Categorie archief: boeken

kunstwerk van het leven

aangekomen op blz. 400 van Goethe – kunstwerk van het leven (2015)
van Rüdiger Safranski (vertaald door Mark Wildschut)

Goethe - kunstwerk van het levenEen nieuwe gezaghebbende biografie over het natuurverschijnsel Goethe, welke biograaf durft zich daar nog aan te wagen? Biograaf én filosoof Rüdiger Safranski deed het. En hoe. Bij het verschijnen in augustus 2013, werd de biografie door de Frankfurter Allgemeine gelijk gecanoniseerd: “Het boek van Safranski zal voor lange tijd het standaardwerk over Goethe blijken te zijn.” lezen we op de flap van de Nederlandse vertaling, die twee maanden terug verscheen. FAZ- criticus Lorenz Jäger schreef:
Er hat ein Buch geschrieben, das, in seinen Vorzügen wie in seinen Schwächen, wohl auf einige Zeit das Hausbuch der Goethe-Liebhaber bleiben wird.

Safaranski‘s palmares zijn indrukwekkend: de afgelopen deritg jaar schreef hij lijvige biografieën over E.T.A. Hoffmann (1984), Schopenhauer (1988), Heidegger (1994), Nietzsche (2000) en Schiller (2004). Daarna schreef hij in 2007 een prachtig boek over de Duitse Romantiek. Sinds 2003 koop ik elk boek van hem, meestal in een voortreffelijke vertaling van Mark Wildschut.

Johann Wolfgang Goethe (1749-1832) wordt alom beschouwd als een van de grootste Duitse literaire personen: dichter, roman- en toneelschrijver, criticus, jurist, wetenschapper en politicus. Misschien wel de laatste homo universalis, even klassiek als Shakespeare en Dante. Goethe. Kunstwerk van het leven is niet de eerste biografie van Goethe maar het is zeker de meest gezaghebbende. Rüdiger Safranski is een van de grootste biografen van onze tijd en zijn ongeëvenaarde kennis van en fascinatie met zijn onderwerp zijn al gebleken uit zijn beroemde biografie van Schiller en zijn portret van de vriendschap tussen Schiller en Goethe. Hij baseert zich zo veel mogelijk op de primaire bronnen: het werk zelf, brieven en dagboeken, getuigenissen van tijdgenoten. Het uitzonderlijk rijke leven van Goethe wordt door Safranski op magistrale wijze verbeeld.
 
Bron: athenaeum.nl

Goethe, der urbanisierte Olympier [ faz.net ]

licht en duisternis in 1759

aan het lezen in Het jaar 1759 – Een doorsnede van de Verlichting
van Paul Frentrop (2014)

1759In het vierde hoofdstuk (Oost en West) van 1759 staan de Russische Petr Ivanovich Rychkov (1712-1777) en de Ierse George Croghan (1718-1782) centraal en daarmee de gebeurtenissen aan de periferie van de Westerse wereld. Rychkov zat helemaal op het randje in het oosten (Orenburg in de Oeral) en Croghan op het randje in het westen (Pittsburgh aan “forks” van de Ohio). “Het was tussen Orenburg in het oosten en Pittsburg in het westen dat de Verlichting zich in 1759 voltrok”, schrijft Paul Frentrop. Want de Verlichting is de rode draad in het jaar 1759 dat als ondertitel Een doorsnede van de Verlichting heeft.

Dat betekende niet dat 1759 een verlicht jaar was. De Zevenjarige Oorlog ging op 18 mei 1759 het vierde jaar in en de conflicten strekten zich over drie werelddelen uit. Niet alleen in Europa, maar ook in de Europese kolonies in Noord-Amerika en India stonden de Engelsen en Fransen tegenover elkaar. Sommige historici wijzen daarom de Zevenjarige Oorlog aan als de eerste wereldoorlog in de geschiedenis.

In het hart van Rusland werd trouwens ook stevig gevochten. Het reusachtige gebied tussen de Oeral en de Wolga behoorde al honderden jaren tot de Basjkieren. Maar in de achttiende eeuw begon Rusland zijn vleugels naar het oosten toe uit te slaan en lonkten de natuurlijke rijkdommen in en achter de Oeral. Vanuit Orenburg, gesticht in 1735, begon de kolonisatie van Siberië. De Basjkieren werden bloedig onderworpen.

