Categorie archief: film

Habsburg revisited

gezien op Arte: Maria Theresia (2017)

Maria TheresaMaria Theresia (1717-1780) van Oostenrijk zal waarschijnlijk nooit de sterstatus van Elisabeth van Beieren (Sissi) bereiken. Toch is zij samen met haar dochter Marie-Antoinette en keizerin Catharina de Grote (van geboorte ook al een Duitstalige prinses!) een van de meest tot de verbeelding sprekende vrouwen uit de achttiende eeuw. Haar leven werd in 1951 en 1980 al eens verfilmd. De meest ambitieuze verfilming is die van 2017 ter gelegenheid van haar 300e geboortedag. Deze miniserie (200 minuten) die voor het eerst in december 2017 in twee afleveringen werd uitgezonden in Oostenrijk, Tsjechië, Slowakije en Hongarije, is een samenwerking tussen de Österreichische Rundfunk (ORF), Beta Film, de Tsjechische televisie Česká Televize, de Slowaakse RTVS en de Hongaarse MTVA. Een echte Habsburgse productie dus.

Biopics over historische figuren uit de achttiende en negentiende eeuw sla ik zelden over. Voor mij is het vaak een geschiedenisles waarbij het verleden zich maximaal concretiseert. Natuurlijk weet ik dat historische biopics zelden betrouwbaar zijn, dus kijk ik kritisch naar kostuums en decors. Gelukkig zijn set decorators en art directors zich steeds beter aan de historische werkelijkheid gaan houden. Maar scenaristen krijgen van de producent vanuit commerciële overwegingen nog altijd de ruimte om de geschiedenis te verdraaien zodat deze beter aansluit bij de mores en wensen van onze tijd. Soms zitten er in historisch drama pertinente onjuistheden (omwille van het scenario) maar meestal vind ik de framing nog storender. In de meeste historische films kijken we naar het verleden door de bril van het heden (lees hier: de heersende opvattingen). Zo zit er in vrijwel alle biopics over historische vrouwen tegenwoordig een flinke dosis girl power gepompt. De vrouw in de hoofdrol komt vaak naar voren als een sterke persoonlijkheid die precies weet wat ze wil. De mannen die haar omringen zijn niet zelden sukkels, lui geworden door hun privileges.

In de meeste historische films kijken we naar het verleden door de bril van het heden (lees hier: de heersende opvattingen). Zo zit er in vrijwel alle biopics over historische vrouwen tegenwoordig een flinke dosis girl power gepompt.

De miniserie Maria Theresia uit 2017 zal een Midden-Europese aangelegenheid blijven. In Nederland is er geen brede belangstelling voor geschiedenis, laat staan voor de geschiedenis van de Habsburgers in de achttiende eeuw. Maar in Oostenrijk, Tsjechië, Slowakije en Hongarije ligt dit anders. De geschiedenis van de Habsburgers is daar bepalend voor de nationale identiteit. Niet alleen voor de Oostenrijkers, maar ook voor de Hongaren, Tsjechen en Slowaken, ooit minderheden binnen het Habsburgse Rijk. Nog altijd zijn hun culturen doordrenkt door het Huis Habsburg en draagt dat culturele erfgoed bij aan de nationale trots. Zo werd deze film voor een groot deel opgenomen in Valtice en Kroměříž in Tsjechië op locaties waar je je nog in het Habsburgse Rijk waant.

Valtice
Schloss Valtice in Tsjechië

Degenen die iets weten van de geschiedenis uit de eerste helft van de achttiende eeuw zal het opvallen dat Maria Theresa recht doet aan de complexiteit van de politieke situatie op dat moment. Met de Vrede van Utrecht in 1713 was in Europa een nieuwe orde gekomen. Maar deze zorgde al gauw weer voor onrust in Spanje en Polen en ook de spanningen tussen de aartsrivalen Frankrijk en Habsburg bleven. Onder Maria Theresia zou dat laatste veranderen. In 1756 zou met de zogenaamde renversement des alliances zouden Frankrijk en Oostenrijk na eeuwenlange strijd eindelijk bondgenoten worden. De film gaat niet zover en beperkt zich tot de jaren dertig en veertig van de achttiende eeuw, waarin het koninkrijk Pruisen de nieuwe vijand van Habsburg zou worden.

