDeze maand is het 166 jaar geleden dat de sultan van het Osmaanse Rijk Rusland de oorlog verklaarde. Hij deed dit met de rugdekking van Engeland. Op 30 november 1853 schakelde Rusland de Osmaanse vloot uit in de Slag van Sinope. Dit veroorzaakte met name in Engeland grote morele verontwaardiging. De Engelse pers stookte het vuur zover op dat in het voorjaar van 1854 Engeland en Frankrijk samen Rusland de oorlog verklaarden en het Osmaanse Rijk als bondgenoten te hulp kwamen.

De Krimoorlog wordt vaak de eerste moderne oorlog in de geschiedenis genoemd. Dat kwam niet alleen omdat het de eerste industriële oorlog was, met de massaproductie van granaten die trommelvuur mogelijk maakte. (Het woord ‘kanonnenvlees’ werd in deze oorlog voor het eerst gebruikt, om precies te zijn door Tolstoj die tijdens het beleg van Sebastopol in deze havenstad als jonge officier ingekwartierd was.) Het was ook de eerste moderne oorlog doordat spoorwegen, stoomschepen en telegraafverbindingen voor het eerst een rol speelden in oorlogsvoering.

En niet in de laatste plaats was het een moderne oorlog, door de rol van de pers. Zonder de Engelse pers was de invloed op de publieke opinie zeker niet zo groot geweest. Waarschijnlijk was het Palmerston, een van de grootste aanjagers van de oorlog, dan niet gelukt om Engeland in een oorlog te storten. En als Napoleon III er niet geweest was, had hij vrijwel zeker nooit Frankrijk zover gekregen om samen ten strijde te trekken tegen Rusland.

Große britische Zeitungen schickten Kriegsberichterstatter auf die Krim. Ihre Nachrichten und Bilder von der Front erreichten die Öffentlichkeit im damals unglaublich schnellen Tempo weniger Tage. Nachdem die Briten im April 1855 ein Unterwasserkabel von der Krim aufs bulgarische Festland verlegt hatten, kamen Meldungen sogar innerhalb weniger Stunden in London an.
 
Bron: rubikon.news

Wanneer we de relatie tussen oorlog en publieke opinie willen onderzoeken, dan komen we uiteindelijk bij de Krimoorlog uit, als de eerste oorlog waarbij beeldvorming in de pers een cruciale rol heeft gespeeld. Dit werd mogelijk gemaakt door de geïllustreerde pers, die in de jaren veertig in Londen was ontstaan. Ook de fotografie begon zich in deze jaren te ontwikkelen. De Krimoorlog is natuurlijk verbonden met Roger Fenton, de allereerste oorlogsfotograaf. Zijn foto’s werden omgezet naar staalgravures die in grote oplagen gedrukt konden worden in geïllustreerde bladen.

Realistische beelden van het front waren iets nieuws. Tijdens de Napoleontische oorlogen was beeldvorming een zaak van satire. Met de vijand werd de spot gedreven, hoofdrolspelers werden gedemoniseerd. Maar in de Krimoorlog leek de werkelijkheid voor het eerst ongefilterd binnen te komen. De staalgravures die aan de hand van foto’s werden gesneden, presenteerden voor de Victoriaanse burgerij de objectieve werkelijkheid.

The Illustrated London News
The Illustrated London News 1854
De staalgravures die aan de hand van foto’s werden gesneden, presenteerden voor de Victoriaanse burgerij de objectieve werkelijkheid.

In der ewige Zankapfel schrijft Stefan Korinth over de rol van beeldvorming in de media tijdens de Krimoorlog, in het bijzonder het westerse beeld over Rusland. Hij vergelijkt dit met onze tijd waarin de russofobie in zogenaamde kwaliteitskranten nog steeds aanwezig is. Terwijl islamofobie in dezelfde kranten morele verontwaardiging oproept. Dat de westerse geopolitiek in de twintigste eeuw nog altijd gericht is tegen Rusland en steunt op islamitische bondgenoten, bewijst het Turkse lidmaatschap van de NAVO.

Anti-russische Lobbyisten, die meist auch den Freihandel befürworteten, warnten vor russischen Zöllen und dem Ausgreifen Russlands auf für die Briten wichtige Häfen und Überlandhandelswege und fanden so Gehör bei Unternehmern. Anspruchsvolle Zeitschriften der intellektuellen Kreise wie die Foreign Quarterly Review oder die British and Foreign Review berichteten so neben den Tageszeitungen ebenfalls immer russlandfeindlicher, wie der Wissenschaftler erklärt. Manche dieser Schriften erinnern an die Domino-Theorie aus dem Kalten Krieg. Generell prägten viele britische Gedanken des 19. Jahrhunderts die anglo-amerikanische Russophobie des 20. Jahrhunderts, erläutert Figes. Diese Erkenntnis lässt sich wohl mühelos auch auf das 21. Jahrhundert übertragen.
 
Bron: rubikon.news

De Krimoorlog [ 1- 13 ]