Categorie archief: 19e eeuw

het beeld van 1815 – 1840 [ 5 ]

schilderkunst tussen 1815 en 1840 : Griekse en Romeinse mythologie

Ik weet niet precies waar mijn fascinatie voor de schilderkunst van 200 jaar geleden precies vandaan komt. Heeft het te maken met de Romantiek? Met de emancipatie van het landschap in de landschapsschilderkunst? Of met de drang naar objectiviteit vlak voor het ontstaan van de fotografie? Het ontluikende historisme en oriëntalisme? De intimiteit van huiselijke taferelen van de Biedermeier? Of juist van het schurende tussen classicisme en realisme?

Vanaf 1780 gingen neoclassicisme en mythologie hand in hand. De grote man van het neoclassicisme in de schilderkunst, Jacques-Louis David, bevrijdde de Griekse en Romeinse goden en godinnen uit de roze wolk waarin het rococo ze gevangen hield. Hij legde de nadruk op de tekening, temperde de kleuren en plaatste de Oudheid in het koele licht van de rede. Hij wilde zijn publiek in de eerste plaats opvoeden tot deugdzaamheid en niet simpelweg behagen.

Mars ontwapend door VenusNa de Franse Revolutie en daarna onder Napoleon wordt het neoclassicisme bevorderd tot staatskunst. Niet alleen Griekse en Romeinse taferelen maar ook de eigen tijd wordt door de bril van het neoclassicisme gezien. David wordt de hofschilder van Napoleon. De val van Napoleon wordt ook de val van David. Hij wordt verbannen naar Brussel waar hij in 1825 overlijdt. Daar keert hij weer terug naar de mythologie, waarbij de politieke boodschap vermeden wordt. Een van zijn laatste werken, Mars ontwapend door Venus uit 1822-1824, lijkt ons te willen zeggen: make love not war. Het past helemaal in de filosofie van de Restauratie.

Pierre Narcisse Guérin was een van de vele leerlingen van Jacques-Louis David. Zélf was hij weer de leermeester van o.a. Théodore Géricault, Eugène Delacroix en Ary Scheffer. In 1815 schilderde hij geheel in de traditie van het neoclassicisme Phaedra en Hippolytus. Net als bij David zijn de personages bevroren als beelden met scherpe contouren. Het schilderij doet sterk aan de compositie van de Eed van de Horatii van zijn leermeester denken, waarbij de figuren gerangschikt zijn in twee groepen binnen een heldere ruimte.

Guérin
Pierre Narcisse Guérin 1815
Phaedra en Hippolytus

Ook Louis Hersent (1777-1860) was een leerling van David. Zijn voorstelling Daphne en Chloë is net als Phaedra en Hippolytus een neoclassicistisch schilderij, maar lijkt terug te keren naar het pastorale uit de rococo. Ook qua kleurgebruik wijkt het af van de principes van zijn leermeester die het liefste koele kleuren gebruikte. Omdat de Restauratie de klok had terugdraaide, konden schilders ook weer teruggrijpen op de schilderkunst van het ancien régime.

Hersent
Louis Hersent 1817
Daphne en Chloë

Wie was er in Frankrijk rond 1800 eigenlijk geen leerling van David? Ook Jean Auguste Dominique Ingres (1780-1867) studeerde bij hem en was misschien wel zijn meest getalenteerde leerling. In 1819 schilderde hij Roger bevrijdt Angelica. Het is een werk dat op de grens ligt van het neoclassicisme en de Romantiek.

Ingres
Jean Auguste Dominique Ingres 1819
Roger bevrijdt Angelica

Raymond Monvoisin (1790-1870) was een leerling van Pierre Narcisse Guérin. Het schilderij Telemachus en Eucharis uit 1824 is een van de velen in de serie mythologische duo’s. Het is gepolijst geschilderd en staat haaks op het rauwe schilderwerk van Eugène Delacroix die in diezelfde periode doorbrak.

Monvoisin
Raymond Monvoisin 1824
Telemachus en Eucharis

Alexandre Charles Guillemot (1786-1831) maakte in 1827 een gepolijst werk van Acis en Galatea. Onder koning Karel X was Frankrijk in de greep van de ultra’s gekomen en werd het aartsconservatief. Schilders als Monvoisin, Guillemot en Meynier werkten in een gladde stijl die de orde en stabiliteit van de Restauratie in Frankrijk perfect weerspiegelde.

Guillemot
Alexandre Charles Guillemot 1827
Acis en Galatea

Een ander schilderij van Guillemot uit 1827 is Mars en Venus worden door Vulcanus verrast. De figuren lijken eerder van marmer dan van vlees en bloed en zijn helemaal in de geest van het neoclassicisme geschilderd met duidelijke omtrekken. Deze stijl zou tot ver in de negentiende eeuw het klimaat op de Franse Académie bepalen.

