de oorsprong van het kunstwerk

eergisteren gekocht: De oorsprong van het kunstwerk
van Martin Heidegger

HeideggerIn de reeks Kleine Klassieken geeft uitgeverijboom.nl een aantal invloedrijke grondteksten uit van bekende filosofen. De boekjes tellen iets meer dan honderd bladzijden, worden kort ingeleid en zijn fraai vormgegeven. Omdat ik mij afgelopen jaar in het leven van Martin Heidegger verdiept heb, vond ik dat het wel eens tijd werd om eens een grondtekst van hem te lezen en daarom kocht ik dinsdag dit boekje met daarin Der Ursprung des Kunstwerkes ingeleid door zijn leerling Hans Georg Gadamer. Tussen kerst en oudjaar ga ik me samen met Heidegger eens verdiepen in de oorsprong van het kunstwerk.

Kunstenaar en werk zijn ieder voor zich en in hun onderlinge relatie krachtens een derde dat het eerste is, namelijk krachtens datgene waar kunstenaar en kunstwerk hun naam aan ontlenen: de kunst

De Nederlandse vertaling werd gemaakt door Mark Wildschut, die ook de vuistdikke biografie Ein Meister aus Deutschland. Heidegger und seine Zeit (1994) van Rüdiger Safranski heeft vertaald. Oorspronkelijk was deze zeventig pagina’s lange tekst een voordracht die Heidegger hield op 13 november 1935 voor de Kunstwissenschaftliche Gesellschaft in Freiburg. In 1949/1950 werd een bewerking opgenomen in de bundel Holzwege. Daarna verschenen er in 1960 en 1989 nog eens twee bewerkingen. Er zijn dus drie versies van Der Ursprung des Kunstwerkes in omloop. De Nederlandse vertaling baseert zich op de versie in de Gesammtausgabe.

uitgeverijboom.nl

I’m just drawn that way

zaterdagmiddag gezien op BBC1: Who framed Roger Rabbit (1988)

Who framed Roger RabbitIn de Disneyklassieker Mary Poppins uit 1964 zijn speelfilm en tekenfilm geraffineerd in elkaar geschoven. Een van de leukste momenten uit die film is de scene met Dick van Dyke die danst met getekende pinguïns. Deze pinguïns zouden 24 jaar later weer terugkeren in Who framed Roger Rabbit net als veel andere figuren uit de tekenfilmgeschiedenis. De wederzijdse doordringing van tekenfilm en speelfilm gaat in laatstgenoemde film nog verder dan in Mary Poppins. De wereld van de cartoon is namelijk niet alleen getekend maar ook zwaar over the top, vooral als het om leedvermaak gaat. Een burleske slapstick van Laurel en Hardy is een understatement naast het sadistische universum van Tom en Jerry, Bugs Bunny of Tweetie. Voortdurend wordt er door muren en plafonds gevlogen, in afgronden gelazerd, verpletterd en geroosterd. Roger Rabbit overkomt het allemaal en als lijdend voorwerp is hij zo aanstekelijk, dat ook Eddie Valiant (Bob Hoskins) eraan moet geloven. Maar in een tekenfilm heeft een kat wel negentig levens en ook een geroosterd konijn loopt even later weer rond met zwart geblakerde oren en verschroeide snorharen.

Who framed Roger Rabbit is in meerdere opzichten knap gemaakt. Een legertje animators heeft een heel arsenaal tekenfilmcliché’s toegepast. Daarbij is de set decorator ook niet lui geweest; het tijdsbeeld is bijzonder overtuigend gereconstrueerd. Het verhaal speelt zich af in Los Angelos anno 1947. Het is niet alleen de gouden tijd van de tekenfilm, maar ook van de film noir. Het scenario van Who framed Roger Rabbit is eigenlijk een klassiek film noir scenario.

De film speelt zich af in het Los Angeles van 1947. In de realiteit waarin de film zich afspeelt, wonen tekenfilmpersonages, “Toon“ genaamd, in dezelfde wereld als “echte“ personages. Een deel van Los Angeles is zelfs geheel aan hen gegeven en staat bekend als Toontown. Een van de bekendste Toons is het konijn Roger Rabbit, die de ster is van zijn eigen tekenfilmreeks. De laatste tijd kan hij zich echter niet concentreren op zijn werk. Om te ontdekken waarom, huurt R.K. Maroon, de studiobaas en eigenaar van Maroon Cartoons, de chagrijnige privé-detective Eddie Valiant in. Eddie was ooit een van de bekendste detectives van Hollywood. Hij en zijn broer Teddy hielpen honderden Toons met hun problemen. Sinds Teddy enkele jaren geleden door een Toon werd vermoord, koestert Eddy een diepe haat tegen tekenfilmfiguren. Al snel verkrijgt Eddy fotografisch bewijs dat Roger’s vrouw, Jessica Rabbit (die anders dan haar naam doet vermoeden geen konijn is maar een mens), een relatie heeft met Marvin Acme, de eigenaar van de Acme Company en van Toontown. Wanneer Roger dit ontdekt, is hij razend en zweert zijn vrouw terug te zullen krijgen.
 
Bron: nl.wikipedia.org

De vamp Jessica Rabbit is duidelijk geïnspireerd door Gilda/Rita Hayworth (1946), misschien wel hét stijlicoon én sekssymbool van de jaren veertig.

