Categorie archief: film

frisse blik

gezien: America in Color – deel 1: de jaren twintig

De actualiteit zien we altijd rechtstreeks, het verleden altijd indirect: als een herinnering die we tussen onze oren bewaren of via een of ander medium: film, fotografie of schilderkunst. Bij het kijken naar het verleden, treedt er altijd een vervorming op. Deze wordt veroorzaakt door het medium (onze voorouders van honderd jaar geleden liepen met heel rappe pasjes) of door de tand des tijds (foto’s uit de jaren zeventig met een zweem van magenta).

Ons beeld van de eerste helft van de twintigste eeuw is vooral ‘ingekleurd’ door zwart-witbeelden. Kleurenfotografie en zelfs kleurenfilm bestond honderd jaar geleden al, maar werd nog te weinig toegepast. Pas na 1960 (met name in de Verenigde Staten) komt er kleur in de fotografie en film door de brede toepassing van vierkleurendruk en technicolor. Het verleden komt dichterbij wanneer het medium steeds meer de objectieve werkelijkheid gaat weerspiegelen die we overal om ons heen kunnen zien. Dat onze voorouders niet zwart-wit waren, wisten we natuurlijk, maar het is toch een ervaring als ineens al die figuren die we in zwart-wit in ons geheugen hadden opgeslagen, plotseling een kleur krijgen en meer tot leven lijken te komen.

America in Color Smithsonian Channel
In de jaren ’20 ondergaat de VS de periode van de grootste verandering in de geschiedenis van het land. Over een periode van tien jaar verandert het land van koetsen met paarden, bescheiden kleding en saloons in een natie van auto’s, geëmancipeerde vrouwen en een alcoholverbod.
 
Bron: canvas.be

America in Color op Canvas (iedere woensdag om 23.00)
De jaren 1920 woensdag 26 september
De jaren 1930 woensdag 3 oktober
De jaren 1940 woensdag 10 oktober
De jaren 1950 woensdag 17 oktober
De jaren 1960 woensdag 24 oktober

America in Color [ canvas.be ]

hyperbool

geluisterd naar: Sémiramis (1802) van Charles-Simon Catel
uitgevoerd door Le Concert Spirituel o.l.v. Hervé Niquet

Opera’s verdraag ik slecht. Vooral de sopraan werkt op mijn zenuwen. Maar om de zoveel jaar waag ik een poging om mijn natuurlijke weerzin tegen de opera te overwinnen. Helaas blijk ik telkens weer de onderliggende partij; na een tweede aria hoor ik mijzelf denkbeeldig alweer om “genade!” schreeuwen. Voor Sémiramis hoefde ik mij niet op mijn stoel vast te binden, maar toch was het een beproeving om deze opera in drie akten tot het einde toe te beluisteren. Waarom kwel ik mijzelf zo? Waarom deze zelfkastijding? Omdat ik vind dat ik het verdien. Want ik meen dat de opera een fantastische kunstvorm is die het niet verdient om door mij genegeerd te worden.

CabiriaDe zwijgende films uit de pionierstijd (tot 1920) ademen nog de geest van de negentiende eeuw en hebben veel te danken aan de opera. De Hollywoodfilm Intolerance (1916) van de Amerikaanse filmpionier D.W. Griffith werd beïnvloed door Cabiria (1914) van Giovanni Pastrone. Deze Italiaanse film laat zien hoe duidelijk de opera honderd jaar geleden aanwezig was in het toen nog nieuwe medium film. Manlio Mazza werkte voor deze film muziek om van de Italiaanse operacomponisten Gaspare Spontini (1774-1851)en Gaetano Donizetti (1797-1848) die in de eerste helft van de negentiende eeuw hun successen vierden.

Cabiria speelt zich af in de derde eeuw voor Christus. Heidense rituelen en mensenoffers spelen er een belangrijke rol in. Dit dionysische element was bijzonder geschikt voor de opera en dus ook voor de vroege film. De negentiende-eeuwer was er immers helemaal vertrouwd mee. Een diva was vaak verguld als de librettist en componist special voor haar “een fijne waanzinscène” hadden geschreven. Natuurlijk moesten er aan het eind een of meer figuren een theatrale dood sterven, waarna het koor mocht becommentariëren hoe verschrikkelijk het menselijk lot is. De gezwollen muziek ging voorop in het collectieve zwelgen in deze virtuele ellende.

