Valentijnsonrust

marloes“Kijk”, zei ze terwijl ze een groot rood hart op tafel legde. “En dit …” Ze spreide een wenskaart op A3-formaat open… “…en ook nog dit…” en liet me tenslotte een glimmend opblaashart zien. Haar Valentijnsoogst dit jaar. Ik bekeek het met gemengde gevoelens, leuk dat haar straatwaarde hoger ligt dan de mijne! (ik kan mij niet herinneren dat ik ooit van één onbekende één Valentijnshart heb gekregen.) Ik begon de wenskaart te lezen: “Mooie, lieve vrouw…” blablabla… afgesloten met een verontrustend “…binnenkort neem ik contact met je op!”

Gezellig die jaarlijkse Valentijnsonrust…

kan ik dat echt? [ 2 ]

gelezen: jezelf aanvaarden, durven leven vanuit geloof
door Romano Guardini
Wie werkelijk nadenkt, moet leren door de schijn van de vanzelfsprekendheid heen te dringen en in de diepte te duiken die daaronder verscholen ligt.
Laten we een waarheid van die aard onder ogen zien – die waarheid namelijk die ons het meest raakt: dat ik degene ben die ik nu eenmaal ben – dat ieder van ons zichzelf is.
We drukken deze waarheid uit met de zin: “Ik ben voor mijzelf datgene wat zonder meer gegeven is.” Ik ben datgene waarvan het voor mij zonder meer vanzelfsprekend is dat het bestaat; dat de voorwaarde vormt voor de rest; datgene waarop ik alles betrek en van waaruit ik alles benader.
Inderdaad, bij alles veronderstel ik mezelf al. Elke uitspraak die ik doe, bevat het woord “ik”, of het nu duidelijk uitgesproken wordt of in de uitspraak is inbegrepen. Elke daad die ik stel, wordt door “mij” gedragen. Wat er in mijn leven gebeurt, raakt “mij”. Ik ben er altijd bij: direct, door direct te handelen, iemand te ontmoeten of ergens invloed op uit te oefenen – of indirect doordat “mijn” omgeving, “mijn” land, “mijn” wereld daarbij betrokken is.
Ik kan mij daarbij steeds verder van mijn directe ik verwijderen. Er werd gesproken van een “omgeving”, “land”, “wereld”, maar dit houdt altijd verband met mij: het gaat over de omgeving die mij omringt, het land waarin ik woon, de wereld tot dewelke ik behoor. Ik kan proberen boven mijzelf uit te stijgen en over dingen te spreken alsof ik niet bestond. Dat is uitstekend: een oefening van de geest om bekwaam te worden zichzelf buiten beschouwing te laten. De verbinding blijft niettemin bestaan, want steeds weer ben ik het toch die probeer op die manier boven mijzelf uit te stijgen – nog helemaal afgezien van het feit dat ik mezelf daarbij toch meeneem en dat elke blik die ik op iets richt, hoe eenvoudig hij ook is, mezelf bevat.

Romano GuardiniIn dit opmerkelijke boekje stelt Romano Guardini de vraag naar de oorsprong, het begin van de mens, niet historisch, maar existentieel. En hij ontdekt: ik ben er, ik heb mijn leven van ergens anders ontvangen. Dat houdt een enorme opgave in: te aanvaarden dat ik er ben, dat ik ben zoals ik ben, en dat ik een bedoeling heb. Op zeer indringende wijze spreekt Guardini daarbij over de angst die een mens kan overvallen, wanneer hij voor de vraag naar de aanvaarding van zijn bestaan staat.

Romano Guardini ( 1885 – 1968 )

kan ik dat echt? [ 1 ]

gelezen: de dood van Socrates
uit: Hoeveel waarheid heeft de mens nodig? door Rüdiger Safranski
Wij zijn wezens die niet alleen sterven, net als andere wezens, maar die ook weten dat ze zullen sterven. Aan ons leven is niet alleen een grens gesteld, maar wij kennen die grens ook.
 
Ik kan alleen inzien dat aan mijn leven een grens is gesteld als ik dat wat mij begrenst tegelijk op een of andere manier te boven ben. Ik moet mijn einde dus altijd al hebben getranscendendeerd, wil ik het kunnen overdenken. Ik kan me mijn lichaam voorstellen – als lijk. Ik kan me mijn begrafenis voorstellen, het verdriet van de nabestaanden die mij overleven. Ik kan me het feit dat de hele wereld mij zal overleven voorstellen. Na mijn dood zal alles verder gaan, zoals alles ook al voor mijn geboorte is begonnen.
 
Zoals ik me een verzameling mensen kan voorstellen waar ik niet bij ben, zo kan ik mij ook een leven voorstellen dat verder gaat zonder dat ik erbij ben.
 
Ik kan mij een wereld zonder mij voorstellen.
Ik kan mijzelf wegdenken.
Kan ik dat echt?

bespreking van Hoeveel waarheid heeft de mens nodig?