Prag 1723. Die sechsjährige Maria Theresia sieht ihren Lebensweg klar vorgezeichnet, sie wird eines Tages Franz Stephan von Lothringen heiraten und mit ihm viele Kinder bekommen. Alle warten auf den ersehnten männlichen Nachkommen von Maria Theresias Vater Karl VI., neun Jahre später ist dieser noch immer nicht geboren. Der Mediziner hat mittlerweile aufgrund des fortgeschrittenen Alters der Kaiserin Elisabeth Christine von Braunschweig-Wolfenbüttel alle Hoffnung aufgegeben, es kann nur noch um ein Wunder gebetet werden. Professor Gottfried Philipp Spannagel empfiehlt daher die Erziehung der erstgeborenen Maria Theresia zu vertiefen, um sie auf eine mögliche Regentschaft vorzubereiten.
 
Bron: de.wikipedia.org

de wetten van het melodrama

Tweede Kerstdag gezien op ONS: Oliver Twist (2007)

Oliver Twist 2007Naast Sissi hoort Oliver Twist in het rijtje ultieme kerstfilms. Het beroemde boek van Charles Dickens uit 1838 werd sinds 1909 al twintig keer verfilmd. De laatste verfilming, een BBC miniserie uit 2007, werd op Tweede Kerstdag uitgezonden door nostalgie-zender ONS. Ik moest wel even wennen omdat de rol van Fagin gespeeld wordt door Timothy Spall. Zeven jaar later zou hij de schilder William Turner in Mr. Turner. Zo smolt Fagin voor mij steeds samen met William Turner in een groteske, Dickensiaanse personage.

Afgelopen zomer las ik les Miserables (1862) van Victor Hugo en nu viel mij op hoe Hugo en Dickens beiden uit hetzelfde vaatje getapt hebben. De ellende lag rond het midden van de negentiende eeuw vooral op straat. En blijkbaar doet al die sociale ellende het uitstekend in de musical, want zowel Oliver Twist en Les Miserables werden in de twintigste eeuw enorme kassuccessen.

Volgens de wetten van het melodrama moet het weeskind eerst misbruikt worden om tenslotte door een onbaatzuchtige redder uit de ellende te worden getrokken.

Waarschijnlijk staat het weeskind (Oliver of Cosette) op de eerste plaats in de melodramatische top tien. Volgens de wetten van het melodrama moet het weeskind eerst misbruikt worden om tenslotte door een onbaatzuchtige redder uit de ellende te worden getrokken. En als het een familievoorstelling (alle leeftijden) betreft, mag dit misbruik niet te expliciet worden gemaakt.

The adaptation makes several major alterations to the plot of the source material, which include both alterations of events as well as familial relationships. Rose Maylie is living with Mr Brownlow, and she addresses him as “uncle”, but explains that he is in fact her guardian who took her and her sister, Agnes, in when her mother died. Her sister has been missing for many years, and the search for her has been ongoing. Mr Brownlow is now a part of the overall family tree, since Edward Monks is made his grandchild. As in the book, Monks becomes aware that Oliver is his half-brother, born to the missing Agnes who had a relationship with his father, and seeks to end his life so that there is no competition to his inheritance. As a result, Oliver is ultimately revealed to be Mr Brownlow‘s grandchild, in addition to being Rose’s nephew and Monks‘ half-brother, as in the novel. Unlike the book, however, Monks is not an unattractive, nervous and cowardly epileptic, but a scheming, manipulative and attractive cad seeking engagement to Rose, who clearly doesn’t like him.
 
Bron:en.wikipedia.org

Hitch en de trein

gezien op Arte: Strangers on a train (1951)

Vorige week zag ik mijn achttiende film van Hitchcock. Strangers on a train had ik al lang willen zien en gelukkig zond Arte deze uit, gevolgd door The Lady Vanishes. Al in de Britse periode spelen treinen een grote rol bij Hitchcock, in the 39 Steps (1935) en The Lady Vanishes (1938) is de trein uitdrukkelijk aanwezig en in North by Northwest (1959), een soort adaptie van the 39 steps volgen we de hoofdpersoon opnieuw tijdens een treinreis.

Strangers on a train
Strangers on a train 1951

Anders dan de titel doet vermoeden, speelt Strangers on a train zich maar voor een klein deel af in de trein. Ik had een film verwacht die slechts op één locatie gefilmd zou zijn, want Hitchcock koos sinds Rope (1948) vaker voor deze beperking. Zijn twee films met Grace Kelly uit 1954, Dial M. for Murder en Rear Window zijn net als Rope extreem plaatsgebonden. Maar zo niet Strangers on a train.