SémiramisDe opera Sémiramis (1802) van de Franse componist Charles Simon Catel (1773-1830) speelt zich net als Cabiria in de Oudheid af. Het toneel is Babylon in de achtste eeuw voor Christus. Er zijn meer componisten geweest die een opera hebben geschreven rond de legendarische figuur Sémiramis. De bekendste is Semiramide (1823) van Gioachino Rossini (1792-1868). De librettisten van Rossini en Catel baseerden zich allebei op het gelijknamige toneelstuk van Voltaire uit 1748.

Net als een Griekse Tragedie, bevat het verhaal van Sémiramis dionysische elementen. Het draait om moord, in dit geval een moedermoord. Daarmee scoor je nu eenmaal hoog op de schaal van menselijk drama. De Romantiek, niet vies van verheerlijking van menselijk lijden, wist er natuurlijk ook goed raad mee. Delacroix serveerde in de dood van Sardanapalus (1828) de ellende per strekkende meter. De opera en het muziektheater van de negentiende eeuw zijn hyperbolen: de bombast, de eindeloze klaagzang en het overdadige lijden… Het wordt mij gewoon teveel!

de dood van Sardanapalus
De dood van Sardanapalus (1827/1828)
door Eugène Delacroix

Vermoedelijk is het een wetmatigheid in de geschiedenis dat de smaak in de twintigste eeuw volledig omsloeg. De verschrikkelijke ernst van onze voorouders komt nu enigszins bespottelijk op ons over.

rauw

opnieuw gezien: The Revenant (2015)

The RevenantDe natuur is wreed, meedogenloos en onverschillig. De natuur is onze vijand. Toch denkt de verstedelijkte mens vaak dat de natuur mooi, zacht en rustgevend is. De vijand van vroeger lijkt nu een hulpeloze baby die onze bescherming nodig heeft. The Revenant laat het vijandige gezicht van de natuur opnieuw zien door ons te laten kijken door de ogen van pelsjagers tweehonderd jaar geleden in het gebied rond de bovenloop van de Missouri, het huidige South Dakota.

Rond 1820 maakte South Dakota deel uit van de Lousiana Purchase. In 1803 hadden de jonge Verenigde Staten hun grondgebied verdubbeld met de aankoop van het zogenaamde Louisiana Territorium van Frankrijk. Ruim twee miljoen vierkante kilometer ten oosten van de Mississippi werden aan de Verenigde Staten toegevoegd. Dit gebied bestond uit eindeloze prairies en wildernis en werd bevolkt door honderden inheemse indianenstammen.

Al in de achttiende eeuw trokken pelsjagers, trappers en mountainmen door de eindeloze wildernis van Noord-Amerika. Hun werk was levensgevaarlijk omdat ze altijd omringd waren door vijanden: wilde dieren, vijandige indianenstammen en niet zelden: elkaar. Maar de grootste vijand was meestal de natuur zelf. De ongerepte natuur van de Amerikaanse wildernis, die door de schilders van de Hudson River School verheerlijkt werd, was in de eerste plaats de natuurlijke vijand van deze pioniers. Wat voor de stadsmens ‘pittoreske landschappen’ zijn, zijn voor de pelsjagers een wrede arena waarin mens en dier een bikkelharde strijd om het bestaan moeten leveren. Het natuurschoon blijft passief, volmaakt onverschillig tegenover alles dat leeft, overleeft, gedood of vermoord wordt.

Albert Bierstadt
In de schilderijen van Albert Bierstadt is de (Amerikaanse) wildernis een soort mystieke vriend(in). In The Revenant is de wildernis onze natuurlijke vijand nummer één.

The Revenant is een verhaal over wilskracht en drang tot overleven. Het is eigenlijk een ongeloofwaardig verhaal maar ondanks deze ongeloofwaardigheid, spreekt het de ziel toch diep aan. Net als de heldenmythe. De drijvende kracht bij hoofdpersoon Phil Glass is de wil tot wraak. Zijn zoon is gedood door een onbetrouwbare bondgenoot. Phil Glass lijkt vanuit zijn voornemen zijn zoon te wreken bovenmenselijke kracht te ontvangen om te overleven. Nadat hij door een grizzlybeer is aangevallen, overleeft hij de verwondingen, de honger, de koorts, een verdrinkingsdood, een ontmoeting met een wilde, de koude, een val met zijn paard in de afgrond en nog wel meer. Kortom: hij is een kat met negen levens. Maar de wil tot wraak houdt hem in leven.

