Maandelijks archief: maart 2019

de moord op Kotzebue

zaterdag was het 200 jaar geleden dat August von Kotzebue
door de patriot Karl Ludwig Sand in Mannheim vermoord werd

de fantoomterreurDe moord op de toneelschrijver August von Kotzebue (1761-1819) op 23 maart 1819 is een sleutelmoment in de eerste helft van de negentiende eeuw. Het gaat dan eigenlijk niet om de gebeurtenis zelf of de persoon van Kotzebue (hij schreef overigens 211 toneelwerken, was bij het gewone volk veel populairder dan Goethe en Schiller en in zijn tijd was zijn werk al over de hele wereld verspreid, o.a. in Russische bibliotheken op de Aleoeten.) maar om de gevolgen van deze moord.

De moord was immers een politieke moord en om de impact te begrijpen, moeten we iets weten van de politieke situatie na 1815.

Nu is er weer volop belangstelling voor de Restauratie zoals de periode tussen 1815 en 1848 genoemd wordt. Historicus Adam Zamoyski schreef in 2014 Phantom Terror (in 2015 verschenen in een Nederlandse vertaling onder de titel De fantoomterreur). En Beatrice de Graaf schreef Tegen de terreur waarmee ze net als Zamoyski inzoomt op de bestrijding van politieke vijanden en de organisatie van veiligheidsdiensten tijdens de Restauratie.

Karl Ludwig Sand, de martelaar
In Arthur Schopenhauer – de woelige jaren van de filosofie beschrijft Rudiger Safranski in hoofdstuk 18 dat er na de moord op August von Kotzebue een cultus rond zijn moordenaar Karl Ludwig Sand ontstond: “De verering die men met name in Heidelberg voor Sand had, was hier jaren later nog te bespeuren. Van de planken en balken van het schavot waarop Sand was terechtgesteld, bouwde scherprechter Braun (…) een huisje in zijn wijngaard bij Heidelberg. Daar plachten corpsleden in het geheim samen te komen. In Heidelberg tierde ook de handel in relikwieën. Men vocht om de met bloed van de martelaar bespatte houtkrullen, en men kon hier pijpen en koffiekopjes met het portret van Sand kopen”.

Bij de moord op August von Kotzebue gaat het niet om de schrijver en ook niet om zijn moordenaar Karl Ludwig Sand, maar om de zogenaamde Besluiten van Karlsbad die het gevolg waren van deze moord. De impact van deze besluiten kunnen moeilijk onderschat worden. Ten eerste kwam er een algemene censuur van de pers en een verbod op Burschenschaften (Duitse studentenverenigingen). Revolutionair gezinde docenten werden ontslagen. Er kwam staatstoezicht op universiteiten. Tenslotte werd er onderzoek ingesteld naar revolutionaire activiteiten door een centrale commissie in Mainz. Met andere woorden: Er ontstond een politiestaat.

Nadat in juni 1815 het Congres van Wenen was afgesloten en Napoleon defintief verslagen was, ontstond er een “nieuw” Europa dat bij elkaar gehouden werd door een politiek systeem waarvan Metternich de architect was. Om dit systeem in stand te houden, was repressie nodig van liberale bewegingen. Doordat Napoleon praktisch heel Europa had aangestoken met de idealen van de Franse Revolutie, was de vonk overgeslagen. Vooral naar Duitsland. De Duitsers bleken zeer ontvankelijk voor liberale hervormingen. Duitsland werd het hartland van nationalisme, identiteit en volkswil. En zo begon het Duitse volk zich bewust te worden van zijn eigen identiteit en te verlangen naar een Duitse eenheidsstaat. Dit verlangen botste met de politieke werkelijkheid, want na 1815 werd de traditionele Kleinstaaterei in Duitsland gewoon hervat. De liberale beweging leefde vooral onder studenten. Om de verspreiding van het liberalisme te voorkomen stelde Metternich de zogenaamde demagogenvervolging in.

