In The Summer Man gaan we met MAD MEN 46 jaar terug in de tijd. 1965 was een vruchtbaar jaar. Nog nooit werden er in Nederland zoveel kinderen geboren. Voor de 45ers en 46ers, heeft het vierde seizoen van MAD MEN een extra dimensie. In juni 1965 was ik net twee geworden, jong genoeg om de eerste ruimtewandeling door een Amerikaan (3/6), de slag bij Dong Xoai (11/6), het eerste grote protest tegen de Vietnamoorlog (16/6) en de verloving van Beatrix en Claus (28/6) volledig aan mij voorbij te laten gaan.
Volgens mij was 1965 een mooi jaar, op de ‘waterscheiding’ tussen twee tijdperken, waarbij de oudere generatie was gaan botsen met de babyboomers. Wat de beatniks tien jaar eerder niet gelukt was, namelijk het veroorzaken van een culturele omwenteling, zou de protestgeneratie uit de tweede helft van de jaren zestig wéll voor elkaar krijgen. De fabrikanten en de marketingjongens gingen met de jeugd mee, want in de grenzeloze behoeften van de jongeren zagen ze het grote geld. Een tekst als I can’t get no satisfaction was natuurlijk de ongeschreven oneliner van elke copywriter. In de tegendraadse jongerencultuur en in hun muziek vonden de marketeers een machtige bondgenoot. In William Bradley‘s recensie over deze episode van MAD MEN kwam ik een zeldzame opname tegen van de superhit Satisfaction uit 1965.
halfnaakt en met lange haren
The Summer of Love ziet vieren.
Wat mij verbaast bij deze opname is het tamme publiek. De jongens en de meisjes blijven op hun stoel zitten. Ze weten nog niet hoe het moet. En toch is dit dezelfde generatie die je twee jaar later blowend en slikkend, halfnaakt en met lange haren the summer of love ziet vieren. Ergens tussen 1965 en 1967 moeten dus de remmen los gegaan zijn. Was het nu de LSD of de anticonceptiepil?

Het was natuurlijk vooral de muziek. De architecten van de massaconsumptie kregen de dankbaarste doelgroep in hun schoot geworpen: welvaartskinderen die de dag wilden plukken in een aards paradijs. De maakbaarheidsgedachte van de jeugd dat je de wereld kunt veranderen, sluit aan bij het verlangen van fabrikanten en marketeers om met hun producten de wereld te “verbeteren”.
Bron: thepeoplehistory.com
Zaterdag kwam de DVD-box van het vierde seizoen MAD MEN in huis en gisterenavond keek ik alweer naar de zevende episode. Het scenario concentreert zich op de avond van 25 mei 1965, de avond van de legendarische bokswedstrijd 
In MAD MEN zitten veel hilarische situaties en dialogen. De scenaristen maken regelmatig gebruik van schaamteloos seksisme, rascisme en anti-semitisme dat vijftig jaar geleden op een Amerikaans kantoor heel gewoon was. Als de humeurige secretaresse Miss Blankenship hoort dat iedereen naar de bokswedstrijd gaat kijken, merkt ze zonder ironie op : “If I wanted to see two Negroes fight, I’d throw a dollar bill out my window.” Ook het bijtende sarcasme van Roger Sterling is vaak wreed komisch. Als Don Draper zich tegenover Roger verontschuldigt dat hij niet mee gaat naar de bokswedstrijd “I wouldn’t be good company anyway”, heeft deze zijn antwoord onmiddellijk klaar: “That’s never bothered me before.” 














