Categorie archief: religie

vrijheid

gelezen: de grootinquisiteur in De Gebroeders Karamazov van Dostojewsky
grootinquisiteurHet verhaal speelt in Spanje, in Sevilla, gedurende de vreselijkste tijd van de inquisitie, toen dagelijks ter ere van God de brandstapels in het ganse land brandden.
 
In Zijn eindeloze genade komt Christus nog eens onder de mensen in dezelfde menselijke gedaante als waarin Hij eeuwen geleden, drieëndertig jaar lang tussen hen heeft gewandeld. Hij daalt neer op de “warmste” plaats van de zuidelijke stad, waar juist de vorige dag, in tegenwoordigheid van de koning, het hof, ridders en kardinalen, de bekoorlijkste hofdames en talloze inwoners van Sevilla, bij een “autodafe vol pracht en praal”, door een kardinaal-grootinquisiteur, honderd ketters tegelijk waren verbrand, „ter meerdere glorie van God’.
 
Hij kwam stil en ongemerkt, en plotseling hoe merkwaardig het ook is herkenden allen Hem. Met onweerstaanbaar geweld dringt het volk op Hem toe en omringt Hem; de menigte groeit steeds aan en volgt Hem. Zwijgend gaat Hij tussen hen, met een zachte glimlach van eindeloos medelijden. De zon der liefde brandt in Zijn hart, stralen van licht en kracht stromen uit Zijn ogen, beschijnen de mensen en ontbranden in hun hart wederliefde. Hij strekt Zijn handen tot hen uit, zegent hen, en van Zijn aanraking, zelfs van de zoom van Zijn kleed gaat een genezende kracht uit.
 
lees verder …

hoelang kijken we nog weg?

dit weekend in de bijlage Letter & Geest (Trouw):
Piet Winnubst: de sjaria bestaat echt

Vorige maand schreef ik hier over het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) over het islamitisch activisme. Opvallend is dat het rapport lijkt te ontkennen dat dé islam of dé sjaria bestaat. De angst voor confrontatie tussen de autochtone Nederlandse bevolking en de bijna 1 miljoen islamitische Nederlanders is groot. Het is begrijpelijk dat beleidsvoerders kiezen voor een bezwerende mantra als ‘dé islam bestaat niet’. Maar lost het iets op om weg te kijken voor de realiteit? Dit weekend schrijft Piet Winnubst, die jarenlang als voormalig VN-diplomaat in verschillende islamitische landen woonde, in Trouw in ondubbelzinnig: de sjaria bestaat echt. Bij het artikel staat een weerzinwekkende foto van twee minderjarige jongens met een strop om de nek. Ze werden vorig jaar op 19 juli in Mashad (Iran) opgehangen omdat ze zich schuldig zouden hebben gemaakt aan homosexuele handelingen.

sharia
Mahmoud Asgari en Ayaz Marhoni worden in het openbaar opgehangen, 19 juli 2005
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) trekt in haar, „op eigen initiatief geschreven rapport over islamitisch activisme„ verbazingwekkende conclusies. Volgens de WRR kunnen ’spanningen en conflicten tussen ons en de islam„ worden opgelost. Als wij de islamitische staten een beetje tegemoet komen, zullen zij ook onze normen en waarden gaan respecteren. De WRR meent dat „de belemmeringen voor democratisering en mensenrechten in veel van deze (islamitische) landen meestal weinig met de islam zelf van doen hebben„. De WRR meent dat „het in de grondwet opnemen van de sjaria als basisnorm*. een belangrijke voorwaarde is voor verdere ontwikkeling naar een democratische rechtsstaat„. (Blz. 142-3.)
 