Doordat Napoleon praktisch heel Europa had aangestoken met de idealen van de Franse Revolutie, was de vonk van het liberalisme overgeslagen. Vooral naar Duitsland.

Demagogen waren voor Metternich populisten, invloedrijke personen die op de onderbuik van het volk inspeelden. Tweehonderd jaar geleden waren de populisten echter niet rechts- maar linksgeoriënteerd. Ze waren liberaal en in de eerste helft van de negentiende eeuw stond liberaal voor links terwijl monarchistisch en conservatief voor rechts stond. Het liberalisme leefde vooral in de Burschenschaften, de studentenverenigingen, onder jonge mensen. Zij zagen de idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap die de Fransen naar Duitsland hadden geëxporteerd, gesmoord in het monarchistische systeem van Metternich.

Karl Ludwig SandDe theologiestudent Karl Ludwig Sand (1795-1820) was een van de studenten die zich niet thuis voelden in het “nieuwe” Europa van Metternich. In 1817 nam hij deel aan het Wartburgfest bij de Wartburg in Eisenach. Dit was een patriottisch feest. Het Duitse nationalisme had nog niet zoveel te maken met het nationaalsocialisme ruim een eeuw later. Toch was er ook een duidelijke overeenkomst, de boekverbranding. Een van de boeken die in 1817 in Eisenach verbrand werden, was de Geschichte des deutschen Reichs van August von Kotzebue. De schrijver was immers een conservatief die op grond van de geschiedenis de monarchie verdedigde en het liberalisme afwees. Heinrich Heine zou in 1820 schrijven: “wo man Bücher verbrennt, verbrennt man auch am Ende Menschen”.

Wartburgfest 1817
DDR herdenkingspostzegel

Het Wartburgfest was een opmaat naar de moord op Kotzebue op 23 maart 1819. Er ontstond polarisatie en de Burschenschaften en de verdedigers van de Restauratie kwamen steeds meer tegen over elkaar te liggen. Kotzebue, die in 1817 meemaakte dat zijn boek verbrand werd, werd nog monarchistischer dan hij al was. Hij ging pleiten voor een verbod op de populistische Burschenschaften. Voor Karl Ludwig Sand was dat de aanleiding voor de moord. Met deze politieke moord bereikte hij het tegendeel. Vijf maanden later werden de Besluiten van Karlsbad van kracht.

Mister Blueberry [ 3 ]

gelezen: Mister Blueberry (1995), Schaduw over Tombstone (1997),
Geronimo de Apache (1999), OK Corral (2003) en Dust (2005)

Mister Blueberry is een verhalencyclus van 252 pagina’s, verdeeld over vijf albums. Giraud werkte er met tussenpozen tien jaar aan. Het is een tamelijk complex verhaal, vooral ook omdat er minstens twee verhalen door elkaar lopen: 1.het actuele verhaal dat zich afspeelt in Tombstone en waarbij het legendarische duel bij de OK Corral het hoogtepunt is. 2. Het verhaal dat Blueberry vertelt aan de journalist Campbell over zijn diensttijd in Fort Mescalero in Arizona niet ver van de Mexicaanse grens. Giraud weeft dat laatste verhaal in de vorm van flash backs door het eerste verhaal. Dan zit er eigenlijk nog een derde verhaal in rond Johnny Ringo, een huurmoordenaar en psychopaat die zich uitleeft in Tombstone.

Mister Blueberry
OK Corral (2003) en Dust (2005)

Mogelijk hebben twee films uit de jaren negentig Giraud beïnvloed tijdens het schrijven van het scenario. Ten eerste de western Tombstone uit 1993. Hierin spelen zeker zes historische figuren die Giraud ook opvoert in Mister Blueberry. En ik vermoed dat ook Silence of the Lambs een inspiratiebron is geweest. Johnny Ringo is een soort Hannibal Lecter van het Wilde Westen, een psychopaat die op scalpen jaagt en zijn slachtoffers ritueel vermoordt.

