Categorie archief: Rusland

De Krimoorlog [ 16 ]

Deze maand gelezen: Sebastopol vertellingen (1855) van Tolstoj

De derde en laatste vertelling van Tolstoj over Sebastopol, speelt zich af in augustus 1855, een maand voor de val van de Russische havenstad. Het is het verhaal van de broers Mikhail en Vladimir Semjonytsj Kozeltsov. Met het gegeven van twee broers voegt Tolstoj een extra dimensie toe aan de gruwelijke setting die Sebastopol tijdens het beleg van 1854 en 1855 vormde. Natuurlijk versterkt het de dramatiek, maar met de twee broers brengt Tolstoj juist ook veel tederheid en psychologie zijn vertelling binnen.

De hel van Sebastopol
Dante had zijn inferno opgebouwd als een trechter van concentrische ringen en deze waren gerangschikt volgens een hiërarchie van verschrikkingen. De aardse hel van Sebastopol bestond in zekere zin ook uit concentrische ringen in een toenemende graad van pijn en dodelijkheid. Alleen was het hier precies omgekeerd: het dieptepunt van de hel bevond zich niet in het centrum maar aan de randen van de stad. Bastion 4, het meest vooruitgeschoven bolwerk, gold als het gevaarlijkste. Degenen die dit bastion binnen gingen konden “alle hoop laten varen”.

SebastopolLuitenant Mikhail Semjonytsj Kozeltsov, gedeeltelijk hersteld van zijn verwondingen, keert vanuit Simferopol weer terug naar de loopgraven van Sebastopol. Onderweg loopt hij zijn jongere zeventienjarige broer Wladimir tegen het lijf. Wladimir, zo schrijft Tolstoj, “leek veel op zijn broer Mikhail, maar dan zo als een uitbottende knop op een uitgebloeide roos lijkt.” Boven zijn lippen groeide wat licht donshaar. Russen hebben de gewoonte elkaar te noemen met de naam van hun vader als tweede naam en gebruiken vaak ook een koosnaam om genegenheid uit te drukken. “De oorlog is anders dan jij denkt, Wolodja” zegt zijn oudere broer wanneer ze elkaar op weg naar Sebastopol onverwacht ontmoeten. “Het woordje ‘Wolodja’ ontroerde de jongste broer.”

Tolstoj beschrijft de psychologische dimensie van de oorlog, zoals hij twintig jaar later in zijn magnum opus Oorlog en Vrede opnieuw zou doen. De jongste broer wil graag dapper zijn maar loopt tot zijn schaamte tegen zijn angst aan. Hij probeert dit tegenover zijn oudste broer, die wel frontervaring heeft, te verbergen. Hij verwijt zichzelf dat hij een lafaard is, want zijn angst is veel groter dan zijn voornemen om een held te zijn. Tolstoj fileert het heldendom genadeloos, met name onder officieren. En toch bespeurt hij “een wil tot dapperheid”, met name onder gewone soldaten, die grenst aan het heroïsche. Dit is echter een heroïek ondanks onszelf. In het gebed van Wladimir Kozeltsov geeft Tolstoj een heel persoonlijke en universele uitdrukking aan de wil om dapper te zijn:

“Hij wierp zich op zijn knieën, sloeg een kruis en vouwde zijn handen zo samen, als hij dat in zijn jeugd had geleerd. Dat gebaar gaf hem een lang vergeten gevoel van gelukzaligheid. “Als ik moet sterven, als het nodig is dat er een eind komt aan mijn leven, laat dat dan gebeuren Heer”, dacht hij, “en laat het dan zo snel mogelijk gebeuren; en als daarvoor dapperheid en vastberadenheid nodig zijn – die ik niet heb – geef me die dan, maar bewaar me voor de schande en smaad die ik niet kan verdragen, en leer mij, wat mij te doen staat om Uw wil te vervullen.” Zijn kinderlijke, angstige, kleine ziel was plotseling volwassen geworden, zag alles duidelijker en een nieuwe brede, lichtere horizon tekende zich af.
…en als daarvoor dapperheid en vastberadenheid nodig zijn – die ik niet heb – geef me die dan, maar bewaar me voor de schande en smaad die ik niet kan verdragen, en leer mij, wat mij te doen staat om Uw wil te vervullen.

