Eigenlijk hou ik helemaal niet van misdaadfilms maar voor film noir heb ik een groot zwak. De zwartwit-cinematografie, belichting en het tijdsbeeld zuigen me altijd weer een nieuwe noir binnen. In het public domain staan honderden films waarvan het copyright om verschillende redenen niet verlengd is en die dus legaal via het internet getoond mogen worden, zoals op het YouTube-kanalen Full Moon Matinee en Cult Cinema Classics. In april keek ik naar vijffilm noirs en neo noirs uit de periode 1946-1956. Vandaag: Oneway street van Hugo Fregonese
Net als in Out of the Past (1947) en The Big Steal (1949) kiezen de hoofdpersonages in One Way Street (1950) voor de klassieke vluchtroute: ze gaan “running for the border“. Voor de Verenigde Staten was Mexico rond 1950 nog een echt ontwikkelingsland. In films uit die periode werd vluchten naar Mexico dan ook vaak afgebeeld als een ruige, exotische ontsnapping naar een ander economisch en sociaal universum. De film zelf is qua opbouw wat onevenwichtig. Het lange middendeel in Mexico voelt als een romantische idylle, terwijl het begin en het einde in Los Angeles pure film noir zijn. Het slot is zelfs uitzonderlijk hard voor een film noir.
Märta Torén was een van de Zweedse actrices die in Hollywood voet aan de grond kregen, samen met haar landgenoten Greta Garbo, Ingrid Bergman, Anita Ekberg en Ann-Margret. Ze is echter veel minder bekend gebleven, omdat ze in 1957 op slechts 31-jarige leeftijd overleed aan een hersenbloeding.
De film begint als een klassieke misdaad-noir met achtervolging en spanning, maar verandert halverwege in een meer reflecterend drama over verlossing, schuld en de mogelijkheid van een ander leven. Het contrast tussen de harde, corrupte wereld van de stad en het rustige, authentieke dorpsleven in Mexico is centraal. James Mason levert een sterke, ingetogen performance als de dokter die probeert te ontsnappen aan zijn “one way street” – een weg met maar één richting.