Giraud voert in Mister Bluebbery heel veel personages op. Om het de lezer wat makkelijker te maken, was het geen overbodige luxe geweest wanneer de uitgever achterin de albums een Dramatis Personae had opgenomen. Daarom heb ik er zelf maar een gemaakt. (Het eerste deel is te vinden onder het vorige stukje.)

Mister Bluebbery – Dramatis Personae II

Dolly (Gertrud) … prostituee in de Dunhill
Anne-Belle … prostituee in de Dunhill
Handsome Harry … outlaw en stalker van Doree Malone
Johnny Ringo … Strawfield’s huurmoordenaar en gevaarlijke psychopaat (lid van de sekte van de Rode Draak, scalpjager)
Stomme H … Strawfield’s huurmoordenaar uit Dodge City in de hinderlaag bij O.K. Corral
Don Clark … Strawfield’s huurmoordenaar uit Dodge City in de hinderlaag bij O.K. Corral
Marshal Kelly Straub … Strawfield’s huurmoordenaar in de hinderlaag bij O.K. Corral
Norris … burgemeester van Tombstone
Stanley Earl Barretts … bankier uit Tombstone
Julius Skinney … voorzitter van “Law en Order”
Kapitein Noonan … hoofdofficier in Fort Mescalero
Sgt. Potter … cavaleriesergeant in Fort Mescalero
dominee Younger … dominee uit het Oosten die de Apachen wil bekeren
Caroline … dochter van dominee Younger en onderwijzeres in weeshuis
Dust (Natcheh) … zoon van Geronimo Apache

Mister Blueberry [ 2 ]

gelezen: Mister Blueberry (1995), Schaduw over Tombstone (1997),
Geronimo de Apache (1999), OK Corral (2003) en Dust (2005)

Tussen 1995 en 2005 tekende Jean Giraud (1938-2012) de laatste vijf albums van Blueberry. De schepper van deze anti-held, scenarist Michel Charlier was in 1989 overleden en Giraud zette de reeks in zijn eentje voort. Hij verloste de cavalerieluitenant uit het Amerikaanse leger en gunde Mister Blueberry een nieuw leven als gokker in Tombstone, het Sodom en Gomorra van het Wilde Westen.

Mister Blueberrry
Mister Blueberry (1995), Schaduw over Tombstone (1997) en Geronimo de Apache (1999)

De reeks Blueberry bestaat niet uit afgesloten verhalen van 46 pagina’s. Elk album vormt een episode in een lang avontuur. Daardoor kunnen er veel personages opgevoerd worden en zijn er ook steeds plotwisselingen. Deze traditie die scenarist Charlier had opgebouwd, zet Giraud voort met zijn reeks Mister Blueberry. Een opvallend nieuw element in het scenario van Giraud is een speciaal gevoel voor humor, dat je nog het beste als burlesque kunt omschrijven. Dat komt vooral in de tekeningen tot uitdrukking. Hier schemert de hand van Moebius door, de “parallelle tekenaar” die Giraud sinds het midden van de jaren zeventig ook was.

Giraud-Moebius – De tekenaar met de twee handen
Giraud is voor een van de geniaalste tekenaars aller tijden. Hij kan zowel rauw met penseel als sereen met een pen werken. Als Giraud beheerst hij net als Velazquez de snelle reflex met het penseel. Als Moebius weet hij net als Ingres de juiste contour te treffen. In 1972 maakte ik voor het eerst kennis met zijn werk via Generaal Geelkop in het legendarische stripblad PEP. Ik was nog iets te jong voor zijn rauw realistische werk, maar rond 1980 ontdekte ik zijn dubbelleven als Moebius. Arzach, dat voor het eerst verscheen in 1975 in het Franse stripblad Metal Hurlant, maakte verpletterende indruk op mij. Begin jaren tachtig begon ik ook zijn Blueberry verhalen vanaf 1963 allemaal te lezen. In 1986 werd door Charlier en Giraud na 13 jaar de uit de hand gelopen dollarstrilogie eindelijk afgerond.

