Kuifje of Indiana Jones?

vanavond gezien op SBS6 : Raiders of the Lost Ark (1981)
en op Arte : op reis met Kuifje de krab met de gulden scharen

Raiders of the Lost ArkDat het stripverhaal bij de jeugd aan populariteit heeft ingeboet, ligt niet alleen aan computerspelletjes. Het begon al in de jaren tachtig. Welke avonturenstrip kan immers wedijveren met de filmische actie van Indiana Jones?
Raiders of the lost Ark uit 1981 is het ultieme rode-oortjes-avontuur. Oftewel: alle Kuifjes aaneengeregen met eenzelfde grapdichtheid en slapstickachtig geweld.

Raiders of the lost Ark

Indiana Jones en Raiders of the Lost Ark of Kuifje en de Sigaren van de Farao?

indianajones.com | Auf Reisen mit Tim und Struppi [ arte.tv ]

verweggistan

deze week iedere werkdag op Arte: sur les traces de TinTin

De sigaren van de FaraoArte zendt deze week elke avond tussen half acht en kwart over acht de serie sur les traces de TinTin (auf Reisen mit Tim und Struppi) uit. Gisterenavond was de eerste aflevering waarin Kuifje gevolgd werd door Egypte en India in het avontuur de sigaren van de farao. Drie jaar geleden las ik deze stripklassieker uit 1934 voor het laatst toen ik zelf op reis in Egypte was. Het verhaal wordt vrij letterlijk gevolgd en om er echt wat aan te hebben moet je het stripboek erbij pakken. Het aardigst vind ik tussendoor de verwijzingen naar het archiefmateriaal dat Hergé gebruikt moet hebben. In tegenstelling tot de reizende reporter was hij een Brusselse huismus voor wie de wijde wereld open ging door de fotoboeken en exotische voorwerpen die hij verzameld had. In Egypte belandt Kuifje op een filmset in de woestijn, die verwijst naar de legendarische films The Sheik (1921) en The Son of the Sheik (1926) met Rudolf Valentino die de jonge Georges Rémi (Hergé) in zijn jeugd gezien moet hebben.

Valentino
het oriëntalisme in Kuifje en de sigaren van de Farao (1934) en het oriëntalisme uit The Sheik (1921-26) zijn onmiskenbaar twee handen op één buik

afleveringen van sur les traces de TinTin :
maandag: Egypte : de sigaren van de farao (1934)
dinsdag: China : de blauwe lotus (1936)
woensdag: Marokko : de krab met de gulden scharen (1941)
donderdag: Peru : de zonnetempel (1949)
vrijdag: Nepal : Kuifje in Tibet (1960)

Auf Reisen mit Tim und Struppi [ arte.tv ] | de avonturen van Kuifje

Italiëgangers [ 9 ]

Cornelis van Poelenburch (1594-1667) en de Bentveughels

Voordat Lodewijk Napoleon in Nederland in 1808 de Prix de Rome instelde, waren er al generaties lang schilders van de Lage Landen naar Italiëgereisd om daar de antieken te bestuderen en, niet in de laatste plaats, het Italiaanse landschap in zich op te zuigen. De schetsen die zij in de open lucht hadden gemaakt, werden soms jaren later op het atelier uitgewerkt in olieverfschilderijen. Net als wij op een regenachtige zondagmiddag in de herfst onze vakantiefoto’s bekijken, speelde ook toen heimwee naar het Zuiden een grote rol. De voorstellingen van de zogenaamde Italianisanten uit de 17e eeuw zijn sterk geïdealiseerd. Meestal schilderden ze pastorale taferelen in een avondstemming, badend in een warm, zuidelijk licht.

Tekenen van warmteIn de zomer van 2001 was in het prentenkabinet van het Rijksmuseum de tentoonstelling Tekenen van warmte te zien. Onlangs kocht ik de catalogus en was vooral getroffen door de techniek die Cornelis van Poelenburch en Bartholomeus Breenbergh voor het eerst toepasten. Zij werkten met bruine inkt en drenkten grote delen van de tekening in een tint, de zogenaamde ‘gewassen tekening’. De delen die in het volle zonlicht vielen, spaarden ze daarbij uit zodat het net lijkt alsof in de tekening de zon schijnt. Deze accentuering van het licht pasten ze ook in hun schilderijen toe. Van Poelenburch was overigens een van de oprichters van de Bentvueghels, een soort broederschap van kunstenaars uit de Lage Landen in Rome die ongeveer honderd jaar bestaan heeft (1620 tot 1720). Ook Bartholomeus Breenbergh behoorde tot dit gezelschap.

Van Poelenburgh
een prachtig voorbeeld van een gewassen tekening van Cornelis van Poelenburch
uit de collectie van het Rijks Prentenkabinet
Cornelis van Poelenburch was een leerling van Abraham Bloemaert te Utrecht. Na zijn opleiding reisde hij rond 1617 naar Italië, waar hij tot de oprichters van de Bentvueghels behoorde, de club van Nederlandse schilders te Rome. Zijn bijnaam daar was Satyr. Evenals zijn generatiegenoot Bartholomeus Breenbergh uit Amsterdam werd hij in Rome sterk beïnvloed door de landschappen van Paul Bril en de werken van Adam Elsheimer, en hij begon zelf Italiaanse landschappen te schilderen, die opvielen door een meer naturalistische benadering dan tot dan toe gebruikelijk.
 
Hij had in Rome veel succes en kreeg onder meer opdrachten van groothertog Cosimo II de’ Medici. Rond 1625 keerde Poelenburch terug naar Utrecht, waar hij een studio opzette. Hij had veel leerlingen en genoot veel aanzien met zijn kleine kabinetstukjes. Rubens kocht bij zijn bezoek aan Utrecht in 1627 enkele schilderijen van Poelenburch. In 1631 maakte hij een reis naar Parijs en op uitnodiging van koning Karel I werkte hij van 1637 tot 1641 in Londen. De Utrechtse verzamelaar baron van Wyttenhorst bezat maar liefst vijfenvijftig schilderijen van hem, en in de verzameling van stadhouder Frederik Hendrik was geen andere schilder zo goed vertegenwoordigd als Poelenburch.
 
Bron: nl.wikpedia.org

voorgaande posts over Italiëgangers