Categorie archief: wetenschap

academische collecties

academischecollecties.nl

Twee jaar geleden bezocht ik in Utrecht het Museum Bluelandium dat tegenwoordig deel uitmaakt van het wetenschapsmuseum. Op 30 november werd de website academischecollecties.nl gelanceerd dat o.m. digitaal toegang biedt tot dit museum.

academischecollecties.nl
academischecollecties.nl
Vandaag lanceert de Stichting Academisch Erfgoed (SAE) de website academischecollecties.nl, de eerste website waar in één keer door de collecties van alle universiteiten gezocht kan worden. Een rijke bron voor iedereen met interesse in het academisch erfgoed. Ook de collectie van de Universiteit Utrecht is op deze site te bewonderen. Op academischecollecties.nl kan gezocht worden in zowel museum-, bibliotheek- als archiefcollecties. De verzamelingen van de universiteiten zijn even uiteenlopend als de onderwerpen van het onderzoek en onderwijs dat er plaatsvindt. De objecten variëren van negentiende-eeuwse instrumenten tot anatomische preparaten, en van luchtfoto’s tot mummieportretten uit het begin van de jaartelling.Van de Universiteit Utrecht zijn collecties terug te vinden van o.a. Diergeneeskunde, Geneeskunde en Oogheelkunde. Ook hoogleraarportretten en ander fotomateriaal van de Universiteitsgeschiedenis zijn te raadplegen. Andere universiteiten die meewerkten zijn de Universiteit van Amsterdam, Technische Universiteit Delft, Technische Universiteit Eindhoven, Rijksuniversiteit Groningen, Universiteit Leiden, Universiteit Maastricht, Vrije Universiteit en Universiteit Wageningen.

academischecollecties.nl

Jugendstil in München [ 1 ]

bij een bezoek aan München in juni

Jugend 1897Volgende maand hopen we München te bezoeken. Als liefhebbers van de Jugendstil, zitten we in München goed. Jugend, het tijdschrift waar de Jugendstil ( of Art Nouveau, Nieuwe Kunst en Secession) haar naam aan te danken heeft, verscheen voor het eerst in 1896 in München. Rond de schilder Franz von Stuck had zich in 1892 een groep jonge kunstenaars verzameld. Onder de naam Secession scheidde deze zich af van de gevestigde kunstenaars die werden aangevoerd door de schilder Franz von Lenbach. Von Lenbach en Von Stuck hadden veel invloed op de kunstenaars in München en leefden als prinsen. We zijn van plan om in de Beierse hoofdstad zowel de Städtische Galerie im Lenbachhaus als Villa Stuck te bezoeken, de voormalige residenties van deze schilders.

Een van de kunstenaars van de Secession was August Endell. Hij was zelf weer een leerling van de beeldhouwer Hermann Obrist. Deze had aanvankelijk medicijnen en natuurwetenschappen gestudeerd en zich beziggehouden met botanie. Hij had een scherpe blik voor de plantaardige natuur en ontwikkelde zijn opvattingen over kunst op basis van de ideeën van wetenschappers uit zijn tijd. Hij verdiepte zich in Darwin, Haeckel en Fechner en de natuurfilosofie van Schelling. Zijn leerling August Endell had deze ideeën overgenomen en voegde daar nog de theorie van de Einfühlung bij, die door de filosoof en psycholoog Theodor Lipps was uitgewerkt. De plantaardige Jugendstil is nauw verbonden met deze opvattingen. Ook Kunstformen der Natur (1899-1904) van Ernst Haeckel , dat op de grens ligt van biologie en beeldende kunst, heeft veel invloed gehad op kunstenaars aan het begin van de twintigste eeuw.

Kunstformen
Kunstformen der Natur 1899-1904
Tafel 85 – Ascidiae – Zakpijpen
Het is als een roes, een waanzin die ons overvalt. De vreugde dreigt ons te vernietigen, de overvloed aan schoonheid dreigt ons te verstikken. Wie dat niet heeft doorgemaakt, zal de beeldende kunst nooit begrijpen.

August Endell (in: Um die Schönheit)

Wie geleerd heeft zich zonder enige associatie, zonder een bijgedachte, aan zijn zintuiglijke indrukken over te geven, wie voor het eerst de uitwerking van vormen en kleuren op het gevoel ondervonden heeft, zal daaruit een onuitputtelijke bron van buitengewoon en onvermoed genot putte. Het is inderdaad een nieuwe wereld die zich openbaart. En het zou een hele belevenis in elk mensenleven moeten zijn, als voor het eerste een begrip van deze dingen ontstaat. Het is als een roes, een waanzin die ons overvalt. De vreugde dreigt ons te vernietigen, de overvloed aan schoonheid dreigt ons te verstikken. Wie dat niet heeft doorgemaakt, zal de beeldende kunst nooit begrijpen. Wie door de kostelijke curven van een grashalm, de wonderbaarlijke onverbiddelijkheid van het distelblad, de zacht bittere jeugdigheid van uitbottende bladknoppen nooit in verrukking is gebracht en nooit gegrepen en tot in het diepste van zijn ziel geroerd is door de massieve vorm van een boomwortel. de onverstoorbare kracht van gebarsten schors, de slanke lenigheid van een berkenstam, de grote rust van een breed bladerdak, die weet nog niets van de schoonheid van de vormen.
 