de Krimoorlog [ 15 ]

gisteren gekocht: Sebastopol vertellingen (1855) van Tolstoj

Sebastopol vertellingenIn de winter van 1854/55 was de jonge Tolstoj (1828-1910) als artillerist ingekwartierd in Sebastopol, de Russische havenstad die van oktober 1854 tot september 1855 door de Engelsen en Fransen belegerd werd. Hier schreef hij zijn drie vertellingen onder de eenvoudige namen Sebastopol in december, Sebastopol in mei en Sebastopol in september. De drie verhalen verschenen in 1855 en 1856 in het literaire tijdschrift Sovremennik.

Ze maakten grote indruk. Net als de Engelse fotograaf Roger Fenton geeft Tolstoj een realistisch beeld van de strijd. Waar Fenton door de beperking van een lange sluitertijd met zijn camera niet kan doordringen, lukt het Tolstoj wel om ons een levendig beeld te geven van een stad die lijdt onder een langdurig beleg. Hij richt zich rechtstreeks tot de lezer met ‘stelt u eens voor’ en leidt de lezer vervolgens rond door de stad. Tolstoj neemt ons mee op een virtuele wandeling door Sebastopol in de winter, het voorjaar en in de nazomer.

Destijds was Tolstoj 26 jaar. Hij was nog niet de titaan van Oorlog en Vrede en Anna Karenina. Maar zijn vertellingen uit Sebastopol waren een sensatie. Niet alleen door de weergave van de gruwelijke werkelijkheid, maar ook door zijn realistische verslaggeving en compassie met de lijdende mens.

De Krimoorlog [ 1-14 ]

de Krimoorlog [ 14 ]

gelezen: der ewige Zankapfel van Stefan Korinth
aan het herlezen: De Krimoorlog van Orlando Figes

De KrimoorlogDeze maand is het 166 jaar geleden dat de sultan van het Osmaanse Rijk Rusland de oorlog verklaarde. Hij deed dit met de rugdekking van Engeland. Op 30 november 1853 schakelde Rusland de Osmaanse vloot uit in de Slag van Sinope. Dit veroorzaakte met name in Engeland grote morele verontwaardiging. De Engelse pers stookte het vuur zover op dat in het voorjaar van 1854 Engeland en Frankrijk samen Rusland de oorlog verklaarden en het Osmaanse Rijk als bondgenoten te hulp kwamen.

De Krimoorlog wordt vaak de eerste moderne oorlog in de geschiedenis genoemd. Dat kwam niet alleen omdat het de eerste industriële oorlog was, met de massaproductie van granaten die trommelvuur mogelijk maakte. (Het woord ‘kanonnenvlees’ werd in deze oorlog voor het eerst gebruikt, om precies te zijn door Tolstoj die tijdens het beleg van Sebastopol in deze havenstad als jonge officier ingekwartierd was.) Het was ook de eerste moderne oorlog doordat spoorwegen, stoomschepen en telegraafverbindingen voor het eerst een rol speelden in oorlogsvoering.

En niet in de laatste plaats was het een moderne oorlog, door de rol van de pers. Zonder de Engelse pers was de invloed op de publieke opinie zeker niet zo groot geweest. Waarschijnlijk was het Palmerston, een van de grootste aanjagers van de oorlog, dan niet gelukt om Engeland in een oorlog te storten. En als Napoleon III er niet geweest was, had hij vrijwel zeker nooit Frankrijk zover gekregen om samen ten strijde te trekken tegen Rusland.

