vliegende olifant

vanmiddag gezien op Net 5 : Dumbo (1941)

Donald Duck 1971 nr. 1Mijn eerste herinneringen aan het vliegende olifantje gaan terug naar 1971. Als zevenjarige leerde ik lezen samen met de Donald Duck en ter gelegenheid van zijn 30e verjaardag keerde Dumbo 39 jaar geleden terug in het vrolijke weekblad. Hij verscheen op de omslag van de eerste Donald Duck uit 1971 die ik nog altijd als een relikwie bewaar. Bijna zeventig jaar na dato heeft de vierde grote Disney tekenfilm nog niets aan frisheid verloren. Na de commerciële flops van Pinokkio en Fantasia in 1940 werd de film over het vliegende olifantje een echte kaskraker. In 1942 won Dumbo zelfs een Oscar. Een van de hoogtepunten uit de film vind ik de Pink Elephant Parade, waarin de animators net als in Fantasia hun fantasie de vrije loop hebben gelaten.

Dumbo Pink Elephant Parade

Maar het meest bijzondere aan Dumbo is het vertederende olifantje zélf met zijn lange oren en dikke tranen. Onvergetelijk is het beeld van het kleine hoopje verdriet dat levensmoe het circus uit strompelt. Zelfs de Amerikaanse soldaten die de film aan het front zagen, moesten een brok wegslikken…

Dumbo animatiecel
Aan Dumbo wordt nog altijd geld verdiend
een originele animatiecel (rechts) uit de tekenfilm met echtheidscertificaat wordt bijna 70 jaar later op internet voor $1250 aangeboden.

Dumbo is de derde lange animatiefilm van Disney. Na het maken van Sneeuwwitje en Pinokkio, moest Dumbo met veel lagere kosten geproduceerd worden. Critici waren bang dat door de bezuinigingen de kwaliteit van de Disney film omlaag zou gaan. Maar niets was minder waar, Dumbo werd een absolute kaskraker. In 1942 ontving de film een Oscar, en vijf jaar later kreeg Disney voor „uop het filmfestival in Cannes de prijs voor de beste animatiefilm.
( Bron: movie2movie.nl )

Dumbo [ imdb.com]

“uitroeien die beesten!”

gelezen Hart der Duisternis (1902) van Joseph Conrad
in de Nederlandse vertaling van Bas Heijne

Heart of DarknessNadat ik mij laatst weer eens had laten onderdompelen in de waanzin van Apocalypse Now besloot ik toch maar eens het boek te gaan lezen waarop deze film gebaseerd is. Joseph Conrad schreef Heart of Darkness aan de vooravond van de twintigste eeuw in 1898 toen de koloniale uitbuiting op een dieptepunt was. Maar Heart of Darkness is meer dan een boek over de duistere kant van het kolonialisme. Het gaat vooral over de mens die van God en gebod is losgeraakt en kan daarom ook worden gelezen als een metafoor op de moderne, goddeloze mens. Maar een moraal zoals bij Dostojewsky (“als God niet bestaat, is alles geoorloofd”) zul je bij de ironische Conrad tevergeefs zoeken.

Het verhaal gaat over de missie van kapitein Marlow. Deze moet van een handelsmaatschappij op een verre post in de binnenlanden van Kongo agent Kurtz opsporen. Men zegt dat hij er ‘ondeugdelijke praktijken’ op na houdt. In de film Apocalypse Now is de missie van de hoofdpersoon verplaatst naar Vietnam en Cambodja en is Kurtz een Amerikaanse kolonel. Conrad baseerde het relaas van Marlow op zijn eigen ervaringen in Kongo Vrijstaat, waar hij als binnenschipper getuige was van de koloniale praktijken.

