Categorie archief: comics

tweede jeugd

Stripblad Eppo is terug en ligt vanaf vandaag weer in de winkels

Toen ik in 1975 van de lagere school naar de brugklas ging, maakte ik de metamorfose mee van de PEP naar de Eppo. Ruim dertig jaar geleden had je nog een computerloze jeugd en strips waren veel belangrijker dan tegenwoordig. Zeker voor mij, een jongen van twaalf die de bovenmeester had opgebiecht dat hij striptekenaar wilde worden. De klas had erom moeten lachen, maar het was wel degelijk serieus bedoeld. De PEP en de Eppo waren voor mij heilige lectuur en ik gooide geen nummer weg tot op de dag van vandaag. Met het gevolg dat ik nog altijd bijna 6 jaargangen PEP compleet (1970-1975) en ruim 6 jaargangen Eppo compleet (1976-1981) heb staan.

aankondiging van Eppo in 1975
Deze aankondiging van Eppo verscheen in het allerlaatste nummer van PEP in september 1975
vandaag verschijnt Eppo na 34 jaar opnieuw…

Deze week keert Eppo terug en richt zich vooral op lezers zoals ik, veertigers en dertigers die tussen 1975 en 1989 het blad lazen en die nu bijna honderd Euro per jaar over hebben voor hun tweewekelijkse dosis jeugdsentiment. Ik vind het wel jammer dat voor de naam Eppo is gekozen en niet voor PEP. Maar dat zal te maken hebben met het feit dat het stripblad PEP de nostalgische en koopkrachtige dertigers weinig of niets zegt. Ik hoop dat deze reanimatie een serieuze kans van slagen heeft en het stripverhaal in Nederland een tweede jeugd krijgt. Aan het team van Nederlandse toptekenaars zal het niet liggen. Onder deze tekenaars vinden we ouwe rotten als Dick Matena, Daan Jippes, Martin Lodewijk en Henk Kuijpers die ooit begonnen in PEP (en Donald Duck) en die na veertig jaar de meesters zijn van het Nederlandse stripverhaal. Ik steun dit initiatief van harte met het kopen van een los nummer, om te beginnen…

Heb je weleens heimwee naar de jaren 70 en 80? Toen het hoogtepunt van de week dat moment was, waarop de brievenbus klepperde en de nieuwe Eppo op de deurmat viel. Nou… Die tijd komt weer terug!!! Het legendarische stripblad Eppo komt terug! Vanaf 29 januari 2009 verschijnen er maar liefst 25 nieuwe nummers. Dat betekent dus ook splinternieuwe avonturen van onder andere Storm, Franka, De Partners en Agent 327. Verhalen die speciaal voor Eppo worden gemaakt. Maar daar blijft het natuurlijk niet bij! Tal van andere artiesten staan te popelen om voor Eppo aan de slag te gaan, en jou elke twee weken te verrassen met een superblad.
 
Bron: eppostripblad.nl

de terugkeer van Eppo [ wereldomroep.nl ] | Eppo terug van weggeweest [ adformatie.nl ] | strips horen door de brievenbus [ nrcnext.nl ]

wat een nul ben ik …

vannacht gezien op Canvas: American Splendor (2003)

American SplendorVerwacht in een verfilming van of over een underground comic geen heroes, winners of happy end. Want de Amerikaanse underground comic is de volmaakte tegenhanger van de American Dream met zijn superhelden. Als je Ghost World gezien hebt, ken je de toonzetting: schlemielige figuren die gewapend met gitzwarte zelfspot door het leven sukkelen. Voordat Ghost World verfilmd werd, maakte regisseur Terry Zwigoff een documentaire over Robert Crumb, het boegbeeld van de Amerikaanse underground comic. Crumb speelde in Ghost World (2001) en in American Splendor ook weer een rol. Hij is het prototype van de loser: een schutterige neuroot die zijn foute uiterlijk heeft gecultiveerd en er eigenaardige hobbies op nahoudt, zoals het verzamelen van 78-toeren platen. In Harvey Pekar, die de hoofdrol speelt in American Splendor, ontmoeten we zijn evenknie. Pekar is een gloomy guy die zich in het deprimerende Cleveland ook al niet thuis voelt.

American Splendor is een mix van documentaire, zwarte komedie en graphic novel. We zien interviews met Harvey Pekar en volgen ondertussen zijn leven terwijl hij gespeeld wordt door Paul Giamatti. Net als Steve Buscemi (die de rol van Seymour vertolkt in Ghostworld ) speelt Giamatti meestal een sukkelige man. Hij zet Pekar overtuigend neer, met een permanente frons van kwelling en verongelijktheid op zijn gezicht. Wanneer hij in de spiegel kijkt, lezen we in zijn gedachtenwolkje “There’s another reliable disappointment.”

Harvey Pekar
Harvey Pekar is een archiefbediende in een ziekenhuis in Cleveland, die niet bepaald gelukkig is met zichzelf of z„n leven: hij is geen adonis, zijn vrouw heeft hem net in de steek gelaten, zijn job gaat helemaal nergens naartoe en dan raakt hij nog z„n stem kwijt ook. Geïnspireerd door een ontmoeting met Robert Crumb, begint hij in de jaren zeventig stripverhalen te schrijven over zijn eigen leven – alle banale, kleingeestige, futiele details van z„n deprimerende bestaan kotst hij in één gulp uit in zijn comic-scenario’s. De tekeningen zijn niet meer dan rudimentaire figuren, streepjes en bolletjes, maar Crumb ziet er voldoende brood in om zichzelf aan te bieden als illustrator. De underground stripreeks American Splendor is geboren.
 
Tijdens de jaren tachtig wordt Pekar een soortement symbool voor de loser die er ongegeneerd een statement van maakt een loser te zijn. Zijn strips worden razend populair in het circuit, hij wordt een vaste gast op de David Letterman-show en hij vindt onder zijn fans zelfs een nieuwe echtgenote: Joyce Brabner (Hope Davis), een hypochondrische vrouw die zelf ook niet gespeend is van persoonlijkheidsproblemen.
 
Bron: digg.be

americansplendormovie.com | american splendor [wikipedia] | underground movies