Categorie archief: Orthodoxie

Byzantium in Keulen

het jaarlijkse Theophanu-Gedenken in de St.Pantaleon in Keulen

Keizerin TheophanuNaar aanleiding van het stukje van donderdag over de Ottoonse Renaissance stuurde Patrick mij een linkje naar de website van de St-Pantaleon in Keulen. De laatste jaren wordt daar in de tweede week van juni een Theophanu-Gedenken georganiseerd. Keizerin Theophanu (956-991) was vanaf de dood van haar man Otto II regentes omdat haar zoontje Otto III pas drie jaar oud was toen zijn vader overleed. Tot haar dood heerste deze Byzantijnse (lees: Griekse) dame over een territorium dat samenvalt met het huidige Duitsland, Nederland en delen van Zwitserland, Oostenrijk, België, Frankrijk en Italië. Nu Europeanen zich in de Europese identiteit moeten vinden, symboliseert zij de verbinding tussen West- en Oost-Europa. En in het bijzonder voor de Grieken in Duitsland is zij een aansprekende figuur. Tijdens de herdenking is er een Griekse delegatie aanwezig en wordt er door rooms-katholieken en (voornamelijk Grieks-) orthodoxen een oecumenische dienst gehouden. Keizerin Theophanu overleed op 15 juni van het jaar 991 in Nijmegen.

Theophanu Gedenken 2005
In de crypte wordt bij de graftombe van keizerin Theophanu een mnemosynon gecelebreerd. (credits: St.Pantaleon Köln )

Keizerin Theophanu [ nl.wikipedia.org ]

Ottoonse Renaissance op Reichenau

de fresco’s uit 980 in de Sankt Georg op het kloostereiland Reichenau

Drie weken geleden campeerden we op het eiland Reichenau in de Bodensee. Reichenau is afgeleid van ‘Reiche Aue‘ en Aue is een stuk grond aan een rivier. Het is dus het equivalent van Betuwe, dat een samentrekking is van ‘betere ouwe’ (vergeleken met ‘Veluwe‘ dat een samentrekking is van ‘vaele ouwe’).
Aue en Ouwe zijn dus identieke woorden en worden in het moderne Duits en Nederlands alleen anders gespeld. Op het eiland Reichenau zie je behalve veel fruitbomen ook veel glastuinbouw. Maar van oorsprong is Reichenau een kloostereiland. Ruim duizend (!) jaar lang stond er een abdij die in de Merovingische tijd gesticht werd door de heilige Pirmen. In de Karolingische tijd verrezen er diverse kerkjes en Reichenau ontwikkelde zich tot een van de belangrijkste centra van het Christendom boven de Alpen. Tegenwoordig geniet Reichenau de UNESCO World Heritage Site status.

Sankt GeorgDinsdag 28 juni was een bloedhete dag en ‘s avonds besloten we nog wat verkoeling te zoeken aan het water. We maakten eerst nog een klein ritje over het eiland dat nog geen vijf kilometer lang is en stopten bij de Sankt Georg, een romaans kerkje gewijd aan de heilige Georg. Over het voorportaal scheen een zacht avondlicht. We hadden ons erop ingesteld dat het kerkje ‘s avonds gesloten was, dus we waren verrast toen een vriendelijke dame ons uitnodigde met haar mee naar binnen te gaan. Er begon zojuist een koorrepetitie en wij mochten als toehoorders wel naar binnen. Toen ik het interieur zag, moest ik denken aan de vroeg-christelijke kerken in Ravenna die ik in 1980 heb bezocht. De ruimte is streng geordend, helder en overzichtelijk, zoals de basilica deze voorschrijft: een hoog ‘schip’ met plat zadeldak en twee lagere zijbeuken die gescheiden zijn door een zuilengalerij. Aan het einde van het schip in oostelijke richting bevindt zich het verhoogde koor. Ook is er een westelijk koor dat vroeger op zaterdagen gebruikt werd om er het officie aan de Moeder Gods op te dragen. Tussen de hoge vensters in het schip en de zuilengalerij bevinden zich de wereldberoemde fresco’s uit de Ottoonse tijd.

Sankt Georg
Christus brengt de storm tot rust op het meer van Genezareth, Sankt Georg, circa 980 (derde fresco op de noordwand )
Wanneer ik naar de schimmige fresco’s in de Sankt Georg kijk, stel ik in mijn verbeelding de voorstellingen op scherp met de afbeeldingen uit het Evangeliarium van Otto III

Tegenwoordig dateert men deze rond het jaar 980. Deze muurschilderingen zijn dus nog ouder dan fresco’s die ik in 2005 met René zag in het Mirozhsky klooster in het Russische Pskov. Ze worden beschouwd als de oudste Byzantijnse fresco’s boven de Alpen. Byzantijnse fresco’s in Zuid-Duitsland? Dat was ruim duizend jaar geleden niet zo verwonderlijk. Daarvoor moet je iets weten van het tijdperk dat historici de Ottoonse Renaissance noemen.

