Er zullen morgen heel wat kilometers afgelezen worden per hoofd van de bevolking. Toen ik het nieuws van de NS hoorde, kocht ik vrijdag toch nog even snel een boek om twee vliegen in één klap te slaan: het boekenweekgeschenk van Geert Mak en een dagje gratis reizen op zondag met datzelfde geschenk. Er zijn 890.000 exemplaren van het boekje in omloop gebracht, dus het belooft zondag in de treinen bijna net zo druk worden als op een doordeweekse dag. Of ik al reizende De Brug daadwerkelijk helemaal ga lezen? In ieder geval vond ik In Europa waarin Mak in 1999 al een eerder bezoek aan Istanbul beschreef, een monument van een boek. Ik denk dus wel dat ik zondag (of al eerder) een begin zal maken.
Zelf blijf ik wat schimmige herinneringen houden aan mijn bezoek aan de Galatabrug in 1981. Vlakbij die brug werd ik als 18-jarig broekie door een ouwe viezerik in mijn kruis getast. Geert Mak schrijft dat er op de brug de beste zakkenrollers van Europa rondlopen, maar dit was dus ander soort. Verder herinner ik mij Istanbul als een stad waar je op iedere straathoek militairen zag. Maar dat was vlak na de staatsgreep van 1980. Een vieze ouwe man geplaatst in een historisch verband; we maken natuurlijk zelf ook voortdurend van die Makkiaanse verbindingen in ons brein.
Ik vermoed dat bij Geert Mak de brug met zijn mensen en hun verhalen symbool staat voor Turkije dat als geopolitieke brug Europa met het Midden-Oosten verbindt. De Galatabrug ligt overigens over de Gouden Hoorn, een zijarm van de Bosphorus in het Europese deel van Turkije. Op de satellietfoto hiernaast is de Gouden Hoorn de dunne inkeping linksonder. Direct eronder op een uitstulping ligt het hart van het historische Constantinopel, de stad die in het jaar 330 door keizer Constantijn werd gesticht en tot 1453 de hoofdstad was van het machtige Byzantijnse Rijk. Er wordt wel eens vergeten dat Istanbul 1123 jaar een christelijke stad is geweest, terwijl het ‘nog maar’ 554 jaar een islamitische stad is.

Frits Bolkestein stelt in
En wreekt zich nu misschien dat we daartoe veel te laat zijn overgegaan en de zaak al veel te lang op zijn beloop hebben gelaten? Zelden lijken elementaire waarden als vrijheid van godsdienst, vrijheid van meningsuiting, het verbod op het gebruik van geweld bij meningsverschillen zo sterk onder druk te hebben gestaan als tegenwoordig. Kunnen mensen die heilig geloven in hun religie vreedzaam samenleven met mensen die een andere religie aanhangen of zelfs helemaal geen religie? En zo ja, hoe? Dat religie een bindende factor kan zijn voor de leden van een bepaalde groep, is bekend.5 Maar dat religie ook een factor van twist en strijd kan zijn tússen de groepen, wordt minder vaak belicht.
De daad van zelfaanvaarding is de wortel van alle dingen. Ik moet het ermee eens zijn de persoon te zijn die ik ben. Ik moet het ermee eens zijn dat ik de eigenschappen heb, die ik heb. Ik moet het ermee eens zijn te leven binnen de beperkingen die mij gesteld zijn. De klaarheid en de moed van deze aanvaarding is de grondslag van het hele bestaan.
Guardini’s voornaamste zorg is hoe de christen zijn bestaan moet beleven in de wereld van vandaag, die gekenmerkt wordt door wetenschap en techniek, en dus door een zeer sterk gegroeide macht van de mens over anderen en over zijn wereld. Gedurende heel zijn theologische werk worstelt Guardini voortdurend met de vraag hoe de christen zich moet gedragen in een dergelijke wereld. Hij vraagt zich af hoe het christelijke bestaan in de diepe zin van het woord zich verhoudt tot een wereld die steeds minder God centraal stelt, en steeds meer de wereld en de mens.












