In de oudheid hadden teksten vaak de structuur van een centarion, een ‘boeket van honderd bloemen’, losse paragrafen die bijeengehouden werden door één centraal thema. In het geval van de eerste tekst die we van Evagrios in de Philokalia tegenkomen, zijn het minder dan 50 teksten en de volgorde van de deze overgeleverde teksten verschilt soms. Het onderwerp waar Evagrios zich op concentreert, is de hesychia. In het oosterse christendom is dit een zeer belangrijke houding. De 14e eeuwse Griekse monnik Gregorios Palamas zegt hierover:
Zij die zich door heilig stilzwijgen (hesychia) hebben gezuiverd
en op onuitsprekelijke wijze zijn verenigd met het alle denken en weten overstijgende licht,
aanschouwen God in zichzelf als in een spiegel„.
De hesychia heeft ook de geestelijke beweging van het hesychasme zijn naam gegeven. Online vond ik een werkstuk van Alex Pot over het hesychasme.
Het hesychasme wordt soms wel eens in vijf perioden ingedeeld:
1. vierde en vijfde eeuw (o.a. Evagrios en Arsenios)
2. zesde en zevende eeuw (o.a. Johannes Climacus, en zijn leerlingen Hesychius en Philotheus)
3. elfde eeuw (o.a. Simeon de Nieuwe Theoloog)
4. veertiende eeuw (o.a. Nicephorus de Hesychast en Gregorios Palamas)
5. achttiende eeuw (tijd waarin de Philokalia zich begon te verspreiden)
Toen in de achttiende eeuw als reactie op de Verlichting de geestelijke geschriften in de Philokalia werden gebundeld, maakte het hesychasme weer een bloeitijd door. Vooral in het negentiende eeuwse Rusland was de invloed van de Philokalia groot, ook in het leven van Dostojewsky
Iedereen die met het lezen van de Philokalia begint, komt al snel bij deze tekst van Evagrios aan. Het is een goed begin, want Evagrios schrijft hier over de houding die nodig is om met God om te kunnen gaan: we moeten van binnen stil proberen te worden. Hoe we daarin kunnen slagen, is eigenlijk de weg van de monnik. Evagrios raakt daarom allerlei aspecten van het monnikschap aan: celibaat, verzaking, gastvrijheid, aalmoezen, kleding, familie, eenzaamheid, vrienden, kluis, eten, handenarbeid, en natuurlijk ook het gebed.
Met betrekking tot vriendschap zegt Evagrios bijvoorbeeld het volgende:
Neem niet uw verblijf bij druk bezette lieden, ga niet met hen een glas drinken, anders trekken ze u nog mee naar hun eigen dwalingen en beroven u van uw kennis aangaande het leven in de stilte. Want daarin bestaat hartstocht juist. Leen het oor niet aan hun woorden en stem niet in met de bedenksels van hun hart. Die zijn werkelijk zeer schadelijk. Uw verlangen moet uitgaan naar de ‘getrouwen in het land’ en het zwoegen van uw hart naar wedijver met hen in rouwmoedigheid. “Mijn ogen waren gericht op de getrouwen in het land, zij mochten naast mij plaats nemen.” (Psalm 100:6)
Als iemand die leeft volgens de liefde tot God, u komt uitnodigen voor een etentje en u wilt er heengaan, ga gerust, maar keer zo gauw als u kunt weer naar uw kluis terug. Indien mogelijk, ga dan nooit buiten uw kluis slapen, dan zal de genade van de stilte u ten allen tijden vergezellen en u zult uw gebedsdienst ongehinderd voltrekken in uw kluis zoals u zich dat voorgenomen hebt.
(vertaling: Christofoor Wagenaar ,ocso)

A Corpus of Evagrios’ Writings | Evagrius Ponticus by Luke Dysinger
Evagrius van Pontus werd omstreeks 345 geboren in Ibora, een kleine stad aan de Zwarte Zee. Hij bracht een tijd in Constantinopel door, waar hij door Gregorius van Nazianze in de theologie en de mystiek werd ingewijd. Basilius de Grote benoemde hem tot lector. Evagrius werd in 380 diaken gewijd door Gregorius van Nyssa, die hij op het concilie van Constantinopel in 381 vergezelde. Daar moet hij, dankzij zijn scherpzinnigheid, een belangrijke bemiddelende rol hebben gespeeld. In 382 ontvluchtte hij de stad van Constantijn in verband met een verhouding met een vrouw, die door haar echtgenoot niet op prijs werd gesteld.
Terug in Nederland uit het klooster waar ik in 1995 het eerste deel van de Philokalia kocht, ben ik weer in deze compilatie van geestelijke geschriften aan het lezen. Inmiddels heb ik alle vier de delen die vanaf 1979 bij Faber & Faber(London) zijn uitgegeven. De Philokalia is een compilatie teksten van woestijnvaders en Byzantijnse theologen tussen de vijfde en de veertiende eeuw. De oudste is Evagrios van Pontos (345-399) en de jongste Gregorios Palamas (1296-1359) De eerste maakte aan einde van zijn leven in 392 nog mee dat het Romeinse Rijk in een westelijk en oostelijk deel gesplitst werd. De laatste leefde in dat oostelijk deel van het Romeinse Rijk, beter bekend als het Byzantijnse Rijk, dat nog tot 1453 zou blijven bestaan.












