Thomas Cole is de vader van de Hudson River School en introduceerde in de eerste helft van de negentiende eeuw het romantische landschap in de Verenigde Staten. Hij hield van het ‘heroïsche landschap’, van theatrale zonsondergangen, dramatische luchten en imposante vergezichten. Zijn geconstrueerde landschappen herinneren mij aan zestiende eeuwse schilders als Joachim Patinir, Herri Met de Bles, Joos de Momper en Paulus Bril. Het onderstaande schilderij met de Amerikaanse pionier Daniel Boone (1734-1820) in de wildernis van Kentucky staat in een lange traditie en verwijst naar zestiende eeuwse voorstellingen van de heilige Hierononymos in de wildernis. Boone had zich in de wildernis van Kentucky teruggetrokken en leek wel een volgeling van de oude woestijnmonniken in de Nieuwe Wereld. Thomas Cole schilderde Daniel Boone zes jaar na zijn dood in 1826 toen hijzelf aan het begin van zijn carriere stond. De legendes rondom de figuur van Daniel Boone inspireerden romantici waaronder Amerikaanse transcendentalisten als Ralph Waldo Emerson (1803-1882) , Henry David Thoreau (1817-1862) en Walt Whitman (1819-1892).

Daniel Boone bij zijn blokhut aan het Great Osage Lake in Kentucky
Bron: class.uidaho.edu
explorethomascole.org | thomas-cole.info | web of transcendentalism
Van mijn grootvader heb ik enkele jaargangen van Universum geërfd, waaronder de zevende jaargang uit 1931 (nrs. 313 t/m 361). Dit weekblad van Dalmeijers Volksuniversiteit voor beschaving, wetenschap, efficiency, organisatie en succes besteedt ook aandacht aan volkenkunde. Het blad is strak en nuchter vormgegeven in de stijl van de crisistijd ofwel de Nieuwe Zakelijkheid. Ik moest aan de etnografische bijdragen in Universum denken toen ik de film Tabu: A Story of the South Seas uit 1931 van F.W. Murnau zag. Deze legendarische filmpionier kwam bij een verkeersongeluk in Californiëom het leven, deze maand precies tachtig jaar geleden. Tabu zou zijn laatste film zijn. De film werd gedraaid op Bora Bora en 
Vorige week ontving ik het eerste nummer van Soφie, de voortzetting van
(…) Girard is niet pessimistisch. Hij is apocalyptisch, hij wil de waarheid openbaren. Auschwitz en Hiroshima hebben laten zien dat het geweld niet meer is in te dammen met de rede. Niet in de vorm van religie, niet in de vorm van een leger. Het kan alleen maar escaleren. Dat betekent dat we in de eindtijd leven. Het slechte nieuws is ook meteen het goede nieuws. “Naarmate het geweld zichtbaarder wordt, komt God dichterbij, zoals de theoloog Jürgen Moltmann dat noemt. Niet van buitenaf, zoals de christelijke traditie het vaak ziet, maar van binnenuit.” Hoe dat zal gebeuren, dat is een mysterie, en Girard en Chantre zeggen er weinig over. “Maar Paulus beschrijft dat de Opstanding van Christus al de overwinning was van de machten der overheden.” Chantre buigt bewonderend voorover: “Hij was niet eens antropoloog, maar zegt hij het niet fantastisch mooi? Uiteindelijk zullen de machten instorten, maar… het is beter als het nog even duurt.”