Hagen KellerDe volgende morgen koop ik in Konstanz het boekje Die Ottonen van Hagen Keller, een kenner van de vroege Middeleeuwen. Het boekje is verschenen in de reeks Wissen van uitgever C.H.Beck, een aanrader van Michaela. De dynastie die we de Ottonen (919-1024) zijn gaan noemen, bestaat uit Heinrich I, Otto I, Otto II, Otto III en Heinrich II. De belangrijkste heerser is Otto I (912-973) die daarom Otto de Grote wordt genoemd. Maar voor de Byzantijnse invloed in het Westen zijn Otto II en Otto III belangrijker geweest. Otto II trouwde in het jaar 972 met de Byzantijnse prinses Theophanu. Toen Otto II elf jaar later al stierf, was zijn zoontje Otto III pas drie jaar oud. Zijn moeder werd tot haar dood in 991 regentes. Wanneer je het evangeliarium van Otto III ziet, dan zie je overduidelijk de Byzantijnse invloed. Dit wereldberoemde handschrift werd verluchtigd door de monniken van de abdij in Reichenau en bevindt zich tegenwoordig in de Bayerische Staatsbibliothek in München. Wanneer ik naar de schimmige fresco’s in de Sankt Georg kijk, stel ik in mijn verbeelding de voorstellingen op scherp met de afbeeldingen uit het evangeliarium.

Otto III
nogmaals de storm op het meer, nu in het Evangeliarium van Otto III, circa 1000

Gisteren vertelde ik Patrick over ons bezoek aan de Sankt Georg. Ik bezocht met hem een paar jaar geleden de Valkhofkapel in Nijmegen, die gebouwd werd onder het regentschap van keizerin Theophanu. Tijdens haar korte leven zocht ze de kapel in Nijmegen telkens weer op en zou er tenslotte in 991 sterven. Patrick vertelde dat haar stoffelijk overschot werd overgebracht naar Keulen waar ze begraven ligt in de St. Pantaleon.

Sankt Georg
Christus geneest de bezetene uit Gerasa, Sankt Georg, circa 980 (eerste fresco op de noordwand ) Ook dit wonder van Christus kun je op scherp stellen met de corresponderende afbeelding uit het Evangeliarium van Otto III
Als Ottonische Renaissance wird teilweise die Anknüpfung an die byzantinische und spätantike Kunst während der politisch maßgeblich von den Ottonen beeinflussten 10. und 11. Jahrhunderten bezeichnet. Der Begriff ist nicht unproblematisch. Die Ottonische Renaissance spiegelt sich besonders in der Architektur und der Goldschmiedekunst durch Verwendung von Spolien und in der Buchmalerei wider. Besonders begünstigt wurde der Einfluss der byzantinischen Kultur durch die Heirat Ottos II. mit der byzantinischen Prinzessin Theophanu.
 
Problematisch ist an der Ottonischen Renaissance sowohl die Verknüpfung mit den Ottonen als auch der Begriff der Renaissance. Die Ottonen hatten zwar als Auftraggeber bedeutender Kunstwerke Einfluss auf die Moden ihrer Zeit, waren aber nur ein Geschlecht unter vielen, das Bauwerke oder Kunstwerke in Auftrag gab. Meinwerk, der Auftraggeber der Bartholomäuskapelle in Paderborn, die als erste Hallenkirche Deutschlands häufig als Beispiel der Ottonischen Renaissance bezeichnet wird, war mit den Ottonen nur sehr entfernt verwandt. Das um 1017 entstandene Bauwerk, an dem nach einer Quelle „griechische Baumeister“ beteiligt waren, weist zudem keine feststellbaren byzantinischen Einflüsse auf.
 
Bron: de.wikipedia.org

Sankt Georg Reichenau [ de.wikipedia.org ]

Christus is opgestaan !

Afgelopen nacht vierden we in de Russische Kerk het paasfeest
Vader Alexander Schmemann over de betekenis van Pasen
paasnacht
Paasliturgie afgelopen nacht in de Russische parochie in Nijmegen
Resurrection is the appearance in this world, completely dominated by time and therefore by death, of a life that will have no end

vader Alexander Schmemann

In the center of our liturgical life, in the very center of that time which we measure as year, we find the feast of Christ’s Resurrection. What is Resurrection? Resurrection is the appearance in this world, completely dominated by time and therefore by death, of a life that will have no end. The one who rose again from the dead does not die anymore. In this world of ours, not somewhere else, not in a world that we do not know at all, but in our world, there appeared one morning Someone who is beyond death and yet in our time. This meaning of Christ’s Resurrection, this great joy, is the central theme of Christianity and it has been preserved in its purity by the Orthodox Church. There is much truth expressed by those who say that the real central theme of Orthodoxy, the center of all its experience, the frame of reference of everything else, is the Resurrection of Christ.
 
Bron: schmemann.org
paasnacht
na afloop van de Liturgie zegent vader Sergi de paasmaaltijd. Links van hem lector Gabriël en hypodiaken Patrick en rechts diaken vader Johannes
The only real thing, especially in the child’s world, which the child accepts easily, is precisely joy. We have made our Christianity so adult, so serious, so sad, so solemn that we have almost emptied it of that joy. Yet Christ Himself said, “Unless you become like children, you will not enter the Kingdom of God.” To become as a child in Christ’s terms means to be capable of that spiritual joy of which an adult is almost completely incapable. To enter into that communion with things, with nature, with other people without suspicion of fear or frustration. We often use the term “grace.” But what is grace? Charisma in Greek means not only grace but also joy. “And I will give you the joy that no one will take away from you…” If I stress this point so much, it is because I am sure that, if we have a message to our own people, it is that message of Easter joy which finds its climax on Easter night. When we stand at the door of the church and the priest has said, “Christ Is Risen,” then the night becomes in the terms of St. Gregory of Nyssa, “lighter than the day.” This is the secret strength, the real root of Christian experience. Only within the framework of this joy can we understand everything else.
 
Bron: schmemann.org
This is the secret strength, the real root of Christian experience. Only within the framework of this joy can we understand
everything else.

vader Alexander Schmemann

orthodox-nijmegen.nl