Nadat hij door een grizzlybeer is aangevallen, overleeft hij de verwondingen, de honger, de koorts, een verdrinkingsdood, een ontmoeting met een wilde, de koude, een val met zijn paard in de afgrond en nog wel meer. Kortom: hij is een kat met negen levens.

Tenslotte, de film duurt 156 minuten, komt de confrontatie met de moordenaar van zijn zoon. Wrok zuigt de mens in een geweldsspiraal die alleen te doorbreken is door af te zien van wraak. Maar Phil Glass doet dit niet en vindt dezelfde lotsbestemming als zijn vijand. Voor de a-morele natuur lijkt het allemaal niet uit te maken. De dood als grote gelijkmaker. De indianenwijsheid dat wraak voorbehouden is aan het Opperwezen, stijgt boven de fysieke natuur uit en verbindt ons met de geestelijke natuur, die juist niet de schouders ophaalt voor goed en kwaad. Indianen blijken ongeneeslijk religieus. Maar zijn bleekgezichten dat ook?

The Revenant [ imdb.com ]

Reine Diesseitigkeit

gisteren gezien: Rocco e i suoi fratelli (1960)

Rocco e i suoi fratelliVoor het eerst in mijn leven zag ik dan Rocco e i suoi fratelli van Luchino Visconti, een van de klassiekers van de Italiaanse cinema. Deze film markeert een overgang in het werk van Visconti, die toen al 53 was. Het zou zijn laatste werk zijn in neorealistische stijl. De volgende film die hij maakte, alweer een meesterwerk, droeg een heel ander karakter.

Tijdens het kijken naar Rocco e i suoi fratelli werd ik steeds herinnerd aan beelden uit een andere klassieker van het Italiaanse neorealisme: Ladri di biciclette van Vittorio de Sica. Ook hier wordt de rauwe realiteit in het gezicht gesmeten. Voor mij komt dat niet meer hard aan, omdat het naoorlogse Italië inmiddels het verzachtende aura van de geschiedenis gekregen heeft; je mag het nostalgie noemen. Als je de arbeiders naar de fabriek ziet lopen (zowel in Ladri de biciclette als in Rocco e i suoi fratelli komt dat enkele keren in beeld) wordt dit toch boven de prozaïsche alledaagsheid uitgetild. Natuurlijk helpen de zwart-witbeelden daarbij. Zo komt er afstand tussen beeld en werkelijkheid waarin de poëzie zich kan nestelen.

Rocco
still uit Rocco e i suoi fratelli

De cinematografie in Rocco e i suoi fratelli was in handen van Giuseppe Rotunno (inmiddels 95 jaar oud). In de openingsscène zit een mooi beeld van het perron op het station van Milaan. We zien niets anders dan brute realiteit, maar Rotunno weet ons oog daar zo op te vestigen dat er een transfiguratie lijkt plaats te vinden. Hij vindt de poëzie op plaatsen waar je het niet verwacht: op een perron. Of in een grauwe buitenwijk van Milaan.

Rocco
Het Italiaanse neorealisme heeft een voorliefde voor de moderne buitenwijken van Rome of Milaan
We zien niets anders dan brute realiteit, maar Giuseppe Rotunno weet ons oog daar zo op te vestigen dat er een transfiguratie lijkt plaats te vinden.

Maar Rocco e i suoi fratelli is in de eerste plaats natuurlijk een indrukwekkend familiedrama. De eindscene is een van de meest gedenkwaardige eindscènes die ik ooit zag. De grootsheid van Dostojevsky is overgebracht naar een Siciliaanse migrantenfamilie in Milaan anno 1960. Visconti moet ook veel geleerd hebben van Jean Renoir (1894-1979) met wie hij in de jaren dertig samenwerkte want de levendigheid van zijn acteurs is ongeëvenaard. Vooral Renato Salvatori en Annie Girardot spelen de sterren van de hemel. In de film loopt hun relatie uit op een drama, maar in werkelijkheid vonden ze elkaar en trouwden kort na de opnamen.

Rocco
het laatste beeld uit Rocco e i suoi fratelli waarin het verhaal weer door de werkelijkheid wordt opgeslokt. Ook in Ladri dei biciclette wordt deze neorealistische afsluiting toegepast.

