Maandelijks archief: november 2015

geboren om te gehoorzamen

begonnen in de biografie van Marie Antoinette door Antonia Fraser

Marie AntoinetteToen ik in mei Joséphine, de biografie van keizerin Josephine Bonaparte uit had, nam ik mij al voor om ook de biografie van haar voorgangster Marie Antoinette te gaan lezen. Vorige week zag ik het boek voorbijkomen in de ramsjkrant en gisterenavond ben ik er in begonnen.

Na een aantal biografieën uit de tweede helft van de achttiende eeuw te hebben gelezen, voel ik mij steeds meer thuis in deze tijd. “The past is a foreign country: they do things differently there” Dit citaat van L.P.Hartley is helemaal waar en net zoals je verliefd kunt worden op een land, kun je ook verliefd worden op een bepaalde tijd. De Engelsen zijn daar goed in en Engelse schrijfsters al helemaal. Antonia Fraser (Marie Antoinette: The Journey) en Kate Williams (Ambition and Desire: The Dangerous Life of Josephine Bonaparte) behoren beiden tot de wereldtop in het genre van de historische biografie.

Marie Antoinette Website
Marie Antoinette (2006) van Sofia Copolla is gebaseerd op de biografie van Antonia Fraser

De film Marie Antoinette van Sofia Coppola is overigens gebaseerd op Marie Antoinette: The Journey van Antonia Fraser. Het wordt door critici en andere biografen beschouwd als de meest evenwichtige biografie die er over Marie Antoinette geschreven is.

Marie Antoinette, de jongste dochter van Maria Theresia van Oostenrijk (1717-1780) en keizer Franz Stefan I (1708-1765), werd geboren op 2 november 1755, een dag nadat Lissabon door een vernietigende aardbeving en tsunami getroffen werd. Als telg uit het Huis Habsburg was zij voorbestemd om uitgehuwelijkt te worden, want de Habsburgers voerden de oorlog vooral in de slaapkamer.

Franz Stefan I en zijn gemalin Maria Theresia hadden daarom gezorgd voor een behoorlijk nakomelingschap. De keizerin schonk het leven aan elf dochters en vijf zonen. Haar kinderen waren, zoals Antonia Fraser treffend opmerkt, in de eerste plaats pionnen op het schaakbord van de huwelijkspolitiek. Ze waren geboren om te gehoorzamen. Na de dood van Franz Stefan I in 1765 begon keizerin Maria Theresia met de strategische uithuwelijking van haar dochters binnen de vorstenhuizen van Europa. In 1769 was haar jongste dochter aan de beurt.

Maria Theresia en haar kinderen
In 1751 had Maria Theresia al een kamer vol kinderen gebaard. Nakomelingen waren strategische pionnen op het schaakbord van de Habsburgse huwelijkspolitiek.

Habsburg en Frankrijk waren gezworen vijanden. Al eeuwen voerden de keizers van Habsburg en de koningen van Frankrijk oorlog met elkaar. Maar na de Oostenrijkse Successieoorlog kwam er een omslag. Dat had alles te maken met de komst van Pruisen als grote mogendheid. Friedrich II van Pruisen werd door Maria Theresia “het monster” genoemd. Hij was er tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog in geslaagd om Silezië in te pikken, nota bene de rijkste provincie van het Habsburgse Rijk. Nadat Oostenrijk in 1748 de vernederende Vrede van Aken met Pruisen had moeten sluiten, bleef Maria Theresia erop zinnen om Silezië te heroveren.

In 1756 was de tijd rijp dat de voormalige aartsvijanden Frankrijk en Oostenrijk toenadering zochten.

Voor Oostenrijk was Pruisen dus de nieuwe vijand geworden. Pruisen had zich bovendien verbonden met Engeland, dat met name in het koloniale Amerika de vijand van Frankrijk was geworden. Op 1 mei 1756 was de tijd rijp dat de voormalige aartsvijanden Frankrijk en Oostenrijk toenadering zochten. Deze Renversement des alliances was ook de opmaat voor de Zevenjarige Oorlog (1756-1763).

De goede verstandhouding tussen Parijs en Wenen, die een jaar na de geboorte van Maria Antoinette bekrachtigd werd met het Verdrag van Versailles, vormde het begin van een toenadering tussen Frankrijk en Oostenrijk. De uithuwelijking van Marie Antoinette met de dauphine in 1770, zou tenslotte de bekroning worden van dit bondgenootschap.

volg de meester [ 96 ]

kopieën van David (1756) door Johann Zoffany

In juni schreef ik iets over het portret dat Johann Zoffany (1733-1810) in 1756 schilderde van David nadat hij Goliath heeft verslagen. Waarschijnlijk is het een zelfportret maar mogelijk is het een portret van de schilder Anton Raphael Mengs (1728-1779) met wie Zoffany in Rome vriendschap gesloten had. Ik begon in juni aan een kopie maar was daar niet zo tevreden over.

