Darmstadt 2011

morgen hopen we de Mathildenhöhe in Darmstadt te bezoeken

Op 1 juli a.s. is het 112 jaar geleden dat de Darmstädter Künstlerkolonie Mathildenhöhe door groothertog Ernst Ludwig van Hessen-Darmstadt gesticht werd. We hopen zaterdag een bezoek te brengen aan de permanente tentoonstelling Jugendstil in Darmstadt 1899-1914. Het is wel jammer dat we een halfjaar te vroeg zijn voor de tentoonstelling Schritte ins Reich der Kunst van de Nederlandse tekenaar en conceptkunstenaar Marcel van Eeden.

Darmstadt
de affiches van de tentoonstellingen uit 1901 en 1904 zijn ontworpen in de stijl van de Wiener Sezession, een strakke variant van de Jugendstil
Das von Joseph Maria Olbrich errichtete Ernst-Ludwig-Haus – mit seiner beeindruckenden Südfassade, flankiert von zwei gewaltigen Monumentalfiguren des Bildhauers Ludwig – kann selbst als wahres Jugendstiljuwel bezeichnet werden. Im ehemaligen Ateliergebäude manifestierte Olbrich seine symbolische Absicht einen „Tempel der Arbeit“ zu schaffen, in dem das Wirken der Künstler sich in Form eines „Gottesdienstes“ hoch über den Niederungen des Alltags vollziehen sollte.
 
Bron: mathildenhoehe.info

tentoonstellingsposters 1901-1908 [ la-belle-epoque.de ]
Darmstädter Künstlerkolonie [ de.wikipedia.org ]

ornamenteninventarisaties

Principles of decorative design (1873) van Christopher Dresser
en L’Ornement Polychrome (1869-1888) van Auguste Racinet

De ontwerpen van motieven en patronen van Christopher Dresser zijn lang niet zo bekend als die van William Morris, maar Dresser is wel bekend doordat hij een paar invloedrijke naslagwerken schreef over decoratieve kunsten. Net als de wereldtentoonstelling was de ornamenteninventarisatie een typisch Victoriaans verschijnsel. De Victorianen beheersten de wereldzeeën, maar wilden ook heer en meester zijn over de geschiedenis. Zo catalogiseerden ze ontelbare kunst- en gebruiksvoorwerpen o.a. uit archeologische opgravingen. In de toegepaste kunsten werd dankbaar gebruik gemaakt van deze inventarisaties.

Dresser
Principles of decorative design (pag. 78-79)

In Frankrijk, waar men ook aan imperialisme deed (Napoleon had voor het Franse Keizerrijk bijvoorbeeld de Egyptische Oudheid al toegeëigend) verscheen L’Ornement Polychrome (1869-1888) van Auguste Racinet dat door de vele gedetailleerde kleurenplaten zo indrukwekkend was dat het Principles of decorative design ver achter zich liet. Toch heeft Christopher Dresser met zijn handboeken veel bijgedragen tot het ontwerp van het plantaardige motief en de ontwikkeling van de Jugendstil.

Racinet
twee platen uit L’Ornement Polychrome (1869-1888) van Auguste Racinet
Christopher DresserChristopher Dresser was born in Glasgow, Scotland. At age 13, he began attending the Government School of Design, Somerset House. He received training in design and took botany as his specialization. He lectured on the new subject of Art Botany to complete his studies before his appointment in 1855 as Professor of Artistic Botany in the Department of Science and Art , South Kensington. He wrote a series of articles that appeared in the Art Journal in 1857, “Botany as Adapted to the Arts and Art Manufactures.” In 1858 he sold his first designs. He was awarded a doctorate in absentia from the University of Jena, Germany in 1859 for his writings. From this early date his design work widened to include carpets, ceramics, furniture, glass, graphics, metalwork, including silver and electroplate, and textiles printed and woven. In 1865 the Building News reported that in the early part of his career he had been active as a designer of wallpapers, textiles and carpets thus the most active revolutioniser in the decorative art of the day. He wrote several books on design and ornament, including The Art of Decorative Design (1862), The Development of Ornamental Art in the International Exhibition (1862), and Principles of Design (1873).
 
Bron: en.wikipedia.org

principles of decorative design [ issuu.com ]

portretstudies [ 2 ]

portretten met dramatische belichting

Nu de zomerwende achter ons ligt en de dagen weer gaan korten, maakte ik een paar portretstudies bij kaarslicht. Het gouden, ‘zeventiende eeuwse’ licht ontstaat door een dun laagje rauwe sienna op de onderliggende withogingen. In plaats van tempera gebruikte ik acrylverf voor de onderschildering. Hierna wordt er met olieverf ‘gediept’ en ‘gehoogd’ om het portret meer reliëf te geven.

schetsboek
olieverfglacis op onderschildering in acrylverf