The Bride of Lammermoor werd voor het eerst gepubliceerd in 1819. Walter Scott (1771-1832) was toen al een beroemdheid. In de negentiende eeuw werden zijn historische romans overal ter wereld gelezen. Toen ik aan de inleiding van The Bride of Lammermoor begon, werd mij op de eerste bladzijde onmiddellijk duidelijk waarom de schrijver van Ivanhoe tegenwoordig nauwelijks nog gelezen wordt. Scott is namelijk nogal lang van draad. In de negentiende eeuw zat men daar niet mee. Er was geen televisie, laat staan een snelle internetverbinding en er waren, vooral in de winter, eindeloos lange avonden. Overigens wordt alles dat niet in het haastige tempo van de ongeduldige mens gaat vanzelf wel “lang van draad”.
Ik besloot, ook bij wijze van een oefening onthaasting, mij door The Bride of Lammermoor heen te gaan worstelen. Inmiddels ben ik op tweederde. Eenmaal door de eerste veertig bladzijden heen, verging het me zoals met een heel taaie lap vlees. Na kauwen en nog eens kauwen, blijkt het taaiste vlees “vanzelf” doorgeslikt te kunnen worden. Tijdens dat langdurige kauwen komt nog steeds smaak vrij. Het is een hoogdrempelige smaakervaring.


Koningin Victoria las deze historische roman in 1836, in het jaar voordat ze koningin van Engeland en Schotland werd. Het boek maakte grote indruk op haar als 16-jarige en haar hele leven zou het een van haar favoriete boeken blijven. Mede door The Bride of Lammermoor, kreeg ze een bijzondere band met Schotland. Sir Walter Scott was in 1832 al overleden, toen Victoria 13 was. Als hij langer geleefd zou hebben, dan had Victoria de grootste Schotse schrijver aller tijden vast eens een keer ontmoet.
Nadat Christus wordt weer gekruisigd in 1952 voor het eerst in een Nederlandse vertaling was verschenen, beleefde het tot 1965 herdruk op herdruk. Maar in de tweede helft van de jaren zestig verdween de belangstelling een beetje. Door de toenemende secularisatie en opkomende “eigentijdse spiritualiteit” was de signatuur van deze roman waarschijnlijk te expliciet christelijk. Maar in 2016 verscheen er ineens weer een 
In de kringloop kocht ik voor twee kwartjes het niemendalletje Lola Montez van Angelika Jordan, in 1972 uitgegeven door de Nederlandse Boekenclub. Gewoon omdat ik het verhaal over de relatie tussen 
Door deze couleur locale en de historische achtergrond bleef het lezen van deze romantische geschiedenis, die bij Angelika Jordan niet boven het niveau van een kasteelroman uitkomt, voor mij toch enigszins verteerbaar. De koning krijgt weinig meer profiel dan dat van de gepassioneerde vrouwenliefhebber met slappe knieën. De vergelijking tussen koning Herodes en 