Het vijfluik Mister Bluebbery heeft Giraud geschreven rondom een van de beroemdste vuurgevechten van het Wilde Westen, de O.K. Corral op 26 oktober 1881 in Tombstone. Dit legendarische duel werd al vaker opgevoerd in boeken en films. Omdat er zoveel verdichtsel is, kunnen schrijvers eindeloos speculeren hoe het in werkelijkheid gegaan zou zijn. Er kan dankbaar gebruik gemaakt worden van iconische figuren als Wyatt Earp en Doc Holliday. Giraud voert ook de broers van Wyatt Earp op die betrokken waren bij het duel in de O.K. Corral: Virgil Earp en Simon Earp. In werkelijkheid, heette de jongste broer niet Simon maar Morgan Earp.

Mister Blueberrry
OK Corral (2003) en Dust (2005)

Mister Bluebbery – Dramatis Personae I

Mike S. Blueberry … voormalig cavalerie luitenant, gokker in Tombstone
Doree Malone … zangeres in de Dunhill en verpleegster van Blueberry
John Meredith Campbell … journalist uit Boston die biografie over Blueberry wil schrijven
William (Billy) Parker … assistent-journalist uit Boston
Tom Dorsey … directeur van de “Tombstone Epitaph”
Tommy Boone … zoon van pa Boone
Butch … Boone’s huurmoordenaar
Doc Holliday … tandarts en gokker
Mr. Prescott … eigenaar van de Dunhill
Mr. Strawfield … eigenaar van zilvermijn en bankier
Wyatt Earp … sheriff van Tombstone en gokker
Virgil Earp … sheriff van Tombstone en gokker
Simon Earp … jongste broer en hulpsheriff
Ike Clanton … outlaw
Billy Clanton … outlaw
Ma Clanton … moeder van Billy Clanton
Clayborne … jongste lid van de Clanton clan
Geronimo … leider van de Chiricahua-Apaches

Mister Blueberry [ 1 ]

aan het lezen in Mister Blueberry van Jean Giraud

Toen de Belgische scenarist Jean-Michel Charlier (1924-1989) overleed, stond tekenaar Jean Giraud (1938-2012) voor dezelfde keus als Albert Uderzo bij de dood van René Goscinny twaalf jaar eerder. Zou hij de succesvolle reeks die hij samen met zijn scenarist gecreëerd had definitief stoppen of in zijn eentje voortzetten? Nu was Blueberry op dat moment al een van de populairste Franse strips, door een miljoenenpubliek over de hele wereld gelezen. Dus volgde Giraud zijn collega Uderzo en nam hij voortaan ook het scenario op zich. Uderzo schreef nieuwe verhalen in de geest van Goscinny en Giraud deed dat in de geest van Charlier.

Mister Blueberry
Mister Blueberry

Anders dan bij Asterix, waarbij de verhalen altijd op zichzelf staan, vormen de verhalen van Blueberry al sinds 1963 een veelluik. Het magnum opus van Giraud en Charlier is een uit een hand gelopen drieluik, geïnspireerd door de dollarstrilogie, drie beroemde spaghettiwesterns van Sergio Leone uit de jaren zestig. Oorspronkelijk vormden de albums Chihuahua Pearl, De man die $500.000 waard was en Ballade voor een doodskist een gesloten verhaal, maar doordat de hoofdpersoon voortvluchtig was, volgde een reeks verhalen waarin Mike Blueberry achterna gezeten werd door een hele reeks vijanden. Charlier en Giraud werkten meer dan dertien jaar (1973-1986) aan deze cyclus van tien verhalen. Het laatste verhaal heette toepasselijk Het einde van de lange rit. Drie jaar later overleed Charlier.