Rocco e i suoi fratelli [ imdb.com ]

Het beeld van het Wilde Westen [5]

gisteren gezien: The Revenant (2015)

Voor mij is de western een erfgenaam van The Hudson River School en van de Amerikaanse romantiek, het transcendentalisme. Het gaat daarbij om de grootsheid van de natuur met haar eindeloze vergezichten en de nietigheid van de mens. Ik ben vaak meer geboeid door het decor, de Amerikaanse wildernis, dan door het verhaal. De mens staat op de achtergrond en de natuur op de voorgrond. De western als voortzetting van de landschapsschilderkunst.

Albert Bierstadt
Go West!Albert Bierstadt, een van de schilders van de Hudson River School geeft een romantisch beeld van het Westen Dit is ook het beeld dat ons in How the West was won (1962) wordt opgedrongen. Het beeld dat The Revenant (2015) van de Amerikaanse wildernis geeft, staat hier haaks op.

De western heeft vele gezichten. Je hebt de zwijgende westerns van Edwin S.Porter (The Great Train Robbery, 1903), de klassieke westerns van John Ford (Wagon Master, 1950) en William Wyler (The Big Country, 1958) en de spaghettiwesterns van Sergio Leone (Dollar Trilogie (1964-1966).

Op het witte doek heeft de western zich vaak vermengd met andere genres: er zijn komische westerns (Blazing Saddles, 1974 ), horrorwesterns (Devil Rider, 1988), scifiwesterns (Westworld, 1973), patriottische westerns (How the West was won, 1962) en psychedelische westerns (The Hired Hand, 1971). En je zou het niet verwachten, maar ook de feministische western (True Grit, 2010) bestaat. De western heeft zijn eigen iconen: John Wayne, de iconische cowboy. Monument Valley, het iconische landschap. Deadwood, het iconische westernstadje. De 4-4-0 ‘American’ , de iconische stoomlocomotief.

Misschien is de western wel het Amerikaanse genre bij uitstek. In How the West was won geeft een heroïsche voice over ons geschiedenisles en vertelt hoe de verovering van het wilde Westen, Amerika groot maakte. De film besluit met een patriottisch lied: “The promised land, the land of plenty rich with gold. Here came dreamers with Bible, fist and gun. Bound for land, across the plains their wagons rolled. Hell bent for leather – that’s how the West was won.”

The RevenantEen groter contrast met The Revenant is nauwelijks denkbaar. Deze western van Gonzalez Iñáritu uit 2015 is een ontluisterende film. Van de trots uit 1962, toen The American Dream misschien wel op zijn hoogtepunt was, is niets meer over. In The Revenant is de Amerikaanse kolonisator in het Westen een beest geworden onder inheemse beesten (grizzlyberen en indianen) die vecht om te overleven in een wildernis die volmaakt onverschillig staat tegenover de mens. Geen fraai mensbeeld en ook al geen romantische opvatting over de natuur.

De 37-jarige avonturier Hugh Glass sluit zich in 1823 aan bij de Rocky Mountain Fur Company, een onderneming pelsjagers die de bovenloop van de Missouri afspeurt op zoek naar pelsdieren. Wanneer Glass zich op een dag van de groep afscheidt en op verkenning gaat, wordt hij aangevallen door een grizzlybeer. Zijn collega’s vinden zijn bewusteloze lichaam. Ondanks zijn hevige verwondingen is Glass nog steeds in leven. Omdat ze zich op gevaarlijk terrein begeven en de winter op komst is, betaalt de kapitein van de expeditie John Fitzgerald en de jonge Jim Bridger om bij Glass te blijven en hem te begraven zodra hij overleden is.
Bron: nl.wikipedia.org

The Revenant rekent niet alleen genadeloos af met een optimistisch mensbeeld (dat deden de spaghettiwesterns natuurlijk ook al), maar ook met de illusie dat de natuur onze bescherming nodig heeft (of door de mens geknuffeld zou moeten worden). De witte, vijandige wildernis in The Revenant is een wrede arena waarin wrede wezens proberen te overleven. Ieder voor zich. Een zwarte film, al is het landschap steeds wit. De wildernis als metafoor van het universum in zijn kale existentie.