Amerika omstreeks 1759
Na meer dan honderd jaar vreedzame coëxistentie botsten rond het midden van de achttiende eeuw de handelsbelangen van de Engelsen en de Fransen, zodat er een lange reeks conflicten uitbrak in de vallei van de Ohio (gele gebied). De omcirkelde locatie is Fort Duquesne, het huidige Pittsburgh.

De Verlichting ging van Oost naar West dus gepaard met bruut geweld dat we sindsdien “middeleeuws” zijn gaan noemen. In Noord-Amerika brak in de jaren vijftig definitief de pleuris uit, na een reeks conflicten tussen Franse bonthandelaren en Engelse kolonisten. De handelsbelangen van Engeland en Frankrijk stonden op het spel. Tijdens de conflicten tussen 1749 en 1755, die de opmaat vormden van de French and Indian War had Engeland op Nova Scotia de Franse forten Fort Beauséjour en Louisbourg ingenomen en daarmee de toevoer van de St Lawrence afgesloten. Zo kwam het conflict tussen de Engelsen en de Fransen in de Nieuwe Wereld op scherp te staan want de Franse kolonisten waren nu van het moederland afgesneden.

De Verlichting ging van Oost naar West gepaard met bruut geweld dat we sindsdien “middeleeuws” zijn gaan noemen.

Frentrop beschrijft de vreselijke gevolgen: de Fransen verschansen zich in de Ohio vallei, laten Fort Duquesne (het huidige Pittsburg, op de “forks van de Ohio) bouwen en stoken de plaatselijke indianenstammen op tegen de Engelsen. Kolonisten worden op gruwelijke wijze afgeslacht. En dan zijn de rapen gaar: Engeland stuurt generaal Edward Braddock (1695-1755) erop af, die de Fransen mores moet leren. Maar zijn troepen blijken helemaal niet opgewassen tegen de verrassingsaanvallen van de indianen in de dichte wouden van Pennsylavania.

Braddock
The Wounding of General Braddock
schilderij van Robert Griffing

Het loopt allemaal vreselijk uit de hand. Op 18 mei 1756 zijn Engeland en Frankrijk officieel met elkaar in oorlog. Het keerpunt van de oorlog in Amerika komt in oktober 1758 nabij met het Verdrag van Easton waarmee de Engelsen de plaatselijke indianen aan hun zijde weten te verenigingen tegen de Fransen. George Croghan speelt een sleutelrol in de lange onderhandelingen met de stamhoofden van de indianen.

Croghan
gedenkplaat in Cooperstown (NY) waar George Croghan zich in 1769 vestigde

Dan moeten de Fransen zich terugtrekken uit de Ohio vallei en komt het tenslotte in september 1759 tijdens de Slag bij Quebec tot een Engelse overwinning. In 1763 moet Frankrijk zijn gebieden in Noord-Amerika opgeven. Frentrop laat de gebeurtenissen van september 1759 onvermeld en dat is jammer, want in zijn boek over 1759 mag dit keerpunt in de Amerikaanse geschiedenis juist niet ontbreken.

het jaar 1759 [ uitgeverijprometheus.nl ]

genadeklap

halverwege (blz. 85) in: Leven na de genadeklap van Arie de Rover
genadeklapIn Leven na de genadeklap beschrijft Arie de Rover het proces van een christen die opnieuw geboren wordt nadat hij de genade heeft ontdekt. En daarbij schuwt hij de confrontatie niet: “De christelijke wereld hangt van lievigheid aan elkaar, maar echte liefde is ontzettend zwaar. Het vraagt om overgave en vertrouwen; het vraagt om een leven waarin je alle zekerheden uit handen geeft.”
 
Arie de Rover (51) was jarenlang een succesvol manager en trainer in het bedrijfsleven. Na de draai in zijn leven werd hij spreker, trainer en coach op het gebied van identiteitsvragen.
 
Bron: eo.nl

Leven na de genadeklap [ buijten.nl ]