In 1995 startte Giraud een nieuwe verhalencyclus die tenslotte uit vijf albums zou bestaan: Mister Blueberry (1995), Schaduw over Tombstone (1997), Geronimo de Apache (1999), OK Corral (2003) en Dust (2005). Scenarist Giraud liet Blueberry definitief het leger de rug toekeren en een nieuw leven beginnen in het legendarische westernstadje Tombstone in Arizona. Vandaar Mister Blueberry in plaats van Lieutenant Bluebbery.

Mister Blueberrry
Mister Blueberry (1995), Schaduw over Tombstone (1997) en Geronimo de Apache (1999)

Na het einde van de Amerikaanse Burgeroorlog schuift de frontier zich door de ontwikkeling van de spoorwegen razendsnel westwaarts. Het Wilde Westen is bijna ten einde gekomen. Aan de Oostkunst realiseert men zich dit ook en schrijvers en journalisten uit Boston, New York of Philedelphia trekken naar het Westen om verhalen op te kunnen tekenen uit de mond van levende legendes, want het publiek in de grote steden is daar gek op. En zo arriveert de schrijver Campbell met zijn assistent Billy in juli 1881 in Tombstone om de levende legende Mike S. Blueberry te ontmoeten.

Vanuit dit gegeven weeft Giraud een verhaal met flashbacks uit het leven van Blueberry en een legendarische gebeurtenis uit 1881, het vuurgevecht bij de O.K. Corral. Zo kan hij ook een aantal historische figuren ten tonele voeren: Wyatt Earp en zijn broers Morgan en Virgil, Doc Holliday en Billy Clanton.

Mister Blueberry (1995)
Schaduw over Tombstone (1997)
Geronimo de Apache (1999)
OK Corral (2003)
Dust (2005)

alles over Blueberry op deze blog

Berlin 1926

zondagavond gezien op ZDF: Terra-X Ein Tag in Berlin 1926

De tv-serie Babylon Berlin maakt in Duitsland veel los. Verwonderlijk is dat niet want deze Weimar Krimi bundelt twee Duitse obsessies: de misdaadfilm en de opkomst van het nationaalsocialisme. De serie die in 2018 door de betaalzender Sky 1 werd uitgezonden en in januari op de ARD werd herhaald, trekt in zijn kielzog verschillende documentaires met zich mee. Duitsers hebben nu eenmaal veel interesse voor hun nationale identiteit en het brandpunt ligt vaak op de Eerste Republiek (1919-1933) beter bekend als de Weimar Republiek. Hoe heeft het allemaal zo ver kunnen komen?

In Duitse documentaires zijn de jaren twintig al bijna net zo uitgemolken als de periode 1933-1945. Toch belicht Babylon Berlin (gebaseerd op de romancyclus van Volker Kutscher over inspecteur Gereon Rath) een nieuw aspect van de jaren twintig: de ontwikkeling van de organisatie van de recherche en sporenonderzoek. Een belangrijke vernieuwer was de legendarische hoofdinspecteur Ernst Gennat (1880-1839). In het boek Der Nasse Fisch (Schaduw over Berlijn) is hij de hoogste baas van hoofdpersoon Gereon Rath.

Alexanderplatz 1908
De Alexanderplatz in 1908 met in het midden het Polizeipräsidium (der Roten Burg). In 1929 ligt de ‘Alex’ op de schop en zal aan het begin van de jaren dertig een hypermodern aanzien krijgen.