Heart of Darkness
In Heart of Darkness maakt de hoofdpersoon een bootreis en dringt niet alleen dieper door in de jungle maar ook in de duistere krochten van de menselijke geest
Hart der Duisternis van Conrad volgt de zoektocht van een jonge Kapitein van de Britse Oost-Indische Compagnie naar een voorganger die „verloren„ is in de Kongo. Kapitein Marlow en zijn bemanning stuiten op vele hindernissen tijdens hun reis, en worden blootgesteld aan de onmenselijkheden in het hart van de koloniale bezetting van Afrika. Als ze eindelijk hun doel (Kurtz) bereiken, ontdekken ze een stervende man die volledig is „gecorrumpeerd„ door zijn ervaring in de Kongo. Ze ontdekken dat Kurtz zichzelf heeft opgeheven tot de positie van een god die heerst over een gemeenschap van ondergeworpen inboorlingen en een leven leidt van beestachtigheid en buitensporigheid. Kurtz is haast een sekteleider, bevreesd en vereerd door zijn volgelingen. Maar ondanks zijn macht is Kurtz getraumatiseerd door wat hij heeft gezien en gedaan in Afrika, en zijn laatste woorden ‘the horror’ geven zijn geestelijke toestand weer.
 
Bron: nl.shvoong.com/books/

Joseph ConradJoseph Conrad werd in 1857 geboren in het Poolse Berdyczów (tegenwoordig Berdychiv in de Oekraïne) en groeide op in een verarmde adellijke en patriottistische familie. Zijn vader, Apollo Korzeniowski, schreef politiek getinte toneelstukken en vertaalde werken van auteurs als Charles Dickens, Victor Hugo en Shakespeare vanuit het Engels en Frans. In 1861 werd Josephs vader verbannen naar Vologda, en de 4 jarige Joseph en zijn moeder gingen mee. Vanwege de slechte gezondheid van moeder en het extreme klimaat in Vologda kreeg het gezin in 1865 toestemming om naar Tsjernihiv te verhuizen, waar moeder Ewelina Korzeniowska enkele weken later overleed aan de gevolgen van tuberculose. Vier jaar later overleed ook vader Apollo Korzeniowski, waardoor Joseph op 11 jarige leeftijd achterbleef als wees. Familielid Tadeusz Bobrowski nam de opvoeding voor zijn rekening, totdat de jonge Conrad op 16 jarige leeftijd verhuisde naar Marseille alwaar hij aanmonsterde op een schip en zeeman werd.

Conrad maakte vele reizen naar alle uithoeken van de wereld. Zijn jongensdroom om naar Afrika te reizen kwam uit. Hij voer ver landinwaarts op de Kongo door het de toenmalige Kongo-Vrijstaat. Indrukken en ervaringen van deze reis zijn terug te vinden in later werk, in het befaamde Heart of Darkness wordt de tocht over de rivier met een stoomschip uitvoerig beschreven en dient de reis naar het binnenland ook als metafoor voor een reis naar het innerlijke van de menselijke geest. Geschokt hoe de koloniale mogendheden zich gedragen tegenover de lokale bevolking besluit Conrad na één reis ontslag te nemen. (Bron: nl.wikipedia.org )

Congo-The Brutal History
BBC documentaire over Kongo-Vrijstaat de privékolonie van de Belgische koning Leopold II

Heart of Darkness [ books.google.com ]

terug naar het oerverhaal [ 3 ]

cultuurrelativisme en het einde van het Grote Verhaal

KMMA TervurenEen van de nieuwe wetenschappen die in de negentiende eeuw ontstond en die nauw verband hield met de Europese expansie, was de volkenkunde. In de twintigste eeuw vond er met de dekolonisering een omslag plaats in de volkenkunde, die tegenwoordig etnologie of culturele antropologie wordt genoemd. Men deed afstand van de etnocentrische visie en ging alle culturen als gelijkwaardig beschouwen. Dit betekende ook dat men alle religies in principe als gelijkwaardig ging zien. Het is niet onbelangrijk om te zien dat de veroordeling van het zgn. Europacentrisme een Westerse zélfveroordeling is.

beeld voor het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren, gebouwd in neo-rococo stijl tussen 1904 en 1910

De Sloveense filosoof Slavoj Žižek heeft aangetoond dat er achter het Westerse cultuurrelativisme nog altijd een superioriteitsgevoel schuilgaat. Volgens hem is het Westen er in geoefend om het authentieke van andere culturen te benadrukken terwijl het haar eigen identiteit onzichtbaar probeert te maken. Doordat het Westen in daarmee ‘identiteitloos’ wordt, kan het zich verbinden met ‘universele waarden’ die voor alle culturen zouden moeten gelden. En daarmee behoudt het Westen stiekem nog altijd haar superioriteitsgevoel.