Rita Hayworth en Jessica Rabbit
I’m just drawn that way
Rita Hayworth als Gilda (1946) heeft model gestaan voor de vamp Jessica Rabbit
I„m not bad.
I„m just drawn that way.
Jessica Rabbit: You don’t know how hard it is being a woman looking the way I do.
Eddie Valiant: You don’t know how hard it is being a man looking at a woman looking the way you do.
Jessica Rabbit: I’m not bad. I’m just drawn that way.
(meer citaten uit de film)

Who framed Roger Rabbit [ imdb.com ]

big bones

zondag gekeken naar O’Hanlon’s helden – de bottenoorlog
De opgraving van de eerste Amerikaanse mammoet (1806) van C.W. Peale

Remond o'HanlonZondagavond reisde Redmond O’Hanlon twee van zijn negentiende eeuwse helden achterna en deed zelf wat veldwerk in Colorado en Montana. In die staten deden de twee beroemde paleontologen Othniel Charles Marsh en Edward Drinker Cope in het laatste kwart van de negentiende eeuw opgravingen. Beter gezegd, daar vochten ze een strijd uit die de geschiedenis is ingegaan als de bottenoorlog.

Voordat de Verenigde Staten een supermacht waren, wisten ze Europa in de negentiende eeuw al te overtreffen op het gebied van de paleontologie. Voor het zelfbewustzijn van deze betrekkelijk jonge natie was dit erg belangrijk. Paleontologie, en in het bijzonder de spectalculaire paleontologie die zich bezig hield met big bones, de overblijfselen van uitgestorven grote reptielen, had onmiskenbaar een politiek aspect. In Amerika wilde men alles groter hebben dan in Europa. Om hun gebrek aan geschiedenis te compenseren, gingen de Amerikanen hun wortels zoeken in de natuurlijke historie. Deze overtrof de geschiedenis van de menselijke beschaving op onbevattelijke wijze. Het Parthenon mocht dan 2500 jaar oud zijn, dinosauriërs waren 150 tot 200 miljoen jaar oud! De paleontologen trokken erop uit om de overblijfselen van de draken uit de oertijd op te graven. Van alle prehistorische monsters die we kennen uit de reconstructies van Jurassic Park werden de overblijfselen in de Verenigde Staten gevonden. Amerika was het land van de oneindige mogelijkheden en rekte zijn eigen geschiedenis met honderden miljoenen jaren op! Bovendien was Amerika het land van de big bones

Marsh and Cope
Othniel Charles Marsh (1831-1899)
en Edward Drinker Cope (1840-1897)

Redmond O’Hanlon reist in de voetsporen van Edward Drinker Cope naar Montana. Wanneer hij een Amerikaanse zeearend ziet vliegen, stelt O’Hanlon vast dat het symbool van de Amerikaanse trots wetenschappelijk gezien een afstammeling van de dinosauriër is. “Geen commentaar!” reageert zijn Amerikaanse metgezel die weet hoe gevoelig deze kwestie in zijn land ligt. In 2005 bleek uit onderzoek dat 40% van de bevolking de evolutietheorie steunde, terwijl 40% deze verwierp en 20% van de ondervraagden twijfelden. Nergens heeft het creationisme zoveel aanhang als in de Verenigde Staten. En nergens anders wordt de dino commercieel zo geëxploiteerd. Rare jongens die Amerikanen. Je zag het O’ Hanlon soms denken.

Nergens heeft het creationisme zoveel aanhang als in de Verenigde Staten. En nergens anders worden dinosauriërs commercieel zo geëxploiteerd.

Charles Willson PealeNa publicatie van Darwin‘s boek in 1859 nam de paleontologie een hoge vlucht. Koortsachtig begon men uit de rotslagen overal bewijsstukken uit te hakken. Toch waren big bones niet nieuw in Amerika. In 1801 werd door een paar boerenknechten in een mergelgroeve bij Newsburgh (NY) een enorm skelet ontdekt. Zoveel mogelijk botten werden verzameld en in een schuur bij elkaar gezet. Toen de schilder Charles Willson Peale hiervan hoorde, ging hij er onmiddellijk samen met zijn zoon Rembrandt Peale op af. Hij kocht de opgravingsrechten van de boer en leende vijfhonderd dollar om gravers in te huren. Thomas Jefferson, de derde president van de VS, was ook de uitvinder van de emmerhoosmolen en leende deze uit aan zijn vriend Charles Willson Peale om de ondergelopen groeve leeg te hozen. Peale maakte er vijf jaar later een groot olieverfschilderij van dat tegenwoordig in The Peale Museum in Baltimore hangt.

Charles W. Peale
Charles Willson Peale 1806
de opgraving van de mastodont in 1801

Bot voor bot werd vervolgens opgegraven en toen de puzzel gelegd was, bleek het een skelet van een mastodont, het eerste dat in Amerika was opgegraven en het meest volledige dat toendertijd in de wereld was gevonden. De mastodont van Peale was al een heel vroege episode uit de jacht op grote botten die in het laatste kwart van de negentiende eeuw pas goed op gang kwam.

Charles W. Peale
Charles Willson Peale 1806
opgraving van de mastodont (detail)
mastodont 1801The Peale’s Barber Farm Mastodon Exhumation Site is largely defined by a small, spring-fed pond—the flooded remains of the August 1801 excavation site, a marl bog– which is ringed with natural growth. The exhumation and subsequent reconstruction of mastodon skeletal remains from this and two other Orange County, New York sites, an endeavor conducted in the summer of 1801 under the direction of the noted artist and scientist, Charles Willson Peale (1741-1827), garnered considerable attention on the national–and international–stage. This effort provided for the creation of the world’s first fully articulated prehistoric skeleton, a mastodon, and offered scientists a model of this extinct mammal for comparative analysis with other species. Today the one remaining mastodon skeleton first assembled is exhibited at the Hessisches Landemuseum in Darmstadt, Germany.
 
Bron: flickr.com

programma.vpro.nl/ohanlonshelden | Bone wars [ en.wikipedia.org ]