Zondag was bij ZDF in Terra-X de documentaire Ein Tag Im Leben des Kriminalkommissars Fritz Kiehl te zien. Anders dan in de ARD documentaire 1929 – Das Jahr Babylon werd de koppeling met de serie Babylon Berlin niet gemaakt. Waarschijnlijk heeft dat te maken met het feit dat de ARD een van de coproducenten van Babylon Berlin is en de ZDF zich niet met de serie verbonden heeft. De vele overeenkomsten tussen documentaire en tv-serie berusten beslist niet op toeval. Het jaar 1929 werd “een dag in 1926″ en de jonge inspecteur Gereon Rath werd Kriminalkommissar Fritz Kiehl. Het decor blijft ongewijzigd: Spree Chicago, der Roten Burg (Polizeipräsidium am Alexanderplatz), en Ernst Gennat. Ook wordt de titel van Kutscher’s bestseller Der Nasse Fisch verklaard. Dat was een uitdrukking van Gennat waarmee hij een onopgeloste zaak bedoelde. Overigens stond Gennat bekend om zijn ongekend hoge percentage van zaken die wel opgelost werden.

Der Spiegel | Tatort Berlin [ tagesspiegel.de ]

Boek & Film [ 1 ]

eindelijk uit: Schaduw over Berlijn (2008) van Volker Kutscher
in januari gezien: Babylon Berlin (2017)

Schaduw over BerlijnIn de eerste twee weken van januari herhaalde de ARD op de late avond de zestien episodes uit de eerste serie van Babylon Berlin (2017), een Krimi die zich afspeelt in Berlijn in mei 1929. Wanneer je een verfilmd boek leest nadat je de film al gezien hebt, worden de personages in het boek onvermijdelijk ingevuld door de acteurs uit de film. Bij Gereon Rath, Bruno Wolter en Charlotte Ritter zag ik tijdens het lezen dus de gezichten van Volker Bruch, Peter Kurth en Liv Lisa Fries. Ook herinnerde ik mij tal van scenes uit de film. Maar vooral de verschillen tussen het boek en het scenario kwamen aan het licht.

Regisseur Tom Tykwer bewerkte samen met Henk Handloegten en Achim von Borries de thriller van Volker Kutscher. Voor deze duurste Duitstalige tv-serie uit de geschiedenis moest het boek stevig omgewerkt worden. Er zijn teveel verschillen tussen boek en scenario om op te noemen. Het belangrijkste verschil is dat Charlotte Ritter samen met Gereon Rath in de film de hoofdrol speelt. In het boek is Gereon Rath op afstand de hoofdpersonage en speelt Charlotte Ritter een veel kleinere rol.

Babylon BerlinDe personage van gravin Svetlana Sorokina duikt pas op de laatste bladzijden van het boek op, terwijl ze in de tv-serie in elke episode te zien is. Dat Charlotte Ritter en Svetlana Sorokina in het verhaal zo naar voren geplaatst zijn, was ongetwijfeld een van de eisen van de filmproducent. Als je een tv-serie van veertig miljoen produceert, wil je uiteraard ook de vrouwelijke kijker kunnen bereiken. Een derde vrouw die tenslotte in de tv-serie een grote rol krijgt dan in het boek, is Elisabeth Behnke, de hospita van Gereon Rath.

Wat de plot betreft, wil ik hier niet in details treden, maar de ontknoping in het boek is totaal anders dan die in de film. Hoewel de ondergang van de slechterik in het boek al behoorlijk Wagneriaans is, heeft men er in de film toch nog een schepje bovenop gedaan met een actiescene a la James Bond. De drie scenaristen hebben nog een aantal verhaallijnen door de tv-serie geweven die niet in het boek zitten. En de achtergrond van Gereon in zijn geboortestad Keulen, die in het boek soms aangestipt wordt, is verder uitgesponnen. De film opent perspectieven op zijn katholieke geloof en zijn loopgraafervaringen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ook maken we kennis met zijn schoonzuster en zijn neefje en op het laatst ook met zijn dood gewaande broer Anno.

Alexanderplatz 1929
‘Der Alex’ (Alexanderplatz) in 1929
Warenhuis Tietz wordt in het boek een paar keer genoemd. De finale van het boek speelt zich af op het legendarische dakterras van de gloednieuwe Karstadt aan de Hermannplatz.