August Endell in Um die Schönheit – Eine Paraphrase über die Münchener Kunstausstellung, 1896

München, Stadt des Jugendstils [ villastuck.de ]
The Dawn of Modernism, Jugendstil und Art Nouveau [ villastuck.de ]

een onzuivere bron

The History of the Decline and Fall of the Roman Empire (1776-1787)
van Edward Gibbon

AgoraIn de film Agora (2009) van de Spaanse regisseur Alejandro Amenábar komt een scene voor waarin de beroemde bibliotheek van Alexandrië wordt geplunderd door een woeste menigte fundamentalistische christenen. Het is een van de meest geslaagde scenes uit de film. Terwijl de boekrollen met teksten van Plato en Aristoteles als confetti door de lucht worden gesmeten maakt de camera een draai van 180 graden waardoor alles op zijn kop komt te staan. De boodschap is overduidelijk: het christelijk geloof heeft de kennis van de antieke beschaving vernietigd en de hele wereld eeuwen terug gesmeten in de tijd. Maar deze boodschap is zeker niet juist. In het jaar 392 na Christus plunderden fanatieke christenen inderdaad de stad, maar de beroemde bibliotheek was in de tijd van Hypatia nog maar een schaduw van wat het ooit geweest was. In het jaar 48 voor Christus hadden de troepen van Julius Ceasar de grootste schat aan oude Griekse manuscripten al in brand gestoken.

Edward GibbonTussen 1776 en 1887 schreef Edward Gibbon de beroemde studie The History of the Decline and Fall of the Roman Empire over de ondergang van het Romeinse Rijk. Gibbon was een man van de Verlichting en hij keek met een wetenschappelijke bril op naar de geschiedenis. Tegenwoordig is dat de normaalste zaak van de wereld, maar in zijn tijd bestond geschiedenis nog niet als wetenschap. Omdat Gibbon het Christendom niet als heilsgeschiedenis zag en de Kerk ook niet als het Lichaam van Christus, kwam hij op zeer gespannen voet met de Angelicaanse Kerk te staan. Vooral op de hoofdstukken XV en XVI waarin hij de plaats en de opkomst van het Christendom in het Romeinse Rijk beschrijft, heeft hij veel kritiek gekregen. In sommige landen werd The History of the Decline and Fall of the Roman Empire zelfs een verboden boek. Gibbon gebruikte voor zijn levenswerk zesduizend bronnen in vele talen. Maar hij was niet overal nauwkeurig. Na later historisch onderzoek blijkt dat hij ons met de beschrijvingen van de geschiedenis van de bibliotheek van Alexandrië en het leven van de vrouwelijke filosoof Hypatia een ingekleurd beeld heeft gegeven.

Gibbon
uit hoofdstuk XLVII van The History of the Decline and Fall of the Roman Empire

Edward Gibbon heeft er absoluut toe bijgedragen dat Hypatia het symbool is geworden van de wetenschapper die alles in vrijheid wil onderzoeken en zich niet onderwerpt aan bijgeloof en fanatisme. Net als Giordano Bruno is ze een martelaar geworden van filosofie en wetenschap.

Gibbon
uit hoofdstuk XLVII van The History of the Decline and Fall of the Roman Empire

Gibbon‘s ingekleurde voorstelling blijkt hardnekkig. De serie Cosmos uit 1980 volgt hem en ook Alejandro Amenábar baseerde zich voor het scenario van Agora op de informatie die Gibbon verspreid heeft. De christenen worden afgeschilderd als grote cultuurbarbaren die vijandig staan tegenover de wetenschap. Maar in werkelijkheid bestudeerden kerkvaders in Alexandriëook de wetenschap. De strenge scheiding tussen wetenschap en geloof komt uit de koker van de Verlichting en Gibbon‘s klassieker in het bijzonder.

uit de tv-serie Cosmos (1980)
The last scientist who worked in the Library was a mathematician, astronomer, physicist and the head of the Neoplatonic school of philosophy — an extraordinary range of accomplishments for any individual in any age. Her name was Hypatia. She was born in Alexandria in 370. At a time when women had few options and were treated as property, Hypatia moved freely and unselfconsciously through traditional male domains. By all accounts she was a great beauty. She had many suitors but rejected all offers of marriage. The Alexandria of Hypatia‘s time — by then long under Roman rule — was a city under grave strain. Slavery had sapped classical civilization of its vitality. The growing Christian Church was consolidating its power and attempting to eradicate pagan influence and culture.
 
Carl Sagan in Cosmos (1980)Hypatia stood at the epicenter of these mighty social forces. Cyril, the Archbishop of Alexandria, despised her because of her close friendship with the Roman governor, and because she was a symbol of learning and science, which were largely identified by the early Church with paganism In great personal danger, she continued to teach and publish, until, in the year 415, on her way to work she was set upon by a fanatical mob of Cyril’s parishioners. They dragged her from her chariot, tore off her clothes, and armed with abalone shells, flayed her flesh from her bones. Her remains were burned, her works obliterated, her name forgotten. Cyril was made a saint.
 
Bron: physics.weber.edu

The fuss about Hypatia and Bibliotheca Alexandrina [ orthodoxchristianity.net ]