Bang voor de Eenheid

Vandaag : Nederlands-Vlaamse Filosofiedag
De Doelen, Rotterdam

Vanmorgen spreekt de Leuvense filosoof Samuel IJsseling tijdens de Nederlands-Vlaamse Filosofiedag in Rotterdam over het thema: Uitdagingen voor de filosofie in de 21e eeuw.

In een kort vraaggesprek dat Wouter Sanderse met hem had in Trouw geeft hij antwoord op wat de grootste wijsgerige uitdaging is voor de 21ste eeuw. Filosofie moet van die ene waarheid af, staat er boven het stukje.

Zijn die (uitdagingen) er nog?
Jazeker: De veelheid als veelheid denken. Het uitgangspunt van de traditionele westerse wijsbegeerte is het verlangen naar eenheid: één rede, één waarheid, één religie en één Verhaal waarvan alle verhalen deel uitmaken. Dit verlangen beheerste de filosofie van Plato tot en met Hegel.
 
Wat is daar tegen?
Neem het verlangen naar één wereldtaal, zoals het Engels. Daardoor gaan betekenisnuances verloren. Ook binnen talen zijn veelheid en verschil onmisbaar. Eén enkele letter maakt een verschil, zoals tussen stad of stap.
Of kijk naar de democratie, een staatsvorm die gebaseerd is op het menselijke gelijkheidsideaal. In een democratie moet ruimte zijn voor verschillende opvattingen. Die ideëen moet je niet tot een eenheid terugbrengen. Een begrip als integratie veronderstelt dat er verschillen tot eenheid gesmeed worden.
 
Wat is het grootste gevaar?
Dat is de vorige eeuw wel duidelijk geworden. Het eenheidsstreven zoals dat doorklinkt in ein Volk, ein Reich, ein Führer kan tot absolutisme en totalitarisme leiden. Het hoeft niet gevaarlijk te zijn, maar het blijft een erg kwetsbaar begrip.
 
Wat kan de filosofie hiermee?
Onze hele hedendaagse bestaanservaring wordt door veelheid gekenmerkt. We zien een enorme verscheidenheid aan culturen, talen, religies en media om ons heen. Voorvoegsels als multi-, pluri-, en poly- kom je overal tegen.
Filosofen staan voor de uitdaging om die veelheid niet tot een oorspronkelijke eenheid terug te brengen, maar echt als veelheid te denken. Verschillende moralen, culturen, religies, waarheden en verhalen moeten niet onder één noemer gebracht worden.
Georg Wilhelm Friedrich Hegel
De Grote Duitse Eenheidsdenker

IJsseling lijkt blind voor het feit dat het postmodernisme ongemerkt(?) van een anti-waarheidsclaim uitgaat: Namelijk: het grote Verhaal, dé Waarheid, het Ene, enz… mag niet bestaan omdat het gevaarlijk kan zijn. Juist in zijn angst voor totalitarisme haalt de postmodernist met het Einde van de Grote Verhalen een Paard van Troje in huis.

De Amerikaanse filosoof Alvin Plantinga zegt dat we de waarheidsclaims (of onze eigen unificerende principes) eerlijk tegenover elkaar moeten zetten in het debat en de ander niet te snel van dogmatisme moeten beschuldigen.

Nakomende vraag aan IJsseling: Kan het postmodernisme het totalitarisme van de 21ste eeuw worden?

mogen ze bang zijn ?

Vandaag reageerde in Trouw een lezer op het stukje van Anton van Harskamp (zie post van gisteren). Hij vindt sommige uitspraken weinig invoelend en neerbuigend.

Harskamp zegt: “de soloreligieus wil meester zijn”, maar hij/zij worstelt juist met het meester worden over het machtstreven van het kleine zelf voordat hij/zij kan gaan werken met de Kracht en de Liefde van de innerlijke Grootheid, het Zelf met hoofdletter. Wanneer mensen wakker worden voor dit Weten, gaan ze allerlei wegen bewandelen, hoe vreemd de kronkels ook lijken te zijn. Die pogingen vragen respect. Mogen ze twijfelen, mogen ze bang zijn? Dat is, lijkt me, juist gezond om te groeien.

Eigenlijk zie ik in de worsteling waar deze briefschrijver over spreekt, juist een bevestiging van de uitspraak van Harskamp dat de soloreligieus “meester wil zijn”. Hij/zij zoekt naar een toestand waarin “hij/zij kan gaan werken met de Kracht van Liefde van de innerlijke Grootheid”.

Is dat geen wil tot macht in het kwadraat?

bange trans-religieuzen ?

Jan OegemaAnton van Harskamp, hoogleraar Religie, Identiteit en Civil Religion aan de VU, schreef afgelopen dinsdag in Trouw een raak stukje over soloreligieuzen. De uitgever Jan Oegema (foto) die deze term bedacht, sprak vorig weekend tijdens een bijeenkomst in de Rode Hoed. De godsdienst is dood, lang leve de religie. Wat beweegt de trans-religieus?

Interessant vind ik Harskamp hij de soloreligieuzen ontmaskert als zielen die meester willen zijn over hun eigen geloof en dus bang zijn voor de overgave.

Wie zijn de soloreligieuzen en wat houdt hun religiositeit in?
Gebruikmakend van Jan Oegema’s appèl tot religieuze „outcoming„: soloreligieuzen zijn mensen die het verkerkelijkte christendom verlaten hebben, maar toch nog steeds waarde hechten aan de mystieke traditie van datzelfde christendom. En het zijn mensen die uit literatuur hun religiositeit alleen construeren, „onder de leeslamp„, terwijl ze toch enig verlangen hebben naar gezamenlijkheid.
 
En hun religiositeit? Het gaat om mensen die in plaats van het geloof aan een Vadergod daarboven, een besef hebben gekregen van het goddelijke als de eenheid of de samenhang van al wat „leven„ is. En het gaat óók nog eens om mensen die die eenheid van het „leven„ via de introspectie van het eigen innerlijk ervaren, én zich daarin onthechten van hun ego, kennelijk om bij een niet-zelf of een hoger of dieper „zelf„ uit te komen.
 
Maar er í­s wat met die soloreligieuzen. Want ze zijn bang, bang om voor hun religiositeit uit te komen. Ze dúrven niet wat Willem Jan Otten durfde, geeft Jan Oegema aan.
 
Maar: dat is niet juist! We moeten zeggen: de solo’s wí­llen niet wat Otten durfde. Want Otten heeft het juist over een persoonlijke God, zelfs over een Vader die hem gevonden heeft. Ook heeft Otten in de katholieke kerk een ritueel thuis gevonden. En, om nog maar één ding te noemen: Otten schrijft en spreekt van kwaad, ook kwaad in hem, van zonde dus, én van zijn behoefte aan vergeving, een behoefte die voor hem een reden is om te leven in dat geloof aan een persoonlijke God. Nee, Otten is een anti-soloreligieus.

Tenslotte vat hij het als volgt samen::

Soloreligiositeit heeft een familiegelijkenis met nieuwetijdsachtige spiritualiteit. Ze heeft een antichristelijke spits. En: de nog niet voltooide soloreligieuzen zijn bang. Dat zullen ze altijd blijven, zolang ze toegeven aan de wil om meester te zijn over hun eigen geloof, want die wil verraadt bangheid. Zij zijn daarom niets anders dan „de bange meesters van hun eigen geloof„.

Godsbeelden [ Trouw.nl ]