Johann Zoffany
twee kopieën in uitvoering van David
leunend op het hoofd van Goliath

Vorige week begon ik aan twee kopieën tegelijk, waarbij ik met een beperkt palet in dunne glacistonen over elkaar werkte. Levensechte vleestinten kun je alleen indirect schilderen door warme en koele glacislagen over elkaar heen te leggen.

volg de meester [ 1-96 ] | van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan

het offer van liefde

geluisterd naar hoorcollege Ken Uzelve: Heb lief door Ad Verbrugge

Ken Uzelve CDHet tweede college van de reeks Ken Uzelve wordt verzorgd door Ad Verbrugge. In Ken Uzelve: Heb lief draait het om de kerngedachte van zijn essaybundel Staat van verwarring. Het offer van liefde. Het is een lang pleidooi voor de erotische liefde. Voor de gemeenschapsdenker Verbrugge wordt de erotische liefde in de postmoderne virtuele consumptiecultuur bedreigd door de tendens ons terug te trekken in onze subjectieve beleving.

Elementaire deeltjesVerbrugge refereert verschillende malen aan het boek Elementaire deeltjes van de Franse schrijver Michel Houllebecq. Hierin wordt het bankroet van de libertijnse westerse maatschappij beschreven die de individuele vrijheid als ultieme maatstaf aanneemt en ontspoort in een koude, egoïstische samenleving waarin ‘seksuele vrijheid’ een feit is en pornografie een online consumptieartikel.

In de inleiding van zijn hoorcollege schetst Ad Verbrugge in het kort de geschiedenis van het denken over liefde sinds de Griekse filosofie en stelt daarbij vast dat in de Verlichting het subject centraal is komen te staan. In de dialectiek van Hegel is de liefde aanvankelijk nog een verenigende en helende kracht die de oerpolariteit van het manlijke en het vrouwelijke op een hoger plan tilt en het atomaire subject openbreekt.

Vanaf Nietzsche worden de wil en de macht de grondprincipes van het westerse denken van de twintigste eeuw. Dat is eigenlijk niet zo vreemd. Een denken dat zich steeds meer op het individu (subject) is gaan concentreren, verplaatst het zwaartepunt van de liefde naar de wil en naar de macht. De filosofie van de twintigste eeuw houdt zich vooral bezig met macht en met emancipatie van het individu uit psychologische, sociale en politieke machtsstructuren.

staat van verwarringHet is ook niet vreemd dat in een dergelijk denken liefde vooral wordt opgevat als libido. In navolging van Schopenhauer legde Freud de vinger op een blinde natuurkracht die de mens ten diepste drijft en die ontsnapt aan de menselijke rede. Deze wordt door burgerlijke instituties onderdrukt. De bevrijding van het individu ten opzichte van de repressieve burgerlijke maatschappij, is dan vooral een lichamelijke, seksuele bevrijding, waarbij het libido ontketend wordt. De seksuele revolutie van de jaren zestig is natuurlijk het momentum geweest waarop het individu bevrijd werd van de knellende banden van een repressieve seksuele moraal.

Vanaf de jaren zestig is de burgerlijke maatschappij vervangen door een consumptiemaatschappij waarin seks een consumptiegoed naast de andere consumptiegoederen geworden is. Dat heeft ons ook in een staat verwarring gebracht. Het individu is weliswaar bevrijd maar ook eenzaam geworden en uitgehold door onverschilligheid, verveling en een gevoel van leegte. Elementaire deeltjes van Houllebecq beschrijft dit levensgevoel. Het libido wordt uitgeleefd, maar het hart komt ernstig tekort.

Hoe komt dit? Voor Ad Verbrugge lijkt het in ieder geval duidelijk: de virtuele consumptiemaatschappij verwaarloost de erotische liefde doordat het de subjectieve lustbeleving centraal stelt. Als alles om het individuele genot draait, wordt seks het consumeren van de ander. En uiteraard worden wij voor de ander ook consumptiegoed. Wantrouwen is het gevolg. Houdt de ander wel van mij?

Als alles om het individuele genot draait, wordt seks het consumeren van de ander. En uiteraard worden wij voor de ander ook consumptiegoed. Wantrouwen is het gevolg. Houdt de ander wel van mij?

Voor Plato is eros een helende kracht, omdat het de ziel door zelfverlies en offer, maar altijd dóór de ander, op een nieuwe manier bij zichzelf brengt. De erotische liefde betrekt de geliefden altijd op elkaar en breekt het atomaire subject open. Het is een transgressie en transformatie inéén. Transgressie omdat het een grensoverschrijding is van het atomaire subject naar oceanische extase. Transformatie omdat in de erotische liefde een zielsversmelting plaatsvindt die leidt tot een nieuwe identiteit. Traditioneel is dit de mystieke betekenis van het woord huwelijk. De geliefden laten elkaar opbloeien in plaats van dat ze elkaar wederzijds consumeren.

Filosoof Ad Verbrugge (1967) is vooral bekend geworden door zijn essaybundel Tijd van onbehagen (2004). Deze werd 2013 opgevolgd door Staat van verwarring. Het offer van liefde. Verbrugge is een zogenaamde gemeenschapsdenker en vertegenwoordiger van het communitarisme in Nederland. Deze stroming in de politieke en sociale filosofie staat kritisch tegenover het moderne kapitalisme en liberalisme en met name tegenover de individualisering als ontbinding van het geheel.

Transgressie of transformatie? Toelichting van het begrip eros door Ad Verbrugge
Emanuel Rutten in gesprek met Ad Verbrugge over de relatie tussen eros en philia