Categorie archief: boeken

gribus

gezien: Boeken – Wim Brands in gesprek met Auke van der Woud
Koninkrijk vol sloppen Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw

Koninkrijk vol sloppenOm de achterkant van onze welvaart in zijn negentiende eeuwse gedaante te zien, moet je tegenwoordig het land uit en bijvoorbeeld een bezoek brengen aan de slums van Mumbay en Manilla, de bidonvilles van Rio de Janeiro of de suburbs van Philadelphia. Maar in de negentiende eeuw hoefde je, als je de stank verdragen kon, in Amsterdam maar een steegje in te slaan, of een bezoekje aan de Jordaan te brengen, om met de sociale ellende van het leven in de sloppenwijken geconfronteerd te worden.

Auke van der Woud, hoogleraar architectuur- en stedebouwgeschiedenis, heeft een boek geschreven over de sociale omstandigheden in de achterbuurten in de negentiende eeuw in Nederland. Het is een episode uit onze nationale geschiedenis die we liever wat op de achtergrond houden. Ook in de negentiende eeuw werd de armoede weggedrukt naar de rand en de achterkant van het geruststellende burgerlijke decorum.

Ons beeld van de vaderlandse geschiedenis is te rooskleurig, vindt historicus Auke van der Woud. Met zijn boek Koninkrijk vol sloppen ontkracht hij het historische zelfbeeld van Nederland als een land met een burgerlijke cultuur. Bij de geschiedschrijving van de periode tussen 1800 en 1900 bestaat de neiging om op de gegoede burger te focussen, terwijl miljoenen Nederlanders rond 1900 in zeer gebrekkige omstandigheden leefden. In achterbuurten vergelijkbaar zijn met de sloppenwijken van de grote steden in de huidige Derde Wereld.
 
Bron: boeken.vpro.nl
Iquitos, Peru
impressies van Belén een sloppenwijk van Iquitos, Peru november 1986

Amsterdamse krottenwijken op negentiende eeuwse foto’s ogen als ongeboende straatjes van Vermeer, die door het zachte strijklicht langs de vervallen en scheve gevels iets onmiskenbaar pittoresk hebben gekregen. Maar het leven in de negentiende eeuwse gribus moet waarschijnlijk weinig verschil hebben gemaakt met het leven in de sloppenwijken van de Derde Wereld in de eenentwintigste eeuw. De verweerde betonnen karkassen van mislukte bouwprojecten die met plastic en roestige golfplaten ‘bewoonbaar’ zijn gemaakt, zijn een hedendaagse vertaling van de ‘schilderachtige’ maar vooral stinkende achterbuurten uit de negentiende eeuw. De smerigheid, de honger en de sociale ellende zijn gelijk gebleven.

Koninkrijk vol sloppen
Achterbuurten en vuil in de negentiende eeuw
Europa was in de late negentiende eeuw getuige van een volksverhuizing. Miljoenen mensen verruilden toen hun agrarische omgeving voor een woning in de stad. Momenteel zien we die massamigratie op mondiale schaal, vooral in China, Afrika en Latijns-Amerika. Verstedelijking en modern leven horen blijkbaar bij elkaar. Een koninkrijk vol sloppen gaat over het begin van de stedengroei in Nederland. Het stille land met 3 miljoen zielen in 1850 was vijftig jaar later in en rond de grote steden een drukke moderne wereld geworden. Maar rond 1900 wemelde het daar ook van overbevolkte krotten en mensenpakhuizen. Schoon water, deugdelijk voedsel, frisse lucht en modern sanitair waren in de achterbuurten zeer zeldzaam. In alle grote steden hoopte het weeëvuil zich spectaculair op. Meer dan een miljoen Nederlanders leefden in een situatie die overeenkomsten vertoont met de slums van de huidige Aziatische, Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse metropolen. Auke van der Woud beschrijft die halfvergane oude wereld in de duistere delen van de stad.
( Bron: vpro.nl )

Holbewoners van de negentiende eeuw [ trouw.nl ]

