Categorie archief: boeken

het verhaal ging … [20]

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
vandaag [slot]: Pygmalion
Pygmalion had die vrouwen jarenlang in zonde zien leven en voelde een afkeer van het kwaad dat de natuur bij de vrouwen had ingeplant; daardoor bleef hij steeds vrijgezel. Ondertussen maakte hij wel een wit ivoren beeld met een weergaloze schoonheid en werd verliefd op zijn eigen werk.
Pygmalion
Jean-Leon Gerome
Het leek op een echte jonge vrouw die graag bemind wilde worden. Pygmalion bewonderde haar en brandde van hartstocht voor dit namaak-lichaam. Hij voelde steeds met zijn vingers aan het beeld en maakte zich wijs dat het geen ivoor meer was. Hij kuste haar, sprak tot haar en hield haar in de armen, drukte zijn vingers in haar lichaam en was zelfs bang voor blauwe plekken waar hij haar omarmde.
Pygmalion bewonderde haar en brandde van hartstocht voor dit namaak-lichaam.

Hij vleide haar met verliefde woorden, gaf geschenken (schelpen of stenen, tamme vogeltjes, bloemenkransen, lelies, geverfde knikkers, barnsteenkralen en tranen van de Heliadenbomen). Vervolgens tooide hij haar met kleren, deed ringen aan haar vingers, snoeren om haar hals, lichte parelhangers aan haar oren en behing ook rijk haar borst. Alles sierde haar, ook al was ze mooi zonder dat alles. Hij legde haar op een divan met een purperen sprei, noemde haar zijn bed-vriendin en liet haar hals zachtjes in een kussen leunen, denkend dat ze dat kon voelen.
 
Bron: satura-lanx.telenet.be/Ovidius

Kroon’s mythologisch woordenboek

het verhaal ging … [19]

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
vandaag: Thereus en Philomela
Toen ze na een voorspoedige reis in Thrakiëwaren aangekomen, sleepte Tereus de Atheense prinses mee naar een schaapsstal in de bergen, verborgen in een eeuwenoud bos. De doodsbange en wanhopig huilende Philomela vroeg hem waar Procne nu toch was, maar als antwoord vertelde Tereus haar wat hij voor haar voelde, wat hij dus van haar verlangde en toen hij niet goedschiks kreeg wat hij wou, verkrachtte hij het meisje ondanks haar wanhopige kreten om hulp, ook al riep ze de goden aan…
Philomela
Baur, Metamorphosen 1703
Toen ze zo onteerd was, beefde Philomela als een lam dat bloedend ontsnapt is aan de bek van een wolf maar zich nog niet veilig voelt, of als een duif die trillend, met veren die met bloed bespat zijn, huivert bij de herinnering aan de gierenklauwen die haar zopas nog vasthielden.
Maar de goden zullen wraak nemen… Ik zal wat je gedaan hebt, niet verzwijgen.

Maar toen de gruwel van wat er gebeurd was tot het meisje doordrong, begon ze zich de haren uit te rukken, sloeg zich de armen blauw en schreeuwde haar verkrachter toe: “Jij barbaar! Is dat het respect dat je opbrengt voor de afscheidswoorden van mijn vader? Is dat een bewijs van je liefde voor mijn zuster? Is het zo dat jij een maagd behandelt? Jij bent verantwoordelijk voor wat hier gebeurd is, jij overspelige echtgenoot, en Procne zal zich hiervoor wreken. Dood me dan! Waarom aarzel je? Een schoft als jij deinst toch voor geen enkele misdaad terug? Ik wou dat je me vermoord had voor je me verkrachtte, dan was ik nog een reine schim in de onderwereld geweest! Maar de goden zullen wraak nemen… Ik zal wat je gedaan hebt, niet verzwijgen. Als ik uit deze krocht ontsnap, zal ik alles aan iedereen vertellen; als je me hier in de bossen opgesloten houdt, zal ik je misdaad door de bossen schreeuwen en de stenen zullen het voortvertellen! De hemel zal het horen en de goden zullen ingrijpen!”
 
Bron: satura-lanx.telenet.be/Ovidius

The Ovid Project | Kroon’s mythologisch woordenboek

het verhaal ging … [18]

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
vandaag: Hermaphroditus en Salmacis
Het water was zo uitnodigend dat hij eerst zijn tenen, dan zijn voeten tot aan de enkel in de vijver stak. Het voelde lekker aan; daarom trok hij vlug zijn kleren uit. Salmacis bekeek het prachtige, naakte jongenslichaam met glinsterende ogen, haar verlangen werd steeds groter…
Ze bleef aan hem vastgeklampt en vroeg de goden dat Hermaphroditus voor altijd bij haar zou blijven.

Ze kon niet meer blijven zitten, ze wou nu over hem beschikken! De jongen dook in het water en zwom glinsterend rond. ‘Nu heb ik hem!’ dacht ze, ‘Nu heb ik gewonnen!’ Ze liep snel naar de vijver, gooide haar kleren af en dook in het water.

salmacis
Bartholomeus Spranger, 1546-1611
Hermaphroditus en Salmacis
Ze omarmde hem en kuste hem tegen zijn zin, ze streelde zijn onwillig lichaam en ze klemde zich tegen de jongen aan. Hij stribbelde tegen, rukte zich los en bleef zich koppig verzetten. Maar voor Salmacis was dat geen reden om te stoppen. Ze bleef aan hem vastgeklampt en vroeg de goden dat Hermaphroditus voor altijd bij haar zou blijven. Wat de goden ook toestonden: Hermaphroditus en Salmacis groeiden samen tot een persoon, een tweeslachtig wezen, half man en half vrouw.
 
Toen Hermaphroditus merkte dat hij, die als een man in de vijver was gedoken, er in een halve vrouw en een halve man veranderd was, vroeg hij met een stem die geen echte mannenstem meer was, zijn ouders dat voortaan elke man die in dit water zou zwemmen, er als een halve man weer zou uitkomen. Mercurius en Venus vervulden die wens en gaven het water die verdorven wonderkracht.”
 
Bron: satura-lanx.telenet.be/Ovidius

Kroon’s mythologisch woordenboek