Al 36 jaar ingeblikt, maar deze fusion swingt nog altijd de pan (het blik) uit.
Philokalia [7]
Johannes Cassianos is in het westen vooral bekend geworden om zijn werk de Institutiones dat hij omstreeks 425-28 in Marseille schreef op verzoek van de bisschop Castor van Apt (Provence). Benedictus van Nursia zou een eeuw later veel aan dit werk ontlenen, bij het opstellen van zijn monniksregel. De Institutiones bestaan uit twaalf boeken die verschillende aspecten van het monniksleven beschrijven. De eerste vier boeken gaan over de buitenkant: de kleding, het officie, de psalmodie en wereldverzaking. De acht overige boeken behandelen ieder een van de acht boze geesten die zijn leermeester Evagrios voor het eerst van elkaar heeft onderscheiden. In de Philokalia zijn twee teksten van Johannes Cassianos opgenomen. De eerste tekst over de acht boze geesten is door de samensteller de hl.Nikodimos van de Heilige Berg overgenomen uit de boeken V-XII van de Institutiones
Nu we deze strijd op ons nemen hebben we, eerbiedwaardige vader castor, uw gebeden nog dringender nodig om hun zo subtiele, zo verborgen en zo duistere natuur op te sporen zoals het behoort, en daarna de oorzaken op een bevredigende manier uiteen te zetten, en tenslotte de manier en de middelen om ervan te genezen aan te reiken.
Nederlandse vertaling: Christofoor Wagenaar, ocso
De Institutiones verschenen in een Nederlandse vertaling onder de titel Instellingen, leven en streven van monniken in 1984 als deel 26 in de reeks monastieke cahiers bij de Abdij Bethlehem te Bonheiden (B)
Bron: pigizois.gr
Philokalia [6]
Johannes Cassianos is de derde woestijnvader die in de Philokalia is opgenomen. Hij leefde in dezelfde tijd als Evagrios, vestigde zich in Egypte bij de Kellia, ging bij Evagrios van Pontus in de leer en sloot zich aan bij zijn kring van aanhangers van de omstreden Alexandrijnse theoloog Origines.
Johannes Cassianos
is een Romein van geboorte, maar waar hij geboren is en uit welke familie is onbekend. Als jongeman trekt hij, samen met zijn grote vriend Germanus naar het Heilig Land, waar ze rond 380 intreden in een klooster in Betlehem. Daar horen ze van de woestijnmonniken en na enkele jaren sluiten ze zich bij een kluizenaarsgemeenschap in Egypte aan. Na jaren in eenzaamheid en meditatie te hebben geleefd, brengt juist het gedachtegoed van woestijnvaders zoals Antonius hem terug naar de bewoonde wereld. Er ontstaat een ernstig theologisch conflict over dat gedachtegoed en na 15 jaar moeten ze vluchten. Terug in de wereld worden hij en zijn vriend Germanus medewerkers van de vurige bisschop Johannes Chrysostomus in Constantinopel. Chrysostomos (= ‘Gouden mond’ ), die zoals altijd geen blad voor zijn mond neemt, raakt in conflict met de keizerin. Hij en zijn medewerkers vluchten in 404 naar Rome. Cassianos raakt daar bevriend met de later paus Leo de Grote. Hij sticht een mannen- en een vrouwenklooster in Marseille. Daar draagt hij zijn inzichten en ervaringen over aan de monniken die zich rond hem verzamelen. Cassianos schrijft zijn ervaringen op, zodat anderen daar hun voordeel mee kunnen doen. Zijn geschriften en die van zijn medebroeder Athanasius zullen tot de bestellers der oudheid gaan behoren. Zij vormen de basis van het monnikendom in West-Europa. Cassianos wordt ‘de vader van het kloosterleven in West-Europa’ genoemd.
Bron: mystiek-mediapastoraat.nl
Teksten van Cassianos in de Philokalia (Deel I)
On the Eight Vices
On the Holy Fathers of Sketis and on Discrimination
Johannes Cassianos