The Revenant is een zwarte film, al is het landschap steeds wit. De wildernis als metafoor van het universum in zijn kale existentie.

En toch, wat kan het het zwijgen van de natuur mooi zijn! Deze esthetische ervaring van de vijandige natuur zou Nietzsche tot de gedachte brengen “dat alleen als esthetisch fenomeen het bestaan en de wereld voor eeuwig gerechtvaardigd zijn”. Het camerawerk van Emmanuel Lubezki werd niet voor niets beloond met een oscar. De regisseur en de hoofdrolspeler kregen er ook een.

The Revenant [ nl.wikipedia.org ] | voorgaande stukjes in deze reeks

als een rat in de val

opnieuw geluisterd naar de score van Ascenseur pour l’echafaud (1958)

Miles DavisEen van mijn favoriete Franse films uit de jaren vijftig is Ascenseur pour l’echafaud (1958) van Louis Malle. Het is een meesterwerk van het existentialisme. Een krachtig verhaal over misdaad en straf met een nauwkeurige sfeertekening die vooral te danken is aan een van de mooiste soundtracks uit de filmgeschiedenis. Dat is niet alleen een verdienste van Miles Davis, maar ook van zijn (voornamelijk Franse) begeleiders Barney Wilen (tenor sax), René Urtreger (piano), Pierre Michelot (bass) en Kenny ‘Klook’ Clarke (drums).

De meest memorabele track is Nuit sur les Champs-Elysées, die een dolende Carala (Jeanne Moreau) in het nachtelijke Parijs begeleidt. Ze speelt de minnares van Julien die zojuist met haar goedkeuring haar rijke echtgenoot op zijn kantoor vermoord heeft. Het plan lijkt te slagen, totdat Julien vast komt te zitten in de lift terwijl de nachtportier geen dienst heeft. Zijn minnares heeft na de misdaad met hem afgesproken, maar hij komt niet opdagen. Ze begrijpt dat er iets is misgegaan maar blijft in het ongewisse. Dat gevoel, in het ongewisse blijven met een verschrikkelijk vermoeden, wordt treffend hoorbaar gemaakt in Nuit sur les Champs-Elysées. Maar het klinkt fantastisch! In plaats van een gierend stuk dat paniek uitdrukt, is gekozen voor een intens loom stuk dat gelatenheid uitdrukt. De vrouw kan niets anders meer dan door de stad dwalen en zich overgeven aan de onmacht. Geen onderhuidse paniek maar een verdoving die grenst aan de bedwelmende roes van het moment.

Nuit sur les Champs-Elysées
een dolende Jeanne Moreau in
Nuit sur les Champs-Elysées
De vrouw kan niets anders meer dan door de stad dwalen en zich overgeven aan de onmacht. Geen onderhuidse paniek maar een verdoving die grenst aan de bedwelmende roes van het moment.

De scene met Nuit sur les Champs-Elysées is een schitterende metafoor van het levensgevoel van het existentialisme. De mens is een dolende in de ruimte geworden en de weg kwijt. Maar in plaats van hopeloos naar een uitweg te zoeken, levert hij zich uit aan het naakte bestaan: glanzende straatstenen in de regen, lichten van passerende auto’s, verlokkende etalages, een bedelaar, een wegschietende kat…

Er is in de filmscore nog een andere track die het levensgevoel van het existentialisme uitdrukt. Assassinat horen we op het moment dat Julien beseft dat hij in de lift gevangen zit. Anders dan zijn minnares Carala wordt hij niet verlamd door onmacht, maar gaat hij tot het uiterste om een uitweg uit zijn impasse te zoeken. Zijn blik tast elk stukje van de inwendige liftcabine af naar een uitweg, elke naad en elk schroefje wordt in overweging genomen. We horen ijle, langgerekte tonen uit de trompet van Miles Davis die de desolaatheid van een woestijn uitdrukken. De lift is het negatief van de woestijn. Je kunt er moeilijk in verdwalen, maar het gevoel van beklemming is precies hetzelfde: Julien zit als een rat in de val terwijl de tijd wreed doortikt tot het naderende doodvonnis.

Miles Davis
Franse plaat met soundtrack
Julien zit als een rat in de val terwijl de tijd wreed doortikt tot het naderende doodvonnis.

