Categorie archief: boeken

de verontwaardigde Volkskrant

De Volkskrant besteedt op haar manier aandacht aan het feit
dat Jozef van den Berg 25 jaar geleden stopte met theater maken
De Volkskrant
journalist Rob Gollin schreef op zich wel een respectvol artikel, maar het venijn kwam van de koppenmaker op de redactie. De kop “God betere het” moet de toon zetten.
God betere het
een vloek, die oorspronkelijk als vrome wens gebruikt is bij de vermelding van een ramp of een tegenspoed in de zin van God betere het, God herstelle, vergoede het; later als uitroep van verontwaardiging en eindelijk als een soort vloek, soms zonder enige betekenis, gebezigd, evenals God helpe me, Godhelp, God beware me.
 
Bron: etymologiebank.nl

Jozef van den Berg – van poppenspeler tot acteur van Christus [ lannoo.be ]

verbrusseling

gelezen in Letter & Geest: Het is de stoep, stommeling!
volgens Hans de Geus is de architectuur de mens kwijt

Eerder schreef ik over mijn stadswandelingen met Michaela door Brussel. Michaela, die “veldwerk” heeft gedaan met Lucius Burckhardt (1925-2003), de grondlegger van de promenadologie, leerde mij tijdens deze stadswandelingen de kunsthistorische blik even los te laten en anders naar de stad te kijken. Een stad is geen openluchtmuseum maar een sociale structuur. Al die gebouwen staan er om door de mens gebruikt te worden.

Brussel blijkt een ideale stad voor Spaziergangswissenschaft. In de jaren zestig werd het centrum van Brussel door rigoureuze stadsvernieuwing zodanig verminkt dat planologen over de hele wereld van Brusselization (“verbrusseling”) spreken wanneer het historische hart uit steden vervangen worden door een onpersoonlijk CBD (central business district) met hoogbouw en spiegelglas.

Modernistische stedenbouw zou volgens Jane Jacobs de stad doden.
De mens leeft namelijk binnen een gemeenschap en deze wordt gekenmerkt door gelaagdheid, complexiteit en schijnbare chaos.

The Death and Life of Great American CitiesDe eerste die signaleerde welke verwoesting modernistische stadsvernieuwing kon aanrichten, was de Amerikaans-Canadese journalist en activist Jane Jacobs (1916-2006). In 1961 publiceerde ze The Death and Life of Great American Cities dat een klassieker is geworden. In dit boek heeft ze scherpe kritiek op “rationalistische” stadsplanners uit de jaren 1950 en 1960, zoals Robert Moses (1888-1981). Modernistische stedenbouw zou volgens haar de stad doden. De mens leeft namelijk binnen een gemeenschap en deze wordt gekenmerkt door gelaagdheid, complexiteit en schijnbare chaos.

Modernistische stadsontwikkelaars plannen van bovenaf. Hun stedenbouwkundige principes vormen ze uit deductie; van het algemene gaan ze naar het bijzondere (top down). Jacobs ziet stedelijke vernieuwing als de meest gewelddadige en scheiding van het gebruik (residentieel, industrieel, commercieel) als de meest voorkomende vorm van modernistische stedenbouw. Dit beleid zou gemeenschappen vernietigen door het scheppen van geïsoleerde, onnatuurlijke stedelijke ruimten.

Jane Jacobs pleitte voor diversiteit en presenteerde als alternatief voor modernistische stadsplanning een model met four generators of diversity:
 
• gemengd primaire gebruik: het stimuleren van activiteit in de straat op verschillende tijdstippen van de dag.
• korte blokken zodat er een hoge doordringbaarheid voor voetgangers is.
• gebouwen uit verschillende perioden en staat van onderhoud naast elkaar.
• dichtheid.

Voor Jane Jacobs was de wijk Greenwich Village in New York het schoolvoorbeeld van een levendige stedelijke gemeenschap. Dat The Village, net als andere soortgelijke gemeenschappen, goed bewaard is gebleven, is mede te danken aan haar activisme.

