Categorie archief: comics

de terugkeer van Het Gele Teken [1]

op mijn boekenlijst: Blake en Mortimer nummer 22: De Septimus Golf

septimusgolfAl vaker schreef ik op deze blog over de strip Blake en Mortimer van Edgar P. Jacobs (1904-1987). In de jaren vijftig en zestig was dit duo een van de sensaties van het weekblad Kuifje. Begin jaren zeventig tekende Jacobs zijn laatste verhaal: De 3 formules van professor Satô. Het tweede deel kon hij niet meer afmaken en werd getekend door Bob de Moor . Daarna verschenen er geen nieuwe verhalen meer. Toen hij in 1987 overleed, als laatste van de Grote Drie van het Belgische stripverhaal (Joseph Gillain (Jijé) en Hergé waren hem in het begin van de jaren tachtig voorgegaan), leek het uitgesloten dat Blake en Mortimer ooit nog terug zouden keren. Net als Kuifje waren ze geschiedenis geworden.

Maar in 1996 verscheen voor mij totaal onverwacht De Zaak Francis Blake, geschreven door Jean Van Hamme en getekend door Ted Benoit. Jean van Hamme had het verhaal voor een deel gejat van The 39 steps van Hitchcock, maar de tekeningen en de sfeer waren helemaal in de geest van Jacobs. Blake en Mortimer waren weer tot leven gewekt! Het bleek een gouden greep van de uitgever. Voor het jeugdsentiment van babyboomers is zeker een markt. Terwijl de jongeren veel minder strips zijn gaan lezen, zijn het nu vooral oudere lezers die trouw blijven aan het beeldverhaal.

Zo verschijnen er sinds 1996 weer nieuwe avonturen van Blake en Mortimer, geschreven en getekend door verschillende scenaristen en tekenaars. In december verscheen alweer het tiende album in de retroserie: De Septimus Golf. Het is geschreven door Jean Dufaux en getekend door Antoine Aubin en Étienne Schréder als vervolg op de klassieker Het Gele Teken uit 1956. Een kassucces is verzekerd, want het Gele Teken is volgens veel stripliefhebbers, met name in België, het stripalbum van de eeuw.

blakeetmortimer.com

Antonio Lapone

de atoomstijl van Antonio Lapone

In 2009 besteedde ik in de serie A la recherche du “Style Atome“ aandacht aan de zogenaamde atoomstijl. Deze swingende cartoonstijl uit de late jaren vijftig dankt haar naam aan het het paradepaardje van de expo van 1958 in Brussel.

De stijl sloeg vooral aan bij de tekenaars van Spirou. Net als de klare lijn van Hergé navolging vond bij tekenaars als Joost Swarte en Henk Kuijpers, zo maakte ook de atoomstijl school. Ever Meulen, Serge Clerc, François Avril en Yves Chaland zijn enkele vertegenwoordigers. De laatste ontwikkelde zich al snel tot een virtuoos in deze stijl, maar stierf helaas jong.

Lapone
in de nieuwe VPRO-gids staat een omslagartikel van vier pagina’s over Antonio Lapone

Op het internet barst het alweer jaren van retro uit de jaren vijftig en zestig. Over de hele wereld imiteren illustrators de swingende stijl van de jaren vijftig en zestig, die je vaak ook kunt vinden onder de noemer mid century modern illustration. Een tekenaar waar ik nog nooit van gehoord had, is Antonio Lapone. De VPRO-gids introduceert hem nu in Nederland.

Mondo Lapone [ vpro.nl ] | laponeart.blogspot.nl

Jijé

De Belgische striptekenaar Joseph Gilain (1914-1980)

JijéHet Belgische stripblad Robbedoes bestond van 1938 tot 2005 en was een van de langstlopende stripbladen uit de geschiedenis. De Franstalige versie Spirou bestaat overigens nog altijd. Van 1978 tot 1980 had ik een abonnement op Robbedoes maar de gouden jaren van het legendarische blad waren toen al voorbij. Wel werden in die tijd soms klassiekers uit de jaren vijftig geplaatst, zoals Guus Slim van Maurice Tillieux, Guust van André Franquin, Joris Jasper van MiTacq en Blondie en Blinkie van Jijé.

De gouden periode van Robbedoes begon kort na de oorlog dankzij een opeenhoping van Belgisch talent. André Franquin (Guust), Maurice De Bevere (Morris) (Lucky Luke), Eddy Paape (Flip Flink), Will Maltaite (Baard en Kale), Peyo (Pierre Culliford) (de Smurfen) en Jean Roba (Bollie en Billie) waren allemaal tussen 1920 en 1930 geboren en behoorden tot een gezegende generatie. Het jonge talent werd aangevoerd door Jijé, die vóór de oorlog al voor Robbedoes getekend had.

Robbedoes 2004Jijé (Joseph Gilain) (1914-1980) was de jongste van “de Grote Drie” van de Belgische strip. Hij zou in 1980 overlijden, drie jaar vóór Hergé (1907-1983) en zeven jaar vóór Edgar P. Jacobs (1904-1987). Direct na zijn overleden in juli 1980 verscheen een speciale uitgave van Robbedoes met een omslag in zwart wit. In het binnenwerk werden herinneringen opgehaald aan de tekenaar van Robbedoes en Kwabbernoot, Blondie en Blinkie en Jerry Spring. Jijé zou niet alleen een vaderfiguur zijn voor de tekenaars van uitgeverij Dupuismaar ook voor Jean Giraud (1938-2012) die door hem werd ingewijd in de westernstrip. Op 13 januari zal het honderd jaar geleden zijn dat Joseph Gillain werd geboren. Van Hergé en Edgar P. Jacobs verschenen al verschillende postzegels. Hopelijk komt Jijé in 2014 op de Belgische postzegel!

Jerry Spring
in 2004 verscheen er een briefkaart ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de westernstrip Jerry Spring

Jijé [ nl.wikipedia.org ]