terug naar de natuur

141 schilderijen van Thomas Cole (1801-1848) op internet

Thomas ColeThomas Cole is de vader van de Hudson River School en introduceerde in de eerste helft van de negentiende eeuw het romantische landschap in de Verenigde Staten. Hij hield van het ‘heroïsche landschap’, van theatrale zonsondergangen, dramatische luchten en imposante vergezichten. Zijn geconstrueerde landschappen herinneren mij aan zestiende eeuwse schilders als Joachim Patinir, Herri Met de Bles, Joos de Momper en Paulus Bril. Het onderstaande schilderij met de Amerikaanse pionier Daniel Boone (1734-1820) in de wildernis van Kentucky staat in een lange traditie en verwijst naar zestiende eeuwse voorstellingen van de heilige Hierononymos in de wildernis. Boone had zich in de wildernis van Kentucky teruggetrokken en leek wel een volgeling van de oude woestijnmonniken in de Nieuwe Wereld. Thomas Cole schilderde Daniel Boone zes jaar na zijn dood in 1826 toen hijzelf aan het begin van zijn carriere stond. De legendes rondom de figuur van Daniel Boone inspireerden romantici waaronder Amerikaanse transcendentalisten als Ralph Waldo Emerson (1803-1882) , Henry David Thoreau (1817-1862) en Walt Whitman (1819-1892).

Daniel Boone
Thomas Cole 1826
Daniel Boone bij zijn blokhut aan het Great Osage Lake in Kentucky
The Transcendentalist movement was based on a fundamental belief in the unity of the world and God
The Transcendentalist movement was a reaction against 18th century rationalism and a manifestation of the general humanitarian trend of 19th century thought. The movement was based on a fundamental belief in the unity of the world and God. The soul of each individual was thought to be identical with the world — a microcosm of the world itself. The doctrine of self- reliance and individualism developed through the belief in the identification of the individual soul with God.
 
Bron: class.uidaho.edu

explorethomascole.org | thomas-cole.info | web of transcendentalism

Bora Bora 1931

gezien op Arte: Tabu: A Story of the South Seas (1931)

Tabu 1931Van mijn grootvader heb ik enkele jaargangen van Universum geërfd, waaronder de zevende jaargang uit 1931 (nrs. 313 t/m 361). Dit weekblad van Dalmeijers Volksuniversiteit voor beschaving, wetenschap, efficiency, organisatie en succes besteedt ook aandacht aan volkenkunde. Het blad is strak en nuchter vormgegeven in de stijl van de crisistijd ofwel de Nieuwe Zakelijkheid. Ik moest aan de etnografische bijdragen in Universum denken toen ik de film Tabu: A Story of the South Seas uit 1931 van F.W. Murnau zag. Deze legendarische filmpionier kwam bij een verkeersongeluk in Californiëom het leven, deze maand precies tachtig jaar geleden. Tabu zou zijn laatste film zijn. De film werd gedraaid op Bora Bora en Robert Flaherty, die vijf jaar eerder Moana had gemaakt, assisteerde F.W. Murnau tijdens de opnamen. Tabu speelt zich net als Moana af in de Stille Zuidzee en hoort thuis in de categorie docufiction, een genre dat in het Nederlands meestal foutief vertaald wordt in docudrama. Arte zond maandagnacht de gerestaureerde versie uit waarin niet gesproken wordt.

Tabu 1931
zo kleurig als de filmposter is,
zo zwart-wit is de film
F. W. Murnau (1888–1931) made six or seven great or near-great films in his all-too-brief career. All save his last film were tightly controlled, studio-stylized works that (although they were beautiful and often moving) were thoroughly planned artifice. One might even use the contemporary expression “tight-assed“ in describing them. His final film, Tabu (1931), however, seems almost the complete antithesis. Tabu is one of cinema’s simplest, most lyrical and masterful expressions of a despairing romanticism succumbing to the realities of a world from which none of us can escape.
 
The original idea was for the film to be jointly made by Robert Flaherty and Murnau. Flaherty, the great ethnographic documentarian, had already met critical success with another Polynesian project, Moana (1926). Although Flaherty was a romantic in his own fashion, the two personalities did not mesh, and Flaherty somewhat bitterly sailed for home. Murnau, after the relative imprisonment of Weimar Berlin and mad Hollywood, loved Tahiti, Bora Bora, and the smaller islands. The informality and laxity of strictures on behavior (including sexual ones) seemed a kind of rebirth.
 
Bron: moma.org
Tabu 1931

Tabu: A Story of the South Seas [ imdb.com ]

het kan alleen maar escaleren

gelezen: De eindtijd is begonnen in het eerste nummer van Soφie
het apocalyptische denken van René Girard

Soφie nummer 1 2011Vorige week ontving ik het eerste nummer van Soφie, de voortzetting van Beweging (74 jrg.) uitgave van de Stichting voor Christelijke Filosofie (voorheen: Stichting voor Reformatorische Wijsbegeerte) en Ellips (35 jrg.) een uitgave van de Evangelische Hogeschool in Amersfoort. Soφie ziet er veelbelovend uit en is een soort Filosofie Magazine met christelijke signatuur, met aandacht voor de actualiteit vanuit wijsgerig perspectief en met veel ruimte voor debat. Soφie verschijnt zesmaal per jaar en is een uitgave van Buijten & Schipperheijn. Een van de eerste stukken die ik uit het eerste nummer las, gaat over de visie van de christelijke filosoof René Girard op de toename van het geweld in de wereld.

“Naarmate het geweld
 zichtbaarder wordt,
 komt God dichterbij.”

René Girard

René Girard(…) Girard is niet pessimistisch. Hij is apocalyptisch, hij wil de waarheid openbaren. Auschwitz en Hiroshima hebben laten zien dat het geweld niet meer is in te dammen met de rede. Niet in de vorm van religie, niet in de vorm van een leger. Het kan alleen maar escaleren. Dat betekent dat we in de eindtijd leven. Het slechte nieuws is ook meteen het goede nieuws. “Naarmate het geweld zichtbaarder wordt, komt God dichterbij, zoals de theoloog Jürgen Moltmann dat noemt. Niet van buitenaf, zoals de christelijke traditie het vaak ziet, maar van binnenuit.” Hoe dat zal gebeuren, dat is een mysterie, en Girard en Chantre zeggen er weinig over. “Maar Paulus beschrijft dat de Opstanding van Christus al de overwinning was van de machten der overheden.” Chantre buigt bewonderend voorover: “Hij was niet eens antropoloog, maar zegt hij het niet fantastisch mooi? Uiteindelijk zullen de machten instorten, maar… het is beter als het nog even duurt.”
 
uit: ‘het apocalyptische denken van René Girard’ in Soφie

Girard Studiekring aan de Vrije Universiteit [ girard.nl ]