Große britische Zeitungen schickten Kriegsberichterstatter auf die Krim. Ihre Nachrichten und Bilder von der Front erreichten die Öffentlichkeit im damals unglaublich schnellen Tempo weniger Tage. Nachdem die Briten im April 1855 ein Unterwasserkabel von der Krim aufs bulgarische Festland verlegt hatten, kamen Meldungen sogar innerhalb weniger Stunden in London an.
 
Bron: rubikon.news

Wanneer we de relatie tussen oorlog en publieke opinie willen onderzoeken, dan komen we uiteindelijk bij de Krimoorlog uit, als de eerste oorlog waarbij beeldvorming in de pers een cruciale rol heeft gespeeld. Dit werd mogelijk gemaakt door de geïllustreerde pers, die in de jaren veertig in Londen was ontstaan. Ook de fotografie begon zich in deze jaren te ontwikkelen. De Krimoorlog is natuurlijk verbonden met Roger Fenton, de allereerste oorlogsfotograaf. Zijn foto’s werden omgezet naar staalgravures die in grote oplagen gedrukt konden worden in geïllustreerde bladen.

Realistische beelden van het front waren iets nieuws. Tijdens de Napoleontische oorlogen was beeldvorming een zaak van satire. Met de vijand werd de spot gedreven, hoofdrolspelers werden gedemoniseerd. Maar in de Krimoorlog leek de werkelijkheid voor het eerst ongefilterd binnen te komen. De staalgravures die aan de hand van foto’s werden gesneden, presenteerden voor de Victoriaanse burgerij de objectieve werkelijkheid.

The Illustrated London News
The Illustrated London News 1854
De staalgravures die aan de hand van foto’s werden gesneden, presenteerden voor de Victoriaanse burgerij de objectieve werkelijkheid.

In der ewige Zankapfel schrijft Stefan Korinth over de rol van beeldvorming in de media tijdens de Krimoorlog, in het bijzonder het westerse beeld over Rusland. Hij vergelijkt dit met onze tijd waarin de russofobie in zogenaamde kwaliteitskranten nog steeds aanwezig is. Terwijl islamofobie in dezelfde kranten morele verontwaardiging oproept. Dat de westerse geopolitiek in de twintigste eeuw nog altijd gericht is tegen Rusland en steunt op islamitische bondgenoten, bewijst het Turkse lidmaatschap van de NAVO.

Anti-russische Lobbyisten, die meist auch den Freihandel befürworteten, warnten vor russischen Zöllen und dem Ausgreifen Russlands auf für die Briten wichtige Häfen und Überlandhandelswege und fanden so Gehör bei Unternehmern. Anspruchsvolle Zeitschriften der intellektuellen Kreise wie die Foreign Quarterly Review oder die British and Foreign Review berichteten so neben den Tageszeitungen ebenfalls immer russlandfeindlicher, wie der Wissenschaftler erklärt. Manche dieser Schriften erinnern an die Domino-Theorie aus dem Kalten Krieg. Generell prägten viele britische Gedanken des 19. Jahrhunderts die anglo-amerikanische Russophobie des 20. Jahrhunderts, erläutert Figes. Diese Erkenntnis lässt sich wohl mühelos auch auf das 21. Jahrhundert übertragen.
 
Bron: rubikon.news

De Krimoorlog [ 1- 13 ]

waar staat Ivan Toergenjev?

gelezen: Vaders en zonen (1862) van Ivan Toergenjev

Ivan ToergenewHet heeft lang geduurd voordat ik voor het eerst een boek van Ivan Toergenjev heb gelezen. Vaak staat Ivan Toergenjev (1818-1883) in de schaduw van Tolstoi (1828-1909) en Dostojewski (1821-1881). Toch was Vaders en zonen (1862) de eerste Russische roman die buiten Rusland populair werd. Het wordt wel eens gezien als de eerste moderne roman. Het psychologische thema van de innerlijke tegenstrijdigheid, zo kenmerkend voor de moderne literatuur, zou in deze roman voor het eerst uitgewerkt worden. Dostojewski en Tolstoi hebben met personages vol tegenstrijdigheden als Pierre Bezoechov (Oorlog en vrede), Anna Karenina en Raskolnikov (Misdaad en straf) een lijn voortgezet die Toergenjev met Jevgeni Vasiljevitsj Bazarov in Vaders en Zonen begon.

