onvervalst

vrijdag begint de Maand van de Filosofie
met als thema het echte leven

SocratesDe filosofie heeft de wijsheid lief. Maar wat is wijsheid? De filosoof zoekt voortdurend zijn geliefde. Traditioneel zag hij haar nabij komen in het Ware, het Goede en het Schone. In onze postmoderne tijd is de Waarheid doodverklaard. Leve de “eigen waarheid”! Maar hoe betrouwbaar, hoe écht is die “eigen waarheid”? Sinds we de Waarheid hebben afgeschaft, is de vraag naar authenticiteit belangrijk geworden. Maar hoeveel houvast biedt authenticiteit? En nog belangrijker: bestáát authenticiteit eigenlijk wel? Gisteren viel bij ons de Filosofiekrant op de mat over de Maand van de Filosofie. Dit jaar is het thema Het echte leven. Daan Roovers, de hoofdredacteur van Filosofie Magazine schrijft op de voorpagina van de Filosofiekrant het volgende:

De tiende Maand van de Filosofie (april 2011) staat in het teken van “Het echte leven”. We zijn obsessief op zoek naar wat écht is. We willen écht eten, een échte Bang & Olufsen, échte liefde, écht contact. Wat écht is, is puur, eerlijk en onbedorven. Echt staat tegenover schijn, virtueel, leugen en bedrog. Tv-programma’s waarin het échte leven centraal staat -zoals Oh oh Cherso en Boer zoekt vrouw – zijn bijzonder pupolair. Maar hieruit blijkt ook meteen de paradox: deze programma’s verheerlijken spontaniteit, maar in feite worden ook real-life tv-programma’s sterk geregisseerd. Echtheid blijkt een romantische fictie: “zuivere echtheid” bestaat niet. Is authenticiteit dan alleen een overspannen en modieus ideaal? Hoe kan het dan dat authenticiteit voor veel mensen toch een krachtige morele insspiratiebron is? Een maand lang gaan we erover filosoferen. (Daan Roovers in Filosofiekrant )

Ons verlangen naar authenticiteit lijkt ergens op fantoompijn: een brandend verlangen naar een zuivere maar verloren staat van bewustzijn, naar het verloren Paradijs, naar échte geborgenheid. Sinds we afgesneden zijn van het Paradijs, regeert de leugen en zijn we zelf ook vals geworden en verlangen we terug naar onze ware, échte ik. Maar voor het hedendaagse denken is het Paradijs een spook uit de oude metafysica en bestaat het niet écht. We leven nu eenmaal in een verwarrende wereld van list en bedrog en koesteren daarin de oude wensdroom van waarachtigheid. Het is maar wat je geloven wilt en waar je op inzet. Daan Roovers meent dat “zuivere echtheid” niet bestaat. Het is jammer dat dit a priori als een algemene waarheid verkondigd wordt. De vraag of ikzélf authentiek, zuiver, echt en eerlijk ben, lijkt me een vraag die telkens weer gesteld en beantwoord moet worden. De conclusie “zuivere echtheid bestaat niet” is mij nét iets te gemakkelijk.

Maand van de Filosofie

I am the walrus [ 1 ]

mustaches of the nineteenth century blogspot.com
en century of the beard blogspot.com

Honderdvijftig jaar geleden was de haardracht voor heren tegengesteld aan de huidige haarmode, vooral als we het over de gezichtsbedekking hebben. Tegenwoordig beperkt deze zich tot minimale en gestyleerde streepjes of het friemeltje aan de onderlip. Maar rond 1860 volgde de haarmode voor heren de Victoriaanse horror vacui. Analoog met de ornamentele opvulling in de private en publieke ruimte bedekten de heren hun gezicht met weelderige baarden, snorren en fantasierijke verbindingsstukken. Op ons komt dat soms belachelijk over, maar onze bet-overgrootvaders namen hun haardracht bijzonder serieus.

twee ‘Nietzsches’
bron: mustachesofthenineteenthcentury

SchnauzerZoekend naar portretfoto’s uit de zestiger jaren van de negentiende eeuw, kwam ik twee aardige blogs tegen: centuryofthebeard.blogspot.com en mustachesofthenineteenthcentury.blogspot.com. Er zijn veel mooie oude foto’s te vinden van trotse snor- en baarddragers, vaak met een leuk verhaal erbij. Onder het label The Nietzsche vond ik foto’s van minder beroemde maar niet minder indrukwekkende hangsnorren. De kracht van een snor is niet zomaar iets. Sinds ik de hangende treursnor heb gekoppeld aan de filosoof met de hamer, lijkt de Schnauzer mij diepzinniger dan andere honden.

Beards 19th Century [ cabinetcardgallery.wordpress.com ]

geknipt voor de film

gezien op BBC 2: Anatomy of a murder (1959)
met openingsanimatie van Saul Bass en Duke Ellington

Twee weken geleden zond de BBC 2 The man with the golden arm (1955) uit van Otto Preminger. Grafisch vormgever Saul Bass had met de openingsanimatie met uitgeknipte vormen de aandacht getrokken en in de jaren daarop werd hij veel gevraagd voor andere films. In 1959 maakte hij weer de openingsanimatie voor een film van Otto Preminger. In Anatomy of a murder (1959) krijgen de uitgeknipte vormen extra kracht door een ‘autopsie met een schaar’ op het silhouet van een vermoorde man. Gestyleerde silhouetten waren in de tweede helft van de jaren vijftig erg populair. Denk maar eens aan het silhouet van de Schaduw ontworpen door Dick Bruna voor de pockets van Havank.

openingsgeneriek van Saul Bass
met muziek van Duke Ellington

Via de bovenstaande video op Youtube kwam ik de onderstaande openingsanimatie tegen uit Catch me if you can (2002). Het is een prachtige herinterpretatie van de eenvoudige stijl waarmee Saul Bass eind jaren vijftig beroemd werd. Een goed voorbeeld van postmodern hergebruik. Op de website artofthetitle.com zijn stills te bekijken.

Catch me if you can (2002)
openingsanimatie door Kuntzel en Deygas

Een van de aardige bijkomstigheden van Anatomy of a murder is dat we James Stewart weer zien, nadat hij voor North by Northwest door Alfred Hitchcock was afgedankt. Na Rear Window, The man who knew tot much en Vertigo zien we hem in zwart-wit. Het wagenpark is sinds Vertigo nauwelijks veranderd en op de Internet Movie Car Data Base hebben liefhebbers 28 modellen gespot.

James Stewart
Anatomy of a murder (1959)
James Stewart en op de achtergrond o.a. een Buick Special (1955) Bron: imcdb.org

Forget the film, watch the titles! [ watchthetitles.com ]