De lift naar het schavot gaat over het mislukken van een vluchtplan na de misdaad. Het lot wordt geradicaliseerd doordat hun uitbraak tenslotte uitloopt op het op heterdaad betrapt worden en gevangenschap. Julien en Carala zijn een soort Adam en Eva na de zondeval. Ze weten dat ze fout zijn en vellen door hun misdaad hun eigen doodsvonnis.

Het naakte bestaan [ W&V ]

levensecht

gisteren gezien: Boyhood (2014)

BoyhoodEen film over het alledaagse leven is altijd een waagstuk. Het project kan gemakkelijk aan twee kanten ontsporen, omdat enerzijds de saaiheid en anderzijds de ongeloofwaardigheid op de loer liggen. Scenario en acteerwerk zijn de pijlers van iedere goede film, maar in een film over het alledaagse leven is het een voorwaarde dat scenario en acteerspel op zo’n natuurlijke wijze in elkaar overvloeien, dat de speelfilm op reality-tv gaat lijken. Als het goed werkt, dan zal de natuurlijkheid van het spel het scenario dragen, en omgekeerd zal het scenario de acteurs maximale ruimte geven. Mike Leigh, de regisseur van Another Year (2010) bereikte dit door zijn acteurs te laten improviseren. Hierdoor konden levensechte situaties ontstaan, die deze film een registrerend, documentair karakter geven. De levendigheid van het moment kan nog versterkt worden door gebruik te maken van de handheld camera.

Een goed scenario met levensechte dialogen kan het alledaagse leven van heel dichtbij besluipen.

Richard Linklater pakt het met Boyhood iets anders aan. Hij laat de werkelijke tijd leven van hoofdrolspeler Ellar Coltrane (1994) gelijk oplopen met de tijd van het gespeelde leven van Mason. We zien in Boyhood de hoofdfiguur over een periode van twaalf jaar opgroeien van jongetje naar jongeman. Dit concept maakte deze film a priori al levensecht. Maar daarmee was Linklater er natuurlijk nog niet. Boyhood is een speelfilm en geen documentaire zoals Seven Up!, een project waarin Michael Apted sinds 1964 de levensloop van veertien kinderen uit verschillende milieus volgt en daar om de zeven jaar een filmisch verslag van uitbrengt. Het werkelijke leven staat hier centraal en de personen vallen dus samen met zichzelf. Het is reality-tv op zijn best.

Richard Linklater schreef zelf het scenario, waarin het bijzondere van het alledaagse en het alledaagse van het bijzondere elkaar telkens raken. Een goed scenario met levensechte dialogen kan het alledaagse leven van heel dichtbij besluipen. Dat zien we ook in de tv-reeks Mad Men. Sally Draper, de dochter van Don Draper, wordt gespeeld door Kiernan Shipka (1999) en we zien haar in de loop van de reeks (2007-2015) opgroeien van een meisje van zeven naar een puber van zestien. Het element van de realtime heeft an Sich al een enorme kracht, maar als dat ook nog eens versterkt wordt met een levensecht scenario, dan komt het gewone leven in zijn volheid naar voren.

Mason: So what’s the point?
Dad: Of what?
Mason: I don’t know, any of this. Everything.
Dad: Everything? What’s the point? I mean, I sure as shit don’t know. Neither does anybody else, okay? We’re all just winging it, you know? The good news is you’re feeling stuff. And you’ve got to hold on to that.
 
Bron: imdb.com/quotes
Mason (Ellar Coltrane) is vijf jaar oud als de film begint. Samen met zijn moeder (Patricia Arquette) en zus Samantha (Lorelei Linklater) betreedt hij de weg naar het volwassendom. Gedurende ruim tweeëneenhalf uur wordt de kijker meegenomen in de complete jeugd van Mason. Dit mondt uit in een feest van herkenning. Alle belangrijke, vreugdevolle, gênante en leerzame ervaringen die een jongvolwassene in zijn of haar reis naar zelfstandigheid tegenkomt zijn in Boyhood opgenomen. Maar hierin ligt niet direct de kracht van de film, juist in alle ‘normale’ momenten leren we Mason het best kennen. Juist in deze dagelijkse gesprekken aan de ontbijttafel of discussies over klusjes in huis komt de brille van Linklater naar voren. De spitsvondigheid van de dialogen en de dynamiek van het spel zitten tegen het geniale aan.
 
Bron: cinemagazine.nl

Boyhood [ imdb.com ]