De straat en de stoep zijn de meest vitale organen van de stad.

Jane Jacobs

Helaas heeft The Death and Life of Great American Cities in de jaren zestig en zeventig niet de verwoesting van het centrum van Brussel kunnen voorkomen. Het boek heeft wel bewust gemaakt voor de negatieve kanten van het modernisme: monotonie en vervreemding. Planologen en architecten kennen nu het gevaar van verbrusseling en zijn de menselijke maat beter gaan bewaken.

The Death and Life of Great American Cities [ en.wikipedia.org ]

levend water

gisteren was in De Singel in Antwerpen de presentatie van het boek
Jozef van den Berg – van poppenspeler tot acteur van Christus
Jozef van den BergOp 14 september 1989 speelt Jozef van den Berg in de Singel in Antwerpen. Bij aanvang van zijn stuk Genoeg Gewacht zegt hij tegen zijn publiek: ‘Ik ben een werkelijkheid genaderd die niet meer te spelen is. De zoeker zoekt, maar hij wordt gevonden. Daarom sta ik vanavond voor het laatst op de planken.’Auteur Francis Jonckheere probeert een reconstructie te maken van de voorbije 25 jaar van het leven van de legendarische theatermaker Jozef van de Berg. Een teder, verhelderend en respectvol boek dat het mysterie ontsluit van de poppenspeler die 25 jaar geleden in een fietsenstalling ging wonen.
Antwerpen
tijdens de presentatie van het boek Jozef van den Berg – van poppenspeler tot acteur van Christus in de Singel werden enkele fragmenten vertoond van voorstellingen.
Je dwaalt met een groep mensen door de woestijn
en je vindt bij wonder water.
Helemaal niet omdat je het verdient,
om wie je bent of was, om wat je doet of deed,
maar je vindt het bij wonder.
Dat dit jou overkomt: je vindt bij wonder water!
Je rent er natuurlijk heen,
terwijl je denkt: het is niet waar! ik vergis me!
Maar je steekt je hand uit en je voelt water,
je neemt het en je hebt water.
Je drinkt het en je voelt
hoe het je hele wezen doordringt,
dat het je verfrist en voedt.
Dan begin je te roepen: “water! water!”
Je rent door de woestijn om
de anderen te roepen ook te komen drinken.
Maar – en dat is tegelijkertijd het verschrikkelijke -
de ander kan zeggen:
“Het is niet waar.
Ik geloof je niet, het is een fata morgana!
Je bent in de war, je ziet dingen die er niet zijn”.
Dat is in de eerste instantie een klap,
want het is wel waar, het is echt waar.
Vanaf dat moment heb je innerlijk
nog maar één verlangen:
hoe kan ik dan toch die ander,
die zegt dat het niet waar is,
zover krijgen dat hij ook gaat?
Want als je probeert
om dat water, dat je hebt gevonden,
in een karaf te gieten
en het vervolgens naar hem toe te brengen,
dan merk je dat dat niet kan,
dat dat water zich niet in een karaf laat gieten.
Elke mens die van dit water wil drinken,
die moet er zelf heen gaan,
want ik spreek over Christus.
 
Jozef van den Berg
Antwerpen
Jozef van den Berg in gesprek met Wim Vanseveren (Uitgeverij Lannoo) en auteur Francis Jonckheere
Dan begin je te roepen:
“water! water!”
Je rent door de woestijn
om de anderen te roepen
ook te komen drinken.
Antwerpen
vrnl Jozef van den Berg na de presentatie met Wim Vanseveren (Uitgeverij Lannoo) en auteur Francis Jonckheere

25 jaar na zijn abrupt afscheid, is Jozef Van den Berg even terug [ deredactie.be ]
Jozef kwam nog eens afscheid nemen [ standaard.be ]
gesprek met Jozef van den Berg op Kunststof Radio [ radio1.nl ]
desingel.be | lannoo.be | bestel het boek bij bol.com

augustus 1914

The guns of August (1962)van Barbara Tuchman
over de eerste oorlogsmaand van de Eerste Wereldoorlog

The guns of August (Pulitzer Prize 1963) is misschien wel het bekendste boek over de eerste maand van de Eerste Wereldoorlog. Het zal op dit moment in de hele wereld veel gelezen worden. Op een zoveelste spoor in mijn hoofd volg ik de gebeurtenissen van precies honderd jaar geleden. Nu de maand augustus ten einde loopt, kijk ik terug naar de eerste oorlogsweken.