Ik vind het fijn dat de film in zwart-wit is opgenomen, want dan komen de typische kenmerken van film noir het best tot hun recht. Dat begint al direct in de openingsscène met het vervreemdende effect waarbij alleen de schoenen van de hoofdfiguren in beeld komen en door de stationshal gevolgd worden. Later in de trein zien we het klassieke film noireffect met de streepschaduw veroorzaakt door de jaloezieën.

Strangers on a train
Strangers on a train 1951

Qua verhaal zien we al een voorafschaduwing van Norman Bates uit Psycho (1960). In Nederland was deze Hitchcock destijds in de bioscoop te zien onder de titel ‘de Maniak’. Robert Walker speelt hier Bruno Anthony, een verwend moederskindje met een neurotische moeder en een autoritaire vader. Net als Norman Bates leeft hij in een fantasiewereld waarin hij de greep op de werkelijkheid soms verliest. Strangers on a train was niet de eerste keer dat Hitchcock een verhaal rond een maniakale hoofdpersoon heeft verfilmd. In Shadow of a doubt (1943) waarin Joseph Cotton ‘uncle Charly’ speelt, confronteerde Hitchcock zijn publiek ook al met een maniak.

De muziek van Dimitri Tiomkin is een traktatie. Hij werkte al eens met Hitchcock samen in Shadow of a doubt en zou na Strangers on a train nog twee keer filmscores schrijven voor Hitchcock (I Confess en Dial M for Murder). Op de website van Dimitri Tiomkin staat de complete cue sheet van de soundtrack.

Strangers on a train [ en.wikipedia.org ]

Ciao Bernardo

vandaag overleed Bernardo Bertolucci (77)

Bernardo BertolucciVandaag is een van de laatste maestro’s van de Italiaanse cinema ons ontvallen, Bernardo Bertolucci. Bij zijn naam denk ik vooral aan twee films: Novecento (1976) en Prima della rivoluzione (1964). Deze hebben op mij de meeste indruk gemaakt. Nog altijd vind ik het eeuwig zonde dat Novecento Engels gesproken is, maar de film blijft een monument in de Italiaanse cinema.

Prima della rivoluzione is een echte Italiaanse neorealistische film in de traditie van Rocco e i suoi fratelli. Het speelt zich af in Bertolucci‘s geliefde Parma, de stad van zijn voorvaderen en de stad van Stendhals beroemde roman de Kartuize van Parma. De pas 23 jarige Bertolucci baseerde in 1964 zijn film losjes op het verhaal van Fabrizio del Dongo en zijn tante Gina, de hertogin Sanseverina.

Het communisme en met name de kameraadschap speelt in beide films een centrale rol. Bertolucci werd geboren in een intellectuele familie. Zijn vader Attilio Bertolucci was kunsthistoricus en dichter en het marxisme kreeg hij met de paplepel ingegoten. In Novecento wordt de fascist iconisch en onvergetelijk vertegenwoordigd door Atilla (Donald Sutherland). De scène die door veel mensen die de film ooit gezien hebben als eerst genoemd wordt, is die met het katje. In Prima della rivoluzione wordt hoofdpersoon Fabrizio verscheurd tussen de liefde voor zijn non-conformistische tante Gina, waardoor hij voor het communisme kiest, en het kleinburgerlijke milieu van zijn familie.

Bertolucci werd geboren te Parma, als oudste zoon van Attilio Bertolucci, een kunsthistoricus en dichter. Ook Bernardo’s broer Giuseppe Bertolucci zou filmregisseur en scenarioschrijver worden. Bernardo Bertolucci begon met schrijven op zijn vijftiende, en ontving al snel belangrijke literaire prijzen zoals de Premio Viareggio voor zijn eerste boek. De achtergrond van zijn vader hielp hem bij zijn carrière: Bertolucci senior had de Italiaanse filmmaker Pier Paolo Pasolini geholpen bij het publiceren van diens eerste roman, en op zijn beurt gaf Pasolini de jonge Bernardo een baan als eerste assistent in Rome bij Accattone (1961). Maar Bertolucci’s talent was al herkend door anderen, zoals Sergio Leone, die hem vroeg de verhaallijn voor Once Upon a Time in the West te schrijven.
 