Hoofdpersoon Jevgeni Vasiljevitsj Bazarov is een student wetenschap én nihilist. Hij erkent geen enkele autoriteit en verzet zich tegen alles dat romantisch is of naar gevoel zweemt. Zijn vriend Arkadi Nikolajevitsj Kirsanov bewondert hem om zijn zelfverzekerdheid en zijn ferme uitspraken. Het verhaal is duidelijk in de tijd geplaatst: het begint in mei 1859 en loopt tot ergens in de zomer en eindigt met een epiloog in januari 1860. In deze periode waren er in Rusland grote maatschappelijke veranderingen die zouden leiden tot de afschaffing van het lijfeigenschap in 1861 door tsaar Alexander II (1855-1881).

Toergenjev publiceerde Vaders en Zonen in 1862. Voor hem had het grote gevolgen, want hoewel hij politiek niet geëngageerd was, werd zijn roman wel opgevat als politiek pamflet en hij kreeg zowel uit conservatieve als linkse hoek allerlei verwijten over zich heen. Omdat hij bevriend was met de anarchist Bakoenin (1814-1876) was hij voor de conservatieven al bij voorbaat verdacht. Maar links nam het hem kwalijk dat hij van zijn hoofdpersoon Bazarov een karikatuur had gemaakt, een kille rationalist waarmee de links radicalen in een ongunstig licht werden geplaatst.

Vaders en ZonenHet was Toergenjev’s tragiek dat hij een buitengewoon scherp waarnemer was, maar door zijn weifelmoedigheid geen stelling koos. Voor de conservatieven werd in Vaders en Zonen de oudere generatie te kijk wordt gezet en voor links radicalen wordt de representant van de nieuwe generatie neergezet als een vulgaire materialist. Maar Toergenjev had het goed gezien. De polarisatie in de Russische maatschappij rond 1860 eiste van Toergenjev een duidelijk standpunt. Hij was in 1862 al een groot schrijver en zelfs tsaar Alexander II las hem. De vraag was direct na het verschijnen van Vaders en Zonen in 1862: Waar staat Ivan Toergenjev?

De vraag was direct na het verschijnen van Vaders en Zonen in 1862: Waar staat Ivan Toergenjev?

Voor hemzelf was dat waarschijnlijk glashelder: in afstandelijke betrokkenheid tot zijn personages. Toergenjev werd dus ook estheticisme verweten, het wegvluchten in de kunst. Ook dat liet de Russische samenleving op dat moment niet toe. De roman mocht dan wel een kunstvorm zijn, in het tsaristische Rusland van de negentiende eeuw was literatuur zo ongeveer nog het enige dat door de censuur kon glippen. En dus kon de roman stiekem als politiek pamflet gebruikt worden. Juist daarom was debat over Vaders en Zonen destijds zo heftig. Men moest weten waar de schrijver zélf stond. Toergenjev werd het allemaal teveel en hij vluchtte naar Parijs waar hij tenslotte in 1883 stierf.

De maaiers (detail) uit 1887 door Grigori Grigorjewitsch Mjassojedow (1834–1911)
In 1861 werd door tsaar Alexander II het lijfeigenschap afgeschaft. De bevrijding van de lijfeigenen die tot dan toe slaven waren geweest, zette de Russische maatschappij op z’n kop. Vaders en Zonen speelt zich af in de zomer van 1859.

