Maandelijks archief: oktober 2006

nieuwe klanken [1]

pianowerken van Maurice Ravel (1875-1937)

Vandaag luister ik weer eens naar een paar pianowerken die Maurice Ravel zo’ n honderd jaar geleden schreef: Jeux d’eau (1901), Sonatine (1903), Miroirs (1904), Gaspard de la nuit (1908) en Le tombeau de Couperin (1914–1917). Ravel wordt vaak met Claude Debussy vergeleken en inderdaad is hij zijn oudere collegapianist heel wat schatplichtig. Over het algemeen is Ravel virtuozer en Debussy poetischer. Niet voor niets voelde de eerste zich meer thuis bij Franz Liszt en de laatste bij Frédéric Chopin. Beiden werden de voormannen van wat later de nieuwe Franse pianistiek genoemd zou worden. Het mooie van deze pianomuziek vind ik dat je onmiskenbaar een nieuw geluid hoort, het geluid van de twintigste eeuw. De klassieke tonica wordt zo onder druk gezet dat er nieuwe klanken vrij komen. Wij zijn daar nu imiddels gewend aan geraakt, maar als je echt luistert, is het nieuwe er steeds weer, zoals elke lente ook weer nieuw is.

RavelRavel was de enige van zijn Franse tijdgenoten die zich als componist naast Claude Debussy heeft kunnen handhaven. Hoewel beiden in hun werk vaak dezelfde invloeden hebben ondergaan ondermeer die van Mussorgsky en er niet zelden sprake is van een wederzijdse beïnvloeding, op het gebied van harmonische subtiliteiten en geraffineerde orkestbehandeling, is het musicologische denken van beide componisten fundamenteel verschillend. Waar zich bij Debussy gaandeweg het componeren ontwikkelde in een steeds grotere vrijheid, die nog slechts aan eigen wetten gehoorzaamt, ontpopte Ravel zich van het begin af als een classicistische componist, die de traditionele vormen met soeverein meesterschap wist te hanteren als kader voor zijn vernieuwingen. Kenmerkend is zijn zin voor vastomlijnde melodiepatronen, waarin zich aanvankelijk nog het voorbeeld van Chabrier en Fauré spiegelt. Van laatstgenoemde is tevens zijn voorliefde voor archaïsche modaliteiten afkomstig. Opmerkelijk is ten slotte het veelvuldige voorkomen van dansvormen in zijn werk.
 
maurice-abravanel.com/ravel_nederlands.html

werken van Maurice Ravel in mijn collectie
Jeux d’eau, piano, 1901
Sonatine, piano, 1903
Miroirs, piano, 1904
Gaspard de la nuit, piano, 1908
Pavane pour une infante défunte, piano 1909, orkest 1910
Le tombeau de Couperin, piano 1914–1917, orkest 1919
Valses nobles et sentimentales, piano 1911, orkest 1912
Pianoconcert in D, voor de linkerhand, 1929–1930
Pianoconcert in G, 1929–1931

uitvoering: Gordon Fergus-Thomson en Paul Crossley

Ravel [nl.wikipedia.org]

wat een mooite!

Paul Biegel (1925-2006) op 21 oktober overleden

de kleine kapiteinDertien jaar geleden ontmoette ik Paul Biegel voor het eerst en het laatst in de Arnhemse kinderboekwinkel Eigenlijk had ik nooit iets van hem gelezen. Ik kende zijn verhalen De kleine kapitein (1972) met illustraties van de inmiddels ook al overleden Carl Hollander uit de Donald Duck en De vloek van Woestewolf (1974) van de gelijknamige televisieserie.

Omdat ik in 1993 bezig was met het illustreren van een prentenboek voor peuters, wilde ik de oude meester graag ontmoeten. Gisteren zag ik op het journaal van acht uur dat Paul Biegel overleden is. Misschien dat ik binnenkort zijn Nachtverhaal weer eens ga lezen waarmee hij in 1993 een gouden griffel won. Zijn taalgebruik is soms archaïsch en soms met heel eigen woorden, wat hij bij Marten Toonder moet hebben geleerd. Typische Biegel-woorden zijn: mooite en tover.

Kinderboekenweek
programma van de kinderboekenweek 1993. Ook Max Velthuis leeft niet meer
handtekening van Paul Biegel
gesigneerd schutblad van mijn exemplaar van Nachtverhaal

Paul BiegelPaul Biegel wilde eigenlijk pianist worden, maar toen bleek dat hij niet goed genoeg was voor het conservatorium, ging hij een jaar naar Amerika, waar hij voor een krant schreef. Toen hij terugkwam in Nederland werd hij redacteur van de Avrobode. Ook begon hij rechten te studeren in Amsterdam. Dat mislukte ook, waarna hij stripverhalen ging schrijven voor de Toonder Studio’s. Daar leerde hij het schrijversvak. In 1962 verscheen zijn eerste boek, en sindsdien zijn er meer dan 60 boeken van hem verschenen. Ook vertaalde hij werk van anderen.

Vrijwel alle boeken van Paul Biegel bevatten sprookjesachtige elementen. Ze gaan over rovers, prinsessen, feeën, koningen en dwergen. En zelfs als zijn hoofdpersonen gewone mensen zijn, dan gebeuren er toch wel ongebruikelijke, toverachtige dingen. In zijn boeken voor wat oudere kinderen hangt vaak een donkere, dreigende sfeer, die hij in een heel eigen stijl weet neer te zetten. De boeken gaan over de strijd tussen goed en kwaad, over reizen naar het onbekende. Voor een aantal van zijn boeken baseerde hij zich op oude verhalen en legendes. In veel boeken spelen dieren een belangrijke rol.

Bron: home.wanadoo.nl/richard.thiel

ons nationaal geheugen [7]

Floris V (1254-1296)

Vorige week maandag werd de Canon van Nederland gepresenteerd, die bestaat uit vijftig vensters waardoor de Nederlander zijn nationaal zelfbewustzijn bij elkaar kan gluren. Door het zesde venster kijken we naar de tijd van Floris V

Floris V
De aanhouding van Floris V
Toen Floris in de zomer van 1254 werd geboren, stond in des Graven Haghe een nieuw grafelijk slot in de steigers. De opdracht daartoe was nog gegeven door Floris„ vader, graaf Willem II, die in 1256 tijdens een expeditie tegen de Friezen bij Hoogwoud met zijn paard door het ijs zakte en door de toegesnelde Friezen de schedel werd ingeslagen. De pas twee jaar oude Floris was daarna officieel de nieuwe graaf, al werd het bewind voorlopig gevoerd door zijn oom.
Eenmaal zelf aan de macht, besloot Floris zijn vaders dood te wreken door een veroveringstocht tegen de Friezen te ondernemen. Het werd een grote mislukking, die door de boeren en stedelingen in het Kennemerland werd aangegrepen om in opstand te komen. Slechts door de oproerige Kennemers een aantal voorrechten te verlenen die hen moesten beschermen tegen adellijke heren wist Floris de rust te herstellen. „Der keerlen god„, noemden de verontwaardigde edelen hem sindsdien misprijzend, de god van de boeren.
 
Bron: entoen.nu

schoolplaten Geschiedenis | verwijzingen [entoen.nu]