pre-rembrandtisten

Rooms-katholieke, remonstrantse en doopsgezinde schilders in de tijd van de jonge Rembrandt maakten tussen 1610 en 1630 school met Bijbelse taferelen, die inzet waren van een religieuze strijd tegen het strenge calvinisme. Dat betoogt de historicus Sebastien Dudok van Heel in zijn proefschrift, waarop hij woensdag promoveert aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
 
Hij laat zien dat de toen vernieuwende Amsterdamse historieschilderkunst, vermaard om de verbeelding van Bijbelverhalen, zich keerde tegen de poging van de calvinistische minderheid om haar invloed te vergroten. De belangrijkste vertegenwoordigers waren rooms-katholiek (Rembrandts leermeester Pieter Lastman, Claes Moyaert) en doopsgezind (Jan en Jacob Pynas). Rembrandt zelf kwam uit een remonstrantsgezinde familie en behoorde tot een groep schilders die na 1632 Leiden verliet toen die stad orthodox-calvinistisch was geworden.
 
Lastman en Jan Pynas hadden tijdens een verblijf in Rome in 1605 kennisgemaakt met de opkomende barokkunst die zich in dienst stelde van de bestrijding van het protestantisme. Na hun terugkeer naar Amsterdam kwamen ze in de kerkelijke strijd tussen de ‘rekkelijke’ remonstranten en ‘precieze’ contraremonstranten terecht. De rooms-katholieken probeerden verloren terrein te herwinnen.
 
”De opkomst van de Bijbelschilderkunst onder Lastman en Pynas lijkt samen te vallen met de strijd onder protestanten en de eerste restauratiepogingen der katholieken”, aldus Dudok van Heel. ”Kan er sprake zijn geweest van een soort samenwerking tussen katholieken, remonstranten en doopsgezinden in hun verzet tegen de theocratie der calvinisten?”
 
De promovendus ziet bijvoorbeeld in Jacob Pynas’ schilderij De steniging van Stephanus naar een verhaal uit het Bijbelboek Handelingen, later nagevolgd door Lastman en Rembrandt, een reactie op de vervolging van de remonstranten in Amsterdam door de contraremonstranten. Die bekogelden in februari 1617 remonstrantse kerkgangers met stenen. ”De remonstranten werden hiermee tot martelaren van de calvinisten in de protestantse kerk van het Noorden.”
 
Ook in Lastmans schilderij Abraham in Sichem, naar een verhaal uit Genesis waarin Abraham een altaar opricht temidden van de hem niet welgezinde Kanaänieten, ziet Dudok van Heel een toen eigentijdse boodschap. Abraham richtte een altaar in Kanaän op ”net zoals de katholieken dat in de Republiek in hun eigen huizen deden temidden van de hun vijandige calvinisten”.
 
Bron: ikonrtv.nl

Pre-Rembrandtisten | Pieter Lastman | Jan Tengnagel | Jacob Pynas | Jan Pynas | Claes Moeyaert | Bartholomeus Breenbergh

verwrongen bloteriken [2]

Op 27 juni schreef ik hier iets over het maniërisme. Vaak zijn maniëristische schilderijen displays die tot de nok toe gevuld zijn met bodybuilders in allerlei krampachtige houdingen. In de tweede helft van de zestiende eeuw was men daar dol op.

Laatste Oordeel
Michelangelo, Het Laatste Oordeel
in de Sixtijnse kapel (1535-1541) Hoewel Michelangelo tot de hoog-Renaissance behoort, laat hij zich hier zien als zijn eigen navolger, als een maniërist dus.