Bart Voorsluis meent uit Vaders en Zonen af te kunnen leiden waar Toergenjev zelf stond. In zijn artikel engagement of distantie (verschenen in: In de marge, 2006) schrijft hij dat Toergenjev helemaal aan het einde van de roman een politiek statement van de eerste orde zou hebben verkondigd. Volgens Voorsluis geloofde Toergenjev niet in het nieuwe Rusland waarvan Bazarov de representant was. Als we Bazarov zien als de voorloper van de bolsjewieken, zouden we Toergenjev ongelijk moeten geven, want dat nieuwe Rusland kwam er in 1917 toch. Maar we kunnen Toergenjev, als Bart Voorsluis het bij het rechte eind heeft, ook gelijk geven: het radicale socialisme heeft geen stand gehouden en Rusland is in deze nieuwe eeuw onder een nieuwe “tsaar” herrezen. En de Russisch Orthodoxe Kerk lijkt helemaal terug van weggeweest. “In de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.” Of zoals Vaders en Zonen eindigt: “ze (de bloemen) spreken ook van de eeuwige verzoening en van het oneindige leven…”

Personages in Vaders en Zonen
Jevgeni Vasiljevitsj Bazarov – Arkadi Nikolajevitsj Kirsanov – Nikolaj Petrovitsj Kirsanov – Pavel Petrovitsj Kirsanov – Fenitsjka (Fedosja) – Anna Sergejevna Odintsova – Katja Sergejevna Lokteva – Jevdoksia Koeksjina – Vasili Ivanovitsj Bazarov – Arina Vlasjevna Bazarova – Pjotr – Sitnikov

Het sneeuwde

gelezen: Berezina (2018)
naar de roman Il neigeait van Patrick Rambaud

Na het succes van de graphic novel De Slag bewerkte scenarist Frédéric Richaud opnieuw een roman van Patrick Rambaud voor een beeldverhaal uitgevoerd door Ivan Gil. Il neigeait vormt het middendeel van een trilogie over Napoleon. Patrick Rambaud ontleende de titel van zijn roman aan de eerste regel van het gedicht L’expiation (1853) van Victor Hugo. Hierin beschrijft hij de terugtocht uit Moskou in november en december 1812.

Berezina
de drie delen van de graphic novel Berezina van Frédéric Richaud en Ivan Gil naar een roman van Patrick Rambaud
Il neigeait. On était vaincu
par sa conquête.
Pour la première fois l’aigle
baissait la tête.

uit: L’expiation van Victor Hugo

In het derde deel van Berezina worden de eerste regels uit L’expiation geciteerd bij getekende impressies van de tocht van Smolensk naar Krasnoi. Het is 25 graden onder nul: “Het sneeuwde. We waren overtuigd van de overwinning. Voor het eerst boog de adelaar het hoofd. Het sneeuwde. De harde winter sloeg genadeloos toe. De ene witte vlakte na de andere. Gisteren de Grande Armee, nu de rest. De officieren noch de vlag waren nog te herkennen. Het sneeuwde. het sneeuwde voortdurend.”

Trilogie over Napoleon van Patrick Rambaud
I. La Bataille (1997) over de Slag bij Aspern-Essling in 1809
II. Il neigeait (2000) over de terugtocht uit Moskou in 1812
III. L’Absent (2003) over Napoleon op Elba in 1814-15

L’expiation [ Engelse vertaling ]

dichterbij 1812

aan het lezen in: Naar Moskou! Naar Moskou! door Willem Oosterbeek
Memoires van een officier uit de Lage Landen in het leger van Napoleon

Naar Moskou! Naar Moskou!In de geschiedenis is het jaar 1812 bijgezet als het jaar van de veldtocht van Napoleon naar Moskou die het begin van zijn einde zou zijn. 1812 als opmaat naar 1815, het jaar van de Honderd Dagen, de Slag bij Waterloo en zijn definitieve einde. Nog altijd staat de uitdrukking ‘zijn Waterloo vinden‘ voor het lijden van een definitieve nederlaag. De Russische veldtocht van 1812 was dus het begin van het einde van Napoleon. De brand van Moskou, de Slag bij Borodino, de ijzingwekkende aftocht en de overtocht over de Berezina staan in het collectieve geheugen gegrift. De schoolplaten van vroeger zijn vervangen door interactieve kaarten en games.

