onheilspellende betovering

geluisterd naar Forever Changes (1967) van Love

Regelmatig luister ik naar een van mijn favouriete psychedelische albums. Gelukkig heb ik geen grote keuze dus mag het blijven bij de volgende vier albums:
Revolver (1966) en Sgt.Peppers Lonely Hearts Club Band (1967) van The Beatles
The Piper at the Gates of Dawn (1967) van Pink Floyd
en Electric Music for the Body and Soul (1967) van Country Joe and the Fish
De laatste drie albums zijn trouwens terug te vinden in Mojos 40 greatest psychedelics of all time en de eerste drie in Rolling Stone Magazine 500 Greatest Albums of All Times.

Forever Changes
de legendarische hoes met
het ontwerp van Bob Pepper

Vorige maand ontdekte ik bijna 41 jaar na dato een album dat in beide charts een hoge positie inneemt (resp. op nummer 2 en 40) en terecht als een meesterwerk beschouwd wordt. Daarom luister ik de laatste weken bijna uitsluitend nog naar Forever Changes (1967) van Love. Misschien ook omdat ik iets goed te maken heb. Want hoe heb ik die plaat vier decennia aan mij voorbij kunnen laten gaan? Forever Changes is een betoverende plaat met barokke arrangementen en pathetische zang van frontman Arthur Lee, die mij in vlagen doet denken aan Richard Harris (Mac Arthur Park). Baroque Pop is een van de namen van het nieuwe geluid dat door Love geïntroduceerd werd en waaruit eind jaren zestig, begin jaren zeventig de symphonische rock tevoorschijn kwam. Zo hoor ik nu pas in de bijna oriëntaalse verfijning in melodielijnen op de vroege Genesisalbums als Selling England by the Pound, Tresspass, Foxtrot en Nursery Crime de invloed van Love. Wanneer ik naar de teksten luister op Forever Changes dan word ik in een stream of conciousness meegetrokken in een unheimische stemming die je eerder verwacht bij punk dan bij flower power .

“Alla God’s chilluns gotta
have dere freedom”

uit: the red telephone

The Red Telephone

Verse 1:
Sitting on a hillside
Watching all the people die
I’ll feel much better on the other side
I’ll thumb a ride
Verse 2/3:
I believe in magic
Why, because it is so quick
I don’t need power when I’m hypnotized
Look in my eyes
What are you seeing (I see…)
How do you feel?
(…you)
I feel real phony when my name is Phil
Or was that Bill?
Bridge:
Life goes on here
Day after day
I don’t know if I am living or if I’m
Supposed to be
Sometimes my life is so eerie
And if you think I’m happy
Paint me (white)(yellow)
I’ve been here once
I’ve been here twice
I don’t know if the third’s the fourth or if the -
The fifth’s to fix
Sometimes I deal with numbers
And if you wanna count me
Count me out
Verse 4:
I don’t need the time of day
Anytime with me’s OK
I just don’t want you using up my time
‘Cause that’s not right
Coda:
[repeat 3X:]
ahh….
[repeat 3X:]
They’re locking them up today
They’re throwing away the key
I wonder who it’ll be tomorrow, you or me?
We’re all normal and we want our freedom
Freedom… freedom… freedom… freedom
Freedom… freedom… freedom… freedom
[continue with Am - A progression as above, to fade]
(spoken:) Alla God’s chilluns gotta have dere freedom

The sessions began in June 1967, with the group (except for Lee and Maclean) replaced by well-known Los Angeles session musicians Billy Strange (guitar), Don Randi (piano), Hal Blaine (drums) and, in most likelihood, Carol Kaye (bass). This studio line-up was put in place due to the regular line-up’s alleged inability to function. The two tracks laid down, “Andmoreagain” and “The Daily Planet“, were later given sparing overdubs by the actual members of Love, who felt the tracks otherwise sufficed.
 