Met verwonderinghe van al de Weerelt
Doe begaf hy hem voorts te dienen Paus Paulus de derde, voldoende met grooter vlijt het Oordeel, in welck hy eyghentlijck met een groote manier heeft ghelet op de naeckten, te weten, op de schoonheyt, volcomen proportie, en ghestaltenissen der Menschen lichamen, op alderley actituden, hier in allen anderen overtreffende, latende aen d’een sijde de vroylijcke coloreringhe, en ander duysent aerdicheden, die ander Schilders tot vermakelijcken welstandt ghebruycken, en oock eenige gracelijcke inventie in’t ordineren zijnder Historie. (…)
Acht Iaren pijnichde hem Michel Agnolo dit werck te voldoen, het welck van verre en van by hem wel wil laten sien, sonder eenighen welstant te verliesen, en is geweest gheretorqueert, en met artseringen in de diepselen seer net voldaen, niet alleen onder, daer men by can, maer boven in’t opperste, daer ick eens met een langhe leere by gheclommen ben, daer eenen ganck is met yseren leningen. Dit werck worde voldaen, en ontdeckt, Ao. 1541. (ick meen) op eenen Kerstdagh, met verwonderinghe niet alleen van Room, maer van al de Weerelt.

Karel van Mander in zijn Schilderboeck over het Laatste Oordeel van Michelangelo

Grote voorbeeld voor de maniëristen was Michelangelo. Wanneer we de vita lezen van de maniërist Giorgio Vasari valt onmiddellijk op hoeveel bladzijden hij nodig heeft om Michelangelo als een god de hemel in te prijzen. Het genie van Michelangelo had de wereld laten zien dat het menselijk een ruimtelijke vorm is. Net zoals in een 3D-programma ging men de figuren in allerlei posen om de 3 assen draaien. Men maakte er een sport van om het lichaam in een zgn. ‘verkort’ af te beelden.

Het maniërisme werd in de Lage Landen vooral in Haarlem uitgeoefend door Karel van Mander, Hendrick Goltzius en Cornelis Cornelisz. De eerste is tegenwoordig bekender om zijn Schilderboeck, dan om zijn schilderijen. Net als Vasari heeft hij de leven beschreven van schilders. De Haarlemse maniëristen stonden onder invloed van Bartholomeus Spranger uit Antwerpen die met veel succes de maniëristische stijl aan het Praagse hof had geïntroduceerd.

Wtewael
Joachim Wtewael, de zondvloed (1592)
Bloot en beweeglijk: exemplarisch voor het maniërisme.
Joachim Wtewael blonk uit in voorstellingen van mini-formaat waarin nochtans talloze figuren optreden. Deze schilderde hij op een ondergrond van koper dat volkomen glad gepolijst een grote detaillering toeliet. De stevigheid van het materiaal garandeerde bovendien dat de verflaag intact zou blijven. Wie nog twijfels heeft ten aanzien van Wtewaels kwaliteiten zal die beslist moeten laten varen bij het zien van een werk als het „Godenbanket„ dat zich tegenwoordig in een Londense privéverzameling bevindt. Het tafereel van krap vijftien bij twintig centimeter heeft niet echt een pointe, maar barst bijkans van virtuositeit.
 
Recentelijk heeft een belangrijk museum in Amerika maar liefst vijftien miljoen gulden neergeteld voor zo„n minuscuul meesterstuk. Carel van Mander, die Wtewael persoonlijk gekend heeft en in de vroege zeventiende eeuw het eerste Nederlandse kunstgeschiedenisboek publiceerde, schreef dat dergelijke werkjes destijds al onbetaalbaar waren.
 
Bron: avro.nl/beeldenstorm

In Utrecht werkten vooral Joachim Wtewael en Abraham Bloemaert in de (laat-)maniëristische stijl. Deze laatste werkte in het begin van zijn carrière overigens in Gorinchem.

wat is maniërisme?

Psalters [ 5 ]

Russisch: Het Kiev Psalter, 1397
Kiev Psalter of 1397 is one of the most famous East Slavic illuminated manuscripts. Created in 1397 by the Kievan scribe Spiridon, it passed through the hands of numerous Lithuanian nobles before being sold to the Russian Count Sergey Sheremetev in the mid-19th century. Courtesy of the count, its first printed edition was prepared by Nikodim Kondakov and Fyodor Buslaev. In 1932, the Sheremetev Library merged into the Russian National Library in St Petersburg.
 
Bron: en.wikipedia.org
kiev psalter

mmedia.nsu.ru | meer Psalters