Rex de blije labrador

gelezen: Rothko uit De Kracht van Kunst van Simon Schama

De kracht van KunstSimon Schama schrijft heerlijke boeken over cultuurgeschiedenis. Overvloed en onbehagen (The Embarrassment of Riches, 1987) en Landschap en herinnering (Landscape and Memory, 1995) hebben we al in huis en afgelopen zaterdag voegde Michaela daar De kracht van kunst (The Power of Art, 2006) aan toe. Vier jaar geleden maakte Schama voor de BBC de televisieserie Simon Schama’s Power of Art waaruit dit boek is voortgekomen. Hij behandelt in deze serie acht kunstenaars: Caravaggio, Bernini, Rembrandt, David, Turner, Van Gogh, Picasso en Rothko waarbij hij telkens probeert het moment te vinden waarop het leven van de kunstenaar in zijn werk terecht komt. Volgens Schama openbaart zich dáár de kracht van kunst. Ik ben via de achterdeur in het boek naar binnengestapt, bij Marc Rothko. Hieronder een proeve van Schama’s rake en vaak humoristische beschrijvingen:

De schilders die de criticus Harold Rosenberg action painters had gedoopt, richtten hun pijlen op de laffe fletsheid van het naoorlogse Amerika, waar het leven volgens hen niet langer echt was, maar virtueel. Wat voor wereld zagen ze om zich heen? De Koude Oorlog en de oorlog in Korea, twee supermachten die elkaar in een dodelijke greep hielden; en in het eigen land paranoia en angst, communisten onder het bed, paddenstoelwolken met één druk op de knop. Dat was alleen te verdragen door struisvogelgedrag te verheffen tot een manier: de ideaalwereld van de suburb, geruite spencers en enkelsokjes; een Buick op de oprit en een vrouwen in de keuken die koekjes bakt en pleisters plakt; kleine Billy op de slagplaat en Susie met sproeten die hem op haar gele puntschoenen staat toe te juichen; vader gaat ‘s ochtends naar het werk met een messcherp gestreken vouw in zijn broek en schuift ‘s avonds zijn pantoffels aan voor een martini; het hele gezin zo monter als Rex de blije labrador, tong uit de bek en overal voor in, en altijd, altijd op de achtergrond het blauwe flikkerlicht en de ingeblikte lach van de tv. Wat moest je anders, als grootmacht? Het was kiezen tussen zelfmedicatie of zelfmoord.
 
uit: The Power of Art (Rothko) van Simon Schama
1950's ads
de geïdealiseerde suburbia uit de Koude Oorlog (image credits: plan59.com )
het hele gezin zo monter als Rex de blije labrador, tong uit de bek en overal voor in (…) Wat moest je anders, als grootmacht? Het was kiezen tussen zelfmedicatie of zelfmoord

Simon Schama in The Power of Art

the golden age of advertising [ weburbanist.com ] | plan59.com

wie mag niet vergeten worden?

onlangs verschenen: Vergeetboek van Douwe Draaisma

VergeetboekVannacht lag ik minstens een uur wakker omdat ergens in de krochten van mijn brein de vraag was opgekomen: “Hoe heette ook alweer die gepensioneerde wiskundeleraar die in 1977 een half jaar bij ons was ingevallen?” Het was er eentje van het oude stempel, geboren in 1910 en als de goede man nog leeft, mag hij zich tot de honderdjarigen rekenen. Waarom zo’n vraag in mij opkomt en mij vervolgens uit de slaap houdt, is mij een raadsel. Hoe ik ook het archieflaatje in mijn hoofd probeerde te openen waarin het antwoord opgeborgen lag, het lukte maar niet. “Iets met een ‘a’? iets met een ‘o’?” Terwijl ik ‘s nachts mijn nagels stukbrak om het laatje open te krijgen, zag ik vanmorgen toen ik het theewater opzette, dat het laatje inmiddels ‘vanzelf’ was opengegaan: Da Costa! Hoe heb ik het onthouden! Minstens dertig jaar heb ik niet meer aan deze man gedacht, maar ergens zit hij nog altijd in mijn hoofd, deze strenge leraar van vóór de oorlog die in de jaren zeventig als pensionado nog wat bijverdiende voor de klas. Over de wonderlijke wereld van het geheugen heeft Douwe Draaisma een aantal boeken geschreven en inmiddels is hij uitgegroeid tot onze nationale geheugenguru. Zijn nieuwste boek Vergeetboek verscheen op Allerzielen en gaat over de mooie en pijnlijke kanten van het vergeten. Ondersteund door een aardige website.

Vergeetboek