Guillemot
Alexandre Charles Guillemot 1827
Mars en Venus worden door Vulcanus verrast

Charles Meynier (1763-1832) kreeg in 1826 om in het Louvre een plafondschildering te maken voor een van de vertrekken van koning Karel X van Frankrijk. Het is in de traditie van het absolutisme waarin de macht van de vorst gelijk gesteld wordt met die van de goden. Doordat Karel X zich steeds meer als een koning uit de achttiende eeuw begon te profileren, stevende hij daarmee af op zijn eigen ondergang in 1830. De moderne tijd was aangebroken. Het absolutisme was een anachronisme en na 1830 behoorden mythologische voorstellingen tot het verleden. De toekomst was aan het realisme.

Meynier
Charles Meynier 1827
Les Nymphes de Parthénope, emportant loin de leurs rivages les Pénates, images de leurs dieux, sont conduites par la déesse des Beaux-Arts sur les bords de la Seine

het beeld van 1815 – 1840 [ 4 ]

schilderkunst tussen 1815 en 1840 : Napoleon

Ik weet niet precies waar mijn fascinatie voor de schilderkunst van 200 jaar geleden precies vandaan komt. Heeft het te maken met de Romantiek? Met de emancipatie van het landschap in de landschapsschilderkunst? Of met de drang naar objectiviteit vlak voor het ontstaan van de fotografie? Het ontluikende historisme en oriëntalisme? De intimiteit van huiselijke taferelen van de Biedermeier? Of juist van het schurende tussen classicisme en realisme?

Na de definitieve verbanning van Napoleon naar Sint Helena in de herfst van 1815 was het afgelopen met schilderijen van de voormalige keizer. De Bourbons waren in 1814 weer aan de macht gekomen en Lodewijk XVIII, de jongere broer van de in 1793 vermoorde Lodewijk XVI, werd koning van Frankrijk. De Restauratie draaide de klok weer terug naar het ancien régime en Lodewijk XVIII en zijn opvolger Karel X lieten zich op een staatsieportret afbeelden zoals hun absolutistische voorgangers. Overigens was Napoleon zelf ook niet vies van decorum. In 1806 liet hij zich door Ingres schilderen gezeten op een troon als een Romeinse keizer.

Louis Hersent
Louis Hersent 1817
Louis XVI distribuant ses bienfaits aux pauvres pendant le rigoureux hiver de 1788

Over de Franse schilder Louis Hersent schreef ik zeven jaar geleden al eens iets. Met het bovenstaande schilderij van precies 200 jaar geleden wilde hij de menselijke kant van de monarchie laten zien: Lodewijk XVI als een betrokken man die tijdens de hongersnood van 1788 het volk persoonlijk bedeelt.

François Gérard
François Gérard 1827
kroningsplechtigheid van Karel X op 29 mei 1825 in de kathedraal van Reims

Onder koning Karel X (1825-1830) zakte Frankrijk nog verder terug in de tijd. De geestelijkheid kreeg weer de macht die het als vanouds had. Karel X liet zich traditioneel kronen door de aartsbisschop van Reims tijdens een indrukwekkende plechtigheid op 29 mei 1825. François Gérard voltooide in 1827 een koninklijke opdracht die onmiddellijk de kroning van Napoleon van zijn leermeester Jacques-Louis David in herinnering roept. Het verschil kan niet duidelijker zijn: Karel X laat zich door de bisschop kronen, terwijl Napoleon als provocatie zichzelf kroonde.

Tijdens de regeerperiode van Karel X (1825-1830) was alles dat naar revolutie verwees taboe verklaard. Napoleon was in 1821 op Sint Helena gestorven, maar het gonsde van de geruchten dat hij in werkelijkheid naar Amerika gevlucht zou zijn. Napoleon werd doodgezwegen. Dat veranderde na de Julirevolutie van 1830. Deze revolutie die Karel X over zichzelf had afgeroepen, werd min of meer door de liberalen gekaapt en zij vervingen Karel X door zijn neef Louis-Philippe. Onder zijn regeerperiode (1830-1848) werd Frankrijk een stuk liberaler. De boycot rond Napoleon werd opgeheven en voor het eerst sinds 1814 verschenen er weer schilderijen van hem.

Mauzaisse
Jean-Baptiste Mauvaisse 1833
Napoléon Ier couronné par le Temps,
écrit le Code Civil

Jean-Baptiste Mauvaisse schilderde in 1833 een schaamteloos eerbetoon aan de voormalige dictator. Napoleon wordt door een personificatie van de Tijd gelauwerd als wetgever. In zijn handen houdt hij als een nieuwe Mozes de Code Civil (of Code Napoleon). De liberalen konden Napoleon waarderen als hervormer, ondanks alle oorlogen die hij gevoerd had.