In 1812 trekt Napoleon op naar Moskou, een veldtocht die een helletocht zou worden. Jean François Dumonceau is officier in la Grande Armée. Hij maakt deel uit van de Keizerlijke Garde, en verkeert in de nabijheid van Bonaparte. Als een van de weinigen overleeft hij de tocht. Aan het eind van zijn leven schrijft hij, in het Frans, zijn memoires. Die geven een huiveringwekkend beeld van een oorlog waarin honderdduizenden sneuvelen, maar ook schetsen ze zijn verbondenheid met Liesje, zijn paard, en zijn oppasser Jan. Willem Oosterbeek vertaalde Dumonceaus memoires en voorzag ze van historisch commentaar. Zo ontstaat een ooggetuigenverslag van een veldtocht die twee eeuwen later nog altijd tot de verbeelding spreekt. Bron: singeluitgeverijen.nl

Voor Nederland is Napoleons veldtocht ook belangrijk geweest omdat er in de Grande Armée, tot dan toe het grootste leger dat ooit op de been was gebracht, duizenden Nederlandse soldaten zaten. Macron en Merkel dromen van een Europees leger. Als dat leger er ooit komt, zal dat niet voor de eerste keer zijn, want de Grande Armée was een echt Europees leger dat bestond uit soldaten van vele nationaliteiten die onderling tientallen talen spraken, ook al was de taal onder de officieren Frans. Engeland en Rusland waren de enige Europese landen die niet in de Grande Armée vertegenwoordigd waren.

Willem Oosterbeek vertaalde in 2014 de (franstalige) dagboeken van Jean François Dumonceau, een Nederlandse officier die met Napoleon meereist naar Moskou. Hij is een van de weinigen die terug zullen keren. Oosterbeek heeft niet alles letterlijk vertaald en wisselt de dagboekaantekeningen af met historisch commentaar. Het is een zeer leesbaar, informatief en spannend boekje geworden dat mij na het lezen van 1812 – Napoleons fatale veldtocht naar Moskou van Adam Zamoyski toch weer allerlei nieuws bood. In intermezzo’s gaat Oosterbeek in op de politieke situatie van het Napoleontische Europa (hoofdstuk 3 sidderende machthebbers), op de organisatie en de dagelijkse realiteit van de veldtocht (hoofdstuk 7 een rugzak van koeienhuid) en op de wijze van oorlogvoeren (hoofdstuk 9 schreeuwende gewonden).

Willem Oosterbeek vertelt het verhaal van de veldtocht veel summierder dan Adam Zamoyski, aan de hand van een selectie uit het dagboek van de Nederlandse officier, maar toch kunnen we de tocht wel helemaal volgen: van Parijs, via Brussel, Maastricht, Münster, Osnabrück, Minden, Hannover, Braunschweig, Magdeburg, Potsdam en Stettin gaat het door het groothertogdom Warschau naar de oever van de Njemen, de grensrivier tussen het Napoleontische Europa en het tsaristische Rusland. Half juni, na drie maanden en 1800 kilometer dagmarsen van tussen de 20 en 25 kilometer, bereikt Dumonceau eindelijk het uiterste oosten van Napoleons vazalstaten en dus van zijn invloedssfeer.

Daarna gaat het naar Vilna, Vitebsk, Minsk naar Smolensk aan de Dnjepr. Daar zijn ze eindelijk op eigenlijke Russische bodem. Het Russische leger onder de Schotse opperbevelhebber Barclay de Tolly blijft zich terugtrekken en zuigt de Grande Armée zo het onmetelijke binnenland in, steeds verder van huis. Dumonceau wil dolgraag slag leveren, maar bij Smolensk gaan de Russen de confrontatie maar gedeeltelijk aan. De stad wordt in brand gestoken, een voorproefje van wat Napoleon te wachten staat in Moskou.