Duitse troepen waren op 4 augustus 1914 België binnengevallen. Drie weken later was Brussel gevallen en waren de Duitse legers Noord-Frankrijk binnengedrongen. Maar het Plan Schlieffen stond op het punt te mislukken. Voor veel historici was het bij voorbaat al mislukt omdat generaal-veldmaarschalk Helmuth von Moltke (1848-1916), de opperbevelhebber aan het westelijk front, het oorspronkelijke plan had aangepast. Hij zou de linkervleugel versterkt hebben ten koste van de rechtervleugel. Dit zou zich eind augustus en vooral in de eerste week van september wreken toen de Franse legers de Duitsers terugdrongen tijdens het Marne Offensief. Gewoonlijk wordt daarmee de Eerste Slag bij de Marne (5-9 september 1914) aangeduid.

Macht mir den rechten Flügel stark

laatste woorden van Von Schlieffen

Daarna zou het westelijk front vier jaar muurvast komen te liggen boven de rivier de Aisne op de lijn Noyon-Verdun. Het plan van Alfred von Schlieffen (1833-1913) had een tangbeweging om Parijs moeten maken en binnen zes weken de overwinning op Frankrijk moet behalen. Maar eind augustus moest het Eerste Leger onder leiding van Alexander von Kluck (1846-1934) naar het oosten afbuigen om het Tweede Leger van Karl von Bülow (1846-1921) te ondersteunen. De tangbeweging, waarbij het Eerste Leger westelijk om Parijs had moeten trekken, was mislukt en daarmee ook het Schlieffenplan.

Het plan Schlieffen
Het Plan Schlieffen mislukte omdat het Eerste Leger van Alexander von Kluck naar het oosten moest afbuigen en daardoor geen tangbeweging om Parijs kon maken. Daarna drongen de Fransen de Duitse legers aan de Marne terug achter de Aisne.
The guns of August is een militair geschiedenisboek geschreven door Barbara Tuchman. Het beschrijft de gebeurtenissen van de laatste weken voor en de eerste maand van de Eerste Wereldoorlog. Het boek richt zich op de geschiedenis vanaf de Duitse oorlogsverklaring aan Frankrijk tot het moment waarop het Duitse offensief vastloopt. Het focust zich in de eerste plaats op het Westelijk front, maar schenkt ook ruim aandacht aan het Oostelijk front, waar Duitsland een Russische invasie tracht te stoppen. In de marge heeft Tuchman het ook over de gebeurtenissen in de Middellandse Zee. De oorlog in de Balkan laat ze zo goed als helemaal links liggen. In 1963 kreeg Tuchman voor dit boek de Pulitzerprijs voor literatuur in de categorie non-fictie.
 
De Amerikaanse president John F. Kennedy was een bewonderaar van het boek. Hij gaf alle leden van zijn kabinet en militaire staf een kopie ervan en beval hen om het te lezen. Kennedy leerde van het boek hoe een snelle escalatie van gebeurtenissen kon leiden tot een wereldoorlog. Het hielp hem om een vreedzame oplossing te vinden voor de Cubacrisis en hij wist zo een Derde Wereldoorlog te voorkomen.
 