Vroeger kon je als witte, heteroseksuele man niet eens spreken over je eigen “authentieke“ cultuur en identiteit, want dan was je bij voorbaat al verdacht, dan was je al bijna een neofacist. Maar die zelfvernedering bleek ook een dekmantel. Juist doordat wij “identiteitloos“ waren, konden wij namelijk spreken over universele waarden. Want omdat wij geen identiteit hadden, spraken we vanuit een neutrale positie. En precies dat was zo arrogant tegenover die mensen die we zogenaamd beschermen. “Toe maar, wees vooral jezelf”, zeiden we – maar daarmee stellen wij de norm van wat “jezelf“ is. Niet omdat we “westers“ en dus superieur waren, want dat zou racistisch zijn, maar omdat we “neutraal“ waren. Maar superieur bleven we stiekem. Het is eigenlijk meta-racisme. Fascinerend, hoe deze hypocrisie mogelijk was: meta-racisme als kritiek op het racisme! ( … )
 
Bron: Slavoj Žižek in Filosofie Magazine

Wat heeft dit alles met oerverhalen te maken? Het betekent dat Europa met zijn cultuurrelativisme (én godsdienstrelativisme) het Grote Verhaal waarop de Westerse cultuur gebaseerd is (het Christendom) verloochent door dit verhaal te nivelleren aan de honderdduizenden oerverhalen die de Westerse cultureel antropologen en mythografen verzameld hebben. Het post-modernisme, dat je als de erfgenaam van de Europese Verlichting kunt zien, probeert een bescheiden maar neutrale positie in te nemen en verklaart hét Grote Verhaal taboe. Dat is een noviteit in de geschiedenis, want elke cultuur is altijd gefundeerd geweest op een oerverhaal over de oorsprong van de wereld en van de mens. Dit Grote Verhaal heeft een cultuur gevormd en het kloppend hart daarvan is de religie.

Het post-modernisme, dat je als
de erfgenaam van de Europese Verlichting kunt zien, probeert
een bescheiden maar neutrale
positie in te nemen en verklaart
het Grote Verhaal taboe.

In het Westen heeft de wetenschap de plaats van het Christendom ingenomen. Aan de ene kant is er winst: de Westerse mens is geen gelovige meer die door een religieuze autoriteit klein gehouden wordt, maar is geëmancipeerd tot een individu. Toch betaalt hij voor deze ‘vrijheid’ een hoge prijs: diep wantrouwen en een onvermogen tot overgave. Hij zou wel willen geloven, maar hij kan het niet (meer). Met het afschaffen van het Grote Verhaal valt het bezielend verband weg en moet ieder voor zichzelf maar ‘zijn’ of ‘haar waarheid’ zien te vinden. De geestelijke uitholling die het afschaffen van het Grote Verhaal veroorzaakt, drukt zwaar op de post-moderne mens.

Mircea EliadeDe van oorsprong Roemeense godsdienst-psycholoog Mircea Eliade wijst in Het heilige en het dagelijkse bestaan ook op deze verzakelijking van de wereld, een proces dat gepaard gaat met het verlies van bevredigende zingevende verhalen, ook al schept de wetenschap eigen oorsprongsverhalen, zoals het verhaal van de oerknal. Mythen worden door de moderne mens bestudeerd in plaats van gecelebreerd. Eliade noemde dit proces desacralisatie. Ook de Canadese filosoof Charles Taylor houdt zich diepgaand met de onttovering van de wereld bezig. Het is veelzeggend dat hij naast filosoof ook praktiserend katholiek is.

eerdere posts in deze reeks | Het heilige en het dagelijkse bestaan