Omdat Dumonceau officier is van een regiment binnen de Keizerlijke Garde, is hij steeds in de buurt van Napoleon. Van de half miljoen soldaten die invasiemacht telt, vangen de meeste soldaten zelfs niet een glimp van de keizer op. Maar Dumonceau ziet hem regelmatig voorbij komen. Een nadeel van deze bevoorrechte positie in de Keizerlijke Garde is dat Napoleon deze in de praktijk als reservetroepen achter de hand houdt. Waarschijnlijk is dat ook een reden waarom Dumonceau de Russische veldtocht overleefd heeft. Hij hoeft geen slag te leveren, al ziet hij daar wel naar uit.

terugtocht in  1812
Napoleons terugtocht in 1812 door Adolf Northern

Oosterbeek schrijft dat van de twaalf soldaten die naar Moskou trekken, slechts twee overleven. Tien soldaten zullen uiteindelijk nooit terugkeren. Slechts een van de tien bezwijkt op het slagveld of later aan zijn verwondingen. Twee van de tien worden er gevangen genomen, dikwijls door kozakken die ze uitleveren aan boeren. Deze treffen het zwaarste lot omdat de boeren op verschrikkelijke wijze wraak nemen op de aan hen uitgeleverde gevangenen. Tenslotte zullen zeven van de tien die het niet overleven onderweg sterven. Naar Moskou! Naar Moskou! Is een verhaal over de waanzin van oorlog, over de discrepantie tussen een ambitieus plan en de weerbarstige werkelijkheid. In al zijn gruwelijkheid blijft het verhaal van de Russische veldtocht tot de verbeelding spreken en komt het voor de Nederlandse lezer door het dagboek van de Nederlandse officier Dumonceau dichterbij als in 1812 van Zamoyski.

Naar Moskou!Naar Moskou! [ singeluitgeverijen.nl ]

Natasja’s Dans [ 2 ]

gelezen in Natasja’s Dans (2003) van Orlando Figes
hoofdstuk 2: Kinderen van 1812

Natasja's dansDoor omstandigheden werd mijn aanvankelijke enthousiaste start in Natasja’s Dans van Orlando Figes voor twee maanden onderbroken. Maar nu kan ik gelukkig weer door met het boek. Ik begon eerst met hoofdstuk 2 waarin Figes de gevolgen van 1812 beschrijft voor het verloop van de Russische geschiedenis. Centrale figuur in dit hoofdstuk is Sergej Volkonski (1788-1865) een van de boeiendste persoonlijkheden waar ik de laatste tijd over gelezen heb. Hij stamde uit een van de belangrijkste adellijke families uit Sint-Petersburg en mocht zich Vorst Volkonski noemen. Zoals de meeste jongens uit aristocratische milieus was hij voorbestemd tot het leger. Op 24-jarige leeftijd was hij hij al generaal en vocht hij mee in de oorlog van 1812 tegen Napoleon. In deze strijd werd hij diep getroffen door het lot van de boeren. Vele lijfeigenen vochten mee als gewone soldaten en toonden een grote opofferingsbereidheid. Na de oorlog zette hij zich in voor hervormingen waarbij de lijfeigenen meer rechten zouden krijgen, maar tsaar Alexander I zette deze niet door.