Bron: wikipedia

The 500 Greatest Albums of All Times

Queen of the silent screen

afgelopen zaterdag overleed Anita Page op 98-jarige leeftijd in L.A.
In 1928 werd Anita Page gecast tegenover Joan Crawford in de film Our Dancing Daughters. Hoewel deze film voor beide actrices een grote doorbraak betekende, staat de film in het heden voornamelijk bekend om de rivaliteit achter schermen tussen de twee actrices. Crawford hoopte al voor een lange tijd op een doorbraak en wist dat deze film haar die zou geven. Ze zag Page als grote rivale en vreesde ervoor dat zij al de aandacht zou krijgen.
Our Dancing Daughters
Anita Page (rechts) en Joan Crawford (midden)
in Our Dancing Daughters (1928), de film die haar op 18-jarige leeftijd beroemd maakte
Anita PagePage maakte later bekend dat Crawford tegen haar vertelde dat ze vanwege eventuele persoonlijke problemen niet tegenspeler Johnny Mack Brown hard moest slaan in een scène waar haar personage zijn personage slaat. Page stapte op Brown af en vroeg of ze zich moest inhouden. Brown vertelde echter tegen haar dat ze dit absoluut niet moest doen. Voor de actrice was dit een teken dat Crawford haar als rivale zag en er alles aan deed om haar weg te schemeren.
 
Het was echter door Page’s moeder dat de actrice nooit een band wist te scheppen met Crawford. Ze vond dat Crawford niet het type vrouw was waar haar dochter mee om zou moeten gaan. Toen Crawford haar maanden na de release van Our Dancing Daughters uitnodigde om met haar danslessen te nemen voor de film The Hollywood Revue of 1929, weigerde Page dit aanbod.
 
De film werd een enorm succes en zorgde voor beiden een grote stijging in populariteit. Crawford groeide door de film zelfs uit tot een superster. Om die reden werd dan ook al snel het vervolg Our Modern Maidens geschreven. Tijdens het filmen vermeed Page contact met Crawford en vertelde ze later zich destijds te irriteren aan haar en haar tegenspeler Douglas Fairbanks, Jr.. De twee werden namelijk verliefd tijdens het filmen en hadden hun eigen taal bedacht die alleen zij begrepen. Deze pasten ze dan ook toe achter de schermen.
 
Bron: nl.wikipedia.org
a tribute to the queen of the silent screen

Anita Page, The Last Surviving Silent Film Star [ altfg.com ]

ding dong

tentoonstelling 60 jaar langs de deur met kinderpostzegels
Museum voor Communicatie in Den Haag, 05.09.08 t/m 31.08.09

Wie is er niet langs de deur geweest met kinderpostzegels? In 1923 besluit Nederland in navolging van de Pro Juventute zegels uit Zwitserland als tweede land ter wereld postzegels in te voeren met een toeslag ‘voor het misdeelde kind‘. De eerste serie wordt in 1924 uitgegeven en brengt 51.000 gulden op. Een jaar later wordt het Nederlands Comité voor Kinderpostzegels (NCK) opgericht. In 1948 komt onderwijzer G. Verheul uit Waarder op het idee met kinderpostzegels langs de deur te gaan. Het jaar daarop wordt de kinderpostzegelactie landelijk ingezet. Begin jaren ’70 ging ik zelf met de kinderpostzegels langs de deur. Een velletje kostte toen een knaak, maar door de stijgende inflatie werd het aantal zegels in 1973 teruggebracht tot zes en dat is tot op de dag van vandaag zo gebleven. wéll zijn de prijzen veranderd. Tegenwoordig moet je minimaal 2 velletjes aan de deur bestellen die samen 7,92 Euro kosten.

kinderpostzegels

1. Jan Sluyters, 1928
2. Gerard Kiljan, 1931
3. Eva Besnyö en Wim Brusse, 1947
4. Cas Oorthuis en Mart Kempers, 1951
5. William Graatsma en Jan Slothouber, 1970
6. Charlotte Mutsaers, 1987
7. Max Velthuijs, 1998
8. Fiep Westendorp en Barbara van Dongen Torman, 1999

In het overzicht van kinderpostzegels.nl kun je alle kinderpostzegels vanaf 1924 bekijken.

Bron: iconenvandepost.nl

In september 2008 is het precies 60 jaar geleden dat kinderen voor het eerst kinderpostzegels aan de deur verkochten. Tegenwoordig gaan meer dan 200.000 kinderen uit groep 7 en 8 er jaarlijks op uit. De tentoonstelling geeft een kleurrijk overzicht van de kinderpostzegels en hun ontwerpproces, met werk van bekende kunstenaars, fotografen en illustratoren als Cas Oorthuys, Dick Bruna en Fiep Westendorp.
 
Bron: muscom.nl

kinderpostzegels.nl