In hetzelfde jaar schilderde Louis Charles Auguste Couder Napoleon als beschermheer van de kunsten. Op het onderstaande classicistische schilderij inspecteert Napoleon de nieuwe trappen van het Louvre die hij tussen 1809 en 1812 door de architecten Percier en Fontaine had laten bouwen.

Couder
Louis Charles Auguste Couder 1833
Napoléon Ier visitant l’escalier du Louvre sous la conduite des architectes Percier et Fontaine

Horace Vernet schilderde Napoleon in 1836 in de Slag bij Friedland in 1807. De verhoudingen tussen Rusland en Frankrijk waren in de jaren 1830 tot een dieptepunt gedaald. Tsaar Nicolaas I had na de Julirevolutie van 1830 alle Russen in Frankrijk het bevel gegeven het land onmiddellijk te verlaten. De Slag bij Friedland op 14 juni 1807 leidde elf dagen later tot de Vrede van Tilsit die Napoleon sloot met tsaar Alexander I. Rusland was nu door Frankrijk ingetoomd en in 1836 wilde Vernet met dit schilderij hieraan herinneren.

Vernet
Horace Vernet 1836
Napoleon tijdens de Slag bij Friedland in 1807

In 1840 wordt op initiatief van premier Adolphe Thiers en koning Louis-Philippe de as van Napoleon bijgezet in de Dome des Invalides in Parijs. Napoleon is nu weer helemaal terug. In de jaren 1840 is hij voor Franse schilders een terugkerend onderwerp. Zo schildert François Bouchot in 1840 de staatsgreep van 9 november 1799 (18 Brumaire), het moment dat Napoleon alleenheerser van Frankrijk wordt.

Bouchot
François Bouchot 1840
Le coup d’Etat du 18 Brumaire (9 november 1799)

Louis Hersent, schilder van de Restauratie [ W&V ]

het beeld van 1815 -1840 [ 3 ]

schilderkunst tussen 1815 en 1840 : oriëntalisme

Ik weet niet precies waar mijn fascinatie voor de schilderkunst van 200 jaar geleden precies vandaan komt. Heeft het te maken met de Romantiek? Met de emancipatie van het landschap in de landschapsschilderkunst? Of met de drang naar objectiviteit vlak voor het ontstaan van de fotografie? Het ontluikende historisme en oriëntalisme? De intimiteit van huiselijke taferelen van de Biedermeier? Of juist van het schurende tussen classicisme en realisme?

Vanaf de jaren 1820 maakte het oriëntalisme in de schilderkunst opgang in Frankrijk. Aanvankelijk was het verbonden met de toenemende belangstelling voor Egypte na de expeditie van Napoleon in 1798-1799. Maar na 1830, het jaar waarin Frankrijk Algiers veroverde en de bezetting van Algerije begon, groeide ook de belangstelling voor de contemporaine wereld van de islam.

Pankoucke
Frontispiece van Description de l’Égypte (1821)
uitgegeven door C.L.F. Panckoucke in Parijs

Misschien wel het bekendste Franse schilderij uit de periode 1815-1840 is de dood van Sardanpalus van Eugène Delacroix. Het tafereel is gebaseerd op een boek van Lord Byron dat zich afspeelt in Nineve in de zevende eeuw voor Christus. Het schilderij combineert het exotische van de wereld van Duizend-en-een-nacht met erotiek. Dat bleek in de negentiende eeuw een winnende combinatie. Er werden ontelbare odalisken (haremvrouwen) geschilderd waarvan de beroemdste al in 1814 door Ingres.

Delacroix
Eugène Delacroix 1827
De dood van Sardanpalus
Marilhat
Prosper Marilhat 1833
De Ezbekiyah straat in Cairo
Vernet
Horace Vernet 1836
De slavenmarkt

De zeer productieve Horace Vernet schilderde naast vele veldslagen uit de Napoleontische tijd ook historische taferelen. Hij had daarbij een duidelijke voorkeur voor het oriëntalisme. In de slavenmarkt uit 1836 combineert hij het exotische met erotiek. Een jaar later schildert hij een Bijbelse voorstelling in een oriëntaalse setting. Abraham is in de eerste plaats bedoeïen en dan pas aartsvader.

Vernet
Horace Vernet 1837
Abraham stuurt Hagar en Ismaël de woestijn in
Het oriëntalisme in de schilderkunst valt te ontdekken in een hang naar exotische taferelen zoals haremscenes, figuren bij palmbomen, vurige paarden, arabesken, kamelen, minaretten, boogportalen en dergelijke. Beroemde schilders die het Oriëntalisme beoefenden waren bijvoorbeeld Dominique Ingres, Eugène Delacroix, Jean-Léon Gérôme, Alfred Chataud, Horace Vernet, Adrien-Henri Tanoux, Étienne Dinet, Marià Fortuny, Giovanni Antonio Guardi, Jules Laurens. Marius Bauer was een van de bekendste Nederlandse Oriëntalisten.
 
Bron: nl.wikipedia.org