Bron: nl.wikipedia.org

eerste hoofdstuk uit de kanonnen van Augustus [ PDF ]

drie boeken uit München

gekocht in München: Zwischen Habsburg und Preußen 1815-1866
Die Münchener Malerei im 19. Jahrhundert 1 Teil,
en Münchener Landschaftsmalerei 1800-1850

Zwischen Habsburg und Preußen 1815-1866Net als vorig jaar keerden we in juli uit München terug met een stapeltje boeken. Dat Duitsland een Land der Denker und Dichter is, is te merken aan de hoge dichtheid boekwinkels. In München, na Berlijn en Hamburg de grootste stad van Duitsland, wordt dat gegeven nog eens uitvergroot. Zeker in de wijk Schwabing, waar veel studenten en kunstenaars wonen. Net als voor de Von Humboldt Universität in Berlijn staan er bij de Ludwig-Maximilians-Universität dagelijks boekenstallen. Je vindt er goede boeken die vaak met de stad te maken hebben. Ik kocht o.a. een boek over de Duitse geschiedenis tussen 1815 en 1866. Het behandelt de Vormärz (tot 1848) en het dualisme tussen Habsburg en Pruisen tot 1866. In dat jaar werd Oostenrijk in de Slag bij Königgrätz door Pruisen verslagen en kwam er een einde aan de Duitse Bond (1815-1866).

De volgende dag kocht ik bij een antiquariaat in de Theresienstraße twee boeken over schilderkunst in München tijdens de eerste helft van de negentiende eeuw. Toen in 1825 Ludwig I koning van Beieren was geworden, begon hij kunstenaars naar München te trekken. Architecten, beeldhouwers, schilders en decorateurs moesten München omtoveren tot een stad der kunsten. Het koninkrijk Beieren, dat na Habsburg en Preußen als das Dritte Deutschland gold, wedijverde met Berlijn en Wenen. Met succes. De Beierse hoofdstad zou in de negentiende eeuw uitgroeien tot een van de voornaamste kunstcentra in Europa. In de schilderkunst spreekt men zelfs van de Münchner Schule. In de negentiende eeuw stond ze in hetzelfde aanzien als de Düsseldorfer Malerschule en trok ze schilders aan uit heel Europa en zelfs uit de verenigde Staten.

Münchener Landschaftsmalerei 1800-1850
Münchener Landschaftsmalerei 1800-1850
op de omslag: Ernst Kaiser, Blick von Oberföhring auf München, 1835/40

De landschapsschilderkunst in München is een lang verhaal. In 1979 werd hier in het Lenbachhaus in München een omvangrijke tentoonstelling aan gewijd. Ik kocht de catalogus Münchener Landschaftsmalerei 1800-1850 bij deze tentoonstelling, waarin ruim 450 schilderijen waren samengebracht afkomstig uit diverse musea uit Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk. Een paar bekende Münchener landschapsschilders zijn Johann Georg von Dillis, Wilhelm von Kobell en Carl Rottmann.

Wat mij vorig jaar in het Lenbachhaus zo opviel, is de marketing achter de schilders van de Blaue Reiter en andere klassieke modernen.

Die Münchener Malerei im 19. Jahrhundert 1 TeilDie Münchener Malerei im 19. Jahrhundert 1 Teil is een heruitgave van Bruckmann Verlag uit 1983 van het boek van Rudolf Oldenbourg dat oorspronkelijk in 1922 bij deze uitgever verscheen. Het prettige is dat het een visie op de schilderkunst van de negentiende eeuw geeft, die nog niet door het modernisme is ingekleurd. Wat mij vorig jaar in het Lenbachhaus zo opviel, is de marketing achter de schilders van de Blaue Reiter en andere klassieke modernen. In de zalen waar de schilderijen van Wassily Kandinsky, Franz Marc, August Macke, Alexej von Jawlensky, Marianne von Werefkin, Gabriele Münter, Lyonel Feininger en Paul Klee hingen, was veel publiek. Maar in de zalen met schilderijen van de Münchner Schule uit de negentiende eeuw waren wij bijna de enige bezoekers. Wat mij betreft mag dat omgekeerd zijn. Na honderd jaar promotie van de avant garde van de vroege twintigste eeuw, zouden we de blik wel weer eens mogen richten op de schilderkunst van de negentiende eeuw, toen het ambacht nog een zeer hoge standaard had en toen aandacht op meer waardering kon rekenen dan provocatie of felle kleurtjes.

Münchner Schule [ de.wikipedia.org ]