Bron: nl.wikipedia.org

dwepen met Mercury

zaterdag met Michaela gezien in Cinemec: Bohemian Rhapsody (2018)

Bohemian RhapsodyMichaela nodigde mij gisteren uit voor Bohemian Rhapsody, de biopic over Queen. Nu heb ik nooit zoveel met Queen gehad, al kan ik natuurlijk niet heen om de Bohemian Rhapsody (daarom heet deze biopic natuurlijk ook zo.) Jeugdsentiment is het ongetwijfeld, ook voor de honderden anderen, onvermijdelijk veel veertigplussers, in de enorme zaal van Cinemec Ede. Een 45-jarige (de leeftijd van Freddy Mercury toen hij in 1991 stierf) was twaalf toen Queen tijdens Live Aid in 1985 optrad in het Wembley Stadium. Zelf was ik twaalf toen Bohemian Rhapsody in de hitparade van 20 december 1975 binnenkwam. Zes jaar geleden schreef ik hier iets over. Mijn ouders hadden met Sinterklaas hun allereerste kleurentelevisie gekocht. Het was een openbaring: alles ineens in kleur! En toen kwam de befaamde videoclip van Queen met de psychedelische tunnel. Mama mia!

De film die we gisterenavond zagen, is goed gemaakt. Het tijdsbeeld is fraai gereconstrueerd en de look-a-likes van de vier bandleden zijn verbluffend, vooral de acteurs die Brian May en John Deacon spelen, lijken als twee druppels water op hun originelen. De 37-jarige Egyptisch-Amerikaanse acteur Rami Malek lijkt zeker niet sprekend maar is als Freddy Mercury toch geloofwaardig. Het is ook erg leuk om te zien hoe de bekende nummers (Killer queen, Bohemian rhapsody, We will rock you, anotherone bites the dust) ontstaan zijn. De jaren zeventig zijn daarbij, waarschijnlijk ook voor de band zelf, de leukste tijd.

De dominantie van Freddy Mercury heeft mij altijd al gestoord en in deze film is dat al niet anders. Waar het bij veel Britse bands in die tijd fout ging, bijvoorbeeld bij de egotripperij van Peter Gabriel in Genesis of de dominantie van Roger Waters in Pink Floyd, daar liep het ook bij Queen mis. Het grote geld lokte Freddy Mercury weg bij zijn ‘family’ en hij liet zich rond 1984 door een vet contract (vier miljoen dollar) verleiden tot een solo-carriere. Het was in de jaren van Michael Jackson, Madonna en de megaconcerten, kortom van de hyper-vercommercialisering van de popmuziek.

Bohemian Rhapsody laat eerlijk zien dat onze Freddy soms niet zo’n fijne jongen was, maar stevent op het einde wel af op een soort heiligverklaring. Er zit weinig gelaagdheid in het verhaal dat uiteindelijk net als Mercury zelf het stadion (in dit geval de bioscoopzaal) plat legt. De climax van de film is het optreden van Queen tijdens het Live Aid concert op 13 juli 1985. Dit loopt uit op een soort Triumph des Willens (Mercury wist toen al dat hij aids had), maar dan verplaatst van 1935 naar 1985. De massa wordt opgezweept. Freddy Mercury was een performer die het volk een “stukje van de hemel” wilde laten zien, en geen dictator die een ideologie verkondigde. Zijn optredens waren naar de inhoud onschuldig, maar naar de vorm was hij een demagoog pur sang.

Bohemian Rhapsody [ imdb.com ]

frisse blik

gezien: America in Color – deel 1: de jaren twintig

De actualiteit zien we altijd rechtstreeks, het verleden altijd indirect: als een herinnering die we tussen onze oren bewaren of via een of ander medium: film, fotografie of schilderkunst. Bij het kijken naar het verleden, treedt er altijd een vervorming op. Deze wordt veroorzaakt door het medium (onze voorouders van honderd jaar geleden liepen met heel rappe pasjes) of door de tand des tijds (foto’s uit de jaren zeventig met een zweem van magenta).

Ons beeld van de eerste helft van de twintigste eeuw is vooral ‘ingekleurd’ door zwart-witbeelden. Kleurenfotografie en zelfs kleurenfilm bestond honderd jaar geleden al, maar werd nog te weinig toegepast. Pas na 1960 (met name in de Verenigde Staten) komt er kleur in de fotografie en film door de brede toepassing van vierkleurendruk en technicolor. Het verleden komt dichterbij wanneer het medium steeds meer de objectieve werkelijkheid gaat weerspiegelen die we overal om ons heen kunnen zien. Dat onze voorouders niet zwart-wit waren, wisten we natuurlijk, maar het is toch een ervaring als ineens al die figuren die we in zwart-wit in ons geheugen hadden opgeslagen, plotseling een kleur krijgen en meer tot leven lijken te komen.