Toen Alexander I op 1 december 1825 stierf en er verwarring ontstond rond zijn opvolging, zagen de Russische liberalen kans om hervormingen te forceren en kwamen in opstand. Dat gebeurde op 26 december 1825. Deze liberale opstand is bekend geworden onder de naam Decembristenopstand. Onder de dekabristen bevonden zich veel officieren die in 1812 gevochten hadden, waaronder Sergej Volkonski. Maar de nieuwe tsaar Nicolaas I wist de opstand hardhandig neer te slaan. De leiders van de opstand werden opgehangen en de overige opstandelingen werden ook terechtgesteld of verbannen naar Siberië. Volkonski werd verbannen en kwam terecht in de omgeving van Irkoetsk . Daar leefde hij bijna dertig jaar in ballingschap, samen met zijn vrouw Maria die hem vrijwillig volgde. Het is ontroerend om hun verhaal te lezen, dat zeker verwantschap toont met het verhaal van Rasklonikov en Sonja uit Schuld en Boete.

Op 2 maart 1855 overleed tsaar Nicolaas I en werd opgevolgd door tsaar Alexander II. Vijftig decabristen die in 1855 nog in leven waren, werd gratie verleend. Volkonski mocht terugkeren al werd het hem verboden zich in Sint-Petersburg of Moskou te vestigen. De geest van de dekabristen zou het tsaristische Rusland tot in 1917 blijven achtervolgen en de opvolgers van Nicolaas I waren op hun hoede voor liberale opvattingen. In 1861 zou Alexander II weliswaar het lijfeigenschap afschaffen en Rusland bevrijden uit het feodalisme dat in de negentiende eeuw een anachronisme, maar vooral ook contraproductief was geworden.

Volkonski, die vasthield aan zijn boerenlevensstijl, was aan het einde van zijn leven niettemin een veelgeziene gast in de salons van Moskou, waar hij als een soort christusfiguur werd geadoreerd door jonge studenten. Eén van die jongemannen was zijn verre neef Lev Tolstoj. Volkonski had grote invloed op Tolstoj, met name op diens latere christelijke ideeën en uiteindelijke keuze om ook als boer te gaan leven. Volkonski stond model voor de figuur van Andrej Bolskonski in zijn roman Oorlog en Vrede.
 
Toen Volkonski in 1861 het nieuws vernam over de afschaffing van het lijfeigenschap, noemde hij dat “het gelukkigste moment in mijn leven”. Volkonski overleed in 1865, twee jaar na Maria. Zijn gezondheid, die zoveel te lijden had gehad van zijn ballingsjaren, was door haar dood nog zwakker geworden. In de laatste maanden van zijn leven schreef hij nog zijn memoires, overigens pas gepubliceerd in 1903. Een laatste zin uit zijn memoires is: “De weg die ik koos voerde mij naar Siberië, naar dertig jaar verbanning uit mijn thuisland, maar mijn overtuiging is nooit veranderd en als ik het opnieuw moest doen, zou ik het precies zo doen”.
 
Bron: Sergej Volkonski
Sergej Volkonski
Toen George Dawe in 1828 dit portret van Sergej Volkonski maakte, zat de decabrist Volkonski al twee jaar in Siberië, maar generaal Volkonski werd als vaderlandse held geëerd in de militaire galerie in het Hermitage in Sint-Petersburg.

Volkonski is voor het brede publiek onsterfelijk geworden door de romanfiguur Andrei Bolkonski uit Tolstois grote roman Oorlog en Vrede. Tolstoi was in de verte familie van Sergej Volkonski en wilde hem eren met een boek dat De Decabristen zou moeten heten. Hij documenteerde zich goed en hoe meer hij zich in de geschiedenis van de decabristen verdiepte, hoe duidelijker het voor Tolstoi werd dat hun geboorteuur de Oorlog van 1812 was. En zo ontstond Oorlog en Vrede waarin Tolstoi duidelijk verwantschap toont met zijn personage Pierre Bechoezov, de edelman die zich het lot van de boeren aantrekt en de eenvoud van het boerenleven gelijkstelt met eerlijkheid en authenticiteit terwijl voor hem zijn eigen aristocratische leven vals en onecht is geworden.

Natasja’s Dans [ 1 ]