In zijn column „Door het bos de bomen niet meer zien„ (Trouw, 22 april) wijt J.A.A. van Doorn de „onwelwillende ontvangst„ van dit WRR-rapport aan „hetzelfde schematische denken als dat waaraan de oude socialisten leden en de moderne globalisten lijden„. De critici van het WRR-rapport zouden „islamcritici„ zijn die geen rekening willen houden met het feit dat er, aldus Van Doorn, geen sjaria bestaat. Wat er wel bestaat, zo ontdekte hij na lezing van het rapport, is de „buitengewoon gedifferentieerde werkelijkheid ter zake van het rechtsbestel in moslimlanden„.
 
Van Doorn is van mening, dat men schematisch denken moet vermijden: „De werkelijkheid is altijd gedifferentieerder dan ambitieuze schema’s suggereren.„ Een correcte observatie die Van Doorn ook zelf ter harte moet nemen. Hij toont zich namelijk een typische vertegenwoordiger van het schematische denken dat sinds de Verlichting voor velen het klassieke denkpatroon is geworden. De essentie daarvan is, dat men vaststelt de waarheid niet te kunnen kennen en zich daarom primair, zo niet uitsluitend, met haar verschijningsvormen bezig gaat houden. We vergeten het bos en houden ons bezig met de bomen. Het WRR-rapport volgt deze lijn, en ook voor Van Doorn is het „„zonneklaar dat van „de„ sjaria geen sprake is„„. De sjaria kennen we niet; laten wij ons daarom bezighouden met de verschillende verschijningsvormen.
 
trouw.nl

schepping of existentiële leegte

dit weekend in de bijlage Letter & Geest (Trouw): een verkorte versie
van een hoofdstuk uit De Berg van Cézanne door Jurrian Benschop
Het schilderij doet verschillende dingen. Het zet je als toeschouwer aan de rand van het bestaan, nog even een klein stukje land rest er als een vluchtheuvel en dan is er de slokkende zee. Tegelijk toont het de weidsheid van het bestaan, de eindeloosheid ook, wie zou daar geen deel van uitmaken? Een existentieel moment vol paradoxen. het schilderij is er zowel voor de gelovige die in de natuur vol ontzag God’s schepping ervaart, als voor de atheïst, die er het niets de existentiële leegte in bevestigd ziet. Beide beleven een gouden moment omdat hun bewustzijn zich verhevigt. Een moment dat hun bestaan wordt onderstreept.
 
Bron: trouw.nl
Monch am Meer
Caspar David Friedrich
Monch am Meer, 1810
Sentiments upon Viewing Friedrich’s Seascape. Caspar David Friedrich’s painting “Monk by the Sea”, viewed by Clemens Brentano, Achim von Arnim and Heinrich von Kleist
 
With this exhibition, one of the most important paintings of Romanticism, Caspar David Friedrich’s “Monk by the Sea”, is put into the context of contemporary literature and art theory. “Sentiments upon Viewing Friedrich’s Seascape” was the title of an article that appeared on 13 October 1810 in the “Berliner Abendblätter”, a newspaper of which Heinrich von Kleist was the editor. The painting under discussion by Friedrich had first been presented to the public at the Berlin Academy exhibition in September 1810, only a few weeks prior to the article’s publication. Today, the “Monk by the Sea” belongs to the highlights of the National Gallery’s collection. Heinrich von Kleist, having asked Clemens Brentano and Achim von Armin to write a review of the picture, had received four handwritten manuscript pages, two by each author. Kleist reworked and extended this text, giving it a new direction of thought. Both Kleist’s and Brentano’s comments belong to the most memorable and profound reflections on the Romantic idea of landscape, the most modern of its time. The studio exhibition in the Caspar-David-Friedrich-Room of the Old National Gallery is a cooperation with the Kleistmuseum in Frankfurt/Oder and the Freier Deutscher Hochstift in Frankfurt/Main. This show is the first to bring together Friedrich’s painting, the precious autographs on loan from the Frankfurt Goethe Museum, and the printed versions (differing from the handwritten text), supplemented by additional exhibits relevant to the subject.
 
Bron: smb.spk-berlin.de

Caspar David Friedrich bij artchive | webmuseum | artcyclopedia