America in Color Smithsonian Channel
In de jaren ’20 ondergaat de VS de periode van de grootste verandering in de geschiedenis van het land. Over een periode van tien jaar verandert het land van koetsen met paarden, bescheiden kleding en saloons in een natie van auto’s, geëmancipeerde vrouwen en een alcoholverbod.
 
Bron: canvas.be

America in Color op Canvas (iedere woensdag om 23.00)
De jaren 1920 woensdag 26 september
De jaren 1930 woensdag 3 oktober
De jaren 1940 woensdag 10 oktober
De jaren 1950 woensdag 17 oktober
De jaren 1960 woensdag 24 oktober

America in Color [ canvas.be ]

hyperbool

geluisterd naar: Sémiramis (1802) van Charles-Simon Catel
uitgevoerd door Le Concert Spirituel o.l.v. Hervé Niquet

Opera’s verdraag ik slecht. Vooral de sopraan werkt op mijn zenuwen. Maar om de zoveel jaar waag ik een poging om mijn natuurlijke weerzin tegen de opera te overwinnen. Helaas blijk ik telkens weer de onderliggende partij; na een tweede aria hoor ik mijzelf denkbeeldig alweer om “genade!” schreeuwen. Voor Sémiramis hoefde ik mij niet op mijn stoel vast te binden, maar toch was het een beproeving om deze opera in drie akten tot het einde toe te beluisteren. Waarom kwel ik mijzelf zo? Waarom deze zelfkastijding? Omdat ik vind dat ik het verdien. Want ik meen dat de opera een fantastische kunstvorm is die het niet verdient om door mij genegeerd te worden.

CabiriaDe zwijgende films uit de pionierstijd (tot 1920) ademen nog de geest van de negentiende eeuw en hebben veel te danken aan de opera. De Hollywoodfilm Intolerance (1916) van de Amerikaanse filmpionier D.W. Griffith werd beïnvloed door Cabiria (1914) van Giovanni Pastrone. Deze Italiaanse film laat zien hoe duidelijk de opera honderd jaar geleden aanwezig was in het toen nog nieuwe medium film. Manlio Mazza werkte voor deze film muziek om van de Italiaanse operacomponisten Gaspare Spontini (1774-1851)en Gaetano Donizetti (1797-1848) die in de eerste helft van de negentiende eeuw hun successen vierden.

Cabiria speelt zich af in de derde eeuw voor Christus. Heidense rituelen en mensenoffers spelen er een belangrijke rol in. Dit dionysische element was bijzonder geschikt voor de opera en dus ook voor de vroege film. De negentiende-eeuwer was er immers helemaal vertrouwd mee. Een diva was vaak verguld als de librettist en componist special voor haar “een fijne waanzinscène” hadden geschreven. Natuurlijk moesten er aan het eind een of meer figuren een theatrale dood sterven, waarna het koor mocht becommentariëren hoe verschrikkelijk het menselijk lot is. De gezwollen muziek ging voorop in het collectieve zwelgen in deze virtuele ellende.

SémiramisDe opera Sémiramis (1802) van de Franse componist Charles Simon Catel (1773-1830) speelt zich net als Cabiria in de Oudheid af. Het toneel is Babylon in de achtste eeuw voor Christus. Er zijn meer componisten geweest die een opera hebben geschreven rond de legendarische figuur Sémiramis. De bekendste is Semiramide (1823) van Gioachino Rossini (1792-1868). De librettisten van Rossini en Catel baseerden zich allebei op het gelijknamige toneelstuk van Voltaire uit 1748.

Net als een Griekse Tragedie, bevat het verhaal van Sémiramis dionysische elementen. Het draait om moord, in dit geval een moedermoord. Daarmee scoor je nu eenmaal hoog op de schaal van menselijk drama. De Romantiek, niet vies van verheerlijking van menselijk lijden, wist er natuurlijk ook goed raad mee. Delacroix serveerde in de dood van Sardanapalus (1828) de ellende per strekkende meter. De opera en het muziektheater van de negentiende eeuw zijn hyperbolen: de bombast, de eindeloze klaagzang en het overdadige lijden… Het wordt mij gewoon teveel!

de dood van Sardanapalus
De dood van Sardanapalus (1827/1828)
door Eugène Delacroix

Vermoedelijk is het een wetmatigheid in de geschiedenis dat de smaak in de twintigste eeuw volledig omsloeg. De verschrikkelijke ernst van onze voorouders komt nu enigszins bespottelijk op ons over.