Boek en film moeten op eigen kwaliteiten beoordeeld worden. Ik begrijp de teleurstelling van sommigen die eerst de thriller gelezen hebben en daarna pas de tv-serie zagen. De scenaristen hebben voor de productie veel concessies moeten doen waardoor de film een zeer vrije bewerking van het boek is geworden. Omdat er voor iedere aflevering een cliffhanger moest komen, heeft de plot een heel ander ritme gekregen. Veel is toegevoegd en vaak is dat gedaan vanuit commercieel oogpunt. Het oorspronkelijke verhaal is echt iets anders dan de film. Volker Kutscher schrijft in de stijl van de hard boiled en Gereon Rath is soms een Duitse Sam Spade of Philip Marlowe. Preciezer gezegd: een Keulenaar in Berlijn met de hoed van Philip Marlowe op. Het film noir aspect uit het boek heeft Tom Tykwer uiteraard dankbaar uitgebuit.

Duitsers zijn gek op Krimi’s. Elke avond worden er op de verschillende Duitse zenders meerdere uitgezonden en het totaal aantal Duitstalige Krimi’s is meer dan vijftig series. Er zijn komische Krimi’s, regionale Krimi’s, vakantie Krimi’s en er is zelfs een Amsterdam Krimi (met Fedja van Huet). Babylon Berlin voegt aan al deze series weer een nieuw element toe: de brisante politieke situatie in Berlijn vlak voor de Beurskrach van 1929 en de nationaalsocialistische dreiging. Twee Duitse obsessies worden zo gebundeld.

Der nasse Fisch. Gereon Raths erster Fall [de.wikipedia.org]

Orlacs Hände, Veidts Antlitz

gezien: Orlacs Hände (1924) van Robert Wiene

Orlacs HändeDe Duitse filmpionier Robert Wiene is vooral bekend van de expressionistische film Das Cabinet des Dr. Caligari uit 1920. Maar dit was niet zijn enige klassieker. Ook Orlacs Hände (1924) is een een verfilmd griezelverhaal en schitterend voorbeeld van (laat)expressionisme op het witte doek. De film is gebaseerd op de roman Les mains d’Orlac (1920) van Maurice Renard.

De hoofdrol wordt gespeeld door filmlegende Conrad Veidt (1893-1943), die in Das Cabinet des Dr. Caligari bekend geworden was in de rol van Cesare. In de jaren veertig zou hij zijn filmcarrière in de Verenigde Staten beëindigen met o.a. Casablanca (1942) en het Technicolorwonder The Thief of Bagdad (1940). Wat mij betreft is Veidt de koning van het Duitse expressionisme in de cinema. Wanneer Gloria Swanson in Sunset Boulevard (1950) uitroept We had faces then, dan denk ik eerst aan Cesare en Orlac. Met zijn fabelachtige mimiek, geaccentueerde ogen en mond was Conrad Veidt een tovenaar van de gezichtsuitdrukking. Alleen met digitale morphing nog te overtreffen.

Conrad Veidt
Conrad Veidt als Orlac, de koning van het Duitse expressionisme in de cinema
Wanneer Gloria Swanson in Sunset Boulevard uitroept ‘We had faces then!’ dan denk ik eerst aan Cesare en Orlac.
Nur knapp überlebt der berühmte Konzertpianist Paul Orlac ein schweres Zugunglück. Eine Notoperation rettet sein Leben, doch nicht seine Hände. Orlacs Frau fleht den Arzt an, eine Lösung zu finden, bedeuten dem Virtuosen diese Hände doch „mehr als sein Leben“. So transplantiert man Orlac die Hände eines kürzlich Verstorbenen – eines Mannes namens Vasseur, der als Mörder für eine grausame Tat hingerichtet wurde. Operation und Heilung verlaufen reibungslos. Doch als Orlac erfährt, dass er die Hände eines Verbrechers trägt, wird er von der quälenden Vorstellung heimgesucht, unter Vasseurs unheilvollem Einfluss zu stehen.
 
Bron: arte.tv

Orlacs Hände [ imdb.com ]