Giovanni Battista Piranesi (1720-1778) is vooral bekend geworden door zijn carceri d’invenzione (imaginaire kerkers) uit 1745. Het is een serie etsen met claustrofobische voorstellingen van denkbeeldige gevangenissen die je gemakkelijk met de architectonische fantasieën van M.C.Escher kunt associëren. Toch vormen zij maar een fractie van zijn oeuvre. Piranesi werkte o.a. samen met de graficus Giuseppe Vasi (1710-1782) die gespecialiseerd was in het produceren van vedute (gezichten) van Rome. Deze waren erg in trek bij de toeristen die naar Rome kwamen.
Rond het midden van de achttiende eeuw bloeide het toerisme in Rome. Met name voor jongemannen uit de Engelse upperclass was een reis naar Italië een verplicht nummer. Op de route van de Grand Tour lagen steden als Venetië, Florence en Napels. Meestal was Rome het einddoel. In deze stad verbleven ook veel Engelse diplomaten en kooplieden. De rijke Engelsen zorgden niet alleen voor een opbloei van het toerisme maar bevorderden ook de werkgelegenheid voor kunstenaars. Pompeo Batoni was de meest gevraagde portretschilder uit de eeuwig stad. Zijn klantenkring bestond hoofdzakelijk uit rijke Engelsen. Ook grafici als Vasi en Piranesi profiteerden van het toerisme. Er was namelijk veel behoefte aan prenten met voorstellingen van het antieke Rome. De toeristen konden dan met een prent in de hand bij de ruïnes zien hoe het ooit was.
Uitgever Taschen bracht in twee delen in luxe cassette alle etsen van Piranesi bijeen. Bij het doorbladeren valt op dat het oeuvre uit verschillende typen van voorstellingen is opgebouwd. De imaginaire voorstellingen van gevangenissen nemen maar een heel klein deel van zijn complete werk in beslag. Ze ontstonden vóór 1750 en je ziet duidelijk invloed van het fantasierijke rococo. Bij een reeks van vier grotesken die hij tussen 1744 en 1747 maakte, is dat nog beter te zien. Net als de gravures in het boek Quatrieme LivreDe Formes Ornées de Rocailles Cartels Figures Oyseaux et Dragons chinois uit 1736 (ontworpen door Jean Mondon le Fils met gravures van Antoine Aveline) zijn deze grotesken 100% barokke fantasie.

Na 1750 worden Piranesi’s gravures strakker en wetenschappelijker. Deze tendens laat zich in heel Europa zien. Het is de tijd waarin de eerste delen van de Encyclopédie (1751-1772) verschijnen. De voorstellingen ogen mechanisch, de schwung is eruit. In zijn boek Antichità Romane uit 1756 zijn voorstellingen van gereconstrueerde Romeinse gebouwen vaak gecombineerd met technische tekeningen, doorsneden en plattegrond in één prent die zo in de Franse Encyclopédie zou passen.
Een groot deel van Piranesi‘s gravures zijn vedute die laten zien hoe de eeuwige stad er rond het midden van de achttiende eeuw uitzag. Net als bij tekeningen van Italianisanten uit de 17e eeuw staan ruïnes vaak nog niet los, maar zijn ze half ingebouwd in woonwijken. Triomfbogen steken soms nog half boven de grond uit en zijn overwoekerd met vegetatie, een klauterparadijs voor geiten. Piranesi beperkte zich niet alleen tot ruïnes uit de Oudheid. Ook kerken, paleizen en overheidsgebouwen uit de barok en het rococo legde hij vast.
In het vijfde hoofdstuk van Aardse Machten kijkt Michael Burleigh naar de liberale bewegingen die tijdens de Restauratie overal in Europa ontstonden. Meestal werden ze door het repressieve systeem van Metternich dat sinds het Congres van Wenen (1814-1815) de nieuwe orde in Europa bepaalde, snel de kop ingedrukt. Nadat Napoleon verslagen was, vestigden zich in Europa overal monarchistische dictaturen. Liberalen en republikeinen die tussen 1789 en 1815 aan de vrijheid hadden geroken, moesten hun droom van een vrije natiestaat in het verborgene met elkaar delen. Er ontstonden zo geheime genootschappen. Het oudste republikeinse genootschap noemde zich 
Bij het uitbreken van de Julirevolutie in 1830 te Frankrijk, die zich richtte tegen koning Karel X, waren ook de Carbonari actief. Het succes dat geboekt werd, was aanleiding om te geloven dat soortgelijke opstanden ook mogelijk moesten zijn in Italië. Begin 1831 slaagden de Carbonari er dan ook in verschillende steden binnen de Kerkelijke Staat los te maken van het pauselijk bestuur en er een tijdelijke republiek te vestigen. Op aandrang van paus Gregorius XVI waren het opnieuw de Oostenrijkse legers die ingrepen en de opstand neersloegen. Hierop volgden grootschalige vervolging van de Carbonari waardoor veel leden besloten uit te treden en toe te treden tot een nieuwe beweging,
Het is dit jaar honderd jaar geleden dat de opnamen begonnen van het Italiaanse filmepos Cabiria (1914). Het verhaal speelt zich af tijdens de 
















